<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR54493_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Nota lokale bedrijvigheid</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Giessenlanden</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-05-02</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Giessenlanden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Nota lokale bedrijvigheid</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-01-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Nota Lokale bedrijvigheid "Het werkt buitengewoon"</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Zaaknummer : 08-1619 1085</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De ingangsdatum van deze regeling is bij benadering</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Nota Lokale Bedrijvigheid
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>Afdeling Ruimte&amp; Projecten, </al>
          <al>15 januari 2009</al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label/>
            <nr>1.</nr>
            <titel>Inleiding</titel>
          </kop>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>1.1</nr>
              <titel>Aanleiding van de Nota Lokale bedrijvigheid</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>In het coalitieakkoord Giessenlanden PvdA, ChristenUnie en CDA
                                2006-2010 ‘Voortvarend en met elkaar’ is opgenomen dat er een Nota
                                Lokale Bedrijvigheid in 2008 wordt opgesteld. </al>
              <al>De Nota Lokale Bedrijvigheid streeft naar een optimale samenhang van
                                wonen, werken en recreëren. In de gemeente Giessenlanden is wonen op
                                dit moment het belangrijkste element. Recreëren wordt een steeds
                                belangrijkere factor. Belangrijk is dat er aandacht wordt besteed
                                aan de factor werk. Deze factor is op dit moment in deze gemeente
                                nog van ondergeschikt belang. In deze nota staat daarom het werken
                                en het ondernemen centraal. We willen voorkomen dat Giessenlanden
                                enkel een forensengemeente wordt, waarin onvoldoende mogelijkheden
                                geboden worden voor lokaal ondernemerschap. </al>
              <al>Deze nota is een visie over het te houden beleid in de aankomende
                                jaren. Deze nota is geen spoorboekje dat exact gevolgd moet worden
                                (het bestemmingsplan is het spoorboekje), maar geeft een leidraad om
                                richting te geven aan de invulling van de lokale bedrijvigheid. </al>
              <al>De Nota Lokale Bedrijvigheid is geënt op de Lokale Structuurvisie en
                                belicht de gemeente vanuit bedrijfseconomische invalshoek. Het is
                                een richtinggevend beleidsinstrument voor onder andere
                                bestemmingsplannen. Deze notitie speelt een duidelijke rol bij de
                                herziening en actualisatie van bestemmingsplannen. Daarnaast moet
                                ondernemend Giessenlanden zich er in kunnen vinden.</al>
              <al>Bij het opstellen van deze nota is gebruik gemaakt van verschillende
                                documenten zoals: het streekplan Zuid-Holland Oost (2003) en de
                                bedrijventerreinenstrategie Alblasserwaard/Vijfheerenlanden (2007).
                            </al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>1.2</nr>
              <titel>Lokale Structuurvisie Giessenlanden</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>In december 2008 wordt de Lokale Structuurvisie Giessenlanden
                                vastgesteld. In de Lokale Structuurvisie worden de beleidslijnen
                                voor de langere termijn beschreven op het gebied van ruimte,
                                volkshuisvesting, economie, voorzieningen &amp; infrastructuur en
                                recreatie &amp; toerisme. Lokale bedrijvigheid en de economische
                                situatie worden ook summier in de Lokale Structuurvisie beschreven.
                                De Lokale Structuurvisie geeft de kaders voor de ruimtelijke
                                ordening en geeft input bij de herziening en actualisatie van
                                bestemmingsplannen in onze gemeente. Alle bestemmingsplannen hangen
                                op deze wijze met elkaar samen. De uitgangspunten voor de Nota
                                Lokale Bedrijvigheid kunt u ook terugvinden in de Lokale
                                Structuurvisie.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>1.3</nr>
              <titel>Bestemmingsplan Landelijk Gebied</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>In navolging van de Lokale Structuurvisie en de Nota Lokale
                                Bedrijvigheid wordt het bestemmingsplan Landelijk Gebied
                                geactualiseerd. De Lokale Structuurvisie en de Nota Lokale
                                Bedrijvigheid zullen onder andere input zijn voor dit
                                bestemmingsplan. De voorbereidende werkzaamheden voor het
                                bestemmingsplan Landelijk Gebied zijn inmiddels gestart. </al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>1.4</nr>
              <titel>Leeswijzer</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>De Nota Lokale bedrijvigheid bestaat uit de volgende hoofdstukken: </al>
              <lijst>
                <li nr="·"><al>huidige economische situatie gemeente Giessenlanden;</al></li>
                <li nr="·"><al>bedrijfssectoren in Giessenlanden uitgelicht;</al></li>
                <li nr="·"><al>bedrijfsvestiging en doorgroeimogelijkheden;</al></li>
                <li nr="·"><al>regionale ontwikkelingsmaatschappij;</al></li>
                <li nr="·"><al>gemeentelijke bedrijventerreinen.</al></li>
              </lijst>
              <al>Ten slotte vindt u een samenvattende tabel op pagina 12.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label/>
            <nr>2.</nr>
            <titel>Huidige economische situatie gemeente Giessenlanden</titel>
          </kop>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>2.1</nr>
              <titel>Economie in Giessenlanden</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Giessenlanden kenmerkt zich in eerste instantie als een rustige,
                                groene woongemeente. Ten zuiden van de gemeente Giessenlanden ligt
                                de gemeente Gorinchem. De gemeente Gorinchem vervult voor o.a. de
                                gemeente Giessenlanden een regiofunctie met een ziekenhuis,
                                voortgezet onderwijs en een winkelaanbod in het centrum, maar ook in
                                het Piazzacentrum. Giessenlanden is een forensengemeente, inwoners
                                kunnen snel hun weg vinden via het rijkswegennet A15 en A27 naar
                                grotere conglomeraties. De centrale geografische ligging heeft
                                positieve effecten op de economische potentie van onze gemeente. De
                                agrarische sector is in onze gemeente nog steeds de meest in het
                                oogspringende economische drijver. In de loop der tijd hebben
                                sommige agrariërs activiteiten ontwikkeld naast hun boerenbedrijf.
                                Zij hebben zich bijvoorbeeld ontwikkeld tot loonwerker, aannemer of
                                transportbedrijf. Voorbeelden hiervan zijn de bedrijven De Kuiper,
                                De Kreij en HABO. Daarnaast hebben sommige agrariërs zich toegelegd
                                op toeristische nevenactiviteiten. Hiermee is toerisme ook een
                                economische drager geworden. </al>
              <al>Uitzondering op het agrarische karakter in onze gemeente is de kern
                                Arkel. Hoewel zich in Arkel enkele fruitteeltbedrijven bevinden, is
                                Arkel van oudsher meer georiënteerd op industrie en bedrijvigheid.
                                In Arkel ligt het grootste bedrijventerrein van onze gemeente (20
                                ha.). Langs de Merwede zijn tevens twee (grote) watergebonden
                                bedrijven gevestigd, Asfaltproductie Hoogblokland B.V.
                                (asfaltcentrale) en BetonSon B.V. (betonmortelfabriek).</al>
              <al>Gemeente Giessenlanden kent nog drie bedrijventerreinen:
                                bedrijventerrein Giessenburg, bedrijventerrein Middenweg/ De Vort en
                                bedrijventerrein Haarbrug. Daarnaast is er een regionaal
                                bedrijventerrein, Transportcentrum Schelluinen-West, in
                                ontwikkeling. Sinds het jaar 2000 heeft de regio zich hard gemaakt
                                voor de ontwikkeling van regionale bedrijventerreinen in de
                                Alblaserwaard/Vijfheerenlanden om de transportsector te stimuleren
                                en het Groene Hart te bewaren. Naast de bedrijvigheid op de
                                bedrijventerreinen is er ook bedrijvigheid in de dorpen en linten.
                                Op sommige locaties geeft deze bedrijvigheid een meerwaarde en op
                                andere locaties geeft de bedrijvigheid problemen. Ook kan de steeds
                                strengere milieuwetgeving een belemmering vormen voor bedrijven die
                                zich hier gevestigd hebben.</al>
              <al>Gegevens van de Kamer van Koophandel wijzen uit dat de economische
                                ontwikkeling van de Alblasserwaard en onze gemeente achterblijft bij
                                het Nederlandse gemiddelde. Het is belangrijk dat de economische
                                ontwikkeling van de gemeente Giessenlanden zich verder ontwikkelt.
                                Deze Nota biedt perspectief om de economische ontwikkeling in onze
                                gemeente te laten aantrekken, gelet op de genoemde kaders, tot
                                tenminste een gelijk niveau met de landelijke groei!</al>
              <al>In de <cursief>bijlage 1: Bedrijven in Giessenlanden</cursief> kunt
                                u informatie terugvinden over het bedrijvenbestand in onze
                                gemeente.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label/>
            <nr>3.</nr>
            <titel>Bedrijfssectoren in Giessenlanden uitgelicht</titel>
          </kop>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>3.1</nr>
              <titel>Agrarische Sector</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Van oorsprong is de gemeente een landelijke/agrarische gemeente, de
                                kernen zijn groot geworden door de agrarische sector. In de loop van
                                de tijd zijn er woonwijken rond deze boerderijen ontstaan. De jaren
                                ’90 waren kenmerkend doordat er op allerlei locaties in het land een
                                bedrijventerrein verrees. Wetgeving vereiste dat
                                bedrijfsactiviteiten zich verplaatsten van binnen de bebouwde kom
                                naar daarbuiten. Deze terreinen zijn echter niet overal gepast.
                                Vooral in een landelijke gemeente, zoals de gemeente Giessenlanden,
                                kan een dergelijk bedrijventerrein een ruimtelijk verstoorde indruk
                                geven. </al>
              <al>De tendens in de landbouw bestaat voornamelijk uit schaalvergroting
                                van agrarische bedrijven. Schaalvergroting is voor veel agrarische
                                bedrijven nodig om in de toekomst te blijven bestaan. Door de
                                schaalvergroting verandert het platteland en verdwijnen kleinere
                                boerenbedrijven. In 1984 is er een start gemaakt met het uitgeven
                                van melkquota. In 1984 zijn er 63.000 melkquota uitgegeven. In 2008
                                zijn er slechts 17.000 melkquota uitgegeven. De huidige agrariërs en
                                voornamelijk de toekomstige (opvolgers) moeten meer dan ooit
                                belangrijke keuzes maken over hun bedrijfsvoering en zich langs de
                                ingeslagen weg verder ontwikkelen. Ondanks dat het steeds moeilijker
                                wordt om stand te houden bij productie tegen wereldmarktprijzen is
                                de agrarische sector in Giessenlanden levensvatbaar en zijn er
                                voldoende toekomstperspectieven. De tendens van schaalvergroting
                                gaat door. Boeren zullen steeds meer koeien gaan houden en meer
                                grond beheren, waardoor het aantal bedrijven afneemt. Naast deze
                                schaalvergroting is er een hang naar biologisch (dynamisch),
                                streekeigen (slowfood) en herkenbare producten. Deze laatste
                                ontwikkeling is evengoed van belang.</al>
              <al>Nog steeds is de agrarische sector belangrijk voor deze gemeente. De
                                agrarische sector zorgt er namelijk voor dat het bijzondere open
                                veenlandschap in stand blijft voor de samenleving zonder dat men
                                hiervoor geld hoeft te betalen. Om dit te stimuleren moet er een
                                boervriendelijk beleid gevoerd worden en initiatieven voor recreatie
                                en verbreding gefaciliteerd worden (diversificatie). </al>
              <al>De Alblasserwaard heeft de hoogste melkdichtheid per hectare van
                                Nederland. Dit is iets om trots op te zijn. Dat de Alblasserwaard
                                zo’n hoge melkdichtheid kent, heeft te maken met het landschap en de
                                grondslag. Daarnaast is er tot twee maal toe een ruilverkaveling
                                geweest. Om deze ruilverkaveling te bewerkstelligen is de overheid
                                planologisch ruimhartig geweest. Deze ruilverkavelingen hebben
                                geleid tot goede, moderne veehouderijen. Hiermee is het bewijs
                                geleverd dat ruimhartig planologisch beleid van de overheid naar de
                                agrariër zijn vruchten afwerpt!</al>
              <al>De huidige melkveehouderijen bevinden zich echter in een spagaat. De
                                economische druk is groot om de schaalvergroting door te zetten,
                                terwijl tegelijkertijd door de samenleving van de boeren wordt
                                verwacht dat zij een bijdrage leveren aan landschappelijke,
                                natuurlijke, recreatieve en waterkwaliteiten.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>3.2</nr>
              <titel>Transportsector</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>De transportsector is een belangrijke economische pijler in
                                Giessenlanden zeker na de agrarische revolutie. De goede
                                geografische ligging van onze gemeente ten opzichte van het
                                landelijk en provinciaal wegennet en ten opzichte van het Rijnmond
                                gebied is hierbij van belang. Het is belangrijk om op efficiënte
                                wijze met de beschikbare ruimte om te gaan. Daarom is er aandacht
                                voor de transportsector in samenhang met de leefbaarheid van de
                                dorpen door middel van de realisatie van transportcentrum
                                Schelluinen-West door ROM-S (regionale ontwikkelingsmaatschappij
                                Schelluinen). ROM-S is een regionale ontwikkelingsmaatschappij
                                opgezet door zeven gemeenten en bijgestaan door OPP (Ontwikkelings-
                                en Participatiebedrijf Publieke sector B.V.). Gemeente Giessenlanden
                                zal als achtste gemeente toetreden tot ROM-S. Als aanvulling op het
                                regionale transportcentrum Schelluinen-West zal een aantal regionale
                                vrachtwagenparkeerterreinen ontwikkeld worden. Deze parkeerterreinen
                                dienen ter ondersteuning van het regionale beleid voor transport en
                                logistiek. Deze locaties van circa 1 hectare groot bieden
                                gelegenheid tot (betaald) parkeren. Ze zijn alleen bedoeld voor
                                kleinparkeerders.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>3.3</nr>
              <titel>Bouwnijverheid</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>De bouwnijverheid is ook een grote economische drijver in onze
                                gemeente. De ontstaansgeschiedenis van deze sector is nagenoeg
                                hetzelfde als die van de transportsector. Agrarische ondernemers
                                zochten naar andere bronnen van inkomsten, vaak in de vorm van
                                loonwerk. Deze bedrijven zijn later veelal uitgegroeid tot
                                aannemersbedrijven of transportbedrijven. Veel van deze
                                aannemersbedrijven zijn nog gevestigd in de dorpen en linten van
                                onze gemeente.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>3.4</nr>
              <titel>Dienstverlening</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Hoogwaardige, kennisintensieve dienstverlening is vaak prima
                                landschappelijk inpasbaar. De sector dienstverlening is tot op heden
                                niet erg ontwikkeld in onze gemeente. Terwijl dienstverlening en
                                daarmee vaak de combinatie van wonen en werken zowel de economie als
                                de vitaliteit van het platteland verder kan stimuleren. Op
                                bedrijventerreinen dienen daarom meer woon-werkunits te worden
                                gerealiseerd. Door zelfstandige kleine (arbeids- en
                                kennisintensieve) bedrijfjes aan te trekken kan de economie binnen
                                de gemeente op peil worden gehouden, zonder grote bedrijfsgebouwen
                                in het landelijke gebied toe te staan. Tevens moet het gebruik van
                                vrijkomende schuren op het platteland, mogelijk gemaakt worden, voor
                                met name startende bedrijven. Uiteraard onder nog nader te
                                formuleren randvoorwaarden. Langs de ruilverkavelingswegen zijn we
                                hier terughoudend in. Er worden hiervoor beleidsregels geformuleerd,
                                die het niveau van de Nota Lokale Bedrijvigheid overstijgen. In
                                voormalige agrarische bedrijven is uitsluitend lichte bedrijvigheid
                                toegestaan, binnen de bestaande bebouwing. De units worden onder
                                voorwaarden mogelijk gemaakt. In de eerste plaats zijn de
                                groeimogelijkheden beperkt en mag er geen extra bebouwing worden
                                toegevoegd om de kleinschaligheid van de bedrijven te waarborgen. De
                                bedrijfsactiviteiten dienen lichte bedrijvigheid te omvatten
                                (categorie 1 en 2) en weinig tot geen verkeersaantrekkende werking
                                te hebben (alleen verkeerscategorie 1 en 2), zodat de activiteiten
                                geen belemmering voor de omgeving vormen. Het parkeren dient
                                geregeld te worden op eigen terrein. Deze mogelijkheden dienen in
                                het nieuwe bestemmingsplan buitengebied opgenomen te worden. Zie ook
                                paragraaf 4.1.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>3.5</nr>
              <titel>Detailhandel</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Het detailhandelniveau in de kernen is op dit moment summier. De
                                kleinere buurtwinkels met een beperkter assortiment trekken weg uit
                                de dorpen. Door de toenemende mobiliteit gaan mensen sneller naar
                                een plek waar het voorzieningenaanbod groot is (multipurpose
                                shopping trips). De consument wil een breed aanbod van producten,
                                zodat men maar één adres hoeft aan te doen. De schaalvergroting in
                                de supermarktbranche betekent voor de lokale bakker, groenteboer en
                                slager een minder zonnige toekomst. In de grotere kernen Arkel,
                                Giessenburg en Hoornaar zijn enkele winkels gevestigd om te kunnen
                                voorzien in de eerste levensbehoeften van de inwoners. In de overige
                                kernen is het detailhandelniveau/winkelbestand niet tot nauwelijks.
                                Inwoners zijn mede daarom aangewezen op het regionaal winkelbestand
                                in bijvoorbeeld Gorinchem. Voor de leefbaarheid in de dorpen en de
                                aantrekkelijkheid van de gemeente is het echter wenselijk dat het
                                voorzieningenniveau in de dorpen op kwalitatief goed niveau is.
                                Echter blijft dat afhankelijk van de ondernemers. De gemeente heeft
                                slechts een faciliterende rol. Er zijn speciale vestiginglocaties
                                aangewezen (centra van de dorpen). Net als in de landbouw, is
                                schaalvergroting in de winkel- en supermarktbranche aan de orde. </al>
              <al>Op dit moment zijn er enkele bedrijven met een detailhandelsfunctie
                                op bedrijventerreinen in onze gemeente gevestigd. Uitgangspunt is
                                dat de gemeente optreedt wanneer deze activiteiten hier niet mogen
                                plaatsvinden. Daarnaast zal de toegestane detailhandel zoveel
                                mogelijk worden beperkt of volgens het geldende bestemmingsplan
                                worden ingepast.</al>
              <al>Verder zijn er enkele minimarkten in onze dorpen. Deze minimarkten
                                hebben vaak een belangrijke functie voor de inwoners van de dorpen.
                                Deze minimarkten willen wij daarom ook faciliteren.</al>
              <al>Bovendien willen we de contacten met de middenstandsverenigingen
                                verbeteren, zodat de gemeente ‘ het faciliteren’ goed kan invullen,
                                zie paragraaf 4.7.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>3.6</nr>
              <titel>Recreatie &amp; Toerisme</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Giessenlanden heeft op vele locaties een prachtig open landschap,
                                daarnaast heeft de Giessen een bijzondere charme. Door het landschap
                                bevinden zich de dorpslinten van onze kernen en zijn er een aantal
                                cultuurhistorisch dorpsgezichten. Vooral voor wandelaars en fietsers
                                is deze omgeving uitermate geschikt. Veel fietsers en wandelaars,
                                maar ook watersporters hebben inmiddels deze regio ontdekt.
                                Recreatie is in deze regio nog weinig ontwikkeld, de huidige
                                recreatie bestaat veelal uit dagrecreatie. Uit onderzoek blijkt dat
                                de bestedingen van deze zogenaamde dagrecreatie aan de lokale
                                bevolking zeer gering is. De potentie van recreatie en toerisme
                                wordt nog te weinig omgezet in geld, echter meer dan menigeen denkt.
                                Wanneer de verblijfsduur van recreanten in onze gemeente kan worden
                                verlengd, zal het bestedingspatroon ook verhogen. Wij zien graag een
                                groei in recreatie en toerisme in onze gemeente en willen
                                initiatieven voor recreatie stimuleren. Er zijn twee redenen om
                                recreatie en toerisme te stimuleren:</al>
              <lijst>
                <li nr="·"><al>recreatie en toerisme geeft een economische impuls aan onze
                                        gemeente;</al></li>
                <li nr="·"><al>de aantrekkelijkheid van de eigen leefomgeving
                                        verbetert.</al></li>
              </lijst>
              <al>
                <cursief>Recreatie in de
                                Alblasserwaard/Vijfheerenlanden</cursief>
              </al>
              <al>Economische groei in de Alblasserwaard/Vijfheerenlanden op het
                                gebied van recreatie toerisme kan gerealiseerd door middel van drie
                                variabelen:</al>
              <lijst>
                <li nr="·"><al>groei in de bestedingen per persoon per bezoek;</al></li>
                <li nr="·"><al>groei van het aantal (herhalings)bezoekers;</al></li>
                <li nr="·"><al>verlenging van de verblijfsduur.</al></li>
              </lijst>
              <al>Boegbeelden in de regio Alblasserwaard/Vijfheerenlanden in het kader
                                van recreatie en toerisme zijn Gorinchem/Vestingdriehoek, de Nieuwe
                                Hollandse Waterlinie, Kinderdijk en Leerdam Glasstad. Recreatie
                                ondersteunt het cultuurbeleid en andersom. Er is een wisselwerking
                                hiertussen. De regio zet voornamelijk in op deze onderdelen en niet
                                op recreatie en toerisme in het landelijk gebied. Andere aspecten
                                waarop de regio inzet: evenementen op concentratielocaties en
                                bestaand recreatief aanbod in het buitengebied verder ontwikkelen en
                                waterrecreatie stimuleren. De regio Alblasserwaard-Vijfheerenlanden
                                heeft de ambitie om in samenwerking met plaatselijke ondernemers in
                                het buitengebied complete dagtochten te organiseren. Ook is het
                                mogelijk recreanten te trekken met verschillende vormen van wandelen
                                (wandeldagtochten, ommetjes, wandelen met GPS). De regio vindt een
                                toename van kleinschalige horeca in het buitengebied wenselijk.</al>
              <al>
                <cursief>Recreatie in Giessenlanden</cursief>
              </al>
              <al>In de Lokale Structuurvisie wordt ook aandacht besteed aan recreatie
                                en toerisme. Insteek hier is dan ook dat de bestaande kwaliteiten,
                                zoals het prachtige landschap, worden benut door het stimuleren van
                                recreatie en toerisme. Dit zonder dat er kermisachtige attracties
                                ontstaan. </al>
              <al>Voorbeelden van gewenste recreatie die in de Lokale Structuurvisie
                                worden genoemd zijn een theetuin, Bed &amp; Breakfast, kamperen bij
                                de boer (en eventueel bij de burger), verkoop van streekeigen
                                producten, boerengolf en openbare aanlegplaatsen voor jachtjes in de
                                recreatieve zone langs de Giessen (niet limitatief). </al>
              <al>Vanaf de snelweg A15 is geen ‘recreatieve opstap’ in het gebied
                                aanwezig. Door de ligging aan de A15 is Schelluinen goed bereikbaar
                                vanuit de randstad. Schelluinen zou hiermee een uitstekende locatie
                                voor een recreatief transferium zijn. Op dit punt zou bijvoorbeeld
                                plaats zijn om de auto te parkeren en over te stappen op een ander
                                recreatief vervoermiddel zoals een fiets. Het transferium vormt
                                tevens een informatiepunt met informatie over wandel- en fietsroutes
                                en de adressen van bezienswaardigheden.</al>
              <al>Ook aan de oostzijde van Arkel is het streven naar een dergelijk
                                recreatief transferium. Omdat Arkel aan de Linge ligt zal hier een
                                ‘nat’ transferium worden ingericht en kan er worden overgestapt op
                                een kano of fluisterboot. Aansluitend hierop gaat de jachthaven in
                                Arkel een rol spelen. De zone langs de Linge zal recreatief
                                versterkt worden. De verwachte realisering van Hotel Arkel past hier
                                goed in. Zie voor meer informatie herstructurering Arkel, Het
                                Waardje.</al>
              <al>Bovengenoemde aspecten staan ook beschreven in De Lokale
                                Structuurvisie.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>3.7</nr>
              <titel>Overige bedrijvigheid</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Naast de in de voorgaande paragrafen beschreven bedrijfssectoren
                                zijn er ook enkele watergebonden bedrijven in onze gemeente,
                                Asfaltproductie Hoogblokland B.V. (asfaltcentrale) en BetonSon B.V.
                                (betonmortelfabriek). Uitgangspunt hierbij is dat we de bestaande
                                natte kavels behouden, maar dat deze niet verder worden
                                uitgebreid.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label/>
            <nr>4.</nr>
            <titel>Bedrijfsvestiging en doorgroeimogelijkheden</titel>
          </kop>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>4.1</nr>
              <titel>Startende ondernemers</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Voor ondernemers is het vaak moeilijk om te starten. Om deze
                                doelgroep tegemoet te komen wordt de bouw van woon-werkunits
                                gestimuleerd. De uitbreiding van het bedrijventerrein Arkel III
                                voorziet hier bijvoorbeeld in. De combinatie van wonen en werken kan
                                zowel de economie als de vitaliteit van het platteland verder
                                stimuleren. Op bedrijventerreinen dienen meer woon-werkunits te
                                worden gerealiseerd. Door zelfstandige kleine (arbeids- en
                                kennisintensieve) bedrijfjes aan te trekken kan de economie binnen
                                de gemeente op peil worden gehouden, zonder grote bedrijfsgebouwen
                                in het landelijk gebied toe te staan. Zie ook paragraaf 3.4.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>4.2</nr>
              <titel>Bedrijven met een milieuvergunning</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Binnen de gemeente zijn van oorsprong of door de jaren heen
                                bedrijven gevestigd die weliswaar een belangrijke bijdrage leveren
                                aan de locale economie, maar nu in sommige gevallen vanuit het
                                oogpunt van de milieuhinder (milieucategorie 3 en 4) minder
                                wenselijk zijn. Zo zorgt zwaar vrachtverkeer voor overlast op de
                                smalle veendijken en is de ruimtelijke uitstraling negatief, hetgeen
                                ook van belang is voor de recreatieve potenties. Bestemmingsplannen
                                geven aan waar bedrijven met welke milieucategorie zich mogen
                                vestigen. In goed overleg met de bedrijven zal naar een alternatieve
                                locatie worden gezocht.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>4.3</nr>
              <titel>Bedrijven in de dorpen en de linten</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>In de dorpen en linten van de gemeente zijn nog veel bedrijven
                                gevestigd. Dit aanbod varieert van zowel agrarische bedrijven tot
                                lokale aannemers. Veelal is dit historisch zo gegroeid. Dit hoeft op
                                zich geen probleem te zijn wanneer de milieu-impact en de
                                verkeersaantrekkende werking voor de omgeving gering is (bv.
                                kennisintensieve ondernemingen). Niet alleen deze milieu-impact voor
                                de omgeving is van belang, maar ook de ambities van het bedrijf
                                zelf. De uitbreidingsmogelijkheden voor bedrijven zijn op deze
                                locaties beperkt. Tevens is het gebruik van vrijkomende agrarische
                                schuren op het platteland voor met name startende bedrijven
                                wenselijk, zie paragraaf 3.4 dienstverlening. </al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>4.4</nr>
              <titel>Bedrijven in het buitengebied</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Een aantal bedrijven zijn in het buitengebied (niet zijnde de dorpen
                                en linten) gevestigd. Uitbreidingmogelijkheden voor deze bedrijven
                                moeten per geval worden beoordeeld. Vaak zijn er bij de beoordeling
                                verschillende aspecten van belang zoals natuur, milieu, externe
                                veiligheid enz. In het buitengebied zijn ook veel agrarische
                                bedrijven gevestigd. Ook hier moet toch vaak per geval worden
                                bekeken of uitbreiding mogelijk is. Uitbreiding van een agrarische
                                onderneming in het buitengebied geeft vaak minder problemen als een
                                gewenste uitbreiding van een agrarische onderneming in de bebouwde
                                kom. Wanneer er bij agrarische bedrijven in de bebouwde kom geen
                                uitbreidingsmogelijkheden meer zijn, wordt er in sommige gevallen
                                gekeken naar een mogelijke uitplaatsing. Om te bepalen of
                                bedrijvigheid in het buitengebied gepast is en of uitbreiding
                                mogelijk is, wordt er per geval maatwerk verricht.</al>
              <al>Bedrijven in de dorpslinten moet de mogelijkheid geboden worden om
                                te verhuizen naar de gemeentelijke bedrijventerreinen wanneer de
                                mogelijkheid zich voordoet.</al>
              <al>Gezien het landelijke karakter prefereert Giessenlanden het meest
                                van bedrijven die weinig ruimte consumeren, een lage milieubelasting
                                hebben en veel werkgelegenheid genereren. Aangezien sommige
                                transportbedrijven niet altijd geheel lijken te passen binnen het
                                landelijke karakter van de omgeving, draagt het vertrek van een
                                aantal van deze bedrijven uit de Alblasserwaard naar het
                                transportcentrum Schelluinen-West bij aan de ruimtelijke kwaliteit.
                                De vrijkomende gronden kunnen worden benut voor nieuwe bedrijven of
                                woningen. Lokale, startende, kennisintensieve, hoogwaardige
                                bedrijvigheid staat dan bovenaan het verlanglijstje. Er kan mogelijk
                                nog winst behaald worden door het beter benutten van de ruimte op
                                bestaande terreinen. </al>
              <al>Wanneer bedrijven of ondernemers voor huisvesting investeringen
                                willen doen om cultuurhistorische waarden van panden en
                                dorpsgezichten te behouden moet dit gestimuleerd worden ook wanneer
                                het de kernen en dorpslinten betreft, mits de milieu-impact (max.
                                categorie 2) gering is.</al>
              <al>
                <cursief>Saneren bedrijfslocaties</cursief>
              </al>
              <al>Op de kaart opgenomen in <cursief>bijlage 2: te saneren
                                    bedrijfslocaties</cursief> worden de mogelijk te saneren
                                bedrijfslocaties aangegeven. Deze kaart is afkomstig uit de Lokale
                                Structuurvisie. De gedachte hierbij is dat de bedrijven op de
                                langere termijn zo veel mogelijk op basis van vrijwilligheid
                                verplaatst zouden moeten naar elders. Daarvoor in de plaats kunnen
                                hetzij woningen, hetzij kleinschalige en kennis- en
                                arbeidsintensieve bedrijfjes komen. Door middel van herstructurering
                                kan extra ruimte worden gevonden voor bedrijven en het vestigen van
                                woon-werkunits. Tevens kunnen werkunits in voormalige agrarische
                                complexen worden gevestigd. </al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>4.5</nr>
              <titel>Gemeentelijke bedrijventerreinen</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Wanneer een bedrijf gevestigd in één van de dorpen of linten te
                                groot wordt en daarmee zijn omgeving verstoort, moet het worden
                                verplaatst naar één van de vier bedrijventerreinen binnen het
                                grondgebied: bedrijventerrein Arkel, bedrijventerrein Giessenburg,
                                bedrijventerrein Middenweg/ De Vort te Noordeloos, bedrijventerrein
                                Haarbrug of naar een andere geschikte locatie (bij voorkeur in de
                                regio). </al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>4.6</nr>
              <titel>Doorstromers</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Bedrijven met een grotere oppervlakte als 1000 m2 passen niet meer
                                op onze lokale bedrijventerreinen in Arkel, Noordeloos of
                                Giessenburg. Deze bedrijven moeten gestimuleerd worden om de
                                bedrijfsvoering te verplaatsen naar een van de grotere regionale
                                bedrijventerreinen. Dit geeft zowel voordelen voor het bedrijf als
                                voor de omgeving. Kleinere en nieuwe ondernemingen kunnen zich dan
                                gaan ontwikkelen op de oude locatie van de doorstromer op de lokale
                                terreinen. Bedrijven op de lokale bedrijventerreinen die uit hun
                                jasje groeien, moeten de mogelijkheid krijgen om zich te ontwikkelen
                                op de regionale bedrijventerreinen.</al>
              <al>De bedrijventerreinenstrategie A/V is een regionaal afgestemd
                                programma waarin segmentering en fasering voor de ontwikkeling en
                                herstructurering tot 2020 voor de bedrijventerreinen in de regio is
                                opgenomen. Hierbij is de noodzaak voor nieuwe bedrijventerreinen met
                                ruimtebehoefteramingen aangetoond. Op basis van de regionale
                                programmering communiceren alle gemeenten binnen de
                                Alblasserwaard/Vijfheerenlanden eenduidig naar bedrijven over de
                                vestigingmogelijkheden in de regio. De ruimtelijke strategie biedt
                                tevens het toetsingskader voor investeringen voor de gemeenten, de
                                regio en de markt. Naar aanleiding van de ruimtelijke strategie is
                                een uitvoeringsprogramma opgesteld. Het betreft een actieprogramma
                                om de ruimtelijke strategie uit te voeren. De fasering en
                                prioritering van de ruimtelijke strategie vormen de basis voor het
                                uitvoeringsprogramma. In de realisatiestrategie is de regionale
                                afstemming geregeld en zijn afspraken opgenomen over investeringen
                                in bedrijventerreinen tot 2015. Het betreft ontwikkeling, beheer en
                                herstructurering van bedrijventerreinen.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>4.7</nr>
              <titel>Communicatie met ondernemers</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Communicatie met ondernemers is belangrijk. Bedrijfsverplaatsingen
                                zijn vaak ingrijpende gebeurtenissen die van grote invloed zijn op
                                de bedrijfsvoering en economische situatie van een bedrijf.
                                Bedrijven zullen dan niet altijd actief meewerken aan een
                                bedrijfsverplaatsing. Belangrijk is dat wordt ingezien dat bij een
                                bedrijfsverplaatsing voordeel wordt behaald op verschillende
                                vlakken, voor de omgeving maar ook zeker voor het bedrijf zelf (meer
                                uitbreidingsmogelijkheden, flexibelere bedrijfsvoering door minder
                                afhankelijk te zijn van de omgeving).</al>
              <al>Voor een goede afstemming met de ondernemers wordt er een jaarlijks
                                overleg gepland met de overkoepelende organisaties:
                                ondernemersverenigingen, middenstandsverenigingen en LTO. In goed
                                overleg wordt gekeken naar mogelijke oplossingen voor aangedragen
                                knelpunten. Op deze wijze ontstaan goede onderlinge verhoudingen en
                                kunnen aangedragen aspecten integraal worden bekeken.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label/>
            <nr>5.</nr>
            <titel>Regionale ontwikkelingsmaatschappij (A/V)</titel>
          </kop>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>5.1</nr>
              <titel>Doel</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Doorstroming en vestiging van bedrijven vanuit de dorpen en linten
                                naar de gemeentelijke bedrijventerreinen en vervolgens naar de
                                regionale bedrijventerreinen is op dit moment niet optimaal.
                                Verbetering van de doorstroming vraagt om goede communicatie en
                                afstemming tussen bedrijven en de gemeente en tussen gemeenten
                                onderling. Een regionale ontwikkelingsmaatschappij kan hieraan
                                bijdragen. De ambitie van de gemeente Giessenlanden is om een
                                regionale ontwikkelingsmaatschappij op te richten. Op deze wijze
                                kunnen wij en andere gemeenten een betere invulling en sturing geven
                                aan de ontwikkeling van de regionale economie. </al>
              <al>Een regionale ontwikkelingsmaatschappij is een
                                uitvoeringsorganisatie welke zal bestaan uit gemeenten uit de regio
                                en bijvoorbeeld de Kamer van Koophandel. Een regionale
                                ontwikkelingsmaatschappij brengt overheden en het bedrijfsleven met
                                elkaar in contact. De regionale ontwikkelingsmaatschappij kan
                                acquisitie voor bedrijven verzorgen. Ook begeleidt de regionale
                                ontwikkelingsmaatschappij bedrijven bij kantoor- en
                                bedrijfsvestiging, bij groei en financiering en ontwikkelt het
                                regionale projecten voor de versterking van de economische
                                structuur. Daarnaast geeft de regionale ontwikkelingsmaatschappij
                                maatwerk aan haar deelnemende gemeenten bij lokale economische
                                knelpunten. </al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>5.2</nr>
              <titel>Mogelijkheden</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Er zijn twee mogelijkheden voor de ontwikkeling van een regionaal
                                bedrijventerrein:</al>
              <lijst>
                <li nr="1."><al>regionale afstemming: er wordt per gemeente besloten
                                        dat er een bedrijventerrein komt en zij nodigt zelfstandig
                                        bedrijven voor vestiging uit.</al></li>
                <li nr="2."><al>regionale ontwikkeling: gemeenten besluiten gezamenlijk tot
                                        realisatie van een bedrijventerrein, hebben een gezamenlijke
                                        exploitatie, gedeelde verantwoordelijkheid en
                                        risicospreiding (vb. Schelluinen-West).</al></li>
              </lijst>
              <al>Mogelijkheid 1 heeft als nadeel dat buurgemeenten geen invloed
                                hebben op het proces en dat afstemming alsnog niet optimaal is. Er
                                wordt in dat geval geen optimaal gebruik gemaakt van
                                schaalvergroting, risicodeling en het delen van kennis en kunde
                                tussen gemeenten;</al>
              <al>Mogelijkheid 2 heeft als nadeel dat de desbetreffende gemeente,
                                waarbij een bedrijventerrein in ontwikkeling is, niet zelf de
                                beslissende stem heeft en dus minder controle en invloed. </al>
              <al>De twee opties geven het spanningsveld weer voor ontwikkeling van
                                regionale bedrijventerreinen waarbij de (economische) belangen van
                                gemeenten centraal staan. </al>
              <al>Voorbeeld van goede ervaringen met dergelijke regionale
                                ontwikkelingsmaatschappijen is Rewin in de regio West-Brabant. Ook
                                de provincie Zeeland heeft inmiddels het initiatief genomen om een
                                regionale ontwikkelingsmaatschappij op te richten en heeft een
                                samenwerkingsovereenkomst getekend met Rewin. </al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label/>
            <nr>6.</nr>
            <titel>Gemeentelijke Bedrijventerreinen</titel>
          </kop>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>6.1</nr>
              <titel>De vier bedrijventerreinen</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>Gemeente Giessenlanden heeft vier bedrijventerreinen op haar
                                grondgebied: bedrijventerrein Arkel, bedrijventerrein Giessenburg en
                                bedrijventerrein Middenweg/ De Vort te Noordeloos. Daarnaast is er
                                ook nog een bedrijventerrein in Arkel Haarbrug.</al>
              <al>Tabel 2: bedrijventerreinen en oppervlakte in Giessenlanden</al>
              <table>
                <tgroup cols="2">
                  <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="78*"/>
                  <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="22*"/>
                  <tbody>
                    <row>
                      <entry colname="col1">
                        <al>
                          <vet>Terrein </vet>
                        </al>
                      </entry>
                      <entry colname="col2">
                        <al>
                          <vet>Ha netto</vet>
                        </al>
                      </entry>
                    </row>
                    <row>
                      <entry colname="col1">
                        <al>Bedrijventerrein Arkel</al>
                      </entry>
                      <entry colname="col2">
                        <al>20</al>
                      </entry>
                    </row>
                    <row>
                      <entry colname="col1">
                        <al>Bedrijventerrein Giessenburg</al>
                      </entry>
                      <entry colname="col2">
                        <al>3</al>
                      </entry>
                    </row>
                    <row>
                      <entry colname="col1">
                        <al>Bedrijventerrein Haarbrug</al>
                      </entry>
                      <entry colname="col2">
                        <al>1,6</al>
                      </entry>
                    </row>
                    <row>
                      <entry colname="col1">
                        <al>Bedrijventerrein Middenweg / De Vort</al>
                      </entry>
                      <entry colname="col2">
                        <al>2</al>
                      </entry>
                    </row>
                    <row>
                      <entry colname="col1">
                        <al>
                          <vet>Totaal</vet>
                        </al>
                      </entry>
                      <entry colname="col2">
                        <al>26,6</al>
                      </entry>
                    </row>
                  </tbody>
                </tgroup>
              </table>
              <al>Uitgangspunt voor de gemeente en daarmee de lokale ondernemers is
                                dat op de gemeentelijke bedrijventerreinen in Giessenlanden lokaal
                                georiënteerde bedrijven gevestigd (horen te) zijn. Dit houdt in dat
                                bedrijven op de gemeentelijke bedrijventerreinen in principe
                                producten of/en diensten aanbieden, aan de lokale markt. Daarnaast
                                nemen zij ook goederen af van andere lokale ondernemers. Zo blijft
                                de bedrijvigheid en werkgelegenheid in de gemeente Giessenlanden
                                gewaarborgd.</al>
              <al>In 2008 is het bedrijventerrein De Haarbrug geopend. Op het terrein
                                staat 40 werkunits van verschillende afmetingen. Met de komst van
                                dit bedrijventerrein speelt Giessenlanden al in op de in de
                                voorgaande hoofdstukken genoemde ontwikkelingen.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
          <paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr>6.2</nr>
              <titel>Revitaliseren van de bedrijventerreinen</titel>
            </kop>
            <structuurtekst>
              <al>De gemeenten in de regio zijn individueel verantwoordelijk voor de
                                uitvoering van de revitalisering van bedrijventerreinen. De
                                planvorming en de benodigde kennis wordt echter regionaal gebundeld.
                                Hiertoe wordt onder meer een regionaal uitvoeringsprogramma
                                opgesteld. Naast de overheid is er ook een belangrijke functie
                                weggelegd voor marktpartijen bij de revitalisering van
                                bedrijventerreinen.</al>
              <al>Het bedrijventerrein Vlietskade te Arkel is toe aan
                                herstructurering. De kwaliteit van het bedrijventerrein kan
                                opgewaardeerd worden. Het doel is om meer uitbreidingsmogelijkheden
                                te creëren voor de bestaande bedrijven en het bedrijventerrein een
                                moderne uitstraling te geven. Bij vertrek van bedrijven dient op de
                                vrijkomende locatie bij nieuwbouw gezocht te worden naar meer
                                waterberging ten behoeve van de wateropgave. Op termijn kan een zone
                                worden vrijgespeeld voor woon-werkunits aan het water.</al>
              <al>Het is ook wenselijk het bedrijventerrein in Giessenburg te
                                transformeren. Doel moet zijn een aanzienlijk kleinschaliger
                                bedrijfslocatie waar lichtere bedrijven met een dienstverlenend
                                karakter en woon-werkunits op een verantwoorde wijze worden ingepast
                                tussen de nieuwe groen-blauwe woonwijk Giessenburg-Zuid en het
                                geherstructureerde Sportpark. Huidige bedrijven die qua omvang en/of
                                hinder de lokale bedrijvigheid al langere tijd zijn ontstegen zullen
                                daartoe op termijn moeten worden uitgeplaatst naar de regionale
                                bedrijfsterreinen in Hardinxveld-Giessendam en Gorinchem. </al>
              <al>De strook langs de Parallelweg ten zuiden van de landschappelijke
                                overgang aan de zuidzijde van het transportcentrum Schelluinen-West
                                moet een kwaliteitsimpuls ondergaan. Binnen deze strook wordt
                                gestreefd naar een hoogwaardige beeldkwaliteit en dient de groene
                                omgeving te worden versterkt. Op de (middel)lange termijn wordt
                                gestreefd naar herstructurering en intensivering van het huidige
                                bedrijfsmatige gebruik van de gronden en is nieuwvestiging van
                                lichte, hoogwaardige bedrijvigheid niet uitgesloten. Randvoorwaarden
                                zijn wel dat de haalbaarheid daarvan is aangetoond door nader
                                onderzoek, in het bijzonder naar de milieu-effecten en de
                                ontsluitingsmogelijkheden. Daarnaast is van belang dat deze
                                eventuele mogelijke ontwikkeling voor de (middel)lange termijn
                                geheel los staat van het nieuw te realiseren transportcentrum
                                Schelluinen-West. Enerzijds kan en mag de ontwikkeling van de strook
                                op geen enkele wijze afbreuk doen aan de realisatie van het
                                transportcentrum en anderzijds is de strook uitdrukkelijk niet
                                bedoeld voor uitbreiding van het transportcentrum.</al>
            </structuurtekst>
          </paragraaf>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label/>
            <nr>7.</nr>
            <titel>Ambities lokale bedrijvigheid (samenvatting)</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>In dit hoofdstuk vindt u een samenvattende tabel van de belangrijkste
                            kaders en ambities die beschreven zijn in de Nota lokale bedrijvigheid. </al>
            <table>
              <tgroup cols="2">
                <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="30*"/>
                <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="70*"/>
                <tbody>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>
                        <vet>
                          <cursief>Thema</cursief>
                        </vet>
                      </al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>
                        <vet>
                          <cursief>Kaderstelling</cursief>
                        </vet>
                      </al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Agrarische sector</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>1.boer-vriendelijk beleid voeren (planologisch
                                                ruimhartig);</al>
                      <al>2.initiatieven voor recreatie en verbreding bij de
                                                boer faciliteren.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Dienstverlening</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>3.faciliteren van woon-werkunits;</al>
                      <al>4.gebruik van vrijkomende schuren op het platteland
                                                mogelijk maken m.u.v. ruilverkavelingwegen;</al>
                      <al>5.in voormalige agrarische bedrijven zijn
                                                uitsluitend werkunits toegestaan, binnen de
                                                bestaande bebouwing.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Detailhandel</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>6.winkels die voorzien in de eerste levensbehoeften
                                                worden gefaciliteerd in onze kernen. Hiervoor zijn
                                                speciale vestiginglocaties aangewezen (centra van de
                                                dorpen);</al>
                      <al>7.detailhandelbestemmingen op bedrijventerreinen
                                                worden niet toegestaan, uiteraard onder nader te
                                                stellen randvoorwaarden;</al>
                      <al>8.in het buitengebied zijn slechts
                                                detailhandelsbestemmingen toegestaan in combinatie
                                                met recreatieve doeleinden, recreatief knooppunt
                                                Graanbuurt.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Recreatie &amp; Toerisme</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>9.groei van recreatie en toerisme stimuleren;</al>
                      <al>10.toename van kleinschalige horeca in het
                                                buitengebied, wanneer dit ondergeschikt is aan de
                                                woonfunctie (bv. theetuin);</al>
                      <al>11.recreatief transferium bij zowel Schelluinen als
                                                Arkel.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Bedrijven in dorpen en linten</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>12.vestigen in de dorpen en de linten is toegestaan
                                                wanneer de milieu-impact gering is en gering blijft,
                                                ook bij uitbreiding van de onderneming;</al>
                      <al>13.wanneer hoogwaardige of specialistisch arbeid de
                                                belangrijkste toegevoegde waarde is, moet het
                                                mogelijk blijven om de bedrijfsactiviteiten vanuit
                                                de kernen of dorpslinten uit te voeren;</al>
                      <al>14.ondernemen c.q. wonen en werken is toegestaan
                                                indien wonen de hoofdfunctie is en het ondernemen de
                                                nevenfunctie;</al>
                      <al>15.beroep of bedrijf aan huis, waar wonen de
                                                hoofdfunctie blijft (bv. schoonheidsspecialisten) is
                                                staand beleid en wordt in elk bestemmingsplan
                                                opgenomen;</al>
                      <al>16.wanneer een bedrijf gevestigd in één van de
                                                dorpen of linten te groot wordt en daarmee zijn
                                                omgeving verstoord, zal het gestimuleerd worden dat
                                                het bedrijf verplaatst naar één van de drie
                                                bedrijventerreinen op het grondgebied.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Bedrijven in het buitengebied</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>17.in bedrijven zorgen voor voldoende
                                                parkeergelegenheid op eigen terrein en een goede
                                                inpassing;</al>
                      <al>18.wanneer bedrijven of ondernemers voor huisvesting
                                                investeringen willen doen om cultuurhistorische
                                                waarden van panden en dorpsgezichten te behouden
                                                moet dit gestimuleerd worden ook wanneer het de
                                                kernen en dorpslinten betreft, mits de milieu-impact
                                                gering is (max. categorie 2)</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Doorstromers</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>19.bedrijven op de lokale bedrijventerreinen die uit
                                                hun jasje groeien, moeten de mogelijkheid krijgen om
                                                te ontwikkelen op de regionale
                                                bedrijventerreinen;</al>
                      <al>20.faciliteren van bedrijfsverzamelgebouwen op
                                                bedrijventerreinen verspreid in Giessenlanden voor
                                                startende ondernemers, zogenaamde broedplaatsfunctie
                                                (zie paragraaf 4.1).</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Communicatie met ondernemers</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>21.voor een goede afstemming met de ondernemers
                                                wordt er een jaarlijks overleg gepland met de
                                                overkoepelende organisaties per kern, waarbij alle
                                                aspecten besproken worden.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Regionale ontwikkelingsmaatschappij</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>22.de ambitie van de gemeente Giessenlanden is om
                                                een regionale ontwikkelingsmaatschappij op te
                                                richten. Deze ambitie willen wij regionaal
                                                uitdragen. De ROM-S zou door middel van verbreding
                                                uitvoering aan deze ambitie kunnen geven.</al>
                    </entry>
                  </row>
                  <row>
                    <entry colname="col1">
                      <al>Gemeentelijke bedrijventerreinen</al>
                    </entry>
                    <entry colname="col2">
                      <al>23.de bedrijventerreinen Arkel en Giessenburg dienen
                                                gerevitaliseerd te worden, hierbij is een
                                                belangrijke functie weggelegd voor
                                                marktpartijen.</al>
                    </entry>
                  </row>
                </tbody>
              </tgroup>
            </table>
          </structuurtekst>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <bijlage>
        
        <tussenkop>Bijlage 1: Bedrijven in Giessenlanden</tussenkop>
        <al>
          <cursief>(Bron: Bedrijven onder dak 2007, Kamer van Koophandel
                        Midden-Nederland)</cursief>
        </al>
        <al>In deze bijlage wordt nader ingegaan op het huidige bedrijvenbestand in de regio
                    en in Giessenlanden. Daarnaast zijn er een aantal regionale trends te benoemen
                    in het bedrijvenbestand. </al>
        <al>Ontwikkelingen, trends, wensen en problemen van ondernemers komen in deze
                    bijlage duidelijk naar voren. De gegevens uit deze bijlage zijn afkomstig uit
                    het rapport ‘Bedrijven onder dak 2007’ van de kamer van koophandel
                    Midden-Nederland. Aan het onderzoek voorafgaande aan het rapport hebben 7.952
                    ondernemers uit de gemeenten Buren, Culemburg, Druten, Geldermalsen,
                    Neder-Betuwe, Maasdriel, Tiel, Zaltbommel, Neerijnen, Gorinchem, Leerdam,
                    West-Maas en Waal, Zederik, Lingewaal en Giessenlanden deelgenomen. In de
                    gemeente Giessenlanden hebben 355 bedrijven gereageerd (54,2%). De meeste
                    bedrijven in de regio behoren tot de dienstensector: 38%. Daarna volgt de bouw
                    met bijna 18% en de detailhandel met 16%. Ook qua werkgelegenheid is de
                    dienstensector het grootst, maar nu met een aandeel van 25%. Daarna volgt de
                    industrie met 18%. Kleine bedrijven (t/m 5 fte) zijn in de regio Rivierenlanden
                    verantwoordelijk voor ruim een kwart van de werkgelegenheid. Vooral in de bouw
                    en de dienstensector komen veel kleine bedrijven voor.</al>
        <al>Voor Giessenlanden geldt de volgende verdeling van de bedrijven naar sector, in
                    procenten:</al>
        <al>*</al>
        <al>* In de grafiek zijn geen agrarische bedrijven opgenomen. Agrarische bedrijven
                    zijn veelal niet ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, maar opereren
                    bijvoorbeeld als maatschap.</al>
        <al>Opvallend is dat de bouwsector meer dan gemiddeld in de regio aanwezig is in
                    Giessenlanden. </al>
        <al>Van het bedrijvenbestand in Giessenlanden is 59% van de bedrijven, een bedrijf
                    met 1 fte. Dit is het hoogste aandeel in de gehele regio. Meer dan de helft van
                    de werkgelegenheid in de regio is gesitueerd op een bedrijventerrein (54%).
                    Echter, maar 23% van de bedrijven is daar gevestigd. Bedrijventerreinen zijn als
                    vestigingslocatie vooral belangrijk voor het midden- en groot bedrijf.</al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Huisvesting</vet>
        </al>
        <al>Maar liefst 61% van de ondernemers blijkt over minimaal één punt van hun locatie
                    of huisvesting ontevreden te zijn. De meeste ontevredenheid bestaat over de
                    parkeersituatie. Vooral in centrumlocaties komt dit voor, maar ook op
                    bedrijventerreinen is nog altijd 20% van de ondernemers ontevreden over de
                    parkeersituatie. Na de parkeerruimte wordt het gebrek aan
                    uitbreidingsmogelijkheden het meest genoemd. Verder scoren bedrijventerreinen
                    slechter dan overige locaties op aspecten als openbaar vervoer, bewegwijzering,
                    onderhoud openbare ruimte en veiligheid.</al>
        <al>In de gemeente Giessenlanden is het type bedrijfsruimte voor ondernemingen, als
                    volgt verdeeld:</al>
        <al>De bedrijven per locatie zijn in Giessenlanden als volgt verdeeld:</al>
        <al>Het gemiddelde rapportcijfer dat de bedrijven in Giessenlanden aan hun
                    bedrijfsomgeving geven is een 7,6. Het aandeel geheel tevreden ondernemers in
                    Giessenlanden bedraagt: 42,9%.</al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Toekomstplannen</vet>
        </al>
        <al>Bijna 14% van de ondernemers in Rivierenland heeft verplaatsingsplannen. Dit kan
                    betekenen dat zij willen verhuizen, maar ook dat er plannen zijn om een
                    nevenvestiging te openen. Dit laatste speelt echter veel minder vaak een rol dan
                    een gehele bedrijfsverplaatsing. De grootste dynamiek is te verwachten in
                    centrumlocaties. In verhouding zijn daar veel bedrijfsbeëindigingen te
                    verwachten. Bedrijventerreinen kenmerken zich door veel verplaatsingsplannen en
                    het buitengebied door veel verbouwingsplannen.</al>
        <al>Voor Giessenlanden geldt dat:</al>
        <lijst>
          <li nr="·"><al>10,2 % van de bedrijven verplaatsingsplannen heeft;</al></li>
          <li nr="·"><al>9,7 % van de bedrijven verbouwingsplannen heeft;</al></li>
          <li nr="·"><al>14% van de bedrijven het voornemen heeft om een bedrijfsbeëindiging in
                            gang te zetten.</al></li>
        </lijst>
        <al>Van deze bedrijfsbeëindigingen in Giessenlanden heeft 7,6 % van de bedrijven het
                    voornemen om te stoppen, 2,6 % van de bedrijven wordt overgenomen en 2,9 % van
                    de bedrijven zoekt een opvolger.</al>
        <al>In Giessenlanden is 8,6% van de bedrijven op zoek naar bouwgrond. In
                    Giessenlanden is er behoefte aan 3,9 ha bouwgrond en wordt er verwacht dat 2,5
                    ha bouwgrond achtergelaten wordt door
                    bedrijfsverplaatsingen/bedrijfsbeëindigingen. </al>
        <al>
          <cursief>Tabel 1: behoefte aan bouwgrond en bedrijfsruimte in Giessenlanden in
                        m2.</cursief>
        </al>
        <table>
          <tgroup cols="3">
            <colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="33*"/>
            <colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/>
            <colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="33*"/>
            <tbody>
              <row>
                <entry colname="col1">
                  <al>Behoefte aan bouwgrond</al>
                </entry>
                <entry colname="col2">
                  <al>Behoefte aan bouwgrond op bedrijventerreinen</al>
                </entry>
                <entry colname="col3">
                  <al>Behoefte aan bedrijfsruimte</al>
                </entry>
              </row>
              <row>
                <entry colname="col1">
                  <al>38.650</al>
                </entry>
                <entry colname="col2">
                  <al>28.100</al>
                </entry>
                <entry colname="col3">
                  <al>3.320</al>
                </entry>
              </row>
            </tbody>
          </tgroup>
        </table>
        <al>
          <vet>Problemen</vet>
        </al>
        <al>Tweederde van de bedrijven met verbouwingsplannen loopt tegen problemen aan. Dit
                    percentage is de afgelopen tien jaar nauwelijks veranderd. Bij de
                    verbouwingsplannen zijn het vooral problemen met betrekking tot het
                    bestemmingsplan en de bouwvergunning. Ongeveer 30% van de ondernemers met
                    verbouwingsplannen heeft daarmee te maken. In Giessenlanden ondervinden
                    bedrijven minder dan gemiddeld problemen (67 % ondervindt geen problemen).</al>
        <al/>
        <al>
          <vet>Woon/werkunits</vet>
        </al>
        <al>De afgelopen jaren groeit de maatschappelijke weerstand tegen nieuwe
                    bedrijventerreinen. Ook de VROM-raad spreek zich in haar advies
                    ‘werklandschappen’ uit voor een andere manier om bedrijventerreinen te plannen.
                    Meer coördinatie op regionaal niveau en minder vaak monofunctionele
                    bedrijventerreinen aanleggen zou de oplossing zijn. Hoe kleiner het bedrijf is,
                    hoe meer het geneigd is om zich op een woon-werklocatie te vestigen. Daarbij
                    hoeft niet per definitie aan woonwijken gedacht te worden, maar ook aan
                    centrumlocaties en het buitengebied. Kansen voor woon-werklocaties zijn ook
                    gelegen in de grote behoefte aan kleine bouwkavels en de interesse voor</al>
        <al> bedrijfswoningen.</al>
        <al/>
        <tussenkop>Bijlage 2: Te saneren bedrijfslocaties</tussenkop>
        <al>(afkomstig uit de Lokale Structuurvisie)</al>
      </bijlage>
      
      <bijlage>
        <al>
          <vet>Inhoudsopgave</vet>
        </al>
        <al/>
        <al>
          <vet>1.</vet>
          <vet> Inleiding
                    </vet>..........................................................................................
                        <vet>3</vet></al>
        <al>1.1 Aanleiding van de Nota lokale bedrijvigheid</al>
        <al>1.2 Lokale Structuurvisie Giessenlanden</al>
        <al>1.3 Bestemmingsplan Landelijk Gebied</al>
        <al>1.4 Leeswijzer</al>
        <al>
          <vet>2.</vet>
          <vet> Huidige economische situatie gemeente
                    Giessenlanden</vet> ....................... <vet>4</vet></al>
        <al>2.1 Economie in Giessenlanden</al>
        <al>
          <vet>3</vet>. <vet>Bedrijfssectoren in Giessenlanden uitgelicht
                    </vet> ...................................... <vet>5</vet></al>
        <al>3.1 Agrarische sector</al>
        <al>3.2 Transportsector</al>
        <al>3.3 Bouwnijverheid
                    ...........................................................................
                        <vet>6</vet></al>
        <al>3.4 Dienstverlening</al>
        <al>3.5 Detailhandel
                    ..............................................................................
                        <vet>7</vet></al>
        <al>3.6 Recreatie &amp; toerisme</al>
        <al>3.7 Overige bedrijvigheid
                    ...................................................................
                    <vet>8</vet></al>
        <al>
          <vet>4.</vet>
          <vet> Bedrijfsvestiging en
                    doorgroeimogelijkheden</vet> ......................................
                    <vet>9</vet></al>
        <al>4.1 Startende ondernemers</al>
        <al>4.2 Bedrijven met een milieuvergunning</al>
        <al>4.3 Bedrijven in dorpen en linten</al>
        <al>4.4 Bedrijven in het buitengebied</al>
        <al>4.5 Gemeentelijke bedrijventerreinen
                    .................................................. <vet>10</vet></al>
        <al>4.6 Doorstromers</al>
        <al>4.7 Communicatie naar ondernemer
                    .................................................... <vet>11</vet></al>
        <al>
          <vet>5.</vet>
          <vet> Regionale ontwikkelingsmaatschappij</vet>
                    .............................................. <vet>12</vet></al>
        <al>
          <vet>6.</vet>
          <vet> Gemeentelijke bedrijventerreinen</vet>
                    ................................................... <vet>13</vet></al>
        <al>6.1 De vier bedrijventerreinen</al>
        <al>6.2 Revitaliseren van de bedrijventerreinen</al>
        <al>
          <vet>7.</vet>
          <vet> Ambities lokale
                    bedrijvigheid</vet> ..........................................................
                        <vet>14</vet></al>
        <al>
          <vet> (samenvatting)</vet>
        </al>
      </bijlage>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>