<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR703300_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Mandaat griffier te besluiten op grond van de Wob en de AVG</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:type scheme="overheidop:Rubriek">delegatie- of mandaatbesluit</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Amsterdam</dcterms:creator><dcterms:modified>2022-03-11</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2022-105987.html">gmb-2022-105987</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Mandaat griffier te besluiten op grond van de Wob en de AVG</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005537&amp;artikel=10%3A1&amp;g=2023-08-01">artikel 10:1 van de Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0040940&amp;artikel=41&amp;g=2021-07-01">artikel 41 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2022-02-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2022-03-11</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-02-03</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk></cvdripm></meta><body><intitule>Mandaat griffier te besluiten op grond van de Wob en de AVG</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De gemeenteraad van de gemeente Amsterdam, </al><al/><al>gezien de voordracht van het presidium van 21 december 2021;</al><al/><al>gelet op:</al><lijst><li nr="-"><al>artikel 10:1 van de Algemene wet bestuursrecht;</al></li><li nr="-"><al>artikelen 3 en 6 van de Wet openbaarheid van bestuur;</al></li><li nr="-"><al>artikelen 13 tot en met 22 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming;</al></li><li nr="-"><al>artikel 41 van de UAVG;</al></li></lijst><al>besluit aan de griffier de bevoegdheid te mandateren:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>I</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>te besluiten op verzoeken op grond van artikel 3 van de Wob.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>te besluiten tot verdagen van de beslistermijn op grond van artikel 6 lid 2 Wob.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>mededeling te doen van de opschorting van de beslistermijn op grond van artikel 6 lid 3 Wob.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>II</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Informatie te verstrekken op grond van de artikelen 13 en 14 van de AVG.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Te besluiten op een verzoek van een betrokkene tot inzage, rectificatie, gegevenswissing, beperking van de verwerking, dataportabiliteit (overdragen gegevens), met bezwaar tegen verwerking, om niet te onderwerpen aan geautomatiseerde individuele besluitvorming ingevolge de artikelen 15 tot en met 22 AVG en artikel 41 van de Uitvoeringswet AVG.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bevoegdheid tot verlenging van de termijn voor de afhandeling van een verzoek op grond van de artikelen 15-22 AVG en het verstrekken van de kennisgeving hierover.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>III</nr><titel/></kop><al>Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>IV</nr><titel/></kop><al>Deze regeling wordt aangehaald als: mandaat griffier te besluiten op grond van de Wob en de AVG. </al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening><functie>Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 16 februari 2022. </functie><functie/></ondertekening><ondertekening><functie/><functie>De burgemeester</functie><functie>Femke Halsema</functie><functie/></ondertekening><ondertekening><functie/><functie>De griffier</functie><functie>Jolien Houtman</functie><functie/></ondertekening><ondertekening><functie/></ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Toelichting</label><nr/><titel/></kop><al>De Wet openbaarheid van bestuur (die geldt tot 1 mei 2022) geeft burgers recht op openbaarmaking van informatie die bij de overheid berust. De beslistermijnen die gelden nadat een verzoek is gedaan op grond van de Wob zijn kort. Op een ‘Wob-verzoek’ moet binnen de termijn van vier weken worden beslist. Deze termijn kan eenmalig met vier weken worden verdaagd. Door deze beslistermijn is besluitvorming in de gemeenteraad niet goed mogelijk en is mandaat aan de raadsgriffier (of de vervanger daarvan) wenselijk.</al><al/><al>De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) die op 25 mei 2018 in werking is getreden, zorgt onder meer voor versterking en uitbreiding van privacyrechten van burgers. Met de AVG krijgen mensen meer mogelijkheden voor zichzelf op te komen bij de verwerking van hun gegevens. De beslistermijn ten aanzien van het geldend maken van deze rechten is kort. Afhankelijk van de complexiteit van een verzoek en het aantal verzoeken kan deze termijn met twee maanden worden verlengd (art. 12, derde lid, AVG). Bij het ontbreken van tijdige besluitvorming, kan het bestuursorgaan een dwangsom verschuldigd zijn. De verwerkingsverantwoordelijke beslist op verzoeken van rechthebbende. De verwerkingsverantwoordelijke is het bestuursorgaan dat het doel en de middelen van de verwerking van persoonsgegevens vaststelt. Bij de gemeente zijn dat alle bestuursorganen, zowel de burgemeester, als het college, als de raad. De raad verwerkt bijvoorbeeld persoonsgegevens van insprekers en raads- en burgerleden.</al><al/><al>Met dit mandaat wordt bewerkstelligd dat de bevoegdheden uit de AVG, mede in verband met de korte termijnen, effectief en efficiënt kunnen worden uitgeoefend en de raad niet zelf op ieder AVG-verzoek moet beslissen. De termijn voor het beslissen op grond van de AVG bedraagt slechts één maand. Deze is alleen bij complexe verzoeken en bij een grote hoeveelheid verzoeken te verlengen met twee maanden. </al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>