<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR56856_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Welstandscommissie Soest 2000</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Soest</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Soest</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Soester Courant 24-01-2001</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Welstandscommissie Soest</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Woningwet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2000-12-21</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2001-01-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-01-31</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RV 00-143</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Welstandscommissie Soest 2000</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Nummer RB 00-143 Agendapunt 17</al><al>De raad der gemeente Soest; </al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d.24 november 2000,
                        nr. RV 00-143; </al><al> gelet op de Woningwet; </al><al><vet>b e s l u i t:</vet></al><al>vast te stellen de navolgende</al><al><vet>VERORDENING WELSTANDSCOMMISSIE SOEST 2000.</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De welstandscommissie Soest -verder te noemen commissie- dient
                            burgemeester en wethouders van advies omtrent:</al><lijst><li nr="a."><al>de vraag of het uiterlijk van het bouwwerk, waarvoor een
                                    aanvraag om vergunning of melding is ingediend, al dan niet
                                    zodanig is, dat het bouwwerk zowel op zichzelf als in verband
                                    met de bestaande omgeving of de te verwachten ontwikkeling
                                    daarvan, aan redelijke eisen van welstand voldoet;</al></li><li nr="b."><al>het voornemen tot vaststelling, wijziging of intrekking van
                                    ruimtelijke plannen of voorschriften op grond van de wet op de
                                    Ruimtelijke Ordening;</al></li><li nr="c."><al>het aanbrengen van voorschriften, aankondigingen of afbeeldingen
                                    als bedoeld in artikel 4.7.2 van de "Algemene Plaatselijke
                                    Verordening".</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen overigens alle onderwerpen, welke zij
                            in het belang achten van de handhaving of ter bevordering van het
                            uiterlijk van de openbare ruimte, onder de aandacht van de commissie
                            brengen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie is bevoegd burgemeester en wethouders uit eigener beweging
                            van advies te dienen omtrent de in dit artikel bedoelde
                            onderwerpen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie bestaat uit:</al><lijst><li nr="a."><al>twee gewone leden en een plaatsvervangend lid.</al></li><li nr="b."><al>één voorzitter.</al></li><li nr="c."><al>één ad-hoc lid bij de behandeling van plannen met monumentale
                                    en/of cultuurhistorische betekenis.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De gewone leden (als bedoeld in lid 1, sub a.) worden benoemd op grond
                            van hun deskundigheid op het gebied van de vormgeving van bouwwerken en
                            de openbare ruimte. Zij dienen het beroep van architect uit te
                            oefenen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter (als bedoeld in lid 1, sub b.) wordt benoemd op grond van
                            zijn vaardigheden op het gebied van het leiden van vergaderingen van
                            deskundigen, zijn communicatieve vaardigheden en zijn kennis van
                            vormgeving en/of ruimtelijke ordening.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het ad-hoc lid (als bedoeld in lid 1, sub c) is een vertegenwoordiger
                            uit de monumentencommissie.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De leden en voorzitter van de commissie worden door de gemeenteraad
                            benoemd op voordracht van burgemeester en wethouders, de commissie
                            ruimtelijke ordening gehoord.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De commissie wordt bijgestaan door een ambtelijk secretaris.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al>1.De leden en voorzitter van de commissie hebben zitting voor de tijd van
                        vier jaar. Indien gewijzigde nationale wetgeving dat noodzakelijk maakt zal
                        de termijn worden verkort tot de maximale toegestane wettelijke
                        termijn.</al><al>2 a. Elke twee jaar, op 1 januari treedt, volgens een door burgemeester en
                        wethouders gemaakt rooster, één van de gewone leden af en neemt, eveneens
                        volgens dat rooster, het plaatsvervangend lid zijn plaats in, terwijl een
                        nieuw plaatsvervangend lid wordt benoemd.</al><lijst><li nr="b."><al>Elke vier jaar, op 1 januari treedt, volgens een door burgemeester
                                en wethouders opgemaakt rooster, de voorzitter af en neemt een
                                nieuwe voorzitter zijn plaats in.</al><lijst><li nr="3."><al>Bij tussentijds aftreden van een gewoon lid neemt het,
                                        volgens het rooster in aanmerking komend plaatsvervangend
                                        lid, diens plaats in.</al></li><li nr="4."><al>Bij tussentijds aftreden van de voorzitter of het
                                        plaatsvervangende lid, wordt zo spoedig mogelijk in de
                                        vacature voorzien.</al></li><li nr="5."><al>Bij ziekte, afwezigheid of ontstentenis van de voorzitter
                                        wordt deze vervangen door het langst zittende lid.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie vergadert in beginsel tenminste tweemaal per maand.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd de frequentie van
                            de vergaderingen van de commissie te beperken tot éénmaal per
                            maand.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie is slechts bevoegd te vergaderen bij een bezetting van
                            tenminste twee personen (leden en/of voorzitter).</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan de beoordeling van en de stemming over een plan nemen niet deel de
                            leden of de voorzitter indien die bij de voorbereiding van een plan
                            rechtstreeks of zijdelings betrokken zijn.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De besluiten in de commissievergadering worden genomen bij meerderheid
                            van stemmen. Bij het staken van de stemmen beslist de stem van de
                            voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met inachtneming van het bepaalde in de bouwverordening kan de commissie
                            de welstandsadvisering mandateren aan één van haar leden of aan een
                            subcommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Volgens een van te voren gemaakt rooster adviseren de gewone leden over
                            de daarvoor in aanmerking komende aanvragen om bouwvergunning of
                            meldingen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al>Het verslag van elke vergadering wordt ter kennis gebracht aan het college
                        van burgemeester en wethouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>De leden (artikel 2, lid 1, sub a) en de voorzitter (artikel 2, lid 1, sub
                        b) van de commissie ontvangen een presentiegeld dat jaarlijks bij de
                        vaststelling van de gemeentebegroting door de gemeenteraad wordt
                        bepaald.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al>Vóór 1 april van elk jaar wordt aan het college van burgemeester en
                        wethouders een verslag gedaan van de werkzaamheden van de commissie in het
                        voorafgaande jaar. In dit verslag dient tenminste tot uitdrukking te komen
                        het aantal behandelde bouwplannen en het aantal uitgebrachte afwijzende
                        adviezen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na de dag waarop
                                zij is bekendgemaakt.</al></li><li nr="2."><al>Op dat tijdstip vervalt de verordening welstandscommissie Soest,
                                zoals deze is vastgesteld door de raad der gemeente Soest d.d. 16
                                december 1993, nr RV 93-175.</al></li><li nr="3."><al>Zij kan worden aangehaald als "Verordening Welstandscommissie
                                Soest".</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 21 december 2000.</ondertekening><ondertekening>Soest, 21 december 2000</ondertekening><ondertekening>de raad voornoemd, </ondertekening><ondertekening>de secretaris, de voorzitter, </ondertekening><ondertekening>drs. W.P. de Kam drs. J.J.L.M. Janssen</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>