<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR55504_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene subsidieverordening gemeente Renswoude</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Renswoude</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Renswoude</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Heraut, 18-12-2001</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Subsidieverordening</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Art. 149 Gemeentewet en titel 4.2 Algemene Wet Bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2001-12-11</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2001-12-26</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2130</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene subsidieverordening gemeente Renswoude</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Nr. 2130</al><al/><al>De raad van de gemeente Renswoude;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 6 november 2001;</al><al/><al>gelet op artikel 149 Gemeentewet en titel 4.2 Algemene wet bestuursrecht (Awb),</al><al>besluit:</al><al/><al>vast te stellen de <vet>Algemene subsidieverordening gemeente Renswoude.</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="1."><al>Subsidie: de aanspraak op financiële middelen door het college verstrekt met het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager, anders als betaling voor aan het college geleverde goederen of diensten;</al></li><li nr="2."><al>Instelling; een organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit en die zich ten doel stelt activiteiten zonder winstoogmerk te verrichten voor de ingezetenen van de gemeente Renswoude.</al></li><li nr="3."><al>Raad; gemeenteraad Renswoude</al></li><li nr="4."><al>College: het college van burgemeester en wethouders van Renswoude;</al></li><li nr="5."><al>Subsidieverordening: een door de gemeenteraad vastgestelde verordening waarin, ter aanvulling of nadere specificatie en eventueel in afwijking van deze verordening, regels zijn gesteld voor het verstrekken van subsidies op bepaalde beleidsterreinen;</al></li><li nr="6."><al>Structurele activiteitensubsidie: een jaarlijkse subsidie die wordt verstrekt voor activiteiten die van onbepaalde duur zijn;</al></li><li nr="7."><al>Beleidsgestuurde contractfinanciering: een subsidie die op basis van producten en prestaties voor één of meerdere jaren wordt verstrekt;</al></li><li nr="8."><al>Incidentele activiteitensubsidie: een subsidie die eenmalig wordt verstrekt eenmalig wordt verstrekt voor één of meerdere jaren tot maximum vier jaar wordt verstrekt;</al></li><li nr="9."><al>Werkplan: een document waarin de doelstellingen van de instellingen zijn opgenomen alsmede de voorgenomen activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd;</al></li><li nr="10."><al>Uitvoeringsovereenkomst: een door de gemeente en subsidieaanvrager gesloten overeenkomst waarin bepalingen zijn opgenomen ter uitvoering van de afgesproken verplichtingen, activiteiten en beoogde resultaten;</al></li><li nr="11."><al>subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies krachtens een bepaald wettelijk voorschrift;</al></li><li nr="12."><al>Activiteiten: elke vorm van handelen door een subsidie –aanvrager ter verwezenlijking van zijn of haar doelstellingen;</al><al>13. Jaar: een kalenderjaar</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Toepassingsgebied</titel></kop><al>Deze verordening is van toepassing op alle door het bestuursorgaan te verstrekken subsidies aan instellingen tenzij een andere wettelijke regeling of gemeentelijke (deel-)verordening daarin voorziet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Meerjarenafspraak</titel></kop><al>Het college kan met een instelling voor meer jaren geldende afspraken maken op basis van producten en te leveren prestaties.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><al>Het college stelt voor de beleidsterreinen zorg, volksontwikkeling, sport en recreatie beleidsregels vast, waarin het subsidiebeleid ten aanzien van deze terreinen is omschreven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Subsidieprioriteit</titel></kop><al>Eenmaal in de vier jaar stelt de raad de prioriteitenvolgorde vat van de beleidsterreinen zorg, volksontwikkeling, sport en recreatie.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Subsidies ten behoeve van structurele- en incidentele activiteiten</titel></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.1</nr><titel>Subsidieaanvraag</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Indientermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag voor een structurele activiteitensubsidie moet uiterlijk 1 mei voorafgaande aan het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag voor een incidentele activiteitensubsidie moet tenminste drie maanden voor de aanvang van de te realiseren activiteit worden ingediend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>In te dienen stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><lijst><li nr=""><al>Bij de aanvang voor een structurele activiteitensubsidie wordt overlegd:</al><lijst><li nr="a."><al>een exploitatiebegroting voor het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd:</al></li><li nr="b."><al>een werkplan;</al></li><li nr="c."><al>de rekening en een inhoudelijk verslag over het jaar dat vooraf gaat aan het jaar waarin subsidie wordt aangevraagd;</al></li><li nr="d."><al>de balans per 31 december van het jaar dat vooraf gaat aan het jaar waarin subsidie wordt aangevraagd;</al></li><li nr="e."><al>een overzicht van de contributies en tarieven.</al></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Bij de aanvraag voor incidentele activiteitensubsidie wordt overlegd:</al><al>a. een op de activiteiten betrekking hebbende begroting van inkomsten en uitgaven, met toelichting, voor het jaar dat vooraf gaat aan het jaar waarin subsidie wordt aangevraagd.</al><lijst><li nr="b."><al>zo mogelijk: een op de activiteiten betrekking hebbende balans per 31 december van het jaar dat vooraf gaat aan het jaar waarin subsidie wordt aangevraagd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><lijst><li nr=""><al>Bij de eerste subsidieaanvraag van een instelling wordt daarnaast overlegd:</al><lijst><li nr="a."><al>een opgave van de bestuurssamenstelling;</al></li><li nr="b."><al>een motivering van de aanvraag;</al></li><li nr="c."><al>de statuten van de instelling:</al></li><li nr="d."><al>een overzicht van de financiële situatie op het tijdstip van het indienen van de aanvraag.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Het college kan overlegging vragen van andere bescheiden die noodzakelijk zijn voor de beoordeling van de subsidieaanvraag.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.2</nr><titel>De subsidieverlening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Beschikking op subsidieaanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De beschikking op de subsidieaanvraag wordt beoordeeld door het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De beschikking op de aanvraag voor structurele activiteitensubsidie wordt door middel van het vaststellen van het subsidie bekendgemaakt voor 1 januari van het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De beschikking op de aanvraag voor incidentele activiteitensubsidie wordt bekend gemaakt binnen drie maanden nadat de aanvraag is ingediend. Deze termijn kan eenmaal met maximaal drie maanden worden verlengd, maar in ieder geval wordt de beschikking bekend gemaakt voor de aanvang van de te realiseren activiteit of voorziening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Toetsing subsidieaanvraag</titel></kop><al>Het college toetst de subsidieaanvraag aan:</al><lijst><li nr="a."><al>deze verordening</al></li><li nr="b."><al>de van toepassing zijnde deelverordeningen en beleidsregels;</al></li><li nr="c."><al>het door het bestuursorgaan vastgestelde beleid;</al></li><li nr="d."><al>het in artikel4:34 Awb neergelegde begrotingsvoorbehoud;</al></li><li nr="e."><al>het per beleidsterrein vastgestelde subsidieplafond, zoals bedoeld in art. 4:25 e.v. van de Awb</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>begrotingsvoorbehoud en subsidieplafond</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>een subsidie, voor zover deze wordt verleend ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, kan worden verleend onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld (begrotingsvoorbehoud).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Verlening van een subsidie geschiedt uitsluitend indien het subsidieplafond nog niet is bereikt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college wijst de subsidieaanvraag af wegens:</al><lijst><li nr="a."><al>overschrijding van het vastgestelde subsidieplafond;het gemaakte begrotingsvoorbehoud, indien onvoldoende gelden ter beschikking worden gesteld inde begroting.</al></li><li nr="b."><al>Het gemaakte begrotingsvoorbehoud, indien onvoldoende gelden te beschikking worden gesteld in de begroting.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan de subsidieaanvraag afwijzen indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de in art. 4:35 Awb vermelde redenen van toepassing zijn;</al></li><li nr="b."><al>de instelling geen rechtspersoonlijkheid bezit;</al></li><li nr="c."><al>de activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd niet direct is gericht op Renswoudse belangen en die niet specifiek gericht is op behoeften van de Renswoudse bevolking;</al></li><li nr="d."><al>de instelling met winstoogmerk werkzaam is;</al></li><li nr="e."><al>de doelstellingen of de activiteiten van de instelling in strijd zijn met de wet, openbare orde of het algemeen belang;</al></li><li nr="f."><al>de instelling onder meer belangenbehartiging van haar leden nastreeft;</al></li><li nr="g."><al>het eigen vermogen van de instelling meer bedraagt dan redelijkerwijs voor het verrichten van haar activiteiten noodzakelijk is te achten;</al></li><li nr="h."><al>de instelling haar activiteiten uit eigen liquide middelen kan bekostigen.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inhoud van de beschikking</titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>De beschikking tot subsidieverleningverlening vermeldt:</al><lijst><li nr="a."><al>het subsidiebedrag, dan wel de wijze waarop dit bedrag wordt bepaald</al></li><li nr="b."><al>een omschrijving van de activiteiten</al></li><li nr="c."><al>het gemaakte begrotingsvoorbehoud.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De beschikking tot subsidieverlening kan vermelden:</al><lijst><li nr="a."><al>dat voor een aangegeven datum een rapportage en een voorlopige verantwoording moeten worden ingediend;</al></li><li nr="b."><al>dat voorschotten worden verleend;</al></li><li nr="c."><al>dat aan de subsidieverlening nadere voorwaarden worden verbonden.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.3</nr><titel>De subsidievaststelling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Indientermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij een structurele activiteitensubsidie dient de instelling uiterlijk 1 mei van het jaar volgend op het jaar waarvoor subsidie is verleend bij het college in:</al><lijst><li nr="a."><al>en door het bestuur gemaakte balans en een rekening van baten en lasten, alsmede een toelichting op deze stukken;</al></li><li nr="b."><al>een verslag van de in het rekeningverrichte activiteiten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij een incidentele activiteitensubsidie dient de instelling binnen drie maanden na realisering van de activiteit waarvoor subsidie is verleend, een inhoudelijk en financieel verslag van de verrichte activiteiten in bij het college.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>Indien een subsidie is toegekend door middel van een beschikking tot het verlenen van een subsidie stellen het college binnen zes maanden na indiening van de verantwoording de subsidie vast.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Bevoegdheden college</titel></kop><al>Het college is bevoegd de beschikking tot subsidieverlening en de beschikking tot subsidievaststelling in één beschikking op te nemen.</al><al><vet>Beleidsgestuurde Contractfinanciering</vet></al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Beleidsgestuurde Contracfinanciering</label><nr/></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.1</nr><titel>De subsidieaanvraag</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Toepassingsgebied</titel></kop><al>Dit onderdeel is uitsluitend van toepassing voor instellingen waaraan een beleidsgestuurde contractfinanciering (budgetsubsidie) wordt toegekend voor een periode van ten hoogste vier jaar en waarmee ter uitvoering hiervan een uitvoeringsovereenkomst wordt gesloten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Indientermijn</titel></kop><al>Een aanvraag voor een budgetsubsidie moet uiterlijk 1 mei voorafgaande aan het jaar waarvoor subsidie wordt gevraagd, worden ingediend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>In te dienen stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij een aanvraag voor een budgetsubsidie wordt overlegd:</al><lijst><li nr="a."><al>een exploitatiebegroting voor het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd;</al></li><li nr="b."><al>een werkplan;</al></li><li nr="c."><al>de rekening en een inhoudelijk verslag over het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd;</al></li><li nr="d."><al>de balans per 31 december van het jaar dat vooraf gaat aan het jaar waarin subsidie wordt aangevraagd;</al></li><li nr="e."><al>een overzicht van contributies en tarieven;</al></li><li nr="f."><al>een opsomming van de instellingen waarmee de instelling statutair is verbonden.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Bij een eerste aanvraag voor een budgetsubsidie overlegt de aanvrager tevens:</al><lijst><li nr="a."><al>een opgave van de bestuurssamenstelling;</al></li><li nr="b."><al>een motivering van de aanvraag;</al></li><li nr="c."><al>de statuten van de instelling;</al></li><li nr="d."><al>een overzicht van de financiële situatie op het tijdstip van het indienen van de aanvraag.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college kan overlegging vragen van andere bescheiden die noodzakelijk zijn voor de beoordeling van de subsidieaanvraag.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.2</nr><titel>De subsidieverlening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Beschikking op de subsidieaanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De beschikking op de subsidieaanvraag wordt genomen door het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De beschikking op de subsidieaanvraag wordt voor 1 januari van het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft, bekendgemaakt en wordt opgenomen in het voor dat jaar geldende subsidieprogramma.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Toetsing subsidieaanvraag</titel></kop><al>Het college toetst de subsidieaanvraag aan:</al><lijst><li nr="a."><al>deze verordening</al></li><li nr="b."><al>de van toepassing zijnde deelverordeningen en beleidsregels;</al></li><li nr="c."><al>het door het bestuursorgaan vastgestelde beleid;</al></li><li nr="d."><al>het in art. 4:34 Awb neergelegde begrotingsvoorbehoud;</al></li><li nr="e."><al>het per beleidsterrein vastgestelde subsidieplafond, zoals bedoeld in art. 4: e.v. van de Awb.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Begrotingsvoorbehoud en subsidieplafond</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een subsidie, voor zover deze wordt verleend ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, kan worden verleend onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld (begrotingsvoorbehoud).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Verlening van een subsidie geschiedt uitsluitend indien het subsidieplafond nog niet is bereikt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college wijst de subsidieaanvraag af wegens:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>overschrijding van het vastgestelde subsidieplafond;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>het gemaakte begrotingsvoorbehoud, indien onvoldoende gelden ter beschikking worden gesteld in de begroting.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan de subsidieaanvraag afwijzen indien:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>de in art. 4:35 Awb vermelde redenen van toepassing zijn ;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>de instelling geen rechtspersoonlijkheid bezit;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>de activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd niet direct gericht is op Renswoudse belangen en die niet specifiek gericht is op de behoeften van de Renswoudse bevolking;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>de instelling meteen winstoogmerk werkzaam is;</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>de doelstellingen of de activiteiten van de instelling in strijd zijn met de wet, openbare orde of het algemeen belang;</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>de instelling onder meer belangenbehartiging van haar leden nastreeft;</al></lid><lid><lidnr>g.</lidnr><al>het eigen vermogen van de instelling meer bedraagt dan redelijkerwijs voor het verrichten van haar activiteiten noodzakelijk is te achten;</al></lid><lid><lidnr>h.</lidnr><al>de instelling haar activiteiten uit eigen liquide middelen kan bekostigen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Inhoud van de beschikking</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De beschikking tot subsidieverlening vermeldt:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>welk bedrag ten hoogste voor welke activiteit beschikbaar wordt gesteld, dan wel de wijze waarop dit bedrag wordt bepaald;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>voor welke periode het bedrag is bedoeld;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>op welke wijze het toegekende bedrag jaarlijks wordt geïndexeerd;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>het gemaakte begrotingsvoorbehoud.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>de beschikking tot subsidieverlening kan vermelden:</al><lijst><li nr="a."><al>een verplichting tot het aangaan van een uitvoeringsovereenkomst;</al></li><li nr="b."><al>de voorschotten die worden verstrekt.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Overleg met instelling</titel></kop><al>Voor het aangaan van een uitvoeringsovereenkomst zoals bedoeld in artikel 23 van deze verordening treedt het college in overleg met de instelling over de activiteiten die zij van de instelling verlangen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Uitvoeringsovereenkomst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De resultaten van het overleg zoals bedoeld in artikel 24 van deze verordening worden vastgelegd in een uitvoeringsovereenkomst en is een onderdeel van de beschikking tot subsidieverlening. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan het afsluiten van een uitvoeringsovereenkomst als voorwaarde opnemen in de beschikking tot subsidieverlening.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.3</nr><titel>de subsidievaststelling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Indientermijn</titel></kop><al>Bij een budgetsubsidie dient de instelling uiterlijk 1 mei van het jaar volgend op het jaar waarvoor subsidie is verleend bij het college in:</al><lijst><li nr="a."><al>een door het bestuur gewaarmerkte balans en een rekening van baten en lasten, alsmede een toelichting op deze stukken;</al></li><li nr="b."><al>een activiteitenverslag, waarin inzicht wordt gegeven in hoeverre de overeengekomen prestaties zijn gehaald en of de in het werkplan opgenomen doelstellingen, alsmede de voorgenomen activiteiten zijn gerealiseerd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>Indien een subsidie is toegekend door middel van een beschikking tot het verlenen van een subsidie, stelt het college binnen zes maanden na indiening van de verantwoording de subsidie vast.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Bevoegdheden college</titel></kop><al>Het college kan de beschikking tot subsidieverlening en de beschikking tot subsidievaststelling in één beschikking opnemen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Verplichtingen subsidieontvanger</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Toezicht op werkzaamheden en financieel beheer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De financiële administratie van de instelling moet zodanig zijn ingericht dat de exploitatieresultaten en de vermogenspositie daaruit op eenvoudige wijze duidelijk worden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan bindende voorschriften geven voor de inrichting van de financiële administratie en jaarrekening.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan de instelling verplichten aan de door hen daartoe aangewezen ambtenaren:</al><lijst><li nr="a."><al>inzage te geven in de financiële administratie</al></li><li nr="b."><al>inlichtingen te geven over en controle toe te staan op de werkzaamheden en/of het financieel beheer.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan bepalen dat de instelling de controle op het financieel beheer opdraagt aan een (register)accountant.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Verzekering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidieontvanger is verplicht zijn roerende en onroerende bezittingen op basis van nieuwwaarde tegen brandschade te verzekeren en verzekerd te houden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De subsidieontvanger kan worden verplicht de wettelijke aansprakelijkheid ten opzichte van derden te dekken door afsluiting van een verzekering per gebeurtenis of per geval</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De subsidieontvanger verzekert voor vrijwilligers die werkzaamheden verrichten in het kader van de gesubsidieerde activiteiten, hun wettelijke aansprakelijkheid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan nadere voorwaarden stellen met betrekking tot de verzekering van de naar hun oordeel aanwezige risico’s.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Toestemming voor handelingen</titel></kop><al>De instelling behoeft toestemming van het college voor handelingen conform bepalingen zoals gesteld in art.4:71 Awb.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Betaling en verrekening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Verrekeningstermijn</titel></kop><al>Het subsidiebedrag wordt binnen acht weken na de beschikking tot subsidievaststelling betaald met verrekening van de reeds betaalde voorschotten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Intrekking en wijziging van de beschikking tot subsidievaststelling</titel></kop><al>Voor de intrekking en wijziging van de vastgestelde subsidie is art.4;49 Awb van toepassing.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk6 Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Voorziening in bijzondere gevallen</titel></kop><al>In gevallen waarin deze verordening niet voorziet kan het college een voorziening treffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De Algemene Subsidieverordening gemeente Renswoude wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de achtste dag na die waarop zij is bekendgemaakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>De verordening wordt aangehaald als Algemene Subsidieverordening gemeente Renswoude.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 11 december 2001,</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>