<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.90--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--
      meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR63878_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregel Woningbouwafspraken 2005 tot 2010 Provincie Zeeland</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Provincie">Zeeland</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-11-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Provincie">Zeeland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Provinciaal Blad, 2006, 27</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregel Woningbouwafspraken 2005 tot 2010 Provincie Zeeland</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">N.v.t.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanProvincie">gedeputeerde staten</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2006-10-31</dcterms:issued><dcterms:rights>
          De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht
        </dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2006-11-15</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2005-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>0612431</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Ruimtelijke ordening</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>N.v.t.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Ingetrokken met Provinciaal Blad nr. 59 van 2010.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregel Woningbouwafspraken 2005 tot 2010 Provincie Zeeland</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Gedeputeerde Staten van Zeeland</al><lijst><li nr="-"><al>Gelet op artikel 2 , tweede lid, van het Besluit locatiegebonden subsidies 2005.</al></li><li nr="-"><al>Gelet op artikel 13 van het Convenant stedennetwerk Scheldemondsteden woningbouwafspraken 2005 – 2010.</al></li><li nr="-"><al>Gelet op artikel 4:81, van de Algemene wet bestuursrecht.</al></li></lijst><al>Overwegende dat het Convenant woningbouwafspraken 2005 tot 2010 Provincie Zeeland het mogelijk maakt aan de gemeenten Vlissingen, Middelburg, Goes en Terneuzen subsidie te verstrekken voor woningbouw, en het derhalve noodzakelijk is voor de verdeling en toekenning van beschikbare subsidies een provinciale beleidsregel op te stellen.</al><al/><al>Besluiten het navolgende vast te stellen:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</label></kop><al>In deze beleidsregel wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="1."><al>Rijksconvenant: het Convenant woningbouwafspraken 2005 tot 2010 provincie Zeeland, van 8 december 2004.</al></li><li nr="2."><al>BLS-subsidie: een subsidie aan de gemeenten voor de realisatie van de woningbouwproductie uit de middelen, die op grond van de algemene maatregel van bestuur Besluit locatiegebonden subsidies 2005 en het Rijksconvenant  beschikbaar worden gesteld aan de provincie.</al></li><li nr="3."><al>Het Besluit: het Besluit locatiegebonden subsidies 2005</al></li><li nr="4."><al>De begripsomschrijvingen in het Besluit en het Rijksconvenant zijn van toepassing op deze beleidsregel.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 2 Subsidieontvangers</label></kop><al>Voor subsidies op grond van deze beleidsregel komen uitsluitend in aanmerking:</al><al>de gemeenten Vlissingen en Middelburg en de gemeenten Goes en Terneuzen, mits het Rijk met gedeputeerde staten nadere afspraken heeft gemaakt overeenkomstig artikel 1, tiende lid, van het Rijksconvenant.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 3 Subsidieverlening</label></kop><lijst><li nr="1."><al>Gedeputeerde staten verlenen BLS-subsidie ten behoeve van de realisatie van de woningbouwafspraken met het Rijk zoals vastgelegd in artikel 1, eerste en tiende lid, van het Rijksconvenant.</al></li><li nr="2."><al>In het tijdvak verlenen gedeputeerde staten voor 3000 tot maximaal 4670 toe te voegen woningen BLS-subsidie, waarbij het subsidieplafond is vastgesteld op € 5.839.983,- respectievelijk op € 8.321.603,-.</al></li><li nr="3."><al>Voor Vlissingen geldt een garantstelling voor een budget van ten hoogste € 3.611.250,-  ten behoeve van de gemaakte afspraken met het Rijk over de verwervingskosten van het KSG-terrein, mits het Rijk daarvoor voldoende middelen beschikbaar stelt. Daaraan is voor de gemeente Vlissingen een inspanningsverplichting verbonden tot het realiseren van 1500 woningen in het  tijdvak.</al></li><li nr="4."><al>Betaling van voorschotten geschiedt uiterlijk twee maanden na de datum waarop gedeputeerde staten de BLS-subsidie van het Rijk hebben ontvangen.</al></li><li nr="5."><al>Ten onrechte betaalde subsidiebedragen en voorschotten kunnen worden teruggevorderd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 4 Subsidiebedrag</label></kop><lijst><li nr="1."><al>De BLS-subsidie per toe te voegen woning bedraagt:</al><al/><lijst><li nr="a."><al>voor de gemeente Vlissingen € 2.407,50;</al></li><li nr="b."><al>voor de gemeenten Middelburg, Goes en Terneuzen € 1.485,82. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De BLS-subsidie voor eigenbouw bedraagt voor de gemeenten Vlissingen, Middelburg, Goes en Terneuzen € 1.600,- per in eigenbouw gebouwde woning.</al></li><li nr="3."><al>Rentebaten, op basis van wettelijke rente, komen ten goede aan de BLS-subsidie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 5 Bevoorschotting en afrekening</label></kop><lijst><li nr="1."><al>Reguliere woningbouwtaakstelling (3000 woningen)</al><al/><lijst><li nr="a."><al>Ieder  kalenderjaar  betalen  gedeputeerde staten het ontvangen voorschot,  overeenkomstig  artikel  1,  vijfde  lid,  van het Rijksconvenant, door  aan  de  gemeenten  Vlissingen  en  Middelburg; voor iedere gemeente  50%  van  het aantal woningen vermenigvuldigd met het voor de gemeenten in artikel 4 aangegeven bedrag per woning.</al></li><li nr="b."><al>Indien  in  enig jaar door het Rijk overeenkomstig artikel 9, tweede lid, van het Besluit een korting wordt toegepast op het voorschot bedoeld onder  a,  werkt  dit, naar rato van de achterblijvende woningbouwproductie  per  gemeente,  door  in de betaling aan de gemeenten Vlissingen en Middelburg.</al></li><li nr="c."><al>Het  na  ieder  kalender jaar ontvangen voorschot, voor het in dat jaar gerealiseerde  aantal  woningen  overeenkomstig artikel 10, eerste en tweede  lid, van het Besluit, betalen gedeputeerde staten door aan de gemeenten Vlissingen en Middelburg naar rato van het in dat jaar door die  gemeenten  gerealiseerde aantal woningen, tot een maximum per gemeente  van 50% van het aantal woningen uit de gezamenlijke taakstelling  voor  dat  jaar bedoeld in artikel 1, vijfde lid, van het Rijksconvenant,  vermenigvuldigd met het voor die gemeenten in artikel 4 aangegeven  bedrag  per woning, verminderd met het voorschot bedoeld onder a of b. </al></li><li nr="d."><al>Na  afloop  van  het  tijdvak  stellen gedeputeerde staten, aan de hand van  de  eindrapportage  bedoeld  in  artikel 16 van het Besluit, de volgende onderdelen vast:</al><lijst><li nr="1."><al>Het  aantal  woningen  dat  per  gemeente  in  het tijdvak is gerealiseerd en in aanmerking komt voor BLS-subsidie.</al></li><li nr="2."><al>Het  definitieve  subsidiebudget  voor de gemeente Middelburg dat door  gedeputeerde  staten  wordt  bepaald  door het onder d, ten eerste, voor de gemeente Middelburg bepaalde aantal woningen te vermenigvuldigen met het bedrag per woning genoemd in artikel 4.</al></li><li nr="3."><al>Het  definitieve  subsidiebudget  voor  de  gemeente Vlissingen dat door  gedeputeerde  staten   wordt  bepaald door het onder d, ten eerste,  voor  de  gemeente  Vlissingen bepaalde aantal woningen, tot  een  maximum  van 1500, te vermenigvuldigen met het bedrag per woning genoemd in artikel 4.</al></li><li nr="4."><al>Het  restbudget, dat  na  het tijdvak kan ontstaan door een onevenwichtige woningbouwproductie tussen Vlissingen en Middelburg en wordt, indien positief, door gedeputeerde staten verrekend met de gemeente  Vlissingen;  een  negatief  restbudget  wordt  verrekend met  de  gemeente  Middelburg tot een maximum van de verleende voorschotten.</al></li><li nr="5."><al>Het aantal te realiseren woningen dat in 2010 nodig is om een achterblijvende  taakstelling,  overeenkomstig  artikel 1,  vijfde lid, van het Rijksconvenant, in te lopen.</al></li></lijst></li><li nr="e."><al>Vaststelling  van  het  subsidiebudget geeft aanspraak op betaling van het vastgestelde budget verminderd met reeds betaalde voorschotten.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Extra woningbouwtaakstelling (1670 woningen)</al><al/><lijst><li nr="a."><al>Ontvangen  voorschotten voor de extra woningbouwtaakstelling, overeenkomstig artikel 1, tiende lid, van het Rijksconvenant, betalen gedeputeerde  staten,  na  afloop  van  ieder kalenderjaar, door aan de gemeente  Middelburg,  voorzover die gemeente in een jaar meer woningen  heeft  gerealiseerd  dan aangegeven in de bijlage, tabel 1, kolom 2.</al></li><li nr="b."><al>Ontvangen voorschotten voor het aandeel van de gemeenten Goes en Terneuzen  in  de extra woningbouwtaakstelling houden gedeputeerde staten tot het einde van het tijdvak in depot.</al></li><li nr="c."><al>Tussentijds  kunnen  gedeputeerde staten aan de gemeenten Goes en Terneuzen  voorschotten verstrekken als op grond van de gerealiseerde woningbouw in Middelburg en een reële inschatting van de toekomstige woningbouw binnen het tijdvak in Middelburg, terugvordering van de  voorschotten aan Goes en Terneuzen, na het einde van het tijdvak niet te verwachten is. </al></li><li nr="d."><al>De  provincie  overlegt  over  het  gestelde onder c met betrokken gemeenten alvorens toepassing te geven aan deze bepaling.</al></li><li nr="e."><al>Na  afloop  van  het  tijdvak  stellen gedeputeerde staten, aan de hand van  de eindrapportage  bedoeld  in  artikel 16 van het Besluit, de volgende onderdelen vast:</al><lijst><li nr="1."><al>Het  aantal  woningen  waarvoor Middelburg in aanmerking komt in verband met de extra woningbouwtaakstelling.</al></li><li nr="2."><al>Het  definitieve subsidiebudget voor Middelburg: gedeputeerde staten  bepalen  dit  door  het  onder e, ten eerste, voor de gemeente Middelburg bepaalde aantal woningen te vermenigvuldigen met het bedrag per woning genoemd in artikel 4.</al></li><li nr="3."><al>Het  aantal  woningen  waarvoor de gemeenten Goes en Terneuzen in aanmerking komen in verband met de extra woningbouwtaakstelling:  gedeputeerde  staten bepalen dit door 1670 woningen te verminderen met het aantal woningen bepaald onder e, ten eerste.</al></li><li nr="4."><al>Dit  aantal  verdelen  gedeputeerde  staten naar rato van het aantal gereed  gemelde woningen in Goes en Terneuzen. Voor Goes geldt het  aantal  gereed gemelde woningen voorzover dit het aantal van 55  woningen  per  jaar  overstijgt. Voor Terneuzen geldt het aantal gereed  gemelde woningen voorzover dit het aantal van 111 woningen per jaar overstijgt.</al></li><li nr="5."><al>Het  definitieve  subsidiebudget  voor  Goes en Terneuzen: gedeputeerde  staten  bepalen dit door het onder ten derde bepaalde aantal  woningen  te  vermenigvuldigen met het bedrag per woning genoemd in artikel 4.</al></li><li nr="6."><al>Het  aantal  te  realiseren  woningen  dat  in  2010 nodig is om een eventuele achterblijvende extra taakstelling, overeenkomstig artikel 1, tiende lid, van het Rijksconvenant, in te lopen.</al></li></lijst></li><li nr="f."><al>Vaststelling  van  het  subsidiebudget geeft aanspraak op betaling van het  vastgestelde  budget  verminderd  met reeds betaalde voorschotten.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Rentebaten</al><al>Rentebaten, worden na afloop van het tijdvak uitgekeerd naar rato van de vastgestelde subsidiebudgetten verminderd met de betaalde voorschotten.</al></li><li nr="4."><al>Boventallige woningen</al><al/><lijst><li nr="a."><al>Ontvangen voorschotten voor boventallige woningen bedoeld in artikel 10,  derde  lid,  van het Besluit betalen gedeputeerde staten na afloop van  het  tijdvak  door,  naar rato van het aantal boventallige woningen per gemeente aan die afzonderlijke gemeenten. </al></li><li nr="b."><al>Het aantal woningen waarvoor iedere gemeente binnen de totale taakstelling  van  4670 woningen subsidie ontvangt en het werkelijk aantal gerealiseerde  woningen bepaalt de aanspraken op te ontvangen BLS-subsidie per gemeente.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Eigenbouw</al><al/><lijst><li nr="a."><al>Ontvangen  voorschotten  voor  eigenbouw, overeenkomstig artikel 1, zevende lid,  van het Rijksconvenant voor de gemeenten Vlissingen en Middelburg, betalen gedeputeerde staten door, naar rato van het aantal  woningen  in  eigenbouw  dat  iedere gemeente boven de drempel van 14% van het totale aantal jaarlijks gereedgemelde woningen heeft gebouwd.</al></li><li nr="b."><al>Ontvangen  voorschotten  voor  eigenbouw,  overeenkomstig artikel 6 van het Besluit, voor de gemeenten Goes en Terneuzen, betalen gedeputeerde  staten door, naar rato van  het   aantal  woningen  in  eigenbouw dat iedere gemeente boven de drempel van 15,7% van het totale aantal jaarlijks gereedgemelde woningen heeft gebouwd. </al></li></lijst></li><li nr="6."><al>Eindrapport</al><al/><lijst><li nr="a."><al>Na  afloop  van  het  tijdvak  stellen gedeputeerde staten, aan de hand van de eindrapportage bedoeld in artikel 16 van het Besluit, het definitieve budget per gemeente vast.</al></li><li nr="b."><al>Door  het Rijk teruggevorderde subsidies en als gevolg daarvan te betalen  rentevergoedingen,  overeenkomstig  artikel 18 van het Besluit, vorderen gedeputeerde staten terug van de gemeenten waarop de terugvordering en rentebetaling terug te voeren is.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 6 Verplichtingen voor de subsidieontvangers</label></kop><lijst><li nr="1."><al>Elke gemeente zorgt voor een maandelijkse aanlevering van de relevante gegevens aan het CBS.</al></li><li nr="2."><al>Elke gemeente neemt in haar jaarrekening een overzicht op van de aan het CBS gereedgemelde nieuwbouwwoningen onderverdeeld naar opdrachtgever en de toevoegingen anderszins.  </al></li><li nr="3."><al>De accountantscontrole op de jaarrekening dient zich mede uit te strekken over de in het tweede lid bedoelde overzicht. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 7 Inwerkingtreding en wijziging</label></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2005.</al></li><li nr="2."><al>Als de nadere afspraken uit artikel 1, tiende lid, van het Rijksconvenant zijn gemaakt, wordt bezien of aanvulling of wijziging van deze beleidsregel noodzakelijk is. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 8 Citeertitel</label></kop><al>Deze beleidsregel wordt aangehaald als 'Beleidsregel Woningbouwafspraken 2005 tot 2010 provincie Zeeland'.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de vergadering van gedeputeerde staten van 31 oktober 2006.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Gedeputeerde Staten voornoemd, </ondertekening><ondertekening>drs. W.T. VAN GELDER, voorzitter. </ondertekening><ondertekening>mr. drs. L.J.M. VERDULT, secretaris. </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Uitgegeven,  14 november 2006</ondertekening><ondertekening>De secretaris, </ondertekening><ondertekening>mr. drs. L.J.M. VERDULT</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Beleidsregel woningbouw - Toelichting en bijlage</label></kop><al><extref doc="http://dras.zlnd.org/attachment.php?file=257/Beleidsregel_woningbouw_-_bijlage_en_toelichting.pdf">Beleidsregel_woningbouw_-_bijlage_en_toelichting.pdf</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>