<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR56558_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Organisatieverordening gemeente Venlo 2001</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Venlo</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Venlo</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">E3-journaal, 03-01-2001</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Organisatieverordening gemeente Venlo 2001</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikelen 103, tweede lid en 159</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2001-01-02</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2001-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2012-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Organisatieverordening gemeente Venlo 2001</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Gelet op de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=103">artikelen 103, tweede lid</extref> en 159 van de Gemeentewet en de
                            <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20tot%20samenvoeging%20van%20de%20gemeenten%20Venlo%2C%20Tegelen%20en%20Belfeld">Wet tot samenvoeging van de gemeenten Venlo, Tegelen en
                            Belfeld</extref>.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 1 Structuur en besturingsmodel van de ambtelijke
                            organisatie</titel></kop><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 1 Structuur</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het ambtelijke apparaat van de gemeentelijke Venlo is
                                        ingedeeld in organisatieonderdelen. Deze
                                        organisatieonderdelen worden aangeduid met de algemene
                                        benamingen dienst, afdeling en sectie.</al></li><li nr="2."><al>Het college van burgemeester en wethouders en het
                                        Managementteam kunnen besluiten tot het instellen van
                                        tijdelijke organisatorische verbanden tussen eenheden, ter
                                        voorbereiding en/of uitvoering van beleid dat meerdere
                                        organisatorische eenheden aangaat. Het beheer van zo’n
                                        verband wordt opgedragen aan een projectleider.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2 Samenhang documenten</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De orde van de organisatie (structuur, management, werkwijze
                                        en processen) wordt vastgelegd in </al><lijst><li nr="*"><al>organisatieverordening;</al></li><li nr="*"><al>besturingsmodel;</al></li><li nr="*"><al>organisatiebeschrijvingen per dienst;</al></li><li nr="*"><al>dienstplannen;</al></li><li nr="*"><al>afdelingsplannen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Organisatieverordening en besturingsmodel leggen gezamenlijk
                                        structuur en verhoudingen van de organisatie vast. De
                                        organisatieverordening bevat alle formele bepalingen; het
                                        besturingsmodel werkt deze nader uit, licht ze toe,
                                        beschrijft ze in onderlinge samenhang. Beide stukken worden
                                        door de raad vastgesteld.</al></li><li nr="3."><al>De organisatie beschrijvingen werken de
                                        organisatieverordening en het besturingsmodel uit voor de
                                        middellange termijn. In de beschrijvingen vindt een verdere
                                        uitwerking plaats van integraal management en
                                        kwaliteitszorg, de specifieke relaties tussen diensten en de
                                        orde binnen de dienst. Het college van burgemeester en
                                        wethouders stellen de organisatiebeschrijvingen vast, op
                                        advies van het managementteam.</al></li><li nr="4."><al>De dienstplannen bevatten de korte termijn planning van de
                                        dienst. In de dienstplannen wordt aangegeven hoe de
                                        producten overeenkomstig de spelregels van de
                                        organisatiebeschrijving worden vervaardigd en geleverd.</al></li><li nr="Zij"><al>worden door het college van burgemeester en wethouders
                                        vastgesteld op advies van het managementteam.</al></li><li nr="5."><al>De afdelingsplannen bevatten de korte termijnplanning van de
                                        afdeling, waarin per afdeling organisatiebeschrijving en
                                        producten aan elkaar worden gekoppeld. Zij vormen de basis
                                        voor de dienstplannen en worden vastgesteld door het
                                        managementteam.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Als diensten, bedoeld in artikel 1, worden ingesteld: </al><lijst><li nr="a."><al>de dienst Concern;</al></li><li nr="b."><al>de dienst Stadsbeleid;</al></li><li nr="c."><al>de dienst Stadsbeheer;</al></li><li nr="d."><al>de dienst Publiekszaken en Facilitaire Zaken;</al></li><li nr="e."><al>de dienst Brandweer.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Structuur en taken zijn omschreven in het
                                        besturingsmodel.</al></li><li nr="3."><al>Deze structuur is vastgelegd in een organogram voor de hele
                                        organisatie en voor de afzonderlijke diensten, opgenomen in
                                        bijlage 1.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het algemene beheer van een dienst berust bij het college
                                        van burgemeester en wethouders.</al></li><li nr="2."><al>Onder toezicht van het college van burgemeester en
                                        wethouders is het dagelijkse beheer opgedragen aan het hoofd
                                        van dienst.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5</titel></kop><al>Indien bij afzonderlijke verordening een commissie als bedoeld in de
                                    <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet%20/article=82%20">artikelen 82 e.v. van de Gemeentewet</extref> wordt ingesteld,
                                die belast is met het beheer van een dienst of een onderdeel
                                daarvan, mogen in die verordening of in dat besluit geen bepalingen
                                voorkomen die de bevoegdheden van de in deze verordening genoemde
                                functionarissen aantasten.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 2 Besturingsprincipes</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 6 Integraal management als sturingsfilosofie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad stuurt op hoofdlijnen, geeft burgemeesters en
                                        wethouders de beleidsrichting aan, wordt daarover
                                        geïnformeerd, stuurt zo nodig tussentijds bij, stelt
                                        middelen ter beschikking, beoordeelt resultaten en effecten
                                        en rekent af.</al></li><li nr="2."><al>Burgemeester en wethouders sturen op basis van ‘contracten’
                                        (beheersbegrotingen) de organisatie aan. In deze begrotingen
                                        wordt vastgelegd welke producten, in termen van kwantiteit
                                        en kwaliteit, de organisatie moet realiseren en welke
                                        middelen hiervoor ter beschikking worden gesteld.</al></li><li nr="De"><al>beheersbegrotingen zijn de basis voor de mandatering, de
                                        informatievoorziening en het afrekenen op basis van
                                        prestaties.</al></li><li nr="3."><al>De organisatie wordt gestuurd op grond van het principe van
                                        integraal management, zoals vastgelegd in het
                                        besturingsmodel.</al></li><li nr="4."><al>De afdelingshoofden zijn de integraal manager: aan hen
                                        worden de bevoegdheden en verantwoordelijkheden toebedeeld,
                                        die verband houden met het vervaardigen van complete
                                        producten en diensten, waarin beleidsvoorbereiding,
                                        -advisering en -uitvoering zijn geïntegreerd.</al></li><li nr="5."><al>De aanwijzing tot integraal manager laat onverlet de
                                        eindverantwoordelijkheid van de gemeentesecretaris,
                                        directeuren en concerncontroller, zoals in deze verordening
                                        nader bepaald.</al></li><li nr="6."><al>De onderdelen van de gemeentelijke organisatie die belast
                                        zijn met facilitaire ondersteuning of die belast zijn met de
                                        levering van deelproducten maken met de
                                        productverantwoordelijke afdelingen vooraf afspraken over de
                                        kwantiteit, kwaliteit en prijs van de dienstverlening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7</titel></kop><al>De organisatie wordt bestuurd op basis van de principes van
                                kwaliteitszorg die kwaliteit van product en proces borgen. Het
                                managementteam draagt zorg voor de ontwikkeling en uitvoering van
                                een instrumentarium.</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 2 De gemeentesecretaris</titel></kop><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 1 Positie</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 8</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De gemeentesecretaris is bestuursondersteuner en als zodanig
                                        de leider van de organisatie. Hij voert de leiding uit
                                        tezamen met de directeuren, waarmee hij een managementteam
                                        vormt.</al></li><li nr="2."><al>Onverminderd de gezamenlijke verantwoordelijkheid van het
                                        managementteam en met inachtneming van de bevoegdheden van
                                        de directeuren, afdelingshoofden en de concerncontroller
                                        heeft de gemeentesecretaris de eindverantwoordelijkheid
                                        voor: </al><lijst><li nr="a."><al>een voldoende kwaliteit van de ambtelijke integrale
                                                advisering en ondersteuning van de
                                                bestuursorganen;</al></li><li nr="b."><al>het tijdig en voldoende voorzien van de
                                                bestuursorganen van de nodige ambtelijke adviezen en
                                                ondersteuning;</al></li><li nr="c."><al>een voldoende planning van activiteiten en de
                                                uitvoering daarvan met inachtneming van het terzake
                                                vastgestelde beleid (planning en control); De
                                                uitvoering van planning en control is opgedragen aan
                                                de concerncontroller;</al></li><li nr="d."><al>de samenhang alsmede een voldoende gecoördineerd en
                                                geïntegreerd handelen van de onderscheiden
                                                onderdelen;</al></li><li nr="e."><al>de realisering van integraal management door
                                                afdelingshoofden;</al></li><li nr="f."><al>de totstandkoming van vastgestelde standaards van
                                                kwaliteitszorg;</al></li><li nr="g."><al>een goede kwaliteit van het management en de
                                                organisatie van het ambtelijke apparaat;</al></li><li nr="h."><al>het op doelmatige wijze ter zijde staan van de
                                                bestuursorganen door het ambtelijke apparaat;</al></li><li nr="i."><al>de taken die bij het managementteam berusten;</al></li><li nr="j."><al>het goed functioneren van het managementteam;</al></li><li nr="k."><al>het tijdig en voldoende informeren van de
                                                ondernemingsraad over de algemene gang van zaken van
                                                de onderneming en het bespreken met de
                                                ondernemingsraad van de voorgenomen besluiten die
                                                hem om advies of instemming moeten worden
                                                voorgelegd.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De gemeentesecretaris ondersteunt de bestuursorganen, is
                                        voorzitter van het managementteam (MT) en bestuurder in de
                                        zin van de Wet op de ondernemingsraden.</al></li><li nr="4."><al>Burgemeester en wethouders wijzen de functionarissen aan,
                                        die de gemeentesecretaris vervangen
                                        (loco-gemeentesecretaris).</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De gemeentesecretaris heeft het recht bij alle aan het
                                        college van burgemeester en wethouders ondergeschikte
                                        ambtenaren, zowel individueel als per organisatorische
                                        eenheid, de inlichtingen in te winnen die voor een goede
                                        vervulling van zijn taak nodig zijn.</al></li><li nr="2."><al>De gemeentesecretaris dient hiervan het diensthoofd in
                                        kennis te stellen, tenzij het het diensthoofd zelf
                                        betreft.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De gemeentesecretaris wordt benoemd en ontslagen door de
                                        raad met inachtneming van de bepalingen zoals in de
                                        gemeentewet bepaald.</al></li><li nr="2."><al>De directeuren van de diensten, de
                                        adjunct-gemeentesecretaris en de concerncontroller worden
                                        benoemd en ontslagen door het college van burgemeester en
                                        wethouders. De gemeentesecretaris bevordert het tot stand
                                        komen van de voordrachten ter zake aan het college van
                                        burgemeester en wethouders.</al></li><li nr="3."><al>Tot het doen van een aanbeveling voor de benoeming van de
                                        gemeentesecretaris, wordt niet overgegaan dan nadat, advies
                                        is ingewonnen ingevolge <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20ondernemingsraden/article=30%20">artikel 30 van de Wet op de
                                        ondernemingsraden</extref>.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 2 Gemeentesecretaris in relatie met
                                bestuursorganen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 11</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De gemeentesecretaris draagt zorg voor een doelmatige
                                        ondersteuning van de leden van de raad.</al></li><li nr="2."><al>Hij draagt er desgevraagd of uit eigen beweging zorg voor
                                        dat de leden van de raad informatie wordt verstrekt omtrent
                                        onder het gemeentebestuur berustende documenten, waarvan het
                                        college van burgemeester en wethouders of de burgemeester
                                        kennis hebben genomen, voor zover bedoelde leden in hun
                                        hoedanigheid van raadslid daarover beschikking behoeven. De
                                        informatie wordt mondeling, door inzage of in de vorm van
                                        een uittreksel of kopie verstrekt, waarbij zoveel als
                                        redelijkerwijs mogelijk, met de wens van de verzoeker
                                        rekening wordt gehouden.</al></li><li nr="3."><al>De gemeentesecretaris draagt er zorg voor dat de leden van
                                        de raad desgevraagd technische bijstand verkrijgen bij het
                                        formuleren van moties, amendementen en voorstellen, het
                                        voorbereiden van interpellaties, het stellen van vragen en
                                        dergelijke in het Reglement van Orde voorziene initiatieven
                                        van leden van de raad.</al></li><li nr="4."><al>Het college van burgemeester en wethouders stelt met
                                        betrekking tot het bepaalde in het tweede en derde lid
                                        nadere regelingen vast. Het college hoort daaromtrent eerst
                                        de functionele raadscommissie.</al></li><li nr="5."><al>De gemeentesecretaris staat de voorzitter van de raad ter
                                        zijde bij zijn zorg voor een goede voorbereiding en een goed
                                        verloop van de vergadering van de raad.</al></li><li nr="6."><al>De gemeentesecretaris draagt er zorg voor dat van
                                        vergaderingen van de raad verslag wordt gemaakt en een
                                        presentielijst wordt opgesteld.</al></li><li nr="7."><al>De gemeentesecretaris wijst ambtenaren aan die onder zijn
                                        toezicht het secretariaat vervullen van de commissies als
                                        bedoeld in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=82%20">artikelen 82 tot en met 94 van de
                                        Gemeentewet</extref>.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De gemeentesecretaris draagt onverminderd de
                                        verantwoordelijkheden van de burgemeester zorg voor een
                                        goede voorbereiding van de vergaderingen van het college van
                                        burgemeester en wethouders.</al></li><li nr="2."><al>Hij draagt zorg voor een gedegen en tijdige advisering aan
                                        het college van burgemeester en wethouders. Ter uitvoering
                                        van deze taak worden adviezen - alvorens deze aan het
                                        college van burgemeester en wethouders ter besluitvorming
                                        worden voorgelegd - beoordeeld door de gemeentesecretaris.
                                        Hij kan zich laten bijstaan door een door hem aan te wijzen
                                        ambtenaar.</al></li><li nr="3."><al>Hij is verantwoordelijk voor een snel en adequaat verloop
                                        van het proces en voor besluitvorming noodzakelijke
                                        procedures en bevordert een voortvarende uitvoering van de
                                        besluiten van het college van burgemeester en
                                        wethouders.</al></li><li nr="4."><al>De gemeentesecretaris draagt er desgevraagd of uit eigen
                                        beweging zorg voor dat de leden van het college van
                                        burgemeester en wethouders over alle informatie kunnen
                                        beschikken die zij behoeven om hun functie goed te kunnen
                                        uitoefenen.</al></li><li nr="5."><al>De gemeentesecretaris draagt er zorg voor dat tijdens de
                                        vergaderingen van het college van burgemeester en wethouders
                                        genomen besluiten worden vastgelegd en dat een
                                        presentielijst wordt bijgehouden.</al></li><li nr="6."><al>Ten aanzien van de in dit artikel omschreven taken kan het
                                        college van burgemeester en wethouders aan de
                                        gemeentesecretaris nadere richtlijnen geven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De gemeentesecretaris staat de burgemeester in diens
                                        hoedanigheid van bestuurlijk coördinator ter zijde.</al></li><li nr="2."><al>Hij bevordert hiertoe samen met de burgemeester een goede
                                        afstemming tussen de bestuursorganen enerzijds en het
                                        ambtelijk apparaat anderzijds.</al></li><li nr="3."><al>Voorts is hij daartoe de burgemeester behulpzaam bij de
                                        bevordering van goede samenwerking en afstemming tussen de
                                        bestuursorganen alsmede de bewaking van het functioneren als
                                        collegiaal bestuur van het college van burgemeester en
                                        wethouders.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14</titel></kop><al>Tenzij bij afzonderlijke verordeningen of bij afzonderlijk besluit
                                anders is geregeld, is het bepaalde in de artikelen 12 en 13 voor
                                zover het betreft de daarin opgedragen taken, ten aanzien van door
                                de raad, het college van burgemeester en wethouders en de
                                burgemeester ingestelde commissies van overeenkomstige toepassing
                                met dien verstande dat het stellen van nadere regelen en richtlijnen
                                als bedoeld in voornoemde artikelen geschiedt door het college van
                                burgemeester en wethouders, casu quo de burgemeester.</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 3 De ambtelijke organisatie</titel></kop><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 1 Ambtelijk apparaat en uitoefening van
                                bestuursbevoegdheid, delegatie en mandaat</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 15</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Tenzij de regeling waarop hun bevoegdheid steunt zich
                                        daartegen verzet, kan het college van burgemeester en
                                        wethouders voor nader door hen aan te geven categorieën van
                                        zaken de uitoefening van een of meer van hun bevoegdheden
                                        mandateren aan de gemeentesecretaris, de directeuren van de
                                        diensten en de concerncontroller. Burgemeester en wethouders
                                        kunnen de in dit lid bedoelde mandataris toestaan
                                        ondermandaat te verlenen aan hen ondergeschikte ambtenaren
                                        (zie mandaatbesluiten).</al></li><li nr="2."><al>Onder dezelfde als de in het eerste lid vermelden
                                        voorwaarden, kunnen burgemeester en wethouders afdoenings-
                                        of ondertekeningsmandaat verlenen aan andere ambtenaren, met
                                        dien verstande dat de mandaatverlening niet plaats vindt
                                        zonder instemming van de gemeentesecretaris. De laatste
                                        volzin van het eerste lid van dit artikel is van
                                        overeenkomstige toepassing. De gemandateerde bevoegdheid
                                        wordt uit naam en onder verantwoordelijkheid van het college
                                        van burgemeester en wethouders uitgeoefend.</al></li><li nr="3."><al>Het college van burgemeester en wethouders geeft te dien
                                        aanzien nadere aanwijzingen.</al></li><li nr="4."><al>Indien het college van burgemeester en wethouders van de in
                                        het eerste lid bedoelde mogelijkheid gebruik maakt, doet het
                                        college daarvan mededeling aan de functionele
                                        raadscommissie.</al></li><li nr="5."><al>Het college van burgemeester en wethouders verwerkt zijn
                                        besluiten tot het verlenen van mandaat in een publicatie die
                                        voor een ieder ter inzage wordt gelegd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16</titel></kop><al>Het bepaalde in artikel 15 is van overeenkomstige toepassing ten
                                aanzien van de burgemeester als bestuursorgaan.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17</titel></kop><al>De bevoegdheden op basis van de Wet op de Ondernemingsraden worden
                                gedelegeerd aan het college van burgemeester en wethouders.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 2 Uitvoerende bevoegdheden en verantwoordelijkheden van
                                het ambtelijk apparaat</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 18</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het aan de gemeentesecretaris respectievelijk de directeuren
                                        opgedragen dagelijks beheer van de dienst omvat de
                                        verantwoordelijkheid voor het functioneren van de
                                        dienst.</al></li><li nr="2."><al>Die verantwoordelijkheid omvat de zorg voor het doen
                                        functioneren van integraal management als sturingsfilosofie,
                                        inclusief het functioneren van de afdelingshoofden als
                                        integraal managers.</al></li><li nr="3."><al>Tot het dagelijks beheer van de dienst wordt eveneens
                                        gerekend het realiseren van de met burgemeester en
                                        wethouders overeen te komen omvang en kwaliteit van de
                                        dienstverlening en de verantwoordelijkheid voor de daartoe
                                        ter beschikking te stellen middelen.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 3 Procedures en spelregels</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 19</titel></kop><al>Ten aanzien van aangelegenheden waarin zulks gewenst wordt geacht,
                                geeft het college van burgemeester en wethouders een kader aan voor
                                de inbreng van het ambtelijk apparaat bij het maken van beleid. Dit
                                kader wordt aangeduid met de benaming ‘bestuursopdracht’.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 20</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Elke zaak wordt primair voorbereid en uitgevoerd door de
                                        dienst tot wiens taakgebied de desbetreffende zaak behoort,
                                        tenzij in een bestuursopdracht anders wordt bepaald.</al></li><li nr="2."><al>Indien een zaak zich over het taakgebied van meer dan een
                                        dienst uitstrekt en ten aanzien van die zaak geen toepassing
                                        is gegeven aan artikel 1, lid 2, wijst de gemeentesecretaris
                                        een dienst aan die primair verantwoordelijk is voor de
                                        voorbereiding of de uitvoering alsmede voor de tijdsplanning
                                        en de bewaking van de voortgang.</al></li><li nr="3."><al>De aangewezen dienst is verantwoordelijk voor het leveren
                                        van een integraal product.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 21</titel></kop><al>De advisering aan de bestuursorganen door de ambtelijke organisatie
                                geschiedt vanuit een integere, betrouwbare en onafhankelijke
                                professionaliteit.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 4 Managementteam</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 22</titel></kop><al>De gemeente kent een managementteam, dat de verantwoordelijkheid
                                draagt voor de strategische en integrale beleidsontwikkeling en de
                                bedrijfsvoering. De leden zijn primair op die taak
                                aanspreekbaar.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 23</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het managementteam (MT) van de organisatie bestaat uit de
                                        gemeentesecretaris, de adjunct-gemeentesecretaris en de
                                        directeuren. De concerncontroller heeft als adviseur
                                        zitting.</al></li><li nr=""><al>Zijn advies komt in het advies van het managementteam tot
                                        uitdrukking. Ter vervulling van haar taken voert het
                                        managementteam regelmatig overleg.</al></li><li nr="2."><al>De gemeentesecretaris is voorzitter van het
                                        managementteam.</al></li><li nr="3."><al>In geval van afwezigheid van de voorzitter van het
                                        managementteam treedt het door een managementteam uit haar
                                        midden aan te wijzen lid als voorzitter op.</al></li><li nr="4."><al>Het managementteam heeft een secretaris.</al></li><li nr="5."><al>De voorzitter van het managementteam stelt de vergaderdata
                                        en de agenda voor de vergaderingen vast. De leden kunnen
                                        punten voordragen voor agendering bij de voorzitter of de
                                        secretaris. De secretaris zorgt ervoor dat de agenda en
                                        bijbehorende stukken worden gereedgemaakt en zo mogelijk ten
                                        minste twee dagen voor de vergadering in het bezit zijn van
                                        de leden van het managementteam.</al></li><li nr="6."><al>Het managementteam heeft de bevoegdheid die maatregelen en
                                        voorzieningen te treffen die nodig zijn om haar taken te
                                        kunnen vervullen.</al></li><li nr="7."><al>De verslagen van het managementteam worden opgesteld door de
                                        secretaris en na akkoord van de voorzitter verspreid in de
                                        organisatie en aan het college van burgemeester en
                                        wethouders toegezonden.</al></li><li nr="8."><al>Voor zover de voorzitter van het managementteam zulks in
                                        aanvulling op hetgeen daaromtrent in deze verordening is
                                        bepaald nodig acht, stelt hij in overleg met de directeuren
                                        en de concerncontroller procedures vast voor de behandeling
                                        van zaken die door het bestuur aan het ambtelijk apparaat
                                        ter voorbereiding of uitvoering zijn opgedragen.</al></li><li nr="9."><al>Burgemeester en wethouders kunnen nadere richtlijnen
                                        vaststellen ten aanzien van de werkwijze, de taakgebieden en
                                        de bevoegdheden van het managementteam.</al></li><li nr="10."><al>Indien in het managementteamoverleg geen overeenstemming
                                        wordt bereikt over verdere beleidsvoorbereiding of
                                        beleidsuitvoering van een zaak, zal de gemeentesecretaris
                                        nadere aanwijzingen geven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 24</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het managementteam is, binnen de daartoe door burgemeester
                                        en wethouders gegeven richtlijnen en het door dezen gevoerde
                                        beleid, met inachtneming van de wettelijke bepalingen inzake
                                        de positie van de gemeentesecretaris en diens taak, belast
                                        met: </al><lijst><li nr="a."><al>het adviseren ten behoeve van de
                                                gemeentesecretaris;</al></li><li nr="b."><al>het bevorderen van het integraal en als eenheid
                                                functioneren van de diensten;</al></li><li nr="c."><al>het coördineren van de processen van
                                                beleidsvoorbereiding, vorming en uitvoering;</al></li><li nr="d."><al>de beleidscoördinatie en integrale advisering op
                                                hoofdlijnen in aangelegenheden van strategische aard
                                                en die op het terrein van planontwikkeling;</al></li><li nr="e."><al>het vormgeven van en het inhoud geven aan het
                                                middelenbeleid alsmede het uniform en gezamenlijk
                                                uitvoeren van het gemeentelijk middelenbeleid;</al></li><li nr="f."><al>het invullen van de planning- en controlcyclus
                                                (begroting, rekening en rapportage);</al></li><li nr="g."><al>het bevorderen van een cultuur in de organisatie,
                                                die is gebaseerd op integraal management en
                                                kwaliteitszorg;</al></li><li nr="h."><al>het doen implementeren, uitvoeren en onderhouden van
                                                een kwaliteitsmanagementsysteem in de
                                                organisatie;</al></li><li nr="i."><al>het bevorderen van de kwaliteit van de arbeid in de
                                                organisatie;</al></li><li nr="j."><al>het bevorderen en onderhouden van inspraak,
                                                werkoverleg en medezeggenschap van het
                                                personeel.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De in het eerste lid, sub a, b en c vermelde taakgebieden
                                        omvatten onder meer als deeltaken: </al><lijst><li nr="a."><al>de sturing en beheersing van projecten;</al></li><li nr="b."><al>de planning en voortgangsbewaking van belangrijke
                                                beleidsprocessen;</al></li><li nr="c."><al>de zorg voor het permanente onderhoud van de
                                                structuur en de cultuur van de organisatie en het
                                                waar nodig op gang brengen van
                                                veranderingsprocessen;</al></li><li nr="d."><al>het waarborgen van een goede afstemming tussen
                                                beleidsvorming en uitvoering.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het in het eerste lid, sub d. vermelde taakgebied omvat
                                        onder meer als deeltaken: </al><lijst><li nr="a."><al>het aangeven van langere termijn
                                                ontwikkelingen;</al></li><li nr="b."><al>het formuleren van en adviseren over keuzes, kosten
                                                en alternatieven;</al></li><li nr="c."><al>de advisering over bestuursopdrachten;</al></li><li nr="d."><al>de coördinatie en bewaking van de
                                                beleidscyclus;</al></li><li nr="e."><al>de vertaling van bestuursbesluiten in concrete
                                                plannen van aanpak voor de ambtelijke
                                                organisatie;</al></li><li nr="f."><al>de advisering aan burgemeester en wethouders over
                                                het instellen van tijdelijke organisatorische
                                                verbanden.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>De in het eerste lid, sub e en f vermelde taakgebieden
                                        omvatten onder meer als deeltaken: </al><lijst><li nr="a."><al>de advisering aan burgemeester en wethouders over de
                                                uitgangspunten van het te voeren middelenbeleid,
                                                zoals het personeelsbeleid, financieel beleid en het
                                                informatisering- en automatiseringsbeleid;</al></li><li nr="b."><al>de coördinatie van en toezicht op het beheer en de
                                                inzet van deze middelen, alsmede de verantwoording
                                                over het gevoerde middelenbeheer;</al></li><li nr="c."><al>doen zorg dragen voor de huisvesting van de
                                                organisatie en de inrichting van de gebouwen.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>De in het eerste lid sub g en h en i vermelde taakgebieden
                                        omvatten onder meer als deeltaken: </al><lijst><li nr="a."><al>het formuleren van de kaders van integraal
                                                management en het bevorderen van kennis en
                                                werkervaring er mee;</al></li><li nr="b."><al>het introduceren en implementeren, inclusief
                                                opleiding en training van een systeem van
                                                kwaliteitszorg waarin tevredenheid van burger,
                                                klant, personeel en bestuur centraal staan.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>De in het eerste lid sub j vermelde taak omvat onder meer
                                        als deeltaken: </al><lijst><li nr="a."><al>het regelen van een optimale structuur en cultuur
                                                van inspraak en overleg (OR en werkoverleg);</al></li><li nr="b."><al>het scheppen van een sfeer waarin medezeggenschap en
                                                vanzelfsprekend onderdeel is van overleg, advies en
                                                besluitvorming.</al></li></lijst></li><li nr="7."><al>Omtrent de in dit artikel genoemde taken brengen de
                                        directeuren gevraagd en ongevraagd advies uit aan
                                        burgemeester en wethouders.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 5 Diensten</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 25</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Met inachtneming van door het college van burgemeester en
                                        wethouders gestelde regelingen treft het diensthoofd de
                                        maatregelen en voorzieningen, die hij omwille van een
                                        doelmatige uitvoering van de aan zijn dienst opgedragen
                                        taken nodig acht.</al></li><li nr="2."><al>Indien daartoe maatregelen door het gemeentebestuur zijn te
                                        nemen, rapporteert hij daaromtrent aan het college van
                                        burgemeester en wethouders.</al></li><li nr="3."><al>Maatregelen en rapportages op grond van dit artikel
                                        betreffende het intern beheer van een dienst, brengt de
                                        directie van de dienst dan wel de dienstcontroller ter
                                        kennis van het managementteam en de concerncontroller.</al></li><li nr="4."><al>Het voorgaande laat onverlet de bevoegdheden van de
                                        ondernemingsraad op grond van de Wet op de
                                        ondernemingsraden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 26</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De directeuren zijn verantwoordelijk voor de opstelling en
                                        uitvoering van dienstplannen.</al></li><li nr="2."><al>De directeuren zijn verantwoordelijk voor een goede
                                        coördinatie tussen de afdelingen in de eigen dienst en voor
                                        de juiste afstemming met de andere directeuren, zowel voor
                                        de voorbereiding als voor de uitvoering van het beleid.</al></li><li nr="3."><al>De directeuren zijn functioneel en inhoudelijk
                                        verantwoordelijk voor het functioneren van hun
                                        afdelingshoofden.</al></li><li nr="4."><al>De directeuren hebben de zorg voor goede communicatie met de
                                        hoofden van hun afdelingen.</al></li><li nr="5."><al>De directeuren dragen er zorg voor dat de afdelingshoofden
                                        hun verantwoordelijkheid als integraal manager kunnen
                                        realiseren. Zij scheppen de randvoorwaarden, stellen
                                        instrumenten en middelen beschikbaar en dragen de
                                        verantwoordelijkheid voor een positieve houding en
                                        faciliteit afdelingshoofden.</al></li><li nr="6."><al>De directeuren dragen er zorg voor dat specifieke taken,
                                        door het gemeentebestuur opgedragen aan hoofden van
                                        afdelingen, onderscheidenlijk, voor zover van hen afhangt,
                                        aan overige medewerkers, naar behoren worden en kunnen
                                        worden vervuld.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 27</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Periodiek en in elk geval op nader door het college van
                                        burgemeester en wethouders aan te geven tijdstippen legt het
                                        diensthoofd aan het college van burgemeester en wethouders
                                        verantwoording af over het door hem gevoerde dagelijks
                                        beheer. Hij brengt hiertoe aan hen een managementrapport
                                        uit. Indien aan het diensthoofd taakopdrachten zijn
                                        verstrekt als bedoeld in artikel 6, wordt in het
                                        managementrapport op het verloop van die opdracht
                                        ingegaan.</al></li><li nr="2."><al>Het college van burgemeester en wethouders stelt nadere
                                        regelingen vast omtrent de inrichting van het
                                        managementrapport.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 28</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De hoofden van afdelingen als integraal manager zijn belast
                                        met de integrale leiding van hun afdeling binnen de kaders
                                        en randvoorwaarden van deze verordening en andere
                                        regelgeving. Zij nemen daarbij de aanwijzingen en
                                        instructies van het managementteam, de concerncontroller en
                                        de directeuren van de desbetreffende dienst bijzonder in
                                        acht.</al></li><li nr="2."><al>De afdelingshoofden zijn verantwoordelijk voor de opstelling
                                        van afdelingsplannen.</al></li><li nr="3."><al>De hoofden zijn belast met voortgangs- en afdoeningsbewaking
                                        en de controle daarop.</al></li><li nr="4."><al>De hoofden zijn belast met het krediet- en budgetbeheer,
                                        alsmede met de bewaking daarvan.</al></li><li nr="5."><al>Bij de hoofden berust de verantwoordelijkheid voor de
                                        vaktechnische kwaliteit en integraliteit van advisering,
                                        rapportage en uitvoering, alsmede voor de afdoening van
                                        correspondentie.</al></li><li nr="6."><al>Het managementteam en in het bijzonder de directeuren van de
                                        desbetreffende dienst kan (kunnen), onder goedkeuring van
                                        burgemeester en wethouders, nadere regels stellen voor de
                                        uitoefening van taken en bevoegdheden van de hoofden van
                                        afdelingen.</al></li><li nr="7."><al>Het managementteam bevordert, voor zo veel van hen afhangt,
                                        het verlenen aan de hoofden van de afdelingen van de voor
                                        hun functioneren noodzakelijke mandaten en ondermandaten,
                                        als bedoeld in artikel 15.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 29</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het hoofd van de afdeling is verantwoordelijk voor een goede
                                        coördinatie op de afdeling en de inhoudelijke en integrale
                                        advisering via gemeentesecretaris aan het gemeentebestuur.
                                        Integrale advisering impliceert een tijdige betrokkenheid
                                        van alle bestuurlijke en ambtelijke functionarissen. De
                                        gemeentesecretaris stelt ter zake regels vast.</al></li><li nr="2."><al>Het hoofd is verantwoordelijk voor een goede taakverdeling
                                        tussen de medewerkers. Basis voor deze taakverdeling is de
                                        functiebeschrijving zoals die door burgemeester en
                                        wethouders is vastgesteld.</al></li><li nr="3."><al>Het hoofd draagt er zorg voor dat specifieke taken, door het
                                        gemeentebestuur opgedragen aan een ambtenaar van diens
                                        afdeling, naar behoren worden en kunnen worden vervuld.</al></li><li nr="4."><al>Het hoofd is verantwoordelijk voor een goed functionerend
                                        werkoverleg.</al></li><li nr="5."><al>Het hoofd is verantwoordelijk voor het personeel van de
                                        afdeling, de juiste en tijdige advisering en rapportage over
                                        de personele bezetting.</al></li><li nr="6."><al>Het hoofd is verantwoordelijk voor een goede voortgangs- en
                                        kwaliteitsbewaking van de dienstverlening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 30</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Inhoudelijke advisering is de taak van de daarvoor
                                        aangestelde ambtenaar. Wanneer het hoofd van de afdeling en
                                        de betrokken medewerker van mening verschillen over een
                                        bepaalde zaak, is de visie van het hoofd bepalend. Bij
                                        fundamentele aangelegenheden komt de visie van de medewerker
                                        in de nota tot uiting.</al></li><li nr="2."><al>Het hoofd van de afdeling draagt zorg voor een zodanige
                                        advisering dat deskundige inbreng integraal is verzekerd en
                                        dat elk advies, zo mogelijk met alternatieven, volledig
                                        wordt voorgelegd aan het gemeentebestuur.</al></li><li nr="3."><al>Indien een zaak tevens het taakgebied van een of meer andere
                                        organisatieonderdelen raakt of wanneer coördinatiebehoeften
                                        of - mogelijkheden aanwezig zijn, draagt het hoofd er zorg
                                        voor dat artikel 28 toepassing vindt.</al></li><li nr="4."><al>Het hoofd van de afdeling beoordeelt of de door de afdeling
                                        uit te brengen adviezen passen in de door het
                                        gemeentebestuur vastgelegde kaders van beleid,
                                        doelstellingen en planningen.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Paragraaf 6 Overlegvormen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 31</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Periodiek vindt beleidsoverleg (BO) plaats tussen het
                                        college van burgemeester en wethouders en het
                                        managementteam.</al></li><li nr="2."><al>Het beleidsoverleg is in het bijzonder gericht op: </al><lijst><li nr="a."><al>belangrijke, strategische onderwerpen, waaronder
                                                bestuursopdrachten die het college van burgemeester
                                                en wethouders in zijn totaliteit aangaan;</al></li><li nr="b."><al>de producten van de Planning en Control-cyclus;</al></li><li nr="c."><al>de managementrapportages die de gemeentesecretaris
                                                en directeuren eenmaal per vier maanden aanbieden
                                                aan het college van burgemeester en wethouders.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Agendering van onderwerpen geschiedt op verzoek van het
                                        college van burgemeester en wethouders of van het
                                        managementteam. Het college van burgemeester en wethouders
                                        en het managementteam overleggen in het beleidsoverleg op
                                        basis van gelijkwaardigheid van inbreng, met inachtneming
                                        adviserende rol van het managementteam en de besluitvormende
                                        voorwaarden van burgemeester en wethouders.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 32</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De leden van het college van burgemeester en wethouders
                                        voeren vanuit hun portefeuille verantwoordelijkheden
                                        regelmatig overleg met de betrokken hoofden van afdelingen.
                                        In overleg met het betrokken lid van het college van
                                        burgemeester en wethouders kan het betrokken afdelingshoofd
                                        andere ambtenaren aanwijzen die mede deelnemen aan dit
                                        overleg.</al></li><li nr="2."><al>De deelnemers bepalen gezamenlijk de frequentie van het
                                        overleg.</al></li><li nr="3."><al>Van het overleg wordt door de zorg van het betrokken hoofd
                                        van de afdeling een kort verslag met afsprakenlijst gemaakt.
                                        Een kopie daarvan wordt ter hand gesteld aan de deelnemers
                                        van het overleg, alsmede aan de directeuren van de dienst
                                        waar de betrokken afdeling toe behoort.</al></li><li nr="4."><al>Indien naar het oordeel van het betrokken lid van het
                                        college van burgemeester en wethouders besproken punten
                                        behandeld dienen te worden in het managementteam, wordt
                                        tevens een kopie ter hand gesteld aan de voorzitter van het
                                        managementteam, met vermelding van de punten die naar het
                                        oordeel van het lid van het college van burgemeester en
                                        wethouders behandeling behoeven in het managementteam</al></li><li nr="5."><al>De directeur van de dienst is bevoegd aan het overleg deel
                                        te nemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 33</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Er is een controllersoverleg waaraan concerncontroller als
                                        voorzitter en dienstcontrollers deelnemen.</al></li><li nr="2."><al>Het controllersoverleg adviseert aan het MT over de
                                        ontwikkelingen en implementatie van het instrumentarium voor
                                        planning en control op het gebied van Personeel, Informatie,
                                        Organisatie en Financiën.</al></li><li nr="3."><al>Het controllersoverleg stemt de uitvoering van het
                                        middelenbeleid af (inclusief de daartoe behorende
                                        tijdsplanning).</al></li><li nr="4."><al>Het controllersoverleg fungeert als overlegplatform met
                                        betrekking tot overwegingen en besluiten van het MT en het
                                        gemeentebestuur.</al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 4 Financieel management en de administratieve organisatie
                            van de gemeente</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 34 De gemeentesecretaris en directeuren</titel></kop><al>De gemeentesecretaris en directeuren zijn verantwoordelijk voor de
                            totale kwaliteit van de door hen bij het college van burgemeester en
                            wethouders ingediende voorstellen met betrekking tot beleid en
                            uitvoering. In het bijzonder gaat het daarbij om de integraliteit, de
                            rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 35 De concerncontroller</titel></kop><al>De concerncontroller:</al><lijst><li nr="1."><al>is - met inachtneming van de verantwoordelijkheid van de
                                    gemeentesecretaris, de directeuren en de integrale managers - in
                                    het bijzonder belast met de coördinatie en evaluatie van de
                                    effectiviteit van het gemeentelijk beleid en de beleidsinzet, in
                                    relatie tot de beleidsdoelstellingen, alsmede het gemeentelijk
                                    middelenbeleid;</al></li><li nr="2."><al>is verantwoordelijk voor het ontwikkelen, implementeren,
                                    coördineren en toetsen van een gemeentebreed besturingsbeleid
                                    met overeenkomstige instrumenten op het gebied van Personeel,
                                    Informatie, Organisatie en Financiën;</al></li><li nr="3."><al>heeft een toetsende verantwoordelijkheid ten aanzien van de
                                    rechtmatigheid en doelmatigheid met betrekking tot
                                    dienstonderdelen, onverlet de eigen verantwoordelijkheid
                                    daarvoor van het betreffende management;</al></li><li nr="4."><al>adviseert aan het college en het Managementteam ten aanzien van
                                    het middelenbeleid en -beheer;</al></li><li nr="5."><al>ondersteunt en adviseert de gemeentesecretaris ten behoeve van
                                    diens eindverantwoordelijkheid voor het functioneren van de
                                    organisatie als geheel;</al></li><li nr="6."><al>in situaties waar de rechtmatigheid en doelmatigheid van het
                                    middelenbeleid en -beheer in relatie tot de bestuurlijke
                                    doelstellingen in geding zijn, kan de concerncontroller zich
                                    rechtstreeks tot het college van burgemeester en wethouders
                                    wenden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 36 De dienstcontroller</titel></kop><al>De dienstcontroller:</al><lijst><li nr="1."><al>is, onverminderd de verantwoordelijkheid van de directeur,
                                    binnen de dienst verantwoordelijk voor het ontwikkelen,
                                    implementeren, coördineren en toetsen van een samenhangend
                                    geheel van instrumenten, procedures en methoden, gericht op de
                                    doelmatige besteding van middelen en de verantwoording hiervan,
                                    voor zover niet geregeld in de concernvoorschriften en
                                    -richtlijnen;</al></li><li nr="2."><al>ondersteunt en adviseert de directeur ten behoeve van diens
                                    eindverantwoordelijkheid voor het functioneren van de
                                    dienst;</al></li><li nr="3."><al>is functioneel verantwoording verschuldigd aan de
                                    concerncontroller en ondersteunt en adviseert deze met
                                    betrekking tot de ontwikkeling van gemeentebreed te hanteren
                                    instrumentarium voor planning en control;</al></li><li nr="4."><al>geeft leiding aan het bedrijfsbureau van de dienst;</al></li><li nr="5."><al>in situaties waar de rechtmatigheid en doelmatigheid van het
                                    middelenbeleid en -beheer in geding zijn, kan de
                                    dienstcontroller zich wenden tot het college van burgemeester en
                                    wethouders, door tussenkomst van de concerncontroller.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 37 Het bedrijfsbureau</titel></kop><al>Het bedrijfsbureau:</al><lijst><li nr="1."><al>is verantwoordelijk voor de totstandkoming van diverse
                                    dienstproducten uit de budgetcyclus, signaleert afwijkingen ten
                                    aanzien van budgetten en kredieten en is verantwoordelijk voor
                                    de reserves en voorzieningen van de dienst;</al></li><li nr="2."><al>onderhoudt contacten met de centrale financiële administratie
                                    gericht op een juiste vastlegging van financiële gegevens en het
                                    genereren van managementinformatie;</al></li><li nr="3."><al>ondersteunt en adviseert de directeur en het dienstmanagement
                                    inzake het middelenbeleid en -beheer, binnen de hiervoor
                                    vastgesteld concernvoorschriften en -richtlijnen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 38 De centrale financiële administratie</titel></kop><al>De centrale financiële administratie is verantwoordelijk voor het
                            systematisch verzamelen, vastleggen, bewerken en verstrekken van
                            informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het
                            beheersen van de gemeentelijke organisatie en ten behoeve van de
                            verantwoording die daarover moet worden afgelegd.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 39</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Op grond van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=212%20">artikelen 212</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet%20/article=213%20">213 van de Gemeentewet</extref> stelt de raad bij
                                    afzonderlijke verordeningen regels vast met betrekking tot de
                                    organisatie van en de controle op de administratie en van het
                                    beheer van vermogenswaarden.</al></li><li nr="2."><al>De regels uit het vorige lid zijn vastgelegd in de
                                    beheersverordening en de controleverordening.</al></li><li nr="3."><al>Het college van Burgemeester en wethouders geeft ten aanzien van
                                    de bedoelde verordeningen nadere regels door middel van
                                    uitvoeringsbesluiten en instructies voor functionarissen belast
                                    met de in het eerste lid bedoelde verantwoordelijkheden en
                                    taken.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 5 Deelname in gemeenschappelijke regelingen en overige
                            rechtspersonen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 40</titel></kop><al>Bij het besluit van de gemeenteraad, van het college van burgemeester en
                            wethouders of van de burgemeester, waarin wordt besloten tot het aangaan
                            van een gemeenschappelijk regeling, of waarbij wordt besloten tot het
                            oprichten van of deelnemen aan een rechtspersoon als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=155%20">artikel 155 van de Gemeentewet</extref>, wordt bepaald welke
                            organisatieonderdelen ten behoeve van de vertegenwoordigers van het
                            gemeentebestuur, ondersteunende werkzaamheden verrichten.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 41</titel></kop><al>De vertegenwoordigers van het gemeentebestuur en de in artikel 40
                            aangewezen organisatieonderdelen bevorderen, voor zover mogelijk en voor
                            zo veel van hen afhangt, dat het beheer van de rechtspersonen die de
                            gemeente heeft opgericht of waaraan zij deelneemt, plaatsvindt alsof die
                            rechtspersonen organisatieonderdelen zijn in de zin van deze
                            verordening.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 42</titel></kop><al>Zij, die als vertegenwoordiger van het gemeentebestuur deel uitmaken van
                            enig college van een rechtspersoon, zijn verplicht om op nader door het
                            orgaan, dat de betrokken vertegenwoordiger heeft benoemd of aangewezen,
                            te bepalen wijze regelmatig verslag uit te brengen omtrent hun
                            werkzaamheden in dat bestuur.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk 6 Slot- en overgangsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 43</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor 1 januari 2002, of zoveel eerder als hij redenen daartoe
                                    aanwezig acht, brengt de gemeentesecretaris aan burgemeester en
                                    wethouders een rapport uit inzake het functioneren van het bij
                                    of krachtens deze verordening bepaalde. Vervolgens brengt hij
                                    een zodanig rapport om de twee jaar uit en bovendien op ieder
                                    tijdstip, wanneer hij zulks nodig acht. In zijn rapport besteedt
                                    hij bijzondere aandacht aan de vraag of de organisatie
                                    aanpassing behoeft, bijvoorbeeld tengevolge van de
                                    maatschappelijke ontwikkelingen en het door de raad vastgestelde
                                    beleid.</al></li><li nr="2."><al>Burgemeester en wethouders brengen het in het eerste lid
                                    bedoelde rapport ter kennis van de raad, vergezeld van het door
                                    hen daarover ingenomen standpunt.</al></li><li nr="3."><al>De in het eerste lid bedoelde rapporteren het standpunt van
                                    burgemeester en wethouders als bedoeld in het tweede lid vormen,
                                    voordat zij ter kennis van de raad worden gebracht, onderwerp
                                    van bespreking in de ondernemingsraad en in de Commissie voor
                                    georganiseerd overleg in ambtenarenzaken.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 44</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor zover dit nodig is, kunnen door burgemeester en wethouders
                                    voor bepaalde aangewezen organisatieonderdelen of delen daarvan
                                    afwijkende en/of aanvullende regels worden vastgesteld.</al></li><li nr="2."><al>Zij gaan daartoe niet over dan nadat zij de gemeentesecretaris
                                    en, onderscheidenlijk het managementteam in de gelegenheid
                                    hebben gesteld van hun gevoelen te doen blijken.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 45</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor zover uit deze verordening taken en verantwoordelijkheden
                                    voortvloeien die betrekking hebben op dienstjaren voor het
                                    tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening, berusten
                                    deze bij de functionarissen die voor dat tijdstip met
                                    overeenkomstige taken en verantwoordelijkheden in de voormalige
                                    gemeenten Venlo, Tegelen en Belfeld waren belast, tenzij
                                    hiervoor in onderling overleg een andere regeling wordt
                                    getroffen.</al></li><li nr="2."><al>Tot het tijdstip van inwerkingtreding van op grond van deze
                                    verordening te nemen nadere besluiten, blijven op de daarin
                                    nader te regelen aangelegenheden betrekking hebbende regelen en
                                    instructies, die voor de inwerkingtreding van deze verordening
                                    zijn vastgesteld, zoveel mogelijk van overeenkomstige
                                    toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 46</titel></kop><al>Voor zover in enige verordening de benoeming van ambtenaren in een
                            bepaalde functie is opgedragen aan de raad, en daarvan in deze
                            verordening wordt afgeweken, vindt benoeming van ambtenaren in functies
                            plaats overeenkomstig het bepaalde in deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 47</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Alle naast de organisatieverordening geldende verordening,
                                    regelingen en besluiten, die betrekking hebben op de
                                    organisatie, moeten met ingang van de inwerkingtreding van de
                                    organisatieverordening worden gelezen overeenkomstig het
                                    bepaalde in de organisatieverordening, totdat deze regelingen of
                                    besluiten zijn gewijzigd of ingetrokken.</al></li><li nr="2."><al>Met ingang van de datum waarop deze organisatieverordening in
                                    werking treedt, vervallen de bepalingen van andere
                                    verordeningen, regelingen en besluiten, die betrekking hebben op
                                    de organisatie en die tekstueel dan wel materieel in strijd zijn
                                    met de bepalingen van deze organisatieverordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 48</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2001.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als
                                    “Organisatieverordening gemeente Venlo 2001”.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting op de organisatieverordening van de gemeente Venlo
                        2001</titel></kop><al>De organisatieverordening van de gemeente Venlo bevat in verordeningsvorm de
                    vastlegging van de principes van het besturingsmodel en incorporeert tevens de
                    instructie van de gemeentesecretaris als omschreven in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=103%20">artikel 103 lid 2 van de Gemeentewet</extref>.</al><al>Het besturingsmodel van de gemeente Venlo is vastgesteld op 2 januari 2001 en
                    omvat een omschrijving van de missie en doelen, de positie van de bestuurlijke
                    en ambtelijke organen en een beschrijving van de sturings- en werkprincipes van
                    de organisatie en de structuur. Daarnaast wordt aandacht geschonken aan de
                    cultuur van de organisatie.</al><al>Leidende sturingsprincipes zijn integraal management en kwaliteitszorg. Deze
                    staan centraal in het organisatiemodel van de gemeente Venlo.</al><al>De organisatieverordening legt een en ander in formele bepalingen vast in zes
                    hoofdstukken:</al><lijst><li nr="1."><al>Structuur en besturingsmodel.</al></li><li nr="2."><al>De gemeentesecretaris.</al></li><li nr="3."><al>De ambtelijke organisatie.</al></li><li nr="4."><al>Financieel management en de administratieve organisatie van de
                            gemeente.</al></li><li nr="5."><al>Deelname in gemeenschappelijke regelingen en overige
                            rechtspersonen.</al></li><li nr="6."><al>Slot- en overgangsbepalingen.</al></li></lijst><al>De verordening is beknopt gehouden omdat het besturingsmodel een uitvoerige
                    beschrijving geeft van structuur en organen. De organisatieverordening bevat de
                    instructie voor de gemeentesecretaris, verankert de structuur, zij definieert de
                    besturingsprincipes van integraal management en kwaliteitszorg en werkt
                    voornoemde punten verder uit voor het managementteam, de dienst- en
                    afdelingshoofden en de relatie tussen ambtelijke organisatie en bestuur. Verder
                    zijn de financiële bepalingen vastgelegd.</al><al>De artikelen spreken voor zich, zeker in relatie met het besturingsmodel en
                    behoeven geen specifieke artikelsgewijze toelichting.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>