<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR60104_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Gedragscode bestuurders gemeente Bloemendaal 2007</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Bloemendaal</dcterms:creator><dcterms:modified>2007-10-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Bloemendaal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Bloemendaals Weekblad, 4 oktober 2007</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Gedragscode bestuurders gemeente Bloemendaal 2007</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 15, 41c, 69</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-09-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-10-12</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-04-20</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2007007369</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>gedragscode bestuurders</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Gedragscode bestuurders gemeente Bloemendaal 2007</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Gedragscode bestuurders gemeente Bloemendaal 2007</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Inleiding </label></kop><structuurtekst><al>Het doel van deze gedragscode is om politieke ambtsdragers een houvast
                            te bieden bij het bepalen van normen omtrent de integriteit van het
                            bestuur. De code kan de discussie stimuleren tot regels te komen,
                            waarbij rekening kan worden gehouden met specifieke omstandigheden. De
                            code bevat regels zowel voor het bestuursorgaan in zijn geheel als voor
                            zijn leden afzonderlijk. Gedragscodes zijn voor gemeenten en provincies
                            verplicht op grond van de Gemeentewet en de Provinciewet. Het zijn de
                            raad en de provinciale staten die zowel voor de eigen leden als voor
                            burgemeester en wethouders respectievelijk commissaris van de Koningin
                            en gedeputeerden een gedragscode vaststellen. Ook in de Waterschapswet
                            zal de verplichting tot het vaststellen van gedragscodes worden
                            opgenomen. Voor de opstelling van de modelcode, waarop deze
                            gemeentelijke gedragscode gebaseerd is, is mede gebruik gemaakt van
                            bestaande voorbeelden in gemeenten, provincies en waterschappen. De code
                            is geschreven voor bestuurders en gekozen volksvertegenwoordigers van
                            gemeenten, provincies en waterschappen. Onder bestuurders wordt verstaan
                            burgemeester en wethouders, commissaris van de Koningin en
                            gedeputeerden, voorzitter en andere leden van het dagelijks bestuur van
                            een waterschap. Onder gekozen volksvertegenwoordigers wordt verstaan
                            raadsleden, statenleden en leden van het algemeen bestuur van een
                            waterschap. Op een enkele uitzondering na richten de gedragsregels zich
                            tot al deze politieke ambtsdragers. Voor de duidelijkheid zijn in deze
                            gemeentelijke gedragscode alle verwijzingen naar provincies en
                            waterschappen verwijderd. De code heeft vooral bestuurlijke en politieke
                            relevantie. Politieke ambtsdragers zijn op de naleving van gedragscodes
                            aanspreekbaar. Wanneer zij zich er niet aan houden kan dat gevolgen
                            hebben voor hun functioneren en voor hun positie. Het rechtskarakter van
                            een gedragscode is dat van een interne regeling in aanvulling op de
                            wettelijke regels. De Gemeentewet, de Provinciewet en de Waterschapswet
                            laten de gemeenten, provincies en waterschappen veel vrijheid bij de
                            inhoudelijke invulling. Naast deze code bestaan er voorschriften die in
                            wet of elders geregeld zijn, bijvoorbeeld over fraude, valsheid in
                            geschrifte en over nevenfuncties. Dergelijke voorschriften zijn niet in
                            deze code opgenomen. De code is belangrijk als beoordelingskader voor
                            dagelijks bestuur en algemeen bestuur bij vragen, twijfels en
                            discussies. De code bevat zowel normen over hoe in een bepaalde situatie
                            te handelen als regels over procedures die moeten worden gevolgd.
                            Procedureafspraken kunnen een onlosmakelijk onderdeel zijn van een
                            gedragsregel en de transparantie en daarmee de controleerbaarheid
                            vergroten. De code bestaat uit twee onderdelen. Deel 1 beschrijft een
                            aantal kernbegrippen van integriteit en plaatst daarmee het vraagstuk in
                            een breder kader. Zij vormen als het ware de algemene uitgangspunten
                            voor de gedragscode. De gehanteerde begrippen zijn in dezelfde of soms
                            iets andere bewoordingen in de gedragscode terug te vinden. Deel II
                            bevat de feitelijke gedragsregels, waarbij aangesloten wordt op de
                            indeling van onderwerpen in de hoofdstukken 1 tot en met 5 van de
                            uitgave ‘Integriteit van politieke ambtsdragers in gemeenten, provincies
                            en waterschappen’: 1 algemene bepalingen 2 belangenverstrengeling 3
                            informatie 4 geschenken, diensten en uitnodigingen 5 bestuurlijke
                            uitgaven, onkostenvergoedingen, buitenlandse reizen en voorzieningen
                            </al></structuurtekst><afdeling><kop><label>Deel</label><nr>I</nr><titel>Kernbegrippen integriteit van politieke ambtsdragers</titel></kop><structuurtekst><al>Leden van het dagelijks en algemeen bestuur van
                                een gemeente stellen bij hun handelen de kwaliteit van het openbaar
                                bestuur centraal. Integriteit van het openbaar bestuur is daarvoor
                                een belangrijke voorwaarde. De belangen van de gemeente, en in het
                                verlengde daarvan die van de burgers, zijn het primaire richtsnoer.
                                Integriteit van politieke ambtsdragers houdt in dat de
                                verantwoordelijkheid die met de functie samenhangt, wordt aanvaard
                                en dat er de bereidheid is om daarover verantwoording af te leggen.
                                Verantwoording wordt intern afgelegd aan collega-collegeleden dan
                                wel aan de gemeenteraad, maar ook extern aan organisaties en burgers
                                voor wie bestuurders en gekozen volksvertegenwoordigers hun functie
                                vervullen. Een aantal kernbegrippen is daarbij leidend en plaatst
                                integriteit van politieke ambtsdragers in een breder perspectief:
                                    <cursief>Dienstbaarheid </cursief>Het handelen van een
                                politieke ambtsdrager is altijd en volledig gericht op het belang
                                van de gemeente en op de organisaties en burgers die daar onderdeel
                                van uit maken. <cursief>Functionaliteit </cursief>Het
                                handelen van een politieke ambtsdrager heeft een herkenbaar verband
                                met de functie die hij vervult in het bestuur.
                                    <cursief>Onafhankelijkheid </cursief>Het handelen van
                                een politieke ambtsdrager wordt gekenmerkt door onpartijdigheid, dat
                                wil zeggen dat geen vermenging optreedt met oneigenlijke belangen en
                                dat ook iedere schijn van een dergelijke vermenging wordt vermeden.
                                    <cursief>Openheid </cursief>Het handelen van een
                                politieke ambtsdrager is transparant, opdat optimale verantwoording
                                mogelijk is en de controlerende organen volledig inzicht hebben in
                                het handelen van de politieke ambtsdrager en zijn beweegredenen
                                daarbij. <cursief>Betrouwbaarheid </cursief>Op een
                                politieke ambtsdrager moet men kunnen rekenen. Die houdt zich aan
                                zijn afspraken. Kennis en informatie waarover hij uit hoofde van
                                zijn functie beschikt, wendt hij aan voor het doel waarvoor die zijn
                                gegeven. <cursief>Zorgvuldigheid </cursief>Het handelen
                                van een politieke ambtsdrager is zodanig dat alle organisaties en
                                burgers op gelijke wijze en met respect worden bejegend en dat
                                belangen van partijen op correcte wijze worden afgewogen. Deze
                                kernbegrippen zijn de toetssteen voor de nu volgende
                                gedragsafspraken. Gedragingen moeten aan deze kernbegrippen getoetst
                                kunnen worden. </al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><label>Deel</label><nr>II</nr><titel>Gedragscode</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> 1 Algemene bepalingen</tussenkop><al>1.1 Dezegedragscode geldt voor alle politieke ambtsdragers
                                    van de gemeente Bloemendaal, tenzij uit de tekst van een
                                    gedragsregel anders blijkt.</al><al> 1.2 In gevallen waarin de code niet voorziet of waarbij de
                                    toepassing niet eenduidig is, vindt bespreking plaats in het
                                    dagelijks bestuur of algemeen bestuur. </al><al>1.3 De code is openbaar en op toegankelijke wijze te raadplegen. </al><al>1.4 Politieke ambtsdragers ontvangen bij hun aantreden een
                                    exemplaar van de code. </al><al>1.5 Een politieke ambtsdrager is aanspreekbaar op de naleving
                                    van deze code. </al><tussenkop> 2 Belangenverstrengeling</tussenkop><al>2.1 Een politieke ambtsdrager doet opgave van zijn financiële
                                    belangen in ondernemingen en organisaties waarmee de gemeente
                                    zakelijke betrekkingen onderhoudt. De opgave is openbaar en door
                                    derden te raadplegen. </al><al>2.2 Bij privaat-publieke samenwerkingsrelaties voorkomt de
                                    politieke ambtsdrager (de schijn van) bevoordeling in strijd met
                                    eerlijke concurrentieverhoudingen. </al><al>2.3 Een oud-politieke ambtsdrager wordt het eerste jaar na de
                                    beëindiging van zijn ambtstermijn uitgesloten van het tegen
                                    beloning verrichten van werkzaamheden voor de gemeente, waaraan
                                    hij verbonden was. </al><al>2.4 Indien de onafhankelijke oordeelsvorming van een politieke
                                    ambtsdrager over een onderwerp in het geding kan zijn, geeft hij
                                    bij de besluitvorming daarover aan in hoeverre het onderwerp hem
                                    persoonlijk aangaat. </al><al>2.5 Een politieke ambtsdrager die familie- of
                                    vriendschapsbetrekkingen of anderszins persoonlijke betrekkingen
                                    heeft met een aanbieder van diensten of zaken aan de gemeente,
                                    onthoudt zich van deelname aan de besluitvorming over de
                                    betreffende opdracht </al><al>2.6 Een politieke ambtsdrager neemt van een aanbieder van
                                    diensten aan de gemeente geen geschenken, faciliteiten of
                                    diensten aan die zijn onafhankelijke positie ten opzichte van de
                                    aanbieder kunnen beïnvloeden. </al><al>2.7 Een politieke ambtsdrager vervult geen nevenfuncties die een
                                    structureel risico vormen voor een integere invulling van de
                                    politieke functie. </al><al>2.8 Een politieke ambtsdrager geeft ten behoeve van de
                                    openbaarmaking van zijn nevenfuncties en q.q-neventuncties aan
                                    voor welke organisatie de functies worden verricht en of de
                                    functies bezoldigd zijn. </al><al>2.9 Een politieke ambtsdrager behoudt geen inkomsten uit een
                                    q.q.-nevenfunctie (tenzij dat op grond van de wet geheel of
                                    gedeeltelijk is toegestaan). De inkomsten komen ten goede aan de
                                    kas van gemeente. </al><tussenkop> 3 Informatie</tussenkop><al>3.1 Een politieke ambtsdrager gaat zorgvuldig en correct om met
                                    informatie waarover hij uit hoofde van zijn ambt beschikt. Hij
                                    zorgt ervoor dat stukken met vertrouwelijke gegevens veilig
                                    worden opgeborgen en dat computerbestanden beveiligd zijn. </al><al>3.2 Een politieke ambtsdrager houdt geen informatie achter. </al><al>3.3 Een politieke ambtsdrager verstrekt geen informatie die
                                    vertrouwelijk of geheim is. </al><al>3.4 Een politieke ambtsdrager maakt niet ten eigen bate of ten
                                    bate van zijn persoonlijke betrekkingen gebruik van in de
                                    uitoefening van het ambt verkregen informatie. </al><al>3.5 Een politieke ambtsdrager gaat verantwoord om met de e-mail-
                                    en internetfaciliteiten van de gemeente. </al><tussenkop> 4 Geschenken, diensten en uitnodigingen</tussenkop><al>4.1 Een politieke ambtsdrager accepteert geen
                                    geschenken, faciliteiten of diensten indien zijn onafhankelijke
                                    positie hierdoor kan worden beïnvloed. In
                                    onderhandelingssituaties weigert hij door betrokken relaties
                                    aangeboden geschenken of andere voordelen. </al><al>4.2 Geschenken en giften die een politieke ambtsdrager uit
                                    hoofde van zijn functie ontvangt, worden gemeld en
                                    geregistreerd. </al><al>4.3 Geschenken en giften die een politieke ambtsdrager uit
                                    hoofde van zijn functie ontvangt en die een geschatte waarde van
                                    meer dan <vet><cursief>€ </cursief></vet>50 vertegenwoordigen
                                    zijn eigendom van de gemeente. Er wordt een gemeentelijke
                                    bestemming voor gezocht. Geschenken en giften die een waarde van
                                            <vet><cursief>€ </cursief></vet>50 of minder
                                    vertegenwoordigen kunnen worden behouden. </al><al>4.4 Geschenken en giften worden niet op het huisadres ontvangen.
                                    Indien dit toch is gebeurd, meldt een politieke ambtsdrager dit
                                    in het bestuursorgaan waarvan hij deel uit maakt, waarna een
                                    besluit over de bestemming van het geschenk wordt genomen. </al><al>4.5 Aanbiedingen voor privé-werkzaamheden of kortingen op
                                    privé-goederen worden niet geaccepteerd. </al><al>4.6 Een politieke ambtsdrager maakt in het bestuursorgaan waar
                                    hij deel van uit maakt melding van uitnodigingen voor excursies
                                    en evenementen op kosten van derden. </al><tussenkop> 5 Bestuurlijke uitgaven, onkostenvergoedingen, buitenlandse reizen en voorzieningen</tussenkop><al>5.1 Uitgaven worden uitsluitend vergoed als de hoogte en de
                                    functionaliteit ervan kunnen worden aangetoond. Een politieke
                                    ambtsdrager is terughoudend bij het in rekening brengen van
                                    uitgaven die zich op het grensvlak van privé en publiek
                                    bevinden. </al><al>5.2 Een politieke ambtsdrager declareert geen kosten die reeds
                                    op andere wijze worden vergoed. </al><al>5.3 In geval van twijfel omtrent een declaratie door een
                                    bestuurder, wordt dit voorgelegd aan de burgemeester en zonodig
                                    ter besluitvorming aan het dagelijks bestuur. </al><al>5.4 Een politieke ambtsdrager die het voornemen heeft uit hoofde
                                    van zijn functie een buitenlandse reis te maken of is
                                    uitgenodigd voor een buitenlandse reis of werkbezoek op kosten
                                    van derden, heeft vooraf toestemming nodig van het
                                    bestuursorgaan waar hij deel van uit maakt. Het gemeentelijk
                                    belang van de reis is doorslaggevend voor de besluitvorming. </al><al>5.5 Een politieke ambtsdrager meldt het voornemen tot een
                                    buitenlandse reis of een uitnodiging daartoe in het
                                    bestuursorgaan waar hij deel van uit maakt en verschaft daarbij
                                    informatie over het doel van de reis, de bijbehorende
                                    beleidsoverwegingen, de samenstelling van het gezelschap, de
                                    geraamde kosten en de wijze waarop van de reis verslag wordt
                                    gedaan. </al><al>5.6 Het ten laste van de gemeente meereizen van de partner van
                                    een politieke ambtsdrager naar en in het buitenland is
                                    uitsluitend toegestaan wanneer dit gebeurt op uitnodiging van de
                                    ontvangende partij en het belang van de gemeente daarmee gediend
                                    is. Het meereizen van de partner wordt bij de besluitvorming
                                    betrokken. </al><al>5.7 Het anderszins meereizen naar en in het buitenland van
                                    derden op kosten van de gemeente is niet toegestaan. Het
                                    meereizen van derden op eigen kosten is toegestaan en wordt in
                                    dat geval bij de besluitvorming betrokken. Onder een
                                    buitenlandse reis wordt verstaan een reis naar het buitenland
                                    (inclusief de Nederlandse Antillen en Aruba), niet zijnde een
                                    reis naar een instelling van de Europese Unie. </al><al>5.8 Het verlengen van een buitenlandse dienstreis voor
                                    privé-doeleinden is toegestaan, mits dit is betrokken bij de
                                    besluitvorming. De extra reis- en verblijfkosten komen volledig
                                    voor rekening van de politieke ambtsdrager. </al><al>5.9 Gebruik van gemeentelijke eigendommen of - voorzieningen
                                    voor privé-doeleinden is niet toegestaan tenzij het betreft de
                                    bruikleen van een fax, mobiele telefoon en computer die mede
                                    voor privé- doeleinden kunnen worden gebruikt. </al><al>5.10 Het dagelijks bestuur kan bepalen dat bestuurders voor hun
                                    dienstreizen gebruik maken van een dienstauto (met of zonder
                                    chauffeur) en dat van de dienstauto gebruik kan worden gemaakt
                                    voor woon-werkverkeer of voor de uitoefening van q.
                                    q.-nevenfuncties. </al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der
                        gemeente Bloemendaal gehouden op 27 september 2007.</ondertekening><ondertekening>Gepubliceerd in het Bloemendaals Weekblad d.d. 4 oktober
                        2007.</ondertekening><ondertekening>In werking: 12 oktober 2007.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage</label><nr/><titel>Opbouw onkostenvergoedingen </titel></kop><al/><al>Naast vergoedingen voor nader aangeduide kosten zoals reis- en
                    verblijfkosten, hebben politieke ambtsdragers aanspraak op een vaste
                    (forfaitaire) onkostenvergoeding of ambtstoelage. Bij de opbouw van deze
                    onkostenvergoedingen zijn de volgende kostencomponenten gehanteerd
                        <cursief>Representatie </cursief>Representatie (koffie, thee,
                    hapjes, drankjes, etentjes met zakelijke relaties, attenties e.d.). Tevens
                    worden onder deze categorie begrepen de noodzakelijke kosten voor de
                    representatie die door de partner worden gemaakt in verband met de
                    functie-uitoefening als politieke ambtsdrager. Voorbeelden zijn uitgaven en
                    (reis)kosten verbonden aan bezoeken van zieken, bejaarden, 100-jarigen en het
                    bijwonen van georganiseerde activiteiten, bijeenkomsten en recepties.
                        <cursief>Vakliteratuur </cursief>Uitgaven voor (abonnementen voor)
                    vakliteratuur, losbladige uitgaven, naslagwerken. <cursief>Contributies
                        (verenigingen) </cursief>Contributies/lidmaatschappen:
                    lidmaatschap vakbond, belangenvereniging, beroepsvereniging,
                    bestuurdersvereniging e.d. <cursief>Telefoonkosten </cursief>De kosten
                    van zakelijke gesprekken waaronder ook van de mobiele telefoon. De kosten van
                    telefoonabonnementen vallen niet onder de vaste kostenvergoeding.
                        <cursief>Bureaukosten en porti </cursief>Pennen, potloden, papier,
                    zakelijke agenda e.d. tevens de kosten voor het verzenden van Post en het
                    kopiëren van stukken. <cursief>Giften </cursief>Zakelijke giften die
                    de politieke ambtsdrager louter als zodanig doet, en die men als privé-persoon
                    niet zou hebben gedaan, aan inzamelingsacties, collectes e.d. (in de regel voor
                    plaatselijke en/of regionale doeleinden). Giften aan een politieke partij of
                    verkiezingscampagne maken hier geen deel van uit. <cursief>Fractiekosten
                    </cursief>Individuele bijdragen van leden voor deelname aan
                    fractieactiviteiten. <cursief>Representatieve ontvangsten aan huis
                    </cursief>Hieronder vallen de kosten verbonden aan kleine ontvangsten
                    in de eigen woning die direct verband houden met de uitoefening van het ambt in
                    het eigen huis (consumptieve verstrekkingen e.d.). <cursief>Excursies
                    </cursief>Excursies die worden gevolgd ten behoeve van de uitoefening
                    van het politieke ambt (inclusief reis- en verblijfskosten).</al></bijlage></regeling></body></cvdr>