<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR59555_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregel aanpak overlast</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Venlo</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Venlo</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">E3-journaal, 24-11-2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregel aanpak overlast</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">Gemeentewet, art. 172a </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">Gemeentewet, art. 172b </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht/article=4%3A81">Algemene wet bestuursrecht, art. 4:81 </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">burgemeester</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-11-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-11-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-12-24</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregel aanpak overlast</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Beleidsregels aanpak overlast (Wet Maatregelen Bestrijding
                            Voetbalvandalisme en Ernstige Overlast (WMBVEO)</titel></kop><structuurtekst><al>Gelet op de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">artikelen 172a</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">172b van de Gemeentewet</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20Wet%20bestuursrecht/article=4%3A81">4:81 Algemene Wet bestuursrecht;</extref></al><al>Op 6 juli 2010 heeft de Eerste Kamer ingestemd met de Wet Maatregelen
                            Bestrijding Voetbalvandalisme en Ernstige Overlast (WMBVEO). Deze
                            beleidsregel ziet toe op het toepassen van de burgemeestersbevoegdheden
                            bij herhaaldelijk ordeverstorend gedrag op grond van deze wet. De
                            aanvullende bevoegdheden richten zich op het vroegtijdig kunnen stoppen,
                            het preventief ingrijpen en het doorbreken van het ordeverstorend gedrag
                            van een individu of van een groep. Het gaat om nieuwe bevoegdheden uit
                            de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet">Gemeentewet</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">artikelen 172a</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">172b</extref>, op basis waarvan de burgemeester (preventief) kan
                            ingrijpen bij ordeverstorend gedrag in bepaalde wijken of gebieden waar
                            de openbare orde onder druk staat, of ten behoeve van het ordelijk
                            verloop van evenementen en voetbalwedstrijden.</al><al>Naast deze nieuwe bevoegdheden blijft het mogelijk gebiedsontzeggingen
                            op grond van de <extref doc="http://venlo.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening-Venlo-APV-Venlo/01-10-2010">Algemene Plaatselijke Verordening Venlo 2010</extref> (hierna: APV
                            Venlo) op te leggen voor éénmalige ordeverstorende gedragingen, evenals
                            o.a. stadionomgevingsverboden, bestuurlijk ophouden en natuurlijk de
                            bevelsbevoegdheid en het noodrecht o.g.v. de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet">Gemeentewet</extref>.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Aanleiding aanpassing Gemeentewet</titel></kop><structuurtekst><al>Aanleiding voor deze wet en de uitbreiding van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet">Gemeentewet</extref> is de toenemende mate van herhaaldelijke
                            vormen van ordeverstorend gedrag, waarbij de huidige bestuurlijke en
                            strafrechtelijke instrumenten onvoldoende toereikend zijn gebleken om de
                            overlastgevende situatie of het geweld te beëindigen. De gevolgen van de
                            overlast zijn voor de omgeving ingrijpend. Mensen voelen zich bedreigd
                            en onveilig, wat bepalend is voor hun veiligheidsbeleving.
                            Maatschappelijk is het onaanvaardbaar dat niet vroegtijdig en direct kan
                            worden opgetreden tegen dit soort ordeverstorend gedrag.</al><al>Met de toevoeging van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">artikel 172a in de Gemeentewet</extref> kan de burgemeester een
                            gebiedsverbod, een groepsverbod en/of een meldingsplicht opleggen aan de
                            personen die herhaaldelijk de orde verstoren. Op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">artikel 172b Gemeentewet</extref> kan de burgemeester ook een
                            soortgelijk bevel geven aan de ouders of voogd van een persoon die de
                            leeftijd van 12 jaren nog niet heeft bereikt. Overtreding van de
                            verboden is strafbaar gesteld op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=184">artikel 184 Wetboek van Strafrecht</extref> en wordt door het
                            Openbaar Ministerie (hierna: OM) in beginsel vervolgd overeenkomstig de
                            richtlijnen van het OM (zie bijlage 3). Het OM toetst of een maatregel
                            genomen door de burgemeester gelet op de proportionaliteit (maatregel
                            dient in verhouding te staan tot overtreding) en subsidiariteit (is er
                            een lichtere of andere maatregel mogelijk) in dat stadium mogelijk was.
                            Het bevel van de burgemeester moet de gedragingen van de geadresseerde
                            van de maatregel bevatten waardoor de openbare orde is verstoord en die
                            aanleiding hebben gegeven tot het opleggen van de maatregel. Daarbij
                            wordt vermeld op welke plaatsen en tijdstippen de geadresseerde de
                            openbare orde heeft verstoord. De maatregel mag niet langer duren dan
                            noodzakelijk is en dient beperkt te worden naar tijd en plaats.</al><al>Met deze bevoegdheden kan de burgemeester preventief ingrijpen als
                            personen zich herhaaldelijk ordeverstorend gedragen, zowel individueel
                            als groepsgewijs. De toepassing van deze bevoegdheden is mede
                            afhankelijk van de context waarin de ordeverstorende handelingen worden
                            gepleegd gelet op het beoogde effect van de maatregel.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Samenhang overige bevoegdheden uit de Algemene Plaatselijke
                            Verordening</titel></kop><structuurtekst><al><extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">Artikel 172a Gemeentewet</extref> doorkruist niet wat bij
                            gemeentelijke verordening is bepaald.</al><al>Dit betekent dat de huidige instrumenten tegen overlast en baldadigheid
                            uit de <extref doc="http://venlo.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening-Venlo-APV-Venlo/01-10-2010">APV</extref> blijven bestaan, zoals de gebiedsontzeggingen. Ook de
                            inzet op grond van samenscholing en ongeregeldheden (<extref doc="http://venlo.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening-Venlo-APV-Venlo/01-10-2010#artikel-2-1-samenscholing-en-ongeregeldheden">artikel 2:1 APV Venlo)</extref> en de maatregelen tegen overlast en
                            baldadigheid waaronder openlijk drankgebruik (<extref doc="http://venlo.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening-Venlo-APV-Venlo/01-10-2010#artikel-2-48-verboden-drankgebruik">artikel 2:48 lid 1 APV Venlo</extref>) blijven onverminderd van
                            kracht.</al><al>De toepassing van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">artikel 172a Gemeentewet</extref> en <extref doc="http://venlo.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening-Venlo-APV-Venlo/01-10-2010#artikel-2-85-verblijfsontzeggingen">2:85 APV Venlo</extref> (verblijfsontzeggingen) is verschillend. Op
                            grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">artikel 172a Gemeentewet</extref> kan een gebiedsverbod worden
                            opgelegd voor de duur van drie maanden. Het huidige instrument op grond
                            van de <extref doc="http://venlo.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening-Venlo-APV-Venlo/01-10-2010">APV Venlo</extref> maakt het mogelijk na een waarschuwing bij
                            lichte ordeverstorende gedragingen direct een gebiedsontzegging voor
                            zeer korte duur (24 uur, bij herhaling binnen een jaar 14 dagen en
                            daarna 4 weken) op te leggen. Op grond van de <extref doc="http://venlo.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening-Venlo-APV-Venlo/01-10-2010">APV</extref> kan derhalve worden opgetreden op het moment dat een
                            maatregel op dat moment, in dat gebied noodzakelijk wordt geacht voor
                            het herstel van de openbare orde. Een gebiedsontzegging is daarom
                            mogelijk bij een op dat moment manifesterend probleem, mits de
                            betrokkene eerder is gewaarschuwd.</al><al>De gemeente Venlo heeft beleidsregels en instructies voor
                            gebiedsontzeggingen in verband met drugsoverlast (Venlo-Centrum e.o.),
                            uitgaansoverlast (Venlo-Centrum) en voor de wijken Op den Akker,
                            omgeving St. Hubertusplein en de Vossener in Venlo-Blerick in verband
                            met jeugdoverlast.</al><al>De bevoegdheden op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">artikel 172a</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">172b uit de Gemeentewet</extref> kunnen alleen worden ingezet als
                            de overtredingen een herhaaldelijk karakter hebben, waarbij tevens
                            sprake moet zijn van een ernstige vrees voor een verdere verstoring van
                            de openbare orde. Het mandateren van deze aanvullende bevoegdheden is
                            niet toegestaan. De bevoegdheden zijn daardoor feitelijk niet geschikt
                            om in een acuut zich manifesterend openbare orde probleem in te zetten.
                            Hiervoor blijven de <extref doc="http://venlo.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening-Venlo-APV-Venlo/01-10-2010">APV</extref>, bestuurlijk ophouden en het noodrecht (<extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172">artikelen 172</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=175">175</extref>-<extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=176a">176a Gemeentewet</extref>) de meest geëigende instrumenten.</al><al>De bevoegdheden op grond van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet">Gemeentewet</extref> worden dan ingezet op het moment dat de
                            maatregelen op grond van de <extref doc="http://venlo.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening-Venlo-APV-Venlo/01-10-2010">APV</extref> geen effect sorteren of niet toereikend worden geacht,
                            gelet op de ervaringen of het karakter van de problematiek en er
                            ernstige vrees bestaat voor een verdere verstoring van de openbare
                            orde.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>De bevoegdheden op grond van 172a Gemeentewet</titel></kop><structuurtekst><al>Op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172a">artikel 172a eerste lid Gemeentewet</extref> kan de burgemeester
                            aan een persoon die herhaaldelijk individueel of groepsgewijs de
                            openbare orde heeft verstoord óf bij groepsgewijze verstoring van de
                            openbare orde een leidende rol heeft gehad, bij ernstige vrees voor
                            verdere verstoring van de openbare orde de volgende maatregelen</al><al>opleggen:</al><lijst><li nr="1."><al>gebiedsverbod;</al></li><li nr="2."><al>groepsverbod;</al></li><li nr="3."><al>meldingsplicht.</al></li></lijst><al>Ingevolge <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=172b">artikel 172b Gemeentewet</extref> is de burgemeester bevoegd om aan
                            een persoon die het gezag uitoefent over een minderjarige die de
                            leeftijd van 12 jaren nog niet heeft bereikt en herhaaldelijk
                            groepsgewijs de openbare orde verstoort en bij ernstige vrees voor
                            verdere verstoring van de openbare orde een bevel geven zorg te dragen
                            dat de minderjarige:</al><lijst><li nr="1."><al>zich in bepaalde delen van de gemeente niet ophoudt, zonder
                                    begeleiding van die persoon die gezag over hem of haar
                                    uitoefent;</al></li><li nr="2."><al>zich tussen 20.00 uur ’s avonds en 06.00 uur ’s ochtends niet
                                    bevindt op voor het publiek toegankelijke plaatsen, tenzij de
                                    minderjarige wordt begeleid door de persoon die het gezag over
                                    hem of haar uitoefent.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Voorwaarden bevoegdheden op grond van 172a en 172b
                            Gemeentewet</titel></kop><structuurtekst><al>De burgemeester kan gebruik maken van zijn bevoegdheden indien voldaan
                            is aan de volgende voorwaarden:</al><lijst><li nr="•"><al>het gaat om een herhaaldelijke verstoring van de openbare
                                    orde;</al></li><li nr="•"><al>er is een ernstige vrees voor verdere verstoringen van de
                                    openbare orde;</al></li><li nr="•"><al>de overlast is gepleegd door het individu of door een
                                    groep;</al></li><li nr=""><al>en bij 12 minners:</al></li><li nr="•"><al>groepsgewijze orde verstorende gedragingen.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Ordeverstorende gedragingen</titel></kop><structuurtekst><al>Een wettelijke definitie van het begrip ‘verstoring van de openbare
                            orde’ is niet te geven. Of sprake is van een verstoring van de openbare
                            orde en daarmee ordeverstorend gedrag hangt af van de specifieke
                            omstandigheden van het geval en de intensiteit van de gedragingen.</al><al>Het gaat om een afwijking van de normale gang van zaken in de publieke
                            ruimte. Ordeverstorende gedragingen zijn in ieder geval strafbare
                            gedragingen en overtredingen van de <extref doc="http://venlo.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening-Venlo-APV-Venlo/01-10-2010">APV</extref>. De ordeverstoorder krijgt een proces-verbaal voor
                            deze gedragingen. Daarnaast kunnen ook structurele ordeverstorende
                            gedragingen die niet direct strafbaar zijn gesteld onder deze
                            begripsbeschrijving vallen. Dit moet blijken uit een registratie van
                            toezichthouders in de publieke ruimte. Voorbeelden van ordeverstorende
                            gedragingen zijn:</al><lijst><li nr="•"><al>het hinderlijk en zonder redelijk doel rondhangen;</al></li><li nr="•"><al>joelen;</al></li><li nr="•"><al>naroepen;</al></li><li nr="•"><al>bespugen;</al></li><li nr="•"><al>intimiderend overkomen;</al></li><li nr="•"><al>wildplassen;</al></li><li nr="•"><al>plakken en kladden;</al></li><li nr="•"><al>hinderlijk drankgebruik;</al></li><li nr="•"><al>vernieling van goederen;</al></li><li nr="•"><al>ingooien van ruiten;</al></li><li nr="•"><al>het aanbrengen van graffiti;</al></li><li nr="•"><al>openbare dronkenschap;</al></li><li nr="•"><al>schelden;</al></li><li nr="•"><al>vernielingen;</al></li><li nr="•"><al><extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20Mulder">wet Mulder</extref> feiten.</al></li></lijst><al>Hierbij wordt opgemerkt dat voor jeugdoverlast (jongeren tussen 12 en
                            24) en de groep 12 minners in het bijzonder bij een groepsgewijze
                            verstoring van de openbare orde een zwaardere afweging dient te worden
                            gemaakt bij de beoordeling of het kindgedrag als overlastgevend kan
                            worden aangemerkt. Joelen, stoeien en belletje trekken worden in
                            beginsel niet als overlastgevend aangemerkt. De <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20Mulder">wet Mulder</extref> feiten, worden alleen dan meegenomen indien
                            deze overtredingen een onevenredige druk leggen op de openbare orde in
                            een bepaald gebied, denk hierbij aan het op de stoep rijden met een
                            scooter.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Herhaaldelijk</titel></kop><structuurtekst><al>Volgens de Van Dale wordt onder herhaaldelijk “meer dan eens” verstaan.
                            Dit betekent dat sprake kan zijn van herhaaldelijk als een persoon meer
                            dan één keer de openbare orde heeft verstoord. Herhaaldelijk houdt ook
                            verband met de periode waarin de gedragingen hebben plaatsgehad. Om te
                            kunnen spreken van herhaaldelijk moeten de gedragingen binnen een
                            afzienbare tijd plaatsvinden. Of sprake is van een afzienbare tijd is
                            weer afhankelijk van de context waarin de gedragingen hebben
                            plaatsgevonden.</al><al>Bij evenementen die op jaarlijkse basis plaatsvinden is een afzienbare
                            tijd van 13 maanden redelijk, terwijl bij overlast door 12 minners in
                            een bepaalde wijk een afzienbare tijd van 6 maanden redelijk is. Dit zal
                            per geval moeten worden beoordeeld.</al><al>In ieder geval zijn ordeverstorende gedragingen van langer dan 13
                            maanden geleden niet te kwalificeren als herhaaldelijk en blijft
                            handhaving op grond van de <extref doc="http://venlo.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening-Venlo-APV-Venlo/01-10-2010">APV</extref> mogelijk, zoals het inzetten van de
                            gebiedsontzeggingen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Ernstige vrees</titel></kop><structuurtekst><al>Ordeverstorend gedrag dat herhaaldelijk wordt gepleegd door het individu
                            of door groepen, binnen een afzienbare tijd, is ernstig gelet op het
                            effect op de openbare orde en het woon- en leefklimaat. De ernstige
                            vrees kan daarnaast worden afgeleid uit concrete aanwijzingen,
                            bijvoorbeeld het feit dat een persoon reeds in het verleden betrokken is
                            geweest bij ernstige ordeverstoringen, door verklaringen van
                            betrokkenen, signalen of verwachtingen en overige voorzienbare
                            omstandigheden.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Groepsgerelateerde gedragingen en leidende rol</titel></kop><structuurtekst><al>Er is sprake van een groep bij meer dan 3 personen, waar de
                            overlastgever onderdeel vanuit maakt. Als een persoon bij
                            groepsgerelateerde overlast een leidende rol heeft gehad, kan direct –
                            na de eerste overtreding – een bestuurlijke maatregel worden opgelegd.
                            Het is moeilijk een leidende rol te typeren. Aansluiting kan worden
                            gezocht bij rechterlijke uitspraken over openlijke geweldpleging in
                            vereniging waar de leider niet zelf ordeverstorende gedragingen pleegt,
                            maar ‘actief’, medestanders mobiliseert, voorop loopt, faciliteert,
                            oproept (via sms, internet of anderszins) of op intimiderende wijze een
                            bijdrage levert aan in groepsverband plegen van ordeverstoring (Zie
                            arrest Gerechtshof Amsterdam 30 juli 2009, Parketnummer:
                            21-004032-07).</al><al>Van een leidende rol kan dus sprake zijn indien de persoon anderen
                            aanzet tot ongewenst gedrag die de openbare orde verstoort. Dit kan zich
                            uiten in concrete gedragingen zoals het benaderen van anderen, het
                            leggen van contact tussen leden van de groep, het initiatief nemen, een
                            vertrouwensrelatie en/of gezag hebben. Ook kan de leidinggevende rol
                            worden afgeleid uit verklaringen van getuigen of leden van de groep.
                            Aantonen van een leidende rol is afhankelijk van de concrete casus.
                            Naast de te treffen maatregelen van de burgemeester kan de
                            ordeverstorende leider worden vervolgd.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Context van de gedragingen</titel></kop><structuurtekst><al>Bij de juiste toepassing van de bevoegdheden is de context waarin de
                            gedragingen hebben plaatsgehad zeer relevant. De context is tevens
                            bepalend voor de subsidiariteit en proportionaliteit van de
                            maatregel.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Toepassing van de bevoegdheden bij overlast</titel></kop><structuurtekst><al>De bevoegdheden van de WMBVEO houden een beperking in van de
                            bewegingsvrijheid van het individu, hetgeen betekent het recht om zich
                            zonder inmenging van de overheid te verplaatsen (vrijheidsbeperking).
                            Een juiste toepassing van de bevoegdheden moet daarom zijn gewaarborgd.
                            Dit betekent dat de maatregel een legitiem doel moet dienen, waarbij
                            tevens wordt voldaan aan de proportionaliteit en subsidiariteit. In deze
                            beleidsregel geeft de burgemeester aan op welke wijze hij van de
                            aanvullende bevoegdheden gebruik zal maken. Dit laat onverlet dat de
                            burgemeester een afwijkingsbevoegdheid heeft indien dit door de
                            bijzondere omstandigheden gelet op de openbare orde noodzakelijk
                            is.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>1 Ordeverstorende gedragingen bij evenementen</titel></kop><structuurtekst><al>Indien een persoon binnen 13 maanden herhaaldelijk ordeverstorend gedrag
                            vertoont tijdens evenementen kan een gebiedsverbod worden opgelegd voor
                            de duur van 3 maanden, waarbinnen het verboden is om zich op een nader
                            te bepalen plaats te begeven.</al><al>De plaats waar het ordeverstorende gedrag heeft plaatsgevonden, is niet
                            bepalend voor het gebied waarvoor het verbod wordt opgelegd. Zo kan het
                            verbod, gelet op de evenementenkalender, voor meerdere gebieden
                            tegelijkertijd in de stad gelden.</al><al>Indien (ook) sprake is van voetbalgerelateerde overlast kan conform
                                <extref doc="http://venlo.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-plaatselijke-verordening-Venlo-APV-Venlo/01-10-2010#artikel-2-84-stadionomgevingsverbod">artikel 2:84 APV Venlo</extref> een stadionomgevingsverbod worden
                            opgelegd voor de duur van maximaal 2 jaar. Indien een
                            stadionomgevingsverbod wordt overtreden kan een meldingsplicht worden
                            opgelegd voor de duur van 3 maanden.</al><al>Bij risico-evenementen, risico-voetbalwedstrijden en grootschalige
                            samenkomsten niet zijnde evenementen die gelet op hun aard een
                            aantrekkende werking hebben op ordeverstorende personen kan naast een
                            gebiedsverbod ook direct een meldingsplicht worden opgelegd voor de duur
                            van het evenement, de voetbalwedstrijd of het grootschalige evenement
                            dan wel maximaal voor de duur van 3 maanden.</al><al>Daarnaast kan de burgemeester indien de feiten en omstandigheden dat
                            noodzakelijk maken bij evenementen een groepsverbod opleggen voor de
                            duur van een evenement, dan wel maximaal 3 maanden.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>2 Ordeverstorende gedragingen in groepsverband</titel></kop><structuurtekst><al>Indien een persoon herhaaldelijk ordeverstorend gedrag vertoont en het
                            merendeel van de gedragingen in groepsverband hebben plaatsgevonden zal
                            aan de persoon een groepsverbod worden opgelegd. Als een persoon bij
                            groepsgerelateerde overlast een leidende rol heeft gehad, kan direct –
                            na een eerste ordeverstorende gedraging – een groepsverbod worden
                            opgelegd.</al><al>Indien bijzondere omstandigheden van het geval dat noodzakelijk maken,
                            zoals de geografische ligging van het gebied, de bestaande druk op de
                            openbare orde of de ernst van de gedragingen kan direct een
                            gebiedsverbod worden opgelegd.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>3 Ordeverstorende gedragingen door het individu</titel></kop><structuurtekst><al>Indien een persoon herhaaldelijk individueel ordeverstorende gedragingen
                            pleegt zal aan die persoon een gebiedsverbod worden opgelegd.</al><al>Indien bijzondere omstandigheden van het geval dat noodzakelijk maken,
                            zoals de handhaafbaarheid van het opgelegde verbod kan direct een
                            meldingsplicht worden opgelegd. Hierbij wordt gedacht aan
                            risico-evenementen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>4 Overtreding opgelegd bevel</titel></kop><structuurtekst><al>Bij een eerste overtreding van het groepsverbod wordt het verbod:</al><lijst><li nr="•"><al>verlengd met 3 maanden indien de overtreding niet gepaard gaat
                                    met ordeverstorende gedragingen of kan het gebied waarvoor het
                                    groepsverbod geldt ten nadele van betrokkene worden
                                    uitgebreid;</al></li><li nr="•"><al>een gebiedsverbod worden opgelegd indien de overtreding van het
                                    groepsverbod gepaard gaat met ordeverstorende gedragingen.</al></li></lijst><al>Bij een tweede overtreding van een groepsverbod zonder ordeverstorende
                            gedragingen wordt er een gebiedsverbod opgelegd voor de duur van 3
                            maanden.</al><al>Bij een tweede overtreding gaat de politie over tot aanhouding op grond
                            van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=184">artikel 184 Sr</extref> en gaat het OM over tot vervolging mits de
                            richtlijnen van het OM in bijlage 3 in acht zijn genomen.</al><al>Bij een eerste overtreding van het gebiedsverbod wordt het verbod:</al><lijst><li nr="•"><al>verlengd voor de duur van drie maanden indien geen sprake is van
                                    ordeverstorende handelingen of kan het gebied worden
                                    uitgebreid;</al></li><li nr="•"><al>een meldingsplicht opgelegd indien naast de overtreding sprake
                                    is van ordeverstorende handelingen.</al></li></lijst><al>Bij een tweede overtreding gaat de politie over tot aanhouding op grond
                            van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=184">artikel 184 Sr</extref> en gaat het OM over tot vervolging op deze
                            grond mits de richtlijnen van het OM in bijlage 3 in acht zijn
                            genomen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>5 Verlengingsmogelijkheden bij groepsgerelateerde en individuele
                            overlast</titel></kop><structuurtekst><al>De maatregelen worden voor de duur van 3 maanden opgelegd. De
                            maatregelen kunnen worden verlengd of ten nadele van betrokkene worden
                            uitgebreid indien uit nieuwe feiten en omstandigheden blijkt dat er
                            hernieuwde vrees is voor het verstoren van de openbare orde. Nieuwe
                            feiten en omstandigheden zijn onder andere het overtreden van de
                            opgelegde maatregel. Deze ernstige (hernieuwde) vrees kan ook worden
                            afgeleid uit ordeverstorende gedragingen in andere gebieden dan het
                            gebied waar het verbod voor geldt. De plaats waar het ordeverstorende
                            gedrag heeft plaatsgevonden, is niet bepalend voor het gebied waarvoor
                            de maatregel wordt opgelegd. De maatregel kan gelet op de druk op de
                            openbare orde op een bepaald gebied en gelet op de mobiliteit van
                            (jeugd)groepen tegelijkertijd voor meerdere gebieden in de stad
                            gelden.</al><al>Indien de maatregel wordt verlengd terwijl de termijn van een eerder
                            opgelegde maatregel nog niet is verstreken gaat de nieuwe maatregel pas
                            in na afloop van de termijn van de eerder opgelegde maatregel. Gedurende
                            de looptijd van een maatregel kan slechts één keer een maatregel worden
                            verlengd.</al><al>Indien er sprake is van een ordeverstorende gedraging binnen 3 jaar
                            nadat een maatregel is verstreken kan direct een stap in het
                            handhavingsarrangement (zie bijlage 1) worden overgeslagen.</al><al>Wanneer later bekend geworden feiten en omstandigheden hiertoe
                            aanleiding geven en voldoende garanties aanwezig zijn dat herhaling is
                            uitgesloten, kan de bestuurlijke maatregel worden opgeheven.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>6 Ordeverstorend gedrag door 12 minners</titel></kop><structuurtekst><al>Indien een minderjarige die de leeftijd van 12 jaar nog niet heeft
                            bereikt binnen een termijn van zes maanden herhaaldelijk groepsgewijs de
                            openbare orde verstoort is sprake van herhaaldelijke overlast en wordt
                            aan het ouderlijk gezag van de minderjarige een bevel opgelegd, waarbij
                            de minderjarige zich gedurende een periode van 3 maanden niet tussen
                            20.00 uur een 06.00 uur mag begeven op voor het publiek toegankelijke
                            plaatsen zonder begeleiding van het ouderlijk gezag. De maatregel wordt
                            alleen dan opgelegd indien minder vergaande middelen én de hulpverlening
                            als integrale persoongebonden aanpak zijn ingezet.</al><al>Indien het bevel wordt overtreden zal de maatregel voor de resterende
                            duur worden uitgebreid met het bevel dat de minderjarige zich te allen
                            tijde niet zonder het ouderlijke gezag zich in een nader te bepalen
                            gebied mag begeven.</al><al>Indien de minderjarige binnen zes maanden na het verstrijken van de
                            maatregel opnieuw overlastgevend gedrag vertoont zal opnieuw een
                            maatregel worden opgelegd.</al><al>In dat geval zal aan de persoon die het gezag over de minderjarige
                            uitoefent:</al><lijst><li nr="•"><al>het bevel worden gegeven dat de minderjarige in een nader aan te
                                    wijzen gebied zich niet mag ophouden zonder begeleiding van de
                                    persoon die gezag over hem heeft, én</al></li><li nr="•"><al>het bevel worden gegeven dat de minderjarige tussen 20.00 uur en
                                    06.00 uur niet zonder begeleiding mag komen op voor het publiek
                                    toegankelijke plaatsen.</al></li></lijst><al>Indien de persoon inmiddels de leeftijd van 12 jaren heeft bereikt kan
                            bij een volgende overtreding binnen 6 maanden na het aflopen van de
                            maatregel direct een gebiedsverbod worden opgelegd voor de periode van
                            drie maanden, dan wel de eerste stap uit het handhavingsarrangement
                            worden overgeslagen.</al><al>Wanneer later bekend geworden feiten en omstandigheden hiertoe
                            aanleiding geven en voldoende garanties aanwezig zijn dat herhaling is
                            uitgesloten, kan de bestuurlijke maatregel worden opgeheven.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Beleidsregel aanpak overlast</titel></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Groepsverbod</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Een overlastgever krijgt het bevel zich niet op te houden in of
                                    in de omgeving van één of meer bepaalde objecten binnen de
                                    gemeente, dan wel in één of meer bepaalde delen van de gemeente
                                    met meer dan 3 personen.</al></li><li nr="2."><al>Het groepsverbod wordt in beginsel opgelegd voor het gebied waar
                                    de overlast heeft plaatsgevonden. Indien het, gelet op de druk
                                    op openbare orde in een bepaald gebied noodzakelijk wordt
                                    geacht, wordt ook dit gebied aangewezen.</al></li><li nr="3."><al>Het groepsverbod wordt opgelegd voor de duur van 3 maanden.</al></li><li nr="4."><al>De maatregel wordt uitgebreid ten nadele van betrokkene of
                                    verlengd indien nieuwe feiten en omstandigheden daartoe
                                    aanleiding geven. In beginsel wordt een groepsverbod verlengd
                                    indien de maatregel voor de eerste keer wordt overtreden. De
                                    maatregel kan worden ingetrokken indien uit nieuwe feiten en
                                    omstandigheden er voldoende garanties aanwezig zijn dat
                                    herhaling is uitgesloten.</al></li><li nr="5."><al>De termijn kan 3 keer worden verlengd voor telkens 3
                                    maanden.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Gebiedsverbod</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="6."><al>Een overlastgever krijgt het bevel zich niet te bevinden in of
                                    in de omgeving van één of meer bepaalde objecten binnen de
                                    gemeente, dan wel in één of meer bepaalde delen van de gemeente.
                                    Indien dit noodzakelijk is wordt een looproute aangegeven.</al></li><li nr="7."><al>Het gebiedsverbod wordt in beginsel opgelegd voor het gebied
                                    waar de overlast heeft plaatsgevonden. Indien het, gelet op de
                                    druk op openbare orde in een bepaald gebied noodzakelijk wordt
                                    geacht, kan ook dat gebied worden aangewezen.</al></li><li nr="8."><al>Het gebiedsverbod wordt opgelegd voor de duur van drie
                                    maanden.</al></li><li nr="9."><al>De maatregel kan worden uitgebreid ten nadele van betrokkene of
                                    verlengd indien nieuwe feiten en omstandigheden daartoe
                                    aanleiding geven. De maatregel kan worden ingetrokken indien uit
                                    nieuwe feiten en omstandigheden er voldoende garanties aanwezig
                                    zijn dat herhaling is uitgesloten.</al></li><li nr="10."><al>De termijn kan 3 keer worden verlengd voor telkens drie
                                    maanden.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Meldingsplicht door de burgemeester</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="11."><al>Aan de persoon die voor de tweede maal een gebiedsverbod
                                    overtreedt, een persoon bij de eerste overtreding van het
                                    gebiedsverbod een leidende rol heeft gehad, of bij een
                                    risico-evenement, risico-voetbalwedstrijd e.d. kan een
                                    meldingsplicht worden opgelegd. De tijdstippen en plaats worden
                                    nader, per individueel geval, bepaald.</al></li><li nr="12."><al>De meldingsplicht wordt opgelegd voor drie maanden, dan wel de
                                    duur van het evenement.</al></li><li nr="13."><al>De meldingsplicht wordt zoveel mogelijk opgelegd in de gemeente
                                    waar betrokkene woonachtig is, tenzij de aard van de
                                    omstandigheden zich hier tegen verzet. Hiervan is onder meer
                                    sprake indien de burgemeester van de plaats waar de persoon
                                    woonachtig is geen toestemming heeft gegeven voor de melding.
                                    Het oordeel van de burgemeester van die gemeente wordt verkregen
                                    door de Afdeling Veiligheid en handhaving van de gemeente Venlo.
                                    De nader te bepalen plaats van melding wordt geregeld in de
                                    werkafspraken.</al></li><li nr="14."><al>De burgemeester legt niet eerder een meldingsplicht op dan er
                                    vooraf afstemming heeft plaatsgevonden met de korpschef van de
                                    politie.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Intergemeentelijke meldingsplicht (verzoek andere gemeenten)</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="15."><al>De burgemeester geeft niet eerder toestemming aan de
                                    burgemeester van de verzoekende gemeente, om een ordeverstoorder
                                    in de gemeente Venlo zich te laten melden, voordat de politie
                                    over het ingediende een positief advies heeft gegeven. De
                                    toestemming kan mondeling worden gegeven.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Begeleidingsplicht minderjarige tot 12 jaar</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="16."><al>Een persoon die gezag uitoefent over een minderjarige die de
                                    leeftijd van 12 jaar nog niet heeft bereikt en herhaaldelijk
                                    groepsgewijs overlast pleegt krijgt een bevel opgelegd dat de
                                    minderjarige zich niet mag ophouden tussen 20.00 uur ’s avonds
                                    en 06:00 uur ’s ochtends zonder zijn begeleiding. De maatregel
                                    wordt slechts opgelegd indien de integrale persoonsgerichte
                                    aanpak is ingezet of deze is geweigerd.</al></li><li nr="17."><al>De begeleidingsplicht wordt in beginsel opgelegd voor de
                                    avonduren. Indien dit noodzakelijk wordt geacht, kan het bevel
                                    worden uitgebreid met het bevel dat de minderjarige zich op een
                                    aangewezen gebied niet zonder begeleiding mag begeven.</al></li><li nr="18."><al>De begeleidingsplicht wordt opgelegd voor de duur van 3 maanden
                                    en kan niet worden verlengd.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Dossiervorming en verslaglegging</titel></kop><structuurtekst><al>19. Voor het opleggen van een maatregel levert de politie een
                            deeldossier aan bij de Afdeling Veiligheid en handhaving van de gemeente
                            Venlo. Dit dossier dient in ieder geval te bevatten:</al><lijst><li nr="•"><al>het verzoek tot het nemen van een bestuurlijke maatregel;</al></li><li nr="•"><al>de contactgegevens van de behandelend politieambtenaar;</al></li><li nr="•"><al>de contactgegevens van de ordeverstoorder en bevat ten minste de
                                    naam, leeftijd, woonplaats (adres) en telefoonnummer en indien
                                    nodig de gegevens van de persoon die het gezag over de
                                    minderjarige uitoefent;</al></li><li nr="•"><al>de registraties van minimaal twee ordeverstorende
                                    gedragingen;</al></li><li nr="•"><al>de registraties (of sfeerrapportages) en eventuele informatie
                                    waaruit de vrees voor de verstoring van de openbare orde
                                    blijkt;</al></li><li nr="•"><al>een duidelijke omschrijving van het gebied waarvoor het verbod
                                    geldt en indien van toepassing de tijdstippen en plaats voor een
                                    meldingsplicht;</al></li><li nr="•"><al>indien sprake is van een verzoek tot verlenging van de
                                    maatregel, de registraties waaruit de hernieuwde vrees voor de
                                    verstoring van de openbare orde aannemelijk blijkt.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Zienswijzen</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="20."><al>De betrokkene aan wie mogelijk een maatregel wordt opgelegd
                                    wordt in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze schriftelijk
                                    kenbaar te maken binnen een week na ontvangst van het voornemen.
                                    Indien sprake is van een minderjarige worden tenminste de ouders
                                    of voogd van de minderjarige uitgenodigd voor een
                                    zienswijzengesprek.</al></li><li nr=""><al>Gelet op <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20Wet%20bestuursrecht/article=4%3A11">artikel 4:11 Algemene wet bestuursrecht</extref> wordt van
                                    de mogelijkheid tot het horen van belanghebbende afgeweken
                                    indien de vereiste spoed zich hiertegen verzet en het beoogde
                                    doel niet wordt bereikt indien de belanghebbende van tevoren in
                                    kennis is gesteld. Dit kan het geval zijn bij evenementen,
                                    voetbalwedstrijden e.d.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Bekendmaking besluit</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="21."><al>Het besluit wordt aan de betrokkene aangetekend per post
                                    toegezonden. Omstandigheden kunnen met zich mee brengen dat het
                                    verstandig wordt geacht de maatregel in persoon uit te reiken
                                    (geen postadres). Indien sprake is van een minderjarige wordt
                                    het besluit ten minste aan de ouders of voogd van de
                                    minderjarige uitgereikt.</al></li><li nr=""><al>Het verbod treedt in werking op het moment dat het besluit de
                                    betrokkene heeft bereikt. De gedragingen en aanwijzingen waarop
                                    de beschikking is gebaseerd worden in het besluit opgenomen. Bij
                                    een meldingsplicht worden ook de tijden en de plaats waar de
                                    betrokkene zich moet melden vermeld. Bij de meldingsplicht wordt
                                    een kopie van het besluit afgegeven op de locatie waar de
                                    betrokkene zich moet melden.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Informatieplicht</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="22."><al>De burgemeester informeert het Openbaar Ministerie als een
                                    maatregel wordt voorbereid en opgelegd. Het Openbaar Ministerie
                                    informeert de burgemeester als een gedragsaanwijzing wordt
                                    opgelegd.</al></li><li nr=""><al>In de driehoek wordt één keer per jaar gerapporteerd over het
                                    aantal opgelegde maatregelen door de burgemeester en de
                                    (hoofd)officier. Ook wordt gerapporteerd over de eventuele
                                    bezwaarschriften en de uitkomsten daarvan.</al></li><li nr="23."><al>De burgemeester informeert de instantie die de bestuurlijke
                                    maatregel tegen een betrokkene heeft verzocht binnen 5 werkdagen
                                    over het voorgenomen besluit.</al></li><li nr="24."><al>Indien een andere instantie dan de politie overweegt een
                                    maatregel te verzoeken tegen een persoon, dient de politie
                                    geconsulteerd te worden op haalbaarheid en
                                    handhaafbaarheid.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Relatie burgemeester en Officier van Justitie</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="25."><al>Op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafvordering/article=509hh">artikel 509hh Wetboek van Strafvordering</extref> is de
                                    Officier van Justitie (OvJ) bevoegd een gedragsaanwijzing te
                                    geven indien tegen betrokkene tegen wie ernstige bezwaren
                                    bestaan in geval van verdenking van een strafbaar feit waardoor
                                    de openbare orde ernstig wordt verstoord en waarbij grote vrees
                                    bestaat voor herhaling.</al></li><li nr=""><al>Dit betekent dat indien sprake is van ordeverstorend gedrag,
                                    zijnde een strafbaar feit en vervolging is ingesteld de OvJ als
                                    eerste bevoegd is een maatregel te treffen. Indien sprake is van
                                    ordeverstorend gedrag, niet zijnde een strafbaar feit, treedt de
                                    burgemeester op.</al></li><li nr=""><al>Indien de OvJ besluit geen gedragsaanwijzing te geven (zoals een
                                    meldingsplicht, gebiedsverbod of groepsverbod) of in zijn geheel
                                    geen maatregel treft, beoordeelt de burgemeester of hij gelet op
                                    de bescherming van de openbare orde en het woon- en leefklimaat
                                    een maatregel oplegt. Gedegen afstemming tussen beide is
                                    hiervoor noodzakelijk.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><structuurtekst><al>Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmaking in het
                            gemeenteblad.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Citeertitel</titel></kop><structuurtekst><al>De beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel aanpak overlast.</al></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst><bijlage><al><vet>Bijlage 1 Handhavingsarrangement maatregelen bij herhaaldelijke
                        overlast</vet></al><table><tgroup cols="5"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="20*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="20*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="20*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="20*"/><colspec colname="col5" colnum="5" colwidth="20*"/><thead><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Constatering</al></entry><entry colname="col3"><al>Politie</al></entry><entry colname="col4"><al>Burgemeester</al></entry><entry colname="col5"><al>Openbaar Ministerie [1]</al></entry></row></thead><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1</al></entry><entry colname="col2"><al>Bij constatering herhaaldelijk ordeverstorende gedragingen
                                        in 13 maanden</al></entry><entry colname="col3"><al>Politie legt dossier over aan bgm</al></entry><entry colname="col4"><al> Ordeverstorende gedragingen merendeel in groepsverband
                                        gepleegd: • groepsverbod voor 3 maanden Merendeel
                                        ordeverstorende gedragingen individueel gepleegd: •
                                        gebiedsverbod voor 3 maanden. Bij evenementen en/of
                                        grootschalige samenkomsten ( al dan niet leidende rol) •
                                        gebiedsverbod voor 3 maanden. Indien sprake is van risico
                                        evenement kan tevens direct een meldingsplicht voor de duur
                                        van het risico evenement worden opgelegd. </al></entry><entry colname="col5"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Bij voetbalgerelateerde ordeverstorende gedragingen</al></entry><entry colname="col3"><al>Politie legt dossier over aan bgm</al></entry><entry colname="col4"><al> Kan tevens een stadionomgevingsverbod conform 2:48 APV
                                        worden opgelegd Indien sprake is van risico wedstrijd kan
                                        direct een meldingsplicht voor deze thuiswedstrijden worden
                                        opgelegd voor de duur van 3 maanden. </al></entry><entry colname="col5"><al>Na eerste overtreding bevel wordt direct vervolging
                                        ingesteld op grond van artikel 184 Wsr.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2</al></entry><entry colname="col2"><al> Bij 1e overtreding bevel </al></entry><entry colname="col3"><al>Politie legt dossier voor aan OM</al></entry><entry colname="col4"><al> Overtreden groepsverbod: • alleen overtreding: verlenging 3
                                        maanden en/of uitbreiding gebied. • overtreding met
                                        ordeverstorend gedrag: gebiedsverbod 3 maanden. </al></entry><entry colname="col5"><al>Vervolging o.g.v. art. 184 Wsr¹</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Bij opnieuw constateren ordeverstorende gedraging binnen 3
                                        jaar na verstrijken maatregel</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al>Eerste stap haha arrangement wordt overgeslagen</al></entry><entry colname="col5"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>Bijlage 2 Handhavingsarrangement maatregelen bij herhaaldelijke overlast 12
                        minners</vet></al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="25*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="25*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="25*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="25*"/><thead><row><entry colname="col1" nameend="col4" namest="col1"><al>Bij minderjarige die de leeftijd van 12 jaar nog niet heeft
                                        bereikt [2]</al></entry></row></thead><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Bij constatering 2e groepsgewijze ordeverstorende gedraging
                                        binnen 6 maanden </al></entry><entry colname="col2"><al> Politie legt dossier over aan bgm </al></entry><entry colname="col3"><al>De burgemeester legt aan de persoon die het gezag over de
                                        minderjarige uitoefent het bevel op dat de minderjarige zich
                                        in de avonduren niet op openbare plaatsen zonder zijn of
                                        haar begeleiding mag begeven voor de duur van 3
                                        maanden.</al></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al> Bij constatering 1e overtreding maatregel </al></entry><entry colname="col2"><al> Politie legt dossier over aan bgm </al></entry><entry colname="col3"><al>Maatregel wordt verzwaard voor de resterende tijd met het
                                        bevel dat de minderjarige zich niet mag begeven in een nader
                                        aan te wijzen gebied zonder begeleiding van de persoon die
                                        het gezag over hem of haar heeft.</al></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bij constatering 2e overtreding maatregel</al></entry><entry colname="col2"><al>Politie legt dossier voor aan OM</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al>Vervolging o.g.v .art. 184 Wsr (van persoon die gezag over
                                        minderjarige heeft)</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bij opnieuw constateren ordeverstorende gedraging binnen 6
                                        maanden na verstrijken maatregel.</al></entry><entry colname="col2"><al> Nog geen 12 jaar politie legt dossier over aan het OM en
                                        RvK Persoon inmiddels 12 jaar politie legt dossier over aan
                                        bgm </al></entry><entry colname="col3"><al> BGM en OVJ hebben overleg over vervolgtraject Eerste stap
                                        in handhavingsarrangement wordt overgeslagen </al></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>Bijlage 3 Instructie vervolging OM</vet></al><al>Of het OM tot vervolging zal overgaan op grond van art. 184 WvSr wordt per zaak
                    beoordeeld. Onderstaande criteria dienen hierbij als richtlijn.</al><al>Bij drugsrunners en straatdealers</al><lijst><li nr="•"><al>Sfeerverbaal over de buurt moet aanwezig zijn (inzoomen op
                            drugs[runner]overlast in de wijk)</al></li><li nr="•"><al>Strafrechtelijke en bestuurlijke aanpak moeten onvoldoende hebben
                            opgeleverd (gebiedsgerichte aanpak)</al></li><li nr="•"><al>Individuele antecedenten moeten er zijn, bestaande uit:</al></li><li nr="•"><al>2 keer veroordeling/ overtreding 184 Wsr voor drugsgerelateerd
                            (overtreding of misdrijf) delict over afgelopen 4 jaar;</al></li><li nr="•"><al>2 keer in het afgelopen jaar (na veroordeling) mutaties in het
                            politiesysteem betreffende drugsgerelateerde delicten.</al></li></lijst><al>Zwervers, alcoholisten</al><lijst><li nr="•"><al>Indien uit de mutaties onvoldoende duidelijk wordt wat de ernstige en
                            herhaaldelijke overlast is in de buurt, is een sfeerverbaal noodzakelijk
                            (inzoomen op drankgebruik en zwervers).</al></li><li nr="•"><al>Strafrechtelijke en bestuurlijke aanpak van het probleem moeten niet
                            voldoende hebben opgeleverd (gebiedsgerichte aanpak)</al></li><li nr="•"><al>De individuele hulpverlening bij deze persoon heeft de situatie niet
                            verbeterd.</al></li><li nr="•"><al>4 veroordelingen afgelopen 4 jaar (overtredingen)</al></li><li nr="•"><al>2 mutaties het afgelopen jaar betreffende drank/zwerver.</al></li></lijst><al>Jeugd</al><lijst><li nr="•"><al>Sfeerverbaal over de buurt waaruit blijkt dat het een wijk/buurt betreft
                            waar sprake is van stelselmatige ernstige overlast, tenzij er zodanige
                            mutaties aanwezig zijn waaruit deze signalen duidelijk naar voren
                            komen.</al></li><li nr="•"><al>Er moet vastgesteld worden dat het gaat om een overlastgevende persoon;
                            de jeugdige moet zich in elk geval 2 afzonderlijke keren schuldig hebben
                            gemaakt aan overlast gerelateerde (strafbare) feiten (in de afgelopen 13
                            maanden) in een bepaald gebied/wijk.</al></li><li nr="•"><al>De afweging moet gemaakt zijn of handhaving op grond van APV zinvol is
                            of niet tot het gewenste resultaat heeft geleid. </al><al>Veelplegers</al></li><li nr="•"><al>Indien uit de mutaties onvoldoende duidelijk wordt wat de ernstige en
                            herhaaldelijke overlast is in de buurt, is een sfeerverbaal
                            noodzakelijk.</al></li><li nr="•"><al>Er moet vastgesteld worden dat het gaat om een overlastgevende persoon;
                            de veelpleger moet zich in elk geval 2 afzonderlijke keren (in de
                            afgelopen 13 maanden) hebben schuldig gemaakt aan overlast gerelateerde
                            strafbare feiten in een bepaald gebied/wijk.</al></li><li nr="•"><al>Eerdere/andere (gedrags)interventies hebben niet geleid tot het stop
                            zetten van overlastgevende gedragingen.</al></li></lijst><al>Hooligans:</al><lijst><li nr="•"><al>Als er een eerdere persoonsgerichte aanpak heeft plaatsgehad op grond
                            van een andere aandachtsgroep, bijv. jeugd, zijn de resultaten daarvan
                            in het dossier neergelegd.</al></li><li nr="•"><al>Duidelijk moet worden dat betrokkene zijn ordeverstorend gedrag zal
                            voortzetten als niet wordt ingegrepen en dat deze aanwijzingen kunnen
                            zijn gelegen in het gedrag van betrokkene in de afgelopen periode.</al></li><li nr="•"><al>Indien er ernstige bezwaren bestaan tegen de verdachte (bijv. bij
                            verdenking van een misdrijf waarop VH is toegelaten) en aanleiding
                            bestaat voor een gedragsaanwijzing door de OvJ, volgt bespreking van de
                            persoon in een casusoverleg waarbij gemeente, politie en OM zijn
                            vertegenwoordigd.</al></li></lijst><al>12 minners</al><lijst><li nr="•"><al>Sfeerverbaal over de buurt waaruit blijkt dat het een wijk/buurt betreft
                            waar sprake is van stelselmatige ernstige overlast en wat hiervan de
                            gevolgen zijn voor de omgeving. Indien er zodanige mutaties aanwezig
                            zijn waaruit deze signalen duidelijk naar voren komen kan het
                            sfeerverbaal achterwege gelaten worden.</al></li><li nr="•"><al>Er moet vastgesteld worden dat het gaat om een overlastgevende persoon;
                            de 12 minner moet zich in elk geval 2 afzonderlijke keren (in de
                            afgelopen 13 maanden) groepsgewijs hebben schuldig gemaakt aan overlast
                            gerelateerde strafbare feiten in een bepaald gebied/wijk.</al></li><li nr="•"><al>Kindgedrag zoals joelen, stoeien en belletje trekken wordt in beginsel
                            niet als overlastgevend beschouwd.</al></li><li nr="•"><al>Er is contact gezocht met ouders en hen is verzocht in te grijpen. Dit
                            heeft niet tot het gewenste resultaat geleid.</al></li></lijst><al>[1] Het uitgangspunt is dat het OM in beginsel overgaat tot vervolging op grond
                    van artikel 184 Wsr als de OM- criteria in bijlage 3 in acht zijn genomen.
                    Hierbij zal getoetst worden aan de vereisten van proportionaliteit en
                    subsidiariteit.</al><al>Terug naar de verwijzing naar voetnoot [1] in de tekst</al><al>Terug naar de verwijzing naar voetnoot [2] in de tekst</al></bijlage></regeling></body></cvdr>