<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.92--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.91--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR62289_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Afvalstoffenverordening van de gemeente Katwijk</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Katwijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-13</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Katwijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.overheid.nl">http://www.overheid.nl</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Afvalstoffenverordening gemeente Katwijk 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 10.23, eerste lid, van de Wet milieubeheer</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>milieu</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-05-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-08-07</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-02-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Artikel 3 lid1, artikel 11 lid 3 en artikel 25</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2014-005987</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Op 16 december 2010 is de op 4 november 2010 verordening opnieuw vastgesteld.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Afvalstoffenverordening van de gemeente Katwijk</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><onderstreept>De raad van de gemeente Katwijk;</onderstreept></al><al><onderstreept>Gelezen het voorstel van het college van 10 augustus 2010 en
                            19 oktober 2010;</onderstreept></al><al><onderstreept>gelet op artikel 10.23, eerste lid, van de Wet milieubeheer
                            ;</onderstreept></al><al><onderstreept>BESLUIT:</onderstreept></al><al><onderstreept>vast te stellen de volgende Afvalstoffenverordening 2010 van
                            de gemeente Katwijk </onderstreept></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan dan wel mede verstaan:</al><lijst><li nr=""><al>a. wet: Wet milieubeheer ; </al></li><li nr=""><al>b. college: Het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Katwijk</al></li><li nr=""><al>c. inzamelen: de activiteiten gericht op het ophalen of innemen
                                    van afvalstoffen die binnen de gemeente ter inzameling worden
                                    aangeboden en het feitelijk ophalen en innemen daarvan; </al></li><li nr=""><al>d. ter inzameling aanbieden: de wijze van overdragen van
                                    afvalstoffen aan een inzamelende persoon of instantie, inclusief
                                    het achterlaten van afvalstoffen in daartoe door of vanwege de
                                    inzamelende persoon of instantie geplaatste inzamelmiddelen of
                                    -voorzieningen of op een daartoe aangewezen plaats; </al></li><li nr=""><al>e. inzamelmiddel: een voor de inzameling van afvalstoffen
                                    bestemd hulp- of bewaarmiddel, bijvoorbeeld een huisvuilzak,
                                    minicontainer, afvalemmer, kca-box of big bag, ten behoeve van
                                    één huishouden; </al></li><li nr=""><al>f. inzamelvoorziening: een voor de inzameling van afvalstoffen
                                    bestemd(e) bewaarmiddel of -plaats, bijvoorbeeld een
                                    verzamelcontainer, wijkcontainer of brengdepot, ten behoeve van
                                    meerdere huishoudens; </al></li><li nr=""><al>g. inzameldienst: de krachtens artikel 2, eerste lid, aangewezen
                                    inzameldienst, belast met de inzameling van huishoudelijke
                                    afvalstoffen; </al></li><li nr=""><al>h. andere inzamelaars: de krachtens artikel 2, tweede lid,
                                    aangewezen personen en instanties, belast met het afzonderlijk
                                    inzamelen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen; </al></li><li nr=""><al>i. gebruiker van een perceel: degene die in de gemeente
                                    feitelijk gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan
                                    ingevolge artikel 10.21 en artikel 10.22 van de Wet milieubeheer
                                    een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke
                                    afvalstoffen geldt; </al></li><li nr=""><al>j. straatafval: afvalstoffen van zeer beperkte omvang en
                                    gewicht, zoals proppen, papier, sigarettenpeuken, kauwgom,
                                    plastic bekertjes en blikjes, verpakkingsmateriaal, etenswaren,
                                    niet zijnde klein chemisch afval, ontstaan buiten een perceel;
                                </al></li><li nr=""><al>k. wegen: de wegen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b
                                    van de Wegenverkeerswet 1994 ; </al></li><li nr=""><al>l. motorrijtuigen: alle voertuigen, als bedoeld in artikel 1,
                                    eerste lid, onder c van de Wegenverkeerswet 1994 . </al></li><li nr=""><al>m. hoog- en stapelbouw: gebouwen bestaande uit meerdere
                                    woonlagen bestemd voor bewoning door diverse huishoudens,
                                    bijvoorbeeld galerijflats en portiekwoningen</al></li><li nr=""><al>n. brengdepot: gezamenlijke milieustraat op regionaal niveau
                                    waar inwoners van de deelnemende gemeenten meerdere categorieën,
                                    door burgemeester en wethouders aangewezen, huishoudelijke
                                    afvalstoffen kunnen brengen.</al></li><li nr=""><al>o. bedrijfsafvalstoffen, afvalstoffen, niet zijnde
                                    huishoudelijke afvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>INZAMELING VAN HUISHOUDELIJKE AFVALSTOFFEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aanwijzing inzameldienst en andere inzamelaars</titel></kop><al>1. Het college wijst de inzameldienst aan, die belast is met het
                            inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen. </al><al> 2. Naast de inzameldienst kan het college andere inzamelaars aanwijzen
                            die belast zijn met het afzonderlijk inzamelen van categorieën
                            huishoudelijke afvalstoffen. </al><al> 3. Het college kan aan het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen
                            voorschriften en beperkingen verbinden in het belang van de bescherming
                            van het milieu. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Afzonderlijke inzameling</titel></kop><al>1. Door de inzameldienst of andere inzamelaars worden de volgende
                            categorieën huishoudelijke afvalstoffen afzonderlijk ingezameld: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>a.</al></entry><entry><al>groente-, fruit- en tuinafval;</al></entry></row><row><entry><al>b.</al></entry><entry><al>klein chemisch afval; </al></entry></row><row><entry><al>c.</al></entry><entry><al>glas;</al></entry></row><row><entry><al>d.</al></entry><entry><al>oud papier en karton;</al></entry></row><row><entry><al>e.</al></entry><entry><al>plastic/ kunststof verpakkingen;</al></entry></row><row><entry><al>f.</al></entry><entry><al>textiel;</al></entry></row><row><entry><al>g.</al></entry><entry><al> wit- en bruingoed; </al></entry></row><row><entry><al>h.</al></entry><entry><al>bouw- en sloopafval;</al></entry></row><row><entry><al>i.</al></entry><entry><al>a- en b-hout;</al></entry></row><row><entry><al>j.</al></entry><entry><al>c- hout</al></entry></row><row><entry><al>k.</al></entry><entry><al>grof tuinafval;</al></entry></row><row><entry><al>l.</al></entry><entry><al>grof huishoudelijk afval;</al></entry></row><row><entry><al>m.</al></entry><entry><al>huishoudelijk restafval;</al></entry></row><row><entry><al>n.</al></entry><entry><al>metalen;</al></entry></row><row><entry><al>o.</al></entry><entry><al>autobanden zonder velg;</al></entry></row><row><entry><al>p.</al></entry><entry><al>Vlakglas</al></entry></row><row><entry><al>q.</al></entry><entry><al>luier- en incontinentiemateriaal</al></entry></row><row><entry><al>r.</al></entry><entry><al>kadavers</al></entry></row><row><entry><al>s.</al></entry><entry><al>gasflessen</al></entry></row><row><entry><al>t.</al></entry><entry><al>asbest en asbesthoudend afval;</al></entry></row><row><entry><al>u.</al></entry><entry><al>frituurvet/ plantaardige olien</al></entry></row><row><entry><al>v.</al></entry><entry><al>Incourant glas</al></entry></row><row><entry><al>w.</al></entry><entry><al>Kringloopgoederen</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> 2. Het college kan een omschrijving vaststellen van de categorieën
                            huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld in het eerste lid. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Inzamelmiddelen en -voorzieningen</titel></kop><al>1. De inzameling kan plaatsvinden via: a. een inzamelmiddel voor de
                            gebruiker van een perceel; b. een inzamelvoorziening voor de gebruikers
                            van een aantal percelen; c. een inzamelvoorziening op wijkniveau; d. een
                            brengdepot op lokaal of regionaal niveau. </al><al> 2. Het college kan aanwijzen via welk al dan niet van gemeentewege
                            verstrekt inzamelmiddel of via welke inzamelvoorziening de inzameling
                            van een bepaalde categorie huishoudelijke afvalstoffen ten behoeve van
                            de gebruiker van een perceel plaatsvindt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Frequentie van inzamelen </titel></kop><al>1. Huishoudelijk restafval wordt ten minste een maal per twee weken bij
                            elk perceel ingezameld. </al><al>2. In afwijking van het eerste lid wordt huishoudelijk restafval bij
                            hoog-, stapelbouw tenminste eenmaal per week nabij elk perceel
                            ingezameld. </al><al> 3. In afwijking van het eerste lid wordt huishoudelijk restafval in
                            door het college aangewezen delen van de gemeente niet bij elk perceel
                            ingezameld. </al><al> 4. Groente-, fruit- en tuinafval wordt ten minste een maal per twee
                            weken afzonderlijk bij elk perceel ingezameld. </al><al> 5. In afwijking van het vierde lid wordt groente-, fruit- en
                            tuinafvalbij hoog-,stapelbouw tenminste eenmaal per week afzonderlijk
                            nabij elk perceel ingezameld. </al><al> 6. In afwijking van het vierde lid wordt groente-, fruit- en tuinafval
                            in door het college aangewezen delen van de gemeente niet afzonderlijk
                            bij elk perceel ingezameld. </al><al> 7. Het college kan de frequentie van inzameling vaststellen van de
                            overige categorieën huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk in
                            aangewezen delen van de gemeente bij elk perceel worden ingezameld.
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens
                                aanwijzing</titel></kop><al>1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. </al><al>2. Het verbod geldt niet voor de door het College aangewezen
                            inzameldienst of andere inzamelaars. </al><al> 3. Het verbod geldt niet voor personen of instanties die in het kader
                            van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur
                            of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben gekregen voor
                            categorieën van huishoudelijke afvalstoffen. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>TER INZAMELING AANBIEDEN VAN HUISHOUDELIJKE AFVALSTOFFEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke
                                afvalstoffen aan anderen </titel></kop><al>Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden
                            aan een ander dan de inzameldienst, andere inzamelaars of de personen of
                            instanties die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij
                            algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een
                            inzamelplicht hebben voor categorieën van huishoudelijke
                            afvalstoffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke
                                afvalstoffen door anderen dan de gebruikers van percelen</titel></kop><al>Het is anderen dan gebruikers van percelen verboden om huishoudelijke
                            afvalstoffen ter inzameling aan te bieden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Afzonderlijk ter inzameling aanbieden</titel></kop><al>1. Het is verboden om de categorieën huishoudelijke afvalstoffen zoals
                            bepaald in artikel 3, eerste lid, anders dan afzonderlijk ter inzameling
                            aan te bieden, behoudens de inzameling genoemd onder artikel 3, eerste
                            lid, sub q. inzameling luier-, en incontinentiemateriaal. </al><al>2. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen aan te bieden aan anderen
                            dan de krachtens artikel 2 aangewezen inzameldienst en andere
                            inzamelaars. </al><al> 3. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor de bij nadere
                            regels aan te wijzen categorieën van personen. </al><al> 4. Het in het tweede lid gestelde verbod geldt niet voor het aanbieden
                            van categorieën huishoudelijke afvalstoffen aan personen of instanties
                            die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene
                            maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben
                            gekregen voor die categorieën huishoudelijke afvalstoffen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen</titel></kop><al>1. Het is de gebruiker van een perceel, voor wie krachtens artikel 4,
                            tweede lid een inzamelmiddel of inzamelvoorziening is aangewezen,
                            verboden de huishoudelijke afvalstoffen anders aan te bieden dan via het
                            betreffende inzamelmiddel of de betreffende inzamelvoorziening of het
                            betreffende brengdepot. </al><al> 2. Het is verboden andere categorieën huishoudelijke afvalstoffen via
                            een inzamelmiddel of inzamelvoorziening aan te bieden, dan de categorie
                            waarvoor dit inzamelmiddel of deze inzamelvoorziening krachtens artikel
                            4, tweede lid is bestemd. </al><al> 3. Het college kan regels stellen omtrent het gebruik van een van
                            gemeentewege verstekt inzamelmiddel. </al><al> 4. Het college kan regels stellen omtrent de plaats, de maximale
                            afmeting/ gewicht en wijze waarop huishoudelijke afvalstoffen moeten
                            worden aangeboden. </al><al> 5. Het college kan categorieën huishoudelijke afvalstoffen aanwijzen
                            die zonder inzamelmiddel ter inzameling kunnen worden aangeboden. </al><al> 6. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen op andere wijze ter
                            inzameling aan te bieden dan krachtens dit artikel is bepaald. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Dagen en tijden voor het ter inzameling aanbieden </titel></kop><al>1. Het college stelt de dagen en tijden vast waarop categorieën
                            huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling kunnen worden aangeboden. </al><al>2. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen op andere dagen en tijden
                            ter inzameling aan te bieden dan krachtens het eerste lid is bepaald. </al><al>3. Jaarlijks publiceert de gemeente middels de (digitale)
                            afvalstoffenkalender, nieuwsbladen en de website van de gemeente op
                            welke dagen en tijden welke categorie huishoudelijke afvalstoffen kan
                            worden aangeboden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Het in bijzondere gevallen ter inzameling aanbieden van
                                huishoudelijke afvalstoffen</titel></kop><al>In afwijking van hetgeen in dit hoofdstuk is bepaald, kan het college
                            regels stellen omtrent het in bijzondere gevallen ter inzameling
                            aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan de inzameldienst of andere
                            inzamelaars.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>INZAMELING VAN BEDRIJFSAFVALSTOFFEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inzameling bedrijfsafvalstoffen door de inzameldienst</titel></kop><al>Het college kan categorieën bedrijfsafvalstoffen aanwijzen die door de
                            inzameldienst worden ingezameld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan de
                                inzameldienst</titel></kop><al>1. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen aan te bieden aan de
                            inzameldienst. </al><al>2. Het verbod geldt niet voor de krachtens artikel 13 aangewezen
                            categorieën bedrijfsafvalstoffen, voor zover degene die gebruik maakt
                            van de inzameling door de inzameldienst voldoet aan de daarmee ontstane
                            belastingplicht op grond van de verordening op de heffing en de
                            invordering van de afvalstoffenheffing, en/of verordening op de heffing
                            en invordering van leges en verordeningen die hoe dan ook genaamd nadien
                            daarvoor in de plaats worden gesteld. </al><al>3. Het college kan regels stellen omtrent de dagen, tijden, wijzen en
                            plaatsen waarop de krachtens artikel 13 aangewezen bedrijfsafvalstoffen
                            aan de inzameldienst ter inzameling kunnen worden aangeboden. </al><al> 4. Het is verboden de krachtens artikel 13 aangewezen
                            bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden in strijd met deze
                            regels. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan een
                                ander dan de inzameldienst </titel></kop><al>1. Het college kan regels stellen voor het ter inzameling aanbieden van
                            bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de aangewezen inzameldienst. </al><al>2. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden in
                            strijd met deze regels. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging</titel></kop><al>1. Het is verboden buiten een daarvoor door het college bestemde plaats
                            en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer een
                            afvalstof, stof of voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te
                            houden, achter te laten of anderszins te plaatsen op een wijze die
                            aanleiding kan geven tot hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu. </al><al>2. Het college kan van het verbod ontheffing verlenen. </al><al> 3. Het verbod is niet van toepassing op: a. het overeenkomstig deze
                            verordening ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen of
                            bedrijfsafvalstoffen; b. het thuis composteren van groente-, fruit- en
                            tuinafval; c. voor zover de (afval)stoffen tijdelijk op de weg geraken
                            of worden gebracht als onvermijdelijk gevolg van het laden, lossen of
                            vervoeren van afvalstoffen dan wel het verrichten van andere
                            werkzaamheden op of aan de weg. </al><al> 4. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor zover de Wet
                            bodembescherming of het Besluit bodemkwaliteit voorziet in de beoogde
                            bescherming van het milieu. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Achterlaten van straatafval</titel></kop><al>1. Het is verboden straatafval in de openbare ruimte achter te laten
                            zonder gebruik te maken van de van gemeentewege of anderszins geplaatste
                            of voorgeschreven bakken, manden of soortgelijke voorwerpen. </al><al>2. Het is verboden om andere afvalstoffen dan straatafval achter te
                            laten in daartoe van gemeentewege of anderszins geplaatste of
                            voorgeschreven bakken, manden of soortgelijke voorwerpen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Voorkomen van zwerfafval bij ter inzameling gereed staande
                                afvalstoffen</titel></kop><al>1. Voor anderen dan de inzameldienst en andere inzamelaars is het
                            verboden afvalstoffen of inzamelmiddelen die ter inzameling gereed staan
                            te doorzoeken en te verspreiden. </al><al>2. Het is verboden tegen afvalstoffen of inzamelmiddelen, die ter
                            inzameling gereed staan, te stoten, te schoppen, deze omver te werpen of
                            deze anderszins te behandelen waardoor er zwerfafval ontstaat. </al><al> 3. Het onder lid 1gestelde verbod geldt niet voor de in artikel 25
                            genoemde toezichthouders. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en
                                drinkwaren en opruimplicht </titel></kop><al>De houder of beheerder van een inrichting waar eet- of drinkwaren worden
                            verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, is verplicht:</al><lijst><li nr=""><al>a. een afvalbak, -mand of soortgelijk voorwerp in of nabij de
                                    inrichting op een duidelijk zichtbare plaats aanwezig te hebben,
                                    waarin het publiek afval kan achterlaten; </al></li><li nr=""><al>b. zorg te dragen dat deze afvalbak, -mand of soortgelijk
                                    voorwerp van een zodanige constructie is dat het afval daarin
                                    deugdelijk geborgen blijft en dat die afvalbak, -mand of
                                    voorwerp steeds tijdig wordt geledigd; </al></li><li nr=""><al>c. zorg te dragen dat dagelijks, uiterlijk een uur na sluiting
                                    van de inrichting, doch in ieder geval terstond op eerste
                                    aanzegging van een ambtenaar, belast met de toezicht op de
                                    naleving van dit artikel, in de nabijheid van de inrichting
                                    achtergebleven afval, voor zover kennelijk uit of van die
                                    inrichting afkomstig, wordt opgeruimd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Wegwerpen van reclamebiljetten of ander promotiemateriaal
                            </titel></kop><al>Degene die in de openbare ruimte reclamebiljetten of dergelijke of ander
                            promotiemateriaal onder het publiek verspreidt, is verplicht deze of de
                            verpakking daarvan terstond op te ruimen of te laten opruimen, indien
                            deze in de omgeving van de plaats van uitreiking op de weg of een andere
                            voor het publiek toegankelijke plaats door het publiek worden
                            weggeworpen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Zwerfafval bij vervoeren, laden en lossen of overige
                                werkzaamheden</titel></kop><al>1. Het is verboden afvalstoffen, stoffen of voorwerpen zodanig te laden,
                            te lossen of te vervoeren of andere werkzaamheden te verrichten dat de
                            weg wordt verontreinigd of het milieu nadelig kan worden beïnvloed. </al><al>2. Indien bij het laden of lossen of vervoeren van afvalstoffen, stoffen
                            of voorwerpen deze weg wordt verontreinigd of het milieu nadelig wordt
                            beïnvloed, is degene die genoemde werkzaamheden verricht alsmede diens
                            opdrachtgever verplicht deze weg te reinigen of te laten reinigen: </al><al> a. direct na het ontstaan van de verontreiniging, indien de
                            verontreiniging gevaar voor de veiligheid van het verkeer of
                            beschadiging van het wegdek oplevert; </al><al> b. direct na beëindiging van de werkzaamheden, indien de
                            verontreiniging geen gevaar voor de veiligheid van het verkeer of
                            beschadiging van het wegdek oplevert; </al><al> c. indien de werkzaamheden langer dan een dag duren, elke dag direct na
                            beëindiging van de werkzaamheden. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>OVERIGE ONDERWERPEN DIE DE VERORDENING AANGAAN </titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Verbod opslag van afvalstoffen</titel></kop><al>1. Het is verboden afvalstoffen op voor het publiek zichtbare plaats in
                            de open lucht en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer
                            op te slaan of opgeslagen te hebben. </al><al>2. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid
                            gestelde verbod. </al><al> 3. Het verbod is niet van toepassing op het overdragen of ter
                            inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan de
                            inzameldienst, andere inzamelaars of de personen of instanties die in
                            het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van
                            bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben voor
                            categorieën van huishoudelijke afvalstoffen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Afgifte autowrakken afkomstig uit een huishouden </titel></kop><al>Het is de eigenaar of kentekenhouder verboden zich te ontdoen van een
                            autowrak, dat afkomstig is van een huishouden, anders dan door afgifte
                            aan inrichtingen, genoemd in artikel 6 van het Besluit Beheer
                            Autowrakken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><thead><row><entry><al>Een gedraging in strijd met de volgende artikelen is
                                                een strafbaar feit in de zin van artikel 1a, onder
                                                3, Wet op de economische delicten : </al></entry></row><row><entry><al><vet>Artikel</vet></al></entry><entry><al><vet>Onderwerp</vet></al></entry></row></thead><tbody><row><entry><al/></entry></row></tbody></tgroup><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>Artikel 6</al></entry><entry><al>Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens
                                                aanwijzing</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 7</al></entry><entry><al>Verbod op het ter inzameling aanbieden van
                                                huishoudelijke afvalstoffen aan anderen</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 8</al></entry><entry><al>Verbod op het ter inzameling aanbieden van
                                                huishoudelijke afvalstoffen door anderen dan de
                                                gebruikers van percelen</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 9</al></entry><entry><al>Afzonderlijk ter inzameling aanbieden</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 10</al></entry><entry><al>Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke
                                                afvalstoffen</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 11</al></entry><entry><al>Dagen en tijden voor het ter inzameling
                                                aanbieden</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 14</al></entry><entry><al>Ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen
                                                aan de inzameldienst</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 15</al></entry><entry><al>Het ter inzameling aanbieden van
                                                bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de
                                                inzameldienst</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 16</al></entry><entry><al>Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 17</al></entry><entry><al>Achterlaten van straatafval</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 18</al></entry><entry><al>Voorkomen van zwerfafval bij ter inzameling gereed
                                                staande afvalstoffen</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 19</al></entry><entry><al>Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van
                                                eet- en drinkwaren</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 20</al></entry><entry><al>Wegwerpen van reclamebiljetten of ander
                                                promotiemateriaal</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 21</al></entry><entry><al>Zwerfafval bij vervoeren, laden en lossen of overige
                                                werkzaamheden</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 22</al></entry><entry><al>Verbod opslag van afvalstoffen</al></entry></row><row><entry><al>Artikel 23</al></entry><entry><al>Afgifte autowrakken afkomstig uit een
                                                huishouden</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Toezichthouders</titel></kop><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze
                            verordening zijn belast de krachtens artikel 5.10, derde lid, van de Wet
                            algemene bepalingen omgevingsrecht.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2011.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><al>1. Vergunningen verleend krachtens de verordening bedoeld in artikel 26,
                            tweede lid, blijven – indien en voor zover het gebod of het verbod
                            waarop de vergunning betrekking heeft, ook vervat is in deze verordening
                            en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken - van kracht
                            tot de termijn waarvoor zij werden verleend is verstreken of totdat zij
                            worden ingetrokken en worden beschouwd als een aanwijzing bedoeld in
                            artikel 2 van deze verordening. </al><al>2. Ontheffingen verleend krachtens de verordening bedoeld in artikel 26,
                            tweede lid, blijven – indien en voor zover het gebod of het verbod
                            waarop de ontheffing betrekking heeft, ook vervat is in deze verordening
                            en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken - van kracht
                            tot de termijn waarvoor zij werden verleend is verstreken of totdat zij
                            worden ingetrokken en worden beschouwd als een ontheffing als bedoeld in
                            deze verordening.</al><al>3. Voorschriften en beperkingen opgelegd krachtens de verordening
                            bedoeld in artikel 26, tweede lid, blijven - indien en voor zover de
                            bepalingen ingevolge welke deze voorschriften en beperkingen zijn
                            opgelegd, ook zijn vervat in deze verordening en voor zover zij niet
                            eerder zijn vervallen of ingetrokken – van kracht tot de termijn
                            waarvoor zij zijn opgelegd is verstreken of totdat zij worden
                            ingetrokken. </al><al>4. Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening
                            een aanvraag om een vergunning op grond van de verordening bedoeld in
                            artikel 26, tweede lid, is ingediend en voor het tijdstip van
                            inwerkingtreding van deze verordening nog niet op die aanvraag is
                            beslist, wordt deze aanvraag beschouwd als een aanvraag tot aanwijzing,
                            als bedoeld in artikel 2 van deze verordening. </al><al>5. Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening
                            een aanvraag om een ontheffing op grond van de verordening bedoeld in
                            artikel 26, tweede lid, is ingediend en voor het tijdstip van
                            inwerkingtreding van deze verordening nog niet op die aanvraag is
                            beslist, wordt deze aanvraag beschouwd als een aanvraag tot ontheffing,
                            als bedoeld in deze verordening. </al><al>6. Op een aanhangig beroep of bezwaarschrift, betreffende een vergunning
                            of ontheffing bedoeld in het eerste lid, dan wel voorschrift of
                            beperking bedoeld in het tweede lid dat voor of na het tijdstip bedoeld
                            in artikel 26, eerste lid, is ingekomen binnen de voordien geldende
                            beroepstermijn, wordt beslist met toepassing van de verordening bedoeld
                            in artikel 26, tweede lid. </al><al>7. De intrekking van de verordening bedoeld in artikel 26, tweede lid
                            heeft geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die verordening
                            genomen nadere regels en aanwijzingsbesluiten, indien en voor zover de
                            rechtsgrond waarop de aanwijzingsbesluiten zijn gebaseerd ook vervat is
                            in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of
                            ingetrokken. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Citeerbepaling</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als Afvalstoffenverordening gemeente
                            Katwijk 2010.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Katwijk op 16 december
                        2010.</al></slotformulering></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting op de eerste wijzigingsverordening van de
                        afvalstoffenverordening gemeente Katwijk 2010</titel></kop><lijst><li nr="a."><al>Met betrekking tot artikel 3 lid 1:</al><al>Incourant glas is een afvalstroom die momenteel al gescheiden wordt
                            ingezameld op de milieustraat, maar nog niet aan het overzicht was
                            toegevoegd. Kringloopgoederen vormen een nieuwe toevoeging aan het
                            overzicht. Door deze stroom als categorie huishoudelijke afvalstof te
                            benoemen, ontstaan er mogelijkheden om in zowel beleidsuitvoering als de
                            uitwerkingsregels van de afvalstoffenverordening invulling te geven aan
                            maximaal producthergebruik (rol kringloopwinkels), maar vooral ook aan
                            maximaal materiaalhergebruik van niet verkochte goederen.</al></li><li nr="b."><al>Met betrekking tot artikel 11 lid 3:</al><al>Dit artikel verwijst naar de afvalkalender. Aangezien
                            communicatiemiddelen, waaronder de afvalkalender, steeds vaker digitaal
                            worden uitgevoerd, is deze digitalisering aan het artikel toegevoegd.
                        </al></li><li nr="c."><al>Met betrekking tot artikel 25:</al><al>Door de invoering van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht moeten
                            de toezichthouders vanaf 1 oktober 2010 aangewezen worden op grond van
                            artikel 5.10, derde lid, wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Voor
                            die datum gebeurde dit op grond van artikel 18.4, derde lid, van de Wet
                            Milieubeheer. Deze aanpassing was nog niet doorgevoerd in de
                            afvalstoffenverordening.</al></li></lijst></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>