<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR601111_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zederik</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-12-31</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zederik</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-187988">gmb-2016-187988</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening toeristenbelasting 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=224&amp;g=2016-07-01">art. 224 Gemw</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-12-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-12-31</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Z.11766/RB.188</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De datum van de heffing is 1 januari 2017.</al><al>Deze verordening vervangt per 1 januari 2017 de Verordening toeristenbelasting 2016.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad der gemeente Zederik;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 29 november 2016;</al></preambule><afkondiging><al><vet>besluit:</vet></al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al><vet>Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting</vet></al><al>(Verordening toeristenbelasting 2017).</al></afkondiging></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam ‘toeristenbelasting’ wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:</al><lijst><li nr="1."><al>van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/BWBR0018906/2016-08-01#HoofdstukIII_Artikel5">artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen</extref>;</al></li><li nr="2."><al>van een vreemdeling als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/BWBR0011823/2015-07-20#Hoofdstuk3_Afdeling4_Paragraaf1_Artikel29">artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000</extref>, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/BWBR0011823/2015-07-20#Hoofdstuk3_Afdeling1_Artikel8">artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet</extref> en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.</al></li><li nr="3."><al>van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk verblijf forensenbelasting is verschuldigd;</al></li><li nr="4."><al>op vaartuigen voor welk verblijf watertoeristenbelasting is verschuldigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingjaar. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al> kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto, caravan dan wel enig ander onderkomen of ander voertuig of gewezen voertuig of een gedeelte daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde waarvoor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/BWBR0024779/2016-07-01#Hoofdstuk2_Paragraaf2.1_Artikel2.1">artikel 2.1, eerste lid, onderdeel a, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht</extref> is vereist; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf.</al></li><li nr="b."><al>kampeerterrein: terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en volgens die inrichting bestemd, om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen</al></li><li nr="c."><al>vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld voor de plaatsing van eenzelfde kampeermiddel gedurende een seizoen of een jaar.</al></li><li nr="d."><al>volgtijdige (losse) standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld voor de volgtijdige plaatsing van verschillende kampeermiddelen.</al></li><li nr="e."><al>woning: een huis, een naar aard en inrichting vergelijkbare ander onderkomen of een deel van een huis of een vergelijkbaar onderkomen.</al></li><li nr="f."><al>particulier: een natuurlijk persoon die buiten de uitoefening van een bedrijf of beroep gelegenheid biedt tot verblijf.</al></li><li nr="g."><al>particulier verhuurde woning: een woning die door een particulier ter beschikking wordt gesteld voor het houden van verblijf met overnachting tegen een vergoeding in welke vorm dan ook.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor particulier verhuurde woningen en voor kampeermiddelen op vaste of volgtijdige standplaatsen kan het aantal overnachtingen bedoeld in artikel 4 op een bij de aangifte gedaan verzoek van de belastingplichtige forfaitair worden vastgesteld. Bij de forfaitaire vaststelling wordt het aantal overnachtingen gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten, overeenkomstig het bepaalde in het derde tot en met vijfde lid</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de forfaitaire berekening voor woningen en particulier verhuurde woningen wordt per woning: </al><lijst><li nr="a."><al>het aantal overnachtende personen gesteld op het aantal slaapplaatsen </al></li><li nr="b."><al>het aantal malen dat wordt overnacht wordt bepaald op 60</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij de forfaitaire berekening voor kampeermiddelen op vaste standplaatsen wordt per standplaats:</al><lijst><li nr="a."><al>het aantal overnachtende personen gesteld op 3 personen</al></li><li nr="b."><al>het aantal malen dat wordt overnacht wordt bepaald op 50</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij de forfaitaire berekening voor kampeermiddelen op volgtijdige (losse) standplaatsen wordt per standplaats:</al><lijst><li nr="a."><al>het aantal overnachtende personen gesteld op 2 personen.</al></li><li nr="b."><al>het aantal malen dat wordt overnacht wordt bepaald op 50.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>Per overnachting bedraagt het tarief € 1,00.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Een belastingaanslag wordt niet opgelegd als het aantal overnachtingen, waartoe gelegenheid wordt of is gegeven, tijdens het belastingjaar minder dan tien zal of heeft belopen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/BWBR0004770/2016-12-09#HoofdstukII_Artikel9">artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990</extref> moeten de aanslagen worden betaald in één termijn. De termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De <extref doc="http://wetten.overheid.nl/BWBR0002448/2010-10-10">Algemene termijnenwet</extref> is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven voor de heffing en de invordering van de toeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>De ‘Verordening toeristenbelasting 2016’ van 14 december 2015 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2017.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening toeristenbelasting 2017’.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><gegeven><dagtekening><datum isodatum="2016-12-19">Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zederik, gehouden op 19 december 2016. </datum></dagtekening></gegeven><ondertekening><functie>De griffier,</functie></ondertekening><ondertekening><functie>De voorzitter,</functie></ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>