<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR605342_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Moerdijk</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Moerdijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Moerdijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2017-228472">gmb-2017-228472</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Moerdijk</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005537&amp;artikel=4%3A81&amp;g=2017-12-01">artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0015703&amp;artikel=35&amp;g=2017-10-01">artikel 35 van de Participatiewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>algemeen</dcterms:subject><dcterms:issued>2017-12-05</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2018-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-01-03</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Moerdijk</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk </al><al>gelet op de artikelen 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht en 35 van de Participatiewet,</al><al>overwegende dat het wenselijk is om kaders vast te stellen waarbinnen bijzondere bijstand kan worden verleend,</al><al>BESLUIT</al><al>vast te stellen de beleidsregels: “Bijzondere bijstand gemeente Moerdijk”</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepaling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet, de Algemene wet bestuursrecht en de Gemeentewet.</al></li><li nr="2."><al>In deze beleidsregels wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de wet: de Participatiewet (Pw);</al></li><li nr="b."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ….;</al></li><li nr="c."><al>de bijstandsnorm: de norm zoals bedoeld in artikel 5 onder c van de wet exclusief vakantietoeslag en met dien verstande dat de zogenaamde kostendelersnorm als bedoeld in art. 22a van de wet bij de beoordeling van aanvragen bijzondere bijstand buiten toepassing blijft;</al></li><li nr="d."><al>inkomen: het netto maandinkomen exclusief vakantietoeslag van de belanghebbende;</al></li><li nr="e."><al>voorliggende voorziening: een voorziening buiten de wet, die naar aard en doel geacht wordt toereikend en passend te zijn voor de belanghebbende, waardoor geen recht op bijzondere bijstand bestaat. Hierbij wordt aangesloten bij het bepaalde in artikel 5 en 15 van de wet.</al></li><li nr="f."><al>belanghebbende: de aanvrager/ontvanger van bijzondere bijstand en de tot zijn gezin behorende gezinsleden.</al></li><li nr="g."><al>draagkracht uit inkomen: het op grond van artikel 3 van deze beleidsregels vastgestelde inkomen maal 12.</al></li></lijst></li></lijst><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2</nr><titel>Draagkracht</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Draagkracht uit vermogen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het volgens artikel 34 van de wet in aanmerking te nemen vermogen wordt geheel in beschouwing genomen voor de draagkracht uit vermogen.</al></li><li nr="2."><al>Bij de toepassing van artikel 34 wordt het vermogen in de door belanghebbende of zijn gezin bewoonde woning met bijbehorend erf niet in aanmerking genomen. </al></li><li nr="3."><al>Het vermogen boven de vermogensgrens als bedoeld in artikel 34 van de wet, wordt gezien als draagkracht uit vermogen. Het vermogen boven deze vermogensgrens wordt voor de berekening van de draagkracht uit vermogen volledig als draagkracht in aanmerking genomen. </al></li><li nr="4."><al>Bezittingen zoals bedoeld in artikel 34 tweede lid van de wet worden niet tot de draagkracht uit vermogen gerekend.</al></li></lijst><al/><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Draagkracht uit inkomen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De belanghebbende met een inkomen tot 110% van de toepasselijke bijstandsnorm wordt geacht geen draagkracht uit inkomen te hebben. </al></li><li nr="2."><al>Als het netto inkomen van de belanghebbende hoger is dan 110% van de toepasselijke bijstandsnorm wordt 35% van het overschrijdingsbedrag voor de berekening van de draagkracht uit inkomen in aanmerking genomen tenzij het een aanvraag voor bijzondere bijstand betreft voor de onder lid 3 genoemde kostensoorten.</al></li><li nr="3."><al>Betreft het een aanvraag voor bijzondere bijstand voor de kostensoorten: inkomensaanvulling jongeren 18 – 21 jaar, woonkostentoeslag, doorbetaling vaste lasten bij detentie of verblijf in een inrichting, overbruggingsuitkering, of toeslag compensatie alleenstaande ouder-kop (ALO-kop) kindgebonden budget, dan wordt het netto inkomen voor zover dit de bijstandsnorm overstijgt volledig als draagkracht uit inkomen in aanmerking genomen.</al></li><li nr="4."><al>Als de belanghebbende een vast periodiek inkomen heeft, wordt bij de vaststelling van het inkomen uitgegaan van het inkomen van de maand waarin de kosten zich voordoen. Indien de belanghebbende wisselende inkomsten heeft, wordt uitgegaan van het gemiddelde inkomen over drie maanden t.w. het inkomen waarin de kosten zich voordoen en de 2 hieraan voorgaande maanden;</al></li><li nr="5."><al>De vrijlatingen genoemd in artikel 31 tweede lid van de wet, worden niet tot het in aanmerking te nemen inkomen gerekend;</al></li><li nr="6."><al>Bij de berekening van de draagkracht uit inkomen, blijft artikel 22a Pw (=kostendelersnorm) buiten toepassing;</al></li><li nr="7."><al>Bij de vaststelling van de draagkracht uit inkomen, worden de: individuele inkomenstoeslag (artikel 36 Pw) en de individuele studietoeslag (art. 36b Pw), buiten beschouwing gelaten; </al></li><li nr="8."><al>Als de belanghebbende op datum aanvraag bijzondere bijstand de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt, wordt de pensioenvrijlating genoemd in art. 33 lid vijf van de wet niet tot het in te aanmerking nemen inkomen gerekend;</al></li><li nr="9."><al>Bij de berekening van de draagkracht wordt rekening gehouden met een eventueel executoriaal beslag op inkomen met dien verstande dat uitgegaan wordt van het besteedbaar inkomen;</al></li><li nr="10."><al>Bij de belanghebbende die deelneemt aan een minnelijke schuldregeling, wordt bij de berekening van de draagkracht van die belanghebbende uitgegaan van het besteedbaar inkomen mits door deze belanghebbende wordt aangetoond dat de minnelijke schuldregeling conform de richtlijnen van de Nederlandse vereniging voor Volkskrediet (NVVK) is. </al></li><li nr="11."><al>De belanghebbende die deelneemt aan een schuldsaneringstraject op grond van de Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) wordt geacht geen draagkracht uit inkomen te hebben;</al></li><li nr="12."><al>Ondanks dat de Wet op de Inkomstenbelasting de mogelijkheid biedt om bepaalde medische kosten als aftrekpost op te kunnen voeren wat een lagere definitieve aanslag inkomstenbelasting tot gevolg kan hebben, wordt dit mogelijk recht op belastingvermindering -of teruggave buiten beschouwing gelaten bij de beoordeling van het recht op bijzondere bijstand.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Draagkrachtperiode</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De draagkracht wordt voor een periode van 12 maanden vastgesteld beginnende op de eerste dag van de maand waarin de kosten zich voordoen;</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, kan voor een specifiek aan te wijzen groep belanghebbenden waarvan is bepaald dat hun persoonlijke –en/of financiële omstandigheden niet aan relevante wijziging onderhevig zijn, de draagkracht voor een langere periode worden vastgesteld;</al></li><li nr="3."><al>Indien binnen de vastgestelde draagkrachtperiode een nieuwe aanvraag voor bijzondere bijstand wordt ingediend en de persoonlijke en/of financiële omstandigheden van belanghebbende zijn niet ingrijpend (=minimaal 20% inkomenswijziging) gewijzigd, blijft de reeds vastgestelde draagkracht voor die periode gelden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Draagkrachtverrekening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De draagkracht wordt in één keer verrekend met de toe te kennen c.q. uit te betalen bijzondere bijstand;</al></li><li nr="2."><al>Bij periodieke bijzondere bijstand kan, in afwijking van het bepaalde in het eerste lid, indien zich bijzondere omstandigheden voordoen de draagkracht naar rato van het aantal maanden waarop de bijstand betrekking heeft worden verrekend met een maximale verrekening termijn van 12 maanden.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Wijziging reeds vastgestelde draagkracht</titel></kop><al>Een reeds vastgestelde draagkracht, of draagkrachtperiode, kan slechts worden gewijzigd als de persoonlijke en/of financiële omstandigheden van belanghebbende gedurende de al vastgestelde draagkrachtperiode ingrijpend (= minimaal 20% inkomenswijziging) wijzigen. </al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3</nr><titel>Drempelbedrag, vorm van de bijstand, bijstand met terugwerkende kracht en specifiek kostensoortenbeleid </titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Drempelbedrag</titel></kop><al>Van de in artikel 35 lid 2 van de wet genoemde bevoegdheid om bijzondere bijstand te weigeren indien de kosten binnen 12 maanden het in dat artikel genoemde bedrag niet te boven gaan, wordt geen gebruik gemaakt. Er wordt dan ook geen drempelbedrag gehanteerd.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Mogelijkheid toekennen bijzondere bijstand met terugwerkende kracht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bijzondere bijstand kan in het kader van buitenwettelijk begunstigend beleid worden toegekend tot en met 12 maanden na het moment waarop de kosten zijn gemaakt. </al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het bepaalde in lid 1 moet een aanvraag bijzondere bijstand worden ingediend voordat de kosten zijn gemaakt als dit in de “Bijlage kostensoorten bijzondere bijstand” is bepaald.</al></li><li nr="3."><al>Als voorwaarde voor de bijzondere bijstandsverlening met terugwerkende kracht geldt dat de noodzaak van bijstandsverlening moet kunnen worden vastgesteld.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Specifiek beleid voor bepaalde kostensoorten</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor een aantal met name genoemde kostensoorten geldt specifiek gemeentelijk beleid. Deze kostensoorten zijn opgenomen in de “Bijlage kostensoorten bijzondere bijstand”. De “Bijlage kostensoorten bijzondere bijstand” maakt integraal onderdeel uit van deze beleidsregels.</al></li><li nr="2."><al>Deze beleidsregels zijn niet van toepassing op de verstrekking van bijzondere bijstand in de vorm van een collectieve aanvullende zorgverzekering, of in de vorm van een tegemoetkoming in de kosten van de premie van een dergelijke verzekering zoals bedoeld in artikel 35 lid 3 van de wet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Relatie collectieve zorgverzekering minima en bijzondere bijstand</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag bijzondere bijstand voor:</al><lijst><li nr="a."><al>medische kosten/behandelingen en/of </al></li><li nr="b."><al>de door het Centraal Administratiekantoor (CAK) opgelegde eigen bijdrage op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) of Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo),wordt geweigerd omdat de Zvw, Wlz en Wmo als zogenaamde passende en toereikende voorliggende voorzieningen worden aangemerkt;</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>In afwijking van het bepaalde in lid 1 wordt, in het kader van buiten wettelijk begunstigend beleid, bijzondere bijstand verstrekt voor de noodzakelijke bijzondere medische kosten als:</al><lijst><li nr="a."><al>de belanghebbende deelneemt aan de collectieve zorgverzekering voor minima en naar het oordeel van het Werkplein Hart van West-Brabant de noodzakelijke bijzondere kosten hoger zijn dan de maximale vergoeding die op basis van de collectieve zorgverzekering voor minima kan worden verstrekt tenzij in de “Bijlage kostensoorten bijzondere bijstand” is bepaald dat voor de betreffende kosten geen bijzondere bijstand wordt verstrekt. De hoogte van de dan te verstrekken bijzondere bijstand wordt vastgesteld op het verschil tussen die noodzakelijke kosten en de maximale vergoeding op grond van de daadwerkelijke collectieve zorgverzekering voor minima;</al></li><li nr="b."><al>de aanvrager vanwege redenen die buiten zijn beïnvloedingssfeer liggen en waarvan hem redelijkerwijs geen verwijt kan worden gemaakt nog geen gebruik kan maken van de collectieve zorgverzekering voor minima. De hoogte van de te verstrekken bijzondere bijstand wordt in dit geval vastgesteld op het bedrag van de noodzakelijke bijzondere kosten met als maximumbedrag het bedrag zoals genoemd in de vergoedingsoverzichten van de collectieve zorgverzekering met de laagste premie.</al></li></lijst></li></lijst><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>4</nr><titel>SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als “Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente … “.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Moerdijk treden in werking met ingang van 1 januari 2018 .</al></li><li nr="2."><al>Met ingang van 31 december 2017 worden de Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Moerdijk van de gemeente Moerdijk ingetrokken.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De rechtsgevolgen van beschikkingen bijzondere bijstand welke zijn toegekend in de periode voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze beleidsregels, blijven van kracht met dien verstande dat wanneer de nieuwe beleidsregels gunstigere bepalingen voor de belanghebbende bevatten, de belanghebbende dan een nieuwe beschikking ontvangt, waarin vermeld wordt dat dan het nieuwe beleid prevaleert.</al></li><li nr="2."><al>Indien een aanvraag bijzondere bijstand is ingediend in de periode voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze beleidsregels en er op die aanvraag nog geen besluit is genomen op het moment van inwerkingtreding van deze beleidsregels, geldt het voor de belanghebbende meest gunstige beleid.</al></li></lijst><al/><al>Aldus vastgesteld door burgemeester en wethouders van (gemeente) op (datum..),</al><al>De secretaris, De burgemeester,</al><al>Bijlage: Bijlage kostensoorten bijzondere bijstand.</al><al><vet><onderstreept>Bijlage kostensoorten bijzondere bijstand</onderstreept></vet></al><al><onderstreept>Inhoudsopgave:</onderstreept></al><al><vet>Categorie a: directe levensbehoeften</vet>:                                                                                                               <onderstreept>Pag.</onderstreept></al><al/><lijst><li nr="1."><al>ADL=algemene dagelijkse levensverrichtingen                                                                                                4</al></li><li nr="2."><al>Eenmalig levensonderhoud/overbruggingsuitkering                                                                                         4</al></li><li nr="3."><al>Jongere 18 - 21 jaar met noodzaak zelfstandig wonen, niet zijnde verblijf in inrichting                                       5</al></li><li nr="4."><al>Jongere 18 - 21 jaar die in een inrichting verblijft                                                                                            6</al></li><li nr="5."><al>Kleding/Schoeisel                                                                                                                                         7</al></li><li nr="6."><al>Maaltijdvoorziening                                                                                                                                       8</al></li><li nr="7."><al>Verwarmings -en verlichtingskosten (stook en energiekosten)                                                                          8</al></li></lijst><al><vet>Categorie b: - voorzieningen voor het huishouden</vet>:</al><lijst><li nr="1."><al>Eigen Bijdrage WMO/CAK                                                                                                                             9</al></li></lijst><al><vet>Categorie  c: - voorzieningen voor wonen:</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Alarmsysteem                                                                                                                                             10</al></li><li nr="2."><al>Babykamer - babyuitzet                                                                                                                              10</al></li><li nr="3."><al>Bad -en douchekosten                                                                                                                                12</al></li><li nr="4."><al>Doorbetaling vaste lasten                                                                                                                            12</al></li><li nr="5."><al>Doorbetaling vaste lasten i.v.m. detentie                                                                                                      13</al></li><li nr="6."><al>Dubbele huur bij aanvaarding andere woning                                                                                                14</al></li><li nr="7."><al>Kosten inrichting/ huisraad                                                                                                                           15</al></li><li nr="8."><al>Verhuiskosten                                                                                                                                             17</al></li><li nr="9."><al>Woningaanpassing i.v.m. handicap                                                                                                              18</al></li><li nr="10."><al>Woonkosten                                                                                                                                               18</al></li></lijst><al><vet>Categorie d:  voorzieningen voor opvang</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Kinderopvang bij sociaal medische indicatie (SMI)                                                                                        20</al></li><li nr="2."><al>Kinderopvang i.v.m. arbeid – scholing - inburgering                                                                                     21</al></li><li nr="3."><al>Peuterspeelzaal                                                                                                                                           23</al></li></lijst><al><vet>Categorie e: kosten uit maatschappelijke zorg</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Kosten telefoon / internet                                                                                                                            24</al></li><li nr="2."><al>Reiskosten                                                                                                                                                 25</al></li></lijst><al><vet>Categorie f: financiële transacties</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Beschermingsbewind niet zijnde WSNP                                                                                                        27</al></li><li nr="2."><al>Rechtsbijstand (advocaat kosten)                                                                                                                28</al></li><li nr="3."><al>Schuldhulpverleningskosten                                                                                                                        29</al></li></lijst><al><vet>Categorie g: uitstroombevordering</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Omscholing/studie (zowel tertiair nivo (=hoger beroeps –en wetenschappelijk onderwijs), als niet tertiair)         30</al></li><li nr="2."><al>Opleidingskosten BBL opleiding                                                                                                                  30</al></li></lijst><al><vet>Categorie h: medische dienstverlening</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Alternatieve geneeswijzen en geneesmiddelen                                                                                              31</al></li><li nr="2."><al>Dieetkosten                                                                                                                                                32</al></li><li nr="3."><al>Eigen risico zorgverzekering                                                                                                                        33</al></li><li nr="4."><al>Fysiotherapie                                                                                                                                              34</al></li><li nr="5."><al>Huidaandoeningen                                                                                                                                      35</al></li><li nr="6."><al>Hulpmiddelen, specifiek                                                                                                                              36</al></li><li nr="7."><al>Logeerkosten / therapeutisch kamp voor zieke kinderen                                                                                37</al></li><li nr="8."><al>Tandarts/ mondhygiëne                                                                                                                               38</al></li><li nr="9."><al>Voetbehandeling                                                                                                                                         39</al></li><li nr="10."><al>Alle overige medische kosten en behandelingen                                                                                           40</al></li></lijst><al><vet>Categorie i: overige kostensoorten</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Begrafenis-crematiekosten                                                                                                                          41</al></li><li nr="2."><al>Compensatie bij géén recht op alleenstaande-ouderkop (ALO-kop) kindgebonden budget                              44</al></li><li nr="3."><al>Lijst met gebruikte begrippen en afkortingen                                                                                                46</al></li></lijst><al>  </al><al><vet>Voor de beoordeling van de navolgende kostensoorten geldt de volgende opbouw en volgorde: </vet></al><lijst><li nr="1."><al><vet>1.     </vet><vet>voorliggende voorziening; </vet></al></li><li nr="2."><al><vet>2.     </vet><vet>reservering:</vet></al></li><li nr="3."><al><vet>3.     </vet><vet>beoordeling bijzondere bijstand </vet></al></li></lijst><al> </al><table><tgroup cols="10"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><colspec colname="colD"/><colspec colname="colE"/><colspec colname="colF"/><colspec colname="colG"/><colspec colname="colH"/><colspec colname="colI"/><colspec colname="colJ"/><tbody><row><entry><al>Categorie a: directe   levensbehoeften</al></entry></row><row><entry><al><vet>ADL=algemene dagelijkse    levensverrichtingen</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>ADL staat voor algemene dagelijkse   levensverrichtingen zoals bijvoorbeeld:   - aan -en uitkleden;   - wassen;   - in -en uit bed gaan.   Hulpmiddelen die cliënten hierbij nodig hebben zijn o.a.: aangepast bestek,   aankleedstokjes, kousenuittrekker, helping hand, leesstandaard etc.    Zvw en Wmo zijn in deze voorliggende voorzieningen waardoor bijz. bijstand   voor deze kosten niet of nauwelijks voorkomt</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Zvw, zorgverzekering voor minima   en Wmo.   Bij inwoning van een gehandicapt kind in de leeftijd van 3 jaar tot 18 jaar:   sinds 01-01-2015 recht op    2x kinderbijslag.</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Indiv. bepaald.    De (restant) kosten in vorm van eenmalig bedrag</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>pro forma /aankoopnota</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Eenmalig levensonderhoud/ overbruggingsuitkering</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>De Pw-uitkering (art. 45 1e lid)   wordt per kalendermaand vastgesteld en achteraf betaald. Dit kan soms tot   problemen leiden. Wanneer men hierdoor in de financiële problemen raakt, kan een   overbruggingsuitkering worden verstrekt. Van financiële problemen als hier   bedoeld is sprake als belanghebbende niet beschikt, of redelijkerwijs kan   beschikken, over middelen om de periode tot de eerst volgende betaling van de   uitkering te overbruggen. Recht op Pw dient vast te staan voordat   overbruggingsuitkering wordt beoordeeld.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>1 maand bijstandsnorm excl. VT   voor 21-jarigen alleenstaande (artikel 21 Pw) ongeacht de gezinssituatie</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>geen</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Jongere 18 </vet><vet>- 21   jaar met noodzaak zelfstandig wonen, niet zijnde verblijf in inrichting   (aanvulling op regulier inkomen)</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Jongeren van 18 tot en met 20 jaar   hebben een beperkter recht op alg. en bijz. bijstand en ook de Pw-normen zijn   lager dan voor personen van 21 jr of ouder. Bij  noodzaak voor zelfstandig wonen en mits geen   beroep op ouders kan worden gedaan, kan alg. maandinkomen via de bijz.   bijstand worden aangevuld.</al><al>Uitzondering:   Jongeren die WSF ontvangen. Hiervoor geldt de WSF als toereikende   voorliggende voorziening voor levensonderhoud. </al><al>Jongeren die WTOS ontvangen   kunnen wel in   aanmerking komen voor bijzondere bijstand. Bij de berekening dient dan enkel   rekening gehouden te worden met het bedrag van de basistoelage voor   levensonderhoud. Aanvulling is tot de WSF norm (artikel 33 lid 2 PW,   aanvulling tot normbedrag beroepsonderwijs voor uitwonende student als   bedoeld in art. 3.18 WSF-2000), op deze manier worden WSF-ers en WTOS-ers   gelijk behandeld. Voorwaarde is dat hij/zij noodgedwongen op zich zelf moet wonen   en ook géén beroep kan doen op de onderhoudsplicht van zijn/haar ouders.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>onderhoudsplicht ouders</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Afhankelijk van de klantsituatie   geldt één van onderstaande opties:</al><lijst><li nr="1."><al>aanvulling tot bijstandsnorm 21-jarige   alleenstaande zonder kostendelende medebewoners incl. vakantietoeslag (artikel   21 onder a Pw).</al></li><li nr="2."><al>bij studerende alleenstaande met recht op   WTOS: aanvulling tot WSF norm (artikel 33 lid 2 PW, aanvulling tot normbedrag   beroeps-onderwijs voor uitwonende student als bedoeld in art. 3.18 WSF-2000).</al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Ja</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>stuk waaruit noodzaak voor zelfstandig   wonen blijkt   bewijs van aanvrager dat geen beroep op ouders kan worden gedaan</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Jongere 18 </vet><vet>- 21   jaar    die in een inrichting verblijft</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Artikel 13 lid 2 onder a Pw   bepaalt dat degene van 18 tot en met 20 jaar die in een inrichting verblijft   géén recht heeft op algemene bijstand. Het komt heel incidenteel voor dat een   jongere in die leeftijdsgroep in een inrichting verblijft en niet over   voldoende middelen beschikt of kan beschikken (=incl. onderhoudsplicht   ouders) om in de noodzakelijke kosten van het bestaan te kunnen voorzien. De in   art.13 Pw genoemde uitsluitingsgronden staan in zo’n uitzonderlijke situatie de   verlening van periodieke bijzondere bijstand niet in de weg. </al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>onderhoudsplicht ouders en overig   inkomen (Denk bijv. aan: Wajong, studiefinanciering, alimentatie e.d.)</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>norm artikel 23 Pw (zak en   kleedgeld) onder volledige aftrek van het inkomen waarover de jongere   beschikt of kan beschikken.</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Ja</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>bewijs van aanvrager dat geen   beroep op ouders kan worden gedaan   bewijs overig inkomen</al></entry></row><row><entry><al><vet>Kleding/Schoeisel</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Kosten voor: aanschaf,   herstel, vervanging, onderhoud en reiniging van kleding, schoeisel en   beddengoed behoren tot de alg. noodzakelijke kosten v/h bestaan. Deze moeten   uit beschikbare inkomen worden bekostigd via reservering vooraf, of gespreide   betaling achteraf.    Als in bijzondere omstandigheden ten gevolge van: lichamelijke en/of   psychische gesteldheid, ziekte of handicap extra kosten gemaakt moeten worden   is bijz. bijstand mogelijk. Denk bijvoorbeeld aan:</al><lijst><li nr="1."><al>sterke vermagering of gewichtstoename door: ziekte, gebrek   of medicijngebruik waardoor de kleding niet meer past;</al></li><li nr="2."><al>abnormale slijtage door: gebruik van kunst- of   hulpmiddelen, veelvuldige bewassing door incontinentie e.d.   Opm. extra energiekosten door veelvuldige bewassing vallen onder   ''energiekosten''.</al></li></lijst><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Ouders met thuiswonende   gehandicapte kinderen in de leeftijd van 3 tot 18 jaar hebben sinds   01-01-2015 recht op 2x kinderbijslag. Deze regeling vervangt de Regeling   tegemoetkoming onderhoudskosten thuiswonende gehandicapte kinderen.</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>meerkosten vergoeden, te bepalen   a.d.h.v. NIBUD-normen </al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>om niet, uitbetaling op   beschikking</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>aankoopbonnen moeten minimaal 12   maanden bewaard worden en deze moeten op verzoek van het Werkplein overgelegd   worden</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Bewijs waaruit noodzaak te maken   kosten blijkt</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Maaltijdvoorziening</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Als men (tijdelijk) niet in staat   is om een warme maaltijd voor zichzelf te bereiden, kan gebruik warme   maaltijdvoorziening waarbij de maaltijden aan huis worden bezorgd nodig zijn.   Omdat deze service vaak duurder is dan zelf maaltijden bereiden, komen   meerkosten voor bijz. bijstandsvergoeding in aanmerking</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>geen, met uitzondering van   inwoners gemeente Eten-Leur.   De gemeente Etten-Leur heeft de “Reductieregeling warme maaltijden” op basis   van het gemeentelijk minimabeleid.</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>meerkosten warme maaltijd t.o.v.   NIBUD-norm,  uitgaande van  gemiddeld 26 warme maaltijden per maand per   persoon  </al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>nota’s, betaalbewijzen, medisch   advies of indicatie derden (bijv.    thuiszorgorganisatie)</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Verwarmings- verlichtingskosten (stook en energiekosten)</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Kosten voor: stook en energie   behoren tot de algemeen noodzakelijk kosten van het bestaan. Deze moeten uit   beschikbare inkomen worden bekostigd. Dit geldt ook bij hogere kosten   vanwege: lange/strenge winter, uit behaaglijkheid-overweging of onverantwoord   energieverbruik.   Bij bijzondere omstandigheden zoals: noodzakelijk hogere kamertemperatuur bij   (chronische) ziekte, frequent opladen accu’s elektrisch bediende rolstoel,   hogere energiekosten vanwege extra bewassing e.d., kunnen de hogere   energiekosten via de bijz. bijstand vergoed worden.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>geen</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>meerkosten op basis van   NIBUD-prijzengids in combinatie met het gebruikelijke energieverbruik</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>- voorwaarde om energieverbruik te   verminderen bij gebleken energieverspilling;   - medisch advies nodig om noodzaak te kunnen bepalen.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>overleg voorschot-nota’s, jaarafrekening   energieverbruik en als dat van toepassing is   leveranciersspecificatie waaruit energieverbruik van het elektrisch apparaat   blijkt (bijv. stroomverbruik traplift)    </al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Categorie b: voorzieningen voor   het huishouden</al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Eigen Bijdrage CAK</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Bij beroep op WLZ   en/of WMO (bijv. hulp bij het huishouden; vervoersvoorziening etc.) is men   vaak eigen CAK-bijdrage verschuldigd die inkomensafhankelijk wordt berekend.   Als men die bijdrage desondanks toch niet zelf betalen kan, dan kan men   daarvoor een verzoek bijzondere bijstand indienen.   Wmo en Wlz worden als passende en toereikende voorliggende voorzieningen   aangemerkt. Hierin heeft wetgever bewuste keuze gemaakt voor opleggen eigen   bijdrage. Daarom worden deze kosten niet (langer) aangemerkt als bijzonder   noodzakelijke kosten in de zin van art. 35 Pw. Alternatief is deelname CZV   met dekking vanuit Wmo-module.</al><al>Speciale aandacht   wordt gevraagd voor verschillende woonvormen binnen 1 wooncomplex (bv Anbarg   Etten-Leur).</al><al>    </al><al>Uitzondering:   verstrekking bijz. bijstand is op grond van buitenwettelijk begunstigend   beleid mogelijk conform het bepaalde in artikel 10 lid 2 van de beleidsregels   bijzondere bijstand.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>CZV vergoedt CAK-bijdragen tot   max. € 375,-- [=bedrag maximale dekking 2017] op jaarbasis.   Noot: geldt voor alle Wmo-bijdragen mits deze door CAK zijn opgelegd.    Bij verzorgingsbehoevend kind van 3 tot 18 jaar sinds 01-01-2015 recht op 2x   kinderbijslag.</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>De werkelijke CAK-kosten als recht   bestaat op bijzondere bijstand</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Voorwaarde om zo spoedig mogelijk   deel te nemen aan CZV.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Besluit/factuur CAK</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Categorie c: voorzieningen voor   wonen</al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Alarmsysteem</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Ingeval van een medische   aandoening of ouderdom is gebruik van alarmsysteem soms noodzakelijk.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Bij medische noodzaak:   zorgverzekeraar / CZV.</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>noodzakelijke huurkosten en   eventuele abonnementskosten</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Bewijsstuk van de te maken kosten</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Babykamer </vet><vet>-   babyuitzet</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>De kosten van: babykleding,   kinderwagen en inrichting van de babykamer behoren tot de (incidenteel voor-komende)   alg. noodzakelijke bestaanskosten die gefinancierd moeten worden d.m.v.   reservering vooraf of gespreide betaling achteraf. Alleen bij noodzakelijke   en niet uitstelbare kosten en onmogelijkheid van reservering of lening, kan   bijzondere bijstand worden verstrekt.      Eigen bijdrage bevallingskosten en kraamzorg:   De kosten van een bevalling en de kraamzorg na een bevalling, worden   doorgaans grotendeels door de zorgverzekeraar vergoed. Voor medische kosten   geldt dat de Zvw en aanvullende zorgverzekering als passende en toereikende   voorliggende voorziening worden aangemerkt. De wetgever heeft hierbij bewuste   keuze gemaakt voor het wel of niet vergoeden van deze kosten en het opleggen   van een eigen bijdrage (voorbeeld: bij kraamzorg). Gelet hierop worden de eigen   bijdragen bij bevallingskosten en kraamzorg niet aangemerkt als bijzonder   noodzakelijke kosten in de zin van art. 35 Pw. Alternatief is deelname aan de   CZV met uitgebreide dekking vanuit de aanvullende verzekering.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>eigen bijdragen bij bevallingskosten en   kraamzorg: Zvw en (collectieve) aanvullende zorgverzekering voor alle   medische kosten met betrekking tot geboorte en kraamzorg.</al></li><li nr="2."><al>voor babykleding, kinderwagen en inrichting babykamer:   (persoonlijke) lening of koop op afbetaling mits volledig in kredietbehoefte kan   worden voorzien.</al></li></lijst></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>In het kader van buitenwettelijk   beleid wordt geen gebruik gemaakt van reservering bij inkomen tot de bijstandsnorm   genoemd in artikel 21 Pw.   Bij een inkomen boven de bijstandsnorm ex. artikel 21 Pw: 5% v/h meerdere.   Men wordt dan geacht vooraf te sparen voor de kosten aanschaf babykleding,   kinderwagen en inrichting babykamer vanaf het moment waarop men bekend is met   de zwangerschap.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>medische kosten, incl. eigen bijdrage bevalling   en kraamzorg: geen bijz. bijstand. </al></li><li nr="2."><al>kosten inrichting babykamer en aanschaf   kinderwagen: uitgangspunt is aanschaf 2e hands-goederen waarbij maximale   prijs wordt gesteld op helft van NIBUD-normen.</al></li><li nr="3."><al>Voor matras en kussens  geldt ook de max. nieuwprijs van het NIBUD.</al></li><li nr="4."><al>voor kosten babykleding: NIBUD-normen (nieuw   prijs)</al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Voor inrichtingskosten en   babykleding geldt als hoofdregel leenbijstand.   Verschuldigde aflossing bij verstrekking leenbijstand: </al><lijst><li nr="1."><al>5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm   incl. VT (artikel 21 Pw) gedurende maximaal 36 maanden + 50% van het inkomen   boven de Pw-norm als de belanghebbende een inkomen &gt; Pw-norm heeft;</al></li><li nr="2."><al>voor jongeren met aanvullende bijzondere   bijstand tot de bijstandsnorm voor een 21 jarige wordt voor de   aflossingscapaciteit uitgegaan van de bijstandsnorm voor een 21 jarige   (artikel 21 Pw).</al></li></lijst><al><onderstreept>Aandachtspunt:</onderstreept> letten op   samenloop met andere aflossingsverplichtingen.</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Bijzondere bijstand voor   inrichtingskosten en babykleding moet vooraf aangevraagd worden om noodzaak   vast te kunnen stellen.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Proforma nota’s.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Bad -en douchekosten</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Door ziekte of handicap kan het   voorkomen dat men vaker in bad moet of moet douchen. Voor de hieraan   verbonden extra kosten van watergebruik en energie kan men beroep op bijz.   bijstand doen.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>geen tenzij voor   verzorgingsbehoevend kind van 3 tot 18 jaar, sinds 01-01-2015 recht op 2x   kinderbijslag</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Kosten dat men extra in bad gaat   of doucht t.o.v. wat normaal gebruikelijk is. Berekening volgens NIBUD-tabel</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Bewijs waaruit de noodzaak en de   meerkosten blijken</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Doorbetaling vaste lasten</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Bij opname in een   inrichting (=verpleegtehuis, psychiatrisch ziekenhuis, afkickcentrum) moet de   algemene periodieke bijstandsnorm worden omgezet naar een lagere norm (art.   23 Pw). Die lagere norm is alleen bedoeld als zak-kleedgeld en daarvan kunnen   niet de vaste lasten worden betaald. </al><al>Indien er een   noodzaak bestaat tot het blijven aanhouden van de eigen woonruimte kan,   daarom bijzondere bijstand worden verleend in:</al><lijst><li nr="1."><al>de niet door huurtoeslag gedekte woonkosten;</al></li><li nr="2."><al>het vastrecht nutsvoorzieningen,</al></li><li nr="3."><al>premie inboedelverzekering</al></li></lijst><al>vanaf het moment waarop de   bijstandsnorm wordt omgezet naar de norm zak- en kleedgeld.    Mits er noodzaak is tot het aanhouden v/d eigen woonruimte geschiedt   omzetting naar norm zak- en kleedgeld    met ingang van de eerste dag van 3e maand volgend op de maand van opname. </al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Huurkosten na aftrek huurtoeslag   vermeerderd met vastrecht van nutsvoorzieningen en premie inboedelverzekering</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Bewijs waaruit de hoogte van de te   maken kosten blijkt.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>doorbetaling vaste lasten i.v.m. detentie</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>In de Participatiewet (=artikel 13   lid 1 onder a) is bepaald dat er géén recht op algemene en bijzondere   bijstand bestaat als men rechtens van zijn vrijheid is ontnomen.   Dit laat onverlet dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor de nazorg aan   inwoners die terugkeren uit detentie.   Er zijn vijf leefgebieden die cruciaal zijn om de kans op succesvolle   terugkeer na detentie te vergroten.    De ambities op deze basisvoorwaarden zijn vastgelegd in het Convenant   Re-integratie (ex-)gedetineerden tussen het ministerie van Veiligheid en   Justitie en de Verenging Nederlandse Gemeenten (VNG).    Dit betreft de leefgebieden werk/inkomen, onderdak, identiteitsbewijs,   schulden en zorg.   Ter uitvoering hiervan heeft het Zorg- en Veiligheidshuis De Markiezaten te   Bergen op Zoom eind 2016 aan de gemeenten in deze regio voorgesteld om de   nazorg na detentie te versterken. Een onderdeel hiervan is om op grond van   buitenwettelijk begunstigend beleid via de bijzondere bijstand de vaste   lasten door te betalen voor gedetineerden die minimaal twee tot maximaal zes   maanden in detentie moeten en dit zelf niet kunnen bekostigen. De ondergrens   van twee maanden wordt gehanteerd omdat enerzijds de tijd te kort is om   geïnformeerd te worden over de detentie en daarover een besluit te nemen.   Anderzijds is het minder aannemelijk dat bij een verblijf van korter dan 2   maanden in detentie de woningcorporatie reeds tot uitzetting overgaat. Om te   voorkomen dat draaideurcriminelen continu aanspraak op deze regeling kunnen   maken, stelt het Veiligheidshuis ook voor om na een succesvolle aanvraag de persoon   drie jaar uit te sluiten van deze regeling.   De argumentatie van het Veiligheidshuis is dat:    - door verbetering van de nazorg na detentie de kans op recidive kleiner   wordt en dat schade en overlast voor      de samenleving wordt voorkomen,   - de kosten van doorbetaling vaste lasten tijdens kortdurende detentie lager   zijn dan de (totale) kosten die gemaakt     moeten worden om weer een (nieuwe)   woning te vinden en in te richten na terugkeer uit detentie.      De zes Werkplein-gemeenten steunen dit voorstel van het Zorg- en   Veiligheidshuis De Markiezaten.    Op grond van buitenwettelijk begunstigend beleid kan, als de belanghebbende   zelf onvoldoende middelen heeft om deze kosten te kunnen betalen en deze   regeling de afgelopen drie jaar al niet eerder op belanghebbende is   toegepast, bij een kortdurende detentie in Nederland tussen minimaal 2 en   maximaal 6 maanden bijzondere bijstand voor de vaste lasten worden verstrekt.   Op basis van individuele omstandigheden worden verder afspraken gemaakt over   voorschotbetaling en versnelde aanvraagprocedure.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Minnelijke regeling met verhuurder   en nutsleverancier</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Indien detentieperiode   voorzienbaar was</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>maandelijkse:</al><al>- huur minus   huurtoeslag en vastrecht voor energie</al><al>- premie   inboedelverzekering</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Leenbijstand op grond van art. 48   lid 2 onder b Pw.</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>bewijs opgelegde   detentie (incl. duur en plaats);</al><al>bewijs huur en   vastrecht</al><al>premie   inboedelverzekering</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Dubbele huur bij aanvaarding andere woning</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Bij verhuizing van de ene naar een   andere woning is het gebruikelijk dat men tijdelijk geconfronteerd wordt met   dubbele woonlasten (eerste huur en waarborgsom). Nieuwe woning moet immers   vaak eerst worden opgeknapt (schoonmaken, schilderen, behangen e.d.) voordat   men feitelijk de nieuwe woonruimte kan betrekken en de oude kan afstoten.   Alléén bij noodzakelijke verhuizing bijz. bijstand verstrekken.    Indien klant uit AZC komt regeling overbruggingsuitkering toepassen en geen   extra bijstand voor dubbele huur</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Ja, wel letten op feit of   reservering al niet wordt meegenomen bij kosten woninginrichting.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>bijz. bijstand ter hoogte van   eerste maand huur v/d nieuwe woning</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>Kostenspecificatie</al></li><li nr="2."><al>Bewijs waaruit blijkt dat de verhuizing   noodzakelijk is</al></li></lijst></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry/></row><row><entry><al><vet>Kosten inrichting/ huisraad</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Inrichtingskosten en aanschaf huisraad behoren tot   incidenteel voorkomende alg. noodzakelijke bestaanskosten die gefinancierd   moeten worden d.m.v. reservering vooraf of gespreide betaling achteraf.   Alleen bij noodzakelijke en niet uitstelbare kosten en onmogelijkheid van reservering   of lening, kan bijz. bijstand worden verstrekt.   Een computer wordt geacht te behoren tot de inboedel/duurzame   gebruiksgoederen (zie CRvB 09-04-2013, ECLI:NL:CRVB: 2013:BZ6701).   De kosten van: verhuisbusje en verf/behang worden niet aangemerkt als duurzame   gebruiksgoederen en kunnen daarom gelet op de art. 48 lid 2 en 51 Pw ook niet   als leenbijstand worden verstrekt. (zie CRvB 17-02-2004, ECLI:NL:CRVB:   2004:AO3928).</al><al>Let op specifieke situaties t.w.:</al><lijst><li nr="1."><al>eerste woninginrichting:   er wordt géén bijz. bijstand verstrekt voor de kosten van eerste   woninginrichting, ook niet bij doorstroming van kamerbewoning naar een   huurwoning. Uitzondering: statushouders.</al></li><li nr="2."><al>statushouders:   bij vestiging vanuit asielzoekerscentrum (AZC) in de gemeente, komen de   kosten van “eerste inrichting” voor bijz. bijstand in aanmerking rekening   houdend met eventuele voorliggende voorziening. </al></li><li nr="3."><al>nieuwe aanvraag binnen huidige aflossingsperiode eerder verstrekte   leenbijstand voor woninginrichting    (bijv. gezinshereniging statushouders): qua noodzakelijke kosten wordt   uitgegaan van hoger bedrag en wordt rekening gehouden met het reeds   toegekende bedrag en wat daarop al is afgelost.</al></li><li nr="4."><al>verhuizing naar andere gemeente:   vestigingsgemeente moet inrichtingskosten beoordelen, vertrekgemeente   beoordeelt verhuiskosten    (bijv. huur auto/busje);</al></li><li nr="5."><al>inrichtingskosten 18 tot 21 -jarigen:   bij noodzaak zelfstandig wonen van weggelopen minderjarige die geen beroep op   ouders kan doen, kan bijz. bijstand worden verstrekt;</al></li><li nr="6."><al>echtscheiding / verbreking relatie:   onderscheid wel/geen boedelscheiding.   - wel boedelscheiding: alle vrijgekomen gelden (ook indien &lt; dan   vermogensvrijlating) dienen te worden                                          aangewend voor de inrichting als zijnde de reservering;   - nog geen boedelscheiding: aandringen op snelle boedelscheiding, verder   normale beoordeling op                                                     voorliggende voorziening.</al></li></lijst><al>Bij woningaanvaarding moet bezien worden of   (deel)-inboedel van vorige bewoner(s) kan worden overgenomen.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>(persoonlijke) lening of koop op   afbetaling mits volledig in kredietbehoefte wordt voorzien.    Dus géén combinatie van lening en bijzondere bijstand.</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>In het kader van buitenwettelijk   beleid wordt geen gebruik gemaakt van reservering bij inkomen tot   bijstandsnorm artikel 21 Pw.   Bij inkomen boven bijstandsnorm artikel 21 Pw: 5% v/h meerdere waarbij   reserveringstermijn geldt van 36 maanden.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Aanschaf 2<sup>e</sup>   hands-goederen waarbij maximale vergoeding bijz. bijstand wordt gesteld op de   helft van NIBUD-normen voor inventaris. Uitzondering: voor vier   huishoudelijke apparaten (koelkast met vriesvak, wasmachine, kookplaat (gas 4   pits of  elektrisch) en afzuigkap)   geldt max. nieuwprijs van NIBUD vanwege de veiligheid, levensduur en   garantie. Voor matras en kussens  geldt   ook de max. nieuwprijs van het NIBUD.   Bij statushouders met noodzakelijke volledige woninginrichting wordt   specifieke vergoedingstabel toegepast. </al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Voor duurzame   gebruiksgoederen geldt als hoofdregel    leenbijstand.   Verschuldigde aflossing bij verstrekking leenbijstand: </al><lijst><li nr="1."><al>5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm   incl. VT (artikel 21 Pw) gedurende maximaal 36 maanden + 50% van het inkomen   boven de bijstandsnorm als de belanghebbende een inkomen boven de bijstandsnorm   heeft;</al></li><li nr="2."><al>voor jongeren met aanvullende bijzondere   bijstand tot de bijstandsnorm voor een 21 jarige wordt voor de   aflossingscapaciteit uitgegaan van de bijstandsnorm voor een 21 jarige   (artikel 21 Pw);</al></li><li nr="3."><al>indien totale leenbijstand hoger uitvalt dan   max. afl.-ruimte over 36 maanden op moment van de aanvraag dan op voorhand   verschil om niet verstrekken.</al></li></lijst><al><onderstreept>Aandachtspunt:</onderstreept> letten op   samenloop met andere aflossingsverplichtingen.      </al><al>Indien cliënt in WSNP-traject zit:   leenbijstand in overleg met bewindvoerder en na afloop WSNP-traject bezien   voor omzetting naar om niet.</al><al>Indien bijzondere bijstand moet worden   verstrekt voor verhuisbusje en verf/ behang wordt het daarvoor benodigde   bedrag om niet verstrekt.</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Bijzondere bijstand moet vooraf   aangevraagd worden om noodzaak vast te kunnen stellen.   Aankoopbewijzen moeten 12 maanden bewaard worden.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Proforma nota’s.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Verhuiskosten</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Verhuiskosten binnen Nederland   behoren tot incidenteel voorkomende alg.    noodzakelijke bestaanskosten die gefinancierd moeten worden d.m.v.   reservering vooraf of gespreide betaling achteraf.    Uitzondering: Bij noodzakelijke verhuizing die niet uitstelbaar is kan   bijzondere bijstand worden verstrekt. Verhuiskosten dienen aangevraagd te   worden bij de vertrekgemeente.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Recht op WMO bezien als de   verhuizing medisch noodzakelijk is</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>In het kader van buitenwettelijk   beleid wordt geen gebruik gemaakt van reservering bij inkomen tot   bijstandsnorm artikel 21 Pw.   Bij inkomen boven bijstandsnorm artikel 21 Pw: 5% v/h meerdere waarbij   reserveringstermijn geldt van 36 maanden. Wel letten op feit of reservering   al niet wordt meegenomen bij kosten woninginrichting.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Noodzakelijke transportkosten op   basis van adequaat goedkoopste voorziening.   Vergoeding verf/behang op basis van nieuwprijs NIBUD.</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>om niet </al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Bewijsstuk gemaakte kosten</al></entry></row><row><entry><al><vet>Woningaanpassing i.v.m. handicap</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Voor de kosten van   woningaanpassing (niet zijnde inrichtingskosten, dus aard en nagelvaste   woningaanpassingen ) ten gevolge van een handicap dient in eerste instantie   een beroep gedaan te worden op de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).   Als geen beroep op Wmo mogelijk is en er is sprake van zeer dringende redenen   als bedoeld in art. 16 Pw kan bijzondere bijstand worden verstrekt</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Wmo</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>geen, tenzij art. 16 Pw toegepast   wordt, dan noodzakelijke kosten op basis van adequaat goedkoopste   voorziening.</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>kosten woningaanpassing</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Woonkosten</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Woonkosten behoren naar hun aard   tot de algemeen noodzakelijke bestaanskosten.    Bij hoge woonkosten voor een huurwoning dient beroep op huurtoeslag te worden   gedaan. Bijz. bijstand is slechts tijdelijk mogelijk zolang nog geen recht op   huurtoeslag bestaat.   Bij een koopwoning bestaat veelal recht op vermindering van   inkomstenbelasting wegens aftrek rentekosten.    Bijz. bijstand is slechts tijdelijk mogelijk zolang nog geen adequate   vervangende huisvesting kan worden verkregen.</al><al>.</al><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Bij huurwoning:   huurtoeslag; </al><al>Bij een formeel huwelijk of geregistreerd   partnerschap is de “echtgenoot” volgens de fiscale wetgeving automatisch   toeslag partner ongeacht of deze wel of niet in Nederland verblijft.</al><al>Zie tool op site <extref doc="http://www.belastingdienst.nl/">www.belastingdienst.nl</extref>  zoekterm:   “wie is mijn toeslagpartner”.</al><al>Het feit dat iemand een toeslagpartner   heeft betekent niet zonder meer dat er nooit recht op toeslagen bestaat.</al><al>Per soort toeslag gelden er dan   verschillende voorwaarden en bij aantal toeslagen kijkt de Belastingdienst   naar het inkomen/vermogen van de toeslagpartner in het buitenland.</al><al> Bij huurtoeslag geldt als de toeslagpartner   elders woont wordt <onderstreept>geen</onderstreept> rekening gehouden met de toeslagpartner. De   mededeling van een klant dat er geen recht op huurtoeslag bestaat moet dan   dus andere oorzaak hebben (bijv. dat er meerdere personen in dezelfde woning   wonen).</al><al>    </al><al>bij koopwoning:   vermindering inkomstenbelasting</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Bij huurwoning: berekening bedrag   bijz. bijstand volgens tabel huurtoeslag. Als    woonkosten hoger zijn dan max. subsidiabele huur-grens, dient dat   (meerdere) deel voor 100% te worden meegerekend.      Bij eigen woning, woonwagen of woonschip:   berekening bedrag bijz. bijstand idem als bij huurwoning.   Hierbij voorts rekening houden met:   - rentelasten;   - zakelijke lasten;   - kosten onderhoud     eigen woning;   - fiscaal voordeel a.g.v. hypotheekrenteaftrek. </al><al>Onder zakelijke   lasten worden verstaan:</al><lijst><li nr="1."><al>Bij een eigen woning: de rioolrechten, het   eigenaarsaandeel van de onroerendzaakbelastingen, de brandverzekering, de   opstal-verzekering en het eigenaarsaandeel van de waterschapslasten) en een   naar omstandigheden vast te stellen bedrag voor onderhoud.</al></li><li nr="2."><al>Bij een eigen woonwagen of woonschip: stageld,   liggeld of onroerend-zaakbelastingen, in ieder geval niet zijnde   energiekosten.</al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Bij huurwoning tot max.   huurtoeslaggrens: verstrekking tot tijdstip waarop recht op huurtoeslag   bestaat.   Bij koopwoning: verhuisplicht naar betaalbare huurwoning. Daarom steeds voor   max. 1 jaar toekennen.    Bij huur –en koopwoning én woonkosten boven max. bedrag huurtoeslaggrens:   toekenning voor 1 jaar met verhuisplicht. Als bij opgelegde verhuisplicht bij   afloop van die termijn blijkt dat betrokkene redelijke pogingen ondernomen   heeft om goedkopere woonruimte te vinden en dit is niet gelukt, dan kan woonkostentoeslag   worden verlengd. Verlenging dan steeds voor tijdvak van maximaal 1 jaar.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Bij huurwoning:   - bewijs (subsidiabele) huurkosten;   - beschikking afwijzing huur-toeslag      Bij koopwoning:   - bewijs onderhoudskosten eigen woning;   - bewijs rentekosten  hypothecaire   lening-(en). Dit excl. evt. aflossingsdeel en    premie levensverzekering;   - bewijs vermindering, of voorlopige teruggave, inkomstenbelasting wegens   aftrek hypotheekrente.   - bewijs zakelijke lasten</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Categorie d: voorzieningen voor   opvang      </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Kinderopvang bij sociaal medische indicatie (SMI)</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Indien door medische en/of sociale   redenen noodzakelijke kosten van kinderopvang moeten worden gemaakt, kan   (bijzondere) bijstand worden verleend. Dit is veelal van toepassing als de   kinderopvang van belang wordt geacht voor de ontwikkeling van het kind.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Als sprake is van Voor- en   Vroegschoolse Educatie (z.g. VVE-middelen) de door de gemeente ingezette  subsidiering van deze vorm van   kinderopvang.   Beleid Werkplein-gemeenten:   -   Etten-Leur:    kinderopvang bij SMI is bij   WMO ondergebracht waardoor Wmo voorliggende voorziening is;   -   Halderberge: maatwerk via bijzondere bijstand   - Moerdijk:       kinderopvang bij SMI is bij het   Centrum voor Jeugd en Gezin ondergebracht per 1-1-2018 waardoor dit een voorliggende   voorziening is;   -   Roosendaal:  kinderopvangorganisatie   Kober krijgt hiervoor gemeentelijke subsidie waardoor dit voorliggend                            voorziening is   ;   -   Rucphen:       maatwerk via de   bijzondere bijstand, geen voorliggende voorziening via VVE-middelen   -   Zundert:         maatwerk via   bijzondere bijstand</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Noodzakelijke kosten die resteren   na aftrek kinderopvangtoeslagen eventuele subsidiebijdrage gemeente</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>- factuur kosten kinderopvang   - bewijs kinderopvangtoeslag.   - bewijs noodzaak SMI kinderopvang</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Kinderopvang i.v.m. arbeid –scholing </vet><vet>-   inburgering</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Voor de kosten van kinderopvang   i.v.m.: werk, volgen van een noodzakelijk geachte opleiding of opdoen van   werkervaring in het kader van een re-integratietraject, dient in eerste   instantie een beroep te worden gedaan op de Wet kinderopvang (WKO) en de   kinderopvangtoeslag v/d Rijksbelastingdienst.   Het Rijksbeleid is er op gericht dat ouders/verzorgers, ongeacht hun inkomen,   een deel van de kinderopvang-kosten zelf moeten betalen. Als het Werkplein de   belanghebbende de verplichting oplegt om een re-integratie-traject te volgen   dan kunnen de voor eigen rekening blijvende kosten vanuit het   re-integratietraject-budget   worden vergoed. De kosten van kinderopvang i.v.m. arbeid – scholing -   inburgering worden niet aangemerkt als bijzonder noodzakelijke kosten van het   bestaan. Om die reden wordt hiervoor geen bijzondere bijstand verstrekt.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Kinderopvangtoeslag   Rijksbelastingdienst, re-integratietraject-budget.</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Geen.</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry><entry/><entry/><entry/><entry/><entry/><entry/><entry/><entry/></row></tbody></tgroup></table><al> </al><table><tgroup cols="10"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><colspec colname="colD"/><colspec colname="colE"/><colspec colname="colF"/><colspec colname="colG"/><colspec colname="colH"/><colspec colname="colI"/><colspec colname="colJ"/><tbody><row><entry><al><vet>Peuterspeelzaal</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Er kunnen twee redenen worden   onderscheiden waarbij sprake is van noodzakelijk peuterspeelzaal bezoek t.w.:</al><lijst><li nr="1."><al>verzorgende ouder werkt, of volgt een   re-integratietraject:   Op 31-5-2017 is de wijziging van de Wet harmonisatie kinderopvang en   peuterspeelzaalwerk gepubliceerd in het Staatsblad (Stb 2017 – 252). Een   onderdeel van deze wetwetswijziging is dat de financieringsstructuur van de   kinderopvang en het peuterspeelzaalwerk gelijk wordt getrokken. Dit houdt in   dat per 1-1-2018 ouders die werken, of een re-integratietraject volgen, recht   hebben op kinderopvangtoeslag als hun kind naar de kinderopvang gaat of de   peuterspeelzaal bezoekt. Net als bij de kostensoort “Kinderopvang   arbeid/scholing”, wordt de kinderopvangtoeslag van de Rijksbelastingdienst in   dit geval als toereikende en passende voor-liggende voorziening aangemerkt.   Als het Werkplein de belanghebbende de verplichting oplegt om een   re-integratie-traject te volgen dan kunnen de voor eigen rekening blijvende   kosten vanuit het re-integratie-traject-budget worden vergoed. De kosten van   peuterspeelzaalbezoek i.v.m. arbeid – scholing - inburgering worden niet aangemerkt als bijzonder   noodzakelijke kosten van het bestaan. Om die reden wordt hiervoor geen   bijzondere bijstand verstrekt.      </al></li><li nr="2."><al>er is een medische of sociale noodzaak voor de   ouder en/of het kind om de peuterspeelzaal te bezoeken:   Gedacht kan worden aan situaties waarbij het kind ADHD heeft, of de ouder   medische/sociale beperkingen heeft. Mits er zo’n noodzaak is tot   peuterspeelzaalbezoek, kan in de daaraan verbonden kosten bijzondere bijstand   worden verstrekt. Uitzondering: zie onderdeel voorliggende voorziening.</al></li></lijst></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>als verzorgende ouder: werkt, scholing,   inburgering, of een re-integratietraject volgt: kinderopvangtoeslag   Rijksbelastingdienst, re-integratietraject-budget.</al></li><li nr="2."><al>bij medische of sociale noodzaak:   of, en zo ja welke voorliggende voorzieningen er zijn, is per gemeente   verschillend.    Gemeente Etten-Leur:   Bij geen recht   op kinderopvangtoeslag en afname van peuteropvang bij de Kober                                            groep, is men een alleen een door Kober vastgestelde maandelijkse   eigen bijdrage                                             verschuldigd. Als het inkomen van de ouder(s) minder is dan 120% van   de                                             bijstandsnorm en men heeft geen vermogen boven de Pw-vrijlating, dan   bestaat er                                             recht op kwijtschelding van die eigen bijdrage. De beoordeling van die   kwijtschelding                                             geschiedt door de kinderdagverblijven en peuteropvangaanbieders.                                            Voor kinderen met een taalachterstand worden via de zogenaamde   VVE-subsidie                                             twee (extra) dagdelen gefinancierd.   Gemeente Halderberge: Kinderopvangtoeslag Rijksbelastingdienst en voor   kinderen met taalachterstand de                                              VVE-subsidie. Voor peuteropvang voor niet-werkende ouders of een kind   zonder                                              VVE-indicatie kan bij medisch/sociale noodzaak voor de (lage)   vergoeding die de                                             ouders moeten betalen (tarief 2016: € 96,- per jaar), bijzondere   bijstand worden                                              toegekend.   Gemeente Moerdijk:         Kinderopvangtoeslag, VVE-subsidie of een vergoeding van de gemeente   aan                                            doelgroepouders   Gemeente Roosendaal: kent alleen de zogenaamde VVE-subsidie voor bezoek   peuterspeelzaal door kinderen                                            met taalachterstand (extra dagdelen). Streven is om ingaande 1 jan.   2017 het                                          peuterspeelzaalwerk   samen te voegen met het onderwijs;   Gemeente Rucphen:      sinds aug 2014   heeft de gemeente Rucphen de financiering gewijzigd waardoor                                             ouders die werken aanspraak kunnen maken op kinderopvangtoeslag. Voor   ouders                                             met kinderen met taalachterstand geldt dat zij hun kind 1 dagdeel naar   de peuter-                                             speelzaal kunnen laten gaan en daarbij de lage eigen bijdrage   verschuldigd zijn.   Gemeente Zundert:          Kinderopvangtoeslag Rijksbelastingdienst en voor kinderen met   taalachterstand de                                            VVE-subsidie.</al></li></lijst></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>als verzorgende ouder werkt, of volgt een   re-integratietraject: geen. </al></li><li nr="2."><al>bij medische of sociale noodzaak: de voor   eigen rekening blijvende noodzakelijke kosten</al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Verklaring arts/consultatiebureau;   Factuur peuterspeelzaal</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Categorie e: kosten uit   maatschappelijke zorg</al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Kosten telefoon / internet</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Kosten voor aanschaf en abonnement   telefoon en internet behoren tot de algemeen noodzakelijke kosten van het   bestaan die bestreden moeten worden uit het reguliere inkomen ook al bevindt   zich dit op het niveau van het sociaal minimum. Voor deze kosten wordt daarom   geen bijz. bijstand verstrekt tenzij er sprake is van zeer dringende redenen   als bedoeld in art. 16 Pw.   Bij medische redenen moet er een beroep op de Zorgverzekeringswet worden   gedaan.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Bij medische redenen, bijv. aangepaste   telefoon, tekst – beeldtelefoon, is de Zvw en de Regeling zorgverzekering van   toepassing.</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Geen tenzij zeer dringende redenen</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Bij zeer dringende redenen om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry/><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Reiskosten</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Reiskosten verbonden aan de   deelname aan het maatschappelijk verkeer, of i.v.m. arbeid -   scholing e.d., behoren tot de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan.   Alleen indien sprake is van bijzondere omstandigheden kan een beroep op   bijzondere bijstand worden gedaan.      In dit verband worden zes bijzondere omstandigheden onderscheiden t.w.:   1. reiskosten i.v.m. bezoek van gezins- of familielid t/m de 2e graad die   elders behandeld wordt.       Bezoekfrequentie bij 1<sup>e</sup>   graad: om de dag; bij 2<sup>e</sup> graad: 2 maal per week;   2. medische reiskosten v/d aanvrager op basis van goedkoopste   vervoersmogelijkheid;   3. kosten i.v.m.  halen/brengen of   bezoek van uit huis geplaatste kinderen met frequentie van 2 maal per maand,       tenzij afwijking o.g.v.   behandelplan;   4. kosten bezoek gedetineerde partner, of gedetineerd gezinslid in 1<sup>e</sup>   graad met bezoekfrequentie van 1 maal        per maand;   5. kosten bijwonen  gerechtelijke   procedures voor zover voortvloeiend uit opgelegd Pw-voorwaarden die leiden        tot vermindering of beëindiging van   de algemene bijstand (b.v. alimentatieprocedure);   6. kosten schoolbezoek van:         -   kinderen die voortgezet onderwijs volgen als de enkele reisafstand meer dan   10 km bedraagt,       - statushouder die de internationale schakelklas (ISK)   voor anderstalige leerlingen volgt als de enkele           reisafstand meer dan 10 km   bedraagt.</al><al>Onderstaande (reis)kosten worden   niet aangemerkt als bijzonder noodzakelijke kosten in de zin van de    bijzondere bijstand:</al><lijst><li nr="1."><al>reiskosten verbonden aan schoolbezoek van   personen van 18 jaar en ouder die: MBO - HBO -   WO-onderwijs   volgen;</al></li><li nr="2."><al>reiskosten verbonden aan het volgen van een   inburgeringstraject.   <onderstreept>Noot:</onderstreept> als het Werkplein de belanghebbende de verplichting oplegt om   een (duaal) re-integratietraject te volgen             dan kunnen de voor eigen   rekening blijvende reiskosten vanuit het re-integratietraject-budget   worden             vergoed.  </al></li><li nr="3."><al>parkeergeld bij gebruik van de eigen auto.</al></li></lijst></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Zorgverzekeringswet;   Wmo-voorziening;   andere tegemoetkoming in de reiskosten.</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>noodzakelijke reiskosten o.b.v. goedkoopste mogelijkheid   openbaar   vervoer;</al></li><li nr="2."><al>is openbaar vervoer niet mogelijk of niet   effectief of reëel dan € 0,19 per kilometer aan de hand van ANWB-routeplanner   (kortste route);</al></li><li nr="3."><al>bij reiskosten VO-schoolbezoek: bijdrage i/d   reiskosten van: € 350,- per schooljaar voor kinderen t/m 17 jaar. O.g.v.   individuele redenen kan van dit bedrag worden afgeweken, denk bijv. bij ISK   of speciaal onderwijs.</al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Afsprakenkaart medische   behandelingen; reisbiljetten; of bewijzen van de instelling waaruit bezoek   blijkt.</al></entry></row><row><entry><al>            </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Categorie f: financiële   transacties</al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Beschermingsbewind niet zijnde WSNP</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Om mensen te beschermen die om   diverse redenen niet of niet geheel voor zichzelf kunnen zorgen, bestaan er   drie beschermingsmaatregelen of combinatie hiervan:</al><lijst><li nr="1."><al>curatele (ook wel onder curatelestelling   genoemd).   Betrokken persoon wordt dan handelingsonbekwaam.</al></li><li nr="2."><al>beschermingsbewind (ook wel bewindvoering of   onder bewindstelling genoemd).   Iemand mag dan niet meer zelf beslissen over de goederen die onder bewind   staan.   Beschermingsbewind moet niet verward worden met WSNP-bewindvoering.</al></li><li nr="3."><al>Mentorschap.   Mentorschap is van toepassing wanneer iemand niet meer zelf mag/kan beslissen   over: verzorging, verpleging   en behandeling (bijv. bij een verstandelijke handicap).</al></li></lijst><al>Voor de kosten van   beschermingsbewind genoemd onder a t/m c kan in zijn algemeenheid worden   gesteld dat deze als bijzonder en noodzakelijk zijn aan te merken. Daarom   komen deze voor bijz.    bijstandsverlening in aanmerking.    Voor de kosten van bewindvoering WSNP wordt geen bijzondere bijstand verleend   omdat deze uit de boedel betaald moeten worden. Als de boedel ontoereikend is   kan de WSNP-bewindvoerder een beroep doen op subsidie o.g.v. het Besluit   subsidie bewindvoerder schuldsanering. </al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>geen </al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>bedragen genoemd in de “Regeling beloning   curatoren, bewind-voerders en mentoren”.</al></li><li nr="2."><al>Griffierecht</al></li><li nr="3."><al>Eventuele administratiekosten die de bank in   rekening brengt voor het openen van een nieuwe bankrekening</al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>- vonnis kantonrechter;   - factuur bewindvoerder.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Rechtsbijstand (advocaatkosten)</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Uit jurisprudentie CRvB blijkt dat   als men voor de kosten verbonden aan het voeren van juridische procedures   bijzondere bijstand vraagt, de Wrb in beginsel als een toereikende en   passende voorliggende voorziening moet worden gezien. Gelet op art. 15 Pw   dient in die kosten dan ook geen bijzondere bijstand te worden verstrekt.   Als er echter sprake is van een verleende toevoeging o.g.v. de Wrb en de   rechtzoekende is niet in staat om die eigen bijdrage uit eigen middelen te   kunnen betalen, dan kan desgevraagd voor die eigen bijdrage wel bijzondere   bijstand worden verstrekt.   Degenen die daarvoor in aanmerking komen en aan wie een toevoeging op grond   van de Wrb is verleend, kunnen vervolgens tegen een (sterk) gereduceerd   tarief procederen. Dit is o.a. geregeld in het Besluit eigen bijdrage   rechtsbijstand (Bebr) en het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 (Bvr).   Bij de uitvoering van de Wrb is de financiële draagkracht van de rechtzoekende   in het z.g. peiljaar (=2<sup>e</sup> kalender-jaar dat voorafgaat aan het   aanvraagjaar) van belang. Zie hoofdstuk V: art. 34 Wrb e.v. van de Wrb. Hoe   hoger de draagkracht, hoe hoger de verschuldigde eigen bijdrage. Hoofdregel in   de Wrb is dat uitgegaan wordt van het door de Belastingdienst definitief   vastgestelde verzamelinkomen in het peiljaar. Bij een terugval van inkomen of   ver-mogen van ten minste 15% t.o.v. het peiljaar, kan bij het bestuur van de raad   voor de rechtsbijstand een verzoek worden ingediend om uit te gaan van het   inkomen of vermogen in het aanvraagjaar (=z.g. peiljaarverlegging art. 34c   Wrb). Zo’n verzoek om peiljaarverlegging dient ingediend te worden binnen zes   weken na de bekendmaking van het besluit om een toevoeging.  </al><al>Er wordt géén bijz. bijstand   verstrekt voor rechtsbijstand kosten:   - voortvloeiende uit of verband houdend met de uitoefening van een   zelfstandig bedrijf of beroep en/of de     stopzetting /liquidatie van een   zelfstandig bedrijf of beroep;   - welke het gevolg zijn van ongevallen met motorvoertuigen en/of   (vakantie)reizen naar het buitenland.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>- Wrb incl. melding/   doorverwijzing via Juridisch Loket;   - adequate particuliere verzekeringen (o.a. reisongevallenverzekering)</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>laagste tarief eigen bijdrage o.g.v. art. 35   Wet op de rechtsbijstand en het Besluit eigen bijdrage rechtsbijstand (Bebr).   Opm.: bij doorverwijzing Juridisch Loket (=voorliggende voorziening)               wordt de eigen bijdrage Wrb   van de klant verlaagd.</al></li><li nr="2."><al>bij afwijzing van tijdig ingediend verzoek   voor peiljaarverlegging door  het   bestuur van de raad voor de rechtsbijstand: de hogere eigen bijdrage Wrb. Is   er geen, of op te laat tijdstip, een verzoek om peiljaarverlegging gedaan,   dan wordt bijz. bijstand verleend voro het laagste tarief eigen bijdrage Wrb.</al></li><li nr="3."><al>als de klant zelf juridische hulp inroept   zonder tussenkomst Juridisch Loket dan wordt bedrag van de bijz. bijstand   vastgesteld op bedrag wat verschuldigd zou zijn als klant wel bij Juridisch   Loket zou zijn geweest.</al></li><li nr="4."><al>griffierecht en kosten uittreksels aktes.</al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>- bewijs toevoeging;   - nota advocaat.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Schuldhulpverleningskosten (budgetbeheer)</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Om budgetbeheer te kunnen   opstarten is het soms noodzakelijk dat men kan beschikken over een   basisbedrag, om bijvoorbeeld lopende reserveringen in te vullen, of eerste,   kleine extra uitgaven te doen. Er moet vaak snel gehandeld kunnen worden om   grotere problemen te voorkomen. Om het opstarten van budgetbeheer mogelijk te   maken dient incidenteel bijzondere bijstand te worden verstrekt. Een verzoek   tot het opstarten van budgetbeheer gaat uit van de Kredietbank of het   meldpunt schuldhulpverlening. Als het Meldpunt Schuldhulpverlening   gemotiveerd een positief advies geeft, kan bij schrijnende situaties   bijzondere bijstand worden verleend.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Kredietbank of WSNP</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>tot maximaal de opstartkosten   budget-beheer: € 350.</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>om niet.</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>advies van het meldpunt   schuldhulpverlening.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Categorie g: uitstroombevordering</al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Omscholing/studie    (zowel tertiair nivo (=hoger beroeps –en wetenschappelijk onderwijs), als   niet tertiair)</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Als een belanghebbende een   scholing of studie volgt, zijn de WSF en WTOS adequate voorliggende   voorzieningen ter voorziening in de kosten van levensonderhoud en studie.   Deze kosten worden niet via de bijzondere bijstand vergoed.   Als op individueel niveau scholing noodzakelijk wordt geacht moet deze   scholing onderdeel uitmaken van het opgestelde re-integratieplan en dienen de   kosten gefinancierd te worden vanuit het re-integratiebudget.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>WSF en WTOS</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>geen</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Opleidingskost BBL opleiding</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>In de praktijk kan het voorkomen   dat een thuiswonend kind van 18 jaar of ouder een Beroeps Begeleidende Leer- weg   (BBL-opleiding = 4 dagen stage en 1 dag school)) volgt, maar de kosten van   deze opleiding in afwijking van wat gebruikelijk is, niet door de werkgever   worden vergoed. In deze situatie wordt het kind, maar indirect natuurlijk ook   de ouder, geconfronteerd met extra noodzakelijke kosten die eigenlijk niet   vanuit het reguliere inkomen van ouder en kind bestreden kunnen worden. Deze   kosten worden niet via de bijzondere bijstand vergoed. Als op individueel   niveau deze scholing noodzakelijk wordt geacht, moet deze scholing onderdeel   uitmaken van het opgestelde re-integratieplan en dienen de kosten   gefinancierd te worden vanuit het re-integratiebudget.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>geen</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Categorie h: medische   dienstverlening</al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Alternatieve geneeswijzen en geneesmiddelen</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Bij alternatieve geneeswijzen valt   bijv. te denken aan:    - consulten/behandelingen door een arts Moermantherapie,    - arts enzymtherapie,    - antroposofisch arts,    - acupuncturist (lid NVA),    - arts manuele geneeskunde,    - arts iriscopist,   - arts natuurgeneeswijzen,    - chiropracticer (lid NAC),    - geestelijke gezondheidszorg door personen of instellingen uit het niet   reguliere circuit.   Gelet op het bepaalde in art. 15 Pw wordt de Zorgverzekeringswet gezien als   adequate voorliggende voorziening.    Om die reden wordt geen bijz. bijstand verstrekt in de kosten van  alternatieve geneeswijzen en geneesmiddelen.   Dit houdt dus ook in dat indien cliënten door onvrede over:   - het resultaat van de behandeling en/of   - de behandelaar,   kiezen voor alternatieve geneeswijzen en geneesmiddelen waarvan de kosten   niet vergoed worden o.g.v. de Zorgverzekeringswet (Z.v.w.) of Wlz, alle   daaraan verbonden kosten door de cliënt zelf moeten worden betaald en niet   voor vergoeding via de bijzondere bijstand in aanmerking komen.   De Zvw wordt als passende en toereikende voorliggende voorziening aangemerkt.   Hierin heeft wetgever bewuste keuze gemaakt voor het wel of niet vergoeden   van deze kosten en het opleggen van eventuele eigen bijdragen.   Daarom worden deze kosten niet aangemerkt als bijzonder noodzakelijke kosten   in de zin van art. 35 Pw.   Alternatief is deelname aan de CZV met uitgebreide dekking vanuit de   aanvullende verzekering.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Zvw en (collectieve) aanvullende   zorgverzekering</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>geen</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Dieetkosten</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>In beginsel behoren dieetkosten,   die de normale voedingskosten niet of niet in belangrijke mate overtreffen,   tot de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan te worden gerekend die   uit het beschikbare inkomen moeten worden bestreden. Dit houdt in dat   normaliter géén bijzondere bijstand kan worden verstrekt voor dieetkosten,   tenzij het een dieet betreft, dat in belangrijke mate kostenverhogend is   t.o.v. reguliere voeding.   Opgemerkt wordt dat een voorgeschreven dieet in beginsel niet behoeft te   leiden tot hogere voedingskosten.</al><al>Dieetkosten zijn eigenlijk te   splitsen in 2 hoofdgroepen t.w.:</al><lijst><li nr="1."><al>dieetpreparaten   (=vloeibare energie –en eiwitrijke voedingsmiddelen (z.g.   astronautenvoedsel), die via een natuurlijke weg, een sonde of een infuuspomp   worden toegediend).   De kosten van dieetpreparaten worden niet via bijz. bijstand vergoed omdat   deze volledig (dus zonder eigen bijdrage) door de zorgverzekeraar worden   vergoed o.g.v. de Zvw. De Zvw wordt als passende en toereikende voorliggende   voorziening aangemerkt. Hierin heeft wetgever bewuste keuze gemaakt voor het   wel of niet vergoeden van deze kosten en het opleggen van eventuele eigen   bijdrage. Daarom worden deze kosten niet (langer) aangemerkt als bijzonder   noodzakelijke kosten in de zin van art. 35 Pw.   Alternatief is deelname aan de CZV met uitgebreide dekking vanuit de aanvullende   verzekering.</al></li><li nr="2."><al>dieetproducten   (betreft voedingsproducten als zoutloze kaas, suikervrije jam, halvarine,   glutenvrij brood, e.d.).   Als op medisch advies dieetproducten moeten worden gebruikt, kan dit in   sommige gevallen extra kosten met zich meebrengen die voor bijz. bijstand in   aanmerking kunnen komen. Hiervoor moet medisch advies opgevraagd worden. </al></li></lijst></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Voor dieetpreparaten: Zvw en   (collectieve) aanvullende zorgverzekering.   Voor dieetproducten: geen.</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>dieetpreparaten: geen vergoeding via de bijzondere   bijstand</al></li><li nr="2."><al>dieetproducten: tabel meerkosten dieetvoeding   NIBUD</al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Bewijs internist of diëtiste met   betrekking tot medische noodzaak en soort dieet </al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Eigen risico zorgverzekering  </vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Per 1 januari 2008 is de   Zorgverzekering (Zvw) aangepast waarbij de (oude) z.g. no-claim-teruggave is vervangen   door een verplicht eigen risico per kalenderjaar. Dit eigen risico geldt voor   alle verzekerden van 18 jaar en ouder. Opgemerkt wordt dat het eigen risico   alleen geldt voor verstrekkingen vanuit de basisverzekering m.u.v. huisarts   en kraamzorg en niet voor verstrekkingen vanuit de aanvullende   zorgverzekeringen.   Mensen met een laag inkomen zijn/worden hiervoor gecompenseerd via de   (verhoogde) zorgtoeslag.   De groep chronisch zieken en gehandicapten wordt daarnaast nog extra   gecompenseerd via een landelijke maatregel doordat de z.g. BTU-regeling   (=belastingaftrek) werd verhoogd.   Buiten dit verplicht eigen risico, bieden veel zorgverzekeraars hun cliënten   nog de optie aan van een vrijwillig (veel) hoger eigen risico in ruil voor   een aanzienlijke premiereductie.   Omdat de invoering van dit verplicht eigen risico een bewuste keuze van de   wetgever is wordt, gelet op het bepaalde in art. 15 lid 1 Pw, hiervoor geen   bijzondere bijstand verstrekt. </al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Zvw</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>geen</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Fysiotherapie</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>De kosten van fysiotherapie komen   in een aantal situaties voor vergoeding via de Zorgverzekeringswet in   aanmerking. Zorgverzekeraars bieden via hun aanvullende pakketten vaak een   bredere dekking aan.   Voor medische kosten en behandelingen geldt in zijn algemeenheid dat de Zvw   en de Regeling zorgverzekering als voorliggende, passende en toereikende   voorzieningen zijn aan te merken. Op grond van buitenwettelijk begunstigend   beleid kan gelet op het bepaalde in artikel 10 lid 2 van de Beleidsregels   bijzondere bijstand en aanvullend op de vergoeding waarop recht bestaat vanuit   de basis –en/of aanvullende zorgverzekering voor de kosten van fysiotherapie   bijzondere bijstand worden verstrekt. Voorwaarde is wel dat daarvoor in de   individuele situatie een medische noodzaak aanwezig moet zijn.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Zvw en (collectieve) aanvullende   zorgverzekering</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>noodzakelijke kosten na aftrek van de   vergoeding uit de basis –en aanvullende zorgverzekering. Zie   vergoedingenoverzicht czv-CZ.</al></li><li nr="2."><al>bij toepassing van art. 10 lid 2 onder b van   de Beleidsregels bijzondere bijstand: maximaal de vergoeding uit het   vergoedingen- overzicht czv-CZ met de laagste premie</al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>bewijs waaruit noodzaak van de   behandeling en hoogte v/d kosten blijkt</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Huidaandoeningen</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>De behandeling van bepaalde   huidaandoeningen komen voor vergoeding via de Zorgverzekeringswet in   aanmerking. Zorgverzekeraars bieden via hun aanvullende pakketten vaak een   bredere dekking aan.    Voor medische kosten en behandelingen geldt in zijn algemeenheid dat de Zvw   en de Regeling zorgverzekering als voorliggende, passende en toereikende   voorzieningen zijn aan te merken. Op grond van buitenwettelijk begunstigend   beleid kan gelet op het bepaalde in artikel 10 lid 2 van de Beleidsregels   bijzondere bijstand en aanvullend op de vergoeding waarop recht bestaat   vanuit de basis –en/of aanvullende zorgverzekering voor de kosten van:</al><lijst><li nr="1."><al>ernstige acnebehandeling in het gezicht,</al></li><li nr="2."><al>lichttherapie thuis (met apparatuur uit het   ziekenhuis) bij ernstige psoriasis en ernstige vitiligo,</al></li></lijst><al>bijzondere bijstand worden   verstrekt. Voorwaarde is wel dat daarvoor in de individuele situatie een   medische noodzaak aanwezig moet zijn.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Zvw en (collectieve) aanvullende   zorgverzekering</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>noodzakelijke kosten na aftrek van de   vergoeding uit de basis –en aanvullende zorgverzekering. Zie   vergoedingenoverzicht czv-CZ.</al></li><li nr="2."><al>bij toepassing van art. 10 lid 2 onder b van   de Beleidsregels bijzondere bijstand: maximaal de vergoeding uit het   vergoedingen- overzicht czv-CZ met de laagste premie </al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>bewijs waaruit noodzaak van de   behandeling en hoogte v/d kosten blijkt</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Hulpmiddelen, specifiek</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Voorbeelden van medische hulpmiddelen   zijn: ADL -hulpmiddelen, aangepaste lingerie i.v.m. borstprothese,   hoortoestel (incl. batterijen), orthopedisch schoeisel, steunzolen,   elastische kousen e.d..   Voor medische kosten en behandelingen (incl. hulpmiddelen) geldt in zijn   algemeenheid dat de Zvw en de Regeling zorgverzekering als voorliggende,   passende en toereikende voorzieningen zijn aan te merken.    Op grond van buitenwettelijk begunstigend beleid kan gelet op het bepaalde in   artikel 10 lid 2 van de Beleidsregels bijzondere bijstand en aanvullend op de   vergoeding waarop recht bestaat vanuit de basis –en/of aanvullende   zorgverzekering voor uitsluitend de kosten van:</al><lijst><li nr="1."><al>aangepaste lingerie na borstamputatie (hierbij   wordt uitgegaan van de aanschaf van 2 bh’s)</al></li><li nr="2."><al>hoortoestel + batterijen</al></li><li nr="3."><al>pruik</al></li><li nr="4."><al>steunzolen en podotherapeutische zooltjes</al></li></lijst><al>bijzondere bijstand worden   verstrekt. Voorwaarde is wel dat daarvoor in de individuele situatie een   medische noodzaak aanwezig moet zijn.</al><al>Volledigheidshalve wordt opgemerkt   dat er geen bijzondere bijstand wordt verstrekt voor de eigen bijdrage voor orthopedisch   schoeisel. De Zvw geldt als voorliggende, passende en toereikende   voorziening.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Wlz, Zvw, (collectieve)   aanvullende zorgverzekering, Wia of Wmo.</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>noodzakelijke kosten na aftrek van de   vergoeding uit de basis –en aanvullende zorgverzekering. Zie   vergoedingenoverzicht czv-CZ.</al></li><li nr="2."><al>bij toepassing van art. 10 lid 2 onder b van   de Beleidsregels bijzondere bijstand: maximaal de vergoeding uit het   vergoedingen- overzicht czv-CZ met de laagste premie.</al></li><li nr="3."><al>forfaitaire vergoeding voor batterijen van €   25,-- per hoortoestel per kalenderjaar </al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Logeerkosten / therapeutisch kamp voor zieke kinderen</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Als men zelf in korte tijd   meermaals in het ziekenhuis behandeld moet worden waarvoor men niet hoeft te   blijven, of als de partner of een kind in een ziekenhuis wordt opgenomen, kan   het nodig zijn dat men tijdelijk in een logeerhuis verblijft.    Voor ernstig zieke kinderen kan het nodig zijn dat zij naar een therapeutisch   kamp gaan waar zij leeftijdsgenoten met dezelfde aandoening ontmoeten en waar   zij leren met hun ziekte om te gaan.   Voor medische kosten en behandelingen geldt in zijn algemeenheid dat de Zvw   en de Regeling zorgverzekering als voorliggende, passende en toereikende   voorzieningen zijn aan te merken. Op grond van buitenwettelijk begunstigend   beleid kan gelet op het bepaalde in artikel 10 lid 2 van de Beleidsregels   bijzondere bijstand en aanvullend op de vergoeding waarop recht bestaat   vanuit de basis –en/of aanvullende zorgverzekering voor de kosten van tijdelijk   verblijf in een logeerhuis, of van een therapeutisch kamp voor zieke   kinderen, bijzondere bijstand worden verstrekt. Voorwaarde is wel dat   daarvoor in de individuele situatie een medische noodzaak aanwezig moet zijn.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Zvw en (collectieve) aanvullende   zorgverzekering</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>noodzakelijke kosten na aftrek van de   vergoeding uit de aanvullende zorgverzekering. Zie vergoedingenoverzicht   czv-CZ.</al></li><li nr="2."><al>bij toepassing van art. 10 lid 2 onder b van   de Beleidsregels bijzondere bijstand: maximaal de vergoeding uit het   vergoedingen- overzicht czv-CZ met de laagste premie</al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>bewijs waaruit noodzaak van de   behandeling en hoogte v/d kosten blijkt</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Tandarts / mondhygiëne</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>De kosten van tandheelkundige   behandelingen komen in een aantal situaties voor vergoeding via de   Zorgverzekeringswet en de aanvullende zorgverzekeringen in aanmerking.   Zorgverzekeraars bieden via hun aanvullende pakketten vaak een bredere   dekking aan.    Voor medische kosten en behandelingen geldt in zijn algemeenheid dat de Zvw en   de Regeling zorgverzekering als voorliggende, passende en toereikende   voorzieningen zijn aan te merken. Op grond van buitenwettelijk begunstigend   beleid kan gelet op het bepaalde in artikel 10 lid 2 van de Beleidsregels   bijzondere bijstand en aanvullend op de vergoeding waarop recht bestaat   vanuit de basis –en/of aanvullende zorgverzekering voor de kosten van   tandheelkundige behandelingen bijzondere bijstand worden verstrekt.   Voorwaarde is wel dat daarvoor in de individuele situatie een medische   noodzaak aanwezig moet zijn.    Bij de behandeling van de aanvraag voor bijzondere bijstand moet wel gelet   worden op het feit of:</al><lijst><li nr="1."><al>de te ondergane behandeling niet het gevolg is   van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid doordat het gebit   langdurig is verwaarloosd en/of bewuste keuze om zich (langdurig) niet tegen   tandheelkundige behandelingen te verzekeren;</al></li><li nr="2."><al>de behandeling met de daarmee gemoeid zijnde   kosten vanuit bijzondere bijstandsoptiek aangemerkt kan worden als   goedkoopste adequate oplossing/behandeling. Bij een aantal tandheelkundige   aandoeningen zijn er in “technisch opzicht” vaak meerdere  oplossingen/ behandelingen mogelijk met   bijbehorende kosten. Voorbeeld: aandoening betreft gaatje in kies:   behandeling kan dan bestaan uit: (nieuwe) vulling plaatsen, tand verwijderen,   kroon of zelfs implantaat plaatsen. Een medisch advies kan uitsluitsel geven   of er in het individuele geval sprake is van een medisch noodzakelijke   behandeling, dan wel een cosmetische en wat de goedkoopste adequate   oplossing/behandeling is. </al></li><li nr="3."><al>de behandeling deels in het lopende en deels   in het daarop volgende kalenderjaar uitgevoerd kan worden.    Dit omdat veel aanvullende zorgverzekeringen een maximale vergoeding per   kalenderjaar hanteren.</al></li></lijst></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Zvw en (collectieve) aanvullende   zorgverzekering</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>uitgaande van de goedkoopste adequate   voorziening, de nood-zakelijke kosten na aftrek van de vergoeding uit de   basis –en aanvullende zorgverzekering. Zie vergoedingenoverzicht czv-CZ.</al></li><li nr="2."><al>bij toepassing van art. 10 lid 2 onder b van   de Beleidsregels bijzondere bijstand: maximaal de vergoeding uit het   vergoedingen- overzicht czv-CZ met de laagste premie</al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Met toepassing van art. 8 lid 2   van de “Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente … “, dient een aanvraag   bijz. bijstand voor tandheelkundige behandelingen aangevraagd te worden   voordat met de behandeling wordt aangevangen. Dit om vast te kunnen stellen   of er sprake is van een medisch noodzakelijke behandeling, dan wel een   cosmetische en wat de goedkoopste adequate oplossing/behandeling is. Als de   behandeling opgedeeld wordt in meerdere deelbehandelingen, dan dient de   aanvraag ingediend te worden voordat de 1<sup>e</sup> deelbehandeling   aanvangt. Deze voorwaarde dient ook ter bescherming van de aanvrager zelf   zodat deze niet achteraf met een afwijzing bijzondere bijstand wordt   geconfronteerd en hierdoor in een schuldensituatie terecht komt. </al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>behandelplan van de tandarts</al></li><li nr="2."><al>eventuele polis andere zorgverzekeraar</al></li><li nr="3."><al>bewijs noodzaak</al></li></lijst></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Voetbehandeling</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>De kosten van voetbehandeling   (o.a. behandeling podotherapeut, medische pedicure) komen in een aantal   situaties voor vergoeding via de Zorgverzekeringswet en/of aanvullende   zorgverzekering in aanmerking. Zorgverzekeraars bieden via hun aanvullende   pakketten vaak een bredere dekking aan.   Voor medische kosten en behandelingen geldt in zijn algemeenheid dat de Zvw   en de Regeling zorgverzekering als voorliggende, passende en toereikende   voorzieningen zijn aan te merken. Op grond van buitenwettelijk begunstigend   beleid kan gelet op het bepaalde in artikel 10 lid 2 van de Beleidsregels   bijzondere bijstand en aanvullend op de vergoeding waarop recht bestaat   vanuit de basis –en/of aanvullende zorgverzekering voor de kosten van   voetbehandeling bijzondere bijstand worden verstrekt. Voorwaarde is wel dat   daarvoor in de individuele situatie een medische noodzaak aanwezig moet zijn.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Zvw en (collectieve) aanvullende   zorgverzekering</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><lijst><li nr="1."><al>noodzakelijke kosten na aftrek van de   vergoeding uit de basis –en aanvullende zorgverzekering. Zie   vergoedingenoverzicht czv-CZ.</al></li><li nr="2."><al>bij toepassing van art. 10 lid 2 onder b van   de Beleidsregels bijzondere bijstand: maximaal de vergoeding uit het   vergoedingen- overzicht czv-CZ met de laagste premie</al></li></lijst></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>bewijs waaruit noodzaak van de   behandeling en hoogte v/d kosten blijkt</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Alle overige medische kosten en behandelingen</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Onder deze kosten vallen onder   andere: huisartsenzorg, poliklinische behandelingen, specialistenhulp, ziekenhuis-   zorg, wijkverpleging, ambulancevervoer, orthodontie, diverse medische therapieën/hulpmiddelen,   bevalling/ kraam- zorg, brillen/contactlenzen, geneesmiddelen etc.   Artikel   15, eerste lid, eerste volzin, van de Pw bepaalt dat geen recht op bijstand   bestaat voor zover een beroep kan worden gedaan op een voorliggende   voorziening die, gezien haar aard en doel, wordt geacht voor de   belanghebbende toereikend en passend te zijn. Voorts heeft gelet op artikel   15, eerste lid, tweede volzin, van de Pw, die wet geen functie indien binnen   de voorliggende voorziening een bewuste beslissing is genomen over de   noodzaak van bepaalde kostensoorten in het algemeen of in een specifieke situatie.   Indien binnen de voorliggende voorziening het gevraagde in het algemeen of in   een specifieke situatie niet noodzakelijk is geacht dient daarbij voor de   toepassing van de Pw te worden aangesloten.   Uit diverse uitspraken van de CRvB (zie: 13-4-2010, ECLI:NL:CRVB:2010:   BM2959, 26-10-2010: ECLI:NL: CRVB:2010:BO3556, 12-7-2011, ECLI:NL: CRVB:2011:   BR2509, 21-7-2015,    ECLI:NL:CRVB:2015:2399,    29-1-2013: ECLI:NL:CRVB:2013:BY9838 en 24-5-2016, ECLI:NL:CRVB:2016:2309) blijkt   dat de Zorgverzekerings- wet (Zvw) en de daarop gebaseerde Regeling   zorgverzekering en de Wet langdurige zorg, Wlz (voorheen AWBZ) als   voorliggende, toereikende en passende voorzieningen zijn aan te merken voor   medische kosten en behande-  lingen.    Met uitzondering van de in categorie h: medische dienstverlening van   de in de “Bijlage kostensoorten bijzondere bijstand “ beschreven   kostensoorten waarvoor buitenwettelijk begunstigend beleid wordt toegepast,   geldt voor    alle overige medische kosten en behandelingen dat artikel 15 lid 1 Pw aan   toekenning van bijzondere bijstand in de weg staat. Daarom wordt hiervoor geen   bijzondere bijstand verstrekt.   Alternatief is deelname aan de CZV met uitgebreide dekking vanuit de   aanvullende verzekering.      Uitzondering: alleen als sprake is van zeer dringende reden als bedoeld in   artikel 16 Pw kan van het bepaalde in art. 15 Pw worden afgeweken. Er moet   dan wel sprake zijn van een acute noodsituatie en de behoeftige   omstandigheden waarin de belanghebbende verkeert moeten op geen enkele andere   wijze zijn te verhelpen zodat het verlenen van bijstand onvermijdelijk is.   Een acute noodzaak is aan de orde als de situatie levensbedreigend is of   blijvend ernstig psychisch of lichamelijk letsel of invaliditeit tot gevolg   kan hebben. Zie CRvB: 29-3-2016, ECLI:NL:CRVB:2016:1251 en 1-12-2009,   ECLI:NL:CRVB:2009:BK6576.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>Zvw, Regeling zorgverzekering, (collectieve)   aanvullende zorgverzekering en Wlz.</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Geen tenzij sprake is van zeer   dringende redenen.</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Bij zeer dringende redenen om   niet.</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>n.v.t.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Categorie i: overige kostensoorten</al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al><vet>Begrafenis-crematiekosten</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Begrafeniskosten en crematiekosten   worden geacht te behoren tot de bijzondere bestaanskosten van de   erfgena(a)m(en). Indien deze over onvoldoende middelen beschikken om deze   kosten te kunnen voldoen, kan aan hen, ieder voor het eigen evenredig deel,   bijzondere bijstand worden verstrekt.   Dat betekent dat:   • alleen de erfgenamen in aanmerking komen voor bijzondere bijstand;   • de erfgenamen, ieder voor hun eigen erfrechtelijk deel bijzondere bijstand   kunnen aanvragen;   • alleen recht op bijzondere bijstand bestaat als hun erfdeel niet toereikend   is en men niet over eigen middelen     beschikt om het (eigen) aandeel te   kunnen voldoen;   • het verder niet van belang is of de andere erfgenamen de nalatenschap   aanvaard of verworpen hebben.   De Wet op de lijkbezorging (Wlb) is in deze géén voorliggende voorziening   t.o.v. de bijz. bijstand en is alleen van toepassing als de nabestaanden   weigeren opdracht te geven voor de uitvaart of crematie.      Aan de erfgena(a)m-(en) kan, ieder voor hun eigen deel, bijzondere bijstand   worden toegekend.   Géén bijz. bijstand wordt verleend voor de kosten van:   - overbrenging van de overledene naar het buitenland om daar te kunnen worden   begraven of gecremeerd;   - begrafenis –of crematiekosten in het buitenland t.b.v. de overleden cliënt,   of een gezinslid,   - reiskosten voor het bijwonen van een begrafenis/crematie in buitenland.</al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>- uitvaartverzekering,   - nalatenschap,   - ongevallenverzekering</al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Uitgaande van de richtprijzen van   het NIBUD kunnen de volgende kosten worden vergoed:   <onderstreept>algemene kosten:</onderstreept>   • kosten overlijdensakte   • basistarief uitvaartverzorger   • rouwkaarten (max. 50 stuks zonder porto)   • overbrengen overledene naar rouwcentrum;   • laatste verzorging van overledene   • kist (spaanplaat eikenfineer)   • rouwauto      <onderstreept>begrafeniskosten:</onderstreept>   • kosten algemeen graf (10 jaar gedeeld met vreemden), incl. open     en sluiten graf (ma/vr),    • kosten aula begraafplaats of condoleanceruimte      <onderstreept>crematiekosten:</onderstreept>   • crematorium (crematie, dienst in aula of condoleanceruimte)   • as verstrooien bij crematorium, of as bewaren in nis in crematorium      (kosten 1 jaar).      <onderstreept>Noot:</onderstreept> steeds meer gemeenten   staan in hun APV toe dat asresten ook                 in de gemeente verstrooid   mogen worden.</al><al><onderstreept>Niet noodzakelijk kosten zijn:</onderstreept>   • advertentiekosten in regionale krant   • opbaren in uitvaartcentrum, incl. condoleancebezoek   • opbaren thuis, incl. dagelijkse controle en koeling overledene   • kosten volgauto(s)   • koffietafel na uitvaart   • kosten eigen graf (20 jaar voor 2 personen), incl. onderhoudskosten en     openen en sluiten graf   • bijzetten in bestaand graf   • natuurstenen grafdocument of urnen   • kosten eredienst en/of kosten die voortvloeien uit culturele en religieuze     achtergrond</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Geen</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>- bewijsstukken nalatenschap,   - bewijsstukken uitvaart-, levens- of ongevallenverzekering,   - nota’s v/d kosten.</al></entry></row><row><entry><al>    </al></entry><entry><al>    </al></entry><entry/><entry/><entry/><entry/><entry/><entry/><entry/><entry/></row></tbody></tgroup></table><al> </al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><colspec colname="colD"/><tbody><row><entry><al><vet>Compensatie bij géén recht op alleenstaande-ouderkop (ALO-kop)   kindgebonden budget</vet></al></entry><entry><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Omschrijving</al></entry><entry><al>Met de inwerkingtreding van de Wet   hervorming kindregelingen per 01 jan 2015 is Pw-norm voor alleenstaande   ouders komen te vervallen. Voor een alleenstaande oudergezin is per 01 jan.   2015 de bijstandsnorm voor een alleenstaande van toepassing. Deze norm is 20%   lager dan de oude bijstandsnorm voor een alleenstaande ouder. Deze verlaging van   de algemene bijstandsnorm wordt gecompenseerd doordat het kindgebonden budget   van de Rijksbelastingdienst-Toeslagen extra is verhoogd met een z.g.   alleenstaande-ouderkop (ALO-kop).    Voorwaarde voor het recht op de ALO-kop is wel dat men géén toeslagpartner   mag hebben.    Men heeft voor de Belastingdienst wel een toeslagpartner als men gehuwd is,   of geregistreerd partnerschap heeft, en:   1. de partner is gedetineerd, of verblijft in een verpleeginstelling;   2. men leeft feitelijk wel gescheiden, maar er is nog geen verzoek bij de   rechtbank ingediend voor echtscheiding        of scheiding van tafel en bed;       <onderstreept>Noot:</onderstreept> denk ook aan situatie   dat ene partner (nog) met vakantie is in het buitenland en de ander verblijft                 (al) in Nederland.    3. men bewoont de woning samen met één van de ouders, of met een volwassen   kind van 27 jaar of ouder.       Opm. bij 3: hierop bestaan wel   enige uitzonderingen à   zie schema op site Toeslagen.       Noot: denk ook aan situatie dat het   woonadres in onderzoek is bij de gemeente omdat er in de BRP ook                 andere perso(o)n(en)   ingeschreven staat(n) op hetzelfde adres en cliënt verklaart dat die er niet                 (meer)   verblijft/verblijven.   4. gezin met niet-Nederlandse nationaliteit waarbij door de IND bij één partner   de verblijfstitel wordt ingetrokken       maar waarbij die partner zonder   verblijfstitel wel blijft inwonen in afwachting van de uitslag van een   ingesteld       (hoger) beroep.      Aan alleenstaande oudergezinnen die géén recht hebben op z.g. ALO-kop  kindgebonden budget omdat zij een   toeslagpartner hebben en:   - waarvan de partner gedetineerd is, of in een verpleeginstelling verblijft,   of   - waarbij die partner zonder verblijfstitel wel blijft inwonen in afwachting   van de uitslag van een ingesteld       (hoger) beroep,   via de bijzondere bijstand een eenmalige maandelijkse inkomensaanvulling te   verstrekken voor de duur van maximaal 36 maanden.    Indien na toekenning van deze bijz. bijstand binnen de periode van 36 maanden   de alg. + bijz. bijstand beëindigd wordt wegens werkaanvaarding en men wordt   nadien onvrijwillig werkloos waardoor men weer beroep moet doen op een   Pw-uitkering, herleeft deze algemene + bijz. bijstand tot de max. termijn van   36 maanden is bereikt.   <onderstreept>Noot:</onderstreept> deze bijz. bijstand vormt dus een geheel met een maandelijkse   Pw-uitkering voor levensonderhoud, onder             aftrek van het maandelijkse   inkomen.   Omdat hier sprake is van maandelijkse inkomenssuppletie, wordt, in afwijking   van de normale draagkracht-berekening,    overig inkomen wat de Pw-alleenstaande norm te boven gaat volledig in   mindering gebracht op deze maandelijkse bijz. bijstand.      </al></entry></row><row><entry><al>Voorliggende voorziening</al></entry><entry><al>z.g. ALO-kop  kindgebonden budget van de   Belastingdienst/Toeslagen.</al><al>Bij een formeel huwelijk of geregistreerd   partnerschap is de “echtgenoot” volgens de fiscale wetgeving automatisch   toeslag partner ongeacht of deze wel of niet in Nederland verblijft.</al><al>Zie tool op site <extref doc="http://www.belastingdienst.nl/">www.belastingdienst.nl</extref>  zoekterm:   “wie is mijn toeslagpartner”.</al><al>Het feit dat iemand een toeslagpartner   heeft betekent niet zonder meer dat er nooit recht op toeslagen bestaat.</al><al>Per soort toeslag gelden er dan   verschillende voorwaarden en bij aantal toeslagen kijkt de Belastingdienst   naar het inkomen/vermogen van de toeslagpartner in het buitenland.</al><al>Voor het kindgebonden budget geldt dat er   geen recht op ALO-kop is. Van belang is ook wie van partner(s) de   kinderbijslag van de SVB ontvangen.</al><al>    </al></entry></row><row><entry><al>Reservering toepassen</al></entry><entry><al>Nee</al></entry></row><row><entry><al>Vergoedingen:</al></entry><entry><al>Maandelijkse toeslag ter hoogte   van:   - 1<sup>e</sup> jaar 15% van de Pw-gehuwdennorm,   - 2e jaar 10% van de Pw-gehuwdennorm,   - 3e jaar   5% van de Pw-gehuwdennorm.</al></entry><entry><al>Fiscaal belast</al></entry><entry><al>Ja</al></entry></row><row><entry><al>Vorm waarin de bijzondere bijstand   wordt verstrekt:</al></entry><entry><al>Om niet</al></entry></row><row><entry><al>Speciale uitkeringsvoorwaarden:</al></entry><entry><al>Informatie verstrekken over voortgang   ingestelde (hoger) beroepsprocedure</al></entry></row><row><entry><al>Bewijsstukken</al></entry><entry><al>Bewijs Belastingdienst/Toeslagen   dat geen recht op ALO-kop kindgebonden budget bestaat</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al> </al><al>Totaal: 40 kostensoorten.</al><al> </al><al><vet>Lijst met gebruikte begrippen en afkortingen:</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Algemeen noodzakelijke bestaanskosten: algemene kosten van levensonderhoud die iedereen normaal gesproken wel heeft.  Hieronder vallen bijvoorbeeld de kosten van: voeding, kleding, woon –en energiekosten, normale verzekeringen (o.a.: zorgverzekering, wettelijke aansprakelijkheid, inboedel, opstal, auto –en reisverzekering), normale belastingen (o.a. inkomsten –en motorrijtuigenbelasting, reinigingsrechten, OZB,)  en dergelijke.</al></li><li nr="2."><al>ADHD: attention deficit hyperactivity disorder, ook wel aandachtstekort-hyperactiviteitstoornis genoemd</al></li><li nr="3."><al>APV: Algemene Plaatselijke Verordening: gemeentelijke verordening met regelgeving op het gebied van openbare orde en veiligheid</al></li><li nr="4."><al>AZC: asielzoekerscentrum</al></li><li nr="5."><al>BBL: Beroeps Begeleidende Leerweg</al></li><li nr="6."><al>BTU: specifieke regeling van de Rijksbelastingdienst i.v.m. specifieke zorgkosten</al></li><li nr="7."><al>CAK: landelijke organisatie te Den Haag belast die in opdracht van de overheid diverse regelingen uitvoert (o.a. vaststellen en innen            van de eigen bijdrage op grond van de Wlz en Wmo.            Noot: oude/vervallen afkorting was: Centraal administratiekantoor.</al></li><li nr="8."><al>CRVB: Centrale Raad van Beroep te Utrecht: hoogste bestuursrechter inzake geschillen op het terrein van de sociale verzekeringen, de              sociale voorzieningen en ambtenarenzaken.</al></li><li nr="9."><al>CZV: collectieve zorgverzekering voor minima van de gemeenten</al></li><li nr="10."><al>GKB: gemeentelijke kredietbank / Kredietbank Breda</al></li><li nr="11"><al>Huurtoeslag: toeslag van de Belastingdienst – Toeslagen om de huurkosten deels te compenseren</al></li><li nr="12"><al>Juridisch Loket: Juridisch Loket te Breda: organisatie die gratis eerste hulp bij juridische vragen geeft</al></li><li nr="13"><al>Kinderopvangtoeslag: toeslag van de Belastingdienst – Toeslagen om de kosten van kinderopvang deels te compenseren</al></li><li nr="14"><al>LOVCK: Landelijk Overleg Vakinhoud Civiel en Kanton</al></li><li nr="15"><al>Meldpunt schuldhulpverlening: loket/organisatie waar men terecht kan voor hulp bij problematische schulden</al></li><li nr="16"><al>Min van SZW: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid</al></li><li nr="17"><al>NIBUD: Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting</al></li><li nr="18"><al>NIBUD-prijzengids/norm: NIBUD Prijzengids voor de bijzondere bijstand / daarin vermelde normbedragen </al></li><li nr="19"><al>PBI: Branchevereniging voor Professionele Bewindvoerders en Inkomensbeheerders</al></li><li nr="20"><al>Pw: Participatiewet </al></li><li nr="21"><al>Pw-norm = bijstandsnorm</al></li><li nr="22"><al>VO: voortgezet onderwijs</al></li><li nr="23"><al>Voorliggende voorziening: voorliggende voorziening als bedoeld in artikel 15 Participatiewet </al></li><li nr="24"><al>VT: vakantietoeslag</al></li><li nr="25"><al>VVE: voor- en vroegschoolse educatie: maatregelen die onderwijsachterstanden trachten te verminderen bij de start van groep 3 in de basisschool</al></li><li nr="26"><al>WIA: Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen</al></li><li nr="27"><al>WKO: Wet kinderopvang</al></li><li nr="28"><al>WKT: woonkostentoeslag</al></li><li nr="29"><al>Wlz: Wet langdurige zorg</al></li><li nr="30"><al>Wmo: Wet maatschappelijke ondersteuning</al></li><li nr="31"><al>Wrb: Wet op de rechtsbijstand</al></li><li nr="32"><al>WSF: Wet studiefinanciering</al></li><li nr="33"><al>WSNP: Wet schuldsanering natuurlijke personen: schuldsaneringsregeling natuurlijke personen als omschreven in titel III van de Faillissementswet</al></li><li nr="34"><al>WTOS: Wet Tegemoetkoming Onderwijsbijdrage en Schoolkosten </al></li><li nr="35"><al>Zorgtoeslag: toeslag van de Belastingdienst – Toeslagen om de (premie)kosten van de zorgverzekering deels te compenseren</al></li><li nr="36"><al>Zvw: Zorgverzekeringswet</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al/></slotformulering></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>