<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR61060_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de rekenkamercommissie</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Soest</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-11</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Soest</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Soester Courant 19-12-2007</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Rekenkamercommissie gemeente Soest 2007</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-12-13</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-12-14</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-11-30</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RV 07-49</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Rekenkamer</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de rekenkamercommissie</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Kenmerk Griffie/2007/14465</al><al>Nummer RB 07-49 Agendapunt </al><al>Rekenkamercommissie met alleen externe leden </al><al>De raad der gemeente Soest; </al><al>b e s l u i t:</al><al>Vast te stellen de aangepaste verordening op de rekenkamercommissie:</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><tekst><al>Paragraaf 1</al><al>BEGRIPSBEPALINGEN</al><al>Artikel 1 Begripsbepalingen</al><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="A."><al>rekenkamercommissie: de commissie die is ingesteld bij besluit van
                                de gemeenteraad en die ten doel heeft om door middel van
                                beleidsevaluaties en doelmatigheidsonderzoeken een bijdrage te
                                leveren aan de doeltreffendheid van het beoogde beleid, alsmede de
                                doelmatige voorbereiding en uitvoering daarvan;</al></li><li nr="B."><al>doelmatigheid of efficiency: het streven om met een zo beperkt
                                mogelijke inzet van de beschikbare middelen het gewenste resultaat
                                te bereiken;</al></li><li nr="C."><al>doeltreffendheid of effectiviteit: de mate waarin een organisatie
                                erin slaagt met de geleverde prestaties de gestelde doelen of de
                                gewenste maatschappelijke effecten te bereiken;</al></li><li nr="D."><al>lid: een lid van de rekenkamercommissie dat op basis van artikel
                                2.2, eerste lid door de raad van buiten de kring van zijn leden is
                                aangewezen.</al></li><li nr="E."><al>rechtmatigheid: de mate waarin de handelingen van een organisatie in
                                overeenstemming zijn met de gemeentelijke begroting en van
                                toepassing zijnde wetten, verordeningen en regels.</al></li></lijst><al>Paragraaf 2</al><al>TAAK SAMENSTELLING EN LIDMAATSCHAP VAN DE REKENKAMERCOMMISSIE</al><al>Artikel 2.1 Taak van de commissie</al><lijst><li nr="1."><al>Er is een gemeentelijke rekenkamercommissie.</al></li><li nr="2."><al>De rekenkamercommissie voert onderzoek uit naar de
                                (maatschappelijke) effecten van het gemeentelijk beleid en naar de
                                doelmatigheid en doeltreffendheid van het gemeentelijke beleid, van
                                het gemeentelijke beheer en van de gemeentelijke organisatie, naar
                                de rechtmatigheid van het gemeentelijk beheer, alsmede naar de
                                doelmatigheid en doeltreffendheid van instellingen waarvan de
                                activiteiten geheel of in belangrijke mate door de gemeente worden
                                bekostigd.</al></li></lijst><al>Artikel 2.2 Samenstelling rekenkamercommissie</al><lijst><li nr="1."><al>De rekenkamercommissie bestaat uit vijf leden die door de raad
                                worden aangewezen op voordracht van een delegatie van de
                                fractievoorzitters voor een periode van 3 jaar; deze leden kunnen
                                door de raad op voordracht van de rekenkamercommissie één keer
                                worden herbenoemd voor een gelijke periode.</al></li><li nr="2."><al>De leden zoals bedoeld in het vorige lid leggen, alvorens zij hun
                                functie kunnen uitoefenen, in een vergadering van de raad in de
                                handen van de voorzitter van de raad de eed (verklaring en belofte)
                                af:</al></li></lijst><al>“Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de rekenkamercommissie benoemd
                        te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk
                        voorwendsel ook, enige gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en
                        beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch
                        middellijk enig geschenk of belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer
                        (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal
                        nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de rekenkamercommissie naar eer
                        en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig ! (Dat
                        verklaar en beloof ik!)”</al><al>3.De raad wijst uit de leden genoemd in lid 1 een voorzitter aan. De
                        voorzitter draagt zorg voor het tijdig en periodiek bijeenroepen van de
                        vergaderingen van de rekenkamercommissie, het leiden van de vergaderingen,
                        het bewaken van de uitvoering van de onderzoeksopzet en de werkwijze en het
                        bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming. Hij voert hiertoe regelmatig
                        overleg met de onderzoekers en met het secretariaat.</al><al>Artikel 2.3 Besluitvorming in de rekenkamercommissie</al><lijst><li nr="1."><al>In vergaderingen van de rekenkamercommissie wordt besloten bij
                                meerderheid van stemmen, waarbij ieder lid één stem heeft.</al></li><li nr="2."><al>Als de stemmen staken, is de stem van de voorzitter
                                doorslaggevend.</al></li><li nr="3."><al>Besluiten kunnen niet worden genomen tenzij een meerderheid van de
                                leden van de rekenkamercommissie ter vergadering aanwezig is.</al></li></lijst><al>Artikel 2.4 Einde van het lidmaatschap</al><lijst><li nr="1."><al>Het lidmaatschap van een lid eindigt:</al><lijst><li nr="A."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="B."><al>bij aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het
                                        lidmaatschap van de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="C."><al>wanneer het bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                        uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk
                                        een uitspraak een maatregel is opgelegd die
                                        vrijheidsbeneming tot gevolg heeft;</al></li><li nr="D."><al>indien het bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                        uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van
                                        faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft
                                        verkregen of wegens schulden is gegijzeld.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De leden van de rekenkamercommissie kunnen door de raad worden
                                ontslagen wanneer zij door ziekte, gebreken of ongeschiktheid niet
                                in staat zijn hun functie naar behoren te vervullen.</al></li></lijst><al>Artikel 2.5 Verboden betrekkingen en verboden handelingen.</al><lijst><li nr="1."><al>Een lid van de rekenkamercommissie kan in ieder geval niet tevens
                                een betrekking vervullen als bedoeld in artikel 13, eerste lid onder
                                a. tot en met h. van de Gemeentewet. De uitzonderingen als bedoeld
                                in het tweede lid van dat artikel zijn van toepassing.</al></li><li nr="2."><al>Het is de leden van de rekenkamercommissie verboden de handelingen
                                te verrichten als bedoeld in artikel 15 van de Gemeentewet. De raad
                                kan, gehoord de rekenkamercommissie, een lid van de
                                rekenkamercommissie dat heeft gehandeld in strijd met dit verbod van
                                zijn functie ontslaan.</al></li><li nr="3."><al>Leden overleggen aan de raad een keer per benoemingsperiode een
                                lijst met daarin opgenomen de nevenfuncties die zij op dat moment
                                vervullen. Wanneer er zich tussentijds wijzigingen voordoen, dan
                                wordt op het betreffende moment de gewijzigde lijst aan de raad
                                overlegd.</al></li></lijst><al>Artikel 2.6 Vergoeding voor de werkzaamheden van de leden van de
                        rekenkamercommissie.</al><lijst><li nr="1."><al>De leden van de rekenkamercommissie ontvangen een vergoeding voor
                                hun werkzaamheden.</al></li><li nr="2."><al>Ten aanzien van de vergoedingen als bedoeld in het eerste lid
                                alsmede de onkostenvergoedingen van de leden is een nog nader door
                                de raad op te stellen verordening ex artikel 96 van de Gemeentewet
                                van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="3."><al>De vergoedingen als bedoeld in het eerste lid komen ten laste van
                                het budget van de rekenkamercommissie als bedoeld in artikel 5.</al></li></lijst><al>Paragraaf 3</al><al>DE WERKWIJZE VAN DE REKENKAMERCOMMISSIE</al><al>Artikel 3.1 Reglement van orde</al><al>De rekenkamercommissie stelt een reglement van orde voor haar vergaderingen
                        en andere werkzaamheden vast. Zij zendt het reglement na de vaststelling
                        onverwijld ter kennisneming naar de gemeenteraad.</al><al>Artikel 3.2 Onderwerpen voor en beslissing tot uitvoeren van onderzoek</al><lijst><li nr="1."><al>De rekenkamercommissie bepaalt de onderwerpen die zij
                                onderzoekt.</al></li><li nr="2."><al>De rekenkamercommissie formuleert de exacte probleemstelling, de
                                onderzoeksvragen en stelt de onderzoeksopzet vast.</al></li><li nr="3."><al>De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de
                                rekenkamercommissie ter kennisneming aan de gemeenteraad
                                gezonden.</al></li><li nr="4."><al>Het onderwerp van onderzoek moet voldoen aan de criteria genoemd in
                                artikel 3.3,</al></li></lijst><al>lid 1. </al><al>Artikel 3.3 Criteria voor onderzoeken</al><lijst><li nr="1."><al>De volgende criteria dienen door de rekenkamercommissie te worden
                                gehanteerd bij de selectie van de te onderzoeken onderwerpen:</al><lijst><li nr="a."><al>Moet betrekken hebben op de doelmatigheid, doeltreffendheid
                                        of rechtmatigheid van (de uitvoering van) het beleid</al></li><li nr="b."><al>Er moet sprake zijn van een substantieel belang</al></li><li nr="c."><al>Het moet door de gemeente te beïnvloeden beleid
                                        betreffen</al></li><li nr="d."><al>Er moet sprake zijn van enige evenwichtige spreiding over de
                                        gemeentelijke beleidsterreinen in de opvolgende
                                        onderzoeken</al></li><li nr="e."><al>Het onderzoek moet communiceerbaar zijn</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De rekenkamercommissie beargumenteert de te onderzoeken onderwerpen
                                op basis van deze criteria.</al></li><li nr="3."><al>De raad kan de rekenkamercommissie een gemotiveerd verzoek doen tot
                                het instellen van een onderzoek. De raad beargumenteert het verzoek
                                op basis van de criteria zoals verwoord in lid 1 van dit artikel. De
                                rekenkamercommissie bericht de raad binnen 6 weken gemotiveerd in
                                hoeverre aan dat verzoek wordt voldaan. Het is uiteindelijk de
                                rekenkamercommissie die dus een besluit over een dergelijk verzoek
                                neemt.</al></li></lijst><al>Artikel 3.4 Uitvoering van het onderzoek en rapportage</al><lijst><li nr="1."><al>De rekenkamercommissie is belast met en verantwoordelijk voor de
                                uitvoering van het onderzoek volgens de door haar vastgestelde
                                onderzoeksopzet.</al></li><li nr="2."><al>De rekenkamercommissie beoordeelt of het wenselijk is de raad
                                tussentijds te informeren.</al></li><li nr="3."><al>De rekenkamercommissie is bevoegd van alle leden van het
                                gemeentebestuur en van alle ambtenaren de mondelinge en
                                schriftelijke inlichtingen in te winnen die zij nodig heeft voor de
                                uitvoering van het onderzoek. De rekenkamercommissie kan de
                                bevoegdheid tot het inwinnen van inlichtingen mandateren aan de
                                secretaris en de overige medewerkers die haar bij de uitvoering van
                                haar taak terzijde staan. De leden van het gemeentebestuur en de
                                ambtenaren van de gemeente zijn verplicht de gevraagde inlichtingen
                                binnen de door de rekenkamercommissie gestelde termijn te
                                verstrekken.</al></li><li nr="4."><al>De rekenkamercommissie vergadert in beslotenheid, haar rapporten
                                zijn openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de
                                Wet openbaarheid van bestuur kan de rekenkamercommissie rapporten
                                die aan de raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan als geheim
                                aanmerken. De leden van de rekenkamercommissie en degenen die ten
                                behoeve van de rekenkamercommissie werkzaam zijn, zijn verplicht tot
                                geheimhouding van al hetgeen hen in hun hoedanigheid van lid,
                                respectievelijk medewerker ter kennis is gekomen.</al></li><li nr="5."><al>De rekenkamercommissie kan openbare informatieve vergaderingen
                                beleggen.</al></li><li nr="6."><al>De rekenkamercommissie stelt betrokkenen ambtenaren in de
                                gelegenheid om binnen een door haar te stellen termijn die tenminste
                                twee weken bedraagt, hun zienswijze op het feitenonderzoek aan de
                                rekenkamercommissie kenbaar te maken. Betrokkenen zijn degenen wier
                                taakuitvoering (mede) voorwerp van onderzoek is of is geweest. De
                                rekenkamercommissie bepaalt wie verder als betrokkenen worden
                                aangemerkt.</al></li><li nr="7."><al>Na de ambtelijke hoor en wederhoor ten aanzien van de feiten (zie
                                lid 6) formuleert de rekenkamercommissie haar conclusies en
                                aanbevelingen in een nota.</al></li><li nr="8."><al>De rekenkamercommissie stelt het bestuur in de gelegenheid om binnen
                                een door haar te stellen termijn die tenminste twee weken bedraagt,
                                hun zienswijze op het onderzoek en de nota aan de
                                rekenkamercommissie kenbaar te maken.</al></li><li nr="9."><al>Na vaststelling door de rekenkamercommissie worden het
                                onderzoeksrapport en de nota met conclusies en aanbevelingen zo
                                spoedig mogelijk aan de raad aangeboden. Hierbij worden de
                                ambtelijke en bestuurlijke reacties gevoegd. De raad bespreekt de
                                onderzoeksresultaten op basis van het rapport en de nota met
                                conclusies en aanbevelingen. De raad stelt de eindconclusies
                                vast.</al></li></lijst><al>Paragraaf 4</al><al>DE ONDERSTEUNING VAN DE REKENKAMERCOMMISSIE</al><al>Artikel 4.1 Ambtelijk secretaris </al><lijst><li nr="1."><al>De rekenkamercommissie wijst een ambtelijk secretaris van de
                                rekenkamercommissie aan.</al></li><li nr="2."><al>De secretaris staat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van
                                haar taak terzijde.</al></li><li nr="3."><al>De secretaris legt met betrekking tot de wijze waarop de
                                ondersteunende taken worden verricht rechtstreeks verantwoording af
                                aan de rekenkamercommissie.</al></li></lijst><al>Artikel 4.2 Onderzoeksmedewerk(st)ers</al><lijst><li nr="1."><al>Onderzoeksmedewerk(st)ers kunnen, indien de rekenkamercommissie hen
                                daartoe de bevoegdheid als bedoeld in artikel 3.4, derde lid
                                toekent, alle informatie verzamelen die de rekenkamercommissie in
                                het belang van het onderzoek nodig acht; zij hebben een
                                geheimhoudingsplicht met betrekking tot die informatie en zijn
                                alleen verantwoording verschuldigd aan de rekenkamercommissie.</al></li><li nr="2."><al>De rekenkamercommissie is tevens bevoegd ten laste van het budget
                                als bedoeld in artikel 5 externe deskundigen in te schakelen. Het
                                hiervoor in lid 1 gestelde is op de externe deskundigen
                                dienovereenkomstig van toepassing.</al></li></lijst><al>Paragraaf 5</al><al>DE KOSTEN VAN DE REKENKAMERCOMMISSIE</al><al>Artikel 5 Budget</al><lijst><li nr="1."><al>De rekenkamercommissie is bevoegd binnen een aan haar bij de
                                begroting beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen ten behoeve
                                van de uitvoering van haar taken.</al></li><li nr="2."><al>Ten laste van het in het voorgaande lid bedoelde budget worden de
                                kosten gebracht van:</al><lijst><li nr="A."><al>de vergoedingen die krachtens artikel 2.6 zijn toegekend aan
                                        de leden van de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="B."><al>de ambtelijk secretaris;</al></li><li nr="C."><al>onderzoeksmedewerk(st)ers;</al></li><li nr="D."><al>de kosten van externe deskundigen die mogelijk door de
                                        rekenkamercommissie zijn ingeschakeld en</al></li><li nr="E."><al>de mogelijke overige uitgaven die de rekenkamercommissie
                                        nodig oordeelt voor de uitvoering van haar taak.</al></li></lijst></li></lijst><al>Paragraaf 6</al><al>SLOTBEPALINGEN</al><al>Artikel 6.1 Citeertitel; inwerkingtreding</al><lijst><li nr="1."><al>Deze gewijzigde verordening kan worden aangehaald als Verordening
                                Rekenkamercommissie gemeente Soest 2007;</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking op de dag na vaststelling door de
                                raad;</al></li><li nr="3."><al>Op dat tijdstip wordt de verordening Rekenkamercommissie Soest,
                                vastgesteld op 22 april 2004 ingetrokken.</al></li></lijst></tekst></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Soest, 13 december 2007</ondertekening><ondertekening>de raad voornoemd, </ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>M.van Vliet MPM AA A. Noordegraaf</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>