<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR63754_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening voor de controle op het financieel beheer en op de inrichting van de financiële organisatie van de gemeente Winsum</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Winsum</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-12-14</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Winsum</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Niet</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Controleverordening gemeente Winsum</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 213</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Besluit accountantscontrole gemeenten</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2003-11-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2004-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>De verordening voor de controle op het financieel beheer en op de inrichting van
            de financiële organisatie van de gemeente Winsum.</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Winsum;</al><al>gelet op artikel 213 Gemeentewet en het Besluit accountantscontrole
                        gemeenten;</al><al>besluit:</al><al>vast te stellen:</al><al/><al><vet>De verordening voor de controle op het financieel beheer en op de
                            inrichting van de financiële organisatie van de gemeente Winsum.</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Definities</titel></kop><lid><lidnr>.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al><onderstreept>Accountant </onderstreept></al><al>Een door de raad benoemde:</al></lid><lid><lidnr>.</lidnr><lijst><li nr="·"><al>. Registeraccountant of</al></li><li nr="·"><al>. Accountant-administratieconsulent met een aantekening in
                                        het inschrijvingsregister als bedoeld in het derde lid van
                                        artikel 36, Wet op de Accountant-Administratieconsulenten
                                        of</al></li><li nr="·"><al>. Organisatie waarin voor de accountantscontrole bevoegde
                                        accountants samenwerken, belast met de controle van de in
                                        artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al><onderstreept>Accountantscontrole </onderstreept></al><al>De controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening
                                uitgevoerd door de door de raad benoemde accountant van:</al></lid><lid><lidnr>.</lidnr><lijst><li nr="·"><al>. Het getrouwe beeld van de in de jaarrekening
                                        gepresenteerde baten en lasten en de grootte en
                                        samenstelling van het vermogen;</al></li><li nr="·"><al>. Het rechtmatig tot stand komen van de baten en lasten en
                                        balansmutaties;</al></li><li nr="·"><al>. Het in overeenstemming zijn van de door het college
                                        opgestelde jaarrekening met de bij of krachtens algemene
                                        maatregel van bestuur te stellen regels bedoelt in artikel
                                        186 Gemeentewet;</al></li><li nr="·"><al>. De inrichting van het financieel beheer en de financiële
                                        organisatie gericht op de vraag of deze een getrouwe en
                                        rechtmatige verantwoording mogelijk maken;</al><al>waarbij de nadere regels die bij of krachtens algemene
                                        maatregel van bestuur worden gesteld op grond van het zesde
                                        lid van artikel 213 Gemeentewet, in acht worden genomen.
                                    </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al><onderstreept>Rechtmatigheid in het kader van de accountantscontrole
                                </onderstreept></al><al>Het overeenstemmen van het tot stand komen van de financiële
                                beheershandelingen en de vastlegging daarvan met de relevante wet-
                                en regelgeving, zoals bedoeld in het Besluit accountantscontrole
                                gemeenten.</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al><onderstreept>Deelverantwoording </onderstreept></al><al>Een in opdracht van de raad ten behoeve van de verslaglegging
                                opgestelde verantwoording van een afzonderlijke organisatie-eenheid
                                binnen de gemeentelijke organisatie, welke verantwoording onderdeel
                                uit maakt van de jaarrekening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Opdrachtverlening accountantscontrole</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De accountantscontrole wordt opgedragen aan een door de raad te
                                benoemen accountant. De benoeming van de accountant geschiedt voor
                                een periode van vijf jaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college bereidt in overleg met de raad de aanbesteding van de
                                accountantscontrole voor.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad stelt voor de aanbesteding van de accountantscontrole het
                                programma van eisen vast. In het programma van eisen worden voor de
                                jaarlijkse accountantscontrole opgenomen:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>De toe te passen goedkeuringstoleranties (en afwijkende
                                rapporteringstoleranties) bij de controle van de jaarrekening;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>De apart te controleren deelverantwoordingen en de daarbij toe te
                                passen omvangsbases en goedkeuringstoleranties (en afwijkende
                                rapporteringstoleranties);</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>De inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>De eventueel aanvullende uit te voeren tussentijdse controles;</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>De frequentie en inrichtingseisen van de aanvullende tussentijdse
                                rapportering;</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>De frequentie van door de accountant de in de raad en commissies te
                                verstrekken toelichting.</al></lid><lid><lidnr>.</lidnr><al>En voor ieder afzonderlijk te controleren begrotingsjaar:</al></lid><lid><lidnr>g.</lidnr><al>de posten van de jaarrekening en deelverantwoordingen met
                                bijbehorende afwijkende rapporteringstoleranties, waaraan de
                                accountant bij zijn controle specifiek aandacht dient te
                                besteden;</al></lid><lid><lidnr>h.</lidnr><al>De gemeentelijke producten en/of organisatieonderdelen met
                                bijbehorende afwijkende rapporteringstoleranties, waaraan de
                                accountant bij zijn controle specifiek aandacht dient te
                                besteden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In afwijking van het gestelde in lid 3, letters f en g kan de raad
                                in het programma van eisen opnemen, dat de raad jaarlijks
                                voorafgaand aan de accountantscontrole in overleg met de accountant
                                vaststelt de posten van de jaarrekening, de posten van de
                                deelverantwoordingen, de gemeentelijke producten en de gemeentelijke
                                organisatieonderdelen, waaraan de accountant bij zijn controle
                                specifiek aandacht dient te besteden en welke
                                rapporteringstoleranties hij daarbij dient te hanteren.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In geval van Europese aanbesteding van de accountantscontrole stelt
                                de raad voor de selectie van de accountant de selectiecriteria vast
                                en per selectiecriterium de bijbehorende weging vast.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Informatieverstrekking door college</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college is verantwoordelijk voor de samenstelling van de
                                jaarrekening conform de geldende interne - en externe wet- en
                                regelgeving en overlegt deze aan de accountant voor controle.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor dat alle aan de jaarrekening ten
                                grondslag liggende verordeningen, nota’s, collegebesluiten,
                                deelverantwoordingen, administraties, plannen, overeenkomsten,
                                berekeningen e.d. voor de accountant ter inzage liggen en goed
                                toegankelijk zijn.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de jaarrekening bevestigt het college schriftelijk aan de
                                accountant, dat alle hem bekende informatie van belang voor de
                                oordeelsvorming van de accountant is verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college overlegt de gecontroleerde jaarrekening samen met de
                                accountantsverklaring en het verslag van bevindingen voor uiterlijk
                                15 juni aan de raad.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Alle informatie die na afgifte van de accountantsverklaring en voor
                                behandeling van de jaarrekening in de raad beschikbaar komt en die
                                van invloed is op het beeld dat de jaarrekening geeft, wordt
                                terstond door het college aan de raad en de accountant gemeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Inrichting accountantscontrole</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de
                                wijze waarop de accountantscontrole wordt ingericht, alsmede de aard
                                en de omvang van de daarbij behorende werkzaamheden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de
                                frequentie van de uit te voeren controles. De accountant kan de
                                controlewerkzaamheden zonder voorafgaande kennisgeving
                                uitvoeren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Ter bevordering van een efficiënte en doeltreffende
                                accountantscontrole vindt periodiek (afstemmings-)overleg plaats
                                tussen de accountant en (een vertegenwoordiger uit) de raad, (een
                                vertegenwoordiger van) de rekenkamer(functie), de portefeuillehouder
                                financiën, de gemeentesecretaris en het hoofd middelen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Toegang tot informatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De accountant is bevoegd tot het opnemen van alle kassen,
                                waardepapieren en voorraden en het inzien van alle boeken, notulen,
                                brieven, computerbestanden en overige bescheiden, waarvan hij inzage
                                voor de accountantscontrole nodig oordeelt. Het college draagt er
                                zorg voor dat de accountant voor de uitvoering van zijn
                                controlewerkzaamheden een onbelemmerde toegang heeft tot alle
                                kantoren, magazijnen, werkplaatsen, terreinen en informatiedragers
                                van de gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De accountant is bevoegd om van alle ambtenaren mondelinge en
                                schriftelijke inlichtingen en verklaringen te verlangen die hij voor
                                de uitvoering van zijn opdracht denkt nodig te hebben. Het college
                                draagt er zorg voor, dat de desbetreffende ambtenaren hieraan hun
                                medewerking verlenen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor, dat alle organisatie-eenheden van
                                de gemeente zijn gehouden de accountant alle informatie te
                                verstrekken, opdat de accountant zich een juist en volledig oordeel
                                kan vormen over de rechtmatige totstandkoming van baten, lasten,
                                balansmutaties en het gevoerde beheer en over de getrouwheid van de
                                daarover verstrekte informatie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Overige controles en opdrachten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan de door de raad benoemde accountant opdracht geven
                                tot het uitvoeren van specifieke werkzaamheden met betrekking tot de
                                rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid voor zover
                                de onafhankelijkheid van de accountant daarmee niet in het geding
                                komt. Het college informeert de raad vooraf over deze aan de
                                accountant te verstrekken opdrachten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college draagt de zorg voor de uitvoering van het beleid
                                betreffende de specifieke uitkeringen volgens de eisen van
                                rechtmatigheid van de ministeries. Het college is voor de controle
                                van de rechtmatige besteding van specifieke uitkeringen bevoegd de
                                opdracht te verlenen aan een andere dan de door de raad benoemde
                                accountant, indien dit in het belang van de gemeente is.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college draagt de zorg voor de verantwoording aan derden
                                (Belastingdienst, ABP, Sociale verzekeringsbank, CBS, e.d.) en neemt
                                hierbij de gestelde controle-eisen in acht. Indien een deel van deze
                                vereisten moet worden uitgevoerd door een accountant, is het college
                                bevoegd hiervoor de opdracht verlenen aan een andere dan de door de
                                raad benoemde accountant, indien dit in het belang van de gemeente
                                is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Rapportering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien de accountant bij een controle afwijkingen constateert die
                                leiden tot het niet afgeven van een goedkeurende verklaring, meldt
                                hij deze terstond schriftelijk aan de raad en zendt een afschrift
                                hiervan aan het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In aanvulling op het in de wet voorgeschreven verslag van
                                bevindingen brengt de accountant over de door hem uitgevoerde
                                (deel)controles verslag uit over zijn bevindingen van niet van
                                bestuurlijk belang aan de ambtenaar van wie het geldelijk beheer,
                                het vermogensbeheer, de administratie en de beheersdaden zijn
                                gecontroleerd, het hoofd van de dienst waar de ambtenaar werkzaam
                                is, de (concern-)controller en het hoofd financiën dan wel andere
                                daarvoor in aanmerking komende ambtenaren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De accountantsverklaring en het verslag van bevindingen worden voor
                                verzending aan de raad door de accountant aan het college voorgelegd
                                met de mogelijkheid voor het college om op deze stukken te
                                reageren.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De accountant bespreekt voorafgaand aan de raadsbehandeling van de
                                jaarstukken het verslag van bevindingen met (een voor dit doel door
                                de raad ingestelde vertegenwoordiging van) de raad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking per 1januari 2004, met dien
                                verstande dat zij van toepassing is op de accountantscontrole van de
                                jaarrekening (en deelverantwoordingen) van het verslagjaar 2004 en
                                later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Met ingang van dezelfde datum vervalt de “Verordening op de controle
                                van de administratie en van het beheer van vermogenswaarden van de
                                gemeente Winsum”, zoals vastgesteld op 18 juni 2002, met dien
                                verstande dat zij van kracht blijft op de accountantscontrole van de
                                jaarrekening (en deelverklaringen) van het verslagjaar 2003.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Controleverordening gemeente
                            Winsum”.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Winsum in zijn openbare
                        vergadering van 18 november 2003.</ondertekening><ondertekening>de burgemeester, de griffier,</ondertekening><ondertekening>______________
                        _____________</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><tussenkop>Toelichting op de artikelen</tussenkop><tussenkop>Artikel 2. Opdrachtverlening accountantscontrole</tussenkop><al>Na afloop van ieder begrotingsjaar moet het college verantwoording afleggen aan
                    de raad over het gevoerde bestuur door overlegging van de jaarrekening en het
                    jaarverslag (artikel 197, lid 1 Gemeentewet). Voor het overleggen van deze
                    stukken aan de raad moeten de jaarrekening door een bevoegd accountant zijn
                    gecontroleerd (artikel 197, lid 2 Gemeentewet). De accountant controleert de
                    jaarrekening in opdracht van de raad. Het is dan ook de raad, die de accountant
                    aanwijst (artikel 213, lid 2 Gemeentewet). De raad is echter niet het
                    bestuursorgaan, dat de overeenkomst met de accountant ondertekent. Het is de
                    burgemeester, die de overeenkomst voor de accountantscontrole met de accountant
                    moet sluiten. De burgemeester vertegenwoordigt de gemeente in en buiten rechte,
                    luidt het eerste lid van artikel 171 Gemeentewet.</al><al>Een bevoegd accountant voor de controle van de gemeentelijke jaarrekening is een
                    registeraccountant, een accountant-administratieconsulent met een aantekening in
                    het inschrijvingsregister als bedoeld in het derde lid van artikel 36 Wet op de
                    Accountant-Administratieconsulenten of een organisatie waarin voor de
                    accountantscontrole bevoegde accountants samenwerken. Het zevende lid van
                    artikel 213 Gemeentewet zegt, dat de bevoegde accountant in gemeentelijke dienst
                    kan worden aangesteld. Wel dient dan de benoeming, schorsing en het ontslag van
                    de accountant door de raad te geschieden.</al><al>Artikel 2 van de verordening regelt de opdrachtverlening van de
                    accountantscontrole van de gemeentelijke jaarrekening. Het eerste lid legt de
                    periode van de verbintenis met de accountant voor de controle van de
                    jaarrekening vast. Het tweede lid regelt dat het college verantwoordelijk is
                    voor de uitvoering van de aanbesteding van de accountantscontrole van de
                    jaarrekening. De periode van de verbintenis met de accountant uit het eerste lid
                    impliceert niet dat daarna van accountant wordt gewisseld. De accountant maakt
                    bij de nieuwe aanbesteding wederom kans op de opdracht. Een raad die per periode
                    wil wisselen van controlerend accountant zal hierbij met de aanbesteding
                    rekening moeten houden, door de controlerend accountant van de afgelopen periode
                    uit te sluiten.</al><al>Voor de accountantscontrole geldt het Besluit accountantscontrole gemeenten dat
                    krachtens het zesde lid van artikel 213 Gemeentewet door de minister is
                    vastgesteld. Het Besluit accountantscontrole gemeenten bevat onder andere regels
                    voor de omvangsbases en goedkeuringstoleranties voor de accountantsverklaring en
                    de rapporteringstoleranties voor het verslag van bevindingen.</al><al>Voor de begrippen goedkeuringstolerantie en rapporteringstolerantie en de
                    mogelijkheden die de raad daarmee heeft wordt hier verwezen naar het onderdeel
                    Inleiding in dit hoofdstuk. In het derde lid van artikel 2 wordt invulling
                    gegeven aan het gebruik van de mogelijkheden van de raad met betrekking tot de
                    nadere bepaling van de toleranties. Ze moeten al bij de aanbesteding van de
                    accountantscontrole worden bepaald en zodoende worden opgenomen in het programma
                    van eisen. Een aanscherping van de eisen door de raad zal in veel gevallen
                    leiden tot een hogere prijsstelling door de accountant(s). Daarnaast zijn onder
                    dit lid aanvullende zaken opgenomen over eisen die de raad kan stellen aan de
                    werkzaamheden van de accountant, zoals aanvullende inrichtingseisen voor het
                    verslag van bevindingen en aanvullende extra rapportages en controles.</al><al>Mogelijk zal de raad de onderdelen van de jaarrekening, de onderdelen van
                    deelverantwoordingen en gemeentelijke organisatieonderdelen jaar op jaar willen
                    vaststellen. Dit daar de raad dan rekening kan houden met gewijzigde politieke
                    omstandigheden. Hierin voorziet het vierde lid van artikel 2. Het is raadzaam om
                    ook hierover bepalingen in het programma van eisen bij de aanbesteding en
                    opdrachtverlening op te nemen.</al><al>Bij veel grote gemeenten zal het bedrag dat is gemoeid met de
                    accountantscontrole van de jaarrekening zo hoog zijn, dat de accountantscontrole
                    Europees moet worden aanbesteed. Dit hangt natuurlijk ook af van de
                    contractsduur, die met de accountant wordt aangegaan. Bij een langere
                    contractsduur zal de prijs van het contract eveneens hoger zijn. Bij Europese
                    aanbesteding zijn het de selectiecriteria en de bijbehorende wegingsfactoren,
                    die uiteindelijk de selectie van de accountant voor de controle van jaarrekening
                    bepalen. De raad is het bestuursorgaan, dat de accountant aanwijst en dat dus de
                    selectiecriteria en de bijbehorende wegingsfactoren moet vaststellen. Dit wordt
                    geregeld in het vijfde lid van artikel 2.</al><tussenkop>Artikel 3. Informatieverstrekking door college</tussenkop><al>In de nieuwe gedualiseerde verhoudingen is het college verantwoordelijk voor de
                    samenstelling van de jaarrekening en het jaarverslag. Ten opzichte van de raad
                    is het college ook verantwoordelijk voor de samenstelling van eventuele door de
                    raad geëiste deelverantwoordingen. Artikel 3 van de verordening regelt de
                    verplichtingen van het college voor de verstrekking van de achterliggende
                    informatie aan de accountant.</al><al>Voor de controle van de jaarrekening doet de accountant onderzoek naar de
                    achterliggende bescheiden. Het tweede lid draagt aan het college op deze
                    achterliggende bescheiden goed toegankelijk ter inzage aan de accountant
                    beschikbaar te stellen.</al><al>Het derde lid is een optioneel lid. Het verplicht het college een verklaring af
                    te geven aan de accountant, waarin het college verklaart geen informatie die van
                    belang is voor de beoordeling van de jaarrekening, te hebben achtergehouden. De
                    verklaring wordt ook wel een LOR (Letter Of Representation) genoemd. Hoewel het
                    een algemeen gebruik is, is het geen wettelijke verplichting, dat het college
                    een dergelijke verklaring verstrekt.</al><al>In het vierde lid wordt een uiterlijke datum aan het college gesteld voor de
                    overlegging van de gecontroleerde jaarrekening aan de raad. De jaarrekening moet
                    namelijk binnen twee weken na vaststelling, maar in elk geval voor 15 juli
                    worden toegezonden aan gedeputeerde staten (artikel 200 Gemeentewet). Voor deze
                    datum, 1 juli, moet de jaarrekening door de raad zijn behandelt en moet een
                    eventuele erop volgende indemniteitsprocedure (artikel 198 Gemeentewet) zijn
                    doorlopen en de jaarrekening wel of niet zijn vastgesteld.</al><al>De accountant verzendt de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen
                    rechtstreeks aan de raad. Het tweede lid van artikel 197 Gemeentewet bepaalt
                    echter, dat het college bij de overlegging van de jaarrekening en het
                    jaarverslag aan de raad daarbij moet toevoegen de accountantsverklaring en het
                    verslag van bevindingen. </al><al>Het vijfde lid van het artikel gebiedt het college alle informatie die van
                    invloed is op het beeld van de jaarrekening en pas na de afgifte van de
                    accountantsverklaring, maar voor de vaststelling van de jaarrekening door de
                    raad aan het college bekend is geworden, terstond te melden aan de raad en de
                    accountant. Het sluit verrassingen tijdens de raadsbehandeling uit.</al><tussenkop>Artikel 4. Uitvoering controle</tussenkop><al>Artikel 4van de verordening regelt de bevoegdheidsverdeling tussen de
                    accountant en het college ten aanzien van de inrichting van de
                    accountantscontrole. De accountant is leidend ten aanzien van de inrichting van
                    de accountantscontrole. Hij mag zelfs onaangekondigd controles uitvoeren. Het
                    college is hierin volgend. Wel moet er ter bevordering van een soepele
                    accountantscontrole periodiek overleg worden gevoerd tussen de accountant en de
                    verschillende vertegenwoordigers van de gemeente. Ook is uitwisseling van
                    informatie gewenst over specifieke aandachtsgebieden bij de
                    accountantscontrole.</al><tussenkop>Artikel 5. Toegang tot informatie</tussenkop><al>In het vorige artikel hebben we gezien dat de accountant leidend is voor wat
                    betreft de inrichting van de accountantscontrole. Om een goede controle uit te
                    voeren moet hij echter ook onbelemmerd onderzoek kunnen doen. Artikel 5 van de
                    verordening kent de bevoegdheid om onbelemmerd onderzoek te doen toe aan de
                    accountant. Dit natuurlijk met in achtneming van de afspraken met de raad, zoals
                    neergelegd in het programma van eisen bij de aanbesteding. Het artikel legt aan
                    het college de plicht op om er voor te zorgen, dat de accountant een
                    onbelemmerde toegang heeft tot alle burelen van de gemeente en de ambtenaren van
                    de gemeente volledig meewerken aan de accountantscontrole.</al><tussenkop>Artikel 6. Overige controles en opdrachten</tussenkop><al>Naast de controle van de jaarrekening zijn er meer werkzaamheden binnen de
                    gemeente die de inzet van een accountant (kunnen) vereisen. Zo eisen ministeries
                    voor de verantwoording over de uitvoering van de medebewindstaken door gemeenten
                    (specifieke uitkeringen) vaak een aparte accountantsverklaring. De aanwijzing
                    van de accountant voor onder andere dit soort accountantscontroles is een
                    bevoegdheid van het college. Ook kan het college besluiten om
                    advieswerkzaamheden uit te besteden aan de door de raad benoemde accountant. Het
                    betreft hier vanzelfsprekend advieswerkzaamheden die samenhangen met de
                    natuurlijke adviesfunctie van de accountant die de onafhankelijkheid van de
                    accountant niet in gevaar brengen.</al><al>Het eerste lid van artikel 6 van de verordening regelt hoe het college moet
                    omgaan met de uitbesteding van “advieswerkzaamheden” zoals de verbetering van de
                    administratieve organisatie, aan de door de raad benoemde accountant. Door deze
                    werkzaamheden te gunnen aan de door de raad benoemde accountant kan de
                    onafhankelijkheid en daarmee de integriteit van de accountant ten aanzien van
                    zijn controlewerkzaamheden voor de raad in het geding komen. Op de loer liggende
                    belangenverstrengeling tussen college en accountant kan mogelijk een weerslag
                    hebben op de kwaliteit van de controle van de jaarrekening. Hetzelfde geldt voor
                    die gevallen waarbij de accountant bij de accountantscontrole zijn eigen werk
                    moet controleren. Het lid bepaalt, dat het college voor advieswerkzaamheden,
                    zoals bijvoorbeeld op het gebied van de bestuurlijke informatieverzorging of de
                    rechtmatigheid, de door de raad benoemde accountant kan inschakelen. Indien het
                    college dit voornemen heeft, dient hij de raad hier vooraf over te informeren.
                    Dit biedt de raad de mogelijkheid om over de desbetreffende uitbesteding van
                    werkzaamheden zijn oordeel te vormen en zijn bedenkingen aan het college kenbaar
                    te maken. Overigens wordt de accountantswetgeving op het gebied van dit soort
                    advieswerkzaamheden de komende jaren aangescherpt.</al><al>Het tweede en het derde lid regelen, dat het college voor de overige
                    controlewerkzaamheden in het algemeen de door de raad benoemde accountant
                    inschakelt. Het college mag hiervan afwijken indien dit in het belang van de
                    gemeente is. De accountant die de jaarrekening controleert, is vaak beter bekend
                    met de gemeentelijke administraties. Daarbij kunnen controles van de
                    jaarrekening en controles van medebewindstaken tegelijkertijd door één
                    accountant worden uitgevoerd (single audit). Dit levert een aanzienlijke
                    besparing op. In bepaalde gevallen is inschakeling van een andere accountant
                    raadzaam en soms zelfs onoverkomelijk. De reden hiervoor kan van prijstechnische
                    aard zijn, maar ook van bijvoorbeeld organisatorische aard (zo kunnen de
                    controlewerkzaamheden gemeenschappelijke activiteiten met een andere gemeente
                    betreffen en de accountantscontrole hiervan door de accountant van de andere
                    gemeente worden uitgevoerd). De verordening regelt dat het college in deze
                    gevallen vrij is in de keuze van de accountant.</al><tussenkop>Artikel 7. Rapportering</tussenkop><al>Het derde en vierde lid van artikel 213 Gemeentewet regelt de rapportering en de
                    inhoud daarvan van de accountant aan de raad en het college. Aanvullend daarop
                    kan de raad in zijn programma van eisen bij de aanbesteding aanvullende
                    inhoudelijke eisen stellen, maar ook aanvullende rapporteringen van de
                    accountant verlangen (artikel 2, lid 3, letters c &amp; e van deze verordening).
                    Artikel 7 regelt aanvullende zaken aangaande de rapportering op grond van de
                    door de accountant uitgevoerde controles. Zaken die dan natuurlijk wel in het
                    programma van eisen bij de aanbesteding moeten worden geregeld.</al><al>Naast de uiteindelijke eindcontrole van de jaarrekening verricht de accountant
                    meestal meerdere controles. Dit kunnen door de raad in het programma van eisen
                    van de aanbesteding opgenomen tussentijdse controles (interim-controles) zijn.
                    Het eerste lid van artikel 7 regelt, dat het college in elk geval bij
                    geconstateerde afwijkingen door de accountant die leiden tot het niet afgeven
                    van een goedkeurende verklaring bij de jaarrekening, een afschrift krijgt van de
                    schriftelijke mededeling hierover aan de raad. Dit opdat het college (in overleg
                    met de raad en de accountant) mogelijk nog tijdig maatregelen tot herstel kan
                    treffen.</al><al>Het tweede lid van artikel 7 regelt, dat het management een rapportage krijgt
                    van de door de accountant uitgevoerde (deel)controles. In deze rapportage worden
                    kleine afwijkingen en tekortkomingen die niet leiden tot het niet afgeven van
                    een goedkeurende verklaring en niet van bestuurlijk belang zijn, aan het
                    management meegedeeld. Het gaat hierbij om bijvoorbeeld opmerkingen over
                    (kleine) rubriceringfouten en (kleine) onvolkomenheden in de administratieve
                    organisatie, welke eenvoudig in onderling overleg met het management van de
                    gemeente kunnen worden opgelost. Het management kan op grond van de rapportage
                    actie ondernemen voor herstel van de afwijkingen en onvolkomenheden.</al><al>Voorts is in het artikel een lid opgenomen voor de procedure van hoor en
                    wederhoor. De constateringen in het verslag van bevindingen worden voorafgaand
                    aan verzending van de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen aan
                    de raad door de accountant besproken met het college. Het geeft het college de
                    mogelijkheid kanttekeningen te plaatsen bij de constateringen in het
                    (concept-)verslag van bevindingen.</al><al>Tot slot in het vierde lid van dit artikel opgenomen, dat de accountant zijn
                    verslag van bevindingen aan de raad mondeling toelicht.</al><tussenkop>Artikel 8. Inwerkingtreding</tussenkop><al>Deze verordening treedt in de plaats van de vorige op grond van artikel 213
                    Gemeentewet (oud) opgestelde verordening. De wetgever heeft bepaald dat het
                    nieuwe artikel 213 Gemeentewet bij alle gemeenten op het verslagjaar 2004 van
                    toepassing is. De oude verordening blijft dus nog van kracht op de jaarrekening
                    van 2003. De wetgever heeft bepaald, dat de nieuwe verordening 213 Gemeentewet
                    samen met de nieuwe verordening 212 Gemeentewet voor 15 november 2003 moet zijn
                    vastgesteld. De nieuwe verordening 213 Gemeentewet moet binnen twee weken na
                    vaststelling door het college naar gedeputeerde staten worden verzonden (artikel
                    214 Gemeentewet).</al><tussenkop>Artikel 9. Citeertitel</tussenkop><al>In dit artikel wordt de naam gegeven waarmee in gemeentelijke stukken naar deze
                    verordening kan worden verwezen.</al><tussenkop>Vaststelling</tussenkop><al>De ondertekening van uitgaande stukken van de raad door de burgemeester is in
                    het nieuwe duale bestel gehandhaafd (artikel 75, lid 1 Gemeentewet). Door de
                    komst van de griffier zijn de taken van de gemeentesecretaris gewijzigd. De
                    secretaris hoeft niet meer aanwezig te zijn bij de vergaderingen van de raad.
                    Deze taak wordt overgenomen door de griffier (artikel 107b Gemeentewet). Door
                    deze wijziging is het niet meer de secretaris, die alle uitgaande stukken van de
                    raad mede ondertekent. De griffier moet de uitgaande stukken van de
                    raadsvergaderingen medeondertekenen (artikel 107c Gemeentewet).</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>