<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR62858_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregels inzake het aansluiten op de riolering</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Reusel-De Mierden</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Reusel-De Mierden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">D'n Uitkijk, 20-03-2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregels rioolaansluiting</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">APV, art. 2:12</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-03-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-03-21</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>B&amp;W 09-80</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>volkshuisvesting en woningbouw</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Het onderdeel uitwegen is per 30 april 2011 ingetrokken.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregels inzake het aansluiten op de riolering</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>RIOOLAANSLUITINGEN IN BESTAANDE GEBIEDEN</label></kop><structuurtekst><al>Het betreft hier rioolaansluitingen voor panden die nog niet zijn
                            aangesloten op de riolering of die pas zijn gebouwd in een reeds langer
                            bestaand gebied. Het betreft zowel vrij verval- als druk en
                            vacuümriolering. </al><al>Voor alle rioolaansluitingen worden de werkelijk gemaakte kosten in
                            rekening gebracht.</al><al>Voor de aanleg van rioolaansluitingen gelden de volgende regels:</al></structuurtekst><artikel><kop><label>1. Aanvraag</label></kop><lijst><li nr="·"><al>Een rioolaansluiting moet worden aangevraagd door middel van het
                                    formulier “aanvraag rioolaansluitingen”. Dit formulier is
                                    verkrijgbaar bij de gemeente of te downloaden van de
                                    gemeentelijke website.</al></li><li nr="·"><al>Het formulier moet bij de gemeente worden ingeleverd. De
                                    aanvrager ontvangt schriftelijk bericht op de aanvraag. Wanneer
                                    toestemming wordt verleend voor de aanleg van de riolering wordt
                                    tevens een raming van de kosten toegestuurd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>2. Aantal</label></kop><lijst><li nr="·"><al>Bij een gemengd stelsel wordt één aansluiting per pand
                                    aangelegd. </al></li><li nr="·"><al>Bij een gescheiden stelsel worden twee aansluitingen per pand
                                    aangelegd (DWA (vuil water) en RWA (regenwater)).</al></li><li nr="·"><al>Bij gebleken noodzaak, ter beoordeling aan de gemeente, kunnen
                                    in overleg meerdere aansluitingen op de riolering worden
                                    gemaakt. Deze extra aansluiting(en) worden tegen werkelijk
                                    gemaakte kosten in rekening gebracht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>3. Maatvoering</label></kop><lijst><li nr="·"><al>Een aansluiting voor huishoudelijk of bedrijfsmatig gebruik zal
                                    met een diameter van ø 125 mm. worden aangelegd zowel voor DWA
                                    als RWA afvoer.</al></li><li nr="·"><al>In overleg kan voor een afvoer voor bedrijfsmatig gebruik worden
                                    gekozen voor een aansluiting met een diameter van ø 160 mm of
                                    meer.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>4. Materiaalgebruik</label></kop><lijst><li nr="·"><al>Voor de aanleg wordt gebruik gemaakt van kunststof
                                    leidingen.</al></li><li nr="·"><al>De aansluiting wordt aangelegd inclusief ontstoppingsstuk
                                    (grijs) bij een gemengd stelsel en voor een RWA afvoer en een
                                    controleput (bruin) voor een DWA afvoer. Het ontstoppingsstuk
                                    en/of de controleput komen net over de erfscheiding op
                                    particulier terrein te liggen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>5. Uitvoering</label></kop><lijst><li nr="·"><al>De aansluiting op het hoofdriool en het leggen van het
                                    leidingwerk op gemeentegrond inclusief straatwerk wordt
                                    uitgevoerd door een door de gemeente aan te wijzen aannemer.
                                </al></li><li nr="·"><al>Het ontstoppingsstuk en/of de controleput worden door de
                                    gemeente ingemeten. Deze meetgegevens worden aan de bewoner
                                    verstrekt. </al></li><li nr="·"><al>Het grondwerk op particulier terrein ter hoogte van het
                                    ontstoppingsstuk en/of controleput dient open te blijven totdat
                                    de inmeting en de controle van het werk door de gemeente heeft
                                    plaatsgevonden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>6. Betaling</label></kop><al>·De geraamde kosten moeten worden voldaan vóórdat met de werkzaamheden
                            wordt begonnen. </al><al>Aan de hand van eenheidsprijzen van de aannemer zal vooraf een zo exact
                            mogelijke raming worden gemaakt van de kosten. Als de werkzaamheden zijn
                            afgerond zal op basis van werkelijk gemaakte kosten worden afgerekend. </al><lijst><li nr="·"><al>In de aanlegkosten zijn ook de kosten voor de benodigde
                                    aanpassingen ten aanzien van lichtmasten, straatmeubilair en de
                                    groenvoorzieningen inbegrepen. </al></li><li nr="·"><al>Voor alle rioolaansluitingen worden twee manuur eigen kosten van
                                    een civieltechnisch medewerker in rekening gebracht voor het
                                    toezicht en het in behandeling nemen van de aanvraag. </al></li><li nr="·"><al>Periodiek zal bij aannemers prijsopvraag voor het aanleggen van
                                    riolering worden gedaan.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>7. Beheer</label></kop><lijst><li nr="·"><al>Bij storingen moet de bewoner het ontstoppingsstuk en/of
                                    controleput zelf opengraven om te constateren of de verstopping
                                    zich op gemeentegrond of op eigen grond bevindt. </al></li><li nr="·"><al>Wanneer er water in het ontstoppingsstuk en/of de controleput
                                    staat, zit er waarschijnlijk een verstopping ion het
                                    gemeenteriool. In dat geval zijn de kosten van het verhelpen van
                                    de storing voor de gemeente. Staat er geen water in, dan zijn de
                                    kosten voor de bewoner.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>8. Bijzondere omstandigheden</label></kop><al>·Als er sprake is van bijzondere omstandigheden kan gemotiveerd van het
                            bovenstaande worden afgeweken.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label> RIOOLAANSLUITINGEN BINNEN NIEUW AAN TE LEGGEN GEBIEDEN</label></kop><structuurtekst><al>Dit zijn rioolaansluitingen die op een bestaande riolering worden
                            aangesloten, veelal van bouwrijp gemaakte bestemmingsplannen of daar
                            waar gebruik is gemaakt van uitleggers die liggen tot aan de erfgrens
                            van de woning. Hiervoor worden geen extra kosten in rekening gebracht.
                            De kosten worden verrekend met de grondprijs. Voor de aanleg gelden de
                            volgende regels:</al></structuurtekst><artikel><kop><label>1. Aanleg</label></kop><al>·De rioolaansluiting wordt gelijktijdig met het woonrijp maken
                            aangelegd. De rioolaansluiting hoeft niet apart te worden
                            aangevraagd.</al></artikel><artikel><kop><label>2. Aantal</label></kop><lijst><li nr="·"><al>Bij een gescheiden stelsel worden twee aansluitingen per pand
                                    aangelegd (DWA (vuil water) en RWA (regenwater)).</al></li><li nr="·"><al>Bij gebleken noodzaak, ter beoordeling aan de gemeente, kunnen
                                    in overleg meerdere aansluitingen op de riolering worden
                                    gemaakt. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>6. Betaling</label></kop><al>·Er worden geen kosten in rekening gebracht. Het aanleggen van de
                            uitleggers en het ontstoppingsstuk en/of controleput is reeds verrekend
                            in de grondprijs. </al></artikel><artikel><kop><label>De onderdelen 3. Maatvoering, 4. Materiaalgebruik, 5. Uitvoering 7. Beheer en 8. Bijzondere omstandigheden van de beleidsregels inzake rioolaansluitingen in bestaande gebieden zijn onverkort van toepassing op rioolaansluitingen binnen nieuw aan te leggen gebieden. </label></kop><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>