<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR54634_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Wet Kinderopvang Ridderkerk 2004</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Ridderkerk</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-05-16</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ridderkerk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeentejournaal, 23-12-2004</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Wet Kinderopvang Ridderkerk 2004</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet Kinderopvang, art. 25</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2004-12-20</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2004-12-26</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2004-16408</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>maatschappelijke zorg en welzijn</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>In afwijking van het eerste lid treedt paragraaf 2 van deze verordening in werking op het moment dat artikel 23 van de Wet kinderopvang in werking treedt.</al><al>Op de dag van inwerkingtreding van deze verordening wordt de Verordening Kinderopvang Ridderkerk 1998, vastgesteld op 28 september 1998, ingetrokken.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Verordening Wet Kinderopvang Ridderkerk 2004
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>
            <vet>Verordening Wet Kinderopvang</vet>
          </al>
          <al>Ridderkerk 2004</al>
          <al>De raad van de gemeente Ridderkerk;</al>
          <al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 16
                        november 2004,</al>
          <al>nummer 284;</al>
          <al>gelet op artikel 25 van de Wet kinderopvang en artikel 149 van de
                        Gemeentewet;</al>
          <al>gezien de brief van 18 augustus 2004 van de minister van Sociale Zaken en
                        Werkgelegenheid aan de Tweede Kamer der Staten Generaal, waarin hij
                        aankondigt artikel 6 eerste lid, onder k, artikel 6, eerste lid onder l, en
                        artikel 23 van de Wet kinderopvang vooralsnog per 2005 niet in werking te
                        laten treden;</al>
          <al>overwegende dat het noodzakelijk is de verlening, de voorschotverlening en
                        de vaststelling van de tegemoetkoming van de gemeente in de kosten van
                        kinderopvang bij verordening te regelen;</al>
          <al>
            <vet>b e s l u i t :</vet>
          </al>
          <al>vast te stellen de </al>
          <al>
            <vet>VERORDENING WET KINDEROPVANG RIDDERKERK 2004</vet>
          </al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>§</label>
            <nr>1.</nr>
            <titel>Algemene bepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1</nr>
              <titel>Begripsbepalingen</titel>
            </kop>
            <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
            <lijst>
              <li nr="a"><al>het college: het college van burgemeester en wethouders;</al></li>
              <li nr="b"><al>de wet: de Wet kinderopvang;</al></li>
              <li nr="c"><al>Kinderopvang: het één of meer dagen per week in georganiseerd
                                verband en tegen geldelijke vergoeding bieden van onderdak,
                                verzorging, begeleiding en opvoeding aan kinderen afkomstig uit
                                meerdere huishoudens in de leeftijd van 6 weken tot het moment
                                waarop zij het basisonderwijs verlaten.</al></li>
              <li nr="d"><al>Kindercentrum: een ruimtelijke voorziening voor kinderopvang welke
                                onderdak biedt aan gelijktijdig vier kinderen of meer;</al></li>
              <li nr="e"><al>Gastouderbureau: een organisatie die de bemiddeling van gastouder en
                                vraagouder regelt.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>§</label>
            <nr>2.</nr>
            <titel>VASTSTELLING NOODZAAK VAN KINDEROPVANG OP GROND VAN
                            SOCIAAL-MEDISCHE INDICATIE</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>
              <vet>[Deze paragraaf treedt in werking op het moment dat artikel 23 van de
                            Wet Kinderopvang in werking treedt]</vet>
            </al>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2</nr>
              <titel>Te verstrekken gegevens</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Een aanvraag tot vaststelling van de noodzaak van kinderopvang op grond
                        van een sociaal-medische indicatie als bedoeld in artikel 23 van de wet
                        bevat in ieder geval de volgende gegevens: </al>
              <lijst>
                <li nr=""><lijst>
                    <li nr="a."><al>naam en adres van de ouder;</al></li>
                    <li nr="b."><al>indien van toepassing: naam van de partner en, indien dit
                                        een ander adres is dan het adres van de ouder: het adres van
                                        de partner;</al></li>
                    <li nr="c."><al>naam en geboortedatum van het kind of de kinderen waarop de
                                        aanvraag betrekking heeft;</al></li>
                    <li nr="d."><al>overige gegevens die het college nodig acht om te kunnen
                                        besluiten over de aanvraag van de tegemoetkoming.</al></li>
                  </lijst><lijst>
                    <li nr="2."><al>Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp
                                        van een door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld
                                        aanvraagformulier.</al></li>
                    <li nr="3."><al>Indien de ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede
                                        ondertekend door de partner.</al></li>
                  </lijst></li>
              </lijst>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3</nr>
              <titel>Beslistermijn</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na ontvangst
                                van alle benodigde gegevens.</al></li>
              <li nr="2."><al>Het college kan dit besluit met ten hoogste vier weken verdagen. Het
                                college stelt de ouder hiervan schriftelijk in kennis.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4</nr>
              <titel>Inhoud van de beschikking</titel>
            </kop>
            <al>Het besluit tot vaststelling van de noodzaak van kinderopvang op grond van
                        een sociaal-medische indicatie bevat in ieder geval: </al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>de geldigheidsduur van de indicatie;</al></li>
              <li nr="b."><al>de omvang van de kinderopvang die noodzakelijk wordt geacht.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5</nr>
              <titel>Weigeringsgronden</titel>
            </kop>
            <al>Het college weigert de noodzaak van kinderopvang op grond van een
                        sociaal-medische indicatie vast te stellen indien: </al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>de ouder en de partner reeds een tegemoetkoming in de kosten van
                                kinderopvang ontvangt of kan ontvangen; of</al></li>
              <li nr="b."><al>de ouder of de partner niet behoort tot de personen als bedoeld in
                                artikel 6, eerste lid, onderdeel k of l van de wet.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>§</label>
            <nr>3.</nr>
            <titel>AANVRAAG VAN DE TEGEMOETKOMING DOELGROEPOUDERS</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6</nr>
              <titel>Te verstrekken gegevens bij de aanvraag</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Een aanvraag voor een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang
                                bevat: </al><lijst>
                  <li nr="a."><al>naam, adres en sofi-nummer van de ouder;</al></li>
                  <li nr="b."><al>indien van toepassing: naam en sofi-nummer van de partner
                                        en, indien dit een ander adres is dan het adres van de
                                        ouder: het adres van de partner;</al></li>
                  <li nr="c."><al>naam, geboortedatum en sofi-nummer van het kind of de
                                        kinderen waarop de aangevraagde tegemoetkoming betrekking
                                        heeft;</al></li>
                  <li nr="d."><al>een offerte of contract van het kindercentrum of
                                        gastouderbureau dat de kinderopvang gaat verzorgen waarin in
                                        ieder geval wordt aangegeven: het aantal uren kinderopvang
                                        per kind, de kostprijs per uur en de aanvangsdatum van de
                                        opvang;</al></li>
                  <li nr="e."><al>gegevens of een verwijzing naar gegevens waaruit blijkt dat
                                        de ouder behoort tot de groep personen als bedoeld in
                                        artikel 22 van de wet; </al></li>
                  <li nr="f."><al>overige gegevens die het college nodig acht om te kunnen
                                        besluiten over de aanvraag van de tegemoetkoming. </al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="2."><al>Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van een
                                door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld
                                aanvraagformulier.</al></li>
              <li nr="3."><al>Indien de ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede
                                ondertekend door de partner.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>§</label>
            <nr>4.</nr>
            <titel>VERLENING VAN DE TEGEMOETKOMING</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>7</nr>
              <titel>Het besluit tot verlenen van de
                            tegemoetkoming</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college besluit over de aanvraag binnen vier weken na ontvangst
                                van alle benodigde gegevens.</al></li>
              <li nr="2."><al>Het college kan dit besluit met ten hoogste vier weken verdagen. Het
                                stelt de ouder hiervan schriftelijk in kennis.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>8</nr>
              <titel>Weigeringsgrond</titel>
            </kop>
            <al>Het college weigert de tegemoetkoming indien de ouder niet behoort tot de
                        personen als bedoeld in artikel 22 van de wet.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>9</nr>
              <titel>Ingangsdatum van de tegemoetkoming</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De tegemoetkoming wordt verleend met ingang van de datum waarop de
                                aanvraag voor de tegemoetkoming door het college in ontvangst is
                                genomen.</al></li>
              <li nr="2."><al>Als op deze datum nog geen kinderopvang plaatsvindt, wordt de
                                tegemoetkoming verleend met ingang van de datum waarop de
                                kinderopvang zal plaatsvinden. </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>10</nr>
              <titel>De periode waarvoor de tegemoetkoming wordt
                            verleend</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De tegemoetkoming wordt verleend voor de periode van een
                                tegemoetkomingsjaar.</al></li>
              <li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid kan het college de tegemoetkoming
                                voor een andere periode verlenen. </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>11</nr>
              <titel>Omvang van de kinderopvang</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college verleent de tegemoetkoming voor het aantal uren
                                kinderopvang dat door de ouder is aangevraagd. </al></li>
              <li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid verleent het college bij een ouder
                                als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onderdeel a, of tweede lid,
                                onderdeel a, van de wet de tegemoetkoming voor het aantal uren
                                kinderopvang dat naar zijn oordeel redelijkerwijs noodzakelijk is
                                voor de combinatie van arbeid en zorg.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>12</nr>
              <titel>Inhoud van de beschikking</titel>
            </kop>
            <al>Het besluit tot verlening van een tegemoetkoming in de kosten van
                        kinderopvang bevat in ieder geval:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>de vaststelling tot welke van de gemeentelijke doelgroepen de ouder
                                behoort;</al></li>
              <li nr="b."><al>de naam en geboortedatum van het kind of de kinderen waarop de
                                tegemoetkoming betrekking heeft;</al></li>
              <li nr="c."><al>de naam en adres van het kindercentrum of gastouderbureau waar de
                                kinderopvang plaatsvindt;</al></li>
              <li nr="d."><al>de periode en de omvang van de kinderopvang per tijdvak waarvoor de
                                tegemoetkoming wordt verleend;</al></li>
              <li nr="e."><al>de wijze waarop het bedrag van de tegemoetkoming wordt bepaald en
                                het bedrag dat op basis hiervan wordt verleend;</al></li>
              <li nr="f."><al>de wijze waarop de tegemoetkoming wordt uitbetaald;</al></li>
              <li nr="g."><al>de verplichtingen van de ouder.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>13</nr>
              <titel>De bevoorschotting van de
                        tegemoetkoming</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al> De tegemoetkoming wordt in de vorm van een voorschot in
                                maandelijkse termijnen uitbetaald. </al></li>
              <li nr="2."><al>Het college kan nadere voorschriften stellen over de wijze van
                                bevoorschotting</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>HOOFDSTUK</label>
            <nr>5.</nr>
            <titel>VASTSTELLING VAN DE TEGEMOETKOMING</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>14</nr>
              <titel>Het besluit tot vaststelling van de
                            tegemoetkoming</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De ouder verstrekt binnen vier weken na afloop van de periode
                                waarvoor de tegemoetkoming is verleend aan het college een overzicht
                                van de feitelijke kosten van kinderopvang over deze periode. </al></li>
              <li nr="2."><al>Het college stelt de tegemoetkoming binnen acht weken na ontvangst
                                van het overzicht van de kosten vast. </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>15</nr>
              <titel>Verrekening met de voorschotten</titel>
            </kop>
            <al>De tegemoetkoming wordt overeenkomstig de vaststelling binnen vier weken
                        betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten.</al>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>§</label>
            <nr>6.</nr>
            <titel>VERPLICHTINGEN VAN DE OUDER</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>16</nr>
              <titel>Inlichtingenplicht</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De ouder of de partner doet het college onmiddellijk na het bekend
                                worden daarvan uit eigen beweging schriftelijk mededeling van
                                inlichtingen en gegevens die kunnen leiden tot de vaststelling van
                                een lagere tegemoetkoming.</al></li>
              <li nr="2."><al>De ouder of partner verstrekt desgevraagd aan het college, binnen
                                een door het college te stellen redelijke termijn, alle gegevens en
                                inlichtingen van hem en zijn partner die voor de aanspraak op en de
                                hoogte van de tegemoetkoming van de gemeente van belang zijn.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>§</label>
            <nr>7.</nr>
            <titel>slotbepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>17</nr>
              <titel>Overgangsbepaling</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Onverminderd het gestelde in art. 18, derde lid, blijft de
                                Verordening Kinderopvang Ridderkerk 1998 van kracht voor wat betreft
                                die bepalingen die de grondslag vormen voor verleende vergunningen
                                en ontheffingen die betrekking hebben op peuterspeelzalen.</al></li>
              <li nr="2."><al>De in het eerste lid genoemde vergunningen en ontheffingen behouden
                                hun geldigheid.</al></li>
              <li nr="3."><al>Het in het eerste en tweede bepaalde vervalt op de dag van
                                inwerkingtreding van de Verordening Peuterspeelzaalwerk Ridderkerk
                                2005</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>18</nr>
              <titel>Inwerkingtreding</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Onder toepassing van artikel 25 van de Tijdelijke referendumwet
                                treedt deze verordening in werking 3 dagen na haar
                                bekendmaking.</al></li>
              <li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid treedt paragraaf 2 van deze
                                verordening in werking op het moment dat artikel 23 van de Wet
                                kinderopvang in werking treedt.</al></li>
              <li nr="3."><al>Op de dag van inwerkingtreding van deze verordening wordt de
                                Verordening Kinderopvang Ridderkerk 1998, vastgesteld op 28
                                september 1998, ingetrokken</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </paragraaf>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>