<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR635453_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en op de subsidieverlening voor de BI-zone Centrum Barendrecht over de jaren 2020-2024 (Verordening BI-zone Centrum Barendrecht 2020-2024)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Barendrecht</dcterms:creator><dcterms:modified>2020-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Barendrecht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2019-320264">gmb-2019-320264</dcterms:isFormatOf><dcterms:source resourceIdentifier="">N.v.t.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2019-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2020-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-12-31</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>BIZ Centrum Barendrecht</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en op de subsidieverlening voor de BI-zone Centrum Barendrecht over de jaren 2020-2024 (Verordening BI-zone Centrum Barendrecht 2020-2024)</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en op de subsidieverlening voor de BI-zone Centrum Barendrecht over de jaren 2020-2024 (Verordening BI-zone Centrum Barendrecht 2019-2023)</al><al>De raad van de gemeente Barendrecht,</al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders op 19 november 2019,</al><al>gezien het advies van Commissie Ruimte op 14 januari 2020,</al><al>gelet op de Wet op de bedrijveninvesteringszones</al><al>overwegende, dat</al><al/><lijst><li nr="1."><al>Het gewenst is een bedrijveninvesteringszone (BIZ) te realiseren in Centrum Barendrecht</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>Er ten behoeve van de realisatie een BIZ-plan en uitvoeringsovereenkomst zijn opgesteld;</al></li></lijst><lijst><li nr="3."><al>Een verordening noodzakelijk is voor het oprichten van een BIZ in Centrum Barendrecht;</al></li></lijst><lijst><li nr="4."><al>De verordening komt te vervallen indien bij de draagvlakmeting in januari 2020 niet voldoende draagvlak wordt gevonden bij de ondernmers in Centrum Barendrecht;</al></li></lijst><al/><al>BESLUIT:</al><al> 1. vast te stellen de ‘Verordening BIZ Centrum Barendrecht 2020-2024’:</al><al>Verordening bedrijveninvesteringszone Centrum Barendrecht 2020 - 2024</al><al><vet/></al><al><vet>Hoofdstuk I Algemene bepalingen</vet></al><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="1."><al>bedrijveninvesteringszone: het op de bij deze verordening behorende kaart aangewezen gebied in de gemeente waarbinnen de BIZ-bijdrage wordt geheven;</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente;</al></li></lijst><lijst><li nr="3."><al>uitvoeringsovereenkomst: tussen de gemeente en Stichting BIZ Centrum Barendrecht op 25 november 2019 gesloten overeenkomst als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de wet;</al></li></lijst><lijst><li nr="4."><al>wet: Wet op de bedrijveninvesteringszones; </al></li></lijst><al><vet/></al><al><vet>Hoofdstuk II Belastingbepalingen</vet></al><al>Artikel 2. Belastbaar feit en aard van de belasting</al><al>1. Onder de naam ‘BIZ-bijdrage’ wordt jaarlijks een directe belasting geheven ter zake van</al><al>binnen de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaken die op grond van artikel</al><al>220a Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dienen.</al><al>2. De BIZ-bijdrage wordt geheven ter bestrijding van de kosten die zijn verbonden aan</al><al>activiteiten in de openbare ruimte en op internet, die zijn gericht op het bevorderen van de</al><al>leefbaarheid of de veiligheid in de bedrijveninvesteringszone of de ruimtelijke kwaliteit of de</al><al>economische ontwikkeling van de bedrijveninvesteringszone.</al><al/><al>Artikel 3. Belastingobject</al><al>Belastingobject is de onroerende zaak bedoeld in artikel 16 van de Wet waardering</al><al>onroerende zaken.</al><al/><al>Artikel 4. Belastingplicht</al><al>1. De BIZ-bijdrage wordt geheven van:</al><al>a. de gebruiker, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar al dan niet krachtens</al><al>eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht een in de bedrijveninvesteringszone</al><al>gelegen belastingobject gebruikt;</al><al>2. Voor de toepassing van dit artikel wordt:</al><al>a. gebruik door degene aan wie een deel van een belastingobject in gebruik is gegeven,</al><al>aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het</al><al>deel in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de BIZ-bijdrage als zodanig te verhalen op degene</al><al>aan wie dat deel in gebruik is gegeven;</al><al>b. het ter beschikking stellen van een belastingobject voor volgtijdig gebruik aangemerkt als</al><al>gebruik door degene die dat belastingobject ter beschikking heeft gesteld; degene die</al><al>het belastingobject ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de BIZ-bijdrage als zodanig te</al><al>verhalen op degene aan wie dat belastingobject ter beschikking is gesteld;</al><al>c. als eigenaar aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in</al><al>de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen</al><al>genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is.</al><al>3. Indien een belastingobject bij het begin van het kalenderjaar geen gebruiker kent, wordt</al><al>de van de gebruiker te heffen BIZ-bijdrage geheven van de eigenaar.</al><al/><al>Artikel 5. Maatstaf van heffing</al><al>1. De BIZ-bijdrage wordt geheven naar de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet</al><al>waardering onroerende zaken voor het belastingobject vastgestelde waarde zoals deze geldt</al><al>voor het kalenderjaar.</al><al>2. Indien met betrekking tot het belastingobject geen waarde is vastgesteld op de voet van</al><al>hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van dat</al><al>belastingobject bepaald met toepassing van artikel 6, alsmede met overeenkomstige</al><al>toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de</al><al>Wet waardering onroerende zaken.</al><al/><al>Artikel 6. Vrijstellingen</al><al>1. In afwijking in zoverre van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten</al><al>aanmerking gelaten, voor zover dit niet al is gebeurd bij de bepaling van de in dat artikel</al><al>bedoelde waarde, de waarde van:</al><al>a. voor de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond, daaronder mede</al><al>begrepen de open grond, alsmede de ondergrond van glasopstanden, die bedrijfsmatig</al><al>aangewend wordt voor de kweek of teelt van gewassen, zonder daarbij de ondergrond als</al><al>voedingsbodem te gebruiken;</al><al>b. glasopstanden, die bedrijfsmatig worden aangewend voor de kweek of teelt</al><al>van gewassen, voor zover de ondergrond daarvan bestaat uit de in onderdeel a bedoelde</al><al>grond;</al><al>c. onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor</al><al>het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard, een en</al><al>ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning;</al><al>d. één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van</al><al>de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de voorwaarden genoemd</al><al>in artikel 8 van het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928, met uitzondering van de</al><al>daarop voorkomende gebouwde eigendommen;</al><al>e. natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen,</al><al>heidevelden, zandverstuivingen, moerassen en plassen, die door rechtspersonen met</al><al>volledige rechtsbevoegdheid welke zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van</al><al>natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden;</al><al>f. openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, een en ander</al><al>met inbegrip van kunstwerken;</al><al>g. waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door</al><al>organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering</al><al>van de delen van zodanige werken die dienen als woning;</al><al>h. werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die</al><al>worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke</al><al>rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning;</al><al>i. werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden afgescheiden zonder</al><al>dat beschadiging van betekenis aan die werktuigen wordt toegebracht en die niet op zichzelf</al><al>als gebouwde eigendommen zijn aan te merken[';']</al><al>k. straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen - niet</al><al>zijnde gebouwen - welke zijn geplaatst voor het belang van het publiek, ten dienste van het</al><al>verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties,</al><al>standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri's, hekken en palen;</al><al/><al>Artikel 7. Tarief BIZ-bijdrage</al><al>1. De BIZ-bijdrage wordt geheven naar een vast bedrag per belastingobject in het BIZ-gebied</al><al>(bijlage 1)</al><al>Voor de vestigingen aan de Middenbaan:</al><lijst><li nr="1."><al>Bestemming kantoor: € 600,- per jaar.</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>Vestigingen met een WOZ waarde t.e.m. € 500.000,- : € 850,- per jaar.</al></li></lijst><lijst><li nr="3."><al>Vestigingen met een WOZ waarde vanaf € 500.001,- t.e.m. €1.000.000,-: € 850,- per jaar.</al></li></lijst><lijst><li nr="4."><al>Vestigingen met een WOZ waarde van € 1.000.001,- en hoger: € 1100,- per jaar.</al></li></lijst><al/><al>Voor de overige vestigingen in het BIZ gebied:(Onderlangs, Achterom, Binnenlandse Baan,</al><al>Lindehoevelaan en het Vlak):</al><lijst><li nr="1."><al>Bestemming kantoor: € 600,- per jaar.</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>Vestigingen met een WOZ waarde t.e.m. € 500.000,- : € 600,- per jaar.</al></li></lijst><lijst><li nr="3."><al>Vestigingen met een WOZ waarde vanaf € 500.001,- t.e.m. €1.000.000,-: € 600,- per jaar.</al></li></lijst><lijst><li nr="4."><al>Vestigingen met een WOZ waarde van € 1.000.001,- en hoger: € 850,- per jaar.</al></li></lijst><al>De WOZ waarde is de waardebepaling zoals die wordt vastgesteld in 2020.</al><al/><al>Artikel 8. Wijze van heffing</al><al>De BIZ-bijdrage wordt jaarlijks bij wege van aanslag geheven.</al><al/><al>Artikel 9. Termijnen van betaling</al><al>1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 wordt de aanslag</al><al>betaald in een termijn die vervalt op de dag die in de dagtekening van het aanslagbiljet is</al><al>vermeld.</al><al>2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde</al><al>termijnen.</al><al/><al>Artikel 10. Looptijd belastingheffing</al><al>De BIZ-bijdrage wordt ingesteld voor een periode van 5 jaar.</al><al><vet/></al><al><vet>Hoofdstuk III Subsidiebepalingen</vet></al><al>Artikel 11. Buiten toepassing algemene subsidieverordening</al><al>Indien en voor zover in deze verordening daarvan niet is afgeweken, is de Algemene</al><al>Subsidieverordening van de gemeente Barendrecht van toepassing.</al><al/><al>Artikel 12. Aanwijzing [vereniging /stichting]</al><al>Stichting BIZ Centrum Barendrecht wordt aangewezen als de stichting bedoeld in artikel 7</al><al>van de wet, waarmee een overeenkomst als bedoeld in artikel 4:36 van de Algemene wet</al><al>bestuursrecht is gesloten, waarin is bepaald dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt</al><al>verstrekt verplicht moeten worden verricht.</al><al/><al>Artikel 13. Subsidieverlening</al><al>1. De subsidie wordt jaarlijks door het college verleend aan de stichting voor de uitvoering</al><al>van de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsovereenkomst. De subsidie wordt</al><al>verleend op een daartoe gedane aanvraag, die vergezeld moet gaan van de in de</al><al>uitvoeringsovereenkomst genoemde stukken.</al><al>2. De subsidie wordt bepaald op de jaarlijks ontvangen BIZ-bijdragen.</al><al/><al>Artikel 14. Subsidieverplichtingen</al><al>Naast de in artikel 4:37 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde verplichtingen</al><al>kunnen aan de stichting ook andere doelgebonden verplichtingen worden opgelegd. Deze</al><al>verplichtingen zijn opgenomen in de met de stichting gesloten uitvoeringsovereenkomst.</al><al/><al>Artikel 15. Subsidievaststelling</al><al>1. De stichting is verplicht om binnen 6 maanden na afloop van het subsidiejaar de in de</al><al>uitvoeringsovereenkomst opgenomen stukken te overleggen.</al><al>2. De subsidie wordt vastgesteld uiterlijk 6 maanden na ontvangst van de in het voorgaande</al><al>lid genoemde stukken.</al><al/><al>Artikel 16. Melding van relevante wijzigingen</al><al>De stichting stelt het college zo spoedig mogelijk schriftelijk op de hoogte van:</al><al>- meer dan ondergeschikte veranderingen in haar financiële situatie,</al><al>- een wijziging van de statuten,</al><al>- verandering of beëindiging van activiteiten.</al><al><vet/></al><al><vet>Hoofdstuk IV Slotbepalingen</vet></al><al>Artikel 17. Inwerkingtreding</al><al>1. Deze verordening treedt een dag na bekendmaking in werking.</al><al>2. De verordening wordt ingetrokken indien er bij de draagvlakmeting geen sprake is van</al><al>voldoende steun, als bedoeld in artikel 4 van de wet.</al><al>3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2020.</al><al>4. Deze verordening vervalt op 31 december 2024.</al><al/><al>Artikel 18. Citeertitel</al><al>Deze verordening wordt aangehaald als: ‘Verordening BIZ Centrum Barendrecht 2020-2024’.</al><al><cursief/></al><al><cursief>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 17 december 2019.</cursief></al><al><cursief>De voorzitter, </cursief></al><al><cursief>Drs. J. van Belzen,</cursief></al><al><cursief>De griffier,</cursief></al><al><cursief>Mw. Mr. G.E. Figge</cursief></al><al/><al>Bijlage 1 BIZ-gebied</al><al>BIJDRAGEPLICHTIGEN BIZ CENTRUM BARENDRECHT</al><al><plaatje><illustratie naam="Pagina1BIZ2020i3a0079f2-be13-4083-b1cb-019366d33ff8.jpg" type="foto" breedte="15cm" id="i3a0079f2-be13-4083-b1cb-019366d33ff8" hoogte="22.16cm"/></plaatje></al><al><plaatje><illustratie formaat="png" naam="BIZ2020pagina2i39e22e84-f36f-4b9b-9f3a-bcce9c86f76c.png" type="foto" breedte="10cm" id="i39e22e84-f36f-4b9b-9f3a-bcce9c86f76c" hoogte="22.50cm"/></plaatje></al><al><plaatje><illustratie formaat="png" naam="BIZ2020pagina3ie75de0b7-9013-4445-ad51-b694813b6994.png" type="foto" breedte="10cm" id="ie75de0b7-9013-4445-ad51-b694813b6994" hoogte="22.74cm"/></plaatje></al><al><plaatje><illustratie formaat="png" naam="BIZ2020pagina4ib2411315-8bc6-4bbb-8344-1b7dba94c2ee.png" type="foto" breedte="11cm" id="ib2411315-8bc6-4bbb-8344-1b7dba94c2ee" hoogte="21.25cm"/></plaatje></al><al><plaatje><illustratie formaat="png" naam="BIZ2020pagina5ide677ff0-dd84-4f60-bd4e-6720c5d1b91b.png" type="foto" breedte="10cm" id="ide677ff0-dd84-4f60-bd4e-6720c5d1b91b" hoogte="25.90cm"/></plaatje></al><al><plaatje><illustratie formaat="png" naam="BIZ2020pagina6ibc31f622-3801-4a07-ac6e-b0b1f8fc8de6.png" type="foto" breedte="11cm" id="ibc31f622-3801-4a07-ac6e-b0b1f8fc8de6" hoogte="21.81cm"/></plaatje></al></preambule></aanhef><regeling-tekst/></regeling></body></cvdr>