<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR58914_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening gemeente De Ronde Venen inzake werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk in of op openbare gronden</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">De Ronde Venen</dcterms:creator><dcterms:modified>2011-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">De Ronde Venen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Ronde Vener 12-01-2011, VAR
                13-01-2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Telecommunicatieverordening De Ronde Venen 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Telecommunicatiewet, art. 5.4 lid 4</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-01-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2011-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-12-03</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening gemeente De Ronde Venen inzake werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk in of op openbare gronden</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="5*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="29*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="67*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>a.</al></entry><entry colname="col2"><al>Wet</al></entry><entry colname="col3"><al>Telecommunicatiewet</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>b.</al></entry><entry colname="col2"><al>Openbaar elektronisch communicatienetwerk</al></entry><entry colname="col3"><al>telecommunicatienetwerk als genoemd in artikel 1.1,
                                            onder h, van de wet</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>c.</al></entry><entry colname="col2"><al>Kabels</al></entry><entry colname="col3"><al>kabels, als bedoeld in artikel 1.1, onder z, van de
                                            wet</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>d.</al></entry><entry colname="col2"><al>Voorzieningen</al></entry><entry colname="col3"><al>ondergrondse ondersteuningswerken en beschermingswerken,
                                            als bedoeld in artikel 5.15van de wet, en kabels</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>e.</al></entry><entry colname="col2"><al>Openbare gronden</al></entry><entry colname="col3"><al>openbare wegen en wateren, als bedoeld in artikel 1.1,
                                            onder aa, van de wet</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>f.</al></entry><entry colname="col2"><al>Aanbieder</al></entry><entry colname="col3"><al>degene die een openbaar elektronisch communicatienetwerk
                                            aanbiedt als bedoeld in artikel 1.1, onder i, van de wet
                                            en degene bedoeld in artikel 5.1 van de wet</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>g.</al></entry><entry colname="col2"><al>Werkzaamheden</al></entry><entry colname="col3"><al>werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding
                                            en opruiming van kabels ten dienste van een openbaar
                                            elektronisch communicatienetwerk in of op openbare
                                            gronden</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>h.</al></entry><entry colname="col2"><al>Gedoogplichtige</al></entry><entry colname="col3"><al>degene op wie een gedoogplicht rust als bedoeld in
                                            artikel 5.2, eerste lid, van de wet</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>i.</al></entry><entry colname="col2"><al>College</al></entry><entry colname="col3"><al>college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                                            De Ronde Venen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>j.</al></entry><entry colname="col2"><al>Melding</al></entry><entry colname="col3"><al>melding als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, onder a,
                                            van de wet</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>k.</al></entry><entry colname="col2"><al>Instemmingsbesluit</al></entry><entry colname="col3"><al>besluit van het college als bedoeld in artikel 5.4,
                                            eerste lid, aanhef en onder b, van de wet</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>l.</al></entry><entry colname="col2"><al>Huisaansluiting</al></entry><entry colname="col3"><al>het gedeelte van de kabel van minder dan 25 m in
                                            openbare gronden dat een openbaar elektronisch
                                            communicatienetwerk verbindt met een netwerkaansluitpunt
                                            als bedoeld onder artikel 1.1, onder k, van de wet</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>m.</al></entry><entry colname="col2"><al>Werkzaamheden van niet ingrijpende aard</al></entry><entry colname="col3"><al>het aanbrengen of verwijderen van kabels in reeds
                                            aangebrachte voorzieningen;</al><al>reparaties aan het openbare elektronische
                                            communicatienetwerk met een lengte van minder dan 25 m
                                            en niet vallend onder artikel 3 eerste lid;</al><al>het maken van huisaansluitingen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>n.</al></entry><entry colname="col2"><al>Handboek</al></entry><entry colname="col3"><al>‘Handboek Leidingen 2011’</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>o.</al></entry><entry colname="col2"><al>Groot onderhoud</al></entry><entry colname="col3"><al>hieronder vallen de werken die in het reguliere
                                            nutsoverleg worden besproken</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>p.</al></entry><entry colname="col2"><al>Bijzondere bestrating</al></entry><entry colname="col3"><al>bestrating die qua kleur, vorm, afmetingen of
                                            samenstelling afwijkt van wat er in deze gemeente
                                            gebruikelijk is</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Handboek</titel></kop><al>Het college stelt ter uitvoering van deze verordening een Handboek vast
                        waarin onder meer bepalingen zijn opgenomen betreffende de veiligheid, het
                        ontwerp, het beheer, de aanleg, het onderhoud, de exploitatie en het
                        verwijderen van leidingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Wijze van melding van voorgenomen werkzaamheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanbieder die werkzaamheden wil verrichten, meldt dit voornemen ten
                            minste acht weken voor aanvang van de werkzaamheden aan het
                            college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college neemt in het Handboek op welke gegevens en/of documenten
                            voor de beoordeling van de aanvraag benodigd zijn.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Werkzaamheden van niet ingrijpende aard moeten, in afwijking van lid 1,
                            minimaal vijf werkdagen voorafgaand aan deze werkzaamheden worden gemeld
                            met het daarvoor vastgestelde formulier ‘graafbon’ aan het college.
                        </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een aanbieder die werkzaamheden wil verrichten, kan hierover vooroverleg
                            voeren met het college teneinde de melding, als bedoeld in het eerste
                            lid, voor te bereiden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien de werkzaamheden mede betrekking hebben op gronden van een andere
                            gedoogplichtige dan de gemeente, dan wordt het college uiterlijk vier
                            weken na ontvangst van de melding in het eerste lid schriftelijk in
                            kennis gesteld van de resultaten van het overleg tussen de aanbieder en
                            de andere gedoogplichtige.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Ernstige belemmeringen en storingen</titel></kop><al>Ingeval van spoedeisende werkzaamheden ten gevolge van ernstige
                        belemmeringen of storingen van de communicatie in de zin van artikel 5.6,
                        tweede lid, van de wet volstaat de aanbieder met een melding voorafgaand aan
                        de start van de werkzaamheden. De aanbieder maakt achteraf zo spoedig
                        mogelijk melding van de werkzaamheden met het daarvoor vastgestelde
                        formulier ‘graafbon’ aan het college. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Gegevensverstrekking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanbieder meldt voorgenomen werkzaamheden aan alle tracés, behoudens
                            de werkzaamheden genoemd in artikel 3, derde lid, per brief met daarbij
                            het door de aanbieder volledig ingevulde meldingsformulier ‘aanvraag
                            vergunning/ instemming’.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de melding verstrekt de aanbieder in ieder geval de volgende
                            gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>naam, (e-mail)adres en telefoon- en faxnummer van degene die de
                                    kabel of het netwerk in eigendom heeft, beheert en/of
                                    exploiteert;</al></li><li nr="b."><al>een opgave van de soort kabel, het aantal kabels en/of buizen
                                    dat direct met kabels wordt gevuld of ingeblazen en een opgave
                                    van het aantal buizen dat leeg wordt aangebracht;</al></li><li nr="c."><al>een opgave van belanghebbenden en instanties die vooraf in
                                    kennis worden gesteld van de voorgenomen datum van aanvang, de
                                    verwachte datum van beëindiging en de aard van de
                                    werkzaamheden;</al></li><li nr="d."><al>Een uitvoeringsplan met daarin opgenomen:</al><lijst><li nr="1."><al>een opgave van het gewenste tracé met daarbij duidelijke
                                            (digitale) tekeningen en daarop aangegeven wat de te
                                            verbinden locaties zijn;</al></li><li nr="2."><al>een opgave van de objecten die ten tijde van de
                                            werkzaamheden worden geplaatst, alsmede van de gewenste
                                            situering daarvan;</al></li><li nr="3."><al>een omschrijving van de opbrekingen van de
                                            verharding;</al></li><li nr="4."><al>de doorsnede van de kabel en indien van toepassing de
                                            kabelgoot;</al></li><li nr="5."><al>de opgave van ondergrondse (handholes en dergelijke) of
                                            bovengrondse kasten waarvoor geen bouwvergunning
                                            noodzakelijk is, alsmede de situering en afmetingen
                                            daarvan;</al></li><li nr="6."><al>naam, (e-mail)adres, telefoon- en faxnummer van de
                                            contactpersoon, aannemers of onderaannemers die belast
                                            zijn met de werkzaamheden en van een door hen aangewezen
                                            contactpersoon die ten tijde van de uitvoering van de
                                            werkzaamheden vierentwintig uur per dag bereikbaar is in
                                            verband met mogelijke calamiteiten;</al></li><li nr="7."><al>de maatregelen die de bereikbaarheid van de in de
                                            openbare grond aanwezige kabels en leidingen
                                            waarborgen;</al></li><li nr="8."><al>de bereikbaarheid van percelen en opstallen in de
                                            nabijheid van de uit te voeren werkzaamheden;</al></li><li nr="9."><al>de voorgenomen datum en het tijdstip van aanvang en
                                            beëindiging van de werkzaamheden;</al></li><li nr="10."><al>alle overige van belang zijnde feiten en omstandigheden
                                            gelet op de in artikel 5.4, tweede en derde lid, van de
                                            wet genoemde belangen.</al></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan nadere regels stellen aan de gegevens die bij de melding
                            worden verstrekt, alsook over de wijze waarop deze gegevens worden
                            verstrekt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Beslissingstermijn en aanhouding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een beslissing op een melding, als bedoeld in artikel 3, eerste lid,
                            wordt genomen uiterlijk acht weken na de datum van ontvangst van de
                            melding. Indien een beschikking niet binnen acht weken kan worden
                            gegeven, deelt het college dit aan de aanvrager mede en noemt het
                            daarbij een redelijke termijn waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan
                            worden gezien.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste lid houdt het college de
                            beslissing aan, indien er in verband met werkzaamheden ten behoeve van
                            het openbaar elektronisch communicatienetwerk een omgevingsvergunning
                            voor het bouwen van een bouwwerk op grond van de Wet algemene bepalingen
                            omgevingsrecht of een omgevingsvergunning voor het oprichten, het
                            veranderen of veranderen van de werking of het in werking hebben van een
                            inrichting op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of een
                            omgevingsvergunning voor het vellen of doen vellen van een houtopstand
                            is vereist. Het college stelt de aanvrager onverwijld schriftelijk in
                            kennis van de aanhouding.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De in het tweede lid genoemde aanhouding eindigt op de dag na die waarop
                            een onherroepelijke beslissing op de betreffende aanvraag is
                            genomen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Voorschriften en beperkingen bij instemming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan nadere regels stellen omtrent het tijdstip, de plaats en
                            de wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en opruiming
                            van kabels, het bevorderen van medegebruik van voorzieningen en het
                            afstemmen van de voorgenomen werkzaamheden met beheerders van overige in
                            de grond aanwezige werken, alsook over de afmetingen van kasten,
                            handholes en andere toebehoren, behorende bij een openbaar elektronisch
                            communicatienetwerk.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanbieder is verplicht om omwonenden en bedrijven ter plaatse van de
                            uit te voeren werkzaamheden op de hoogte te stellen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Met de werkzaamheden moet binnen zes maanden na de in de vergunning
                            opgenomen datum van aanvang van de werkzaamheden zijn gestart. De
                            werkzaamheden moeten zijn voltooid binnen zes maanden na de feitelijke
                            aanvang van de werkzaamheden. Het college kan in de vergunning ruimere
                            termijnen opnemen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op het moment van de oplevering van de werkzaamheden is de aanbieder op
                            verzoek van het college verplicht gegevens omtrent de ligging van zijn
                            kabels te verstrekken en een overzicht te geven van de niet in gebruik
                            zijnde kabels.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien binnen vijf jaar na groot onderhoud of herinrichting van de
                            openbare gronden de aanbieder werkzaamheden moet uitvoeren, verlangt het
                            college specifiek schadeherstel. De hiermee gepaard gaande kosten zijn
                            voor rekening van de aanbieder.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien de aanbieder werkzaamheden moet uitvoeren in bijzondere
                            bestrating, verlangt het college specifiek schadeherstel. </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en opruiming
                            van kabels en medegebruik van voorzieningen geschiedt conform het door
                            het college vastgestelde Handboek.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>(Mede)gebruik van voorzieningen en vooroverleg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanbieder is verplicht om bij de aanleg van kabels in openbare
                            gronden zoveel mogelijk (mede)gebruik te maken van bestaande, hetzij
                            door andere aanbieders dan wel door of in opdracht van het college
                            aangelegde voorzieningen. Het college kan aan het instemmingsbesluit
                            voorschriften of beperkingen verbinden over het medegebruik van
                            voorzieningen, zoals kabelgoten en geleidingen, en een
                            zekerheidsstelling voor de nakoming van verplichtingen die gesteld zijn
                            bij de voorschriften en beperkingen aan het instemmingsbesluit.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het vooroverleg als bedoeld in artikel 3, vierde lid, dan wel een door
                            het college geëntameerd overleg naar aanleiding van een melding als
                            bedoeld in artikel 3, eerste lid, is er mede op gericht te bepalen of en
                            zo ja langs welke delen van het tracé gebruik kan worden gemaakt van
                            bestaande voorzieningen als bedoeld in het eerste lid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de aanbieder een redelijk aanbod wordt gedaan om gebruik te maken
                            van de vooraangelegde voorzieningen, zoals mantelbuizen, kabelgoten, of
                            kabel- en leidingentunnels, is de aanbieder verplicht om voor de aanleg
                            of uitbreiding van zijn netwerk van deze voorzieningen gebruik te
                            maken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de openbare gronden geen ruimte bieden voor de aanleg van nieuwe
                            kabels, dient de aanbieder een alternatief tracé te kiezen, of aan
                            andere aanbieders een billijk verzoek tot medegebruik van kabels te doen
                            op grond van artikel 5.12 van de wet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Melding wijziging voorzieningen</titel></kop><al>De aanbieder stelt het college onverwijld schriftelijk in kennis van het
                        feit dat het eigendom, de exploitatie of het beheer van de kabel verandert
                        of het feit dat de kabel niet langer ten dienste staat van een openbaar
                        elektronisch communicatienetwerk of van een omroepnetwerk in of op openbare
                        gronden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Intrekking oude verordening</titel></kop><al>De Telecommunicatieverordening De Ronde Venen 2006, vastgesteld op 19
                        oktober 2006, en de Telecommunicatieverordening 2008 gemeente Abcoude,
                        vastgesteld op 6 november 2008, worden ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Telecommunicatieverordening De Ronde Venen 2006 en de
                            Telecommunicatieverordening 2008 gemeente Abcoude blijven van kracht op
                            meldingen waarop reeds krachtens voornoemde verordeningen is beslist,
                            maar waarvan de uitvoering op het moment van inwerkingtreding van deze
                            verordening nog niet is gerealiseerd. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een
                            melding is gedaan op grond van de Telecommunicatieverordening De Ronde
                            Venen 2006 of de Telecommunicatieverordening 2008 gemeente Abcoude en
                            hierop is ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening nog
                            niet beslist, dan wordt daarop deze verordening toegepast.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2011.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: ‘Telecommunicatieverordening De Ronde
                        Venen 2011’.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente De
                        Ronde Venen d.d. 3 januari 2011.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting op de Telecommunicatieverordening De Ronde Venen 2011</titel></kop><tussenkop>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</tussenkop><al>Voor zover nodig sluiten de begripsomschrijving aan bij de wettelijke
                    omschrijvingen van de Telecommunicatiewet.</al><al>Het Handboek bevat niet alleen voorschriften over de ruimtelijke indeling, maar
                    ook technische voorschriften over het leggen van kabels en leidingen in de
                    ondergrond. Het Handboek wordt vastgesteld door het college en zijn
                    beleidsregels als bedoeld in titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht.</al><tussenkop>Artikel 2 Handboek</tussenkop><al>Dit artikel biedt de grondslag voor het college om ter uitvoering van de
                    verordening nadere regels te stellen. Deze nadere regels zijn vervat in het
                    Handboek. Door vaststelling van het Handboek krijgen de daarin neergelegde
                    normen een publiekrechtelijk karakter. In de overige artikelen van de
                    verordening wordt verwezen naar het op basis van dit artikel vastgestelde
                    Handboek. Beoogd is hierin voornamelijk technische voorschriften op te nemen op
                    het gebied van veiligheid van leidingen en de uitvoering van werkzaamheden. Ook
                    is in het Handboek opgenomen welke informatie moet worden aangeleverd bij het
                    indienen van een aanvraag. </al><al>Het Handboek ligt voor belangstellenden en betrokkenen bij BOR ter inzage.
                    Tevens is het Handboek op de gemeentelijke website te raadplegen. </al><tussenkop>Artikel 3 Begripsomschrijvingen</tussenkop><al>Het college heeft de gemeentesecretaris gemandateerd voor de uitvoering van de
                    Telecommunicatiewet en -verordening. Door de gemeentesecretaris zal de afdeling
                    Beheer Openbare Ruimte (BOR) worden aangewezen als het centrale loket voor het
                    verkrijgen van instemmingsbesluiten. Voor de vereenvoudigde melding, bedoeld in
                    lid 2, is BOR aangewezen als het meldpunt.</al><al>De algemene melding voor de uitvoering van werkzaamheden dient, in samenhang
                    gelezen met artikel 5, eerste lid, van de verordening, te geschieden ten minste
                    acht weken voor de aanvang van de werkzaamheden.</al><al>Het derde lid geeft de mogelijkheid van een eenvoudige melding van vijf
                    werkdagen voor de aanvang van de werkzaamheden aan de hand van een nader vast te
                    stellen formulier. Aan de hand van dit formulier worden de in lid 2 gevraagde
                    gegevens verstrekt. Alle gevraagde gegevens strekken tot het invullen van de
                    gemeentelijke coördinatieplicht volgens de Telecommunicatiewet.</al><al>In het vierde lid is uitdrukkelijk de mogelijkheid opgenomen om voor de melding
                    overleg te voeren. In dit overleg kan onder meer aan de orde komen het mogelijk
                    medegebruik van voorzieningen en het splitsen van de werkzaamheden bij
                    omvangrijke projecten. Op deze wijze wordt bevorderd dat de termijn van acht
                    weken ook werkelijk kan worden gehaald.</al><al>Het vijfde lid voorziet in de situatie dat de werkzaamheden ook betrekking
                    hebben op gronden van andere gedoogplichtigen. In dat geval dienen ook de
                    belangen van deze gedoogplichtigen bij het instemmingsbesluit te worden
                    betrokken. Uit artikel 5.2, eerste en tweede lid, van de Telecommunicatiewet
                    vloeit immers voort dat de gemeente met de coördinatie wordt belast van de
                    werkzaamheden aan telecommunicatie- en omroepnetwerken binnen haar grondgebied
                    en dat de gemeente hierbij andere belangen moet betrekken. Gelet hierop is in
                    artikel 3, derde lid, van de verordening opgenomen dat de uitkomst van het
                    overleg tussen de aanbieders en de andere gedoogplichtigen uiterlijk vier weken
                    na ontvangst van de melding aan het college wordt gemeld.</al><al>Van belang is verder of er sprake is van een huurlijn. Om die reden wordt bij de
                    melding gevraagd aan te geven om wat voor soort kabel het gaat. Een huurlijn is
                    te beschouwen als een openbaar telecommunicatienetwerk en moet dus worden
                    gedoogd. Lijnen in eigen beheer of voor eigen exploitatie vormen een
                    niet-openbaar netwerk. De gemeente is voor deze lijnen niet gedoogplichtig op
                    grond van de wet. Voor sommige werkzaamheden aan deze lijnen is een vergunning
                    op grond van de APV vereist.</al><tussenkop>Artikel 4 Ernstige belemmeringen en storingen</tussenkop><al>In dit artikel wordt aan artikel 5.4, lid 4, sub f en artikel 5.6 van de
                    Telecommunicatiewet voldaan. In dit geval kan worden volstaan aan een melding
                    aan de burgemeester of een door hem of haar aan te stellen ambtenaar. Ernstige
                    belemmeringen of storingen in de communicatie zijn niet nader omschreven, wel
                    wordt in de toelichting op de wet als voorbeeld gegeven de situatie van een
                    kabelbreuk. Het gemeentebestuur zal moeten beoordelen of een ernstige
                    belemmering of storing in de communicatie voor één individuele aansluiting
                    voldoende reden is om als spoedeisend te worden aangemerkt. </al><tussenkop>Artikel 5 Gegevensverstrekking</tussenkop><al>Dit artikel is een invulling van artikel 5.4, vierde lid van de
                    Telecommunicatiewet.</al><tussenkop>Artikel 6 Beslissingstermijn en aanhouding</tussenkop><al>Zoals reeds vermeld bij artikel 3 lid 1 is in overeenstemming met de Awb de
                    beslissingstermijn gesteld op acht weken. Hiervan kan het college gemotiveerd
                    afwijken.</al><al>De leden 2 en 3 regelen het geval dat een te geven instemmingsbesluit samenhang
                    heeft met een te verlenen bouwvergunning en/of kapvergunning.</al><tussenkop>Artikel 7 Voorschriften en beperkingen bij instemming</tussenkop><al>De wetgever heeft in de Telecommunicatiewet de voorschriften opgenomen, die het
                    college in het instemmingsbesluit kan opnemen. Het gaat om artikel 5.4 leden 2
                    en 3 van de Telecommunicatiewet: </al><lijst><li nr="2."><al>Burgemeester en wethouders kunnen om redenen van openbare orde,
                            veiligheid, het voorkomen of beperken van overlast, de bereikbaarheid
                            van gronden of gebouwen, dan wel ondergrondse ordening in het
                            instemmingsbesluit voorschriften opnemen.</al></li><li nr="3."><al>De voorschriften kunnen slechts betrekking hebben op</al><lijst><li nr="a."><al>De plaats van de werkzaamheden;</al></li><li nr="b."><al>het tijdstip van de werkzaamheden, met dien verstande dat het
                                    toegestane tijdstip van aanvang van aanvang, behoudens zeer
                                    zwaarwichtige redenen van publiek belang als genoemd in het
                                    tweede lid, niet later mag plaatsvinden dan 12 maanden na de
                                    datum van afgifte van het instemmingsbesluit;</al></li><li nr="c."><al>de wijze van uitvoering van de werkzaamheden;</al></li><li nr="d."><al>het bevorderen van medegebruik van de voorzieningen;</al></li><li nr="e."><al>het afstemmen van overig in de grond aanwezige werken.</al></li></lijst></li></lijst><al>Deze bepalingen dient het college in acht te nemen bij het geven van
                    voorschriften bij het instemmingbesluit. Hierbij moet worden bedacht dat het
                    instemmingsbesluit een beschikking is in het kader van de Algemene wet
                    bestuursrecht en de aanbieder, indien deze het niet eens is met de gegeven
                    voorschriften bij het instemmingsbesluit, in bezwaar en beroep kan gaan resp.
                    bij de rechtbank Rotterdam en het College van Beroep voor het bedrijfsleven
                    (Artikel 17.1 Telecommunicatiewet.) Het derde lid van artikel 6 van de
                    modelverordening geeft invulling aan artikel 5.4, tweede en derde lid van de
                    wet.</al><al>Het eerste lid geeft als aanvulling dat het college naast voorschriften over
                    tijdstip plaats en dergelijke met betrekking tot de uitvoering ook voorschriften
                    kan opstellen over de uitstraling, vormgeving, kleur, situering en afmetingen
                    van voorzieningen als kasten handholes en dergelijke behorende bij het
                    netwerk.</al><al>Lid drie bepaalt dat de werkzaamheden moeten starten binnen zes maanden na
                    afgifte van het instemmingsbesluit en worden voltooid binnen zes maanden na deze
                    start. Wordt hieraan niet voldaan, dan vervalt het instemmingsbesluit.</al><al>Leden vijf en zes hebben betrekking op het geval dat binnen vijf jaar na groot
                    onderhoud of herinrichting van een openbaar gebied dan wel in een bijzondere
                    bestrating (sierbestrating) een aanbieder een instemmingsbesluit wordt gevraagd
                    voor een tracé. In het vooroverleg tussen gemeente en aanbieder zal dan worden
                    onderzocht of een alternatief tracé mogelijk is, waarover partijen het eens
                    kunnen worden. </al><al>Indien geen alternatief tracé kan worden gevonden of indien de aanbieder het
                    alternatieve tracé afwijst, zal de gemeente herstel over de gehele straat- of
                    trottoirbreedte eisen. Zo’n eis tot schadevergoeding maakt geen deel uit van het
                    instemmingsbesluit, maar vormt een nadere concretisering van art. 5.7 Tw inzake
                    schadevergoeding. Wel kan het instemmingsbesluit verwijzen naar gemaakte of te
                    maken afspraken inzake vierkant herstraten. Een eventueel geschil inzake
                    schadevergoeding zal, ongeacht de hoogte van de vordering, ingevolge art. 5.13
                    Tw worden beslist door de kantonrechter. </al><al>Bekendmaking</al><al>Het instemmingsbesluit zal bekendgemaakt moeten worden overeenkomstig artikel
                    3:41 Awb. Toezending van het instemmingsbesluit aan de aanvrager, welke meestal
                    de aanbieder zal zijn, ligt dan in de rede. De Awb vereist niet dat besluiten
                    die, ingevolge artikel 3:41, aan een of meer belanghebbenden zijn gericht,
                    openbaar bekendgemaakt worden. Indien het gemeentelijk gebruik is dat dergelijke
                    besluiten toch worden gepubliceerd, zijn ook anderen tijdig op de hoogte van de
                    verlening.</al><al>Handhaving</al><al>Indien de aanbieder zonder voorafgaande melding of zonder instemming van het
                    college van burgemeester en wethouders werkzaamheden verricht, wordt in strijd
                    gehandeld met artikel 5.2, derde lid, TW. Dit vormt een economisch delict in de
                    zin van de Wet op de economische delicten (WED). Ook het handelen in strijd met
                    artikel 6.2, lid 3, inhoudende het handelen in strijd met het in het
                    instemmingsbesluit opgenomen tijdstip van aanvang of voltooiing en de wijze van
                    uitvoering, is onder de werking van de WED gebracht. Handhaving van deze
                    artikelen vindt plaats door de daarvoor in artikel 17 WED aangewezen
                    ambtenaren.</al><al>Naast deze strafrechtelijke handhaving is bestuursrechtelijke handhaving
                    mogelijk. Het college van burgemeester en wethouders kan via een
                    bestuursdwangprocedure ex artikel 125 Gemeentewet of een dwangsomprocedure ex
                    artikel 125 Gemeentewet juncto 5:32 Awb naleving van de bepalingen uit de
                    verordening afdwingen.</al><tussenkop>Artikel 8 (Mede)gebruik van voorzieningen en vooroverleg</tussenkop><al>Zoals aangeven kunnen de voorschriften bij het instemmingsbesluit het
                    medegebruik van voorzieningen bevorderen. Het medegebruik beperkt het graven in
                    de openbare gronden en strekt daarmee tot voordeel van de gemeente. Het
                    medegebruik kan aan de orde komen in het vooroverleg over het af te geven
                    instemmingsbesluit. In lid 3 is de verplichting voor de aanbieder opgenomen van
                    vooraangelegde voorzieningen, indien daartoe een redelijk aanbod wordt gedaan.
                    De vraag wat een redelijk aanbod is kan worden beantwoord als volgt: de
                    aanwezige voorziening is zowel in kwaliteit als in kosten een volwaardig
                    alternatief voor het eigen graafrecht van de aanbieder. </al><al>Het vierde lid behandelt de situatie indien de gemeentelijke leidingprofielen
                    geen ruimte bieden voor de aanleg van kabels.</al><tussenkop>Artikel 9 Melding wijziging voorzieningen</tussenkop><al>Artikel 5.2, lid 8 van de Telecommunicatiewet bepaalt dat aan de gedoogplicht
                    een einde komt als gedurende tien jaar een kabel geen onderdeel uitmaakt van een
                    openbaar elektronisch communicatienetwerk. Om die reden is het van belang dat de
                    gedoogplichtige gemeente in kennis wordt gesteld van het in- of uit gebruik
                    stellen van kabels ten einde bij overschrijding van die termijn over te kunnen
                    gaan tot het verzoeken van verwijdering van de kabel.</al><al>Artikel 5 lid 2b van het wetsontwerp Wet informatie-uitwisseling ondergrondse
                    netten (WION) verstrekt de dienst (het Kadaster) op verzoek aan bestuursorganen
                    gebiedsinformatie voorzover deze noodzakelijk is voor de uitvoering van hun
                    taak. Op deze wijze voorziet deze wet in de informatiebehoefte van de gemeente
                    over de in het openbaar gebied liggende telecomkabels. De WION registreert
                    echter niet of de kabels al dan niet in gebruik zijn.</al><tussenkop>Artikel 10 Intrekking oude verordening</tussenkop><al>De oude verordening moet worden ingetrokken zodat de nieuwe verordening in
                    werking kan treden. </al><tussenkop>Artikel 11 Overgangsrecht</tussenkop><al>Het moment van afgeven van het instemmingsbesluit bepaalt of de oude of nieuwe
                    verordening van kracht is op de (voorgenomen) graafwerkzaamheden. </al><tussenkop>Artikel 12 Inwerktreding</tussenkop><al>De verordening treedt in werking op 1 januari 2011. Op hetzelfde tijdstip dient
                    de oude telecommunicatieverordening te worden ingetrokken. De nog lopende
                    instemmingen voor kabel(s) die nog niet of niet volledig zijn gelegd blijven van
                    kracht met dien verstande dat ze vallen onder de oude verordening.</al><tussenkop>Artikel 13 Citeertitel</tussenkop><al>Door toevoeging van de naam van de gemeente aan de citeertitel is het voor
                    eenieder die de verordening opvraagt duidelijk dat dit de verordening betreft
                    van die met name genoemde gemeente.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>