<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR697279_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidskader Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) Gemeente Vlieland</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Vlieland</dcterms:creator><dcterms:modified>2023-06-15</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2023-258544">gmb-2023-258544</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidskader Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) Gemeente Vlieland</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>onderwijs</dcterms:subject><dcterms:issued>2021-11-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2023-06-15</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidskader Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) Gemeente Vlieland</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><nr>1.</nr><titel>Inleiding</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>Als kinderen zich op een goede manier ontwikkelen en ontplooien, maken ze in de toe-komst meer kans op succesvolle levensloop-, school- en arbeidsloopbanen. Een goede start is het halve werk. Helaas krijgen niet alle kinderen dezelfde kansen om zich opti-maal te ontwikkelen. Dit heeft onder andere te maken met de situatie en omgeving waar-in zij opgroeien.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>Doel:</cursief></al><al><cursief>Als gemeente Vlieland streven we ernaar de kansengelijkheid van kinderen te </cursief><cursief>vergro-ten</cursief><cursief>.</cursief></al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>Dit beleidsplan gaat over voorschoolse voorzieningen, peuteropvang, kinderopvang en voor- en vroegschoolse educatie. Hiermee wordt bedoeld:</al><lijst><li nr="1."><al>Voorschoolse voorzieningen: kinder- en peuteropvang. Aangeboden door professionele aanbieders die geregistreerd staan in het landelijk register kinderopvang (LRK).</al></li><li nr="2."><al>Peuteropvang: Aanbod dat zich met name richt op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen, gedurende een beperkt aantal dagdelen per week.</al></li><li nr="3."><al>Kinderopvang: Aanbod dat zich richt op de verzorging (eet-, slaap-, en verschonings-momenten) en het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen. De duur is afhanke-lijk van de opvangbehoeften van ouders.</al></li><li nr="4."><al>Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE): Aanbod dat zich richt op zogenaamde doel-groepkinderen van 2,5 tot 6 jaar met een VVE-indicatie.</al></li></lijst><al><cursief>Onderwijskansenbeleid</cursief></al><al>Onderwijs draagt bij aan de ontwikkeling en ontplooiing van kinderen. Landelijk wordt in-gezet op gelijke onderwijskansen voor alle kinderen. Om dit te realiseren hebben ge-meenten vanuit het Rijk twee taken op het gebied van voorschoolse voorzieningen.</al><al>De eerste taak is de verantwoordelijkheid om in een toegankelijk, dekkend en kwalitatief hoogwaardig aanbod voorschoolse voorzieningen te voorzien. Specifiek voor ouders die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst. De tweede taak heeft betrekking op een toegankelijk, dekkend en kwalitatief hoogwaardig VVE-aanbod op voorschoolse voorzieningen als voorbereiding op het onderwijs.</al><al/><al>Als gemeente Vlieland streven we ernaar zoveel mogelijk kinderen deel te laten nemen aan voorschoolse voorzieningen. Deelname aan een voorschoolse voorziening heeft een positief effect op de motorische-, cognitieve-, taal-en sociaal emotionele ontwikkeling van kinderen. Daarnaast stimuleert het de gezondheid en het welbevinden van kinderen in het algemeen.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>Uitgangspunten:</cursief></al><lijst><li nr="1."><al><cursief>In de gemeente Vlieland bezoeken alle kinderen een voorschoolse voorziening.</cursief></al></li><li nr="2."><al><cursief>Gemeente Vlieland heeft een toegankelijk, dekkend en kwalitatief hoogwaardig aanbod van voorschoolse voorzieningen en VVE.</cursief></al></li></lijst></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al><cursief>Voor- en vroegschoolse educatie</cursief></al><al>Een onderdeel van het onderwijskansenbeleid is Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE). Het doel van VVE is dat kinderen zonder of hooguit met een beperkte achterstand aan groep 3 kunnen beginnen. Vanuit de landelijke kaders en wetgeving richt VVE zich op kin-deren vanaf 2,5 jaar tot 6 jaar. De voorschoolse periode reikt van 2,5 tot 4 jaar, de vroegschoolse periode van 4 tot 6 jaar (groep 1 en 2 van het basisonderwijs). In dit be-leidsplan staat beschreven hoe de gemeente Vlieland uitvoering wil geven aan het onder-wijskansenbeleid.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>Uitgangspunt:</cursief></al><al><cursief>In de gemeente Vlieland volgen alle (doelgroep)kinderen een (aanvullend) aanbod op de voorschoolse voorziening.</cursief></al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>2.</nr><titel>Doelgroepdefinitie voorschoolse periode</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>Het Rijksbudget dat gemeenten ontvangen voor voorschoolse educatie is gebaseerd op de VVE-doelgroep in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar. Gemeenten mogen hun eigen doelgroep-definitie hanteren. In de gemeente Vlieland wordt geen algemene peuteropvang geboden. Alleen peuters met een VVE-indicatie kunnen vanaf 2,5 jaar gebruik maken van een aan-bod op de Kinderdagopvang. </al><al>Gezien het beperkte aantal kinderen op Vlieland is er gekozen voor een algemeen aanbod voor alle peuters van 2 dagdelen per week, gefinancierd vanuit de gelden van het Onder-wijsachterstanden beleid. </al><al>Peuters met een VVE indicatie krijgen 16 uur aangeboden. </al><al/><al/><al>In de gemeente Vlieland zijn de volgende criteria geformuleerd (doelgroepdefinitie) op basis waarvan een VVE-indicatie door de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) kan worden toege-kend:</al><lijst><li nr="1."><al>Laag opleidingsniveau van één of beide ouders of verzorgers (maximaal eind-examen niveau LBO/VBO, praktijk onderwijs of vmbo basis- of kaderberoeps-gerichte leer-weg; dit is conform de ‘oude’ gewichtenregeling van het onderwijs).</al></li><li nr="2."><al>Laag stimulerend vermogen in de omgeving (bv. thuistaal, indicatie stevig ouderschap, omgevingsanalyse).</al></li><li nr="3."><al>Het kind heeft een laag niveau op één of meer van de volgende gebieden: spraak- taalontwikkeling (inclusief rekenkundige begrippen zoals meer, minder etc.), motori-sche- en/of sociaal emotionele ontwikkeling.</al></li></lijst><al>De JGZ is vanuit landelijke wetgeving aangewezen als onafhankelijk indicatie orgaan. De VVE-indicaties worden afgegeven op het consultatiebureau (CB). De indicaties zijn geba-seerd op omgevings-, ouder- en kindfactoren. De criteria worden gezien als risicofacto-ren, waarbij er bij aanwezigheid van de criteria niet automatisch een VVE-indicatie wordt afgegeven. De professionele inschatting van de jeugdverpleegkundige is hierbij doorslag-gevend.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>VVE-indicatiestelling:</cursief></al><lijst><li nr="1."><al><cursief>De gemeente Vlieland streeft naar 100% deelname aan VVE door peuters met een VVE-indicatie.</cursief></al></li><li nr="2."><al><cursief>In de OWO-gemeenten verwijzen ook andere professionals op basis van hun </cursief><cursief>des-kundige</cursief><cursief> inschatting een peuter (2-4 jaar) naar de JGZ voor een VVE-indicatie. Denk hierbij bv. aan pedagogisch medewerkers. De JGZ blijft altijd de partij die de VVE-indicatie afgeeft.</cursief></al></li></lijst></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>3.</nr><titel>Toeleiding</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>Gemeenten moeten afspraken maken met de betrokken partners over toeleiding van kin-deren met een VVE-indicatie. Daarnaast zijn gemeenten verantwoordelijk voor voldoende VVE-plaatsen en een goede toegankelijkheid van Voor- en Vroegschoolse Educatie.</al><al/><al>Kinderen met een VVE-indicatie volgen een VVE-aanbod in de voorschoolse periode, waarbij het kind gebruikt maakt van 16 uur VVE per week.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>Toeleidingsmonitor</cursief></al><al><cursief>De gemeente </cursief><cursief>vlieland</cursief><cursief> maakt gebruik van de VVE-</cursief><cursief>toeleidingsmonitor</cursief><cursief> van de JGZ in de provincie Friesland. Daarmee is er beter zicht op het aantal VVE-indicaties, de </cursief><cursief>daad-werkelijke</cursief><cursief> plaatsingen en het non-bereik. In deze </cursief><cursief>toeleidingsmonitor</cursief><cursief> werken JGZ, gemeenten en </cursief><cursief>kinder</cursief><cursief>/peuteropvang samen. Uiteindelijk doel van de monitor is om het VVE-bereik te vergroten.</cursief></al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>4.</nr><titel>Doorgaande lijn</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>Schoolbesturen zijn zelf verantwoordelijk voor de uitvoering van VVE (vroegschoolse edu-catie) in groep 1 en 2 van het basisonderwijs. Zij ontvangen daarvoor rechtstreeks mid-delen van het Rijk. De gemeente maakt met schoolbesturen afspraken over de resultaten van vroegschoolse educatie, de zogenaamde resultaatafspraken.</al><al/><al>Een soepele doorgaande lijn van voor- naar vroegschool is belangrijk voor succesvolle VVE. Gemeenten maken afspraken met houders van kinder/peuteropvang en het onder-wijs over een doorlopende leerlijn en overdracht van kindgegevens naar de basisschool.</al><al/><al>De voorschoolse voorziening, basisschool en ouders delen informatie met een helder doel: <cursief>het stimuleren van de ontwikkeling van het kind</cursief>. Dit geldt voor alle kinderen.</al><al>De VVE-kinderen worden gedurende de vroegschoolse periode gevolgd en krijgen zo no-dig extra ondersteuning. Onder extra ondersteuning scharen we zowel formele onder-steuning (bijvoorbeeld de inzet van een IB’er of deelname aan ondersteunende onder-wijsprogramma’s) als informele extra ondersteuning in de groep.</al><al/><al>Bij kinderen met een VVE-indicatie is altijd sprake van een ‘warme’ overdracht van voor-school naar school. Een warme overdracht houdt in dat er een gesprek is over de bijzon-derheden in de ontwikkeling van een kind op de volgende ontwikkelingsgebieden: spraak-taalontwikkeling, motorische- en/of sociaal emotionele ontwikkeling. Bij de warme over-dracht zijn de pedagogisch medewerker en de onderbouwleerkracht aanwezig. De school kan ervoor kiezen om de IB’er aan te laten sluiten. De ouders worden uitgenodigd voor dit gesprek. De warme overdracht heeft als doel dat de zorg of ondersteuning gecontinu-eerd wordt op de basisschool.</al><al/><al>Als ouders niet akkoord gaan met een overdracht van gegevens, mag geen informatie over de ontwikkeling van het kind worden gedeeld. Wel dient aan school doorgegeven te worden dat er een VVE indicatie is afgegeven, welk VVE programma het kind heeft ge-volgd en hoe lang dit programma gevolgd is (WPO, art 167 lid 3).</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><lijst><li nr="1."><al><cursief>De gemeente Vlieland biedt binnen de Jutter zowel kinderdagopvang als Primair Onderwijs. Binnen het primair onderwijs wordt gewerkt met groep 0. Hiermee wordt een warme overdracht geborgd. In de subsidieaanvraag voor het aanbod van (VVE)peuteronderwijs dient te worden beschreven hoe de doorgaande lijn </cursief><cursief>ge-borgd</cursief><cursief> wordt. </cursief></al></li></lijst></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>5.</nr><titel>Resultaatafspraken</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>De gemeente Vlieland maakt met het schoolbestuur afspraken over de resultaten van vroegschoolse educatie, geformuleerd in meetbare doelen (Wet OKE, Wet Primair Onder-wijs art. 167). Dit is onderdeel van de projectplan voor de aanvraag ten behoeve van het onderwijsachterstandenbeleid. De afspraken zijn er op gericht om achterstanden bij kin-deren in te lopen of te voorkomen zodat zij zonder of hooguit met een beperkte achter-stand aan groep 3 kunnen beginnen. Ook zijn er afspraken met de voorschoolse voorzie-ningen, die bijdragen aan goede VVE-resultaten. Het gezamenlijk monitoren en evalueren van VVE moet leiden tot verbetering van de kwaliteit en opbrengsten van VVE.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>Kwalitatieve resultaatafspraken</cursief></al><al><cursief>De gemeente Vlieland en ketenpartners streven deze doelen na:</cursief></al><lijst><li nr="1."><al><cursief>Het percentage kinderen met en zonder een VVE indicatie dat zonder verlenging van een groep 1 of 2 naar groep 3 kan doorstromen is 0%</cursief></al></li></lijst><al><cursief>Kwantitatieve resultaatafspraken</cursief></al><lijst><li nr="1."><al><cursief>Het schoolbestuur levert jaarlijks de geanonimiseerde scores van de kinderen met en zonder een VVE-indicatie van midden groep 3 (M3) op de onderdelen technisch lezen en rekenen. Hiervoor worden landelijk genormeerde toetsen gebruikt. De meting heeft als doel om op gemeentelijk niveau trendanalyses te maken tussen beide groepen kinderen en over meerdere jaren. De gemeentelijke scores uit de OWO-gemeenten worden daarnaast vergeleken met landelijke cijfers.</cursief></al></li><li nr="2."><al><cursief>De 0-meting vindt op 1 januari 2022.</cursief></al></li></lijst></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al><cursief>Monitorafspraken</cursief></al><al>Om de kwaliteit van het aanbod VVE in zowel de voorschoolse periode als de vroegschool-se periode in kaart te brengen heeft de gemeente Vlieland monitorafspraken gemaakt. De basis voor de monitoringsafspraken zijn de indicatoren zoals opgesteld in het ‘Onder-zoekskader voorschoolse educatie en primair onderwijs’.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><lijst><li nr="1."><al><cursief>Zelfevaluatie</cursief></al><al><cursief>Binnen de voorschoolse voorzieningen wordt een systeem van zelfevaluatie gebruikt. Op basis van de ingevulde zelfevaluaties (één maal per 2 jaar) gaat de gemeente het gesprek aan met de voorschoolse voorzieningen om zicht te houden op de kwaliteit en eventueel afspraken te maken over verbeteringen. In de vroegschoolse periode is VVE onderdeel van de interne kwaliteitscyclus van zelfevaluatie/ managementgesprekken. Deze worden tenminste één keer per jaar binnen de school besproken.</cursief></al></li><li nr="2."><al><cursief>Aanleveren overzicht VVE-kinderen</cursief></al><al><cursief>Het schoolbestuur stuurt de gemeente één keer per jaar een overzicht van het totaal aantal VVE-kinderen in de kleuterperiode en geven hierbij per school aan:</cursief></al><lijst><li nr="a."><al><cursief>het aantal kinderen met een VVE-indicatie dat daadwerkelijk gebruik heeft </cursief><cursief>ge-maakt</cursief><cursief> van een voorschools VVE-aanbod en in de gehele kleuterperiode extra </cursief><cursief>on-dersteuning</cursief><cursief> heeft gehad. Het gaat hierbij om ondersteuning op het gebied van </cursief><cursief>so-ciaal</cursief><cursief>-, emotionele ontwikkeling, motorische ontwikkeling en spraak- </cursief><cursief>taalontwikke-ling</cursief><cursief>.</cursief></al></li><li nr="b."><al><cursief>het aantal kinderen met een VVE-indicatie dat geen gebruik heeft gemaakt van een voorschools VVE-aanbod, waarbij er in de gehele kleuterperiode dus geen sprake is geweest van extra ondersteuning. Het betreft hierbij ondersteuning op het </cursief><cursief>ge-bied</cursief><cursief> van sociaal-emotionele-ontwikkeling, motorische ontwikkeling, spraak- </cursief><cursief>taal-ontwikkeling</cursief><cursief>.</cursief></al></li><li nr="c."><al><cursief>het aantal kinderen met een VVE-indicatie dat in groep 1 of 2 kleuterverlenging heeft gehad.</cursief></al></li><li nr="d."><al><cursief>de geanonimiseerde toets resultaten in midden groep 3 op de onderdelen technisch lezen en rekenen voor kinderen met en zonder VVE indicatie.</cursief></al></li></lijst></li><li nr="3."><al><cursief>Kwaliteitsdialoog VVE</cursief></al><al><cursief>De gemeente Vlieland voert binnen het LEA jaarlijks een kwaliteitsdialoog over VVE.. Vanuit de kwaliteitsdialoog worden acties ter verbetering van de kwaliteit vastgelegd. De uitkomsten van de resultaatafspraken worden besproken en goede voorbeelden uitgewisseld.</cursief></al></li></lijst></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>6.</nr><titel>VVE-coördinatie</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>De gemeente stuurt en coördineert de uitvoering en borging van VVE. Bij de uitvoering van de coördinatie betrekt de coördinator/gemeente partijen als schoolbesturen, instellin-gen voor kinderopvang, gebiedsteam en consultatiebureaus (JGZ). Er wordt met betrek-king tot het VVE een jaarlijks overleg gevoerd binnen de Lokale Educatieve Agenda, die al structureel met het onderwijs en de kinderopvang plaats vindt. Dit is ook de plek waar afspraken en beleid gemaakt worden en waar de evaluatie daarover plaats vindt.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>7.</nr><titel>Integraal VVE-programma</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>In de gemeente Vlieland maakt de voorschoolse voorziening gebruik van “Uk en Puk”. Met behulp van de VVE-programma’s wordt de ontwikkeling van peuters op de vier ontwikke-lingsgebieden (spraak-taal, rekenen, motoriek en sociaal emotioneel) gestimuleerd.</al><al>Dit programma voldoet aan de landelijk geldende normen van de basisvoorwaarden kwa-liteit voorschoolse educatie en een erkend observatiesysteem. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>8.</nr><titel>Ouderbetrokkenheid</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>Ouders zijn in het leven van kinderen de belangrijkste personen. Tussen de meeste ou-ders en hun kinderen is sprake van een zodanige interactie, waardoor de ontwikkeling van het kind voldoende wordt gestimuleerd. Actieve participatie van de ouders van is no-dig om achterstanden te voorkomen of te verminderen. Een positieve grondhouding en transparante communicatie tussen ouders en voorschoolse voorzieningen/basisschool zijn hierbij erg belangrijk. De samenwerking met ouders heeft een positief effect op de ont-wikkeling van kinderen. De pedagogisch medewerker of leerkracht ziet ouders als gelijk-waardige partners, die een waardevolle bijdrage kunnen leveren.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>In de gemeente Vlieland zijn ouders van (VVE-)peuters en -kleuters betrokken bij de uitvoering van (VVE)peuteronderwijs in zowel de voor- als vroegschoolse periode. </cursief></al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>9.</nr><titel>Externe zor</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>Vanuit het integraal jeugdbeleid zijn gemeenten verantwoordelijk voor een sluitend net-werk van zorgverleners, zodat kinderen de ondersteuning krijgen die ze nodig hebben om zich optimaal te kunnen ontwikkelen.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>In de gemeente Vlieland bestaat de zorgstructuur rond peuters uit onder andere ge-</cursief><cursief>biedsteams</cursief><cursief>, JGZ, algemeen maatschappelijk werk. Waar nodig kan extra </cursief><cursief>ondersteu-ning</cursief><cursief> in de gezinssituatie geboden </cursief><cursief>worden. De zorgstructuur is altijd aan </cursief><cursief>ontwikkelin-gen</cursief><cursief> onderhevig. Afstemming is continu nodig om een goede samenwerking op te </cursief><cursief>bou-wen</cursief><cursief> en te behouden.</cursief></al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>10.</nr><titel>Interne kwaliteitszorg</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>Effecten van (VVE) peuteronderwijs zijn mede afhankelijk van de kwaliteit van de VVE die wordt geleverd door de voorscholen. Het gaat dan om de pedagogische en educatieve vaardigheden van de pedagogisch medewerkers, de wijze waarop het VVE-programma wordt gebruikt, de zorg en begeleiding die aan peuters wordt geboden, de inrichting van de ruimtes, enzovoorts. Van VVE-instellingen wordt verwacht dat ze deze kwaliteit regel-matig evalueren, verbeteren en borgen.</al><al/><al>Inzet HBO’er</al><al>Vanaf 1 januari 2022 moet er een HBO’er in de voorschoolse educatie worden ingezet. De inzet beslaat 10 uur per jaar per doelgroepkind. Dit moet zorgen voor een hogere kwali-teit. Een pedagogisch beleidsmedewerker kan functioneren als coach, werkzaam zijn op de groep, bezig zijn met het pedagogisch beleid van de voorschoolse voorziening of een combinatie van deze taken uitvoeren. Daarnaast kan de HBO’er een schakel vormen tus-sen het gemeentelijk beleid, het beleid van de vve-organisaties en de uitvoer op de werk-vloer. </al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>De gemeente Vlieland maakt met de VVE-aanbieder afspraken over de wijze waarop interne kwaliteitszorg plaatsvindt en hoe ze zich over deze kwaliteit verantwoordt aan de gemeente. Criteria voor de verantwoording van de interne kwaliteitszorg zijn </cursief><cursief>on-derdeel</cursief><cursief> van het VVE-uitvoeringsplan en de subsidie-afspraken.</cursief></al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>11.</nr><titel>Systematische evaluatie van VVE op gemeentelijk niveau</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>De evaluatie op gemeentelijk of ook wel beleidsniveau vindt regelmatig plaats in het over-leg dat de gemeente voert met de ketenpartners. Dit kan leiden tot conclusies voor ver-beteringen of aanpassingen van het beleid. </al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>De gemeente Vlieland evalueert jaarlijks het eigen VVE-beleid, de afspraken, de </cursief><cursief>uit-voering</cursief><cursief> en de resultaten.</cursief></al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>12.</nr><titel>VVE-condities</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>In de wet is geregeld dat de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) de basiskwali-teit van de voorscholen beoordeelt op basis van artikel 1.63 en artikel 2.21 van de Wet kinderopvang. De GGD toetst als eerstelijns toezichthouder zowel de algemene basiskwa-liteit (zoals veiligheid en gezondheid) als de basiskwaliteit van de voorschoolse educatie: hoeveel tijd VVE per week, groepsgrootte en dubbele bezetting, opleidings- en scholings-eisen van de VVE-beroepskrachten en gebruik van een VVE-programma. Dit legt de GGD vast in een rapport.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>In de gemeente Vlieland beoordeelt de GGD de basiskwaliteit van de voorscholen </cursief><cursief>jaar-lijks</cursief><cursief> en brengt hiervan een rapport uit aan de houders van kinderopvanglocaties en de gemeente. </cursief></al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>De Inspectie van het Onderwijs onderzoekt als tweedelijns toezichthouder kwaliteit kin-deropvang in het algemeen, ook specifiek de kwaliteit van de uitvoering van VVE. Doel daarvan is de kwaliteit van de peuter- en kinderopvang en VVE op hoog niveau te bren-gen en te houden. Via de jaarlijkse gemeentelijke bevraging VVE verplicht de Inspectie van het Onderwijs gemeenten om inzicht te geven in de kwaliteit van de uitvoering van VVE. De gemeentelijke analyse heeft niet tot nadere vraagstelling vanuit de Inspectie van het Onderwijs geleid.</al><al/><al><cursief>Gemeentelijk VVE-subsidiekader</cursief></al><al>In het door het college vastgestelde uitvoeringsregeling onderwijsachterstanden staan (aanvullende) voorwaarden beschreven voor de uitvoering van VVE, waarmee de ge-meente kan sturen op de kwaliteit van VVE. Daarnaast geven de subsidievoorwaarden grip op de besteding van VVE-subsidiegelden.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>De gemeente Vlieland maakt voor de uitvoering van VVE gebruik van een </cursief><cursief>subsidieka</cursief><cursief>-der om te garanderen dat de verstrekte subsidies op de juiste wijze worden gebruikt.</cursief></al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>13.</nr><titel>Gezamenlijke opdracht</titel></kop><artikel><kop><label/></kop><al>De manier waarop de ketenpartners in de voor- en vroegschoolse periode het VVE-aanbod uitvoeren, is mede bepalend voor de uitkomsten. De gemeente spant zich in om ketenpartners hierin daar waar mogelijk te faciliteren en ondersteunen.</al><al>De ketenpartners zijn in ieder geval: de JGZ, de voorschoolse voorziening en het primair onderwijs. Op casusniveau kunnen desgewenst andere partners betrokken worden.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="col1" colwidth="93*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><cursief>De gemeente Vlieland geeft in nauwe samenwerking met ketenpartners uitvoering aan VVE. Zonder de ketenpartners is het niet mogelijk om VVE-beleid te ontwikkelen en uit te voeren.</cursief></al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al/></slotformulering></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>