<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR606635_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Herziene verordening toeristenbelasting 2017</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zevenaar</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-21</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zevenaar</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2017-233789">gmb-2017-233789</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Herziene verordening toeristenbelasting 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=224&amp;g=2017-07-01">artikel 224 van de Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=255&amp;g=2017-07-01">artikel 255 van de Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2017-11-29</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-12-30</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Herziene verordening toeristenbelasting 2017 </overheidrg:onderwerp></cvdripm></meta><body><intitule>Herziene verordening toeristenbelasting 2017</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Zevenaar; </al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 18 oktober 2017, Z/17/287495/320;</al><al/><al>gelet op de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005416&amp;titeldeel=IV&amp;hoofdstuk=XV&amp;paragraaf=3&amp;artikel=224&amp;z=2017-07-01&amp;g=2017-07-01">artikelen 224</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005416&amp;titeldeel=IV&amp;hoofdstuk=XV&amp;paragraaf=4&amp;artikel=255&amp;z=2017-07-01&amp;g=2017-07-01">255 van de Gemeentewet</extref>;</al></preambule><afkondiging><al><vet>besluit:</vet></al><al/><al>vast te stellen de:</al><al/><al><vet>Herziene verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting 2017</vet></al></afkondiging></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>– Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam 'toeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>– Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>– Vrijstellingen </titel></kop><al>De belasting wordt niet gegeven voor het verblijf:</al><lijst><li nr="1."><al>van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018906&amp;hoofdstuk=III&amp;artikel=5&amp;z=2017-07-01&amp;g=2017-07-01">artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen</extref>;</al></li><li nr="2."><al>van een vreemdeling als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&amp;hoofdstuk=3&amp;afdeling=4&amp;paragraaf=1&amp;artikel=29&amp;z=2017-10-01&amp;g=2017-10-01">artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000</extref>, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&amp;hoofdstuk=3&amp;afdeling=1&amp;artikel=8&amp;z=2017-10-01&amp;g=2017-10-01">artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet</extref>, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers;</al></li><li nr="3."><al>van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk verblijf forensenbelasting is verschuldigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>– Maatstaf van de heffing </titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal nachten in het belastingjaar. Het aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>– Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto, caravan dan wel enig ander onderkomen of ander voertuig of gewezen voertuig of een gedeelte daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde waarvoor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024779&amp;hoofdstuk=2&amp;paragraaf=2.1&amp;artikel=2.1&amp;z=2016-07-01&amp;g=2016-07-01">artikel 2.1, eerste lid, onderdeel a, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht</extref> is vereist; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf.</al></li><li nr="b."><al>kampeerterrein: terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en volgens die inrichting bestemd, om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen merendeels ten behoeve van recreatief nachtverblijf.</al></li><li nr="c."><al>vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld voor de plaatsing van eenzelfde kampeermiddel gedurende een seizoen of een jaar.</al></li><li nr="d."><al>volgtijdige standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld voor de volgtijdige plaatsing van verschillende kampeermiddelen.</al></li><li nr="e."><al>woning: een huis, een naar aard en inrichting vergelijkbaar ander onderkomen of een deel van een huis of een vergelijkbaar onderkomen.</al></li><li nr="f."><al>particulier: een natuurlijk persoon die buiten de uitoefening van een bedrijf of beroep gelegenheid biedt tot verblijf.</al></li><li nr="g."><al>particulier verhuurde woning: een woning die door een particulier ter beschikking wordt gesteld voor het houden van verblijf met overnachting tegen een vergoeding in welke vorm dan ook.</al></li><li nr="h."><al>recreatiewoning: een woning die volgtijdig ter beschikking wordt gesteld in het kader van het vakantie- en recreatiebedrijf voor het houden van verblijf met overnachting tegen een vergoeding in welke vorm dan ook.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor particulier verhuurde woningen, recreatiewoningen en voor kampeermiddelen op vaste standplaatsen kan het aantal overnachtingen bedoeld in artikel 4 op een bij de aangifte gedaan verzoek van de belastingplichtige forfaitair worden vastgesteld. Bij de forfaitaire vaststelling wordt het aantal overnachtingen gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten, overeenkomstig het bepaalde in het derde lid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de forfaitaire berekening voor particulier verhuurde woningen, recreatiewoningen en kampeermiddelen op vaste standplaatsen wordt het aantal personen dat heeft overnacht bepaald op 3, en het aantal malen dat is overnacht op 60. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>– Belastingtarief </titel></kop><al>Het tarief bedraagt per overnachting € 1,10.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>– Belastingjaar </titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>- Wijze van heffing </titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>– Aanslaggrens </titel></kop><al>Een belastingaanslag wordt niet opgelegd als het aantal overnachtingen, waartoe gelegenheid wordt of is gegeven, tijdens het belastingjaar minder dan tien zal of heeft belopen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>– Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004770&amp;hoofdstuk=II&amp;artikel=9&amp;z=2017-09-01&amp;g=2017-09-01">artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990</extref> moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002448&amp;z=2010-10-10&amp;g=2010-10-10">Algemene termijnenwet</extref> is niet van toepassing op de in de in het eerste lid gestelde termijn. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>– Kwijtschelding </titel></kop><al>Bij de invordering van toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>– Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven voor de heffing en invordering van de toeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>– Overgangsbepaling</titel></kop><al>De “Verordening toeristenbelasting 2017”, vastgesteld bij raadsbesluit van 21 december 2016, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 14, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>– Inwerkingtreding</titel></kop><al>1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van de bekendmaking.</al><al>2. De datum van ingang van de heffing is 31 december 2017.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>– Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Herzien verordening toeristenbelasting 2017”. </al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><gegeven><dagtekening><datum isodatum="2017-11-29">Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zevenaar, gehouden op 29 november 2017. </datum></dagtekening></gegeven><ondertekening><functie>De griffier, </functie></ondertekening><ondertekening><functie>De voorzitter, </functie></ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>