<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR605184_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Besluit algemene voorschriften opsporen en winnen aardwarmte in de Venloschol</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Provincie">Limburg</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Provincie">Limburg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2017-5987">prb-2017-5987</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Besluit algemene voorschriften opsporen en winnen aardwarmte in de Venloschol</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Limburg/CVDR601817/CVDR601817_2.html</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanProvincie">gedeputeerde staten</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>milieu</dcterms:subject><dcterms:issued>2017-10-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-12-22</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Niet ingegeven</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>PB no. 127-2017</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>PB no. 127-2017</overheidrg:onderwerp></cvdripm></meta><body><intitule>Besluit algemene voorschriften opsporen en winnen aardwarmte in de Venloschol</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Gedeputeerde Staten van Limburg,</vet></al><al/><al>Gelet op <extref doc="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Limburg/CVDR601817/CVDR601817_2.html">artikel 4.1.2 van de Omgevingsverordening Limburg 2014</extref></al></preambule><afkondiging><al>BESLUITEN </al><al/><al>Vast te stellen de volgende regeling</al><al/><al><vet>Besluit algemene voorschriften opsporen en winnen aardwarmte in de Venloschol</vet></al></afkondiging></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begrippen</titel></kop><lijst><li nr="a."><al><cursief>aardwarmte:</cursief> in de ondergrond aanwezige warmte die aldaar langs natuurlijke weg is ontstaan;</al></li><li nr="b."><al><cursief>aardwarmtesysteem:</cursief> systeem voor het opsporen van aardwarmte of het winnen van aardwarmte als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014168&amp;z=2017-03-11&amp;g=2017-03-11">artikel 1 van de Mijnbouwwet</extref>, waarbij de aardwarmte op een diepte van meer dan 500 meter beneden de oppervlakte van de aardbodem aanwezig is;</al></li><li nr="c."><al><cursief>Venloschol:</cursief> het als Venloschol aangeduide gebied dat is aangewezen in de <extref doc="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Limburg/CVDR601817/CVDR601817_2.html">Omgevingsverordening Limburg 2014</extref>.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Melding en voorschriften</titel></kop><al>De verboden van <extref doc="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Limburg/CVDR601817/CVDR601817_2.html">artikel 4.4.2, eerste lid, onder a, b, d en e, van de Omgevingsverordening Limburg 2014</extref> gelden niet voor het maken en hebben van een aardwarmtesysteem in de Venloschol, mits wordt voldaan aan de volgende voorschriften: </al><lijst><li nr="a."><al>Degene die de aardwarmte opspoort of wint doet ten minste vier weken voor de geplande datum van aanvang van de aanleg van een boorput melding aan Gedeputeerde Staten;</al></li><li nr="b."><al>Indien de datum bedoeld in het eerste lid wijzigt, doet degene die de aardwarmte opspoort of wint ten minste 7 dagen voor de nieuwe datum van aanvang van de aanleg van een boorput melding aan Gedeputeerde Staten;</al></li><li nr="c."><al>Boorputten zijn niet dieper dan 3.500 meter onder maaiveld;</al></li><li nr="d."><al>Het opsporen en winnen van aardwarmte vindt plaats overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014168&amp;z=2017-03-11&amp;g=2017-03-11">Mijnbouwwet</extref>;</al></li><li nr="e."><al>Boorputten worden uitgevoerd overeenkomstig de Beoordelingsrichtlijn Mechanisch Boren BRL SIKB 2100;</al></li><li nr="f."><al>In een boorgat worden twee fysieke barrières geplaatst, in de vorm van een casing en een conductor of tweede surface casing. De conductor of tweede surface casing dient geplaatst te worden tot ten minste 200 meter onder maaiveld. Indien dieper dan 150 meter onder maaiveld een slecht doorlatende laag dikker dan een meter wordt aangetroffen, mag de conductor of tweede surface casing tot aan deze slecht doorlatende laag worden geplaatst;</al></li><li nr="g."><al>Tussen casing en conductor of tweede surface casing en tussen boorgatwand en conductor of tweede surface casing wordt cementatie aangebracht ten minste tot aan de eerste slecht- doorlatende laag onder de geologische Formatie van Breda;</al></li><li nr="h."><al>Bij het boren mag tot de eerste kleilaag onder de Formatie van Breda met een dikte van ten minste 20 meter alleen gebruik worden gemaakt van bentoniet-klei en schoon water. Onder schoon water wordt verstaan, water waaraan geen stoffen zijn toegevoegd en dat voldoet aan de normen voor drinkwater van het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030111&amp;z=2015-11-28&amp;g=2015-11-28">Drinkwaterbesluit</extref>;</al></li><li nr="i."><al>In afwijking van het bepaalde onder h mogen bij het boren andere stoffen dan bentoniet-klei en schoon water worden toegepast nadat een conductor of surface casing is aangebracht tot een diepte van ten minste 10 meter in de eerste kleilaag onder de Formatie van Breda met een dikte van ten minste 20 meter;</al></li><li nr="j."><al>Na beëindiging wordt de bovenste (cement)plug minimaal tot aan de onderkant van de conductor of tweede surface casing aangebracht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Te overleggen gegevens</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de melding als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014394&amp;z=2017-07-01&amp;g=2017-07-01">artikel 2, onder a, wordt het in artikel 74, eerste lid, van het Mijnbouwbesluit</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014468&amp;z=2017-08-29&amp;g=2017-08-29">paragraaf 8.2.1 van de Mijnbouwregeling</extref> bedoelde werkprogramma voor de aanleg van de boorput aan Gedeputeerde Staten overgelegd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Uiterlijk 4 weken na voltooiing van de aanleg van de boorput legt degene die de aardwarmte opspoort of wint het in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014394&amp;z=2017-07-01&amp;g=2017-07-01">artikel 76, tweede lid, van het Mijnbouwbesluit</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014468&amp;z=2017-08-29&amp;g=2017-08-29">artikel 8.2.2.2 van de Mijnbouwregeling</extref> bedoelde eindrapport over aan Gedeputeerde Staten. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Ten minste 2 weken voor aanvang van de reparatie van een boorput legt degene die de aardwarmte opspoort of wint het in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014394&amp;z=2017-07-01&amp;g=2017-07-01">artikel 74, eerste lid, van het Mijnbouwbesluit</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014468&amp;z=2017-08-29&amp;g=2017-08-29">paragraaf 8.2.3 van de Mijnbouwregeling</extref> bedoelde werkprogramma voor de reparatie van een boorput over aan Gedeputeerde Staten. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Uiterlijk 4 weken na voltooiing van de reparatie van een boorput legt degene die de aardwarmte opspoort of wint het in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014394&amp;z=2017-07-01&amp;g=2017-07-01">artikel 76, tweede lid, van het Mijnbouwbesluit</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014468&amp;z=2017-08-29&amp;g=2017-08-29">artikel 8.2.2.2 van de Mijnbouwregeling</extref> bedoelde eindrapport over aan Gedeputeerde Staten.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Ten minste 4 weken voor aanvang van de buitengebruikstelling van een boorput legt degene die de aardwarmte opspoort of wint het in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014394&amp;z=2017-07-01&amp;g=2017-07-01">artikel 74, eerste lid, van het Mijnbouwbesluit</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014468&amp;z=2017-08-29&amp;g=2017-08-29">paragraaf 8.2.4 van de Mijnbouwregeling</extref> bedoelde werkprogramma voor de buitengebruikstelling van de boorput over aan Gedeputeerde Staten.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Uiterlijk 4 weken na voltooiing van buitengebruikstelling van een boorput legt degene die de aardwarmte opspoort of wint het in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014394&amp;z=2017-07-01&amp;g=2017-07-01">artikel 76, tweede lid, van het Mijnbouwbesluit</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014468&amp;z=2017-08-29&amp;g=2017-08-29">artikel 8.2.2.2 van de Mijnbouwregeling</extref> bedoelde eindrapport over aan Gedeputeerde Staten. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Dit besluit kan worden aangehaald als Besluit algemene voorschriften opsporen en winnen aardwarmte in de Venloschol.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Dit besluit treedt in werking de dag na publicatie in het Provinciaal Blad.</al><al/></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><gegeven><dagtekening><plaats>Maastricht, d.d.</plaats><datum isodatum="2017-10-24">24 oktober 2017</datum></dagtekening></gegeven><ondertekening><deze>Gedeputeerde Staten voornoemd </deze><functie>de voorzitter, </functie><naam><voornaam>de heer drs.</voornaam><achternaam>Th.J.F.M. Bovens</achternaam></naam></ondertekening><ondertekening><functie>secretaris, </functie><naam><voornaam>de heer drs.</voornaam><achternaam>G.H.E. Derks MPA</achternaam></naam></ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><titel>Toelichting</titel></kop><al>In hoofdstuk 4 van de Omgevingsverordening Limburg 2014 zijn verbodsbepalingen opgenomen voor diverse activiteiten die een risico kunnen opleveren voor het grondwater dat onttrokken wordt ten behoeve van de drinkwatervoorziening. De verbodsbepalingen gelden in de gebieden die in de Omgevingsverordening zijn aangewezen ter bescherming van het grondwater: de waterwingebieden, de grondwaterbeschermingsgebieden en de boringsvrije zones Roerdalslenk en Venloschol.</al><al>De verbodsbepalingen hebben onder meer betrekking op fysieke ingrepen in de bodem. Bij initiatieven voor de opsporing of winning van geothermie kan men te maken krijgen met verboden voor de volgende activiteiten in de bodem: </al><lijst><li nr="1."><al>Boorputten;</al></li><li nr="2."><al>Constructies op of in de bodem met als doel het vervoeren, bergen, op- of overslaan, storten, of verzinken van schadelijke stoffen;</al></li><li nr="3."><al>Werken op of in de bodem waarbij ingrepen worden verricht of stoffen worden gebruikt die de beschermende werking van de slecht doorlatende bodemlagen kunnen aantasten;</al></li><li nr="4."><al>Grond roeren;</al></li><li nr="5."><al>Aardwarmtesysteem.</al></li></lijst><al>In individuele gevallen kunnen wij ontheffing van een of meer van deze verbodsbepalingen verlenen. Artikel 4.1.2 in samenhang met artikel 4.4.3, tweede lid, van de Omgevingsverordening geeft ons echter ook de mogelijkheid om algemene regels vast te stellen voor handelingen die onder een of meer verbodsbepalingen vallen. Handelingen die vervolgens overeenkomstig die algemene regels worden uitgevoerd, zijn vrijgesteld van de verbodsbepalingen. Er hoeft dus geen ontheffing te worden aangevraagd. Met het Besluit algemene voorschriften opsporen en winnen aardwarmte in de Venloschol maken wij van deze bevoegdheid gebruik voor de opsporing en winning van aardwarmte in de Venloschol.</al><al/><al>Voor de opsporing en winning van aardwarmte zijn diverse vergunningen ingevolge de Mijnbouwwet en Wet algemene bepalingen omgevingsrecht nodig. Die vergunningen moeten in de meeste gevallen bij de minister van Economische Zaken worden aangevraagd. Die vergunningplicht blijft gewoon gelden. Het Besluit algemene voorschriften opsporen en winnen aardwarmte in de Venloschol geeft dus alleen vrijstelling van de verbodsbepalingen die in de Omgevingsverordening Limburg 2014 zijn opgenomen.</al><al/><al>De algemene voorschriften sluiten nauw aan bij de door de minister van Economische Zaken doorgaans gestelde eisen bij vergunningverlening op grond van de Mijnbouwwet. De algemene voorschriften zijn bedoeld om een aantal waarborgen te geven gelet op de bescherming van het grondwater ten behoeve van openbare drinkwatervoorziening. </al><al/><al>Naast een aantal inhoudelijke voorschriften geldt een meldingsplicht. Ten minste 4 weken voordat begonnen worden met het project ten behoeve van de opsporing of winning (injectieput of productieput) moet de initiatiefnemer een melding bij ons doen. Ten minste 7 dagen voordat hij daadwerkelijk een boorput gaat maken moet hij een melding doen als er een wijziging optreedt in de eerder gemelde verwachte datum van aanleg van een boorput. </al><al/><al>Voor wat betreft de door de initiatiefnemer over te leggen gegevens is aangesloten bij hetgeen in het kader van de Mijnbouwwetvergunning bij Staatstoezicht op de Mijnen moet worden overgelegd. Er worden geen extra gegevens opgevraagd. De initiatiefnemer kan volstaan met het overleggen van een afschrift van de verschillende werkprogramma’s en eindrapporten aan Gedeputeerde Staten. Hieronder is een overzicht opgenomen.</al><al/><table frame="all"><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colwidth="16*"/><colspec colname="col2" colwidth="24*"/><colspec colname="col3" colwidth="25*"/><colspec colname="col4" colwidth="29*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Fase boorput</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Over te leggen document</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Tijdstip van overleggen</vet></al></entry><entry colname="col4"><al><vet>Vindplaats eisen in Mijnbouwbesluit (Mbb) en Mijnbouwregeling (Mbr)</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="1"><al>Aanleg </al></entry><entry colname="col2"><al>Werkprogramma aanleg</al></entry><entry colname="col3"><al>4 weken voor start aanleg</al></entry><entry colname="col4"><al>Art. 74, lid 1 Mbb</al><al>Art. 8.2.1.1 en 8.2.2.2 Mbr</al></entry></row><row><entry colname="col2"><al>Eindrapport aanleg</al></entry><entry colname="col3"><al>4 weken na voltooiing aanleg</al></entry><entry colname="col4"><al>Art. 76, lid 2 Mbb</al><al>Art. 8.2.2.2 en bijlage 12 Mbr</al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="1"><al>Reparatie </al></entry><entry colname="col2"><al>Werkprogramma reparatie</al></entry><entry colname="col3"><al>2 weken voor start reparatie</al></entry><entry colname="col4"><al>Art. 74, lid 1 Mbb</al><al>Art. 8.2.3.1 – 8.2.3.3 Mbr</al></entry></row><row><entry colname="col2"><al>Eindrapport reparatie</al></entry><entry colname="col3"><al>4 weken na voltooiing reparatie</al></entry><entry colname="col4"><al>Art. 76, lid 2 Mbb</al><al>Art. 8.2.2.2 en bijlage 12 Mbr</al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="1"><al>Buitengebruik-stelling</al></entry><entry colname="col2"><al>Werkprogramma buitengebruikstelling</al></entry><entry colname="col3"><al>4 weken voor start buitengebruikstelling</al></entry><entry colname="col4"><al>Art. 74, lid Mbb</al><al>Art. 8.2.4.1 – 8.2.4.3 Mbr</al></entry></row><row><entry colname="col2"><al>Eindrapport buitengebruikstelling</al></entry><entry colname="col3"><al>4 weken na voltooiing buitengebruikstelling</al></entry><entry colname="col4"><al>Art. 76, lid 2 Mbb</al><al>Art. 8.2.2.2 en bijlage 12 Mbr</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>Voor de achtergrond en nadere toelichting op de voorschriften verwijzen wij naar onze ‘Beleidsnotitie Geothermie in relatie tot de openbare drinkwatervoorziening’.</al></bijlage></regeling></body></cvdr>