<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR611832_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Besluit van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland houdende regels omtrent Openstellingsbesluit Fysieke Investeringen voor innovatie en modernisering agrarische ondernemingen - Deltaplan Agrarisch Waterbeheer Gelderland, augustus 2018 en de Nadere regels bij het Openstellingsbesluit Fysieke Investeringen DAW Gelderland, augustus 2018</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Provincie">Gelderland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-07-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Provincie">Gelderland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2018-5522">prb-2018-5522</dcterms:isFormatOf><dcterms:source resourceIdentifier="">http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/XHTMLoutput/Historie/Gelderland/610190/CVDR610190_1.html</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanProvincie">gedeputeerde staten</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2018-07-01</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2018-07-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-10-29</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2018-007020</overheidrg:kenmerk></cvdripm></meta><body><intitule>Besluit van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland houdende regels omtrent Openstellingsbesluit Fysieke Investeringen voor innovatie en modernisering agrarische ondernemingen - Deltaplan Agrarisch Waterbeheer Gelderland, augustus 2018 en de Nadere regels bij het Openstellingsbesluit Fysieke Investeringen DAW Gelderland, augustus 2018</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Bekendmaking van het besluit van  - zaaknummer 2018-007020</al><al/><al>Openstellingsbesluit Fysieke Investeringen voor innovatie en modernisering agrarische ondernemingen - Deltaplan Agrarisch Waterbeheer Gelderland, augustus 2018</al><al/><al><vet>GEDEPUTEERDE STATEN VAN GELDERLAND</vet></al><al/><al>Gelet op artikel 1.3 en paragraaf 2 van hoofdstuk 2 van de Verordening POP3 subsidies provincie Gelderland, mei 2018 </al><al/><al>BESLUITEN vast te stellen het Openstellingsbesluit Fysieke Investeringen voor innovatie en modernisering agrarische ondernemingen - Deltaplan Agrarisch Waterbeheer Gelderland, augustus 2018</al><al/><lijst><li nr="I."><al> De subsidieplafonds bestaan voor 100% uit middelen van het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling en bedragen : </al><lijst><li nr="1."><al> € 400.000,- voor het beheergebied van het waterschap Rijn en IJssel; </al></li><li nr="2."><al>  € 400.000,- voor het beheergebied van het waterschap Vallei en Veluwe;</al></li><li nr="3."><al> € 400.000,- voor het beheergebied van het waterschap Rivierenland. </al></li></lijst></li><li nr="II."><al> Aanvragen om subsidie kunnen worden ingediend van 20 augustus 2018 vanaf 9.00 uur tot en met 17 september 2018 tot 17.00 uur.</al></li><li nr="III."><al> In Bijlage 1 zijn de nadere regels opgenomen die voor dit besluit gelden. </al></li><li nr="IV"><al> Dit besluit wordt aangehaald als  Openstellingsbesluit Fysieke Investeringen DAW Gelderland, augustus 2018.</al></li><li nr="V."><al> Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst. </al></li></lijst><al/><al>Bijlage 1 Nadere regels bij het</al><al><vet>Openstellingsbesluit Fysieke Investeringen DAW Gelderland, augustus 2018</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel><vet>Begripsomschrijvingen</vet></titel></kop><al>In deze nadere regels wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>De Verordening: de Verordening POP3 subsidies provincie Gelderland, mei 2018;</al></li><li nr="b."><al>Waterbeheerplannen: het Waterbeheerplan 2016-2021 van Waterschap Rijn en IJssel, vastgesteld op 3 november 2015; het Waterbeheerprogramma 2016-2021 “Koers houden, kansen benutten” van Waterschap Rivierenland, vastgesteld 27 november 2015 en het Waterbeheerprogramma 2016-2021 “Partnerschap als watermerk” van Waterschap Vallei en Veluwe, vastgesteld op 30 september 2015.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2  </nr><titel><vet>Subsidiabele activiteiten</vet></titel></kop><al>Subsidie kan alleen worden verstrekt voor investeringen genoemd in de Investeringslijst die onderdeel uitmaakt van dit besluit. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3  </nr><titel><vet>De aanvraag</vet></titel></kop><al>Per landbouwer of groep van landbouwers in de vorm van een samenwerkingsverband conform artikel 1.6 van de Verordening, wordt slechts één aanvraag om subsidie in behandeling genomen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4  </nr><titel><vet>Subsidiabele kosten </vet></titel></kop><lijst><li nr="1."><al> Subsidie als bedoeld in artikel 1.12 lid 1 van de Verordening wordt slechts verstrekt voor:</al><lijst><li nr="a."><al>         personeelskosten;</al></li><li nr="b."><al>         kosten derden.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>         Onverminderd het bepaalde in artikel  2.2.3 lid 1 en artikel 1.12 lid 3 en lid 4 van de Verordening zijn de volgende kosten subsidiabel:</al><lijst><li nr="a."><al> kosten van verwerving of ontwikkeling van computersoftware; </al></li><li nr="b."><al> voorbereidingskosten zoals bedoeld in artikel 1.12 lid 3 en 4 van de Verordening; </al></li><li nr="c."><al> niet verrekenbare of niet compensabele BTW.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5  </nr><titel><vet>De rangschikking</vet></titel></kop><al>Voor de rangschikking als bedoeld in artikel 1.15b en artikel 2.2.5 van de Verordening worden de scores van de investeringslijst gehanteerd en wordt er gerangschikt op basis van het gemiddelde van de investeringscategorieën per aanvraag.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6  </nr><titel><vet>Hoogte van de subsidie</vet></titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Op grond van artikel 1.3 lid 4 sub f van de Verordening wordt subsidie slechts verleend bij een bedrag van minimaal € 10.000,- aan subsidiabele kosten.</al></li><li nr="2."><al>De subsidie bedraagt op grond van artikel 1.3 sub g van de Verordening 40% van de subsidiabele kosten tot een maximale hoogte van € 20.000,- per aanvraag. </al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><gegeven><dagtekening><datum isodatum=""><vet><cursief>Gepubliceerd te Arnhem</cursief></vet></datum></dagtekening></gegeven><ondertekening><naam><voornaam/><achternaam/></naam><functie>Namens Gedeputeerde Staten van Gelderland</functie></ondertekening><ondertekening><functie>mw. S.A.M. Pancras</functie></ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label> Investeringslijst</label><nr/><label/><titel/></kop><al/><al/><table frame="all"><tgroup cols="3"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><tbody><row><entry><al>    </al></entry><entry><al><vet>Maatregel / omschrijving investering</vet></al></entry><entry><al>score</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al><vet>Gebruik   mest en nutriënten</vet></al></entry></row><row><entry><al>1</al></entry><entry><al>Investeringen   in een teeltsysteem voor vollegrondgewassen in de openlucht (niet zijnde   zachtfruit), zoals  stellingteelt met   goten en teelt in bakken en soortgelijke systemen met als gevolg een   efficiëntere benutting en gebruik van meststoffen en   gewasbeschermingsmiddelen en daardoor minder uitspoeling:</al><al>   a. bestemd voor: het in de open lucht in teeltgoten of op stellingen telen   van gewassen:    - die normaliter in de volle grond geteeld worden,    - waarbij nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen niet uitspoelen naar het   grond- en oppervlaktewater, en    - waarbij het drainwater wordt opgevangen en hergebruikt, en </al><al>b.   bestaande uit: een teeltsysteem en een water- en mestgiftsysteem, met   uitzondering van een regen- of drainwateropvang en een   waterrecirculatiesysteem (is al wettelijk verplicht).</al><al>    </al></entry><entry><al>32</al></entry></row><row><entry><al>2</al></entry><entry><al>Investeringen in een   teeltsysteem voor zachtfruit met betrekking tot vollegrondsteelt met   recirculatieplicht en nullozing, zoals stellingteelt met goten en teelt in   bakken en soortgelijke systemen:    a. bestemd voor: het in de open lucht in teeltgoten telen van gewassen:    - die normaliter in de volle grond geteeld worden,    - waarbij nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen niet uitspoelen naar het   grond- en oppervlaktewater, en    - waarbij het drainwater wordt opgevangen en hergebruikt, en   b. bestaande uit: een teeltsysteem en een water- en mestgiftsysteem, met   uitzondering van een regen- of drainwateropvang en een   waterrecirculatiesysteem (is reeds wettelijk verplicht).</al></entry><entry><al>29</al></entry></row><row><entry><al>3</al></entry><entry><al>Investeringen in systemen voor precisiebemesting of   precisiegewasbescherming, bestaande uit:</al><lijst><li nr="-"><al>plaats-specifieke-bemesting of</al></li><li nr="-"><al>plaats-specifieke-gewasbescherming of </al></li><li nr="-"><al>plaats-specifieke-bewatering inclusief GPS/GIS   apparatuur, waarbij de GPS/GIS apparatuur altijd in combinatie wordt gebruikt   met precisieapparatuur voor het verzorgen van landbouw­gewassen en met een   maximale afwijking van ten hoogste 10 cm nauwkeurig voor de onder i. tot en   met iv. genoemde toepassingen:</al></li></lijst><lijst><li nr="i."><al>Investeringen in systemen voor het gericht emissiearm, in   de juiste dosering, zonder overlapping in de bodem toedienen van vloeibare of   vaste stikstofhoudende meststoffen bij het planten, zaaien, aanaarden of het   moment dat het gewas er aantoonbaar om vraagt. </al></li><li nr="ii."><al>Investeringen in systemen voor het meten van het   stikstofgehalte van het gewas door middel van gewasreflectie van het gewas   waarbij direct de stikstofbehoefte van het gewas wordt bepaald.</al></li><li nr="iii."><al>Investeringen in systemen voor het meten van het   stikstofgehalte en fosfaatgehalte van drijfmest met NIR-sensor op   mestdoseerwerktuigen waarbij direct de dosering van de hoeveelheid drijfmest   wordt bepaald en ook de mest wordt aangewend    op het perceel. </al></li><li nr="iv."><al>Investeringen in apparatuur om de bodem in kaart te   brengen ten behoeve van plaats- specifieke-bemesting,   plaats-specifieke-gewasbescherming  of   plaats-specifieke-bewatering in combinatie met GPS/GIS apparatuur met een   maximale afwijking van tien centimeter nauwkeurig. </al></li></lijst><al>            </al><al>Investeringen in apparatuur voor plaats-specifiek-verzorgen   van                       landbouwgewassen:   a. bestemd voor: het zodanig toedienen van meststoffen dat rekening wordt   gehouden met de plaatselijke omstandigheden door meting van de in de grond   aanwezige voorraad meststoffen, waarbij:    - de verkregen gegevens via elektronische koppeling in een GPS/GIS-systeem   met een afwijking van ten hoogste tien centimeter worden vastgelegd,    - vervolgens op basis van de vastgelegde gegevens (taakkaarten) de optimale   hoeveelheid door een regeleenheid wordt bepaald,</al><al>- in geval van een mestinjectie-machine of zodenbemester   door een regeleenheid op basis van taakkaarten per sectie of per dop   onafhankelijk het middel of de mest aan het gewas wordt toegediend, en    - in geval van vaste mest- of organische stofstrooiers door een regeleenheid   op basis van taakkaarten gebaseerd op bodemscans of grondmonsters waarbij plaats-specifiek   meer of minder mest wordt toegediend aan het gewas.</al><al>   b. bestaande uit: bemestingsapparatuur, meetapparatuur met GPS/GIS-koppeling,   een GPS/GIS-systeem, een regeleenheid voor optimale dosering, een autopilot   systeem en al dan niet de volgende onderdelen: sensoren, een   plantherkenningssysteem, een ISObus 11783-systeem, een automatisch   sectieafsluitingssysteem met GPS/GIS-koppeling, een sneltester voor stikstof,   een NIR-sensor in de mesttank en een uitschuifbare as bij een   mestinjectie-machine of een zodenbemester. </al></entry><entry><al>                            </al><al/><al/><al/><al/><al>i. 36</al><al>ii. 25</al><al>iii. 29</al><al>iv. 34</al></entry></row><row><entry><al>4</al></entry><entry><al>Investeringen   in een fertigatiesysteem:   a. bestemd voor: het gereguleerd doseren van water en meststoffen, al dan   niet in combinatie met gewasbeschermingsmiddelen, aan gewassen in de   vollegrondteelt, niet zijnde glastuinbouw, ter voorkoming van uitspoeling,   b. bestaande uit: vochtmeetapparatuur, een regeleenheid, een   waterafgiftesysteem en al dan niet de volgende onderdelen: een lichtmeter en   apparatuur voor het bepalen van het mineralengehalte.</al></entry><entry><al>35</al></entry></row><row><entry><al>5</al></entry><entry><al>Investeringen   in mestopslagcapaciteit met volume van tenminste negen maanden ten behoeve   van het beter aanwenden van mest ter bevordering van de groei van gewassen,   waarbij alleen de kosten subsidiabel zijn voor zover die meer zijn dan voor   het volume dat nodig is voor de opslag voor zes maanden.</al></entry><entry><al>25</al></entry></row><row><entry><al>6</al></entry><entry><al>Investeringen   met betrekking tot drinkbakken midden in een perceel om uitspoeling   nutriënten te voorkomen. </al></entry><entry><al>32</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al><vet>Gebruik   van gewasbeschermingsmiddelen</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>7</al></entry><entry><al>Investeringen   in machines voor mechanische en/of niet chemische onkruidbestrijding, die   geen gebruik maken van chemische onkruidbestrijdingsmiddelen:   a. bestemd voor: het mechanisch bestrijden van onkruid in en tussen de rijen   van het gewas,   b. bestaande uit: een mechanische onkruidbestrijdingmachine, GPS/GIS-systeem   met een afwijking van ten hoogste tien centimeter en al dan niet de volgende   onderdelen: onkruidsensoren, een plantherkenningssysteem, een   autopilotsysteem en een klaverdoorzaaimodule, </al><al>    </al><al>of</al><al>   Investeringen in intrarijwieders:   a. bestemd voor: het mechanisch of pneumatisch bestrijden van onkruid zowel   tussen als in de rijen van het gewas,   b. bestaande uit: een intrarijwieder met een mechanisch of pneumatisch   onkruidbestrijdingssysteem en al dan niet de volgende onderdelen:   onkruidsensoren en een plantherkenningssysteem,</al><al>    </al><al>of   </al><al>    </al><al>   Investeringen in mechanische onkruidknippers:   a. bestemd voor: het doorsnijden van de dikkere stengels van onkruid met een   machine voorzien van kam- en kniptechniek, waarbij het geteelde gewas niet   wordt beschadigd en de onkruiddruk in akkerbouwgewassen of grasland wordt   verminderd,   b. bestaande uit: een mechanische onkruidknipper met een vingerbalk, messen   en een bezem.</al></entry><entry><al>37</al></entry></row><row><entry><al>8</al></entry><entry><al>Investeringen in   spuittechnieken die drift vergaand reduceren zoals wingsprayer,   luchtondersteuning en driftarmere doppen meer dan wettelijk voorgeschreven,   die drift met 95% reduceren, met driftreducerende technieken  conform de criteria op de DRT lijst,   bestaande uit: </al><al>    </al><al>Investeringen in   boomgaardspuitmachines:   a. bestemd voor: het in horizontale richting bespuiten van boomgaarden met   een spuitmachine die het gewasbeschermingsmiddel in de vorm van grote   druppels het gewas inblaast, waarbij een toegepast GPS/GIS-systeem een   afwijking van ten hoogste 10 centimeter heeft, en die,   - door middel van een laserscanner nauwkeurig de spuitplek bepaalt, of   - ten minste 95% driftreductie realiseert, </al><al>   b. bestaande uit: een spuitmachine en al dan niet de volgende onderdelen: een   GPS/GIS-systeem, sensoren, een laserscanner en een volledig gesloten   vulsysteem, </al><al>    </al><al>of       Investeringen in spuitmachines met drift beperkend systeem voor de akkerbouw:   a. bestemd voor: het toedienen van gewasbeschermings- of loofdodingsmiddelen   aan landbouwgewassen met een systeem dat de drift van de toegediende middelen   aantoonbaar met ten minste 95% reduceert ten opzichte van een spuitmachine   zonder driftbeperkende voorzieningen, en</al><al>b. bestaande uit: een   spuitmachine met een driftbeperkend systeem en al dan niet een volledig   gesloten vulsysteem </al><al>    </al><al>of      Investeringen in voorzieningen of apparatuur voor het verminderen van het   gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de fruitteelt of glastuinbouw   (aanpassen bestaande situatie):   a. bestemd voor: het verminderen van het gebruik van   gewasbeschermingsmiddelen ten opzichte van de bestaande situatie door een   voorziening of apparatuur, niet zijnde apparatuur waarmee het   gewasbeschermingsmiddel wordt toegediend, waarbij aangetoond wordt dat de   betreffende voorziening of apparatuur het gebruik van   gewasbeschermingsmiddelen daadwerkelijk vermindert, en </al><al>b. bestaande uit: een   voorziening of apparatuur voor het verminderen van het gebruik van   gewasbeschermingsmiddelen.</al></entry><entry><al>31</al></entry></row><row><entry><al>9</al></entry><entry><al>Investeringen   in sensorgestuurde of andere selectieve en/of gerichte spuitapparatuur,   bestaande uit    UV-gewasbeschermingsinstallatie:</al><al>a.   bestemd voor: het doden van plantpathogenen in open teelten door behandeling   met UV-licht, ter beperking van het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen,    en</al><al>b.   bestaande uit: een hangende, getrokken of al dan niet zelfrijdende   gewasbeschermingsinstallatie, UV-lampen, voeding en meet- en regelapparatuur,   met uitzondering van het trekkend voertuig of de rail, </al><al>    </al><al>of</al><al>          </al><al>Spuitmachine   voor plaats specifiek toedienen van gewasbeschermings- of loofdodingsmiddelen   met doponafhankelijke aansturing   :</al><al>a.   bestemd voor: het zodanig toedienen van gewasbeschermings- of   loofdodingsmiddelen aan landbouwgewassen dat rekening wordt gehouden met de   plaatselijke omstandigheden door meting van de in het gewas aanwezige   onkruiddruk of ziektedruk, waarbij:</al><al>    - de verkregen gegevens via elektronische koppeling in een GPS/GIS-systeem   worden vastgelegd, </al><al>-   vervolgens op basis van de vastgelegde gegevens (taakkaarten) de optimale hoeveelheid   door een regeleenheid wordt bepaald, en</al><al>    - de spuitinstallatie door een regeleenheid op basis van taakkaarten per dop   onafhankelijk het middel aan het gewas toedient, en </al><al>b.   bestaande uit: een spuitmachine, een GPS/GIS-systeem, een regeleenheid voor   optimale dosering, een autopilot systeem, een automatisch   sectie-afsluitingssysteem met GPS/GIS-koppeling, een aanpassings- of   stuursysteem voor de spuitinstallatie en al dan niet de volgende onderdelen:   meetapparatuur met GPS/GIS-koppeling, een ISObus 11783-systeem, een volledig   gesloten vulsysteem, een plantherkenningssysteem en onkruidsensoren.</al></entry><entry><al>31</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al><vet>Hydrologische   maatregelen</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>10</al></entry><entry><al>Investeringen   in maatregelen die water vasthouden in een kavelsloot door:    - Het plaatsen van een LOP-stuw of   - Het verhogen van een bestaande duiker of    - deze kavelsloot volledig te dempen of   - het verhogen van de slootbodem. </al></entry><entry><al>36</al></entry></row><row><entry><al>11</al></entry><entry><al>Investeringen   in regelbare, omgekeerde, onderwater- of peilgestuurdedrainage, die ook   infiltratie mogelijk maakt en het peil eenvoudiger en sneller regelt, </al><al>    </al><al>bestaande   uit omgekeerde, onderwater- of peil gestuurde drainage:   a. bestemd voor: het via drainage reguleren van het grondwaterpeil van één of   meerdere landbouwpercelen, waarbij er sprake is van omgekeerde drainage,   onderwaterdrainage of het drainagesysteem is aangesloten op een verzamelput   met verstelbare overstort of een sloot met een regelbare stuw, waardoor   verdroging, verzilting, te natte landbouwgrond en afspoeling van meststoffen   wordt voorkomen, en   b. bestaande uit: een drainagesysteem onder het perceel, een verzameldrain en   al dan niet de volgende onderdelen: een verzamelput met verstelbare overstort   of een regelbare stuw, een meetsysteem voor het meten van het grondwaterpeil   en een pomp.</al></entry><entry><al>30</al></entry></row><row><entry><al>12</al></entry><entry><al>Investeringen   in opslag van hemelwater in een bassin, vijver en/of plas dat op eigen   terrein ligt of in samenspraak met de betreffende grondeigenaar voor de   veehouderij, akkerbouw, bloembollen-, boom-, fruit-, vollegrond teelt wordt   aangelegd   a. bestemd voor: het individueel of collectief opslaan van water in   ondergrondse bodemlagen, niet zijnde een warmte-koude opslag of systeem voor   geothermie, voor het gebruik als beregenings- of gietwater in de veehouderij,   akkerbouw, bloembollen-, boom-, fruit-, vollegrond- of bedekte teelt, en    b. bestaande uit: ondergrondse wateropslagvoorziening, putten, pompen, al dan   niet filtersystemen voor het zuiveren van het te bergen water, en met   uitzondering van voorzieningen voor het opvangen van het regenwater en het   geschikt maken van het teruggewonnen water.</al></entry><entry><al>27</al></entry></row><row><entry><al>13</al></entry><entry><al>Investeringen in zuiverende drainage zoals een ijzerzand   voorziening, puridrain of soortgelijke investeringen die bijdragen aan het   beperken van de afvoer nutriënten naar oppervlaktewater</al></entry><entry><al>29</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>                    </al><al><vet>Maatregelen   voor de erfsituatie en bedrijfsgebouwen</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>14</al></entry><entry><al>Investeringen in de   herinrichting van het erf en de aanleg van opvangvoorzieningen  met als doel het verminderen van emissie   vanaf het verharde erf door:   a. het opvangen en hergebruiken van schoon erf-/dakwater, waarbij per 100 m²   erf- en dakoppervlak minimaal 3.000 liter opvangcapaciteit aanwezig is,    b. infiltratie van schoon erf-/dakwater in de bodem of infiltratiekoffers   door het rechtstreeks afvoeren van hemelwater vanaf het erf en het dak naar   een infiltratievoorziening (in vrij afwaterende gebieden) of   infiltratiekoffers met een capaciteit van minimaal 3.000 liter per 100 m²   erf- en dakoppervlak,    c. een waterdichte opslagput voor de opvang van perssap, percolatiewater en   afstromend water van kuilplaten, voerplein of koepad, waarmee erfafspoeling   gescheiden blijft van regulier rioolsysteem, inclusief de buizen, goten,   richels voor afvoer van met voer- of mestresten vervuild water naar de   daarvoor bestemde opslagput,    d. een waterdichte opvangput waarmee verontreinigd afvalwater van het bedrijf   gescheiden blijft van regulier rioolsysteem, inclusief de buizen, goten,   richels voor afvoer, of   e. waterveegmachines met opvangbak,    f. veegmachines voor het schoonhouden van het erf ter voorkoming van   erfafspoeling bij regen,    g. opvangsysteem van perssappen (onder sleufsilo’s).</al></entry><entry><al>36</al></entry></row><row><entry><al>15</al></entry><entry><al>Investeringen voor het overdekt opslaan van ontsmettingsfusten. </al></entry><entry><al> 32</al></entry></row><row><entry><al>16</al></entry><entry><al>Investeringen in een machinewasplaats   met als doel het verminderen van emissie bij het inwendig en uitwendig   reinigen van machines en werktuigen met gewasbeschermingsmiddelen bestaande   uit een permanente weer- en windbestendige overkapping van de wasplaats met   maximaal twee zijwanden. </al></entry><entry><al>35</al></entry></row><row><entry><al>17</al></entry><entry><al>Investeringen in een biologisch   systeem voor het verwijderen van gewasbeschermingsmiddelen:</al><lijst><li nr="a."><al>bestemd voor: het op biologische wijze   behandelen van met gewasbeschermingsmiddelen verontreinigd spoel- of   afvalwater uit de land- en tuinbouw, niet zijnde de glastuinbouw, in een   biologisch systeem, waarbij het water verdampt of geconcentreerd wordt en   reststromen, zoals het substraat en het geconcentreerde afvalwater, worden   afgevoerd naar een erkend afvalverwerkingsbedrijf of, in geval van substraat,   ten minste één jaar wordt gecomposteerd, en</al></li><li nr="b."><al>bestaande uit: biologisch   waterbehandelingssysteem met bijbehorende overkapping en een   afvalwaterbuffer, met uitzondering van de volgende onderdelen: wasplaats,   olie/water-afscheider en slibvangput.</al></li></lijst></entry><entry><al>35</al></entry></row><row><entry><al>18</al></entry><entry><al>Investeringen in het toepassen van gesloten vul-en doseersysteem   spuitapparatuur met als doel het verminderen van emissie bij het inwendig en   uitwendig reinigen van machines en werktuigen met gewasbeschermingsmiddelen.</al></entry><entry><al>35</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al> <vet>Bodemmaatregelen </vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>19</al></entry><entry><al>Investeringen in systemen voor   structuur behoud in de bodem, </al><al>bestaande uit:    - rupsen voor tractoren: meerkosten voor rupsen onder een tractor of   - brede banden voor tractoren en (zelfrijdende)machines in combinatie met luchtdrukwisselsystematiek.</al></entry><entry><al>44</al></entry></row><row><entry><al>20</al></entry><entry><al>Een investering in een   schijveneg met gekartelde schijven in combinatie met een verkruimelrol.</al></entry><entry><al>31</al></entry></row><row><entry><al>21</al></entry><entry><al>Investering in een Ecoploeg </al></entry><entry><al>31</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al><vet>Diverse maatregelen</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>22</al></entry><entry><al>Investeringen in permanente afdekinstallatie voor   kuilvoerplaatsen   a. bestemd voor: het afdekken van kuilvoer met een mechanisch op- en   afrolbaar permanent dekkleed voorzien van kanalen die met water gevuld worden   om het kuilvoer aan te drukken, en   b. bestaande uit: een dekkleed met waterslurven en een afdekmachine.</al></entry><entry><al>35</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/></bijlage><bijlage><kop><label> Toelichting </label><nr/><titel/></kop><al>I. Algemeen deel</al><al/><al>1. Inleiding</al><al> </al><al>Op 16 februari 2015 heeft de Europese Commissie het derde Plattelandsontwikkelingsprogramma 2014-2020 (POP3) goedgekeurd. Het POP3 is een Europees subsidieprogramma dat gericht is op de versterking van het Nederlandse platteland. POP3 is een vervolg op POP2 en loopt van 2014-2020. POP3 wordt gefinancierd vanuit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO). Deze openstelling wordt 100% gefinancierd met ELFPO middelen.</al><al/><al>2. Provinciaal beleid</al><al>De provincie wenst het landelijk gebied economisch en sociaal vitaal te houden en acht daarvoor een concurrerende landbouw noodzakelijk. De landbouwsector moet economisch gezond kunnen functioneren en tegelijkertijd verder verduurzamen ten aanzien van milieu, dierenwelzijn, volksgezondheid, voedselveiligheid en klimaat. In het coalitieakkoord ‘Ruimte voor Gelderland’ is aangegeven dat innovatie een belangrijk middel is om te komen tot een duurzame landbouw. </al><al>Om de innovatie in de landbouw op het gebied van water op een hoger plan te trekken is het van belang dat de landbouwsector gaat investeren in fysieke maatregelen. Op grond van deze nadere regels kan subsidie worden verstrekt voor investeringen die gericht zijn op het bereiken van wateropgaven en doelen die door de waterschappen worden nagestreefd en zijn neergelegd  in de waterbeheerplannen. Zo kan bijvoorbeeld subsidie worden verstrekt voor de aanschaf van sensorgestuurde spuitapparatuur of het plaatsen en beheren van boerenstuwen. </al><al/><al>3. Tendersystematiek</al><al>Subsidieaanvragen kunnen slechts in een beperkte periode worden ingediend. Op de sluitingsdatum van de tender moet alle inhoudelijke informatie (dus ook alle verplichte bijlagen en een duidelijke toelichting op de begroting) die bij een aanvraag hoort, ontvangen zijn. Deze sluitingsdatum wordt strikt gehanteerd. Als de aanvraag binnen tien werkdagen voor de sluitingsdatum wordt ontvangen, wordt de aanvraag gecontroleerd op volledigheid van verplichte bijlagen. Na de sluitingsdatum is aanvullen van de aanvraag in beginsel niet meer mogelijk. Een onafhankelijke adviescommissie gaat vervolgens de aanvragen beoordelen aan de hand van de beschikbare informatie. Met behulp van selectiecriteria worden de projecten gerangschikt. Het kan voorkomen dat vanwege het subsidieplafond niet alle projecten gehonoreerd kunnen worden. De projecten met de meeste punten worden als eerste gehonoreerd.</al><al/><al> 4. Start met de uitvoering van de activiteit</al><al>In de subsidieverleningsbeschikking wordt de startdatum van de activiteit opgenomen. Dit is in overeenstemming met artikel 1.17 eerste lid, onder e van de Verordening. Uitdrukkelijk zij vermeld dat het ondertekenen van een offerte zonder dat daarin een voorbehoud is gemaakt over het ontvangen van subsidie, uitgelegd wordt als start met de uitvoering van de activiteit. </al><al/><al>5. Investeringslijst</al><al>De investeringslijst bevat investeringscategorieën die afkomstig zijn van de zogenoemde landelijke BOOT-lijst, zoals vastgesteld door het Bestuurlijk Overleg Open Teelten, (zie:</al><al>http://agrarischwaterbeheer.nl/document/pop3-financiering-icm-daw-boot-lijst ) en de VAMIL-lijst in overleg met diverse vertegenwoordigers en deskundigen vanuit de waterschappen, de landbouwsector en RVO.</al><al> </al><al>Subsidie wordt verstrekt voor specifieke investeringen zoals opgenomen in de investeringslijst. Er is een selectie gemaakt van de maatregelen die het meest effectief zijn gezien de wateropgave en de natuurlijke omstandigheden.</al><al> </al><al>De investeringen waar subsidie voor kan worden verkregen staan op de investeringslijst. Het gaat om fysieke investeringen die nodig zijn voor het ontwikkelen, beproeven of demonstreren van innovaties in agrarische ondernemingen of voor de bredere uitrol van innovaties binnen de agrarische sector. Aan innovaties moet in dit kader een brede betekenis worden toegekend, waaronder bijvoorbeeld ook nieuwe technieken kunnen worden verstaan die nog niet algemeen gangbaar zijn. Exploitatiekosten en wettelijke verplichte maatregelen worden niet gesubsidieerd. Er is alleen subsidie beschikbaar voor bovenwettelijke investeringen.</al><al>  </al><al>Op de Investeringslijst staan activiteiten die passen bij de thema’s als bedoeld in artikel 2.2.1, eerste lid, en tweede lid, onder c en e van de Verordening</al><al/><al>II. Toelichting op de investeringscategorieën</al><al> </al><al>Investeringslijst</al><al> </al><table frame="all"><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al>    </al></entry><entry><al><vet>Toelichting</vet></al></entry></row><row><entry><al>1</al></entry><entry><al>Deze   investering leidt tot een efficiëntere benutting en gebruik van meststoffen   en gewasbeschermingsmiddelen en daardoor tot minder uitspoeling. Het is een   relatief innovatief concept, vaak worden de teelten ook afgedekt met behulp   van tunnels.  Teeltsystemen onder glas   komen niet in aanmerking. Bij deze investeringen zijn investeringen in   teeltsystemen voor zachtfruit uitgesloten.</al></entry></row><row><entry><al>2</al></entry><entry><al>Deze   investering leidt tot een efficiëntere benutting en gebruik van meststoffen   en gewasbeschermingsmiddelen en daardoor tot minder uitspoeling. Dit is een   relatief innovatief concept, vaak worden de teelten ook afgedekt met behulp   van tunnels. Teeltsystemen onder glas komen niet in aanmerking. Deze   investeringen zien specifiek op zachtfruit.</al></entry></row><row><entry><al>3</al></entry><entry><al>Precisiebemesting is machinale bemesting waarbij met   behulp van bijvoorbeeld GPS en/of rijenbemesting minder mest wordt   toegediend, maar specifiek dichterbij de planten.</al><al>Abonnementen zijn niet subsidiabel, wel eenmalige   aanschaf software bij apparaat. Maatregel 3 a t/m 3d beschrijven de bedoelde   maatregelen. Het gaat hierbij over GIS/GPS-systeem RTK+.</al></entry></row><row><entry><al>i.</al></entry><entry><al>Denk hierbij aan precisiebemesters (ook kunstmest). </al></entry></row><row><entry><al>ii.</al></entry><entry><al> -</al></entry></row><row><entry><al>ii.</al></entry><entry><al>Niet subsidiabel zijn investeringen in technologie op   voertuigen die alleen drijfmest transporteren van het ene bedrijf naar het   andere, omdat bemonstering van vrachten is verplicht gesteld door overheid.</al></entry></row><row><entry><al>iv.</al></entry><entry><al>Granulaatstrooiers, kunstmeststrooiers en   bemestingseenheden op zaai-, poot- en plantmachines behoren niet tot deze   investeringscategorie.</al></entry></row><row><entry><al>4</al></entry><entry><al> -</al></entry></row><row><entry><al>5</al></entry><entry><al>Het effect is dat mest daardoor alleen wordt toegediend   als het gewas het nodig heeft. Investering in extra mestopslagcapaciteit meer   dan wettelijk minimaal verplicht is. Opslag van mest voor tenminste zes maanden   is verplicht. Het vergroten van de bovengrondse mestopslag­capaciteit zodat   tenminste drie maanden langer mest opgeslagen kan worden zorgt er voor dat   mest uitgereden kan worden op momenten dat het gewas het beter opneemt en er   minder meststoffen uitspoelen. De wettelijke vereiste capaciteit wordt   berekend op basis van het aantal dieren. De investering in extra capaciteit   is bovenwettelijk en subsidiabel. Niet subsidiabel: mestzak. Het is wenselijk   dat de aanvrager zelf aangeeft wat het verschil in kosten is tussen een   opslag voor zes maanden en een opslag voor negen maanden omdat het anders   nauwelijks mogelijk is om de extra kosten te bepalen. </al></entry></row><row><entry><al>6</al></entry><entry><al>Het   plaatsen van drinkbakken in het midden van het perceel voorkomt vertrapping   van slootranden door vee en de afspoeling van mest die bij deze randen   terecht komt. Drinkbakken kunnen verrijdbaar zijn en er kan water met een   slang uit een sloot of uit een put worden gepompt. Een pomp kan aangedreven   worden op zonne-energie door zonnepanelen. De investering kan gekoppeld   worden als voorwaarde van een blauwe dienst. </al></entry></row><row><entry><al>7</al></entry><entry><al> -</al></entry></row><row><entry><al>8</al></entry><entry><al>Drift   is een proces waarbij gewasbeschermingsmiddelen tijdens het bespuiten door de   wind worden meegenomen en deze op plaatsen terecht komen, waar ze niet   gewenst zijn.</al></entry></row><row><entry><al>9</al></entry><entry><al> -</al></entry></row><row><entry><al>10</al></entry><entry><al> -</al></entry></row><row><entry><al>11</al></entry><entry><al>Peilgestuurde   drainage is buisdrainage, gecombineerd met een werk waarmee de hoogte van het   te lozen water – het overlooppeil – kan worden gestuurd.</al></entry></row><row><entry><al>12</al></entry><entry><al>In   het geval van ondergrondse wateropslag moet het bevoegd gezag schriftelijk   toestemming hebben verleend. Onder bedekte teelt wordt ook glastuinbouw   verstaan.   Bij subsidiering van deze investering zal rekening gehouden moeten worden met   de voorwaarden zoals beschreven in het Activiteitenbesluit. Het is aan de   aanvrager om aan te tonen dat aan die voorwaarden wordt voldaan.</al></entry></row><row><entry><al>13</al></entry><entry><al> -</al></entry></row><row><entry><al>14</al></entry><entry><al>Alleen   investeringen die meer dan wettelijk verplicht zijn, zijn subsidiabel, dus   bij subsidiering van deze investering zal rekening gehouden moeten worden met   de randvoorwaarden zoals beschreven in het Activiteitenbesluit en hieronder   aangehaald. Het is aan de aanvrager om aan te tonen dat aan die voorwaarden   wordt voldaan.       Randvoorwaarden Activiteitenbesluit:    - stabiele ondergrond   - vloeistofkerende voorziening    - het aanleggen van straatkolken (een straatkolk per 100 m²) met een   rechtstreekse afvoer naar de sloot    - afschot van het erf van ten minste 1% waardoor het hemelwater rechtstreeks   via de straatkolken kan worden afgevoerd. Het afschotpercentage dient   duidelijk aantoonbaar en gespecificeerd in ontwerpplan zijn opgenomen.    - het dakwater moet gescheiden van erfwater worden afgevoerd naar het   oppervlaktewater (niet over het erf laten afspoelen). Zo mogelijk wordt   dakwater (tijdelijk) opgevangen en hergebruikt of geïnfiltreerd.       De volgende kostenposten zijn expliciet niet subsidiabel:   - overkapping voor een voederopslag,   - overkapping voor een mestopslag,   - kosten voor herinrichting van het erf,   - erfverharding,   - hemelwatersysteem waaronder dakgoten, buizen voor afvoer en reguliere   riolering,   - kuilplaten,   - installaties of machines voor opvang van perssap of percolaat indien een overloopvoorziening   is of wordt aangebracht naar het reguliere riool, de bodem of het   oppervlaktewater,    - waterzuiveringsinstallatie.</al></entry></row><row><entry><al>15</al></entry><entry><al> -</al></entry></row><row><entry><al>16</al></entry><entry><al>De   overkapping dient weer- en windbestendig te zijn. Dat wil zeggen: waterdicht   zijn en niet kunnen scheuren bij harde wind. Dun plastic voldoet derhalve   niet, goed bevestigde golfplaten of dik zeil dat niet scheurt bij harde wind   voldoen wel. Let op bij subsidiering van deze investering zal rekening   gehouden moeten worden met de randvoorwaarden zoals beschreven in het Activiteitenbesluit   en hieronder aangehaald. Het is aan de aanvrager om aan te tonen dat aan die randvoorwaarden   wordt voldaan.      Randvoorwaarden:    - stabiele ondergrond,    - de wasplaats heeft een vloeistofdichte vloer,    - een slibvangput en olieafscheider is verplicht als de wasplaats ook   gebruikt wordt voor het reinigen van werktuigen en machines zonder   gewasbeschermingsmiddelen. Afvoerpunt altijd vrijhouden van vuil en moet   altijd zichtbaar zijn. Opvangput geschikt voor agrarisch gebruik, waterdicht,   en geschikt voor zware verkeersbelasting,    - de vloeistofdichte vloer is voorzien van opstaande randen (tien centimeter   waardoor het reinigingswater niet over de randen kan gaan,    - afschot vloeistofdichte voorziening naar het afvoerpunt in de richting van   het afvoersysteem van ten minste één%, duidelijk aantoonbaar en   gespecificeerd in ontwerpplan,    - de afvoer van het reinigingswater naar een (zuiverings-)voorziening op   basis van verdamping (of een andere nader te erkennen techniek) waarbij geen   restlozing plaatsvindt,    - het reinigingswater afvoeren via het vuilwaterriool (indien niet aanwezig:   opvangen in een opvangput met een inhoud van ten minste 2.500 liter),    - de capaciteit van de zuiveringsvoorziening moet voldoende zijn voor de   behandeling van het waswater dat jaarlijks vrijkomt. Een   capaciteitsberekening dient te worden overlegd. </al></entry></row><row><entry><al>17</al></entry><entry><al>Subsidiabel   is alleen wat meer dan wettelijk verplicht en afdwingbaar is dus bij de subsidiering   van deze investering wordt rekening gehouden met de randvoorwaarden zoals   beschreven in het Activiteitenbesluit. Het is aan de aanvrager om aan te   tonen dat aan die randvoorwaarden wordt voldaan.</al><al>    </al><al>   Randvoorwaarden:</al><al>   - stabiele ondergrond,</al><al>   - de wasplaats heeft een vloeistofdichte vloer,</al><al>   - een slibvangput en olieafscheider is verplicht als de wasplaats ook   gebruikt wordt voor het reinigen van werktuigen en machines zonder   gewasbeschermingsmiddelen. Afvoerpunt altijd vrijhouden van vuil en moet   altijd zichtbaar zijn. Opvangput geschikt voor agrarisch gebruik, waterdicht,   en geschikt voor zware verkeersbelasting, - de vloeistofdichte vloer is   voorzien van opstaande randen (tien centimeter) waardoor het reinigingswater   niet over de randen kan gaan, - afschot vloeistofdichte voorziening naar het   afvoerpunt in de richting van het afvoersysteem van ten minste één%,   duidelijk aantoonbaar en gespecificeerd in ontwerpplan, - de afvoer van het   reinigingswater naar een (zuiverings-)voorziening op basis van verdamping (of   een andere nader te erkennen techniek) waarbij geen restlozing plaatsvind, - het   reinigingswater afvoeren via het vuilwaterriool (indien niet aanwezig:   opvangen in een opvangput met een inhoud van ten minste 2.500 liter), - de   capaciteit van de zuiveringsvoorziening moet voldoende zijn voor de   behandeling van het waswater dat jaarlijks vrijkomt. Een   capaciteitsberekening dient te worden overlegd. </al></entry></row><row><entry><al>18</al></entry><entry><al>- </al></entry></row><row><entry><al>19</al></entry><entry><al>Niet subsidiabel zijn trekkers en zelfrijders en banden   zonder luchtdrukwisselsysteem.</al></entry></row><row><entry><al>20</al></entry><entry><al>Dit is een machine   om een vanggewas te vernietigen en een zaaibed te maken in dezelfde werkgang.</al></entry></row><row><entry><al>21</al></entry><entry><al>Een ecoploeg is een ploeg die heel ondiep, maximaal 20   centimeter,  ploegt.</al></entry></row><row><entry><al>22</al></entry><entry><al>-</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>III. Artikelsgewijze toelichting</al><al> </al><al>Artikel 2            Subsidiabele activiteiten</al><al>De subsidiabele activiteiten zijn hiervoor toegelicht in de tabel.</al><al> </al><al>Artikel 3            De aanvraag</al><al> </al><al>Alleen landbouwers of een samenwerkingsverband van landbouwers komen voor subsidie in aanmerking. Soms kan schaalvoordeel worden behaald als landbouwers samen besluiten om dezelfde investering te doen. De kosten voor zowel de aanvrager als de verstrekker kunnen worden beheerst door subsidie aan te vragen en te verstrekken via één aanvraag namens meerdere landbouwers. Een aanvraag kan bestaan uit meer investeringen.</al><al>Conform artikel 1.6 van de Verordening kan subsidie worden toegekend aan een samenwerkingsverband. De voorwaarden van artikel 1.6 van de Verordening zijn van toepassing op het samenwerkingsverband. Er dient onder andere een samenwerkingsovereenkomst te worden overgelegd, die door alle deelnemers moet zijn ondertekend. </al><al>  </al><al>Artikel 4            Subsidiabele kosten</al><al>In aanvulling op paragraaf 4 van de toelichting op de Verordening en de toelichting op artikel 1.9 van de Verordening nog een toelichting op de verschillende kosten.</al><al>De loonkosten van de eigenaar van een bedrijf worden in beginsel aangemerkt als bijdragen in natura (zie artikel 1.11). Dit geldt onder meer voor de houder van een eenmanszaak en voor de directeur grootaandeelhouder van een Besloten Vennootschap (BV). Als de directeur van een BV in loondienst is bij de BV, dan worden die kosten in beginsel aangemerkt als personeelskosten. Op grond van artikel 1.9 van de Verordening komen die kosten voor subsidie in aanmerking als daarvoor een onderbouwing wordt gegeven. </al><al>Bij een samenwerkingsverband van landbouwers kan het voorkomen dat een van de deelnemers (zijnde een eigenaar van een van de deelnemende bedrijven) van het samenwerkingsverband een opdracht krijgt om bepaalde werkzaamheden voor het samenwerkingsverband uit te voeren. Die werkzaamheden worden aangemerkt als bijdrage in natura en zijn slechts subsidiabel als de werkelijke arbeidstijd voor de uitvoering van de activiteit gecontroleerd kan worden. Dat laatste betekent dat er een tijdschrijfsysteem moet worden bijgehouden. Als het samenwerkingsverband een opdracht geeft aan iemand die in loondienst is bij een van de deelnemers aan het samenwerkingsverband en deze opdracht wordt als onderdeel van de reguliere werkzaamheden van die persoon uitgevoerd, dan komen deze kosten als loonkosten op grond van artikel 1.9 voor subsidie in aanmerking. </al><al> </al><al>Kosten die niet subsidiabel zijn, staan in artikel 1.13 van de Verordening. Voor wat betreft artikel 1.13 aanhef en onder a van de Verordening is het moeilijk om concreet aan te geven welke kosten “niet aantoonbaar rechtstreeks aan de activiteit waarop de subsidie betrekking heeft” zijn toe te rekenen. Gelet op de ervaring met andere openstellingen nemen de aanvragers daarbij zelf de redelijkheid in acht.</al><al>  </al><al>Artikel 5            De rangschikking</al><al> </al><al>Een groep deskundigen heeft zich bij de totstandkoming van de investeringslijst gebogen over het toe te kennen aantal punten conform artikel 1.15 en 1.15b van de Verordening. Bij de rangschikking wordt uitgegaan van de informatie die op de sluitingsdatum bekend is. Zie ook hiervoor het kopje 3. “tendersystematiek” onder het Algemeen deel van deze Toelichting.</al><al>De rangschikking op een (rekenkundig) gemiddeld punten aantal wordt relevant indien het subsidieplafond wordt bereikt. Het subsidieplafond is bereikt indien de som van alle verleende subsidie overeenkomt met de plafondbedragen. Indien er meer landbouwers in één aanvraag zitten is de score voor die aanvraag gelijk aan het gemiddelde van alle deelnemende landbouwers.</al><al>  </al><al>Artikel 6            Hoogte van de subsidie</al><al> </al><al>Met sommige investeringen is een bedrag gemoeid dat lager is dan de drempel van € 10.000,- aan subsidiabele kosten. Om die reden wordt aanbevolen om dergelijk investeringen met een samenwerkingsverband van landbouwers te doen, zodat de drempel per aanvraag wordt gehaald.  Op die manier wordt er naar gestreefd om een zo groot mogelijk effect te bereiken. </al><al>Om de administratieve lasten te beperken wordt een minimum van € 10.000,- per aanvraag gehanteerd voor de subsidiabele kosten.</al><al/></bijlage></regeling></body></cvdr>