<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR57672_3</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de Monumentencommissie</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Brielle</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-11-14</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Brielle</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Briels Nieuwsland, 2010 - 38</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de Monumentencommissie, 1e wijziging</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://www.vng.nl">Vereniging van Nederlandse Gemeenten</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0024779/">Wet algemene bepalingen omgevingsrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0004471/Monumentenverordening">Monumentenwet 1988</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-09-07</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-10-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-02-21</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>sector grondgebied</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de Monumentencommissie</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Brielle;gelezen het voorstel van burgemeester en
                        wethouders van Brielle van 1 september 2010;gezien de ledenbrief van de
                        Vereniging van Nederlandse Gemeenten, kenmerk FEI/2002006353, d.d. 18
                        oktober 2002;gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en het bepaalde in de
                        Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Monumentenwet 1988 en de
                        Monumentenverordening;</al><al/><al>besluit:</al><al/><al>vast te stellen de navolgende:</al><al><vet>Verordening op de Monumentencommissie</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen.</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder</al><al>•a monument:1. zaak die van algemeen belang is wegens zijn schoonheid,
                        betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde;2. terrein dat van
                        algemeen belang is wegens een daar aanwezige zaak als bedoeld onder 1; •b
                        gemeentelijk monument: onroerend monument, dat overeenkomstig de bepalingen
                        van de Monumentenverordening als beschermd gemeentelijk monument is
                        aangewezen; •d rijksmonument: beschermd monument als bedoeld in artikel 1.1,
                        eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; •e
                        monumentencommissie: de door de raad ingestelde commissie of aangewezen
                        instantie, met als taak het bevoegd gezag c.q. het college op verzoek of uit
                        eigen beweging te adviseren over de toepassing van de Monumentenwet 1988, de
                        Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Monumentenverordening en het
                        monumentenbeleid; •f bevoegd gezag: bestuursorgaan als bedoeld in artikel
                        1.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; •g het college: het
                        college van burgemeester en wethouders van de gemeente Brielle; •h
                        vergunning: een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid,
                        of 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; •i Wabo: Wet algemene
                        bepalingen omgevingsrecht. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Taken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De monumentencommissie heeft tot taak een advies uit te brengen aan het
                            bevoegd gezag over:</al><lijst><li nr="a."><al>welstandsaspecten van aanvragen om vergunning wat betreft het
                                    gebied gelegen binnen het beschermd stadsgezicht vesting
                                    Brielle,</al></li><li nr="b."><al>aanvragen om vergunning wat betreft rijksmonumenten,</al></li><li nr="c."><al>aanvragen om vergunning wat betreft gemeentelijke
                                    monumenten.</al></li></lijst><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De monumentencommissie heeft tot taak gevraagd of ongevraagd een advies
                            uit te brengen aan het college over:</al><lijst><li nr="a."><al>het plaatsen en afvoeren van rijksmonumenten en beschermde
                                    stads- en dorpsgezichten als bedoeld in artikel 3 en artikel 35
                                    van de Monumentenwet 1988,</al></li><li nr="b."><al>het plaatsen en afvoeren van gemeentelijke monumenten als
                                    bedoeld in artikel 3 van de gemeentelijke
                                    monumentenverordening,</al></li><li nr="c."><al>regelingen, waaronder structuurplannen, bestemmingsplannen,
                                    beeldkwaliteitplannen, stedenbouwkundige plannen en andere
                                    relevante beleidsstukken welke van invloed zijn op de
                                    bescherming en instandhoudingvan het cultuurhistorisch
                                    erfgoed.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><lijst><li nr="a."><al>De monumentencommissie baseert haar advies als bedoeld in lid 1,
                                    onder a op de in de welstandsnota genoemde
                                    welstandscriteria.</al></li><li nr="b."><al>De monumentencommissie baseert haar advies als bedoeld in lid 1,
                                    onder b en c en in lid 2 op cultuurhistorische,
                                    architectuurhistorische dan wel sociaalhistorische belangen. Wat
                                    betreft het beschermd stadsgezicht vesting Brielle zijn deze
                                    belangen beschreven in de aanwijzing tot beschermd stadsgezicht,
                                    zie bijlage. Wat betreft rijksmonumenten en gemeentelijke
                                    monumenten zijn deze belangen beschreven in het
                                    rijksmonumentenregister dan wel in de gemeentelijke
                                    monumentenbeschrijvingen.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De monumentencommissie bestaat uit ten minste een voorzitter, een
                            archivaris en een lid. Tenminste twee leden zijn deskundig op het gebied
                            van architectuur, stedenbouw, bouwhistorie dan wel cultuurhistorie. De
                            archivaris heeft kennis van en toegang tot het historisch archief van de
                            vesting Brielle.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de voorzitter wordt een plaatsvervanger aangewezen die hem bij
                            afwezigheid kunnen vervangt. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De monumentencommissie kan slechts adviezen uitbrengen indien ten minste
                            drie leden aanwezig zijn en waarvan er tenminste twee beschikken over
                            deskundigheid op het gebied van architectuur, stedenbouw, bouwhistorie
                            dan wel cultuurhistorie. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter en leden van de monumentencommissie zijn onafhankelijk ten
                            opzichte van het bevoegd gezag c.q. het college. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De monumentencommissie wordt bijgestaan door een secretaris of diens
                            plaatsvervanger. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Benoeming en zittingsduur.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter, de secretaris en de overige leden van de
                            monumentencommissie worden op voorstel van de burgemeester en wethouders
                            benoemd en ontslagen door de gemeenteraad. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden van de monumentencommissie kunnen ten hoogste voor een termijn
                            van drie jaar worden benoemd. Zij kunnen eenmaal worden herbenoemd voor
                            een periode van ten hoogste drie jaar. De maximale zittingsduur van zes
                            jaar geldt niet voor de archivaris.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het reglement van orde van de welstandscommissie dat als bijlage 9 bij
                            de bouwverordening is vastgesteld, bevat, binnen het gestelde in de
                            voorgaande leden, nadere benoemingsprocedures. </al><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Jaarlijkse verantwoording.</titel></kop><al>De monumentencommissie stelt jaarlijks een verslag op van haar werkzaamheden
                        voor de gemeenteraad, waarin ten minste aan de orde komt:</al><lijst><li nr="1."><al>op welke wijze toepassing is gegeven aan de welstandscriteria uit de
                                welstandsnota;</al></li><li nr="2."><al>op welke wijze toepassing is gegeven aan cultuurhistorische,
                                architectuurhistorische danwel sociaalhistorische belangen;</al></li><li nr="3."><al>de werkwijze van de monumentencommissie;</al></li><li nr="4."><al>op welke wijze uitvoering is gegeven aan de openbaarheid van
                                vergaderen;</al></li><li nr="5."><al>de aard van de beoordeelde plannen;</al></li><li nr="6."><al>de bijzondere projecten;</al></li></lijst><al> De monumentencommissie kan in haar jaarverslag aanbevelingen doen ten
                        aanzien van het gemeentelijk monumentenbeleid en het gemeentelijk ruimtelijk
                        kwaliteitsbeleid in het algemeen en de aanpassing van de gemeentelijke
                        welstandsnota in het bijzonder.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Termijn van advisering.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het bevoegd gezag zendt onmiddellijk een afschrift van de aanvraag om
                            vergunning als bedoeld in artikel 2, lid 1 aan de monumentencommissie.
                            De monumentencommissie adviseert zo spoedig mogelijk over de aanvraag om
                            vergunning. De termijn van advisering moet afgestemd worden op de voor
                            de vergunning geldende voorbereidingsprocedure. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De monumentencommissie brengt het advies over het plaatsen en afvoeren
                            van rijksmonumenten en beschermde stads- en dorpsgezichten als bedoeld
                            in artikel 3 en artikel 35 van de Monumentenwet 1988 uit binnen drie
                            maanden nadat door of namens het college daarom is verzocht. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De monumentencommissie brengt het advies over het plaatsen en afvoeren
                            van gemeentelijke monumenten uit binnen de in de gemeentelijke
                            monumentenverordening genoemde termijnen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Openbaarheid van vergaderen en mondeling toelichting.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><lijst><li nr="a."><al>De behandeling van bouwplannen als genoemd in artikel 2, lid 1,
                                    onder a door de monumentencommissie is openbaar. De agenda voor
                                    de vergadering van de monumentencommissie wordt tijdig
                                    bekendgemaakt in een van overheidswege uitgegeven blad of een
                                    dag-, nieuws- of huis-aan-huisblad, dan wel op een andere
                                    geschikte wijze. Indien burgemeester en wethouders – al dan niet
                                    op verzoek van de aanvrager – een verzoek doen tot niet-openbare
                                    behandeling, dan dienen burgemeester en wethouders daaraan
                                    klemmende redenen op grond van artikel 10 van de Wet
                                    openbaarheid van bestuur ten grondslag te leggen. De
                                    openbaarheid geldt zowel voor de beraadslagingen, de beoordeling
                                    als de adviezen.</al></li><li nr="b."><al>De behandeling van de overige adviestaken, genoemd in artikel 2,
                                    lid 1 onder b en c en in artikel 2, lid 2 is openbaar. Op
                                    voorstel van een van de leden kan de commissie besluiten de
                                    vergadering achter gesloten deuren voort te zetten.</al></li><li nr="c."><al>Belanghebbenden hebben geen spreekrecht. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>a Indien de aanvrager hierom bij het indienen van de aanvraag heeft
                            verzocht, wordt deze door of namens de monumentencommissie in staat
                            gesteld tot het geven van een toelichting op de aanvraag.b In het geval
                            dat de aanvraag in de vergadering van de commissie wordt behandeld en
                            een verzoek tot het geven van een toelichting is gedaan, dient de
                            aanvrager een uitnodiging te ontvangen voor de vergadering van de
                            commissie, waarin de aanvraag wordt behandeld. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Afdoening bij mandaat.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De monumentencommissie kan de advisering over een vergunning mandateren
                            aan de voorzitter, onder de voorwaarde dat het oordeel van de voltallige
                            monumentencommissie als bekend mag worden verondersteld. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In elk geval van twijfel legt de gemandateerde het bouwplan alsnog voor
                            aan de monumentencommissie. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vorm waarin het advies wordt uitgebracht.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De monumentencommissie adviseert en motiveert haar advies
                            schriftelijk.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Zodra het advies wordt uitgebracht, wordt het door of namens het bevoegd
                            gezag of college gevoegd bij de aanvraag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Horen deskundigen.</titel></kop><al>De monumentencommissie is bevoegd deskundigen te horen met dien verstande,
                        dat de Monumentencommissie machtiging van het bevoegd gezag of college
                        behoeft indien aan het horen van deskundigen kosten voor het bevoegd gezag
                        of college zijn verbonden.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Intrekking oude regeling.</titel></kop><al> De Verordening van de Monumentencommissie, gemeente Brielle, d.d. 18 maart
                        2003 en de Verordening op de Monumentencommissie, gemeente Brielle, d.d. 12
                        januari 2010, worden ingetrokken.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>Aanvragen om vergunning die zijn ingediend vóór de inwerkingtreding van deze
                        verordening worden afgehandeld met inachtneming van de in artikel 11
                        ingetrokken verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet algemene
                        bepalingen omgevingsrecht in werking treedt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening op de
                        Monumentencommissie 2010, 1e wijziging'.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus besloten door de gemeenteraad van Briellein de openbare vergadering
                        van 7 september 2010 de griffier, de voorzitter, J.J.H. Verloop mw. G.W.M.
                        van Viegen</al></slotformulering></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>