<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR57056_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de raadscommissies 2007</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Venlo</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Venlo</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">-</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de raadscommissies 2007</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=19">Gemeentewet, art. 19 </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2006-12-20</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2010-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de raadscommissies 2007</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Gelet op het bepaalde in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=16%20">artikel van de Gemeentewet</extref>.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>lid: lid of buitengewoon lid van een raadscommissie;</al></li><li nr="b."><al>voorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="c."><al>commissiesecretaris: secretaris van een raadscommissie of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="d."><al>raadsadviseur: adviseur van een raadscommissie of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="e."><al>griffier: griffier van de raad of diens vervanger;</al></li><li nr="f."><al>vergadering: vergadering van een raadscommissie;</al></li><li nr="g."><al>college: het college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="h."><al>secretaris: de gemeentesecretaris.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 2 Instelling, taken en samenstelling</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 2 Instelling raadscommissies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad stelt de volgende raadscommissies in: </al><lijst><li nr="a."><al>commissie woonomgeving;</al></li><li nr="b."><al>commissie sociaal/maatschappelijke zaken;</al></li><li nr="c."><al>commissie economie, beheer en verkeer;</al></li><li nr="d."><al>commissie financiën, bestuur en veiligheid.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De raadscommissie woonomgeving adviseert en overlegt over de
                                    volgende onderwerpen: </al><lijst><li nr="a."><al>ruimtelijke ordening;</al></li><li nr="b."><al>volkshuisvesting;</al></li><li nr="c."><al>stadsvernieuwing;</al></li><li nr="d."><al>grondzaken;</al></li><li nr="e."><al>buitengebied;</al></li><li nr="f."><al>natuur en milieu.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De raadscommissie sociaal/maatschappelijke zaken adviseert en
                                    overlegt over de volgende onderwerpen: </al><lijst><li nr="a."><al>onderwijs;</al></li><li nr="b."><al>kennisinfrastructuur;</al></li><li nr="c."><al>volksgezondheid;</al></li><li nr="d."><al>jeugd-, ouderen-, gehandicapten- en
                                            allochtonenbeleid;</al></li><li nr="e."><al>welzijn;</al></li><li nr="f."><al>sociale zaken;</al></li><li nr="g."><al>stadwinkels;</al></li><li nr="h."><al>zorg;</al></li><li nr="i."><al>sport;</al></li><li nr="j."><al>participatie.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>De raadscommissie economie, beheer en verkeer adviseert en
                                    overlegt over de volgende onderwerpen: </al><lijst><li nr="a."><al>economische zaken;</al></li><li nr="b."><al>horecabeleid;</al></li><li nr="c."><al>toerisme en recreatie;</al></li><li nr="d."><al>cultuur;</al></li><li nr="e."><al>monumentenzorg en archeologie;</al></li><li nr="f."><al>arbeidsmarkt;</al></li><li nr="g."><al>bedrijventerreinen;</al></li><li nr="h."><al>binnenstad;</al></li><li nr="i."><al>stadsbeheer;</al></li><li nr="j."><al>verkeer.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>De raadscommissie financiën, bestuur en veiligheid adviseert en
                                    overlegt over de volgende onderwerpen: </al><lijst><li nr="a."><al>financieel beleid;</al></li><li nr="b."><al>bedrijfsvoering;</al></li><li nr="c."><al>onderwerpen betreffende de verplichte
                                            begrotingsparagrafen;</al></li><li nr="d."><al>producten uit planning- en controlcyclus;</al></li><li nr="e."><al>regio-aangelegenheden;</al></li><li nr="f."><al>samenwerkingsverbanden;</al></li><li nr="g."><al>internationale betrekkingen;</al></li><li nr="h."><al>relatie burger-bestuur;</al></li><li nr="i."><al>bestuurlijke zaken;</al></li><li nr="j."><al>algemeen grotestedenbeleid;</al></li><li nr="k."><al>veiligheid.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>Een onderwerp wordt slechts in één raadscommissie besproken,
                                    tenzij de voorzitters van de betrokken raadscommissies in
                                    overleg anders beslissen.</al></li><li nr="7."><al>Indien een gezamenlijke vergadering van raadscommissies wordt
                                    belegd, vervult de voorzitter van de raadscommissie die het
                                    onderwerp het meest aangaat, de taken van de voorzitter.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2a Instelling projectcommissies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad kan projectcommissies instellen.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitters respectievelijk de plaatsvervangend voorzitters
                                    hebben geen zitting in het presidium.</al></li><li nr="3."><al>De bepalingen van deze verordening zijn op deze commissies van
                                    overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3 Taken</titel></kop><al>Een raadscommissie heeft de volgende taken:</al><lijst><li nr="a."><al>het beslissen of een voorstel, consultatie of notitie aan de
                                    raad wordt voorgelegd ter besluitvorming;</al></li><li nr="b."><al>het uitbrengen van advies aanvullend op de in a. bedoelde
                                    beslissing of uit eigener beweging;</al></li><li nr="c."><al>voeren van overleg met het college of de burgemeester over door
                                    het college of de burgemeester verstrekte inlichtingen en het
                                    gevoerde bestuur.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4 Samenstelling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een raadscommissie bestaat uit ten minste één en maximaal 4
                                    leden per fractie naar evenredigheid van het aantal zetels in de
                                    raad.</al></li><li nr="2."><al>De in het eerste lid genoemde leden worden aangewezen door de
                                    afzonderlijke fracties blijkens een brief van de
                                    fractievoorzitter aan de voorzitter van de raad.</al></li><li nr="3."><al>In de commissies mogen leden niet-raadsleden zitting hebben,
                                    welke leden bij voorkeur kandidaat-raadslid bij de laatste
                                    gemeenteraadsverkiezingen zijn geweest.</al></li><li nr="4."><al>De <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=10">artikelen 10</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=11">11</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=12">12</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet">13</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=15">15 van de Gemeentewet</extref> zijn van overeenkomstige
                                    toepassing op een lid van een raadscommissie.</al></li><li nr="5."><al>De leden van de commissie kunnen zich bij afwezigheid laten
                                    vervangen door een plaatsvervanger, die lid van de raad dient te
                                    zijn.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5 Voorzitter</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en zijn plaatsvervanger worden - op voorstel van
                                    het fractievoorzittersoverleg - door de raad uit zijn midden
                                    benoemd.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter is geen lid van de raadscommissie.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter is belast met: </al><lijst><li nr="a."><al>het leiden van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>het handhaven van de orde;</al></li><li nr="c."><al>het doen naleven van deze verordening;</al></li><li nr="d."><al>hetgeen deze verordening hem verder opdraagt.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 Zittingsduur en vacatures</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De zittingsperiode van een lid en de voorzitter eindigt in ieder
                                    geval aan het einde van de zittingsperiode van de raad.</al></li><li nr="2."><al>De raad kan een lid ontslaan op voorstel van de fractie op wiens
                                    voordracht het lid is benoemd.</al></li><li nr="3."><al>De raad kan de voorzitter of zijn plaatsvervanger ontslaan.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter en de leden kunnen te allen tijde ontslag nemen.
                                    Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het
                                    ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of
                                    zoveel eerder als hun opvolger is benoemd.</al></li><li nr="5."><al>Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist
                                    de raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met
                                    inachtneming van de artikelen 4 en 5.</al></li><li nr="6."><al>Indien een fractie blijkens een schriftelijke verklaring aan de
                                    voorzitter van de raad niet langer vertegenwoordigd is in de
                                    raad, vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van
                                    die fractie is benoemd, van rechtswege.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7 Commissieondersteuning</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De griffier draagt zorg voor een adequate advisering en
                                    administratieve ondersteuning van iedere raadscommissie.</al></li><li nr="2."><al>De in het 1e lid bedoelde personen zijn in iedere vergadering
                                    aanwezig.</al></li><li nr="3."><al>Bij verhindering of afwezigheid van in het eerste lid bedoelde
                                    personen draagt de griffier zorg voor vervanging.</al></li><li nr="4."><al>De griffier kan in iedere vergadering aanwezig zijn.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7a Agendaoverleg</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Elke commissie heeft een agendaoverleg.</al></li><li nr="2."><al>Het agendaoverleg wordt gevoerd door de voorzitter van de
                                    betreffende raadscommissie, de griffier, de raadsadviseur, de
                                    commissiesecretaris en op uitnodiging het college of een
                                    vertegenwoordiging en de ambtelijk programmamanager.</al></li><li nr="3."><al>Het agendaoverleg heeft tot taak het voorlopig vaststellen van
                                    de agenda van de betreffende raadscommissie.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter van het agendaoverleg kan voorstellen de
                                    gemeentesecretaris uit te nodigen voor deelname aan het
                                    overleg.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 3 Aanwezigheid college, burgemeester en secretaris</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 8 Burgemeester en wethouders</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter kan de burgemeester en/of één of meer wethouders
                                    en de secretaris uitnodigen in de vergadering aanwezig te zijn
                                    en aan de beraadslagingen deel te nemen.</al></li><li nr="2."><al>Indien de burgemeester of een wethouder bij een vergadering
                                    aanwezig wil zijn en wil deelnemen aan de beraadslagingen, doet
                                    hij hiertoe een verzoek aan de voorzitter.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter neemt zo spoedig mogelijk een voorlopige
                                    beslissing op het verzoek.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9 Gemeentesecretaris</titel></kop><al>(Vervallen)</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 4 Vergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 1 Tijdstip van vergaderen en voorbereidingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 10 Vergaderfrequentie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In de regel vinden de commissievergaderingen plaats in het
                                        stadhuis volgens een door het presidium vast te stellen
                                        schema.</al></li><li nr="2."><al>Een raadscommissie vergadert voorts indien de voorzitter het
                                        nodig oordeelt of indien tenminste twee fracties
                                        schriftelijk met opgaaf van redenen daarom verzoeken.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag of
                                        aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen.
                                        Hij voert hierover overleg met de griffier.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11 Oproep</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter zendt ten minste tien dagen voor een
                                        vergadering de leden een schriftelijke oproep onder
                                        vermelding van de dag, het tijdstip en de plaats van de
                                        vergadering.</al></li><li nr="2."><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken worden
                                        tegelijkertijd met de schriftelijke oproep aan de leden
                                        verzonden. Hiervan uitgezonderd zijn: </al><lijst><li nr="a."><al>de in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=86">artikel 86, 1e en 2e lid van de
                                                  Gemeentewet</extref> bedoelde stukken;</al></li><li nr="b."><al>raadsvoorstellen op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20voorkeursrecht%20gemeenten/article=8">artikel 8 van de Wet voorkeursrecht
                                                  gemeenten</extref>, die nog vaststelling door het
                                                college behoeven in verband met de
                                                zienswijzeprocedure op grond van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht">Algemene wet bestuursrecht</extref>. De
                                                laatstgenoemde raadsvoorstellen worden door het
                                                college uiterlijk de dinsdag vóór de geplande
                                                commissievergadering verzonden.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld
                                        in artikel 12, 2e lid, worden deze agenda en de daarop
                                        vermelde voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk,
                                        doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering aan de
                                        leden gezonden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12 Agenda</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voordat de schriftelijke oproep wordt verzonden, stelt de
                                        voorzitter de agenda van de vergadering voorlopig vast.</al></li><li nr="2."><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden
                                        van de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de
                                        aanvang van een vergadering een aanvullende agenda
                                        opstellen. </al><lijst><li nr="2a."><al>Wanneer een onderwerp buiten de regulier voor
                                                agendering geldende termijn wordt ingediend,
                                                motiveert verzoeker de reden van late indiening en
                                                spoedeisend karakter.</al></li><li nr="2b."><al>Een ingekomen stuk voor de raad kan door een
                                                raadslid geagendeerd worden voor een
                                                commissievergadering. Een schriftelijk, gemotiveerd
                                                verzoek hiertoe wordt 14 dagen voor de vergadering
                                                of in ieder geval voor het agenda-overleg van de
                                                betreffende vergadering ingediend bij het
                                                commissiesecretariaat. De commissievoorzitter
                                                beslist op het verzoek.</al></li><li nr="2c."><al>Een schriftelijk, gemotiveerd verzoek om agendering
                                                van overige onderwerpen wordt op dezelfde wijze en
                                                bij voorkeur binnen de onder 2b. gestelde termijn
                                                ingediend. De commissievoorzitter beslist op het
                                                verzoek.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de
                                        agenda vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                        raadscommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen
                                        aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren.</al></li><li nr="4."><al>Wanneer de raadscommissie een onderwerp of voorstel
                                        onvoldoende voor de beraadslaging voorbereid acht, kan hij
                                        aan het college of de burgemeester nadere inlichtingen of
                                        advies vragen. De raadscommissie bepaalt in welke
                                        vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw geagendeerd
                                        wordt.</al></li><li nr="5."><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                        raadscommissie de volgorde van behandeling van de
                                        agendapunten wijzigen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12b Termijnagenda</titel></kop><al>College en raadscommissies kunnen onderwerpen aandragen voor de door
                                de raad halfjaarlijks vast te stellen geprioriteerde
                                termijnagenda.</al><al>De onderwerpen voldoen aan een of meerdere van de volgende
                                criteria:</al><lijst><li nr=""><al>ze zijn kaderstellend, controlerend of initiërend;</al></li><li nr=""><al>ze hebben een hoge politiek-bestuurlijke relevantie;</al></li><li nr=""><al>ze betreffen accenten in de strategische
                                        beleidsprogramma’s.</al></li></lijst><al>De termijnagenda vormt een vast agendapunt in de
                                commissievergadering.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13 Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of
                                        voorstellen op de agenda dienen, worden gelijktijdig met het
                                        verzenden van de schriftelijke oproep voor een ieder op het
                                        gemeentehuis ter inzage gelegd. De voorzitter maakt van de
                                        terinzagelegging melding in de openbare kennisgeving,
                                        bedoeld in artikel 14. Indien na het verzenden van de
                                        schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt
                                        hiervan mededeling gedaan aan de leden en zo mogelijk in een
                                        openbare kennisgeving.</al></li><li nr="2."><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet
                                        buiten het gemeentehuis gebracht.</al></li><li nr="3."><al>Indien voor stukken op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=86">artikel 86, 1e en 2e lid, van de Gemeentewet</extref>
                                        geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking
                                        van het 1e lid, onder berusting van de griffier en verleent
                                        de griffier een lid inzage.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14 Openbare kennisgeving</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergadering wordt door aankondiging in een of meer dag-,
                                        nieuws- of huis-aan-huisbladen - en zo mogelijk door
                                        plaatsing op de internetsite van de gemeente - ter openbare
                                        kennis gebracht.</al></li><li nr="2."><al>De openbare kennisgeving vermeldt: </al><lijst><li nr="a."><al>de datum, aanvangstijd en plaats van de
                                                vergadering;</al></li><li nr="b."><al>de wijze waarop en de plaats waar een ieder de
                                                agenda en de daarbij behorende stukken kan
                                                inzien;</al></li><li nr="c."><al>de mogelijkheid tot het uitoefenen van het
                                                spreekrecht als bedoeld in artikel 17;</al></li><li nr="d."><al>de agenda van de vergadering.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 2 Orde der vergadering</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 15 Presentielijst</titel></kop><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid onmiddellijk de
                                presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst
                                door de voorzitter en de commissiesecretaris door ondertekening
                                vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16 Opening vergadering; quorum</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur,
                                        indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende
                                        leden aanwezig is.</al></li><li nr="2."><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het
                                        vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter
                                        onder verwijzing naar dit artikel, na voorlezing van de
                                        namen der afwezige leden, dag en uur van de volgende
                                        vergadering, op een tijdstip dat ten minste 24 uur na het
                                        bezorgen van de schriftelijke oproep is gelegen.</al></li><li nr="3."><al>Op de vergadering, bedoeld in het 2e lid, is het 1e lid niet
                                        van toepassing. De raadscommissie kan echter over andere
                                        aangelegenheden alleen beraadslagen of besluiten, indien
                                        blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal
                                        zitting hebbende leden aanwezig is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17 Spreekrecht burgers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een andere aanwezige burger, die van het spreekrecht gebruik
                                        wil maken, meldt dit voor de aanvang van de vergadering aan
                                        de commissiesecretaris. Hij vermeldt daarbij zijn naam,
                                        adres en telefoonnummer en het onderwerp, waarover hij het
                                        woord wil voeren.</al></li><li nr="2."><al>Het woord kan niet gevoerd worden over: </al><lijst><li nr="a."><al>een besluit van het gemeentebestuur waartegen
                                                bezwaar en beroep openstaat of heeft
                                                opengestaan;</al></li><li nr="b."><al>benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen
                                                van personen;</al></li><li nr="c."><al>een gedraging waarover een klacht ex <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht/article=9%3A1">artikel 9:1 van de Algemene wet
                                                  bestuursrecht</extref> kan of kon worden
                                                ingediend;</al></li><li nr="d."><al>ingekomen stukken.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De voorzitter geeft vóór bespreking in eerste termijn van
                                        het betreffende agendapunt het woord op volgorde van
                                        aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken,
                                        indien dit in het belang is van de orde van de
                                        vergadering.</al></li><li nr="4."><al>De aangemelde burgers kunnen gezamenlijk gedurende maximaal
                                        30 minuten het woord voeren over geagendeerde
                                        onderwerpen.</al></li><li nr="5."><al>Elke spreker krijgt maximaal 5 minuten het woord. De
                                        voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers
                                        als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens
                                        in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van
                                        de spreektijd.</al></li><li nr="6."><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit
                                        heeft verleend. De voorzitter of een lid doet een voorstel
                                        voor de behandeling van de inbreng van de burger.</al></li><li nr="7."><al>De spreker krijgt na bespreking in eerste termijn van het
                                        betreffende agendapunt nogmaals de gelegenheid het woord te
                                        voeren. De voorzitter stelt hiervoor maximaal 2 minuten per
                                        spreker ter beschikking met een maximum van 10 minuten voor
                                        het totaal, overeenkomstig het gestelde in lid 5.</al></li><li nr="8."><al>Discussie met de leden van de commissie is niet
                                        toegestaan.</al></li><li nr="9."><al>In gevallen, waarin dit artikel niet voorziet, beslist de
                                        voorzitter.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18 Notulen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ontwerp-notulen van de voorgaande vergadering worden
                                        uiterlijk binnen 5 werkdagen na de vergadering aan de leden
                                        toegezonden. De ontwerp-notulen worden op hetzelfde moment
                                        aan de overige personen, die het woord gevoerd hebben,
                                        toegezonden.</al></li><li nr="2."><al>Bij het begin van de vergadering worden, zo mogelijk, de
                                        notulen van de vorige vergadering vastgesteld.</al></li><li nr="3."><al>De leden, de voorzitter, de burgemeester, de wethouders en
                                        de griffier hebben het recht een voorstel tot wijziging van
                                        de notulen aan de raadscommissie te doen, indien de notulen
                                        onjuistheden bevatten of niet duidelijk weergeven hetgeen
                                        gezegd of besloten is. Een voorstel tot verandering dient
                                        voor de vaststelling van de notulen bij de
                                        commissiesecretaris te worden ingediend.</al></li><li nr="4."><al>De notulen moeten inhouden: </al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de
                                                raadsadviseur, de commissiesecretaris, de
                                                burgemeester en de wethouders, de secretaris en de
                                                ter vergadering aanwezige leden, allen voorzover
                                                aanwezig, alsmede van de overige personen die het
                                                woord gevoerd hebben; afzonderlijk wordt vermeld
                                                welke leden afwezig waren;</al></li><li nr="b."><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                                geweest;</al></li><li nr="c."><al>een zakelijke samenvatting van het gesprokene met
                                                vermelding van de namen der aanwezigen die het woord
                                                voerden;</al></li><li nr="d."><al>een samenvatting van het advies aan de raad onder
                                                vermelding van de namen van de leden die mededeling
                                                hebben gedaan van hun goed- of afkeuring, en met
                                                aantekening van de namen van de leden die zich niet
                                                uitgelaten hebben;</al></li><li nr="e."><al>bij het desbetreffende agendapunt de naam en de
                                                hoedanigheid van die personen aan wie het op grond
                                                van het bepaalde in artikel 26 door de
                                                raadscommissie is toegestaan deel te nemen aan de
                                                beraadslagingen.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>De notulen worden opgesteld onder de zorg van de
                                        griffier.</al></li><li nr="6."><al>De vastgestelde notulen wordt door de voorzitter en de
                                        commissiesecretaris ondertekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 19 Spreekregels</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een lid, de voorzitter, de burgemeester, een wethouder en de
                                        secretaris spreken vanaf hun plaats of van de spreekplaats
                                        en richten zich tot de voorzitter.</al></li><li nr="2."><al>Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de
                                        in het 1e lid genoemde personen vanaf een andere plaats
                                        spreken.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 20 Volgorde sprekers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een lid, de burgemeester, een wethouder of de secretaris,
                                        voeren het woord na het aan de voorzitter gevraagd en van
                                        hem verkregen te hebben.</al></li><li nr="2."><al>De volgorde van sprekers kan worden gewijzigd wanneer het
                                        woord wordt gevraagd over de orde van de vergadering.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 21 Aantal spreektermijnen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in
                                        ten hoogste 2 termijnen, tenzij de raadscommissie anders
                                        beslist.</al></li><li nr="2."><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.</al></li><li nr="3."><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord
                                        voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></li><li nr="4."><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde
                                        onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet
                                        meegerekend het spreken over een voorstel van orde.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 22 Spreektijd</titel></kop><al>Een lid kan een voorstel doen over de spreektijd van de leden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 23 Voorstellen van orde</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering
                                        mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden
                                        toegelicht.</al></li><li nr="2."><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de
                                        vergadering betreffen.</al></li><li nr="3."><al>Over een voorstel van orde beslist de raadscommissie
                                        terstond.</al></li><li nr="4."><al>Bij het staken van de stemmen wordt het voorstel van orde
                                        geacht niet te zijn aangenomen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 24 Handhaving orde; schorsing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij: </al><lijst><li nr="a."><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het
                                                opvolgen van deze verordening te herinneren;</al></li><li nr="b."><al>een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen
                                                dat de spreker zonder verdere interrupties zijn
                                                betoog zal afronden.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke
                                        uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling
                                        zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk
                                        interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt
                                        hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de
                                        spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem
                                        gedurende de vergadering, waarin zulks plaats heeft, over
                                        het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering
                                        voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de
                                        heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering
                                        sluiten.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter kan een raadscommissie voorstellen aan een lid
                                        dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken
                                        belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te
                                        ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na
                                        aanneming daarvan verlaat het lid de vergadering
                                        onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem verwijderen.
                                        Bij herhaling van zijn gedrag kan het lid bovendien voor ten
                                        hoogste 3 maanden de toegang tot de vergadering worden
                                        ontzegd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 25 Beraadslaging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raadscommissie kan op voorstel van de voorzitter of een
                                        lid beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp
                                        of voorstel afzonderlijk te beraadslagen.</al></li><li nr="2."><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                        raadscommissie beslissen de beraadslaging voor een door hem
                                        te bepalen tijd te schorsen teneinde het college of de leden
                                        de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De
                                        beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode
                                        verstreken is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 26 Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raadscommissie kan bepalen dat anderen mogen deelnemen
                                        aan de beraadslaging.</al></li><li nr="2."><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter
                                        of een lid genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien
                                        van het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt
                                        genomen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 27 Besluitvorming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of
                                        voorstel voldoende is toegelicht, sluit hij de
                                        beraadslaging, tenzij de raadscommissie anders beslist.</al></li><li nr="2."><al>De raadscommissie beslist of een voorstel, consultatie of
                                        notitie aan de raad wordt voorgelegd ter
                                        besluitvorming.</al></li><li nr="3."><al>De raadscommissie kan in de in het tweede lid genoemde
                                        beslissing een advies opnemen aan de raad.</al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 5 Besloten vergadering</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 28 Algemeen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening van
                            overeenkomstige toepassing voorzover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 29 Notulen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De notulen van een besloten vergadering worden niet rondgedeeld,
                                    maar liggen uitsluitend voor de leden ter inzage bij de
                                    griffier.</al></li><li nr="2."><al>Deze notulen worden zo spoedig mogelijk in een besloten
                                    vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze
                                    vergadering neemt de raadscommissie een beslissing over het al
                                    dan niet openbaar maken van deze notulen. De vastgestelde
                                    notulen worden door de voorzitter en de commissiesecretaris
                                    ondertekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 30 Geheimhouding</titel></kop><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raadscommissie
                            overeenkomstig <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=86">artikel 86, 1e lid, van de Gemeentewet</extref> of omtrent de
                            inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De
                            raadscommissie kan besluiten de geheimhouding op te heffen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 31 Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Indien de raad op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=gemeentewet/article=25">artikel 25, 3e en 4e lid, van de Gemeentewet</extref> voornemens is
                            de geheimhouding op te heffen wordt daarover, indien de raadscommissie
                            die geheimhouding heeft opgelegd, daarom verzoekt, in een besloten
                            vergadering met de raadscommissie overleg gevoerd.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 6 Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 32 Toehoorders en pers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen
                                    uitsluitend op de voor hen bestemde plaatsen openbare
                                    vergaderingen bijwonen.</al></li><li nr="2."><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere
                                    wijze verstoren van de orde is verboden.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter is bevoegd, toehoorders die op enigerlei wijze de
                                    orde van de vergadering verstoren, te doen vertrekken.
                                    Toehoorders die bij herhaling de orde in de vergadering
                                    verstoren kan hij voor ten hoogste drie maanden de toegang tot
                                    de vergadering ontzeggen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 33 Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel
                            beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de voorzitter
                            en gedragen zich naar zijn aanwijzingen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 34 Verbod gebruik mobiele telefoons</titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het gebruik, alsmede het standby houden van mobiele
                            telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken op de
                            orde van de vergadering, zonder toestemming van de voorzitter niet
                            toegestaan.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 7 Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 35 Uitleg verordening</titel></kop><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over
                            de toepassing van de verordening, beslist de raadscommissie op voorstel
                            van de voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 36 Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2007.</al></li><li nr="2."><al>Op dat tijdstip vervalt de Verordening op de raadscommissies
                                    2006-2, vastgesteld door de raad van de gemeente Venlo bij
                                    raadsbesluit van 31 mei 2006.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>