Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Vlieland

Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieVlieland
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats
CiteertitelBeheersverordening gemeentelijke begraafplaats Vlieland 1995
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

gemeentewet, art 154

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

06-03-199503-08-2016Onbekend

27-02-1995

Harlinger Courant 1995, 3 maart

Onbekend

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats

De raad der gemeente Vlieland:

gelezen: het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 20 december 1994

overwegende: dat het door de inwerkingtreding van de wet op de lijkbezorging gewenst is om regels vast te stellen voor het gebruik en beheer van de gemeentelijke begraafplaats;

gelet op: de Algemene wet bestuursrecht, de gemeentewet en de Wet op lijkbezorging;

BESLUIT:

vast te stellen de volgende: VERORDENING op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats.

Hoofdstuk 1 Inleidende bepalingen

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

begraafplaats: de gemeentelijke begraafplaats Vlieland bij de gemeente onder beheer en in eigendom;

eigen graf: een graf waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht verleend tot: - het doen begraven en begraven houden van lijken; - het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken;

eigen urnengraf: een graf waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: - het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder umen;

algemeen urnengraf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen bijzetten van asbussen met of zonder urnen;

eigen urnenniss: een nis waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet worden van asbussen met of zonder urnen;

urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen;

asbus: een bus ter berging van as van een overledene;

grafbedekking: gedenkteken en/of grafbeplanting op een graf; beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats of degene die hem vervangt;

rechthebbende: de rechthebbende op een eigen graf.

Artikel 2 Uitbreiding begrippen eigen en algemeen graf

  • 1.

    Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang onder “eigen graf’ mede verstaan: eigen urnengraf en eigen urnennis.

  • 2.

    Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang onder “algemeen graf mede verstaan: algemeen urnengraf.

Hoofdstuk 2 Openstelling, orde en rust op de begraafplaats

Artikel 3 Openstelling begraafplaats

  • 1.

    De begraafplaats is voor een ieder dagelijks toegankelijk gedurende de door burgemeester en wethouders bij nadere regels vast te stellen tijden. Zij maken deze tijden openbaar bekend.

  • 2.

    Ter handhaving van de orde en rust op de begraafplaats kunnen de toegangen tijdelijk worden gesloten.

  • 3.

    Het is verboden gedurende de tijd dat de begraafplaats niet voor het publiek geopend is, zich daarop te bevinden, anders dan voor het bijwonen van een begrafenis of de bezorging van as.

Artikel 4 Ordemaatregelen

  • 1.

    Het is aan steenhouwers, hoveniers en daarmede gelijk te stellen personen verboden, anders dan met toestemming van burgemeester en wethouders, werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de begraafplaats te verrichten.

  • 2.

    Het is verboden met motorvoertuigen op de begraafplaats te rijden: - elders, dan op de daartoe aangewezen rijwegen anders dan voor een begrafenis of voor het vervoeren van materialen;

  • 3.

    Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in de aanhef en lid 2.

  • 4.

    Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die werkzaamheden op de begraafplaats hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde. rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder.

  • 5.

    Degenen die zich niet aan de in het vierde lid bedoelde aanwijzing houden. moeten zich op eerste aanzegging van de beheerder van de begraafplaats verwijderen.

Artikel 5 Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens ed

  • 1.

    Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens en dergelijke plechtigheden op de begraafplaats moeten vijf dagen tevoren worden gemeld aan de beheerder onder opgave van datum en uur van de plechtigheid en de wijze waarop de plechtigheid zal plaatsvinden.

  • 2.

    De deelnemers aan de plechtigheid, bedoeld in het eerste lid, moeten zich in het belang van de orde, rust en netheid houden aan de aanwijzingen van de beheerder.

Artikel 6 Opgravingen en ruimen

Het opgraven van lijken en het ruimen van graven is slechts toegestaan indien daarbij geen andere personen aanwezig zijn dan degenen die met deze werkzaamheden zijn belast.

Hoofdstuk 3 Voorschriften voor lijkbezorging

Artikel 7 Kennisgevingbegraven en asbezorging, openen en sluiten van het graf

  • 1.

    Degene, die wil doen begraven, as wil doen bijzetten of as wil doen verstrooien. geeft daarvan uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag voorafgaande aan die waarop de begrafenis zal plaatsvinden, sebrifielijkchriftelijk  kennis aan de beheerder. De zaterdag geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag. Indien de burgemeester toestemming heeft gegeven om het lijk binnen 36 uur na het overlijden te begraven moet de kennisgeving aan de beheerder zo tijdig mogelijk worden gedaan.

  • 2.

    Het lijk, dan wel het omhulsel en de asbus of urn moeten zijn voorzien van een duurzaam identiteitskenmerk. De gegevens van het kenmerk moeten overeen- stemmen met de administratie van de begraafplaats.

  • 3.

    Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van as, en het daarna sluiten van een graf, alsmede het indienen van de hulpmiddelen mag uitsluitend geschieden door het personeel van de begraafplaats op aanwijzingen en onder toezicht van de beheerder. De nabestaanden kunnen deze werkzaamheden onder toezicht van de beheerder geheel of gedeeltelijk zelf verrichten indien zij hun wens daartoe uiterlijk om 12.00 uur van de voorafgaande werkdag mondeling of schriftelijk aan de beheerder hebben kenbaar gemaakt. De zaterdag geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag. Zij dienen bij deze werkzaamheden de aanwijzingen van de beheerder op te volgens.

Artikel 8 Over te leggen stukken

  • 1.

    Begraving mag slechts geschieden indien van tevoren het verlof tot begraven is overgelegd aan de beheerder.

  • 2.

    Indien de begraving of de bezorging van as in een eigen graf zal plaatsvinden. dient een machtiging daartoe aan de beheerder te worden overgelegd ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet.

  • 3.

    Begraving of bijzetting in een eigen graf waarvan de uitgtgifte termijn binnen de wettelijke minimum grafrustt termijn afloopt, kan alleen plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van de afgifte termijn met een zodanige periode dat de alsdan resterende uitgifte terniijnmijn ten minste gelijk is aan de wettelijke minimum grafrusttermijn. De verlenging dient te worden aangevraagd door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door een van de andere personen, genoemd in artikel 17, tweede lid.

  • 4.

    De in het vorige lid bedoelde periode van verlenging wordt naar boven toe afgerond op gehele jaren.

  • 5.

    De beheerder onderzoekt de genoegzaamheid van de overgelegde stukken.

Artikel 9 Tijden van begraven en asbezorging

  • 1.

    De tijd van begraven en het bezorgen van as is: - op werkdagen van 10.00 uur tot 17.00 uur; - op zaterdagen van 11.00 uur tot 15.00 uur;

  • 2.

    Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen van deze tijden afwijken.

Hoofdstuk 4 Indeling en uitgifte der graven

Artikel 10 Indeling graven en asbezorging

  • 1.

    Op de begraafplaats kunnen worden uitgegeven: a. eigen graven en eigen urnengraven; b. eigen urnennissen;

  • 2.

    Burgemeester en wethouders bepalen bij nader vast te stellen regels hoeveel lijken en hoeveel asbussen met of zonder urnen er kunnen worden bijgezet in de eigen graven. Zij bepalen tevens de afmetingen en de uitgifteduur van de eigen graven. De uitgifteduur kan niet korter zijn dan de minimumtermijn vastgesteld in de Wet op de lijkbezorging. 4

Artikel 11 Aantal overledenen in de algemene graven

  • 1.

    In de algemene graven kan een door burgemeester en wethouders te bepalen aantal lijken worden begraven.

  • 2.

    In de algemene urnengraven kan een door burgemeester en wethouders te bepalen aantal asbussen met of zonder urn worden bijgezet.

Artikel 12 Volgorde van uitgifte

De eigen graven worden slechts voor directe begraving en in volgorde van ligging uitgegeven.

Artikel 13 Termijnen van graven

  • 1.

    Burgemeester en wethouders verlenen, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaats zulks toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk in te dienen aanvraag, voor de tijd van twintig jaar het recht op een eigen graf. De termijn begint te lopen op de datum waarop het eigen graf is uitgegeven.

  • 2.

    Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht wordt op aanvraag van de rechthebbende verlengd telkens met een termijn van tien jaren, mits de aanvraag voor het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend.

  • 3.

    Een recht als in dit artikel bedoeld, kan slechts aan één rechthebbende worden verleend ten behoeve van zichzelf en voor de personen genoemd in artikel 17, eerste lid, Verlening van het recht ten behoeve van een ander is slechts mogelijk indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.

Artikel 14 Overschrijving van verleende rechten

  • 1.

    Het recht op een eigen graf kan op aanvraag van de rechthebbende worden overgeschreven ten name van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloedverwant of aanverwant tot en met de derde graad. Overschrijving op verzoek van de rechthebbende ten name van een ander dan de vorengenoemde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.

  • 2.

    Na het overlijden van de rechthebbende kan het eigen graf worden overgeschreven op de naam van de echt-genoot of levenspartner dan wel een bloed- of aanverwant tot en met de derde graad, mits de aanvraag hiertoe wordt gedaan binnen één jaar na het overlijden van de rechthebbende. Overschrijving ten name van een ander dan de in de vorige zin bedoelde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.

  • 3.

    Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot overschrijving aan burgemeester en wethouders niet wordt gedaan binnen de in het tweede lid van dit artikel gestelde termijn, zijn burgemeester en wethouders bevoegd het recht op het eigen graf te doen vervallen.

  • 4.

    Na het verstrijken van de in het tweede lid genoemde termijn van een jaar kunnen burgemeester en wethouders het eigen graf alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende, tenzij dit recht betrekking heeft op een eigen graf dat inmiddels is geruimd.

Artikel 15 Afstand doen van graven

Zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding kan de rechthebbende schriftelijk afstand doen ten behoeve van de gemeente van het recht op het eigen graf. Van de ontvangst van zodanige verklaring doen burgemeester en wethouders schriftelijk mededeling aan de rechthebbende.

Artikel 16 Sluiting van graven

  • 1.

    Op aanvraag van de rechthebbende kunnen burgemeester en wethouders een graf gesloten verklaren. Gedurende de tijd dat een graf gesloten is, mag daarop geen andere grafbedekking worden geplaatst en mag daarin geen andere begraving plaatshebben, of asbus worden bijgezet, dan wel as worden verstrooid dan die van de stoffelijke overschotten van de personen die de rechthebbende in zijn aanvraag met name heeft genoemd.

  • 2.

    Burgemeester en wethouders bepalen in overleg met de rechthebbende de periode waarvoor de in het eerste lid bedoelde sluiting zal geschieden. Zij stellen de bijzondere voorwaarden vast, waaraan moet zijn voldaan alvorens het graf gesloten wordt verklaard.

Hoofdstuk 5 Grafbedekkingen

Artikel 17 Vergunning grafbedekking

  • 1.

    Voor het hebben van een grafbedekking is de schriftelijke vergunning nodig van burgemeester en wethouders.

  • 2.

    Omtrent de wijze van aanvragen van de vergunning, de aard en de afmetingen van de grafbedekking en de wijze van aanbrengen kunnen burgemeester en wethouders nadere regels vaststellen.

  • 3.

    Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van de door hen vastgestelde nadere regels.

  • 4.

    Burgemeester en wethouders kunnen de vergunning weigeren indien;

  • a.

    niet voldaan wordt aan de door hen vastgestelde nadere regels;

  • b.

    de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats;

  • c.

    de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is;

  • d.

    de constructie van de grafbedekking ondeugdelijk is.

Artikel 18 Grafbeplanting

Niet-blijvende beplantingen op een graf die in een verwaarloosde staat verkeren kunnen door de beheerder worden verwijderd zonder dat aanspraak kan worden gemaakt op schadevergoeding. Losse bloemen, planten, kransen en dergelijke kunnen, wanneer zij verwelkt zijn, door de beheerder worden verwijderd. Linten, siervazen en dergelijke voorwerpen worden gedurende twaalf weken ter beschikking gehouden van de rechthebbende indien deze daartoe tevoren een mondelinge of schriftelijke aanvrage heeft ingediend bij de beheerder.

Artikel 19 Verwijdering van grafbedekking

  • 1.

    De grafbedekking kan na het verstrijken van de graftermijn door burgemeester en wethouders worden verwijderd.

  • 2.

    Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking wordt gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd op een op het te ruimen graf te plaatsen bordje door burgemeester en wethouders bekend gemaakt, tenzij het adres van de rechthebbende bij burgemeester en wethouders bekend is. In dat geval maken zij aan hem uiterlijk een jaar voor het genoemd tijdstip per brief hun voornemen bekend.

  • 3.

    Op grond van een daartoe door de rechthebbende bij burgemeester en wethouders ingediende aanvraag, blijft de grafbedekking na verwijdering nog gedurende twaalf weken ter beschikking van degene aan wie een vergunning als bedoeld in artikel 20 was verleend. De aanvraag kan worden ingediend gedurende de in het tweede lid genoemde termijn.

  • 4.

    De gratfbedekking vervalt aan de gemeente indien: - geen verzoek op grond van het derde lid is ingediend en de termijn waarbinnen dit verzoek had kunnen worden ingediend is verstreken; - de grafbedekking niet binnen drie maanden nadat deze van het graf is verwijderd, is afgehaald.

Artikel 20 Onderhoud door de rechthebbende

  • 1.

    De rechthebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen.

  • 2.

    Indien hij nalaat de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kunnen burgemeester en wethouders de hiervoor in aanmerking komende voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking doen verwijderen. Het verwijderde blijft gedurende twaalf weken ter beschikking van de rechthebbende en vervalt daarna aan de gemeente, zonder dat deze tot enige vergoeding verplicht is.

  • 3.

    De verwijdering vindt niet plaats dan nadat de rechthebbende behoorlijk per brief is opgeroepen om te worden ingelicht over de toestand van de grafbedekking. De oproeping geschiedt door mededeling op het mededelingenbord op 7  de begraafplaats als het adres van de rechthebbende niet bekend is. Bij het graf wordt een verwijzing naar de mededeling aangebracht.

Artikel 21 Onderhoud door de gemeente

Burgemeester en wethouders voorzien in het schoonhouden en het na verzakking opnieuw stellen van het gedenkteken en in de zorg voor de winterharde beplantingen.

Hoofdstuk 6 Ruiming van graven, urnengraven

Artikel 22 Ruiming, bezorging van overblijfselen en as

  • 1.

    Het voornemen van burgemeester en wethouders om een graf te ruimen wordt gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf geruimd zal worden op een bij het te ruimen graf te plaatsen bordje ter kennis van de belanghebbenden gebracht, tenzij het adres van de rechthebbende op het graf aan hen bekend is. In dat geval maken zij hem uiterlijk een jaar voor het genoemde tijdstip per brief hun voornemen bekend.

  • 2.

    De bij de ruiming van het graf nog aanwezige overblijfselen van lijken worden begraven en de as wordt verstrooid op een van de daartoe bestemde, afgesloten gedeelten van de begraafplaats.

  • 3.

    Nabestaanden van een overledene die begraven is in een algemeen graf kunnen gedurende de in het eerste lid bedoelde termijn bij de beheerder een aanvrage indienen om bij ruiming de overblijfselen, indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor herbegraving elders. Nabestaanden van een overledene waarvan een asbus al of niet met een urn is bijgezet in een algemeen graf kunnen bij de beheerder een aanvraag indienen om deze ter beschikking te houden voor herbegraving of verstrooiing elders.

  • 4.

    De rechthebbende op een eigen graf, kan bij de beheerder een aanvraag indienen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze weder in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze elders opnieuw te doen begraven. De rechthebbende op een eigen urnengraf of urnennis kan bij de beheerder een aanvraag indienen de asbus ter beschikking te houden om elders bij te zetten of om de as te doen verstrooien.

Hoofdstuk 7 Instandhouding historische graven en opvallende grafbedekking

Artikel 23 Lijst

  • 1.

    Burgemeester en wethouders houden een lijst bij van graven die van historische betekenis zijn of waarvan de grafbedekldngking  een opvallende kwaliteit heeft.

  • 2.

    Alvorens tot ruiming van graven wordt overgegaan onderzoeken burgemeester en wethouders of er graven zijn die in aanmerking komen om op de lijst te worden bijgeschreven.

  • 3.

    De gemeenteraad beslist over het ruimen van graven en het verwijderen van grafbedekkingen die op de in het eerste lid bedoelde lijst staan.

Hoofdstuk 8 Inrichting register

Artikel 24 Voorschriften

  • 1.

    Burgemeester en wethouders stellen voorschriften vast voor het register van de begraven lijken en de bezorgde as.

  • 2.

    Het register wordt bijgehouden door de beheerder.

Hoofdstuk 9 Klachten

Artikel 25 Indiening, behandeling en beslissing

  • 1.

    Ingezetenen en in de gemeente een belang hebbende natuurlijke en rechtspersonen kunnen omtrent feitelijke handelingen of het nalaten van feitelijke handelingen betreffende de begraafplaats bij burgemeester en wethouders een schriftelijke klacht indienen.

  • 2.

    Burgemeester en wethouders beslissen binnen vier weken na ontvangst van de klacht. Zij kunnen deze termijn met ten hoogste vier weken verlengen.

  • 3.

    Burgemeester en wethouders maken de beslissing terstond bekend aan de gemeenteraad.

Hoofdstuk 10 Slotbepalingen

Artikel 26 Overgangsbepaling

De rechten en verplichtingen met betrekking tot eigen graven die voortvloeien uit de ingevolge artikel 28 ingetrokken verordening, worden geacht ingevolge deze verordening te zijn ontstaan.

Artikel 27 Strafbepaling

Hij die handelt in strijd met de artikelen artikel 4 lid 2, wordt gestraft met een geldboete van de eerste categorie.

Artikel 28 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de derde dag na bekendmaking.

 

Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze verordening vervalt de verordening “inrichting en gebruik van de algemene begraafplaats en het columbarium in de gemeente Vlieland” en de “ Verordening op het beheer voor de algemene begraafplaats in de gemeente Vlieland’ van 25 april 1994. Deze verordening kan worden aangehaald als “Beheersverordening gemeentelijke begraafplaats Vlieland 1995”.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Vlieland op 27  februari 1995,

burgemeester,          ,secretaris

Bijlage 1 Uitvoeringsbesluit graven, asbezorging en gedenkplaatsen 2010

 

Burgemeester en wethouders van Vlieland;

 

gelet op de beheersverordening gemeentelijke begraafplaats Vlieland 1995;

 

besluiten vast te stellen de volgende:

 

NADERE REGELS voor de graven, asbezorging en gedenkplaatsen.

 

Artikel 1 Begripsomschrijving

 

Deze nadere regels verstaan onder:

  • a. eigen graf: een graf waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:

- het doen begraven en begraven houden van lijken;

- het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

  • b. algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer, waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken voor een termijn van maximaal 20 jaar;

    c. eigen urnengraf: een graf waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:

- het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen voor een termijn van maximaal 40 jaar;

d. eigen urnennis: een nis, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: - het doen bijzetten en bijgezet houden van maximaal 2 asbussen met of zonder urnen voor een termijn van minimaal 10 en maximaal 30 jaar;

e. urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen;

f. asbus: een bus ter berging van een overledene;

 

Artikel 2 Indeling en uitgifte der graven

  • 1.

    De graven worden onderverdeeld in:

  • a.

    algemene graven, waarin gelegenheid wordt gegeven om lijken te begraven voor de tijd van 20 jaren;

  • b.

    eigen graven, uitgegeven voor de tijd van minimaal 20 jaren en maximaal 40 jaren, bestemd voor het begraven van ten hoogste 2 lijken dan wel het plaatsen van 2 asbussen met of zonder urnen.

2. De gemeentelijke begraafplaats is bestemd voor:

-personen die blijkens de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het moment van overlijden inwoner van Vlieland waren dan wel dan wel familieleden in de eerste graad (kinderen of ouders) van inwoners van Vlieland;

- overledenen, niet-inwoner van Vlieland zijnde die blijkens de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens ten minste voor een periode van 5 aaneengesloten jaren inwoner zijn geweest van de gemeente Vlieland;

- overledenen die uit zee zijn aangebracht.

3. Algemene en eigen graven zijn maximaal 225 cm lang en 100 cm breed.

 

Artikel 3 De bezorging van as

  • 1.

    De urnengraven worden onderverdeeld in:

  • a.

    algemene urnengraven, waarin gelegenheid wordt gegeven tot het doen bijzetten van asbussen met of zonder urnen voor de tijd van 20 jaren.

  • b.

    eigen urnengraven, uitgegeven voor de tijd van minimaal 20 jaren en maximaal 40 jaren, bestemd voor het daarin bijzetten van ten hoogste 2 asbussen, met of

    zonder urn(en).

2. De eigen urnennissen worden uitgegeven voor de tijd van 10 jaar, waarbij de uitgifte met hooguit twee maal tien jaar mag worden verlengd. De eigen urnennissen zijn bestemd voor de bijzetting van ten hoogste twee asbussen met urnen.

3.De urnengraven en nissen in de urnenmuur zijn bestemd voor:

- personen die blijkens de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het moment van overlijden inwoner van Vlieland waren dan wel familieleden in de eerste graad (kinderen of ouders) van inwoners van Vlieland;

- overledenen, niet-inwoner van Vlieland zijnde die blijkens de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens ten minste voor een periode van 5 aaneengesloten jaren inwoner zijn geweest van de gemeente Vlieland;

 

Artikel 4 Openings-, begraaf- en asbezorgingstijden

1. De openingstijden van de Gemeentelijke begraafplaats te Vlieland zijn als volgt vastgesteld:

Maandag tot en met zondag: In de periode 1 oktober tot 1 april van 08.00 tot 17.00 uur In de periode 1 april tot 1 oktober van 08.00 tot 20.00 uur

2. Tijden voor begraven en asbezorging zijn als volgt vastgesteld:

Maandag tot en met vrijdag: Tussen 10.00 en 17.00 uur Zaterdag: Tussen 10.00 en 15.00 uur

3. Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen van bovenstaande tijden afwijken.

 

Artikel 5 Slotbepalingen

1.Deze nadere regels treden in werking op de derde dag na bekendmaking. 2. Deze nadere regels kunnen worden aangehaald als “Regels voor de graven, asbezorging en gedenkplaatsen 2010”.

3. Het uitvoeringsbesluit graven, asbezorging en gedenkplaatsen zoals vastgesteld op 23 januari 2007 komt met de inwerkingtreding van dit uitvoeringsbesluit te vervallen.

 

 

Vlieland, 19 januari 2009

 

Burgemeester en wethouders van Vlieland,

                                                                                              

secretaris,                                burgemeester,

Bijlage 2 uitvoeringsbesluit voor de grafbedekkingen

 

Burgemeester en wethouders van Vlieland;

 

Gelet op artikel 17, tweede lid van de verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats (beheersverordening  gemeentelijke begraafplaats Vlieland 1995);

 

Besluiten vast te stellen de volgende:

 

Nadere regels voor grafbedekkingen op de gemeentelijke begraafplaats Vlieland.

 

Artikel 1 Begripsomschrijving

 

Deze nadere regels verstaan onder:

  • 1.

    grafbedekking: gedenkteken en/of winterharde grafbeplanting;

  • 2.

    gedenkteken: voorwerp op het graf voor het aanbrengen van opschriften of figuren, daaronder begrepen kettingen en hekwerken;

  • 3.

    grafbeplanting: winterharde beplanting die door de rechthebbende  en/of de gemeente op een graf wordt aangebracht.

 

Artikel 2 Gedenkteken

 

  • 1.

    Voor de gedenktekens mogen alleen duurzame materialen worden gebruikt, zoals natuursteen, metaal, keramiek, duurzame kunststoffen of een ecologisch verantwoorde verduurzaamde houtsoort.

  • 2.

    De lengte van het gedenkteken mag niet langer zijn dan 60 cm (inclusief de kopsteen) terwijl de breedte van de grafsteen die van het graf niet mag overschrijden (maximaal 100 centimeter).

  • 3.

    De maximale hoogte van het gedenkteken is 110 cm.

  • 4.

    De maximale hoogte van verhoogde grafbedekkingen zoals hekwerken en kettingen is 50 cm

  • 5.

    De onderdelen moeten vast aan het gedenkteken zijn verbonden.

  • 6.

    Funderingsblokken moeten binnen het maaiveld blijven.

  • 7.

    De afmeting van de bedekking van een urnengraf bedraagt 60 cm x 60 cm.

 

Artikel 3 Losse bloemen en planten Op een (urnen)graf of op een urnennis kunnen potplanten en bloemen in vazen worden geplaatst. Het is toegestaan op een (urnen)graf of op een urnennis losse bloemen te leggen. Op een (urnen)graf of op een urnennis mogen éénjarige gewassen worden geplant. Na het plaatsen of planten mogen de planten en/of bloemen de breedte van het (urnen)graf of de urnennis niet overschrijden. Op de urnennis mogen tot maximaal 40 centimeter vanuit de voorzijde van de nis éénjarige gewassen worden geplant.

 

Artikel 4 Winterharde gewassen

  • 1.

    De winterharde gewassen die op de graven worden geplant mogen bij volle wasdom de breedte van het graf niet overschrijden, mogen tot maximaal 60 cm voor het graf reiken en geen groeimogelijkheid hebben die hoger is dan 110 cm.

  • 2.

    Het planten van winterharde gewassen op de urnennis is niet toegestaan.

  • 3.

    Indien op het graf of op de urnennis geplaatste gewassen schade veroorzaken aan andere in de nabijheid gelegen graven of urnennissen, dit ter beoordeling van de beheerder van de begraafplaats, is de gemeente gerechtigd deze gewassen weg te halen.

 

Artikel  5 Aanvraag vergunning

 

  • 1.

    Voor het hebben van een grafbedekking  is een schriftelijke vergunning nodig van burgemeester en wethouders.

  • 2.

    Voor het aanbrengen van voorwerpen (versierselen, kleine gedenktekens) en het schroeven, boren of uitvoeren van soort gelijke werkzaamheden aan de urnennis is een schriftelijke vergunning nodig van burgemeester en wethouders.

  • 3.

    Bij de schriftelijke aanvraag voor vergunning tot het hebben van een gedenkteken behoort een werktekening te worden ingediend.

  • 4.

    Op deze werktekening dienen ten minste voor te komen:

  • a.

    een boven-, voor en zijaanzicht met alle hoogte, breedte, dikte- en lengtematen;

  • b.

    de soort, kleur, bewerking van het te gebruiken materiaal;

  • c.

    de vermelding of de letters e.d ingehakt, opgehakt of van metaal zijn;

  • d.

    de woordindeling van het opschrift en de plaats van figuratie(s);

  • e.

    de soort van het materiaal van de fundering en de wijze van bevestiging van het gedenkteken daarop.

 

Artikel 6 Slotbepalingen

 

  • 1.

    Deze nadere regels treden in werking op de derde dag na bekendmaking.

  • 2.

    Deze nadere regels kunnen worden aangehaald als “regels voor grafbedekkingen op de gemeentelijke begraafplaats Vlieland 2010”.

  • 3.

    Gelijktijdig met de inwerkingtreding van dit uitvoeringsbesluit komen alle eerdere versies van het uitvoeringsbesluit voor de grafbedekkingen te vervallen.

 

Vlieland, 19 januari 2010

 

Burgemeester en wethouders van Vlieland,

 

Secretaris,                                Burgemeester,