<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR59219_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2008</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Bernheze</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-12-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Bernheze</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Bernhezer, 10 oktober 2008</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2008</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Geen.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2008-09-29</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-10-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2008-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-12-16</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>rechtspositie wethouders raadsleden commissieleden</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2008</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Bernheze;</al><al>gezien het bijbehorende voorstel van
                        burgemeester en wethouders van 15 augustus 2008;</al><al>gelet op de artikelen 44,
                        tweede en derde lid, 95 tot en met 99 en 147 van de Gemeentewet;</al><al>gelet op het
                        Rechtspositiebesluit wethouders en het rechtspositiebesluit raads- en
                        commissieleden;</al><al>besluit:</al><al>vast te stellen de.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>1</nr><titel>Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden
                            2008</titel></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Nieuw Artikel</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al> commissie: een commissie als bedoeld in hoofdstuk V van de
                                Gemeentewet; </al></li><li nr="b."><al> Rechtspositiebesluit wethouders: het Koninklijk Besluit van 22
                                maart 1994, Stb. 243;</al></li><li nr="c."><al> Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden: het Koninklijk
                                Besluit van 22 maart 1994, Stb. 244;</al></li><li nr="d."><al> Regeling rechtspositie wethouders: de ministeriële regeling van
                                20 februari 2001, Stcrt. 41 als bedoeld in artikel 23 van het
                                Rechtspositiebesluit wethouders;</al></li><li nr="e."><al> raadslid: lid van de gemeenteraad, niet zijnde wethouder;</al></li><li nr="f."><al> griffier: de griffier, bedoeld in artikel 107 van de
                                Gemeentewet;</al></li><li nr="g."><al> gemeentesecretaris: de secretaris, bedoeld in artikel 102 van de
                                Gemeentewet.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Voorzieningen voor raadsleden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Vergoeding voor de werkzaamheden</titel></kop><al>Aan het raadslid wordt een vergoeding voor de werkzaamheden
                                toegekend die gelijk is aan het, door de minister van Binnenlandse
                                Zaken en Koninkrijksrelaties voor de gemeenteklasse van 24.001 -
                                30.000 inwoners, vastgestelde maximum, zoals vermeld in artikel 2,
                                eerste lid, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.
                            </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Onkostenvergoeding</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Aan het raadslid wordt een onkostenvergoeding voor aan de
                                    uitoefening van het raadslidmaatschap verbonden kosten toegekend
                                    die gelijk is aan het bedrag voor de gemeenteklasse van 24.001 -
                                    30.000 inwoners, zoals vermeld in tabel II van het
                                    Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Ten aanzien van een raadslid van wie de arbeidsverhouding
                                    ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de
                                    loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als
                                    dienstbetrekking wordt aangemerkt, wordt in afwijking van het
                                    eerste lid een onkostenvergoeding toegekend die gelijk is aan
                                    het bedrag voor de gemeenteklasse van 24.001 - 30.000 inwoners,
                                    zoals vermeld in tabel III van het Rechtspositiebesluit raads-
                                    en commissieleden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Berekening en betaling vaste vergoedingen</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Hij die gedurende een gedeelte van het kalenderjaar raadslid is
                                    geweest ontvangt de vergoedingen, bedoeld in de artikelen 2 en
                                    3, naar evenredigheid van het aantal dagen dat hij in dat jaar
                                    raadslid is geweest.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De betaling van de vergoedingen, bedoeld in de artikelen 2 en 3,
                                    geschiedt in maandelijkse termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Reiskosten</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Aan het raadslid worden de ten behoeve van de gemeente gemaakte
                                    kosten in verband met reizen buiten het grondgebied van de
                                    gemeente ter uitvoering van een beslissing van het
                                    gemeentebestuur vergoed.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De in het eerste lid bedoelde vergoeding betreft:</al><lijst><li nr="a."><al> bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een
                                    taxi: een volledige vergoeding van de in redelijkheid gemaakte
                                    noodzakelijke reiskosten;</al></li><li nr="b."><al> bij gebruik van een eigen vervoermiddel: een vergoeding van
                                    de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten
                                    overeenkomstig het bepaalde in artikel 4 van de Regeling
                                    rechtspositie wethouders.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Verblijfkosten</titel></kop><al>De in redelijkheid noodzakelijk gemaakte verblijfskosten ter zake
                                van reizen buiten het grondgebied van de gemeente worden aan het
                                raadslid vergoed. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Buitenlandse dienstreis</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Indien het raadslid in het gemeentelijk belang een reis buiten
                                    Nederland maakt worden de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke
                                    reis- en verblijfkosten vergoed. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Voor een reis in het gemeentelijk belang buiten Nederland is
                                    vooraf toestemming van de gemeenteraad vereist. De gemeenteraad
                                    kan aan deze toestemming voorwaarden verbinden. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Cursus, congres, seminar of symposium</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De kosten van deelname van een raadslid aan cursussen,
                                    congressen, seminars en symposia die in het gemeentelijk belang
                                    door of namens de gemeente worden aangeboden of verzorgd komen
                                    voor rekening van de gemeente. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het raadslid dat wil deelnemen aan een cursus, congres, seminar
                                    of symposium dat niet door of namens de gemeente wordt
                                    aangeboden of verzorgd, dient daartoe een gemotiveerde aanvraag
                                    in. De aanvraag gaat vergezeld van inhoudelijke informatie en
                                    een kostenspecificatie. De kosten komen voor rekening van de
                                    gemeente als deelname van algemeen belang is in verband met de
                                    vervulling van het raadslidmaatschap. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Computer en internetverbinding</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Aan het begin van elke raadsperiode van 4 jaar verleent het
                                    college het raadslid voor de uitoefening van het
                                    raadslidmaatschap een tegemoetkoming voor aanschaf van een
                                    computer, bijbehorende apparatuur en software. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Zodra het raadslidmaatschap binnen 4 jaren wordt beëindigd,
                                    wordt de tegemoetkoming naar rato verminderd.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Het college verstrekt het raadslid een tegemoetkoming in de
                                    kosten voor een internetaansluiting via de kabel of adsl voor de
                                    in het eerste lid genoemde computerapparatuur. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Spaarloonregeling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4,
                                    aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor
                                    de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt
                                    kan op aanvraag deelnemen aan de voor het gemeentelijk personeel
                                    geldende spaarloonregeling. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Deelname aan de spaarloonregeling is niet mogelijk indien het
                                    raadslid gebruik maakt van de wettelijke levensloopregeling als
                                    bedoeld in artikel 19g van de Wet op de loonbelasting 1964.
                                </al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Gelet op het bepaalde in artikel 99 van de Gemeentewet bestaat
                                    geen aanspraak op enige vergoeding van de gemeente. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10a</nr><titel>Fietsregeling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4,
                                    aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor
                                    de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt
                                    kan op aanvraag deelnemen aan de voor het gemeentelijk personeel
                                    geldende fietsregeling. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Gelet op het bepaalde in artikel 99 van de Gemeentewet bestaat
                                    geen aanspraak op enige vergoeding van de gemeente. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Verlaging vergoeding werkzaamheden bij
                                    arbeidsongeschiktheid</titel></kop><al>De vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 2, kan op
                                verzoek van een raadslid worden verlaagd in het geval hij een
                                uitkering ontvangt in verband met gehele of gedeeltelijke
                                arbeidsongeschiktheid.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Compensatie korting werkloosheidsuitkering</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>In het geval een raadslid een uitkering op grond van de
                                    Werkloosheidswet ontvangt en de na toepassing van artikel 20 van
                                    die wet ontstane korting op deze uitkering ten gevolge van het
                                    uitoefenen van het raadslidmaatschap meer bedraagt dan de in
                                    artikel 2 bedoelde vergoeding voor de werkzaamheden die het
                                    raadslid ontvangt, wordt deze vergoeding ten laste van de
                                    gemeente verhoogd tot het bedrag van bedoelde korting. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>In het geval dat een raadslid een uitkering op grond van het
                                    Besluit Werkloosheid onderwijs- en onderzoekspersoneel ontvangt
                                    en de na toepassing van artikel 6, vierde lid, van dat besluit
                                    ontstane korting op deze uitkering ten gevolge van het
                                    uitoefenen van het raadslidmaatschap meer bedraagt dan de in
                                    artikel 2 bedoelde vergoeding voor de werkzaamheden die het
                                    raadslid ontvangt, wordt deze vergoeding ten laste van de
                                    gemeente verhoogd tot het bedrag van bedoelde korting. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Vergoeding voor waarneming voorzitterschap van de
                                    gemeenteraad</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Een raadslid dat op grond van artikel 77 van de Gemeentewet meer
                                    dan 30 dagen onafgebroken het voorzitterschap van de
                                    gemeenteraad waarneemt, ontvangt voor die waarneming een toeslag
                                    van 8% van de in artikel 2 bedoelde vergoeding voor de
                                    werkzaamheden over de tijd van de waarneming. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van
                                    de onkostenvergoeding, bedoeld in artikel 3. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13a</nr><titel>Ziektekostenverzekering.</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Op basis van artikel 11 van het Rechtspositiebesluit raads- en
                                    commissieleden bestaat er recht op een tegemoetkoming in de
                                    kosten van een ziektekostenverzekering. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De hoogte van de tegemoetkoming bedraagt tot en met maart 2008 €
                                    195,32, vanaf april 2008 € 199,23 en vanaf 1 april 2009 €
                                    203,21. </al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>In het geval een raadslid gedurende een gedeelte van het
                                    kalenderjaar lid van de raad is geweest ontvangt hij de
                                    tegemoetkoming, bedoeld in het eerste lid, naar evenredigheid
                                    van het aantal dagen dat hij in dat jaar raadslid is geweest.
                                </al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>De betaling van de tegemoetkoming geschiedt in maandelijkse
                                    termijnen. </al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>De tegemoetkoming wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van de
                                    nominale eindejaarsuitkering van het personeel werkzaam bij de
                                    sector Rijk. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13b</nr><titel>Voorziening bij tijdelijk ontslag wegens zwangerschap en
                                    bevalling of ziekte</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De artikelen 2 tot en met 4, 9, 10 tot en met 12 blijven van
                                    toepassing op het raadslid aan wie ingevolge artikel X 10 van de
                                    Kieswet tijdelijk ontslag is verleend wegens zwangerschap en
                                    bevalling of ziekte, met dien verstande dat de
                                    onkostenvergoeding die dit raadslid op grond van artikel 3,
                                    eerste of tweede lid ontvangt, de helft bedraagt van het bedrag
                                    dat op grond van die bepaling van toepassing is. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De artikelen 1 tot en met 9, 11 tot en met 13 van deze
                                    verordening zijn van toepassing op raadsleden die tijdelijk
                                    worden benoemd ter vervanging van een raadslid dat ingevolge
                                    artikel X 10 van de Kieswet tijdelijk ontslag heeft gekregen
                                    wegens zwangerschap en bevalling of ziekte. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Voorzieningen voor wethouders</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Onkostenvergoeding</titel></kop><al>Aan de wethouder wordt een onkostenvergoeding toegekend voor overige
                                aan de uitoefening van het ambt verbonden kosten die gelijk is aan
                                het bedrag voor de gemeenteklasse &gt; 18.000 inwoners, zoals
                                vermeld in artikel 25 van het Rechtspositiebesluit wethouders.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Reiskosten woon-werkverkeer</titel></kop><al>De wethouder kan op verzoek voor het reizen tussen zijn woning en
                                zijn plaats van tewerkstelling een tegemoetkoming in de kosten van
                                het reizen worden verleend overeenkomstig de ter zake voor het
                                gemeentelijk personeel geldende regeling reiskostenvergoeding
                                gemeente Bernheze.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Zakelijke reiskosten</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Aan de wethouder wordt naast de tegemoetkoming, bedoeld in
                                    artikel 15 vergoeding verleend voor reiskosten ter zake van
                                    andere dan de in artikel 15 bedoelde reizen ten behoeve van de
                                    gemeente gemaakt.</al><al>De vergoeding betreft:</al><lijst><li nr="a."><al> bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een
                                    taxi: een volledige vergoeding van de reiskosten;</al></li><li nr="b."><al> bij gebruik van een eigen personenauto: de vergoeding als
                                    bedoeld in artikel 4, onderdeel b, van de Regeling rechtspositie
                                    wethouders;</al></li><li nr="c."><al> een vergoeding van de noodzakelijke en redelijkerwijs
                                    gemaakte kosten.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Verblijfkosten</titel></kop><al>De wethouder worden de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke
                                verblijfkosten ter zake van reizen, bedoeld in artikel 16 volledig
                                vergoed.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Buitenlandse dienstreis</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Indien de wethouder in het gemeentelijk belang een reis buiten
                                    Nederland maakt worden de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke
                                    reis- en verblijfkosten vergoed.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Voor een reis in het gemeentelijk belang buiten Nederland, niet
                                    zijnde een reis naar een Europese instelling, is vooraf
                                    toestemming van het college vereist. De gemeenteraad kan aan
                                    deze toestemming voorwaarden verbinden. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Cursus, congres, seminar of symposium</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De kosten van deelname van een wethouder aan cursussen,
                                    congressen, seminars en symposia die in het gemeentelijk belang
                                    door of namens de gemeente worden aangeboden of verzorgd komen
                                    voor rekening van de gemeente. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De wethouder die wil deelnemen aan een cursus, congres, seminar
                                    of symposium dat niet door of namens de gemeente wordt
                                    aangeboden of verzorgd, dient daartoe een gemotiveerde aanvraag
                                    in. De aanvraag gaat vergezeld van inhoudelijke informatie en
                                    een kostenspecificatie. De kosten komen voor rekening van de
                                    gemeente als deelname van algemeen belang is in verband met de
                                    uitoefening van het ambt van wethouder. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Computer en internetverbinding</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Aan het begin van elke raadsperiode van 4 jaar verleent het
                                    college de wethouder voor de uitoefening van het
                                    wethouderschapschap een tegemoetkoming voor aanschaf van een
                                    computer, bijbehorende apparatuur en software. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Zodra het wethouderschap binnen 4 jaar wordt beëindigd, wordt de
                                    tegemoetkoming naar rato verminderd.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Het college verstrekt de wethouder een tegemoetkoming in de
                                    kosten voor een internetaansluiting via de kabel of adsl voor de
                                    in het eerste lid genoemde computerapparatuur. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Mobiele telefoon</titel></kop><al>De wethouder wordt voor de uitoefening van zijn ambt een mobiele
                                telefoon in bruikleen ter beschikking gesteld die mede gebruikt mag
                                worden voor privé doeleinden.</al><lijst><li nr="1."><al> De wethouder ondertekent daartoe een bruikleenovereenkomst met de
                                gemeente.</al></li><li nr="2."><al> Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst
                                vast.</al></li><li nr="3."><al> Op de netto bezoldiging dan wel de netto onkostenvergoeding van
                                de wethouder die de mobiele telefoon voor meer dan 10% mede gebruikt
                                voor privé doeleinden, wordt een bedrag ingehouden dat gelijk is aan
                                het bedrag dat op grond van de artikelen 38 respectievelijk 39 van
                                de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2001 tot het loon wordt
                                gerekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Spaarloonregeling/levensloopregeling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De wethouder kan op aanvraag deelnemen aan de voor het
                                    gemeentelijk personeel geldende spaarloonregeling. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De wethouder kan deelnemen aan de levensloopregeling als bedoeld
                                    in artikel 19g van de Wet op de loonbelasting 1964.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Deelname aan de spaarloonregeling is niet mogelijk indien de
                                    wethouder gebruik maakt van de wettelijke levensloopregeling.
                                </al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Gelet op het bepaalde in artikel 44 van de Gemeentewet bestaat
                                    geen aanspraak op enige vergoeding van de gemeente. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Fietsregeling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De wethouder kan deelnemen aan de voor het gemeentelijk
                                    personeel geldende fietsregeling. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Gelet op het bepaalde in artikel 44 van de Gemeentewet bestaat
                                    geen aanspraak op enige vergoeding van de gemeente. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Reis- en pensionkosten en verhuiskosten</titel></kop><al>De wethouder die bij benoeming nog niet over woonruimte in de
                                gemeente beschikt heeft ten laste van de gemeente aanspraak op
                                vergoeding van:</al><lijst><li nr="a."><al> reis- en pensionkosten overeenkomstig het bepaalde in artikel 1
                                van de ministeriële regeling als bedoeld in artikel 22, tweede lid,
                                van het Rechtspositiebesluit wethouders;</al></li><li nr="b."><al> verhuiskosten in verband met de benoeming als wethouder
                                overeenkomstig het bepaalde in artikel 2 van de ministeriële
                                regeling als bedoeld in artikel 22, tweede lid, van het
                                Rechtspositiebesluit wethouders.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Kinderopvang</titel></kop><al>(vervallen)</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Voorzieningen voor commissieleden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het lid van een commissie ontvangt voor het bijwonen van de
                                    vergaderingen van een commissie en haar subcommissies een
                                    vergoeding die gelijk is aan het door de minister van
                                    Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor de gemeenteklasse
                                    20.001 - 50.000 vastgestelde maximum, zoals vermeld in artikel
                                    14 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op degene
                                    die als lid van een commissie een vaste vergoeding voor de
                                    werkzaamheden als bedoeld in artikel 96 van de Gemeentewet
                                    ontvangt. </al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Geen vergoeding ontvangt degene die zitting heeft in een
                                    commissie</al><lijst><li nr="a."><al> als raadslid of wethouder;</al></li><li nr="b."><al> uit hoofde van dan wel als rechtstreeks uitvloeisel van een
                                    ambtelijke of bestuurlijke hoedanigheid dan wel van een functie
                                    bij een instelling die grotendeels van overheidswege wordt
                                    gesubsidieerd;</al></li><li nr="c."><al> als vertegenwoordiger van een belanghebbende instelling,
                                    organisatie of groepering, tenzij zijn lidmaatschap van de
                                    commissie tevens in belangrijke mate het gemeentelijk belang
                                    dient.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>De procedure van declaratie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Betaling van kosten</titel></kop><al>Betaling van kosten op grond van deze verordening vindt plaats
                                door</al><lijst><li nr="a."><al> betaling uit eigen middelen; of</al></li><li nr="b."><al> rechtstreekse toezending van de factuur aan de gemeente.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Declaratie van vooruit betaalde kosten</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Voor de vergoeding van de kosten, bedoeld in de artikelen 5, 6,
                                    16, 17, 18 en 23 wordt gebruik gemaakt van een
                                    declaratieformulier, indien deze kosten uit eigen middelen
                                    vooruit zijn betaald. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het declaratieformulier wordt volledig ingevuld en ondertekend.
                                    Het raadslid, onderscheidenlijk de wethouder of het commissielid
                                    dient het declaratieformulier binnen 2 maanden bij de griffier,
                                    onderscheidenlijk de gemeentesecretaris of een door hem
                                    aangewezen ambtenaar in, onder bijvoeging van de originele
                                    bewijsstukken. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Rechtstreekse facturering bij de gemeente</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De vergoeding van kosten, bedoeld in de artikelen 7, 8, 18 en 19
                                    kan plaatsvinden door rechtstreekse toezending van de factuur
                                    aan de gemeente. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De 'Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden
                                2006' wordt ingetrokken.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze regeling treedt in werking op 15 oktober 2008 en werkt voor wat
                                betreft alle artikelen terug tot en met 1 januari 2008.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie
                                wethouders, raads- en commissieleden 2008.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Bernheze in zijn openbare
                        vergadering van</ondertekening><ondertekening>29 september 2008.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>DE RAAD VOORNOEMD,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, </ondertekening><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>J.H.M. van den Oever </ondertekening><ondertekening>A.A.M.M. Heijmans </ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>