<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR55937_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op het burgerinitiatief gemeente De Ronde Venen 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">De Ronde Venen</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-11-24</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">De Ronde Venen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Ronde Vener 12-01-2011, VAR
                13-01-2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Burgerinitiatief gemeente De Ronde Venen 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-01-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2011-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2026-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op het burgerinitiatief gemeente De Ronde Venen 2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder een burgerinitiatief: een voorstel
                        van een initiatiefgerechtigde om een onderwerp of een voorstel op de agenda
                        van de vergadering van de raad te plaatsen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad plaatst een burgerinitiatief op de agenda van zijn vergadering
                            indien daartoe door een initiatiefgerechtigde een geldig verzoek is
                            ingediend. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ongeldig is het verzoek dat: </al><lijst><li nr="a."><al>niet door ten minste 100 initiatiefgerechtigden wordt
                                    ondersteund; </al></li><li nr="b."><al>een onderwerp als bedoeld in artikel 4 bevat, of </al></li><li nr="c."><al>niet voldoet aan de voorwaarden, gesteld in artikel 5. </al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Initiatiefgerechtigd zijn degenen die kiesgerechtigd zijn voor de
                            verkiezing van de leden van de gemeenteraad alsmede ingezetenen van de
                            gemeente van veertien jaar en ouder die met uitzondering van hun
                            leeftijd voldoen aan de vereisten voor het kiesrecht voor de leden van
                            de gemeenteraad. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de beoordeling of aan de vereisten voor initiatiefgerechtigdheid is
                            voldaan, is de toestand op de dag van indiening van het verzoek
                            bepalend. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een burgerinitiatief kan geen betrekking hebben op: </al><lijst><li nr="a."><al>een onderwerp dat niet behoort tot de bevoegdheid van de raad;
                                </al></li><li nr="b."><al>een vraag over het gemeentelijk beleid; </al></li><li nr="c."><al>een klacht in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet
                                    bestuursrecht over een gedraging van het gemeentebestuur; </al></li><li nr="d."><al>een bezwaar in de zin van hoofdstuk 7 van de Algemene wet
                                    bestuursrecht tegen een besluit van het gemeentebestuur, of</al></li><li nr="e."><al>een onderwerp waarover tijdens de afgelopen twee jaar
                                    voorafgaand aan de indiening van het burgerinitiatief door de
                                    raad een besluit is genomen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een burgerinitiatief over een onderwerp of voorstel dat niet behoort tot
                            de bevoegdheid van de raad, maar wel valt onder de bevoegdheid van het
                            gemeentebestuur, zal door de raad, eventueel vergezeld van zijn advies,
                            worden doorgezonden naar het college of naar de burgemeester in de
                            hoedanigheid van portefeuillehouder. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college of de burgemeester zal een onderwerp of voorstel als bedoeld
                            in lid 2 behan-delen als ware het een burgerinitiatief.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verzoek tot plaatsing van een burgerinitiatief op de agenda van de
                            vergadering van de raad wordt schriftelijk ingediend bij de voorzitter
                            van de raad. Formulieren voor indiening van een burgerinitiatief zijn
                            bij de griffie verkrijgbaar en kunnen – na invulling – weer bij
                            diezelfde griffie worden ingediend. De griffie kan de initiatiefnemer
                            gedurende de verdere procedure adviseren en begeleiden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verzoek bevat ten minste: </al><lijst><li nr="a."><al>een nauwkeurige omschrijving van het burgerinitiatief; </al></li><li nr="b."><al>een toelichting op het burgerinitiatief;</al></li><li nr="c."><al>de achternaam, de voornamen, het adres, de geboortedatum en de
                                    handtekening van de verzoeker en zijn plaatsvervanger, en </al></li><li nr="d."><al>een lijst met de voornamen, achternamen, adressen, geboortedata
                                    en handtekeningen van de initiatiefgerechtigden die het verzoek
                                    ondersteunen. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor de indiening van het verzoek wordt gebruikgemaakt van de in bijlage
                            1 en 2 van deze verordening opgenomen modellen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad agendeert het burgerinitiatief voor zijn eerstvolgende
                            vergadering na de datum van indiening van het initiatief, indien het
                            voldoet aan de vereisten zoals gesteld in artikel 5. Er dient ten minste
                            drie weken te liggen tussen de dag van indiening van het
                            burgerinitiatief en de dag van de vergadering waarin over het
                            burgerinitiatief wordt beslist. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter van de raad nodigt de initiatiefnemer schriftelijk uit
                            voor de vergadering waarvoor het burgerinitiatief is geagendeerd. De
                            initiatiefnemer of zijn plaatsvervanger heeft tijdens deze vergadering
                            de gelegenheid om zijn burgerinitiatief mondeling nader toe te lichten.
                        </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Zo spoedig mogelijk nadat de raad over het burgerinitiatief een besluit
                            heeft genomen, wordt dit besluit bekendgemaakt door kennisgeving van het
                            besluit of van de zakelijke inhoud ervan in een van overheidswege
                            uitgegeven blad of een dag-, nieuws- of huis-aan-huisblad, dan wel op
                            een andere geschikte wijze. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Tegelijkertijd met de bekendmaking wordt van het besluit mededeling
                            gedaan aan de initiatiefnemer. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De initiatiefnemer wordt daarna ingelicht over de vervolgstappen inzake
                            de uitwerking van het burgerinitiatief. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien een burgerinitiatief is afgewezen, is sprake van een besluit in
                            de zin van de Algemene wet bestuursrecht waartegen bezwaar en beroep
                            open staat. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>In gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel omtrent de
                        toepassing van deze verordening beslist de raad op voorstel van de
                        voorzitter. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2011.</al></li><li nr="2."><al>Op dat tijdstip wordt ingetrokken de Verordening Burgerinitiatief
                                van de gemeente Abcoude vastgesteld door de gemeenteraad van Abcoude
                                bij besluit van 10 januari 2008;</al></li><li nr="3."><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening Burgerinitiatief
                                gemeente De Ronde Venen 2011”. </al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente De
                        Ronde Venen van 3 januari 2011,</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting Verordening burgerinitiatief De Ronde Venen
                        2011</titel></kop><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>In deze verordening is ervoor gekozen de term “burgerinitiatief” te hanteren
                        voor de aanduiding van het voorstel dat door een burger bij de gemeenteraad
                        kan worden ingediend. </al><al>De burger heeft de keuze om alleen een onderwerp aan te dragen (zonder een
                        concreet voorstel) of een concreet voorstel aan de raad voor te leggen met
                        het verzoek het onderwerp / voorstel op de raadsagenda te plaatsen.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>Uit dit artikel volgt dat de gemeenteraad een burgerinitiatief op de agenda
                        van een raadsvergadering moet plaatsen indien er sprake is van een geldig
                        verzoek, ingediend door een initiatiefgerechtigde. De gemeenteraad zal zich
                        in dat geval dus in ieder geval moeten uitspreken over het burgerinitiatief
                        . Van een geldig verzoek is sprake als (a) het verzoek door ten minste een
                        bepaald aantal initiatiefgerechtigden wordt ondersteund, (b) het onderwerp
                        van het burgerinitiatief niet in artikel 4 is uitgezonderd en (c) aan de in
                        artikel 5 gestelde procedurele voorwaarden wordt voldaan. In artikel 3 (zie
                        hierna) wordt nader omschreven wanneer een persoon initiatiefgerechtigd is. </al><al>Het burgerinitiatief biedt inwoners de mogelijkheid om invloed uit te
                        oefenen op de agenda van de gemeenteraad. Het is daarom een inbreuk op het
                        uitgangspunt dat de raad zijn eigen agenda vaststelt. Dit is alleen
                        gerechtvaardigd als het burgerinitiatief ook daadwerkelijk door een bepaald
                        gedeelte van de bevolking wordt gedragen. </al><al>Het staat gemeenten vrij hun eigen drempels vast te stellen voor het
                        burgerinitiatief. De omvang van de drempels zou van dien aard moeten zijn
                        dat zij - zonder verhinderend te zijn - toch een zekere garantie bieden dat
                        het desbetreffende verzoek gedragen wordt door een gedeelte van de
                        bevolking. </al><al>In deze verordening gekozen voor een drempel van 100 initiatiefgerechtigden. </al><al>Overigens is de bedoeling en de verwachting dat de mogelijkheid tot het
                        indienen van een burgerinitiatief zich met name zal richten op maatregelen
                        in de directe leefomgeving. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al>Het ligt voor de hand het initiatiefrecht toe te kennen aan kiesgerechtigden
                        voor de gemeenteraadsverkiezingen, vanuit de gedachte dat het
                        burgerinitiatief een instrument is om inwoners bij de besluitvorming van de
                        raad te betrekken en die te beïnvloeden. Wie kiesgerechtigd is, is
                        vastgelegd in artikel B 3 van de Kieswet. De categorie
                        initiatiefgerechtigden is uitgebreid door de leeftijd ten opzichte van de
                        kiesgerechtigde leeftijd te verlagen naar veertien jaar. Jongeren kunnen op
                        deze wijze betrokken worden bij de gemeentelijke politiek. </al><al>Voor de toetsing of aan de vereisten voor initiatiefgerechtigdheid is
                        voldaan, is het moment van indiening van het verzoek bepalend. Het verzoek
                        vindt immers formeel op dit moment plaats. Om te kunnen onderzoeken of op
                        dat moment wordt voldaan aan de vereisten, zijn verschillende gegevens
                        nodig. Welke dat zijn wordt geregeld in artikel 5. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al>De beperkingen die dit artikel stelt aan de inhoud van een burgerinitiatief
                        vloeien vooral voort uit doelmatigheidsoverwegingen. Het is bijvoorbeeld
                        weinig efficiënt om de raad te belasten met de beraadslaging over een
                        onderwerp waarover de raad uiteindelijk geen beslissende bevoegdheid heeft.
                        Een ander argument voor deze uitzondering is, dat de afstand tussen inwoner
                        en bestuur alleen maar zou worden vergroot als de inwoner na het doorlopen
                        van de burgerinitiatiefprocedure te horen krijgt dat de raad niets met het
                        burgerinitiatief kan doen, omdat hij er niet over gaat. </al><al>Een vraag over gemeentelijk beleid kan ook geen onderwerp van een
                        burgerinitiatief zijn. Voor dit soort vragen staan de inwoner andere wegen
                        open, zoals het spreekrecht in een forum- of raadsvergadering of een
                        spreekuur van een collegelid. </al><al>Ook moet voorkomen worden dat het burgerinitiatief andere procedures zoals
                        de bezwaar- of de klachtprocedure doorkruist. Met het oog hierop kan worden
                        bepaald dat het burgerinitiatief geen bezwaar tegen een genomen besluit of
                        een klacht over een gedraging van het gemeentebestuur kan inhouden. Hiervoor
                        heeft de inwoner andere wegen. </al><al>Ten slotte is het evenmin de bedoeling dat zaken die recent nog in de raad
                        aan de orde zijn geweest opnieuw onderwerp van bespreking worden als gevolg
                        van een burgerinitiatief. Dit zou de besluitvorming in de raad te zeer
                        kunnen frustreren. In deze verordening is gekozen voor een termijn van twee
                        jaar. </al><al>Is een burgerinitiatief ingediend dat niet de bevoegdheid raakt van de
                        gemeenteraad, maar wel van het college, dan wordt het initiatiefvoorstel
                        doorgestuurd, zoals in de leden 2 en 3 is omschreven.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al>Het ligt voor de hand om een burgerinitiatief bij de burgemeester, als
                        voorzitter van de raad, te laten indienen. Aan het verzoek zal een aantal
                        minimumvereisten gesteld moeten worden. Het is uit praktische overwegingen
                        zoals uniformiteit, overzichtelijkheid en duidelijkheid raadzaam indiening
                        van een burgerinitiatief plaats te laten vinden door middel van een
                        standaardformulier voor burgerinitiatieven. Op dit formulier zal de
                        verzoeker naast het voorstel plus toelichting, in ieder geval zijn
                        personalia en die van zijn plaatsvervanger moeten aangeven. </al><al>Ook de initiatiefgerechtigden die het verzoek ondersteunen zullen uiteraard
                        vermeld moeten worden. </al><al>Om fraude met namen te voorkomen kan naar personalia gevraagd worden als
                        adressen en geboortedata. Met name dat laatste gegeven kan niet aan openbare
                        bronnen als telefoonboeken worden ontleend. Op grond van deze gegevens kan
                        de gemeente onderzoeken of het verzoek de steun van voldoende daartoe
                        gerechtigde personen heeft. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al>De inwoner moet erop kunnen vertrouwen dat de raad zijn voorstel spoedig
                        toetst aan de vereisten. Hierin voorziet het eerste lid. Het gaat erom een
                        termijn te kiezen die niet te lang is, maar ook niet zo kort dat ze
                        onvoldoende is om het voorstel te kunnen controleren. </al><al>Met het tweede tot en met zesde lid worden vooral waarborgen gecreëerd voor
                        transparantie bij de afhandeling van een burgerinitiatief door de raad. Op
                        grond van het vijfde lid wordt de verzoeker altijd schriftelijk meegedeeld
                        wat er met het ingediende voorstel gebeurt. Dat kan dus een mededeling dat
                        het verzoek wordt afgewezen of een inhoudelijk besluit zijn. Wordt het
                        verzoek tot plaatsing van het burgerinitiatief door de raad afgewezen, dan
                        is er sprake van een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht
                        waartegen bezwaar en beroep op de rechter openstaan. Besluit de raad het
                        burgerinitiatief te agenderen, dan is er sprake van een
                        voorbereidingsbeslissing die niet vatbaar is voor bezwaar of beroep (artikel
                        6:3 Awb). Afhankelijk van de inhoud van de beslissing op het initiatief
                        zelf, zal er sprake zijn van een besluit in de zin van de Algemene wet
                        bestuursrecht die vatbaar is voor bezwaar en beroep. Zo zal bijvoorbeeld
                        bezwaar en beroep openstaan indien de raad naar aanleiding van het
                        burgerinitiatief besluit een subsidie toe te kennen voor een bepaald
                        project. Een ander voorbeeld is het besluit om een verordening op bepaalde
                        punten aan te passen. Tegen een dergelijk besluit staan geen bezwaar en
                        beroep bij de rechter open (artikel 8:2 Awb). </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>