<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR60726_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening inzake de behandeling van bezwaarschriften personele aangelegenheden</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Winsum</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-12-07</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Winsum</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Wiekslag, 14-12-2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening inzake de behandeling van bezwaarschriften personele aangelegenheden</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Ambtenarenwet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2001-08-21</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-12-17</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening inzake de behandeling van bezwaarschrifen personele
            aangelegenheden</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Agendanummer: 13</al><al>De raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van
                        de gemeente Winsum, ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft;</al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders;</al><al>gehoord de commissie voor het Georganiseerd Overleg;</al><al>gelet op de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht, de Gemeentewet en
                        de Ambtenarenwet;</al><al/><al>B E S L U I T E N :</al><lijst><li nr=""><al>over te gaan tot instelling van een commissie van advies inzake
                                bezwaren van ambtenaren tegen besluiten van rechtspositionele
                                aard;</al></li><li nr=""><al>over te gaan tot vaststelling van de hierna vermelde </al></li></lijst><al><vet>“Verordening inzake de behandeling van bezwaarschriften personele aangelegenheden”.</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>I</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>I</nr><titel/></kop><lid><lidnr/><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>verwerend orgaan: het bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft
                                genomen;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>commissie: de commissie van advies inzake rechtspositionele
                                aangelegenheden van ambtenaren;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>wet: Algemene wet bestuursrecht.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>II</nr><titel>Behandeling van de bezwaar- en beroepschriften</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>De commissie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Inleidende bepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op gemaakte
                                bezwaren tegen:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>de waardering van functies;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>de beoordeling van medewerkers;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>herplaatsing van medewerkers; </al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>alle overige rechtspositionele zaken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling van de commissie/vergoeding</titel></kop><lid><lidnr/><al>De commissie bestaat uit:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>een onafhankelijk voorzitter, voorgedragen door de onder b. en c.
                                genoemde leden;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>een lid en een plaatsvervangend lid, voorgedragen door de
                                werknemersdelegaties van het Georganiseerd Overleg, samen met de
                                bestuurders;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>een door het college van burgemeester en wethouders voor te dragen
                                lid en plaatsvervangend lid.</al></lid><lid><lidnr/><al>De voorzitter en (plaatsvervangende) leden worden door het college
                                van burgemeester en wethouders benoemd.</al><al>De voorzitter en de (plaatsvervangende) leden van de commissie
                                kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder
                                verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan.</al><al>De commissie regelt de vervanging van de voorzitter.</al><al>De leden ontvangen per vergadering een vergoeding overeenkomstig
                                artikel 3a van de Verordening geldelijke voorzieningen raads- en
                                commissieleden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Secretaris</titel></kop><al>De secretaris is een door burgemeester en wethouders aangewezen
                                    ambtenaar.</al><al>Burgemeester en wethouders wijzen tevens een of meer
                                    plaatsvervangers van de secretaris aan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en de (plaatsvervangende) leden van de commissie
                                worden benoemd voor een periode van vier jaar en kunnen op ieder
                                moment ontslag nemen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aftredende leden kunnen worden herbenoemd mits ze hiervoor worden
                                voorgedragen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De afgetreden voorzitter en de aftredende leden van de commissie
                                blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is
                                voorzien.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders kan bij gemotiveerd
                                besluit één of meer (plaatsvervangende) leden, de voorzitter
                                daaronder begrepen, tussentijds ontslag verlenen.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Procedure</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Ingediend bezwaarschrift</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst
                                aangetekend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo
                                spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij het bericht van ontvangst als bedoeld in artikel 6:14 van de wet
                                wordt vermeld dat een commissie over het bezwaar zal adviseren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Overdracht bevoegdheden</titel></kop><lid><lidnr/><al>De bevoegdheden ingevolge de artikelen</al></lid><lid><lidnr>- </lidnr><al>2:1, tweede lid,</al></lid><lid><lidnr>- </lidnr><al>6:6, voor wat betreft het de indiener stellen van een termijn
                                waarbinnen het verzuim in de zin van niet voldoen aan de vereisten
                                als gesteld in artikel 6:5 van de wet, kan worden hersteld,</al></lid><lid><lidnr>- </lidnr><al>6:17, voor zover het betreft de verzending van stukken tijdens de
                                behandeling door de commissie;</al></lid><lid><lidnr>- </lidnr><al>7:4, tweede lid,</al></lid><lid><lidnr>- </lidnr><al>7:6, vierde lid,</al></lid><lid><lidnr/><al>van de wet worden voor de toepassing van deze verordening
                                uitgeoefend door of namens de voorzitter van de commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Vooronderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter is in verband met de voorbereiding van de behandeling
                                van het bezwaarschrift bevoegd rechtstreeks alle gewenste
                                inlichtingen in te winnen of te doen inwinnen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de
                                commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en dezen
                                zo nodig uitnodigen daartoe in de zitting te verschijnen. Indien
                                daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van burgemeester
                                en wethouders vereist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Hoorzitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de
                                belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden
                                gesteld zich door de commissie te doen horen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de
                                wet.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de voorzitter op grond van het in het tweede lid genoemde
                                artikel besluit van het horen af te zien doet hij daarvan mededeling
                                aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De zitting is niet openbaar.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Uitnodiging zitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter deelt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten
                                minste twee weken voor de zitting schriftelijk mee, dat zij in de
                                gelegenheid worden gesteld zich te doen horen tijdens de
                                zitting.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Binnen drie dagen na de in het eerste lid bedoelde mededeling kunnen
                                de belanghebbenden of het verwerend orgaan, onder opgaaf van redenen
                                de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting te
                                wijzigen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De beslissing van de voorzitter op een verzoek als bedoeld in het
                                tweede lid wordt zo spoedig mogelijk, maar in ieder geval een week
                                voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden en het
                                verwerend orgaan meegedeeld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken
                                of afwijkingen toe te staan van de termijnen als genoemd in het
                                eerste, tweede en derde lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Quorum</titel></kop><al>Voor het houden van een zitting is vereist, dat de meerderheid van het
                            aantal leden, waaronder in ieder geval de voorzitter dan wel zijn
                            plaatsvervanger, aanwezig is.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Niet deelneming aan de behandeling</titel></kop><al>De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de
                            behandeling van een bezwaarschrift, indien daarbij hun onpartijdigheid
                            in het geding kan zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Schriftelijke verslaglegging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de wet vermeldt de namen
                                van de aanwezigen, met daarbij een vermelding van hun
                                hoedanigheid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verslag houdt een korte vermelding van hetgeen over en weer is
                                gezegd en overigens ter zitting is voorgevallen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden,
                                die aan het verslag worden gehecht.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het door de commissie vastgestelde verslag wordt ondertekend door de
                                voorzitter en de secretaris van de commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Nader onderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt
                                opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de
                                voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de commissie dit
                                onderzoek houden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift
                                aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de
                                belanghebbenden toegezonden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de
                                belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de in het
                                eerste lid bedoelde nadere informatie aan de voorzitter van de
                                commissie een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe
                                hoorzitting. De voorzitter beslist omtrent een dergelijk
                                verzoek.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op een nieuwe hoorzitting, als bedoeld in het derde lid, zijn de
                                bepalingen in deze verordening, die betrekking hebben op de
                                hoorzitting zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Raadkamer en advies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het
                                uit te brengen advies.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>a. De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te
                                brengen advies.</al></lid><lid><lidnr/><al>b. Indien bij een stemming de stemmen staken dan beslist de stem van
                                de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr/><al>c. Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding
                                gemaakt, indien die minderheid dat verlangt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen
                                beslissing op het bezwaarschrift.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het door de commissie opgestelde advies wordt door de voorzitter en
                                de secretaris van de commissie ondertekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Uitbrengen advies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het advies wordt, onder medezending van het verslag als bedoeld in
                                artikel 13 en eventueel door de commissie ontvangen nadere
                                informatie, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het
                                bezwaarschrift moet beslissen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien naar het oordeel van de voorzitter de termijn van tien weken,
                                als bedoeld in artikel 7:10, eerste lid van de wet, ontoereikend is
                                voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies door de
                                commissie en het nemen van een beslissing verzoekt hij het in het
                                eerste lid bedoelde bestuursorgaan tijdig de beslissing te
                                verdagen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en de
                                belanghebbenden een afschrift.</al></lid></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>III</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de derde dag na bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: “Verordening inzake de
                            behandeling van bezwaarschriften personele aangelegenheden”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Winsum in zijn openbare
                        vergadering van 21 augustus 2001.</ondertekening><ondertekening>voorzitter,</ondertekening><ondertekening>secretaris,</ondertekening><ondertekening>Vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders in zijn
                        vergadering van 15 mei 2001 </ondertekening><ondertekening>burgemeester,</ondertekening><ondertekening>secretaris,</ondertekening><ondertekening>Vastgesteld door de burgemeester bij besluit van 15 mei 2001.</ondertekening><ondertekening>burgemeester,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>