<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR63900_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Nadeelcompensatieverordening Oude Pontweg</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Velsen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-15</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Velsen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De jutter/hofgeest, 8-2-2007</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Nadeelcompensatieverordening Oude Pontweg</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">1. herstructureringsbesluit Oude Pontweg</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-01-25</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-02-02</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>R07.0006</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Nadeelcompensatieverordening Oude Pontweg</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>NADEELCOMPENSATIEVERORDENING WOONWAGENLOCATIE OUDE PONTWEG TE
                            VELSEN</titel></kop><structuurtekst><al>Op 13 juni 2003 heeft de gemeenteraad van Velsen besloten om over te
                            gaan tot herstructurering van de woonwagenlocatie Oude Pontweg. Ten
                            behoeve van het project herstructurering dienen verschillende aspecten
                            in de rechtsverhouding tussen de individuele woonwagenbewoner en de
                            gemeente Velsen vooraf schriftelijk te worden vastgelegd. Deze afspraken
                            worden uiteindelijk middels een vaststellingsovereenkomst
                            uitgewerkt.</al><al>Een van de aspecten die vooraf dienen te worden geregeld betreft het
                            ‘schadeaspect’. Door diverse werkzaamheden gedurende het
                            herinrichtingsproject op het terrein van de woonwagenlocatie,
                            bijvoorbeeld aanleg standplaatsen en verplaatsing van woonwagens, is het
                            mogelijk dat er schade aan de woonwagens ontstaat. Om deze schade te
                            ondervangen is besloten om een nadeelcompensatieverordening op te
                            stellen. Het vaststellen van deze nadeelcompensatieverordening heeft tot
                            doel een met voldoende waarborgen omklede regeling in het leven te
                            roepen op grond waarvan benadeelden vooraf duidelijkheid wordt gegeven
                            over de wijze waarop een verzoek om schadevergoeding kan worden
                            ingediend en welke normen gelden voor de vergoeding van schade welke
                            redelijkerwijs niet voor rekening van een belanghebbende behoort te
                            blijven. Dit betekent dat de vergoeding van schade daarmee vooraf
                            voldoende is gewaarborgd. Op deze manier kan worden bewerkstelligd dat
                            de bewoners hun medewerking zullen verlenen aan het realiseren van het
                            herinrichtingsproject en worden onnodige procedures zoveel mogelijk
                            vermeden. Daarbij moet niet alleen worden gedacht aan mogelijke
                            tijdrovende procedures terzake schadevergoeding of huuropzeggingen.
                            Tenslotte biedt het voorhanden zijn van deze regeling tezamen met door
                            deskundigen verrichtte taxaties een eenvoudige wijze om te komen tot
                            minnelijke regelingen.</al><al>Vóór het moment van de verplaatsing van de woonwagen zal een door de
                            gemeente in te schakelen deskundige samen met de bewoner (of met een
                            door deze daartoe in te schakelen deskundige) de toestand van de
                            woonwagen opnemen en schriftelijk/fotografisch vastleggen. Onderdeel van
                            deze rapportage is de reeds uitgevoerde c.q. uit te voeren technische
                            inventarisatie/risico-inventarisatie.</al><al>Onderdeel van de nadeelcompensatieverordening vormt een (onafhankelijke)
                            schadeadviescommissie. Deze schadeadviescommissie zal na onderzoek,
                            onder meer aan de hand van rapportages (nulschouw, technische
                            inventarisatie e.d), een aan het college gericht schriftelijk advies
                            uitbrengen omtrent het uit te keren schadebedrag aan de benadeelde.</al><al>Deze nadeelcompensatieverordening heeft geen betrekking op de zogenaamde
                            verhuiskostenvergoeding. Daaromtrent heeft de gemeenteraad op 16
                            november 2006 reeds een separaat besluit genomen.</al><al>Deze nadeelcompensatieverordening beoogt bovendien niet de gevolgen van
                            onrechtmatige overheidsdaden of van wanprestatie van de gemeente te
                            regelen. Deze onderwerpen worden immers beheerst door het burgerlijk
                            recht.</al><al>Onder de werking van deze verordening worden alleen schades vergoed die
                            zijn veroorzaakt door in beginsel rechtmatig handelen of een rechtmatig
                            besluit. De reden om dergelijke schade te vergoeden is dus niet dat er
                            een onrechtmatige handeling is gepleegd, maar dat het in strijd zou zijn
                            met het evenredigheidsbeginsel. Een burger die schade lijdt als gevolg
                            van een (overigens rechtmatig) overheidsbesluit of –handeling, behoort
                            een vergoeding te worden aangeboden, indien en voorzover die burger
                            onevenredig zwaar wordt getroffen in vergelijking met andere burgers die
                            in een vergelijkbare positie verkeren.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>NADEELCOMPENSATIEVERORDENING WOONWAGENLOCATIE OUDE PONTWEG TE
                            VELSEN</titel></kop><afdeling><kop><titel>Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 1 Begripsomschrijvingen</tussenkop><al>In deze regeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de schadeadviescommissie: het adviesorgaan als bedoeld
                                            in <extref doc="http://velsen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-6-de-schadeadviescommissie">artikel 6</extref>;</al></li><li nr="b."><al>de bewoner: de eigenaar, beperkt zakelijk gerechtigde,
                                            huurder of erkende medehuurder van een woonwagen of
                                            wooneenheid geplaatst op de woonwagenlocatie Oude
                                            Pontweg op de datum van vaststelling van de bestaande
                                            status-quo door het college van burgemeester en
                                            wethouders;</al></li><li nr="c."><al>College van burgemeester en Wethouders : het college van
                                            Burgemeester &amp;Wethouders van Velsen</al></li><li nr="d."><al>nadeelcompensatie: vergoeding van schade als gevolg van
                                            de herinrichting van de woonwagenlocatie Oude Pontweg
                                            door of vanwege de gemeente Velsen;</al></li><li nr="e."><al>verzoek: de aanvraag aan het college het nadeel te
                                            compenseren, tot goedkeuring en vergoeding van de
                                            plannen tot het treffen van schadevoorkomende of
                                            -beperkende maatregelen dan wel tot
                                            bevoorschotting;</al></li><li nr="f."><al>verzoeker: de indiener van een verzoek tot vergoeding
                                            van het nadeel , tot goedkeuring en vergoeding van de
                                            kosten voor het zelf (laten) verplaatsen van de
                                            woonwagen, tot goedkeuring en vergoeding van de plannen
                                            tot het treffen van schadevoorkomende of -beperkende
                                            maatregelen dan wel tot bevoorschotting.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Hoofdstuk 2 De schadevergoeding</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2 Het recht op schadevergoeding</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het college kent op verzoek van degene die schade lijdt
                                            als gevolg van de herinrichting van de woonwagenlocatie
                                            aan de Oude Pontweg door of namens de gemeente Velsen
                                            een vergoeding naar billijkheid toe, voorzover de schade
                                            redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen laste
                                            behoort te blijven en voorzover de vergoeding niet of
                                            niet voldoende anderszins is verzekerd.</al></li><li nr="2."><al>De vergoeding wordt bepaald in geld of, indien het
                                            college, gehoord de schadeadviescommissie, dit wenselijk
                                            oordeelt, op een andere wijze.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 3 De omvang van de schadevergoeding</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De kosten van de fysieke verplaatsing van een woonwagen
                                            - met inbegrip van de mogelijke schade aan de woonwagen
                                            tengevolge van die verplaatsing - worden volledig
                                            vergoed tot het bedrag dat door de schade-expert in
                                            overleg met de overige commissieleden is bepaald.</al></li><li nr="2."><al>De hoogte van de schadevergoeding tengevolge van
                                            schadetoebrengende handelingen door of namens de
                                            gemeenteraad en rechtstreeks voortvloeiende uit de
                                            herinrichting van de woonwagen locatie aan de Oude
                                            Pontweg zal door het college, de schadeadviescommissie
                                            gehoord, op een zo objectief mogelijke wijze worden
                                            vastgesteld.</al></li><li nr="3."><al>Heeft verzoeker nagelaten redelijke maatregelen ter
                                            voorkoming of beperking van schade te nemen, dan blijft
                                            de schade die door het treffen van zodanige maatregelen
                                            voorkomen of beperkt had kunnen worden, ten last van
                                            verzoeker.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Hoofdstuk 3 Procedurebepalingen</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 4 Het verzoek om schadevergoeding</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het verzoek om schadevergoeding wordt zo spoedig als
                                            redelijk mogelijk is, doch uiterlijk binnen één maand na
                                            constatering van opgetreden schade, schriftelijk
                                            ingediend bijhet college.</al></li><li nr="2."><al>Het verzoek wordt ondertekend en bevat ten minste: </al><lijst><li nr="a."><al>de naam en het adres van de verzoeker;</al></li><li nr="b."><al>de dagtekening van het verzoek alsmede de datum
                                                  van verplaatsing en datum van constatering
                                                  schade;</al></li><li nr="c."><al>een aanduiding van het besluit en/of het
                                                  handelen dat de schade naar het oordeel van
                                                  verzoeker heeft veroorzaakt;</al></li><li nr="d."><al>een opgave van de aard en de omvang van de
                                                  schade, alsmede een zo nauwkeurig mogelijke
                                                  specificatie van het schadebedrag;</al></li><li nr="e."><al>een omschrijving van de wijze waarop de schade
                                                  naar het oordeel van verzoeker dient te worden
                                                  vergoed en, zo gewenst, een opgave van het
                                                  schadebedrag dat naar het oordeel van verzoeker
                                                  vergoed dient te worden.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De verzoeker verschaft voorts de gegevens en bescheiden,
                                            zoals nulschouw, opleveringsdocument e.d., die voor het
                                            nemen van de beslissing op zijn verzoek nodig zijn en
                                            waarover hij redelijkerwijs de beschikking kan
                                            krijgen.</al></li><li nr="4."><al>Het college bevestigt de ontvangst van het verzoek zo
                                            spoedig mogelijk, doch ten minste binnen twee weken na
                                            de ontvangst ervan. Bij de ontvangstbevestiging wordt de
                                            verzoeker in kennis gesteld van de te volgen
                                            procedure.</al></li><li nr="5."><al>Indien naar het oordeel van het college de door
                                            verzoeker overgelegde schriftelijke gegevens
                                            ontoereikend zijn om op basis daarvan een beslissing op
                                            zijn verzoek te nemen, stelt hij verzoeker in de
                                            gelegenheid het verzuim te herstellen binnen een termijn
                                            van vier weken na verzending van de brief waarin op het
                                            verzuim is gewezen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5 Vereenvoudigde behandeling van het verzoek</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Indien het verzoek niet overeenkomstig het bepaalde in
                                                <extref doc="http://velsen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-4-het-verzoek-om-schadevergoeding">artikel 4</extref> is ingediend beslist het college
                                            binnen zes weken na ontvangst van het verzoek dan wel
                                            binnen vier weken na het verstrijken van de in <extref doc="http://velsen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-4-het-verzoek-om-schadevergoeding">artikel 4, vijfde lid</extref> gestelde termijn om
                                            het verzoek niet in behandeling te nemen.</al></li><li nr="2."><al>Het college wijst het verzoek binnen zes weken na
                                            ontvangst van het verzoek dan wel binnen vier weken
                                            nadat het verzoek is aangevuld af zonder nader advies in
                                            te winnen van de adviescommissie indien het naar zijn
                                            oordeel kennelijk ongegrond is. Een verzoek is onder
                                            meer kennelijk ongegrond wanneer het naar het oordeel
                                            van het college steunt op de onrechtmatige uitoefening
                                            door of namens de ggemeente van een aan het publiekrecht
                                            ontleende bevoegdheid of taak.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan het verzoek binnen zes weken na
                                            ontvangst van het verzoek dan wel binnen vier weken
                                            nadat het verzoek is aangevuld toewijzen zonder nader
                                            advies in te winnen van de adviescommissie indien het
                                            naar zijn oordeel kennelijk gegrond is.</al></li><li nr="4."><al>De beslissingen genoemd in de voorgaande leden kunnen
                                            door het college eenmaal voor ten hoogste acht weken
                                            worden verdaagd.</al></li><li nr="5."><al>Bij de bekendmaking van het besluit wordt vermeld binnen
                                            welke termijn en bij welk orgaan bezwaar kan worden
                                            gemaakt.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 6 De schadeadviescommissie</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Indien geen toepassing wordt gegeven aan het bepaalde in
                                                <extref doc="http://velsen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-5-vereenvoudigde-behandeling-van-het-verzoek">artikel 5</extref>, wordt het verzoek binnen vier
                                            weken na ontvangst van alle benodigde gegevens in handen
                                            gesteld van de schadeadviescommissie. De commissie heeft
                                            tot taak het college van advies te dienen over de op het
                                            verzoek te nemen beslissing.</al></li><li nr="2."><al>De schadeadviescommissie bestaat uit een onafhankelijk
                                            voorzitter en 2 deskundigen, te weten één schade-expert
                                            en één jurist die door het college worden benoemd.</al></li><li nr="3."><al>De commissie heeft het recht om het verzoek door één van
                                            de leden van de adviescommissie te laten behandelen en
                                            adviseren.</al></li><li nr="4."><al>De verzoeker wordt over het in behandeling stellen van
                                            zijn verzoek in kennis gesteld. Hierbij wordt de
                                            verzoeker geïnformeerd over de samenstelling van de
                                            schadeadviescommissie die over zijn verzoek
                                            adviseert.</al></li><li nr="5."><al>De kosten verbonden aan de werkzaamheden van de
                                            commissie komen voor rekening van de gemeente.</al></li><li nr="6."><al>Het secretariaat van de commissie zal uitgevoerd worden
                                            door een door het college aan te wijzen ambtenaar.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 7 Het door de schadeadviescommissie te verrichten
                                    onderzoek</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De commissie dient het college van advies over de op het
                                            verzoek te nemen beslissing. Zij stelt daartoe een
                                            onderzoek in naar: </al><lijst><li nr="a."><al>de vraag of er schade in de zin van deze
                                                  regeling is ontstaan;</al></li><li nr="b."><al>de omvang van die schade;</al></li><li nr="c."><al>de vraag of de schade redelijkerwijs niet of
                                                  niet geheel ten laste van de verzoeker behoort te
                                                  blijven;</al></li><li nr="d."><al>de vraag of vergoeding van de schade niet of
                                                  niet voldoende anderszins is verzekerd;</al></li><li nr="e."><al>de hoogte van de door de gemeente te verstrekken
                                                  schadevergoeding.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Indien het college dit wenst brengt de
                                            schadeadviescommissie tevens advies uit omtrent de
                                            eventuele toepassing van de hardheidsclausule, zoals
                                            genoemd in <extref doc="http://velsen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-12-hardheidsclausule">artikel 12</extref> van deze verordening.</al></li><li nr="3."><al>De schadeadviescommissie brengt in de vorm van een
                                            gemotiveerd rapport aan het college advies uit over haar
                                            bevindingen. Indien zij daartoe aanleiding ziet, doet de
                                            commissie voorstellen voor maatregelen of voorzieningen
                                            waardoor de schade, anders dan door een vergoeding in
                                            geld, kan worden beperkt of ongedaan gemaakt.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 8 Bevoegdheden en verplichtingen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het college en de verzoeker stellen de
                                            schadeadviescommissie de gegevens en bescheiden ter
                                            beschikking die nodig zijn voor een goede vervulling van
                                            haar taak.</al></li><li nr="2."><al>De schadeadviescommissie kan inlichtingen en adviezen
                                            inwinnen bij derden indien zij dat voor een goede
                                            vervulling van haar taak nodig acht.</al></li><li nr="3."><al>De commissie kan een plaatsopneming houden indien zij
                                            dit nodig acht.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 9 Procedure schadeadviescommissie</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De schadeadviescommissie stelt zowel de verzoeker en/of
                                            zijn gemachtigde als de vertegenwoordigers van het
                                            college in de gelegenheid tot het geven van een
                                            mondelinge toelichting tijdens een hoorzitting. Ook
                                            meegebrachte deskundigen worden in de gelegenheid
                                            gesteld een toelichting te geven.</al></li><li nr="2."><al>Van de toelichtingen wordt een verslag gemaakt. Het
                                            verslag wordt aan de verzoeker en het college
                                            toegezonden.</al></li><li nr="3."><al>De schadeadviescommissie stelt een conceptadvies op
                                            voordat zij haar definitieve advies uitbrengt. Het
                                            conceptadvies wordt uiterlijk binnen twaalf weken na de
                                            datum van de mondelinge toelichting naar de verzoeker en
                                            het college toegezonden. Indien niet binnen deze termijn
                                            een conceptadvies kan worden opgemaakt kan de commissie
                                            deze termijn, onder opgaaf van redenen, eenmaal met ten
                                            hoogste zes weken verlengen.</al></li><li nr="4."><al>Verzoeker en het college maken eventuele bedenkingen
                                            tegen het conceptadvies, uiterlijk vier weken na de
                                            datum van verzending daarvan, schriftelijk aan de
                                            schadeadviescommissie kenbaar.</al></li><li nr="5."><al>De schadeadviescommissie stelt haar definitieve advies
                                            vast binnen vier weken na het verstrijken van de in het
                                            vierde lid genoemde termijn. Zij kan deze termijn, onder
                                            opgaaf van redenen, eenmaal met ten hoogste vier weken
                                            verlengen. Verder uitstel is mogelijk voorzover de
                                            verzoeker en het college daarmee instemmen. Zij zendt
                                            het advies terstond toe aan de verzoeker en het
                                            college.</al></li><li nr="6."><al>In eenvoudige gevallen kan, mits de aard van het verzoek
                                            zich niet daartegen verzet, een definitief advies worden
                                            vastgesteld zonder dat hieraan een conceptadvies dat is
                                            voorgelegd aan verzoeker en het college voorafgaat.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 10 Het besluit op het verzoek om
                                    schadevergoeding</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Binnen zes weken na ontvangst van het advies van de
                                            schadeadviescommissie op het verzoek om schadevergoeding
                                            neemt het college een met redenen omkleed besluit. Ter
                                            motivering kan het college volstaan met een verwijzing
                                            naar het advies van de schadeadviescommissie. Indien de
                                            beslissing afwijkt van het advies wordt dit
                                            gemotiveerd.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan het in het eerste lid bedoelde besluit,
                                            onder opgaaf van redenen, eenmaal voor ten hoogste zes
                                            weken verdagen. Verder uitstel is mogelijk voorzover
                                            verzoeker daarmee instemt.</al></li><li nr="3."><al>Bij de bekendmaking van het besluit wordt vermeld binnen
                                            welke termijn en bij welk orgaan bezwaar kan worden
                                            gemaakt.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 11 Voorschot</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Hangende een verzoek om schadevergoeding kan het
                                            college, al dan niet na raadpleging van de
                                            schadeadviescommissie, op verzoek van de verzoeker die
                                            naar redelijkerwijs valt te verwachten in aanmerking
                                            komt voor schadevergoeding besluiten tot het toekennen
                                            van een voorschot. De verzoeker om een voorschot dient
                                            zijn verzoek overeenkomstig de bepalingen van <extref doc="http://velsen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#hoofdstuk-3-procedurebepalingen">hoofdstuk 3</extref> in.</al></li><li nr="2."><al>Met het verstrekken van een voorschot wordt geen recht
                                            op schadevergoeding erkend of verleend. Aan het
                                            verstrekken van het voorschot kunnen voorwaarden worden
                                            verbonden.</al></li><li nr="3."><al>Het voorschot kan uitsluitend worden verleend indien de
                                            verzoeker schriftelijk de verplichting aanvaardt tot
                                            gehele en onvoorwaardelijke terugbetaling van hetgeen
                                            ten onrechte als voorschot is uitbetaald.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 12 Hardheidsclausule</tussenkop><al>Indien een strikte toepassing van deze regeling zou leiden tot
                                    een beslissing die onmiskenbaar als onredelijk moet worden
                                    aangemerkt, kan het college in bijzondere gevallen van deze
                                    regeling afwijken.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Hoofdstuk 4 Slotbepalingen</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 13 Werkingsduur</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het besluit van de gemeenteraad omtrent de verordening
                                            wordt gepubliceerd in De Jutter en de Hofgeest. De
                                            verordening zal ter inzage gelegd worden op het
                                            gemeentehuis.</al></li><li nr="2."><al>Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag
                                            volgend op de publicatie en eindigt één jaar na de dag
                                            waarop de herinrichting woonwagenlocatie Oude Pontweg is
                                            voltooid.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 14 Citeertitel</tussenkop><al>Deze regeling kan worden aangehaald als:
                                    “Nadeelcompensatieverordening Oude Pontweg”.</al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk></regeling-tekst><bijlage><al><vet>Bijlage</vet></al><al><vet>artikelsgewijze toelichting</vet></al><al><vet>Artikel 1</vet></al><al>In deze bepaling worden enkele kernbegrippen omschreven. Via het begrip bewoner
                    wordt het aantal gerechtigden op bepaalde schadevergoedingssoorten beperkt. Door
                    een peildatum te stellen wordt voorkomen dat tijdens het project het aantal
                    gerechtigden zich uitbreidt.</al><al><vet>Artikel 2</vet></al><al>Dit artikel verwoordt de materiële maatstaf aan de hand waarvan wordt gekeken of
                    schadevergoeding zal worden toegekend.</al><al>Teneinde de vraag of nadeelcompensatie kan worden toegekend te kunnen
                    beantwoorden, zal in beginsel het volgende moeten worden vastgesteld.</al><lijst><li nr="1."><al>Er is schade geleden.</al></li><li nr="2."><al>De schade moet voortkomen uit rechtmatig overheidshandelen.</al></li><li nr="3."><al>Er is een causaal verband tussen de geleden schade en het rechtmatige
                            overheidshandelen inzake de herinrichting van de woonwagenlocatie Oude
                            Pontweg.</al></li><li nr="4."><al>De schade moet op een objectieve wijze worden begroot.</al></li><li nr="5."><al>De vergoeding van de schade is niet anderszins voldoende verzekerd.</al></li></lijst><al><vet><onderstreept>Ad 1 Vaststelling schade</onderstreept></vet></al><al>Het spreekt voor zich dat beoordeeld moet worden of er sprake is van schade. Zie
                    hierover echter nader de toelichting op artikel 3.</al><al><vet><onderstreept>Ad 2 Schade gevolg van rechtmatig
                            overheidshandelen</onderstreept></vet></al><al>Onder de Nadeelcompensatieverordening woonwagenlocatie Oude Pontweg vallen niet
                    de gevolgen van een onrechtmatige overheidsdaad of een toerekenbare tekortkoming
                    (wanprestatie). Deze onderwerpen worden reeds beheerst door het Burgerlijk
                    Wetboek. De herinrichting van de woonwagenlocatie is op zichzelf genomen een
                    rechtmatige handeling. Zoals hiervoor reeds vermeld is de reden om bepaalde
                    schade te vergoeden als gevolg van de herinrichting van de woonwagenlocatie dat
                    bepaalde lasten niet onevenredig op een bepaalde groep burgers mogen
                    rusten.</al><al><vet><onderstreept>Ad 3 Causaal verband</onderstreept></vet></al><al><onderstreept>Primair:</onderstreept> De schade moet voorts een direct en
                    aanwijsbaar rechtstreeks gevolg zijn van de herinrichting van de
                    woonwagenlocatie Oude Pontweg door of vanwege de gemeente Velsen. Er moet
                    derhalve sprake zijn van een causaal verband. Om te beoordelen of er sprake is
                    van causaal verband tussen het nadeel en de herinrichting van de
                    woonwagenlocatie dient een vergelijking te worden gemaakt tussen de toestand
                    zoals die was voorafgaande aan de schade veroorzakende maatregel en de situatie
                    nadat de maatregel was getroffen. Beslissend is het antwoord op de vraag of
                    nadeel is opgetreden, dat zonder deze maatregel achterwege zou zijn
                    gebleven.</al><al><onderstreept>Secundair:</onderstreept> In de gevallen dat reeds beschadigingen
                    en/of gebreken aan het goed zijn geconstateerd, zal in voorkomende gevallen
                    gemotiveerd rekenschap moeten worden afgelegd terzake van de hoogte van het uit
                    te keren bedrag (totaal) minus de uit de vooropname blijkende reeds aanwezige
                    waardevermindering. Met andere woorden, alsdan is er sprake van een verminderd
                    causaal verband.</al><al><vet><onderstreept>Ad 4 Schadebegroting</onderstreept></vet></al><al>Indien eenmaal is vastgesteld dat tengevolge van de herinrichting van de
                    woonwagenlocatie Oude Pontweg door of namens de gemeente Velsen schade is
                    ontstaan, moet de vraag worden beantwoord of deze schade redelijkerwijs ten
                    laste van de getroffene behoort te blijven. Het redelijkheidsbegrip is echter
                    niet vastomlijnd. Het redelijkheidsbegrip dient geobjectiveerd te worden bij de
                    toepassing ervan in individuele nadeelcompensatieverzoeken. Zie over de
                    schadebegroting nader de toelichting op artikel 3.</al><al><vet><onderstreept>Ad 5 De vergoeding van de schade is niet anderszins
                            verzekerd</onderstreept></vet></al><al>Op de Nadeelcompensatieverordening woonwagenlocatie Oude Pontweg kan geen beroep
                    worden gedaan indien en voorzover schadevergoeding anderszins is gewaarborgd.
                    Hierbij kan men denken aan de situatie dat er weliswaar plaats is voor
                    vergoeding op grond van deze regeling, maar dat reeds uit anderen hoofde een
                    vergoeding van het geleden nadeel heeft plaatsgevonden. Daarbij kan worden
                    gedacht aan een vergoeding die als zodanig in een overeenkomst tussen de
                    gemeente en een verzoeker is opgenomen, voorafgaande aan of tijdens de
                    behandeling van een verzoek of dat het geleden nadeel reeds is verdisconteerd in
                    bijvoorbeeld een subsidierelatie.</al><al>Het tweede lid van dit artikel bepaalt dat de schade kan worden gecompenseerd in
                    de vorm van geld of op andere wijze.</al><al><vet>Artikel 3</vet></al><al>In dit artikel zijn enkele bepalingen opgenomen inzake de omvang van de
                    schadevergoeding. In het algemeen zijn voor wat de wijze van schadebegroting
                    betreft geen regels te geven, onder meer vanwege de veelheid van de mogelijke
                    schadegevallen. Als voorbeeld kan hier worden genoemd de (mogelijke) schade voor
                    de eigenaar wiens wooneenheid (nog) niet wordt verplaatst. In het vijfde lid van
                    dit artikel is aangegeven dat alsdan de schadevergoeding op een zo objectief
                    mogelijke wijze zal dienen te worden vastgesteld. Daarbij zal rekening dienen te
                    worden gehouden met de bestaande praktijk en jurisprudentie inzake
                    schadevergoedingsvraagstukken. In lid 3 is een algemene beperking op de
                    schadevergoedingsomvang geregeld. Indien een verzoeker heeft nagelaten redelijke
                    maatregelen ter voorkoming of beperking van schade te nemen, dan blijft die
                    schade die door het treffen van zodanige maatregelen had kunnen worden voorkomen
                    of beperkt, ten laste van de verzoeker.</al><al><vet>Artikel 4</vet></al><al>In dit artikel worden regels gegeven voor het indienen van een verzoek om
                    schadevergoeding.</al><al>De benadeelde dient een verzoek om schadevergoeding zo spoedig mogelijk in te
                    dienen. Deze bepaling berust op de gedachte dat een benadeelde die zonder goede
                    reden onnodig lang wacht met het indienen van zijn claim zijn aanspraak
                    verliest. Het moet immers uit bestuurlijk oogpunt ongewenst worden geacht dat
                    verzoeken om schadevergoeding nog geruime tijd nadat de schade is gebleken
                    worden ingediend. Er is van afgezien een bepaalde termijn te noemen waarbinnen
                    het verzoek moet worden ingediend, nu het lijden van schade of het ondervinden
                    van nadeel niet steeds onmiddellijk duidelijk is. Bovendien moet bij het stellen
                    van een termijn niet worden uitgesloten dat iemand die schade of nadeel heeft
                    geleden die na het verstrijken van de termijn blijkt, alsnog naar de burgerlijke
                    rechter zal gaan met een verzoek om schadevergoeding. Het doel om de rechtsmacht
                    met betrekking tot nadeelcompensatie te concentreren bij de Afdeling
                    bestuursrechtspraak van de Raad van State zou daarmee voorbij worden geschoten.
                    Overigens kan een verzoek om schadevergoeding niet meer worden ingediend nadat
                    de werkingsduur van de Nadeelcompensatieverordening woonwagenlocatie Oude
                    Pontweg is verstreken.</al><al>Met het tweede en derde lid wordt beoogd het bepaalde in artikel 4:2 van de
                    Algemene wet bestuursrecht nader betekenis te geven voor verzoeken om
                    schadevergoeding. Van een verzoeker wordt verlangd dat hij alle gegevens, van
                    welke aard dan ook, verschaft die het college nodig heeft voor het beoordelen
                    van de gegrondheid van het verzoek om schadevergoeding. De verzoeker kan zijn
                    voorkeur kenbaar maken omtrent de wijze van vergoeding van de schade. Indien de
                    verzoeker vergoeding in geld wenst, dient hij in het verzoekschrift de hoogte
                    van het naar zijn oordeel te vergoeden bedrag te vermelden. Dit bedrag hoeft
                    niet hetzelfde te zijn als de totaal geleden schade, omdat in de vergoeding
                    daarvan deels reeds voorzien kan zijn of omdat een deel van de geleden schade
                    niet voor vergoeding in aanmerking komt vanwege de evenredigheidstoets.</al><al>Het college moet volgens het vierde lid de ontvangst van het verzoek binnen twee
                    weken bevestigen. Tevens moet zij de verzoeker informeren over de verdere
                    procedure. Overeenkomstig artikel 4:14 van de Algemene wet bestuursrecht moet
                    het bestuursorgaan de verzoeker immers in kennis stellen indien een beschikking
                    niet binnen 8 weken tegemoet kan worden gezien.</al><al>Indien de verzoeker onvoldoende gegevens heeft verstrekt om de gegrondheid van
                    het verzoek te kunnen beoordelen, kan het college besluiten het verzoek niet in
                    behandeling te nemen. Dit stemt overeen met het bepaalde in artikel 4:5, eerste
                    lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Wel dient verzoeker in de gelegenheid te
                    worden gesteld om de ontbrekende gegevens alsnog te verschaffen, hetgeen in lid
                    5 is bepaald.</al><al><vet>Artikel 5</vet></al><al>Het eerste lid bepaalt dat het college het verzoek niet in behandeling neemt
                    wanneer de verzoeker nalatig blijft om de voor de beoordeling van het verzoek de
                    benodigde gegevens te verschaffen.</al><al>Het tweede en derde lid is erop gebaseerd dat het onnodig is om voor eenvoudige
                    en duidelijke gevallen de zware procedure van behandeling van het verzoek om
                    schadevergoeding door een adviescommissie te volgen. Indien het verzoek naar het
                    oordeel van het college kennelijk ongegrond of gegrond is, wordt het verzoek
                    zonder behandeling door de adviescommissie toe- of afgewezen. Indien na summier
                    onderzoek reeds duidelijk is dat de geleden schade voor vergoeding in aanmerking
                    komt, kan het college het verzoek, zonder nader onderzoek toewijzen. Eveneens
                    kan het college het verzoek om schadevergoeding direct afwijzen indien duidelijk
                    is dat de geleden schade bijvoorbeeld niet door de gemeente is veroorzaakt of
                    aan het schadeverzoek een onrechtmatige daad dan wel wanprestatie ten grondslag
                    ligt.</al><al>Het vierde en vijfde lid bevat respectievelijk de uiterlijke termijn waarbinnen
                    onderhavige besluiten dienen te worden genomen en de bezwaarclausule. De
                    beslistermijnen zijn overeenkomstig artikel 4:13 en 4:15 van de Algemene wet
                    bestuursrecht vastgesteld.</al><al><vet>Artikel 6</vet></al><al>Indien het verzoek niet buiten behandeling wordt gelaten of kennelijk ongegrond
                    dan wel kennelijk gegrond is, wordt het verzoek binnen 4 weken aan de
                    schadeadviescommissie toegezonden. De adviescommissie heeft tot taak het college
                    te adviseren inzake de op het verzoek om schadevergoeding te nemen
                    beslissing.</al><al>De Nadeelcompensatieverordening woonwagenlocatie Oude Pontweg gaat ervan uit dat
                    de adviescommissie uit drie leden bestaat. Daarnaast is echter voorzien in de
                    mogelijkheid in eenvoudige, niet op het eerste gezicht ongegronde, gevallen het
                    verzoek door één lid te laten behandelen. De leden van de adviescommissie zullen
                    een grote mate van ervaring en/of kennis moeten bezitten inzake de afhandeling
                    van vergelijkbare schadeverzoeken en de commissie dient voorgezeten te worden
                    door een onfahnakelijke voorzitter. In lid 5 is tot slot bepaald dat de kosten
                    verbonden aan de werkzaamheden van de adviescommissie voor rekening van de
                    gemeente komen.</al><al><vet>Artikel 7</vet></al><al>De schadeadviescommissie heeft tot taak het college te adviseren inzake de op
                    het verzoek tot schadevergoeding te nemen beslissing. Wanneer dat wenselijk is,
                    kan door het college ook advies worden gevraagd omtrent verzoeken tot het
                    treffen van schadevoorkomende en -beperkende maatregelen, tot bevoorschotting of
                    tot toepassing van de hardheidsclausule. Daarnaast omvat het advies mede, zo
                    verzoeker voor schadevergoeding in aanmerking komt, de hoogte van de
                    schadevergoeding. De commissie kan ook maatregelen (in natura) voorstellen die
                    geschikt zijn om de schade te beperken of ongedaan te maken. In de praktijk
                    wordt laatstgenoemde mogelijkheid allereerst onderzocht. Het is niet de
                    bedoeling dat deze regeling daarin verandering brengt.</al><al><vet>Artikel 8</vet></al><al>Het bepaalde in het eerste lid stemt overeen met de Algemene wet bestuursrecht.
                    Er wordt geregeld dat verzoeker en het college aan de adviescommissie de
                    gegevens verschaffen die nodig zijn voor een goede vervulling van haar taak. Tot
                    die gegevens behoren niet alleen het verzoek met de daarbij behorende
                    bescheiden, maar ook bijvoorbeeld de zich onder het college bevindende gegevens
                    over de schadeoorzaak. Het tweede lid stelt de commissie in de gelegenheid
                    inlichtingen in te winnen bij derden en het derde lid maakt het de commissie
                    mogelijk de situatie ter plekke in ogenschouw te nemen. De adviescommissie heeft
                    echter niet de bevoegdheid plaatsen te betreden tegen de wil van de
                    rechthebbende. Mocht dit geval zich echter voordoen, dan geldt het bepaalde in
                    artikel 4.</al><al><vet>Artikel 9</vet></al><al>Dit artikel geeft een beschrijving van de procedure volgens welke de commissie
                    dient te adviseren. Het kent twee soorten procedures: een gewone en een verkorte
                    procedure, die in eenvoudige gevallen kan worden toegepast. De gewone procedure
                    schrijft voor dat de adviescommissie alvorens haar advies op te stellen en te
                    zenden aan het college, een conceptadvies opmaakt en dit ter beoordeling aan de
                    verzoeker en (een vertegenwoordiging) van de gemeente voorlegt. Wanneer naar het
                    oordeel van de adviescommissie, gelet op de feiten en omstandigheden van het
                    geval, de procedure versneld kan worden afgedaan en het om eenvoudige gevallen
                    gaat, kan de commissie kiezen voor de verkorte procedure, waarmee de
                    doelmatigheid van de onderhavige regeling kan zijn gediend.</al><al><vet>Artikel 10</vet></al><al>Het college beslist binnen zes weken na ontvangst van het advies van de
                    commissie op het verzoek. Deze termijn is in overeenstemming met wat
                    gebruikelijk is in vergelijkbare procedures. De regels betreffende het motiveren
                    en het bekendmaken zijn ontleend aan de Algemene wet bestuursrecht, in het
                    bijzonder de artikelen 3:41, 4:17, 4:19 en 4:20.</al><al><vet>Artikel 11</vet></al><al>Dit artikel geeft regels omtrent de behandeling van een verzoek om een voorschot
                    te verlenen. De mogelijkheid een voorschot te verkrijgen staat open voor degenen
                    die aannemelijk kunnen maken dat zij in aanmerking zullen komen voor
                    schadevergoeding en een belang hebben bij bevoorschotting daarvan. Aan de
                    voorschotverlening kunnen ingevolge het tweede lid voorwaarden worden verbonden.
                    Nu middels een voorschotverstrekking geen recht op schadevergoeding is erkend,
                    zal het eventueel teveel of ten onrechte betaalde kunnen worden teruggevorderd,
                    aldus de strekking van het derde lid.</al><al><vet>Artikel 12</vet></al><al>Deze regeling laat via de hardheidsclausule de mogelijkheid open om in
                    incidentele of bijzondere gevallen van het bepaalde in deze regeling af te
                    wijken en voor het incidentele geval een passende schadevergoeding te
                    verstrekken. Welke gevallen daartoe behoren valt op dit moment niet in te
                    schatten en zal van geval tot geval beoordeeld dienen te worden.</al><al><vet>Artikel 13</vet></al><al>In dit artikel is geregeld dat de Nadeelcompensatieverordening woonwagenlocatie
                    Oude Pontweg op de daarvoor gebruikelijke wijze wordt gepubliceerd. Daarenboven
                    zal publicatie middels de nieuwsbrief vereist zijn. Voorts is hierin geregeld
                    wanneer de regeling van kracht wordt en wanneer de werking ervan eindigt.</al></bijlage></regeling></body></cvdr>