<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR632583_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Uitvoeringsbesluit gemeentebelastingen Den Haag 2020</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">'s-Gravenhage</dcterms:creator><dcterms:modified>2020-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">'s-Gravenhage</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2019-311065">gmb-2019-311065</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Uitvoeringsbesluit Gemeentebelasting Den Haag 2020</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=154m&amp;g=2019-01-01">artikel 154m van de Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=231&amp;g=2019-01-01">artikel 231 van de Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/%27s-Gravenhage/623728/CVDR623728_1.html</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2019-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2020-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RIS304183  PBS/2019.137</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Uitvoeringsbesluit Gemeentebelasting Den Haag 2020</overheidrg:onderwerp></cvdripm></meta><body><intitule>Uitvoeringsbesluit gemeentebelastingen Den Haag 2020</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><titel/></kop><al><vet>Toelichting:</vet></al><al>In de Organisatieregeling Gemeente Den Haag 2019 is in artikel 3:17, tweede lid bepaald dat in het Uitvoeringsbesluit gemeentebelastingen de verantwoordelijkheid en werkwijze op het terrein van de gemeentelijke belastingen wordt geregeld. Dit besluit voorziet hierin. </al><al/><al><vet>Besluitvorming:</vet></al><al/><al>gelet op:</al><lijst><li nr="-"><al> de artikelen 154m en 231 van de Gemeentewet; en</al></li></lijst><lijst><li nr="-"><al> artikel 3:17, tweede lid van de Organisatieregeling gemeente Den Haag 2019.</al></li></lijst><al/><al>besluit vast te stellen het Uitvoeringsbesluit gemeentebelastingen Den Haag 2020.</al><al/><al><vet>Artikel 1 </vet><vet>Begripsomschrijvingen</vet></al><al/><al>In deze regeling wordt verstaan onder:</al><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>college: </al></entry><entry><al>het college van burgemeester en wethouders;</al></entry></row><row><entry><al>directeur gemeentebelastingen:</al></entry><entry><al> de directeur van de sector Belastingzaken;</al></entry></row><row><entry><al>wet:</al></entry><entry><al> de Gemeentewet.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al><vet>Artikel 2</vet><vet>Omschrijving van het beleidsterrein</vet></al><al/><al>Het beleidsterrein gemeentelijke belastingen heeft betrekking op de heffing en invordering van gemeentelijke belastingen als bedoeld in de wet en in andere wetten en op de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken.</al><al/><al><vet>Artikel 3</vet><vet>Taken en verantwoordelijkheden</vet></al><al/><lijst><li nr="1."><al>De directeur gemeentebelastingen draagt in zijn bevoegdheid als heffings- en invorderingsambtenaar zorg voor de uitvoering van de taken op het gebied van de heffing en invordering van de gemeentelijke belastingen, de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken en de invordering van bestuurlijke boeten als bedoeld in artikel 154b van de wet die voortvloeien uit zijn aanwijzing als ambtenaar bedoeld in artikel 231, tweede lid, onder b en c van de wet.</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>De directeur gemeentebelastingen is bij de uitoefening van de aan hem opgedragen taken bij uitsluiting van anderen belast met de behandeling van en beslissing op verzoek- en bezwaarschriften, beroepschriften en het voeren van procedures voor de (belasting)rechter. Voorts is hij bij uitsluiting van anderen belast met de dwanginvordering van gemeentelijke belastingen en bestuurlijke boeten als bedoeld in artikel 154b van de wet.</al></li></lijst><lijst><li nr="3."><al> De directeur gemeentebelastingen heeft de bevoegdheid anderen te mandateren om deze bevoegdheden namens hem uit te oefenen.</al></li></lijst><lijst><li nr="4."><al> De directeur gemeentebelastingen oefent namens het college, voor zover de wet dat toestaat, de aan het college opgedragen bevoegdheden uit met betrekking tot de heffing en de invordering van gemeentelijke belastingen, de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken en de invordering van bestuurlijke boeten als bedoeld in artikel 154b van de wet. De directeur gemeentebelastingen heeft de bevoegdheid anderen ondermandaat te verlenen om deze bevoegdheden namens het college uit te oefenen.</al></li></lijst><lijst><li nr="5."><al> De directeur gemeentebelastingen heeft tot taak om met betrekking tot de gemeentelijke belastingen, de Wet waardering onroerende zaken en de invordering van bestuurlijke boeten als bedoeld in artikel 154b van de wet gevraagd en ongevraagd te adviseren, regelgeving te verzorgen alsmede daaraan uitvoering te geven.</al></li></lijst><al/><al><vet>Artikel 4</vet><vet>Slotbepalingen</vet></al><al/><lijst><li nr="1."><al> Dit uitvoeringsbesluit treedt in werking op 1 januari 2020.</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al> Het Uitvoeringsbesluit Gemeentebelastingen Den Haag 2017 wordt op 1 januari 2020 ingetrokken, met dien verstande dat het van kracht blijft voor het tijdvak waarvoor deze heeft gegolden</al></li></lijst><lijst><li nr="3."><al> Deze regeling kan worden aangehaald als: Uitvoeringsbesluit gemeentebelastingen Den Haag 2020.</al></li></lijst><al/><al>Den Haag, 17 december 2019</al><al>Het college van burgemeester en wethouders,</al><al/><al>de wnd. secretaris,</al><al>Dineke ten Hoorn Boer</al><al/><al>de wnd. burgemeester,</al><al>Johan Remkes</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al/></slotformulering></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>