<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR701887_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Aanwijzingsbesluit personen jegens wie inlichtingenverplichtingen gelden bij de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken en de heffing en inning van gemeentelijke belastingen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Purmerend</dcterms:creator><dcterms:modified>2023-10-17</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2023-439553">gmb-2023-439553</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Aanwijzingsbesluit voor inlichtingenverplichtingen gemeentelijke belastingen en Wet WOZ Purmerend </dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=231&amp;g=2023-04-01">artikel 231 van de Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=246a&amp;g=2023-04-01">artikel 246a van de Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0007119&amp;artikel=30&amp;lid=5&amp;g=2023-01-01">artikel 30, vijfde lid, van de Wet waardering onroerende zaken</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0007119&amp;artikel=31&amp;g=2023-01-01">artikel 31 van de Wet waardering onroerende zaken</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0002320&amp;artikel=56&amp;g=2023-01-01">artikel 56 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0004770&amp;artikel=63a&amp;g=2023-05-01">artikel 63a van de Invorderingswet 1990</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2023-09-26</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2023-10-17</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2023-10-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt het Aanwijzingsbesluit van 17 april 2018 waarin gemeenteambtenaren belast met de heffing of de invordering van gemeentelijke belastingen worden aangewezen als degene jegens wie verplichtingen als bedoeld in de artikelen 47,49 en 50 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en in de artikelen 58 en 60 van de Invorderingswet 1990 gelden, dan wel bedoeld of van toepassing verklaard in de algemene maatregel van bestuur krachtens artikel 246a van de Gemeentewet.</al><al>Deze regeling vervangt het Aanwijzingsbesluit van 17 april 2018 waarin gemeenteambtenaren belast met de heffing of de invordering van gemeentelijke belastingen worden aangewezen als degene jegens wie verplichtingen als bedoeld in de artikelen 47,49, 50, 51 en 53a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen gelden, dan wel bedoeld of van toepassing verklaard in de algemene maatregel van bestuur krachtens artikel 31 van de Wet waardering onroerende zaken.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Aanwijzingsbesluit personen jegens wie inlichtingenverplichtingen gelden bij de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken en de heffing en inning van gemeentelijke belastingen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het college van burgemeester en wethouders van Purmerend;</al><al/><al>gelet op artikel 231 en 246a van de Gemeentewet, artikel 30, vijfde lid en artikel 31 van de Wet waardering onroerende zaken, artikel 56 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en artikel 63a van de Invorderingswet 1990 ;</al><al/><al>Besluit vast te stellen; </al><al/><al>Het aanwijzingsbesluit personen jegens wie inlichtingenverplichtingen gelden bij de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken en de heffing en inning van gemeentelijke belastingen; </al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel/></kop><al>Als personen bedoeld in artikel 30, vijfde lid, tweede volzin, van de Wet waardering onroerende zaken, jegens wie de in die volzin en in artikel 31 van die wet bedoelde verplichtingen mede gelden, worden aangewezen:</al><lijst><li nr="a."><al>medewerker heffing team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies;</al></li><li nr="b."><al>medewerker invordering team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies;</al></li><li nr="c."><al>fiscaal juridisch medewerker heffing team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies; </al></li><li nr="d."><al>beleidsmedewerker heffing team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies;</al></li><li nr="e."><al>medewerker kwijtschelding team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies;</al></li><li nr="f."><al>woz taxateur. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel/></kop><al>Als personen bedoeld in de artikelen 47, 49 en 50 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en in de artikelen 58 en 60 van de Invorderingswet 1990, dan wel bedoeld of van toepassing verklaard in de Algemene maatregel van bestuur krachtens artikel 246a van de Gemeentewet jegens wie bedoelde verplichtingen mede gelden worden aangewezen: </al><al/><lijst><li nr="a."><al>medewerker heffing team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies;</al></li><li nr="b."><al>medewerker invordering team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies;</al></li><li nr="c."><al>fiscaal juridisch medewerker heffing team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies; </al></li><li nr="d."><al>beleidsmedewerker heffing team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies;</al></li><li nr="e."><al>medewerker kwijtschelding team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies;</al></li><li nr="f."><al>de deurwaarder. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel/></kop><al>Als personen bedoeld in de artikelen 47, 49, 50, 51 en 53a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en in de artikelen 58 en 60 van de Invorderingswet 1990, dan wel bedoeld of van toepassing verklaard in de Algemene maatregel van bestuur krachtens artikel 31 van de Wet waardering onroerende zaken jegens wie bedoelde verplichtingen mede gelden worden aangewezen: </al><al/><lijst><li nr="a."><al>medewerker heffing team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies;</al></li><li nr="b."><al>medewerker invordering team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies;</al></li><li nr="c."><al>fiscaal juridisch medewerker heffing team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies; </al></li><li nr="d."><al>beleidsmedewerker heffing team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies;</al></li><li nr="e."><al>medewerker kwijtschelding team Belastingen &amp; Inkoop, contracten en subsidies;</al></li><li nr="f."><al>woz taxateur.</al></li><li nr="g."><al>gegevensbeheerder WOZ </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het aanwijzingsbesluit van 17 april 2018 waarin gemeenteambtenaren belast met de heffing of de invordering van gemeentelijke belastingen worden aangewezen als degene jegens wie verplichtingen als bedoeld in de artikelen 47,49 en 50 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en in de artikelen 58 en 60 van de Invorderingswet 1990 gelden, dan wel bedoeld of van toepassing verklaard in de algemene maatregel van bestuur krachtens artikel 246a van de Gemeentewet wordt ingetrokken; </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het aanwijzingsbesluit van 17 april 2018 waarin gemeenteambtenaren belast met de heffing of de invordering van gemeentelijke belastingen worden aangewezen als degene jegens wie verplichtingen als bedoeld in de artikelen 47,49, 50, 51 en 53a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen gelden, dan wel bedoeld of van toepassing verklaard in de algemene maatregel van bestuur krachtens artikel 31 van de Wet waardering onroerende zaken wordt ingetrokken. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel/></kop><al>Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking ervan en werkt terug tot en met 1 oktober 2023. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel/></kop><al>Dit besluit wordt aangehaald als: Aanwijzingsbesluit voor inlichtingenverplichtingen gemeentelijke belastingen en Wet WOZ Purmerend .</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening><functie>Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van 26 september 2023. </functie></ondertekening><ondertekening><functie/><functie>De secretaris, </functie><functie>A. Heiner </functie></ondertekening><ondertekening><functie/><functie>De burgemeester,</functie><functie>E. van Selm</functie></ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label/></kop><al>Tegen dit besluit kan een belanghebbende binnen zes weken na de dag van bekendmaking van dit besluit een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders, Purmersteenweg 42, 1441 DM Purmerend. De belanghebbende kan het bezwaarschrift ook door een gemachtigde laten indienen. Voeg dan een machtiging bij het bezwaarschrift.</al><al>Zorg ervoor dat het bezwaarschrift in elk geval de volgende gegevens bevat:</al><al>de naam en het adres van de belanghebbende;</al><al>de dagtekening;</al><al>een kopie van het besluit;</al><al>de gronden van het bezwaar;</al><al>de handtekening van de belanghebbende of de handtekening van de gemachtigde.</al><al/></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>