<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR60761_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van Parkeerbelastingen 2004</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Schiedam</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-29</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Schiedam</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Verzameling belasting- en retributieverordeningen en huis-aan-huis-blad Het Nieuwe Stadsblad dd 23-12-2003</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening parkeerbelastingen 2004</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 225</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2003-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2004-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>VR202/2003</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van Parkeerbelastingen 2004</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>De raad van de gemeente Schiedam;</vet></al><al/><al>gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouder;</al><al>gelet op artikel 225 van de Gemeentewet;</al><al>b e s l u i t:</al><al>vast te stellen de</al><al><vet>VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN PARKEERBELASTINGEN
                            2004</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten
                                    staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die
                                    nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of
                                    uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen
                                    van zaken, op de binnen de gemeente gelegen voor het openbaar
                                    verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen
                                    of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is
                                    verboden;</al></li><li nr="b."><al>houder: degene die naar de omstandigheden als houder van een
                                    motorvoertuig moet worden beschouwd, met dien verstande dat voor
                                    een motorvoertuig dat is ingeschreven in het krachtens de
                                    Wegenverkeerswet 1994 (Stb. 1994, 475) aangehouden register van
                                    opgegeven kentekens in principe als houder wordt aangemerkt
                                    degene op wiens naam het voor het motorrijtuig of brommobiel
                                    opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren in het register
                                    was ingeschreven;</al></li><li nr="c."><al>parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten, met inbegrip
                                    van verzamel-parkeermeters en hetgeen naar maatschappelijke
                                    opvatting overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan.</al></li><li nr="d."><al>dag: een periode van 24 uren die om 0.00 uur aanvangt;</al></li><li nr="e."><al>halve dag: een periode van 4 uur;</al></li><li nr="f."><al>GSM-parkeren: systeem waarbij personen die een contract hebben
                                    met een door de gemeente Schiedam geaccrediteerd bedrijf of
                                    bedrijven hun parkeren telefonisch of elektronisch aan- en
                                    afmelden en hun verschuldigde parkeerbelastingen betalen via het
                                    betreffende bedrijf.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>belastbaar feit</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>Onder de naam “parkeerbelastingen” worden de volgende belastingen
                            geheven:</al><lijst><li nr="a."><al>een belasting ter zake van het parkeren van een motorvoertuig op
                                    een bij, dan wel krachtens deze verordening in de daarin
                                    aangewezen gevallen door het college van burgemeester en
                                    wethouders te bepalen plaats, tijdstip en wijze;</al></li><li nr="b."><al>een belasting ter zake van een van gemeentewege verleende
                                    vergunning voor het parkeren van een motorvoertuig op de in die
                                    vergunning aangegeven plaats en wijze.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>belastingplicht</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven van
                                degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt mede
                                aangemerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>degene die de belasting voldoet, dan wel te kennen geeft of
                                        heeft gegeven de belasting te willen voldoen;</al></li><li nr="b."><al>zolang geen voldoening van de belasting genoemd in artikel
                                        2, onderdeel a, heeft plaatsgevonden: de houder van het
                                        motorvoertuig, met dien verstande dat</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>1.</lidnr><al>indien een voor ten hoogste drie maanden aangegane huurovereenkomst
                                wordt overgelegd waaruit blijkt wie ten tijde van het parkeren
                                ingevolge deze overeenkomst de huurder van het motorvoertuig was,
                                niet de houder maar de huurder wordt aangemerkt als degene die het
                                motorvoertuig heeft geparkeerd;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>indien blijkt dat een ander in het kentekenregister had moeten staan
                                ingeschreven, die ander wordt aangemerkt als degene die het
                                motorvoertuig heeft geparkeerd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt niet geheven
                                van degene die op de voet van het tweede lid, onderdeel b, als
                                degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt aangemerkt,
                                indien deze aannemelijk maakt dat ten tijde van het parkeren een
                                ander tegen zijn wil van het motorvoertuig heeft gebruik gemaakt en
                                dat hij dit gebruik redelijkerwijs niet heeft kunnen voorkomen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven van
                                degene die de vergunning heeft aangevraagd.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>vrijstelling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3a</nr></kop><al>De belasting bedoeld in artikel 2 wordt niet geheven in het geval het
                            betreft:</al><lijst><li nr="a."><al>motorvoertuigen als bedoeld in artikel 10, lid 1, van de
                                    Parkeerverordening Gemeente Schiedam 2003 en</al></li><li nr="b."><al>door burgemeester en wethouders nader aangeduide
                                    voertuigen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvak</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al>De maatstaf van heffing, het belastingtarief en het belastingtijdvak
                            zijn vermeld in de bij de verordening behorende en daarvan deel
                            uitmakende tarieventabel (bijlage 1) + overzichtskaart.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>ontstaan van de belastingschuld</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij
                                de aanvang van het parkeren.</al><lijst><li nr="a."><al>In afwijking van het bepaalde onder punt 1. is de belasting
                                        verschuldigd na afloop van het parkeren indien deze wordt
                                        geheven door middel van het GSM-parkeren.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd op
                                het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>wijze van heffing en termijnen van betaling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven bij
                                wege van voldoening op aangifte. Als voldoening op aangifte wordt
                                aangemerkt het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen
                                van de parkeerapparatuur op de daartoe bestemde wijze met
                                inachtneming van de door het college van burgemeester en wethouders
                                gestelde voorschriften.</al><lijst><li nr="a."><al>In afwijking van het onder punt 1. bepaalde wordt de
                                        belasting geheven door middel van het GSM-parkeren, indien
                                        de belastingplichtige bij de aanvang van het parkeren op de
                                        door het college van burgemeester en wethouders
                                        voorgeschreven wijze te kennen heeft gegeven voor deze wijze
                                        van heffing te opteren. Deze belasting wordt geheven bij
                                        wege van gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder
                                        mede wordt verstaan een nota of andere schriftuur. Deze
                                        belasting moet binnen de op de schriftelijke kennisgeving
                                        vermelde termijn worden betaald.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven bij
                                wege van voldoening op aangifte en moet worden betaald op het
                                tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien vergunninghouder het gebied waarvoor vergunning is verleend
                                metterwoon verlaat of het daar uitgeoefende beroep of bedrijf
                                beëindigt wordt ontheffing verleend over zoveel driemaandelijkse of
                                zoveel twaalfde gedeelten als er in dat kwartaal of jaar, na
                                beëindiging van de belastingplicht nog volle kalendermaanden
                                overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een naheffingsaanslag moet terstond worden betaald.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>bevoegdheid tot aanwijzing parkeerplaatsen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>De aanwijzing van de plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen
                            betaling van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, mag worden
                            geparkeerd geschiedt in alle gevallen door het college van burgemeester
                            en wethouders bij openbaar te maken besluit.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>bevoegdheid tot gebruik wielklem en wegsleepregeling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Tot zekerheid van de betaling van een naheffingsaanslag ter zake van
                                de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, kan aan het
                                motorvoertuig een wielklem worden aangebracht, waardoor wordt
                                verhinderd dat het motorvoertuig wordt weggereden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders wijst bij openbaar te
                                maken besluit in alle gevallen de terreinen en weggedeelten aan waar
                                de wielklem wordt toegepast.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien na het aanbrengen van de wielklem 24 uren zijn verstreken kan
                                het motorvoertuig naar een door de in artikel 231, tweede lid,
                                onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar
                                aangewezen plaats worden overgebracht en in bewaring worden
                                gesteld.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>kosten </titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De kosten van de naheffingsaanslag ter zake van de belasting bedoeld
                                in artikel 2, onderdeel a, bedragen € 50,00.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De kosten van het aanbrengen en het verwijderen van de wielklem
                                bedragen € 50,00.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De kosten voor de overbrenging bedragen € 147,94 en voor de bewaring
                                € 43,79 per etmaal met dien verstande dat daarenboven voor het
                                bewaren gedurende elk aansluitend half etmaal € 21,90 kosten
                                berekend worden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor de berekening van de in het derde lid bedoelde kosten wordt een
                                gedeelte van een in dat lid genoemde eenheid voor een volle eenheid
                                gerekend.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het bedrag van de ingevolge het tweede, derde en vierde lid in
                                rekening te brengen kosten wordt bij beschikking door burgemeester
                                en wethouders vastgesteld.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>kwijtschelding </titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><al>Bij de invordering van deze belasting wordt geen kwijtschelding
                            verleend.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en de invordering van de
                            parkeerbelastingen.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Schiedam in zijn openbare
                        vergadering van 16 december 2003, 16 februari 2004 (eerste wijziging),
                        13 december 2004 (tweede wijziging), 12 december 2005 (derde wijziging),
                        18 december 2006 (vierde wijziging), 27 september 2007 (vijfde
                        wijziging), 20 december 2007 (zesde wijziging), 18 december 2008
                        (zevende wijziging).</ondertekening><ondertekening>de griffier,</ondertekening><ondertekening>J.Gordijn,</ondertekening><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>W.M. Verver-Aartsen</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><tussenkop>Bijlage 1: tarieventabel</tussenkop><al>Behorende bij de Verordening Parkeerbelastingen 2004.</al><lijst><li nr="1."><al>Het tarief voor het parkeren op parkeerapparatuurplaatsen als bedoeld in
                            artikel 2, onderdeel a, bedraagt: voor de sectoren A en E:</al><lijst><li nr="a."><al> -</al></li></lijst></li><li nr="1."><al>€ 1,40 per 60 minuten met een minimale inworp van € 0,10</al></li><li nr="2."><al>€ 9,00 per dag</al></li><li nr="3."><al>Ingeval van een bord in sector A dan wel sector E aanduidende "betaald
                            parkeren" met daarbij het onderbord "alleen dagkaarten en
                            vergunninghouders" is het onder a.1 genoemde tarief niet van
                            toepassing.</al></li><li nr="4."><al>Het tarief genoemd onder a.2 is ook geldig op parkeerapparatuurplaatsen
                            gelegen in de sectoren B, C, D en E.</al></li></lijst><al>voor de sectoren B, C en D:</al><lijst><li nr="b."><al> -</al><lijst><li nr="1."><al>€ 1,40 per 60 minuten met een minimale inworp van € 0,10</al></li><li nr="2."><al>€ 2,50 per halve dag en</al></li><li nr="3."><al>€ 5,00 per dag</al></li><li nr="4."><al>Ingeval van een bord in de sectoren B, C en D aanduidende
                                    "betaald parkeren" met daarbij het onderbord "alleen dagkaarten
                                    en vergunninghouders" zijn de onder b.1 en b.2 genoemde tarieven
                                    niet van toepassing.</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>De onder b.1 tot en met b.3 genoemde tarieven zijn ook van toepassing
                            voor het parkeren op parkeerapparatuurplaatsen gelegen buiten de
                            sectoren A, B, C, D en E.</al><lijst><li nr="2."><al>Een gedeelte van de onder a.2, b.2 en b.3 van het vorige lid
                                    genoemde eenheid van tijd wordt voor een gehele eenheid
                                    gerekend.</al></li><li nr="3."><al>Het tarief van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b,
                                    bedraagt:</al><al>3.1Bewoners: Voor een vergunning als bedoeld in artikel 3, lid 2
                                    onder a, van de Parkeerverordening 2003:</al></li></lijst></li><li nr="a."><al>voor de eerste vergunning van maandag tot en met zaterdag inclusief
                            koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente is aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 6,15</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 61,46</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>voor de tweede vergunning van maandag tot en met zaterdag inclusief
                            koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente is aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 24,63</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 246,32</al><al>3.2Beroep/bedrijf: Voor een vergunning als bedoeld in artikel 3,
                                    lid 2 onder b, van de Parkeerverordening 2003:</al></li></lijst></li><li nr="a."><al>voor een eerste vergunning van maandag tot en met zaterdag inclusief
                            koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente is aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 21,51</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 215,13</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>voor een eerste vergunning van maandag tot en met vrijdag met
                            uitzondering van de koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente
                            is aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 15,37</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 153,67</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>voor een tweede vergunning van maandag tot en met zaterdag inclusief
                            koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente is aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 25,61</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 256,11</al></li></lijst></li><li nr="d."><al>voor een tweede vergunning van maandag tot en met vrijdag met
                            uitzondering van de koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente
                            is aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 17,93</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 179,28</al></li></lijst></li><li nr="e."><al>voor een derde en vierde vergunning van maandag tot en met zaterdag
                            inclusief koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente is
                            aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 30,73</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 307,32</al></li></lijst></li><li nr="f."><al>voor een derde en vierde vergunning van maandag tot en met vrijdag met
                            uitzondering van de koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente
                            is aangewezen;</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 21,51</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 215,13</al></li></lijst></li><li nr="g."><al>voor een vijfde en verdere vergunning van maandag tot en met vrijdag,
                            waarin een bepaald deel van de gemeente is aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 43,84</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 438,38</al><al>3.3Zorginstellingen: Voor een vergunning als bedoeld in artikel
                                    3, lid 2 onder b, van de Parkeerverordening 2003:</al></li></lijst></li><li nr="a."><al>voor een eerste vergunning van maandag tot en met zaterdag inclusief
                            koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente is aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 10,76</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 107,56</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>voor een eerste vergunning van maandag tot en met vrijdag met
                            uitzondering van de koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente
                            is aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 7,68</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 76,83</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>voor een tweede vergunning van maandag tot en met zaterdag inclusief
                            koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente is aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 12,81</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 128,06</al></li></lijst></li><li nr="d."><al>voor een tweede vergunning van maandag tot en met vrijdag met
                            uitzondering van de koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente
                            is aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 8,96</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 89,64</al></li></lijst></li><li nr="e."><al>voor een derde en vierde vergunning van maandag tot en met zaterdag
                            inclusief koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente is
                            aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 15,37</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 153,67</al></li></lijst></li><li nr="f."><al>voor een derde en vierde vergunning van maandag tot en met vrijdag met
                            uitzondering van de koopavond, waarin een bepaald deel van de gemeente
                            is aangewezen:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 10,76</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 107,56</al></li></lijst></li><li nr="g."><al>voor grote bedrijven: voor de vijfde en verdere vergunning:</al><lijst><li nr="-"><al>per maand € 21,92</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 219,19</al><al>3.4Voor een vergunning waarin een bepaald parkeerterrein binnen
                                    de gemeente is aangewezen met plaatsgarantie:</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 409,77</al><al>3.5Gereserveerde standplaats (onder andere autodate): Voor een
                                    vergunning voor een bepaald kenteken of bepaalde kentekens op
                                    één of meerdere standplaatsen:</al></li><li nr="-"><al>per jaar € 215,09</al><lijst><li nr="4."><al>Voor een parkeerkrasvergunning voor de in artikel 3 lid
                                            2 sub a en b Parkeerverordening 2003 genoemde eigenaren
                                            of houders van motorvoertuigen, per stuk € 2,50.</al></li></lijst></li></lijst></li></lijst><al>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Schiedam in zijn openbare
                    vergadering van 18 december 2008</al><al>de griffier,</al><al>J.Gordijn</al><al>de voorzitter,</al><al>W.M. Verver-Aartsen</al></bijlage></regeling></body></cvdr>