<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR63692_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening langdurigheidstoeslag</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Ten Boer</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-07-18</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ten Boer</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Noorderkrant, d.d. 01-07-09</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening langdurigheidstoeslag</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 36 WWB</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-05-26</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-07-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-06-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Verordening langdurigheidstoeslag
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>Dit gemeenteblad bevat de integrale tekst van de <vet>Verordening
                langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand</vet>, zoals deze luidt na het
            raadsbesluit van 24 juni 2009. Dit gemeenteblad ligt op werkdagen van 9.00 tot 16.00 uur
            ter inzage bij de afdeling BJZ van de gemeente Ten Boer, H. Westerstraat
            24.</al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1</nr>
            <titel>Begripsbepalingen</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
            <lijst>
              <li nr=""><al>a. college: college van burgemeester en wethouders</al><lijst>
                  <li nr="b."><al>wet: Wet werk en bijstand</al></li>
                  <li nr="c."><al>inkomen: inkomen als bedoeld in artikel 32 van de wet,
                                            waarbij artikel 32, eerste lid onder b gelezen moet
                                            worden als de referteperiode</al><al>Premies op grond van de Re-integratieverordening Wet
                                            werk en bijstand worden niet beschouwd als inkomen</al><lijst>
                      <li nr="d."><al>bijstandsnorm: norm bedoeld in artikel 5
                                                  onderdeel c van de wet</al></li>
                      <li nr="e."><al>referteperiode: ononderbroken periode van 60
                                                  maanden voorafgaande aan de peildatum</al></li>
                      <li nr="f."><al>peildatum: datum waarop het recht op de
                                                  langdurigheidstoeslag ontstaat</al><al>De peildatum ontstaat niet eerder dan twee jaar
                                                  voor de datum waarop de langdurigheidstoeslag
                                                  wordt aangevraagd</al></li>
                      <li nr="g."><al>gehuwden norm: norm bedoeld in artikel 21
                                                  onderdeel c van de wet</al></li>
                    </lijst></li>
                </lijst></li>
            </lijst>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Voor zover niet anders is bepaald, worden begrippen in deze verordening
                            gebruikt in dezelfde betekenis als in de wet.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
            <titel>Voorwaarden</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>Onverlet het bepaalde in artikel 36 van de wet komt op de peildatum
                                in aanmerking voor de langdurigheidstoeslag de persoon die gedurende
                                de referteperiode aangewezen is of is geweest op een inkomen dat
                                niet hoger is dan 100% van de bijstandsnorm(inclusief maximale
                                toeslag) die geldt voor personen van 27 jaar en ouder maar jonger
                                dan 65 jaar, en op de peildatum en gedurende de referteperiode geen
                                in aanmerking te nemen vermogen als bedoeld in artikel 34 van de wet
                                heeft of heeft gehad. </al></li>
            <li nr="2."><al>Niet voor de langdurigheidstoeslag komt in aanmerking de persoon die
                                uitzicht heeft op inkomensverbetering.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
            <titel>Hoogte van de toeslag</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De langdurigheidstoeslag bedraagt</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>voor gehuwden: 38,78% van de gehuwden norm zoals die op 1
                                    januari van elk jaar geldt,</al></li>
              <li nr="b."><al>voor alleenstaande ouders: 34,81% van de gehuwden norm zoals die
                                    op 1 januari van elk jaar geldt,</al></li>
              <li nr="c."><al>voor alleenstaanden: 27,18% van de gehuwden norm zoals die op 1
                                    januari van elk jaar geldt.</al></li>
            </lijst>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De bedragen van de langdurigheidstoeslag worden op hele euro’s naar
                            boven afgerond.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
            <titel>Onvoorziene gevallen</titel>
          </kop>
          <al>In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het college.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5</nr>
            <titel>Bijzondere bijstand</titel>
          </kop>
          <al>Voor het vaststellen van de middelen als bedoeld in artikel 35, eerste lid
                        van de wet, blijft de langdurigheidstoeslag buiten aanmerking. </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
            <titel>Slotbepaling</titel>
          </kop>
          <al>De uitvoeringsvoorstellen van de langdurigheidstoeslag van 13 juni 2006
                        komen met ingang van 1 januari 2009 te vervallen.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>7</nr>
            <titel>Inwerkingtreding</titel>
          </kop>
          <al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2009.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>8</nr>
            <titel>Citeertitel</titel>
          </kop>
          <al>Verordening langdurigheidstoeslag Gemeente Ten Boer.</al>
          <al/>
          <al/>
          <al/>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
      <nota-toelichting>
        <al>
          <vet>Toelichting op de Verordening Langdurigheidstoeslag Gemeente Ten
                            Boer</vet>
        </al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Algemene toelichting</vet>
        </al>
        <al/>
        <al>
          <onderstreept>1. Opdracht tot vaststellen verordening</onderstreept>
        </al>
        <al>Gemeenten hebben van de rijksoverheid meer vrijheid gekregen om het
                        armoedebeleid zelf vorm te geven. Zo is de regeling van de
                        langdurigheidstoeslag vanaf 1 januari 2009 gedecentraliseerd. Hiertoe is
                        artikel 36 van de Wet werk en bijstand gewijzigd en heeft de gemeenteraad de
                        opdracht gekregen om bij verordening criteria voor de langdurigheidstoeslag
                        vast te leggen. De hoogte van de langdurigheidstoeslag, almede de invulling
                        van de begrippen langdurig en laag inkomen dient bij verordening te worden
                        vastgesteld. </al>
        <al/>
        <al>
          <onderstreept>2. Oude regeling van de
                        langdurigheidstoeslag</onderstreept>
        </al>
        <al>De langdurigheidstoeslag is per 1 januari 2004 ingevoerd met de
                        inwerkingtreding van de Wet werk en bijstand. De langdurigheidstoeslag was
                        geregeld in het oude artikel 36 van de wet en in de gemeente Ten Boer
                        uitgewerkt in de uitvoeringsvoorstellen van de langdurigheidstoeslag (13
                        juni 2006). Het idee achter de toeslag was dat de reservering voor duurzame
                        gebruiksgoederen onder druk komt te staan wanneer een persoon langdurig (60
                        maanden) was aangewezen op een inkomen op bijstandsniveau en er geen
                        perspectief was om het inkomen door middel van inkomsten uit arbeid te
                        vergroten. Wanneer hiervan sprake was, ontstond er een recht op de toeslag
                        mits de persoon geen (groot) vermogen had en er tevens alles aan had gedaan
                        om aan het werk te komen. </al>
        <al>Een opgelegde maatregel wegens het niet voldoen aan de arbeidsverplichtingen
                        en het hebben van arbeidsmarktperspectief stonden daarom het recht op de
                        toeslag in de weg. Arbeidsmarktperspectief was aanwezig wanneer een persoon
                        inkomsten uit of in verband met arbeid had ontvangen. De wetgever vond dat
                        er al sprake was van arbeidsmarktperspectief als er 1 euro was verdiend.
                        Door een wetswijziging in 2006 werd het in het vervolg aan het oordeel van
                        het college overgelaten wanneer er gelet op de hoogte en duur van de
                        inkomsten toch géén sprake was van arbeidsmarktperspectief. Maar dit bracht
                        geen verandering in de situatie dat een bijstandsgerechtigde die jarenlang
                        gemiddeld € 100,00 per maand aan inkomsten ontving, de langdurigheidstoeslag
                        in alle gevallen moest worden onthouden omdat er sprake was van
                        arbeidsmarktperspectief. Dit terwijl de inkomsten volledig werden gekort op
                        de bijstandsuitkering en deze persoon daarmee qua inkomen niet meer te
                        besteden had dan een persoon die geen betaalde arbeid verrichtte. </al>
        <al/>
        <al>
          <onderstreept>3. Nieuwe regeling van de
                        langdurigheidstoeslag</onderstreept>
        </al>
        <al>De langdurigheidstoeslag was een aparte regeling naast de algemene en
                        bijzondere bijstand. In het nieuwe artikel 36 van de wet is de regeling van
                        de langdurigheidstoeslag geheel gewijzigd. Het is met ingang van 1 januari
                        2009 een bijzondere vorm van bijzondere bijstand geworden. </al>
        <al>Uitgangspunt van de langdurigheidstoeslag is nog steeds het bieden van een
                        tegemoetkoming voor personen die gedurende langere tijd zijn aangewezen op
                        een laag inkomen. In deze verordening is de referteperiode op 60 maanden
                        gesteld en is de bijstandsnorm de bovengrens van het inkomen. </al>
        <al>Het begrip arbeidsmarktperspectief wordt als zodanig niet meer genoemd. De
                        wetgever heeft echter wel bepaald dat een persoon met uitzicht op
                        inkomensverbetering geen recht heeft op de langdurigheidstoeslag. </al>
        <al/>
        <al/>
        <al>
          <vet>Artikelsgewijze toelichting</vet>
        </al>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
          </kop>
          <al>In dit artikel worden de algemene voorwaarden omschreven waaronder het recht
                        op de langdurigheidstoeslag ontstaat. </al>
          <al>Uit artikel 36 van de wet volgt rechtstreeks dat de persoon die uitzicht
                        heeft op inkomensverbetering, geen recht heeft op de langdurigheidstoeslag.
                        Bij studenten is sprake van dit uitzicht. Uit de parlementaire behandeling
                        van het nieuwe artikel 36 blijkt dat beoogd is om in ieder geval studenten
                        uit te sluiten van het recht op de langdurigheidstoeslag omdat van hen
                        aangenomen kan worden dat zij uitzicht hebben op inkomensverbetering. Met
                        studenten worden in ieder geval bedoeld de personen die aanspraak (kunnen)
                        maken op studiefinanciering of een (aanvullende) lening op grond van de Wet
                        studiefinanciering 2000 ter bestrijding van studiekosten en kosten van
                        levensonderhoud, dan wel een vergelijkbare aanspraak hebben, bijvoorbeeld op
                        grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten. Een
                        student verliest na het eindigen van de hiervoor bedoelde aanspraak niet
                        onmiddellijk zijn uitzicht op inkomensverbetering, ook niet als hij is
                        aangewezen op bijvoorbeeld een bijstandsuitkering. </al>
          <al>Het recht op de langdurigheidstoeslag ontstaat na een referteperiode van 60
                        maanden. Een beroep op de regeling kan niet eerder plaatsvinden dan met
                        ingang van de datum waarop de persoon de leeftijd van 23 jaar bereikt,
                        aangezien de referteperiode niet eerder begint te lopen dan vanaf 18
                        jaar.</al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>artikel 3</label>
          </kop>
          <al>De langdurigheidstoeslag wordt toegekend naar de hoogte die geldt voor de
                        situatie op de peildatum. </al>
          <al>Bij de vaststelling van de percentages is uitgegaan van de verhouding tussen
                        de gehuwden norm en de hoogte van de normbedragen zoals die op het moment
                        van inwerkingtreding van de verordening door het rijk zijn voorgesteld. Er
                        is voor gekozen om niet met vaste bedragen te werken, maar met percentages
                        van de gehuwdennorm (artikel 21 onderdeel c WWB), zodat de bedragen elk jaar
                        automatisch geïndexeerd worden. Hierdoor hoeft de verordening niet elk jaar
                        aangepast te worden.</al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
            <titel/>
          </kop>
          <al>In dit artikel is de algemene bepaling opgenomen dat in gevallen waarin deze
                        verordening niet voorziet, het college tot de meest redelijke uitkomst
                        beslist. </al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>artikel</label>
            <nr>5</nr>
          </kop>
          <al>De langdurigheidstoeslag is een algemene tegemoetkoming voor de vervanging
                        van duurzame gebruiksgoederen. De toeslag is niet bedoeld voor de
                        bestrijding van specifieke kosten. Een aanvraag om bijzondere bijstand kan
                        niet afgewezen worden omdat een langdurigheidstoeslag al is verstrekt. </al>
          <al>Artikel 35 van de wet geeft de mogelijkheid om bij de berekening van de
                        draagkracht wel rekening te houden met een verstrekte langdurigheidstoeslag.
                        Deze mogelijkheid wordt door artikel 5 uitgesloten.</al>
        </divisie>
        <divisie>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
            <titel>en 7</titel>
          </kop>
          <al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2009. De eerst
                        mogelijke peildatum voor een nieuwe toeslag op grond van de verordening is 1
                        januari 2009. De uitvoeringsvoorstellen van de langdurigheidstoeslag van 13
                        juni 2006 komen met ingang van 1 januari 2009 te vervallen.</al>
        </divisie>
      </nota-toelichting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>