<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR6360_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning 2006</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hof van Twente</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-11-14</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hof van Twente</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Hofnieuws, 03-05-2006</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning 2006</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 33, lid 3</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2006-04-25</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2006-05-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning 2006</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Hof van Twente;</al><al/><al>Gezien het voorstel van het raadspresidium;</al><al/><al>Gelet op artikel 33, derde lid, van de Gemeentewet; </al><al/><al><vet>besluit:</vet></al><al/><al>- De Verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning 2005 d.d.
                        8 februari 2005 in te trekken;</al><al>- De Verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning 2006 vast
                        te stellen.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Ambtelijke bijstand</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een raadslid wendt zich tot de griffier of een ambtenaar met een
                                verzoek om:</al><lijst><li nr="a."><al>feitelijke informatie van geringe omvang;</al></li><li nr="b."><al> inzage in of afschrift van documenten die openbaar
                                        zijn.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de ambtenaar twijfelt of het verzoek betrekking heeft op
                                informatie bedoeld onder het eerste lid, onderdeel a of b, stelt hij
                                de secretaris daarvan in kennis. De secretaris beslist.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een raadslid wendt zich tot de griffier met een verzoek om bijstand
                                bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties of andere
                                bijstand.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De bijstand, bedoeld in het derde lid, wordt verleend door de
                                griffier of een medewerker van de griffie. Indien de gevraagde
                                bijstand niet door de griffier of een medewerker van de griffie kan
                                worden verleend kan de griffier de secretaris verzoeken, één of meer
                                ambtenaren aan te wijzen, die de gevraagde bijstand zo spoedig
                                mogelijk verlenen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een ambtenaar verleent op verzoek van de griffier of de secretaris
                                ambtelijke bijstand tenzij:</al><lijst><li nr="a."><al>het raadslid niet aannemelijk heeft gemaakt dat de bijstand
                                        betrekking heeft op de werkzaamheden van de raad;</al></li><li nr="b."><al> dit het belang van de gemeente kan schaden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De secretaris beoordeelt of ambtelijke bijstand op grond van het
                                eerste lid geweigerd wordt. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de bijstand op grond van het eerste lid wordt geweigerd deelt
                                de secretaris dit met redenen omkleed mee aan de griffier en aan het
                                raadslid dat het verzoek heeft ingediend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al>Indien het verzoek om bijstand van een ambtenaar door de secretaris
                            wordt geweigerd kan de griffier of het betrokken raadslid het verzoek
                            voorleggen aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig
                            mogelijk over het verzoek.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een raadslid niet tevreden is over door een ambtenaar
                                verleende bijstand, doet hij of de griffier hiervan mededeling aan
                                de secretaris. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien overleg met de secretaris niet leidt tot een voor beide
                                partijen bevredigende oplossing leggen zij de zaak voor aan de
                                burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk over de
                                zaak.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Fractieondersteuning</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De fracties, zoals bedoeld in artikel 7 van het Reglement van orde
                                voor de gemeenteraad, ontvangen jaarlijks een financiële bijdrage
                                als tegemoetkoming in de kosten voor het functioneren van de
                                fractie. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze bijdrage bestaat uit een vast deel van € 1.000,-- voor elke
                                fractie. Daarnaast ontvangt elke fractie een bedrag van € 100,-- per
                                raadszetel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Fracties besteden de bijdrage ten behoeve van het functioneren van
                                hun fractie en tevens om hun volksvertegenwoordigende,
                                kaderstellende en controlerende rol te versterken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De bijdrage mag niet gebruikt worden ter bekostiging van: </al><lijst><li nr="a."><al>uitgaven die in strijd zijn met wettelijke bepalingen en
                                        overige regelingen;</al></li><li nr="b."><al>betalingen aan politieke partijen, met politieke partijen
                                        verbonden instellingen of natuurlijke personen anders dan
                                        ter vergoeding van prestaties (diensten of goederen)
                                        geleverd ten behoeve van de fractie;</al></li><li nr="c."><al> uitgaven welke dienen bestreden te worden uit vergoedingen
                                        die de leden ingevolge het Rechtspositiebesluit raads- en
                                        commissieleden toekomen;</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bijdrage voor fractieondersteuning wordt jaarlijks, voor 31
                                januari van een kalenderjaar, toegekend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In een jaar waarin verkiezingen plaatsvinden wordt de bijdrage
                                verstrekt voor de maanden tot en met de maand waarin de verkiezingen
                                plaatsvinden. In de eerste maand na de maand waarin de eerste
                                vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt wordt de bijdrage
                                verstrekt voor de overige maanden van dat jaar.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien het zeteltal van een fractie ten gevolge van verkiezingen
                                verandert, wijzigt de bijdrage dienovereenkomstig op de eerste dag
                                van de maand na de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw
                                gekozen raad plaatsvindt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij splitsing van een fractie wordt de op grond van artikel 5,
                                tweede lid, vastgestelde bijdrage voor de oorspronkelijke fractie
                                verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het
                                aantal bij de splitsing betrokken leden. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><al>Elke fractie legt, binnen zes maanden na het einde van een raadsperiode,
                            aan de raad verantwoording af over de besteding van de bijdrage voor
                            fractieondersteuning onder overlegging van een verslag.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Slotbepaling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de dag nadat de vastgestelde
                            verordening is gepubliceerd.</al><al/><al/><al/></artikel></paragraaf></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Hof
                        van Twente d.d. 25 april 2006.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad van de gemeente Hof van Twente,</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>A.W. Averink, Drs. A.Th.B. Bijleveld-Schouten</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Artikelgewijze toelichting:</label></kop><al><cursief>Artikel 1</cursief></al><al>Indien het gaat om het verzoek om informatie van feitelijke aard, dan wel inzage
                    in of afschrift van openbare documenten, kan een raadslid contact opnemen met de
                    griffier die het verzoek kan neerleggen bij een ambtenaar uit de reguliere
                    ambtelijke organisatie. Het begrip document wordt hier overigens gebruikt in de
                    betekenis die het in de Wet openbaarheid bestuur heeft. Met openbaar wordt
                    bedoeld openbaar in de zin van de Wet openbaarheid van bestuur. Voor niet
                    openbare documenten wordt een regeling gegeven in de artikel 25, 55 en 86 van de
                    Gemeentewet. Deze rechten zijn veelal uitgewerkt in het Reglement van orde voor
                    de raad, het Reglement van orde voor het college. Er is voor gekozen de griffier
                    te noemen als centrale functionaris. Omdat de griffier geen zeggenschap heeft
                    over de reguliere ambtelijke organisatie zal de secretaris de ambtenaar die de
                    bijstand verleent moeten aanwijzen. De bijstand wordt zo spoedig mogelijk
                    verleend. Het is niet mogelijk in de verordening hiervoor vaste termijnen op te
                    nemen in verband met de verschillen in aard en omvang van de werkzaamheden voor
                    een verzoek. De griffier ziet er op toe dat er voortgang blijft in het proces.Op
                    grond van het derde lid is er bij twijfel een rol voor de secretaris weggelegd.
                    Deze zal moeten beslissen of het een verzoek als bedoeld in het eerste lid,
                    onderdeel a en b betreft. </al><al/><al><cursief>Artikelen 2 en 3 </cursief></al><al>Beoordeling of één van de in artikel 3 genoemde weigeringsgronden zich voordoet
                    vindt in eerste instantie plaats door de gemeentesecretaris als hoofd van de
                    reguliere ambtelijke organisatie. Het ligt in de rede dat hij hierover overleg
                    voert met de secretaris en de griffier (en indien nodig ook het betrokken
                    raadslid). Uiteraard kan de raad via de gebruikelijke weg hierover de
                    burgemeester verzoeken verantwoording af te leggen (artikel 180
                    Gemeentewet).</al><al/><al><cursief>Artikel 4</cursief></al><al>Ook indien – naar de mening van het raadslid – op onvoldoende wijze aan zijn of
                    haar verzoek om hulp gehoor wordt gegeven kan de zaak aan een hogere instantie
                    worden voorgelegd: de burgemeester is daar gezien zijn eigenstandige positie in
                    het gemeentelijke bestuur de meest aangewezen instantie voor.Wel dient het
                    betrokken raadslid of de griffier hierover eerst overleg te voeren met de
                    secretaris.</al><al/><al><cursief>Artikel 5 </cursief></al><al>Fractieondersteuning vindt zijn vorm in een financiële ondersteuning. De hoogte
                    van het budget voor fractieondersteuning zal in de gemeentebegroting moeten
                    worden opgenomen en dus door de raad worden vastgesteld. De fractieondersteuning
                    bestaat uit een vast en een variabel deel. Het vaste deel garandeert dat elke
                    fractie de kans krijgt zich op gelijkwaardig niveau te laten ondersteunen. Omdat
                    grote fracties meer lasten zullen hebben op facilitair gebied is het logisch dat
                    zij voor dergelijke kosten een hogere vergoeding krijgen. </al><al/><al><cursief>Artikel 6</cursief></al><al>De fracties wordt grotendeels de vrijheid gelaten wat betreft de inhoudelijke
                    besteding van de fractieondersteuning. Minimumvoorwaarde is wel dat de bijdrage
                    besteed wordt aan werkzaamheden van de fractie. Verder is een aantal doelen
                    genoemd waarvoor de bijdrage niet gebruikt mag worden. Daarmee wordt onder
                    andere voorkomen dat met de bijdrage verkiezingscampagnes worden gefinancierd en
                    dat raadsleden hun eigen vergoeding voor het raadswerk (vastgelegd in het
                    rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, dat zijn grondslag vindt in de
                    artikelen 95 en 96 van de Gemeentewet) aanvullen met de bijdrage voor
                    fractieondersteuning. Omdat het bij uitstek om politieke ondersteuning gaat kan
                    deze inhoudelijk niet te zeer gedetailleerd geregeld worden.
                    Fractieondersteuning in de vorm van het beschikbaar stellen van
                    gemeenteambtenaren voor de fracties wordt niet wenselijk geacht, aangezien het
                    vaak politiek getinte ondersteuning betreft. Fracties moeten daarom vrij zijn in
                    de keuze van de personen die de fracties ondersteunen. </al><al/><al><cursief>Artikel 7 </cursief></al><al>De bijdrage wordt jaarlijks voor 31 januari verstrekt. In een verkiezingsjaar
                    wordt het voorschot in twee gedeelten gesplitst. Het is logisch dat het
                    aangepast wordt aan de nieuwe verhoudingen in de raad. </al><al/><al><cursief>Artikel 8</cursief></al><al>Het spreekt vanzelf dat de bijdrage aangepast zal moeten worden aan veranderde
                    verhoudingen in de raad. Bij splitsing van een fractie zal de al eerder
                    verstrekte bijdrage direct verrekend moeten worden. Als dat niet zou gebeuren
                    zou een deel van de oorspronkelijke fractie over een te groot voorschot
                    beschikken en zou het andere deel juist helemaal geen voorschot krijgen. </al><al/><al><cursief>Artikel 9</cursief></al><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al><al/><al><cursief>Artikel 10</cursief></al><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>