<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR57953_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Den Helder</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Den Helder</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stadsnieuws, 2010, 45</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening precariobelasting 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 228</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-11-01</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-11-19</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2012-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RB10.0161</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>belastingen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Vervangt Verordening precariobelasting 2010. Ingangsdatum heffing is 01-01-2011</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting
            2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al><vet>Begripsomschrijvingen</vet></al><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a"><al>jaar: een kalenderjaar;</al></li><li nr="b"><al>maand: een kalendermaand;</al></li><li nr="c"><al>week: een tijdvak van zeven opeenvolgende dagen;</al></li><li nr="d"><al>dag: een tijdvak van vierentwintig opeenvolgende uren, beginnend bij
                                0.00 uur;</al></li><li nr="e"><al>seizoen: de periode van 1 maart tot en met 31 oktober;</al></li><li nr="f"><al>gemeentebezitting: voor de openbare dienst bestemd(e) bezitting,
                                werk of inrichting in eigendom, beheer of onderhoud van de
                                gemeente;</al></li><li nr="g"><al>gemeentegrond: voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond;</al></li><li nr="h"><al>bermen: niet bestrate, voor de openbare dienst bestemde stroken
                                gemeentegrond tussen het kanaal of de gracht en de aangrenzende
                                rijstraten;</al></li><li nr="i"><al>De onderlinge ruimte tussen op voor openbare dienst bestemde grond
                                bijeen geplaatste voorwerpen wordt geacht mede door die voorwerpen
                                te zijn ingenomen;</al></li><li nr="j"><al>tabel: de bij de verordening behorende tarieventabel.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al><vet>Belastbaar feit</vet></al><al>Onder de naam van precariobelasting word belastingen en rechten geheven ter
                        zake van:</al><lijst><li nr="a"><al> het hebben van voorwerpen onder, op of boven gemeentegrond of
                                -water;</al></li><li nr="b"><al> het gebruik overeenkomstig de bestemming van
                                gemeentebezittingen;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al><vet>Belastingplicht</vet></al><lijst><li nr="1"><al> De precariobelasting als bedoeld in artikel 2, onder a,wordt
                                geheven van degene die het voorwerp of de voorwerpen onder, op of
                                boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond of -water
                                heeft, dan wel van degene ten behoeve van wie dat voorwerp of die
                                voorwerpen onder, op of boven de voor de openbare orde bestemde
                                gemeentegrond of -water zijn.</al></li><li nr="2"><al> De precariobelasting als bedoeld in artikel 2, onder b, worden
                                geheven van degene die gebruik maakt van gemeentebezittingen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al>Verordening nr. 276 ¥ Pagina 2</al><al><vet>Vrijstellingen</vet></al><lijst><li nr="1"><al> De belasting en rechten worden niet geheven van:</al><lijst><li nr="a"><al> zonneschermen en markiezen;</al></li><li nr="b"><al> erkers, balkons, luifels, uitstalkasten en dergelijke, die
                                        geacht kunnen worden deel van de gevel uit te maken;</al></li><li nr="c"><al> voorwerpen als bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel,
                                        indien deze, gerekend van de grens van de voor de openbare
                                        dienst bestemde gemeentegrond of -water, niet meer dan 0,15
                                        m over die grond of water uitsteken;</al></li><li nr="d"><al> voorwerpen te algemene nutte;</al></li><li nr="e"><al> indien en voor zover daarvoor op grond van bijzondere
                                        verordeningen van de gemeente een andere belasting wordt
                                        geheven;</al></li><li nr="f"><al> voor vlaggenstokken en de daaraan bevestigde vlaggen en
                                        wimpels welke niet worden gebruikt voor
                                        reclamedoeleinden;</al></li><li nr="g"><al> ten aanzien van inrichtingen, met bijbehorende wagens,
                                        schepen en dergelijke, waarvoor plaatsen zijn verpacht voor
                                        de jaarlijkse feestweek;</al></li><li nr="h"><al> voorwerpen ten behoeve van de uitvoering van bouwwerken in
                                        door het college van burgemeester en wethouders aan te
                                        wijzen gedeelten van de gemeente, waar grote complexen
                                        woningen in aanbouw zijn, totdat deze aanwijzing door het
                                        college van burgemeester en wethouders weer wordt
                                        ingetrokken;</al></li><li nr="i"><al> uitstallinkjes, etc. voor winkels en dergelijke
                                        bedrijven.</al></li></lijst></li><li nr="2"><al> De belasting en rechten worden niet geheven indien en voor zover
                                ter zake daarvan al uit hoofde van een privaatrechtelijke
                                overeenkomst of een andere gemeentelijke belastingverordening een
                                bedrag wordt gevorderd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al><vet>Maatstaf van heffing en tarieven</vet></al><lijst><li nr="1"><al> De belasting en rechten worden geheven naar de maatstaven en
                                tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende
                                tarieventabel.</al></li><li nr="2"><al> Voor de berekening van de belasting en rechten wordt een gedeelte
                                van een in de tabel genoemde eenheid als een volle eenheid
                                aangemerkt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al><vet>Belastingjaar en belastingtijdvak</vet></al><lijst><li nr="1"><al> Met betrekking tot belasting en rechten die per jaar worden geheven
                                is het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></li><li nr="2"><al> Indien de belasting en rechten worden geheven naar maand- of
                                weektarieven, is het belastingtijdvak het aantal maanden ,
                                respectievelijk het aantal weken in het jaar dat de voorwerpen
                                aanwezig zijn;</al></li><li nr="3"><al> Voor de belasting en rechten geheven naar dagtarieven is het
                                belastingtijdvak een dag.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al><vet>Wijze van heffing</vet></al><al>De belasting en rechten worden bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al><vet>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang van
                            jaarlijks verschuldigde belasting</vet></al><lijst><li nr="1"><al> Voor zover de belasting en rechten zijn verschuldigd voor een
                                kalenderjaar, is de belasting is verschuldigd bij de aanvang van het
                                belastingjaar of indien de belastingplicht in de loop van het
                                belastingtijdvak aanvangt, bij de aanvang van de
                                belastingplicht.</al></li><li nr="2"><al> Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak
                                aanvangt, zijn de belasting en rechten verschuldigd voor zoveel
                                twaalfde gedeelte van de voor dat jaar verschuldigde belasting als
                                er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle
                                kalendermaanden overblijven.</al></li><li nr="3"><al> Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak
                                eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde
                                gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting en rechten
                                als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle
                                kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing
                                minder bedraagt dan € 4,50.</al></li><li nr="4"><al> Voor belasting en rechten welke zijn berekend voor een tijdvak
                                korter dan een kalenderjaar bestaat geen aanspraak op
                                ontheffing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><al><vet>Termijnen van betaling</vet></al><lijst><li nr="1"><al> De aanslagen moeten worden betaald in twee termijnen waarvan de
                                eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand
                                die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de
                                volgende twee maanden later.</al></li><li nr="2"><al> In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag
                                van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het
                                aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, minder is
                                dan € 11.350,-- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van
                                automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de
                                aanslagen moeten worden betaald in tien (10) gelijke termijnen. De
                                eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het
                                aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand
                                later.</al></li><li nr="3"><al> De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste
                                lid gestelde termijnen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><al>Het college van Burgemeester en Wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en invordering van de precariobelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><al><vet>Overgangsbepaling</vet></al><al>De artikelen en tarieventabel van de "Verordening precariobelasting 2009,
                        vastgesteld bij Raadsbesluit van 3 november 2008, wordt ingetrokken met
                        ingang van 1 januari 2010, met dien verstande dat zij van toepassing blijft
                        op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr></kop><al><vet>Inwerkingtreding</vet></al><lijst><li nr="1"><al> Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na
                                die van de bekendmaking.</al></li><li nr="2"><al> De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2010.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr></kop><al><vet>Citeertitel</vet></al><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening precariobelasting
                        2010".</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de raadsvergadering van 1 november 2010.</ondertekening><ondertekening>Koen Schuiling, voorzitter</ondertekening><ondertekening>mr. drs. M. Huisman, griffier</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Tarieventabel</titel></kop><al><vet>als bedoeld in artikel 5 van de verordening precariobelasting</vet></al><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr></kop><al>1.1 De belasting bedraagt voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven
                        voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond per m2, voor zover niet
                        hierna vermelde bijzonder tarieven van toepassing zijn:</al><al>1.1.2 voor een dag of gedeelte van een dag, langer dan een uur: € 0,25</al><al>1.1.3 voor een week: € 0,51</al><al>1.1.4 voor een maand: € 1,20</al><al>1.1.5 voor een jaar: € 11,50</al><al>1.2.1 De belasting bedraagt voor het hebben van voorwerpen onder, op of
                        boven voor de openbare dienst bestemd gemeentewater per m2, voor zover niet
                        hierna vermelde bijzonder tarieven van toepassing zijn:</al><al>1.2.2 voor een week: € 0,25</al><al>1.2.3 voor een maand: € 0,51</al><al>1.2.4 voor een jaar: € 5,75</al><al>Afdeling II Bijzondere tarieven</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr></kop><al>2.1 De belasting bedraagt voor lichtbakken, lantaarns, neonlichtbuizen of
                        dergelijke lichtapparaten, letterreclames, uithangborden, uithangtekens,
                        gevelborden, gevelplaten, alsmede alle andere voorwerpen of inrichtingen,
                        voor elk voorwerp, met inbegrip van bijbehorende bevestigingsijzers en</al><al>dergelijke, gemeten over het grootste oppervlakte, voor een jaar:</al><al>2.1.1 met een oppervlakte van 30 dm2 of minder: € 3,90</al><al>2.1.2 met een oppervlakte van meer dan 30 dm2, doch niet meer dan 1 m2: €
                        11,20</al><al>2.1.3 met een oppervlakte van meer dan 1 m2, doch niet meer dan 2 m2: €
                        22,50</al><al>2.1.4 voor elke m2 meer: € 11,20</al><al>2.2 voor letterreclames die voor maximaal drie maanden zijn aangebracht,
                        ongeacht het oppervlak, per letterreclame, voor een jaar: € 3,90</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr></kop><al>3.1 De belasting bedraagt voor het hebben van een motorbrandstof
                        aftappunt</al><al>3.1.1 voor een maand: € 7,60</al><al>3.1.2 voor een jaar: € 76,--</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr></kop><al>4.1 De belasting bedraagt voor een tank met een inhoudscapaciteit tot 3.000
                        liter</al><al>4.1.1 voor een maand: € 3,45</al><al>4.1.2 voor een jaar: € 34,70</al><al>4.2 voor een tank met een inhoudscapaciteit van meer dan 3.000 liter</al><al>4.2.1 voor een maand: € 3,45</al><al>4.2.2 voor een jaar: € 34,70</al><al>vermeerderd per liter waarmee de 3.000 liter wordt overschreden per:</al><al>4.2.3 maand: € 1,12</al><al>4.2.4 jaar: € 11,20</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr></kop><al>5.1 De belasting bedraagt voor een toonkast, uitstalkast, vitrine of
                        automaat of dergelijke inrichting, anders dan onder 3.1 bedoeld, indien de
                        grootste horizontale doorsnede bedraagt:</al><al>5.1.1 niet meer dan 5 dm2, per jaar: € 7,60</al><al>5.1.2 groter dan 5 dm2 doch kleiner dan 10 dm2, per jaar: € 15,30</al><al>5.1.3 groter dan 10 dm2 doch kleiner dan 20 dm2, per jaar: € 23,--</al><al>5.1.4 voor elke 10 dm2 groter dan 20 dm2 per jaar: € 7,65</al><al>5.2 voor onoverdekte terrassen per seizoen per m2: € 8,15</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr></kop><al>6.1 voor een paal, mast of dergelijke, niet in verband met een bouwsteiger
                        of kanaalsteiger</al><al>6.1.1 voor een maand: € 0,87</al><al>6.1.2 voor een jaar: € 3,15</al><al>6.2 voor rijwielblokken per blok</al><al>6.2.1 voor een jaar: € 3,90</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr></kop><al>7.1 De belasting bedraagt voor het opslaan van goederen in of langs de berm
                        van het Helders kanaal, per strekkende meter in gebruik genomen grond,
                        gemeten evenwijdig aan het kanaal of gracht</al><al>7.1.1 voor een dag of gedeelte van een dag, langer dan een uur: € 0,51</al><al>7.1.2 voor een week: € 1,12</al><al>7.1.3 voor een maand: € 2,85</al><al>7.1.4 voor een jaar: € 13,25</al><al>7.2 Het plaatsen van een afsluiting Indien als gevolg van het plaatsen van
                        voorwerpen of gebruik van een gemeentebezitting tevens een of meer voor de
                        openbare dienst bestemde (water)weg(en) voor het verkeer wordt afgesloten,
                        wordt naast de onder vorenstaande rubrieken vermelde bedragen geheven, per
                        dag: € 18,85</al><al>Behoort bij Raadsbesluit RB10.0161.</al><al>De griffier</al><al>Mr. drs. M. Huisman</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>