<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR54614_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Archiefverordening Ridderkerk 2006</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Ridderkerk</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-05-16</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ridderkerk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeentejournaal, 27-04-2006</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Archiefverordening Ridderkerk 2006</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Archiefwet 1995, art. 30, lid 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Archiefwet 1995, art. 32, lid 2</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2006-04-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2006-04-28</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>gemeentestukken 2006-4</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>automatisering en informatisering</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Op het tijdstip van inwerkingtreding wordt ingetrokken de Archiefverordening Ridderkerk 2002 (vastgesteld bij raadsbesluit nr. 440 d.d. 29 oktober 2001).</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Archiefverordening Ridderkerk 2006
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>De raad van de gemeente Ridderkerk;</al>
          <al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van
                        28 maart 2006,</al>
          <al>nummer 4;</al>
          <al>gelet op artikelen 30, eerste lid en 32, tweede lid van de Archiefwet
                        1995;</al>
          <al>
            <vet>b e s l u i t :</vet>
          </al>
          <al>vast te stellen de </al>
          <al>
            <vet>Archiefverordening Ridderkerk 2006</vet>
          </al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>I.</nr>
            <titel>Algemene bepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1</nr>
            </kop>
            <al>In deze verordening en de daarop berustende voorschriften wordt verstaan
                            onder:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>de wet: de Archiefwet 1995;</al></li>
              <li nr="b."><al>gemeentelijke organen: de overheidsorganen, bedoeld in artikel
                                    1, onder b, van de wet, voor zover behorende tot de gemeente;
                                </al></li>
              <li nr="c."><al>de archiefbewaarplaats: de overeenkomstig artikel 31 van de wet
                                    aangewezen archiefbewaarplaats;</al></li>
              <li nr="d."><al>de archivaris: de overeenkomstig artikel 32 van de wet benoemde
                                    gemeentearchivaris;</al></li>
              <li nr="e."><al>beheerder: degene die ingevolge Artikel 3 van deze verordening
                                    is belast met het beheer van de archiefbescheiden van de
                                    gemeentelijke organen die niet zijn overgebracht naar een
                                    archiefbewaarplaats;</al></li>
              <li nr="f."><al>beheerseenheid: een door burgemeester en wethouders als zodanig
                                    aan te wijzen organisatieonderdeel;</al></li>
              <li nr="g."><al>informatiesysteem: systeem van documentatie, procedures,
                                    apparatuur en programmatuur, met behulp waarvan
                                    archiefbescheiden kunnen worden vervaardigd, bewerkt, verzonden,
                                    ontvangen en geraadpleegd.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>II.</nr>
            <titel>De zorg van burgemeester en wethouders voor de
                            archiefbescheiden</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2</nr>
            </kop>
            <al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor het inrichten en
                            instandhouden van een archiefbewaarplaats als bedoeld in artikel 31 van
                            de wet, alsmede voldoende en doelmatige archiefruimten.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3</nr>
            </kop>
            <al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor het aanwijzen van de
                            beheerder/beheerders. </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4</nr>
            </kop>
            <al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de aanstelling van voldoende
                            deskundig personeel voor de werkzaamheden verbonden aan het beheer van
                            alle gemeentelijke archiefbescheiden en documentaire verzamelingen,
                            ongeacht hun vorm.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor een zodanige
                                vervaardiging en bewaring van archiefbescheiden, dat het behoud van
                                deze bescheiden voldoende is gewaarborgd.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het eerste lid is ook van toepassing op de vervaardiging van
                                bescheiden bestemd voor een overheidsorgaan of andere
                                belanghebbende, van welke bescheiden kan worden aangenomen dat zij
                                voor hen als archiefbescheiden voor blijvende bewaring in aanmerking
                                komen.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6</nr>
            </kop>
            <al>Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor, dat jaarlijks op de
                            gemeentebegroting voldoende middelen worden geraamd om de kosten
                            verbonden aan de zorg voor archiefbescheiden te kunnen dekken.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>7</nr>
            </kop>
            <al>Burgemeester en wethouders stellen voorschriften vast voor het beheer
                            van de archiefbescheiden van de gemeentelijke organen die nog niet naar
                            de archiefbewaarplaats zijn overgebracht.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>8</nr>
            </kop>
            <al>Burgemeester en wethouders doen tenminste éénmaal per twee jaar verslag
                            aan de gemeenteraad van hun verrichtingen ter uitvoering van artikel 30
                            van de wet. </al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>III</nr>
            <titel>Toezicht van de archivaris op het beheer van de archiefbescheiden
                            welke niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>9</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>De archivaris ziet erop toe, dat het beheer van de
                                archiefbescheiden, welke niet naar de archiefbewaarplaats zijn
                                overgebracht, beheerd worden overeenkomstig de bepalingen van de wet
                                en de ter uitvoering daarvan gegeven voorschriften. </al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Hij kan zich daarbij, onder handhaving van zijn
                                verantwoordelijkheid, doen vervangen door aan hem ondergeschikte
                                ambtenaren die in het bezit zijn van een diploma archivistiek als
                                bedoeld in artikel 22 van de wet. </al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>10</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>De beheerder verstrekt aan de archivaris of aan degene die namens
                                hem met het toezicht is belast, alle bescheiden en inlichtingen die
                                voor een goede vervulling van zijn taak noodzakelijk zijn en
                                verleent de nodige medewerking om inzicht te verschaffen in de
                                ordening en toegankelijkheid van de archiefbescheiden alsmede in de
                                opzet en werking van hulpmiddelen en systemen waarin
                                archiefbescheiden zijn opgenomen.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De archivaris en degenen die hem in de uitoefening van het toezicht
                                vervangen of bijstaan, hebben toegang tot de archiefbescheiden en de
                                ruimten waarin deze zich bevinden, met inachtneming van de
                                voorschriften ten aanzien van de beveiliging van geheimen.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>11</nr>
            </kop>
            <al>De archivaris doet mededeling aan de beheerders, en, als hij dit
                            noodzakelijk vindt, aan burgemeester en wethouders van zijn bevindingen
                            bij de uitoefening van het toezicht. Hij geeft daarbij aan welke
                            voorzieningen naar zijn mening in het belang van een goed beheer moeten
                            worden getroffen.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>12</nr>
            </kop>
            <al>De beheerder doet aan de archivaris tijdig mededeling van het voornemen
                            om aan burgemeester en wethouders een voorstel te doen tot:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>opheffing, samenvoeging of splitsing van een beheerseenheid of
                                    overdracht van één of meer taken aan een andere beheerseenheid,
                                    overheidsorgaan of rechtspersoon;</al></li>
              <li nr="b."><al>bouw, verbouwing, inrichting, of verandering van inrichting en
                                    ingebruikneming van ruimten als archiefruimte;</al></li>
              <li nr="c."><al>verandering van de plaats van bewaring van niet naar de
                                    archiefbewaarplaats overgebrachte archiefbescheiden;</al></li>
              <li nr="d."><al>ontwerp, vervanging, aanschaf of invoering van een
                                    informatiesysteem;</al></li>
              <li nr="e."><al>voorbereiding, invoering en wijziging van ordeningssystemen.
                                </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>13</nr>
            </kop>
            <al>De archivaris doet eenmaal per twee jaar verslag aan burgemeester en
                            wethouders betreffende de uitoefening van het toezicht.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>IV</nr>
            <titel>Slotbepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>14</nr>
            </kop>
            <al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die
                            van de bekendmaking.</al>
            <al>Op dat tijdstip wordt ingetrokken de Archiefverordening Ridderkerk 2002
                            (vastgesteld bij raadsbesluit nr. 440 d.d. 29 oktober 2001).</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering>
        
        <ondertekening>Ridderkerk, 18 april 2006</ondertekening>
        <ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening>
        <ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening>
      </regeling-sluiting>
      <nota-toelichting>
        <tussenkop>Toelichting</tussenkop>
        <al>Deze verordening sluit aan bij de Archiefwet 1995 (Stb. 276 en 277) en het
                    Archiefbesluit 1995 (Stb. 671) en dient door de gemeenteraad te worden
                    vastgesteld op grond van de in de aanhef genoemde artikelen in de Archiefwet
                    1995.</al>
        <al>Zij bestaat in hoofdzaak uit twee gedeelten, namelijk de regeling voor de zorg,
                    die het college van burgemeester en wethouders draagt voor de archieven van de
                    gemeentelijke organen en het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden,
                    die niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. </al>
        <al>Deze verordening is, evenals wet en besluit, niet alleen van toepassing op
                    klassieke, papieren archiefbescheiden, maar ook op moderne, digitale
                    informatiedragers.</al>
        <al>Hoofdstuk II bevat een uitwerking van het begrip “zorg”, dat in de Archiefwet
                    1995 niet wordt gedefinieerd. Wat voldoende en doelmatige archiefruimten zijn
                    (art. 3), is geregeld in het Archiefbesluit 1995.</al>
        <al>Hoofdstuk III is een uitwerking van het toezicht bedoeld in art. 32, tweede lid
                    van de wet.</al>
        <al>Dit model is aangepast aan de dualisering van de medebewindsbevoegdheden met
                    ingang van 8 maart 2006. Vanaf die datum is niet langer de gemeenteraad bevoegd
                    om de archivaris te benoemen en de archiefbewaarplaats aan te wijzen. Deze
                    bevoegdheden komen dan te berusten bij het College van Burgemeester en
                    Wethouders. Dit heeft onder andere tot gevolg dat het hoofdstuk over de
                    archiefbewaarplaats in de oude verordeningen is overgeheveld naar het Besluit
                    Informatiebeheer.</al>
        <al>Verder worden sinds de dualisering van het gemeentebestuur in 2002,
                    gemeentelijke verordeningen ondertekend door de burgemeester en de griffier. Dat
                    is ook in deze versie aangepast.</al>
        <tussenkop>Artikelsgewijze toelichting</tussenkop>
        <tussenkop>Artikel 2</tussenkop>
        <al>De ministeriële Regeling bouw en inrichting archiefruimten en
                    archiefbewaarplaatsen (Nederlandse Staatscourant nr. 180 d.d. 18 september 2001,
                    verbeterd in nr. 209 d.d. 29 oktober 2001) stelt op grond van artikel 13, vierde
                    lid, van het Archiefbesluit 1995 vast, aan welke bouwkundige en inrichtingseisen
                    de archiefbewaarplaats en de archiefruimten moeten voldoen. </al>
        <tussenkop>Artikel 3</tussenkop>
        <al>De aanwijzing van de beheerders is opgenomen in de op grond van artikel 7 te
                    stellen voorschriften: het Besluit Informatiebeheer. </al>
        <tussenkop>Artikel 5</tussenkop>
        <al>De ministeriële Regeling duurzaamheid archiefbescheiden (Nederlandse
                    Staatscourant nr. 180 d.d. 18 september 2001) stelt op grond van artikel 11
                    tweede lid van het Archiefbesluit 1995 nadere regels omtrent de kwaliteit van en
                    de procedures rond het materiële behoud van de daarvoor in aanmerking komende
                    archiefbescheiden. Artikel 11 van het Archiefbesluit 1995 kent de in dit artikel
                    bedoelde verplichting slechts ten behoeve van de interne stukken. Uit
                    overwegingen van behoorlijk bestuur en ter besparing van conserveringskosten
                    voor de overheid als geheel achten wij dit onjuist. Daarom is in het tweede lid
                    bepaald, dat ook de te verzenden stukken aan de genoemde Regeling dienen te
                    voldoen. De gemeente heeft als ontvanger van door andere overheden opgemaakte
                    stukken daarvan zelf ook profijt.</al>
        <tussenkop>Artikel 7</tussenkop>
        <al>De bedoelde voorschriften zijn opgenomen in het Besluit Informatiebeheer. Voor
                    het beheer van de naar de archiefbewaarplaats overgebrachte archiefbescheiden
                    worden de voorschriften gegeven in de Archiefverordening (citeertitel
                    vermelden), omdat de gemeenteraad ook de archivaris aanstelt.</al>
        <tussenkop>Artikel 8</tussenkop>
        <al>Burgemeester en wethouders kunnen hierbij aan de gemeenteraad de verslagen
                    overleggen, die door de archivaris zijn uitgebracht in verband met het beheer
                    van de archiefbewaarplaats en het toezicht op het beheer van de
                    archiefbescheiden die niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats.</al>
        <tussenkop>Artikel 11</tussenkop>
        <al>De ontwikkelingen op het gebied van de moderne informatietechnologie hebben in
                    de wet geleid tot een gewijzigde definitie van de term “archiefbescheiden”. De
                    wetgever heeft – binnen de formele betekenis van het begrip archiefbescheiden –
                    bedoeld onder deze term alle op enigerlei wijze vastgelegde informatie te
                    begrijpen inclusief die welke slechts via informatietechnologie opgevraagd kan
                    worden.</al>
        <al>Ondanks de ruimere betekenis van “archiefbescheiden” kan de materie veelal met
                    de traditionele bepalingen worden geregeld, zij het dat sommige begrippen een
                    andere, ruimere inhoud hebben gekregen. Dat heeft onder andere gevolgen voor een
                    term als “beheer”. Zo zal het voor het toezicht op het beheer van machine
                    leesbare gegevensbestanden niet meer voldoende zijn dat toegang tot de ruimte is
                    verzekerd. De formulering betreffende de noodzakelijke medewerking is ontleend
                    aan de artikelen 52 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en 5:20 van de
                    Algemene wet bestuursrecht. </al>
        <tussenkop>Artikel 13</tussenkop>
        <al>Slechts die aspecten van de uitoefening van het archiefbeheer zijn hier vermeld,
                    die bij constatering achteraf tot onevenredig hoge kosten zouden kunnen leiden,
                    of die ernstige schade voor het behoud dan wel de openbaarheid van de
                    archiefbescheiden en de rechtszekerheid van de burger tot gevolg zouden
                    hebben.</al>
      </nota-toelichting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>