<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR617004_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Toeristenbelasting 2019</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">West Maas en Waal</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">West Maas en Waal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2018-273816">gmb-2018-273816</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Toeristenbelasting 2019</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=224&amp;g=2018-09-19">artikel 224 van de Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2018-12-13</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2019-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling </overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>20216</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Verordening Toeristenbelasting 2019</overheidrg:onderwerp></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Toeristenbelasting 2019</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label/><nr/><titel/></kop><al>Vastgesteld bij raadsbesluit van 13 december 2018, zaak kenmerk Z.020216</al><al/><al>De raad van de gemeente West Maas en Waal;</al><lijst><li nr="•"><al>gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 31 oktober 2018, zaak kenmerk Z.020216;</al></li><li nr="•"><al>gelet op artikel 224 van de Gemeentewet;</al></li><li nr="•"><al>besluit vast te stellen de volgende verordening: </al></li></lijst><al/><al><vet>“</vet><vet>Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 201</vet><vet>9</vet><vet>”</vet></al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam ‘toeristenbelasting’ wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachten binnen de gemeente in hotels, conferentieoorden, opleidingscentra, vakantieonderkomens, mobiele kampeeronderkomens, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten en op vaste standplaatsen tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet in het bevolkingsregister van de gemeente West Maas en Waal zijn opgenomen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 1 in hem ter beschikking staande ruimten dan wel op hem ter beschikking staande terreinen.</al><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene, ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt.</al><al>Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan te wijzen, is belastingplichtig degene die overeenkomstig het bepaalde in artikel 1 verblijf houdt.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vrijstelling</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:</al><al>van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen;</al><al>van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers;</al><al>van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk verblijf forensenbelasting is verschuldigd;</al><al>op vaartuigen voor welk verblijf watertoeristenbelasting is verschuldigd.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen. Het aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>Het tarief bedraagt per overnachting €1,00.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar loopt van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2019. Daarna is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing </titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. </al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Een belastingaanslag wordt niet opgelegd als het aantal overnachtingen, waartoe gelegenheid wordt of is gegeven, tijdens het belastingjaar minder dan tien zal of heeft belopen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Voorlopige aanslag </titel></kop><al>Na de aanvang van het belastingjaar doch niet vóór 1 mei kan aan de belastingplichtige voor een voorlopige aanslag worden opgelegd tot ten hoogste het bedrag waarop de aanslag over dat jaar vermoedelijk zal worden vastgesteld.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Termijnen van betaling </titel></kop><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld, en de tweede termijn twee maanden later.</al><al>De Algemene termijnenwet  is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend.</al><al/><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders </titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven voor de heffing en de invordering van de toeristenbelasting.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Aanmeldingsplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 2, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening gelegenheid tot overnachten verschaft, zulks schriftelijk te melden aan het college. </al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Registratieplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 2, eerste lid, is gehouden degene die verblijf houden te registreren in een daarvoor bestemd en door de gemeente verstrekt nachtverblijfregister. </al><al>Het nachtverblijfregister bevat met betrekking tot ieder aan wie gelegenheid tot overnachten wordt verschaft gegevens over tenminste: naam, adres en woonplaats; datum van aankomst en datum van vertrek; en het aantal overnachtingen ter zake waarvan belasting verschuldigd is.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de inrichting en gebruik van het nachtverblijfregister.</al><al>De verplichting als bedoeld in de voorgaande leden geldt niet voor zover de belastingplichtige gebruik maakt van de vaststellingsovereenkomst.</al><al/><al/><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Inwerkingtreding en overgangsrecht</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na bekendmaking.</al><al>De Verordening Toeristenbelasting 2018 van 7 december 2017 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2019.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening Toeristenbelasting 2019.</al><al/><al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering op 13 december 2018.</al><al/><al> mitAF AFSLUITING \* MERGEFORMAT  mitAF AFSLUITING \* MERGEFORMAT De raad van de gemeente West Maas en Waal,</al><table><tgroup cols="2"><colspec colnum="1" colname="col1" colwidth="39*"/><colspec colnum="2" colname="col2" colwidth="52*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>De griffier, </al><al/><al/><al>J.A. (Joyce) Satijn </al></entry><entry colname="col2"><al>De voorzitter,</al><al/><al/><al>V.M. (Vincent) van Neerbos</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al/></slotformulering></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>