<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR5840_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening voor het Nationaal Park Loonse en Drunense Duinen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Waalwijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2005-11-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Waalwijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 13-10-2005</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Duinverordening gemeente Waalwijk</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2005-09-29</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-11-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2025-08-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2005/058</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening voor het Nationaal Park Loonse en Drunense Duinen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Duinverordening gemeente Waalwijk</vet></al><al/><al>De raad van de gemeente Waalwijk;</al><al>gezien het voorstel van het college van Waalwijk van ,</al><al>nummer ;</al><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al>BESLUIT:</al><al><vet>Tot vaststelling van de verordening voor het Nationaal Park Loonse en
                            Drunense Duinen (Duinverordening)</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>AFDELING</label><nr>I.</nr><titel>Algemene bepalingen.</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1 Begripsomschrijving</nr></kop><al>In deze verordening wordt verstaan dan wel mede verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><vet>Nationaal Park:</vet>Het Nationaal Park Loonse en Drunense
                                    Duinen.</al></li><li nr="b."><al><vet>Het college:</vet>Het college van Waalwijk.</al></li><li nr="c."><al><vet>Rechthebbende:</vet>Eenieder die over enige zaak enige
                                    zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk
                                    recht.</al></li><li nr="d."><al><vet>Gebied:</vet>Het gebied van het Nationaal Park Loonse en
                                    Drunense Duinen, zoals aangegeven op de bij deze verordening
                                    behorende en als zodanig gewaarmerkte kaart. </al></li><li nr="e."><al><vet>Openbare terreinen:</vet>Alle voor het publiek, al dan niet
                                    met enige beperking toegankelijke terreinen.</al></li><li nr="f."><al><vet>Weg:</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De weg, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b,
                                            van de Wegenverkeerswet 1994, alsmede de daaraan
                                            liggende en als zodanig aangeduide
                                            parkeerterreinen;</al></li><li nr="2."><al>De - al dan niet met enige beperking - voor het publiek
                                            toegankelijke pleinen en open plaatsen, parken,
                                            plantsoenen, speelweiden, bossen en andere
                                            natuurterreinen, ijsbanen en aanlegplaatsen voor
                                            vaartuigen;</al></li></lijst></li><li nr="g."><al><vet>Voertuigen:</vet>Voertuigen: alle voertuigen, als bedoeld
                                    in artikel 1, onder a en onder al, van het Reglement
                                    verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van
                                    trams en kruiwagens, kinderwagens en dergelijke kleine
                                    voertuigen.</al></li><li nr="h."><al><vet>Bouwwerken:</vet>Elke constructie van hout, steen, metaal
                                    of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij
                                    direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of
                                    indirect steun vindt in of op de grond.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2 Beslistermijng</nr></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Het bevoegd bestuursorgaan beslist op een aanvraag voor een
                                    vergunning of ontheffing binnen acht weken na de dag waarop de
                                    aanvraag ontvangen is.</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>Het bestuursorgaan kan zijn beslissing voor ten hoogste acht
                                    weken verdagen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3 Indiening aanvraag</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een aanvraag voor een vergunning of ontheffing wordt
                                    ingediend minder dan zes weken vóór het tijdstip waarop de
                                    aanvrager de vergunning of ontheffing nodig heeft, kan het
                                    bestuursorgaan besluiten de aanvraag niet te behandelen.</al></li><li nr="2."><al>Voor bepaalde, door het bestuursorgaan aan te wijzen,
                                    vergunningen of ontheffingen kan de in het eerste lid genoemde
                                    termijn worden verlengd tot ten hoogste dertien weken.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4 Voorschriften en beperkingen</nr></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Aan een krachtens deze verordening verleende vergunning of
                                    ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden.
                                    Deze voorschriften en beperkingen mogen slechts strekken tot
                                    bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de
                                    vergunning of ontheffing is vereist.</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>Degene aan wie krachtens deze verordening een vergunning of
                                    ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden
                                    voorschriften en beperkingen na te komen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5 Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing</nr></kop><al>De vergunning of ontheffing is persoonsgebonden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6 Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing</nr></kop><al>De vergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd:</al><lijst><li nr="1."><al>Indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige
                                    gegevens zijnverstrekt;</al></li><li nr="2."><al>indien op grond van een verandering van de omstandigheden of
                                    inzichten opgetreden na het verlenen van de vergunning of
                                    ontheffing, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging
                                    wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming
                                    waarvan de vergunning of ontheffing is vereist;</al></li><li nr="3."><al>indien de aan de vergunning of ontheffing verbonden
                                    voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen;</al></li><li nr="4."><al>indien van de vergunning of ontheffing geen gebruik wordt
                                    gemaakt binnen een daarin gestelde termijn dan wel, bij gebreke
                                    van een dergelijke termijn, binnen een redelijke termijn;</al></li><li nr="5."><al>indien de houder dit verzoekt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7 Termijnen</nr></kop><al>Voorzover sprake is in deze verordening van termijnen in uren, bepaald
                            door terugrekening van een tijdstip of gebeurtenis, en deze eindigen op
                            een vrijdag na 12.00 uur, een zaterdag, een zondag of een algemeen
                            erkende feestdag, worden de termijnen geacht te eindigen om 12.00 uur op
                            de voorgelegen dag, die geen zaterdag, zondag of algemeen erkende
                            feestdag is.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>AFDELING</label><nr>II.</nr><titel>Openbare orde en veiligheid en andere zaken van openbaar
                            belang.</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8 Werkingsgebied</nr></kop><al>Deze verordening geldt voor de openbare terreinen van het Nationaal
                            Park, voorzover liggende op het grondgebied van de gemeente
                            Waalwijk.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9 Openbare orde op de openbare terreinen van het Nationaal Park</nr></kop><al>Het is verboden: </al><lijst><li nr="1."><al>In op de openbare terreinen staande bomen of bouwwerken te
                                    klimmen, daaraan te hangen of zich daarin respectievelijk daarop
                                    te bevinden, uitgezonderd voor zover het betreft daarvoor
                                    aangewezen bomen of bouwwerken op speelplaatsen en trimbanen,
                                    dan wel in gedeeltes van het park, aangewezen als speelbos;</al></li><li nr="2."><al>opstallen en bouwsels in het gebied te beschadigen of
                                    bekladden;</al><al>voorwerpen of tekens, aangebracht door of ten behoeve van de
                                    rechthebbende of openbare dienst te verplaatsen, te verwijderen,
                                    te veranderen of op enige wijze onleesbaar, onduidelijk of
                                    onzichtbaar te maken;</al></li><li nr="3."><al>wegen en paden te beschadigen of de begaanbaarheid te
                                    verminderen door touwen, spandoeken of andere materialen aan te
                                    brengen of takken en bomen over, op of boven de weg te leggen of
                                    aan te brengen;</al></li><li nr="4."><al>tussen zonsondergang en zonsopgang op de openbare terreinen te
                                    overnachten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10 Geluidsoverlast</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Behoudens wettelijk voorgeschreven geluidsseinen is het verboden
                                    op de openbare terreinen door middel van een geluidsapparaat of
                                    instrument, hetwelk is bestemd of mede is bestemd voor het
                                    voortbrengen van geluid, of op enige andere wijze, geluid te
                                    maken of te veroorzaken op een voor de omgeving hinderlijke
                                    wijze.</al></li><li nr="2."><al>Het in het eerste lid genoemde verbod geldt niet voorzover de op
                                    de Wet milieubeheer gebaseerde voorschriften, de Wet
                                    geluidhinder, de Wegenverkeerswet 1994, de Zondagswet, het
                                    Wetboek van Strafrecht, de Luchtvaartwet, het Reglement
                                    verkeerstekens en verkeersregels 1990, het Vuurwerkbesluit of de
                                    Provinciale milieuverordening Noord-Brabant van toepassing zijn.
                                </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11 Aanleggen en onderhouden van vuren, barbecuen en het verbod te
                                roken</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden op de openbare terreinen te barbecuen, een vuur
                                    aan te leggen, te voeden of te onderhouden of een fakkel dan wel
                                    enige andere vorm van open vuur met zich mee te voeren.</al></li><li nr="2."><al>Het is verboden in het Nationaal Park te roken.</al></li><li nr="3."><al>Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voorzover in
                                    het geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 429, aanhef
                                    en onder 1 of 3, van het Wetboek van Strafrecht of de
                                    Provinciale milieuverordening Noord-Brabant.</al></li><li nr="4."><al>Het in het tweede lid gestelde verbod geldt voorts niet
                                    voorzover het roken plaatsvindt in gebouwen en aangrenzende, als
                                    tuin ingerichte erven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12 Honden en verontreiniging door honden</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is de eigenaar, houder of verzorger van een hond verboden
                                    die hond te laten verblijven of te laten lopen in het Nationaal
                                    Park:</al><lijst><li nr="a."><al>Daar waar dit door de rechthebbende door middel van
                                            borden of op een andere door de rechthebbende te bepalen
                                            wijze, gedurende (een) door de rechthebbende
                                            vastgesteld(e) tijdvak(ken) is aangegeven;</al></li><li nr="b."><al>Zonder dat die hond is aangelijnd, anders dan op de
                                            daartoe door de rechthebbende bestemde en als zodanig
                                            aangegeven terreingedeelten binnen (een) door die
                                            rechthebbende vastgesteld(e) tijdvak(ken).</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De eigenaar, houder of verzorger van een hond alsmede diegene,
                                    die de hond onder zijn hoede heeft, is verplicht er zorg voor te
                                    dragen, dat zijn hond geen overlast aan anderen bezorgt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13 Venten en standplaats innemen</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden met goederen van welke aard dan ook te venten of
                                    te colporteren behoudens ontheffing van het college.</al></li><li nr="2."><al>Onder venten wordt mede verstaan, goederen in het klein ten
                                    verkoop mee te voeren dan wel afbeeldingen daarvan te tonen met
                                    het kennelijke doel om voor die goederen kopers op de openbare
                                    terreinen te zoeken.</al></li><li nr="3."><al>Het is verboden zonder ontheffing van het college op openbare
                                    terreinen een standplaats in te nemen met een voertuig, een
                                    kraam of een tent, ter uitoefening van de straathandel of om
                                    anderszins in de open lucht goederen uit te stallen, aan het
                                    publiek aan te bieden, te verkopen, te verstrekken of te
                                    verhuren dan wel diensten aan te bieden, met uitzondering van
                                    gedrukte stukken als bedoeld in artikel 7 van de Grondwet.</al></li><li nr="4."><al>Een ontheffing van het bepaalde in het eerste en derde lid kan
                                    worden geweigerd:</al><lijst><li nr="a."><al>In het belang van de openbare orde;</al></li><li nr="b."><al>in het belang van het voorkomen en beperken van
                                            overlast;</al></li><li nr="c."><al>in het belang van de verkeersvrijheid of –
                                            veiligheid.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Een ontheffing van het bepaalde in het derde lid kan bovendien
                                    worden geweigerd in het belang van het uiterlijk aanzien van het
                                    gebied en de natuurwaarden.</al></li><li nr="6."><al>a. Het verbod in het derde lid geldt niet voorzover in het
                                    daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet beheer
                                    rijkswaterstaatwerken of het Provinciaal wegenreglement
                                    Noord-Brabant.</al><al>b. De weigeringsgrond van het vierde lid onder b. geldt niet
                                    voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door
                                    de Wet milieubeheer.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14 Veroorzaken hinder en benadeling van flora en fauna</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is eenieder die zich ophoudt in het park, dan wel anderszins
                                    in het park een sport, hobby of andere activiteit uitoefent,
                                    verboden zich zodanig te gedragen, dat andere personen of
                                    groepen van personen daarvan hinder of schade kunnen
                                    ondervinden. </al></li><li nr="2."><al>Het is een ieder verboden bloemen, planten, varens, mossen,
                                    korstmossen, struiken, bomen, takken, paddestoelen of delen
                                    hiervan te beschadigen, uit te steken, af te snijden, te
                                    vervoeren of onder zich te houden, dan wel in het gebied in het
                                    wild voorkomende dieren opzettelijk te verontrusten, doden,
                                    vangen of vervoeren.</al></li><li nr="3."><al>Het in het tweede lid bepaalde geldt niet voorzover in dit
                                    onderwerp wordt voorzien door de Natuurbeschermingswet of de
                                    Flora- en Faunawet. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>AFDELING</label><nr>III.</nr><titel>Verontreiniging, openbare gezondheid en zedelijkheid.</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15 Verontreiniging, openbare gezondheid en zedelijkheid</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden voorwerpen, resten van levensmiddelen, papier,
                                    niet verwijderde tijdelijke routemarkeringen, blikken, flessen
                                    of andere, vergelijkbare soorten afval, weg te werpen, neer te
                                    leggen of achter te laten anders dan in de kennelijk daartoe
                                    bestemde inrichtingen;</al></li><li nr="2."><al>Het is verboden zonder daartoe bevoegd te zijn een op de
                                    openbare terreinen geplaatste afvalbak, afvalcontainer of
                                    soortgelijk voorwerp te gebruiken voor een ander doel dan voor
                                    het daarin deponeren van klein afval, zoals verpakkingen van
                                    versnaperingen, eetwaren en rookartikelen en de in het eerste
                                    lid vermelde overige afvalstoffen. </al></li><li nr="3."><al>Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing voorzover
                                    in dit onderwerp wordt voorzien in de Wet milieubeheer, de Wet
                                    bodembescherming of de Wet verontreiniging
                                    oppervlaktewateren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16 Openbare zedelijkheid</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden in het Nationaal Park seksuele handelingen te
                                    verrichten.</al></li><li nr="2."><al>Naaktrecreatie is in het park verboden, behoudens op de daartoe
                                    door de rechthebbende aangewezen terreingedeelten.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>AFDELING</label><nr>IV.</nr><titel>Wedstrijden, evenementen, bijeenkomsten, manifestaties en andere
                            recreatie-activiteiten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17 Wedstrijden/evenementen</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester,
                                    wedstrijden, evenementen, bijeenkomsten of andere manifestaties
                                    anders dan bedoeld voor het uiten van meningen of gevoelens, te
                                    organiseren of te doen houden.</al></li><li nr="2."><al>Het is verboden de op de wijze van het eerste lid toegestane
                                    wedstrijden, evenementen, bijeenkomsten of andere manifestaties
                                    op enigerlei wijze te verstoren of te hinderen.</al></li><li nr="3."><al>Een vergunning kan worden geweigerd:</al><lijst><li nr="a."><al>in het belang van de openbare orde;</al></li><li nr="b."><al>in het belang van het voorkomen en beperken van
                                            overlast;</al></li><li nr="c."><al> in het belang van de verkeersvrijheid of -
                                            veiligheid;</al></li><li nr="d."><al>in het belang van het uiterlijk aanzien van het gebied
                                            en van de natuurwaarden.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voorzover in het
                                    daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 10 juncto
                                    artikel 148 Wegenverkeerswet 1994.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18 Apparatuur en andere voorwerpen bestemd voor recreatieve
                                toepassingen</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is binnen het gebied van het Nationaal Park verboden:</al><lijst><li nr="a."><al>Motorisch aangedreven en radiografisch bestuurbare
                                            schaalmodellen van vliegtuigen, bootjes of auto’s in
                                            werking te hebben;</al></li><li nr="b."><al>motorisch aangedreven voertuigen, bestemd voor
                                            recreatieve doeleinden te gebruiken;</al></li><li nr="c."><al>modellen van vliegtuigen of andere objecten af te
                                            schieten of met hulpmiddelen te lanceren, die een
                                            landing maken na een vrije val, zweef- of
                                            glijvlucht.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het is verboden zich met door windkracht aangedreven wagens,
                                    installaties of constructies op te houden in het Nationaal Park
                                    dan wel zich boven de wegen, terreinen of wateren in het
                                    Nationaal Park te bevinden met valschermen, vliegers of andere
                                    niet motorisch aangedreven hulpmiddelen om zich gedurende enige
                                    tijd zwevende te houden.</al></li><li nr="3."><al>Het is de bestuurder van een motorvoertuig voor zover die zich
                                    in het Nationaal Park daarmee mag ophouden, verboden zijn
                                    motorvoertuig te gebruiken voor het voorttrekken van één of meer
                                    personen die zich, direct of indirect verbonden met het
                                    motorvoertuig, voortbewegen door de lucht aan een parachute, een
                                    vlieger of een soortgelijk voorwerp.</al></li><li nr="4."><al>Het is verboden in het Nationaal Park te vliegeren.</al></li><li nr="5."><al>Het in het vierde lid gestelde vliegerverbod geldt niet indien
                                    het een vlieger betreft met een hoogte en breedte van maximaal
                                    één meter aan een enkelvoudige lijn, bestemd om statisch mee te
                                    vliegeren, zonder dat daardoor de veiligheid van personen of
                                    dieren gevaar loopt.</al></li><li nr="6."><al>Het bepaalde in de voorgaande leden geldt niet voorzover in de
                                    daarin geregelde onderwerpen wordt voorzien door de Wet
                                    milieubeheer of de Luchtvaartwet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19 Kanoën, nachtvissen, droppings, vossenjachten en vormen van
                                survivalrecreatie</nr></kop><al>Het is verboden binnen het gebied van het Nationaal Park zonder
                            schriftelijke toestemming van de rechthebbende, te kanoën, te
                            nachtvissen en droppings, vossenjachten, vormen van survival en
                            georganiseerde spellen te houden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20 Ruitersport</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is ruiters verboden zich buiten de voor de ruitersport
                                    bestemde en als zodanig aangegeven paden en terreingedeelten en
                                    buiten de voor hen toegankelijk gestelde wegen te begeven.</al></li><li nr="2."><al>Het is bestuurders van aangespannen wagens of paard en wagen
                                    verboden zich op andere wegen te bevinden dan de als zodanig
                                    aangegeven menroutes.</al></li><li nr="3."><al>Het in de voorgaande leden bepaalde is niet van toepassing
                                    voorzover in de daar geregelde onderwerpen wordt voorzien in het
                                    Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21 Parcorus voor mountainbike of all terrain bike (ATB)</nr></kop><al>Het is verboden met een fiets, een mountainbike of ATB daaronder
                            begrepen, buiten de aangegeven fietspaden, door de openbare terreinen te
                            rijden, behalve op het door de rechthebbende daartoe uitgezette
                            parcours.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>AFDELING</label><nr>V.</nr><titel>Aanwijzingen, toestemming, handhaving, straf- overgangs- en
                            slotbepalingen.</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22 Overtreding en strafbepaling</nr></kop><al>Overtreding van het bij of krachtens deze verordening bepaalde en de op
                            grond van artikel 4 daarbij gegeven voorschriften en beperkingen, wordt
                            gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de
                            tweede categorie en kan bovendien worden gestraft met openbaarmaking van
                            de rechterlijke uitspraak.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23 Toezichthouders</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of
                                    krachtens deze verordening zijn belast de buitengewone
                                    opsporingsambtenaren in dienst van Natuurmonumenten of andere
                                    organisaties met rechtspersoonlijkheid die beheer en toezicht
                                    hebben op natuurterreinen waarvan zij rechthebbende zijn.</al></li></lijst><lijst><li nr="2."><al>Voorts zijn met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij
                                    of krachtens deze verordening belast de bij besluit van het
                                    college dan wel de burgemeester aan te wijzen personen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel </label><nr>24 Binnentreden woningen</nr></kop><al>Zij die belast zijn met het toezicht op de naleving of de opsporing van
                            een overtreding van de bij of krachtens deze verordening gegeven
                            voorschriften welke strekken tot handhaving van de openbare orde of
                            veiligheid of bescherming van het leven of de gezondheid van personen,
                            zijn bevoegd tot het binnentreden in een woning zonder toestemming van
                            de bewoner.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25 Inwerkingtreding</nr></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 november 2005.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26 Overgangsbepaling</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Vergunningen en ontheffingen - hoe ook genaamd - verleend
                                    krachtens de Algemene Plaatselijke Verordening, blijven - indien
                                    en voorzover het gebod of verbod waarop de vergunning of
                                    ontheffing betrekking heeft, ook vervat is in deze verordening -
                                    van kracht tot de termijn waarvoor zij werden verleend, is
                                    verstreken of totdat zij worden ingetrokken.</al></li><li nr="2."><al>Voorschriften en beperkingen opgelegd krachtens de Algemene
                                    Plaatselijke Verordening, blijven - indien en voorzover de
                                    bepalingen ingevolge welke deze verplichtingen zijn opgelegd,
                                    ook zijn vervat in deze verordening - van kracht tot de termijn
                                    waarvoor zij zijn opgelegd, is verstreken of totdat zij worden
                                    ingetrokken.</al></li><li nr="3."><al>Vergunningen en ontheffingen bedoeld in het eerste lid en
                                    verplichtingen bedoeld in het tweede lid, worden geacht
                                    vergunningen, ontheffingen en verplichtingen in de zin van deze
                                    verordening te zijn.</al></li><li nr="4."><al>Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze
                                    verordening een aanvraag om een vergunning of ontheffing op
                                    grond van de Algemene Plaatselijke Verordening, is ingediend en
                                    voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening nog
                                    niet op die aanvraag is beslist, wordt daarop de overeenkomstige
                                    bepaling van de onderhavige verordening toegepast.</al></li><li nr="5."><al>In afwijking van het in het eerste lid bepaalde, blijft een
                                    vergunning of ontheffing - hoe ook genaamd - van kracht, totdat
                                    onherroepelijk is beslist op een aanvraag voor een, krachtens
                                    een in deze verordening overeenkomstig opgenomen gebod of verbod
                                    vereiste, vergunning of ontheffing, indien deze aanvraag ten
                                    minste acht weken voor afloop van de in het eerste lid genoemde
                                    termijn bij het bevoegde bestuursorgaan is ingediend.</al></li><li nr="6."><al>Nadere regels, beleidsregels en aanwijzingsbesluiten,
                                    vastgesteld krachtens de Algemeen Plaatselijke Verordening
                                    worden geacht nadere regels, beleidsregels en
                                    aanwijzingsbesluiten te zijn in de zin van deze verordening
                                    indien en voorzover de rechtsgrond waarop deze zijn gebaseerd
                                    ook vervat is in deze verordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27 Citeertitel</nr></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Duinverordening gemeente
                            Waalwijk.”</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de gemeenteraad van 29
                        september 2005 </al><al>DE RAAD VAN WAALWIJK</al></slotformulering><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>G.H. Kocken drs. J. de Geus</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>