<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR57509_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Handhavingsverordening 2004</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Westland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-29</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Westland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad Westland 2009, nr.36 d.d.17-12-2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Handhavingsverordening</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20werk%20en%20bijstand/article=8a">Wet werk en bijstand, art. 8a</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-11-25</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-12-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2009-10-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2012-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Wijziging regeling (artt. 1 en 13)</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Besluitenlijst b&amp;w d.d.13-10-2009, nr. 5B.5.6</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Economische aangelegenheden en arbeid</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Verordening heeft terugwerkende kracht.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Handhavingsverordening 2004</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Westland;</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 6 april 2004, nr. 5.7.1;</al><al/><al>gelet op het bepaalde in artikel 8a van de Wet werk en bijstand, waarin is geregeld dat de Gemeenteraad bij verordening regels stelt ter bestrijding van het ten onrechte ontvangen van bijstand, alsmede de bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik;</al><al/><al>besluit:</al><al/><al>Vast te stellen de</al><al/><al><vet>HANDHAVINGSVERORDENING</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>1. In deze verordening wordt verstaan onder: </al><al>a. het college:    het college van burgemeester en wethouders van Westland </al><al>b. de  Wet:        Wet Werk en bijstand en de Wet Investeren in jongeren </al><al>c. Abw:             Algemene bijstandswet </al><al>d. bijstand:       algemene, bijzondere  bijstand  </al><al>e. Inkomensvoorziening: de inkomensvoorziening zoals  bedoeld in de Wet investeren in jongeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voorzover niet anders is bepaald, worden begrippen in deze verordening gebruikt in dezelfde betekenis als de Wet</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Voorlichting en communicatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college geeft informatie over de rechten en plichten die aan het ontvangen van bijstand zijn verbonden alsmede over de consequenties van misbruik en oneigenlijk gebruik. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college maakt hiervoor gebruik van de lokale media, brochures en correspondentie. Het doel hiervan is het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Intensieve controle</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt een handhavingsplan vast. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Hierin beschrijft het college de wijze van controle, de handelwijze bij inconsistenties in de aanvraag alsmede het gebruik van risicoprofielen bij de beoordeling van het recht op bijstand.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Geautomatiseerde vergelijking van actuele gegevens</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Terugvordering van bijstand</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college vordert de kosten van bijstand boven een nader te bepalen bedrag terug in de gevallen die in de artikelen 58 en 59 van de Wet zijn aangegeven, voor zover zich hier geen andere wettelijke regeling tegen verzet. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De kosten van bijstand bedoeld onder het eerste lid worden teruggevorderd indien de inlichtingenplicht bedoeld in artikel 17 lid 1 van de Wet door de belanghebbende niet is nagekomen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan van terugvordering afzien indien hiervoor dringende redenen aanwezig zijn. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college stelt nader vast in welke situaties er sprake kan zijn van dringende redenen. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college stelt nadere regels vast omtrent de terugvordering van de kosten van bijstand, in aanvulling op artikel 58 lid 4 van de Wet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Verhaal van bijstand</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verhaalt de kosten van bijstand tot het tijdstip waarop de artikelen 56, 61 en 62 van de Wet in werking treden in de gevallen en overeenkomstig de regels aangegeven in de artikelen 92 lid 2 en lid 3 tot en met 105 en 141 Abw, voorzover zich hier geen andere wettelijke regel tegen verzet. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt nadere regels in de gevallen waarin wordt afgezien van verhaal, waaronder begrepen de regels ten aanzien van dringende redenen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college stelt naast de bestaande maatstaven ten aanzien van de hoogte van de verhaalsbijdrage nadere beleidsregels met betrekking tot een vast te stellen systematiek vast.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Kwijtschelding van bijstand</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt zich ten doel om de teruggevorderde en de op derden verhaalde bijstand maximaal terug te vorderen voor zover zich hier geen andere regeling tegen verzet. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan besluiten van gehele of gedeeltelijke invordering af te zien en tot kwijtschelding van een vordering over te gaan. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college stelt voorwaarden aan de in lid 2 bedoelde kwijtschelding. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De in lid 3 bedoelde voorwaarden worden in beleidsregels nader uitgewerkt. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders ziet af van de in lid 2 bedoelde kwijtschelding indien de terugvordering het gevolg is van het niet of niet behoorlijk na te komen van de verplichting bedoeld in artikel 17 lid 1 van de Wet. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Lid 2 is niet van toepassing indien een opgelegde periodieke onderhoudsverplichting nog niet is beëindigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Debiteurenplan</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Beëindigingsonderzoek</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Handhavingsplan</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In het in artikel 2 bedoelde handhavingsplan beschrijft het college tenminste de wijze van controle, de handelwijze bij inconsistenties alsmede het gebruik van risicoprofielen bij de beoordeling van inlichtingen die door de belanghebbende zijn verstrekt. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college geeft een nadere beschrijving van de in het eerste lid bedoelde risicoprofielen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college maakt ter controle gebruik van bestandsvergelijkingen met actuele gegevens en van de samenloopsignalen die hieruit voortkomen. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college onderzoekt overige signalen en tips die relevant zijn voor de betaling van bijstand.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Verlaging van de bijstand</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verlaagt de bijstand indien de belanghebbende onjuiste, onvolledige of in het geheel geen inlichtingen verstrekt die van belang zijn voor de bepaling van de hoogte, de duur en de voortzetting van de uitkering. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De duur en de hoogte van de verlaging zijn vastgesteld in de gemeentelijke beleidsregels Verlagingen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college behoudt zich het recht voor anders te besluiten indien de bepalingen in deze verordening leiden tot onbillijkheden van ernstige aard. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslist het college.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel/></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Citeerartikel</titel></kop><al/><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten door de raad in zijn openbare vergadering van 27 april 2004,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier - L. Hillen .</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter - R. Welschen</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Toelichting bij de Handhavingsverordening</label></kop><al><vet>Algemeen </vet></al><al/><al/><al>Het college voert periodiek bestandsvergelijkingen uit waarbij  actuele gegevens worden gecontroleerd, waardoor bijstandsuitkeringen  tijdig aan zich wijzigende omstandigheden worden aangepast.</al><al/><al>Het  college stelt een debiteurenplan op aan de hand van de door hen te  stellen criteria voor categorieën van vorderingen, personen en termijnen  voor het verrichten van heronderzoeken.</al><al/><al>Het college  neemt op basis van het beëindigingsonderzoek uiterlijk zes maanden na de  laatste maand waarin reguliere betaling van de uitkering heeft  plaatsgevonden, een besluit met betrekking tot de wederzijdse  verplichtingen tussen de gemeente en de belanghebbende en de afhandeling  hiervan.</al><al/><al>De artikelen 5, 6, 7 en 11 zijn niet van  toepassing op de Wet Investeren in jongeren.</al><al/><al>Deze  verordening treedt in werking met ingang van 1 juli 2004.</al><al/><al>Deze  verordening kan worden aangehaald als "Handhavingsverordening 2004".</al><al/><al>Aldus  besloten door de raad in zijn openbare vergadering van 27 april 2004,</al><al>de  griffier - L. Hillen .</al><al/><al>de voorzitter - R. Welschen</al><al/><al>In  de Memorie van Toelichting staat vermeld dat het college van  burgemeester en wethouders verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van  de Wet werk en bijstand (WWB). Daarbij geeft artikel 8a van deze wet aan  dat de gemeenteraad verplicht is om een verordening vast te stellen  voor de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van bijstand alsmede  van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet.</al><al/><al>Handhaving is het doen naleven van wet- en regelgeving ter  bevordering van het juist benutten en toepassen van wetten en  regelingen, overeenkomstig doel en strekking. Handhaving staat daarmee  voor alle bewust ondernomen activiteiten, die erop gericht zijn de  spontane naleving van wet- en regelgeving te bevorderen. Het gaat  daarbij om zowel repressieve als preventieve activiteiten.</al><al/><al>Repressieve  activiteiten zijn: </al><al>- Controle en  opsporingsgerichte detectie, namelijk het vroegtijdig constateren van  overtredingen en fraudesituaties. </al><al>- Consequentie  sanctionering: degene die fraudeert wordt gestraft. Niet alleen het  teveel aan uitkering dat ontvangen is moet worden terugbetaald, ook  boetes moeten daadwerkelijk worden geïnd.</al><al/><al>Preventieve  activiteiten bestaan uit voorlichting aan klanten en deze zo vroeg  mogelijk informeren over rechten en plichten met betrekking tot  rechtmatigheid en activering.</al><al/><al>artikel 1 Voorlichting  en communicatie</al><al>De uitvoering van dit artikel heeft  een preventieve werking, en bestaat uit een goede voorlichting over  rechten, plichten en handhaving aan alle uitkeringsgerechtigden en in  gesprekken met de klant, voorlichting op maat.</al><al/><al>artikel  3 Geautomatiseerde vergelijking van actuele gegevens</al><al/><al>Actuele  gegevens kunnen gecontroleerd worden bij het SUWI-net inkijk en bij het  Inlichtingenbureau.</al><al/><al>Artikelen 4, 5 en 6</al><al>In  de beleidsregels Terugvordering WWB wordt een nieuwe "wettelijke" basis  gecreëerd om het bestaande terugvorderingbeleid te kunnen continueren.</al><al/><al>Ter  voorkoming van elke onduidelijkheid over de toepasselijkheid van oude  of nieuwe artikelen in voorkomende gevallen is in genoemde beleidsregels  bepaald dat deze voortvloeien uit zowel de Abw als de WWB.</al><al/><al>Artikel  10 Verlaging van de bijstand</al><al>De artikelen 17 en 18  van van paraaf 17 en 18 van paraaf 2.3 van de WWB vormen de grondslag  voor dit artikel. In de wetsartikelen staat zowel de inlichtingenplicht  als de afstemming beschreven.</al><al/><al>Artikel 13  Inwerkingtreding</al><al/><al>Tot 1 januari 2002 traden alle  verordeningen in werking op de achtste dag na bekendmaking, tenzij een  ander tijdstip daarvoor was aangewezen (artikel 142 Gemeentewet). Hierin  is verandering gekomen door de inwerkingtreding van de Tijdelijke  referendumwet (Trw) op 1 januari 2002. Deze wet maakt referenda mogelijk  over o.a. de vaststelling, wijziging en intrekking van verordeningen.  Wel zijn enkele verordeningen uitgezonderd, die hier niet van belang  zijn. De vaststelling, wijziging of intrekking van de  afstemmingsverordening Westland 2004 is één van de besluiten waarover  een referendum kan worden gehouden. Verordeningen waarover op grond van  de Trw een referendum kan worden gehouden, treden in afwijking van  artikel 142 Gemeentewet niet eerder in werking dan zes weken na de  bekendmaking van de verordening (art. 22 Trw). De termijn van zes weken  eindigt voor de datum van inwerkingtreding van deze verordening: na  bekendmaking van de verordening en de mededeling dat over deze  verordening een referendum gehouden kan worden, kan een verzoek tot het  houden van een referendum worden ingediend.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>