<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR53586_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Parkeerverordening 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Harlingen</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-08-16</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Harlingen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Parkeerverordening 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-11-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2012-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Parkeerverordening 2011
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>I.</nr>
            <titel>Definities en begripsomschrijvingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1</nr>
            </kop>
            <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
            <al>a. RVV 1990: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;</al>
            <al>b. motorvoertuigen: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990 met
                            inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 onder ia van het
                            RVV 1990;</al>
            <al>c.parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan
                            van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en
                            gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan
                            wel het onmiddellijk laden of lossen van goederen, op binnen de gemeente
                            gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten,
                            waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift
                            is verboden;</al>
            <al>d.houder: degene die naar de omstandigheden als houder van een voertuig
                            moet worden beschouwd, met dien verstande dat voor een motorvoertuig dat
                            is ingeschreven in het krachtens de WVW 1994 aangehouden register van
                            opgegeven kentekens als houder wordt aangemerkt degene op wiens naam het
                            voor het motorvoertuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren in
                            het register was ingeschreven dan wel degene, die middels een
                            leasecontract of werkgeversverklaring aan kan tonen houder te zijn;</al>
            <al>e.parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten met inbegrip
                            van</al>
            <al>verzamelparkeermeters en hetgeen naar maatschappelijke opvatting
                            overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan;</al>
            <al>f.parkeerapparatuurplaats: een parkeerplaats waarvoor parkeerbelasting
                            wordt geheven door middel van parkeerapparatuur;</al>
            <al>g. belanghebbendenplaats: een parkeerplaats die is aangeduid met bord E9
                            uit bijlage 1 van het RVV 1990, of gelegen is binnen een zone aangeduid
                            met bord E9 uit bijlage 1 van het RVV 1990 met het opschrift zone, voor
                            zover deze plaats niet is uitgezonderd;</al>
            <al>h.vergunning: een door het college van burgemeester en wethouders
                            verleende vergunning, krachtens welke het is toegestaan een
                            motorvoertuig te parkeren op daartoe aangewezen parkeerapparatuur- of
                            belanghebbendenplaatsen;</al>
            <al>i.vergunninghouder: de natuurlijke persoon of rechtspersoon aan wie
                            een</al>
            <al>vergunning is verleend;</al>
            <al>j.instellingen: organisaties van openbaar nut.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>II.</nr>
            <titel>Plaatsen voor vergunninghouders, vergunningen en
                            vergunningbewijzen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan, bij openbaar te
                                maken besluit, weggedeelten aanwijzen die bestemd zijn voor het
                                parkeren door</al>
              <al>vergunninghouders. Het college van burgemeester en wethouders kan
                                hierbij onderscheid maken in de categorieën als bedoeld in artikel
                                3, derde lid.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan, bij openbaar te
                                maken besluit, de tijdstippen vaststellen waarop het parkeren alleen
                                aan vergunninghouders is toegestaan.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan op een daartoe
                                strekkende aanvraag een vergunning verlenen voor het parkeren op
                                belanghebbendenplaatsen of parkeerapparatuurplaatsen.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan regels stellen voor
                                het</al>
              <al>aanvragen en verlenen van een vergunning.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Een vergunning kan worden verleend aan:</al>
              <al>a. de eigenaar of houder van een motorvoertuig wanneer deze woont in
                                een</al>
              <al>gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door</al>
              <al>vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig
                                zijn,</al>
              <al>te noemen <vet>bewonersvergunning;</vet></al>
              <al>b.de eigenaar of houder van een motorvoertuig wanneer deze een
                                beroep of bedrijf uitoefent, terwijl het vestigingsadres ligt in een
                                gebied waar</al>
              <al>belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te</al>
              <al>gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn en aantoont dat
                                het in</al>
              <al>het belang van diens beroeps- of bedrijfsuitoefening, waarbij wordt
                                gelet op</al>
              <al>de voorzienbaarheid, planbaarheid, samenvoegbaarheid van het</al>
              <al>autogebruik ten behoeve van het bedrijf alsmede de aard van de
                                te</al>
              <al>vervoeren goederen (vies, vers, vuil), noodzakelijk is in dat gebied
                                een</al>
              <al>voertuig te parkeren, te noemen <vet>bedrijfsvergunning;</vet></al>
              <al>c.degene die woont in een gebied waar belanghebbendenplaatsen
                                en/of</al>
              <al>mede door vergunninghouders te gebruiken
                                parkeerapparatuurplaatsen</al>
              <al>aanwezig zijn, ten behoeve van het parkeren van het motorvoertuig
                                van</al>
              <al>degene die hem of haar bezoekt, te noemen
                                    <vet>parkeerkraskaart</vet><vet>;</vet></al>
              <al>d.degene die bedrijfsmatig en tegen betaling nachtverblijf biedt
                                aan</al>
              <al>personen, ten behoeve van het parkeren van het motorvoertuig van
                                die</al>
              <al>personen, terwijl het vestigingsadres ligt in een gebied waar</al>
              <al>belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te</al>
              <al>gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn, te noemen</al>
              <al>
                <vet>toeristenvergunning;</vet>
              </al>
              <al>e.instellingen die voor de uitoefening van de functie of taak
                                structureel één of meer motorvoertuigen in de gehele gemeente moet
                                bezigen, voor het</al>
              <al>parkeren op parkeerapparatuur- en/of belanghebbendenplaatsen,
                                te</al>
              <al>noemen <vet>dienstenvergunning;</vet></al>
              <al>f.de eigenaar of houder van een motorvoertuig wanneer deze als
                                werknemer</al>
              <al>werkzaam is bij een bedrijf gevestigd in het gebied waar
                                parkeerapparatuuren/</al>
              <al>of belanghebbendenplaatsen aanwezig zijn en die wil parkeren op de
                                in</al>
              <al>het betreffende gebied aanwezige belanghebbendenplaatsen, te
                                noemen</al>
              <al>
                <vet>werknemersvergunning;</vet>
              </al>
              <al>g.de eigenaar van een bestaand stallingsbedrijf, die ook als zodanig
                                in het</al>
              <al>bestemmingsplan is opgenomen, terwijl het vestigingsadres ligt in
                                een</al>
              <al>gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door</al>
              <al>vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig
                                zijn,</al>
              <al>te noemen <vet>stallingsbedrijvenvergunning</vet><vet>;</vet></al>
              <al>h.de organisator van evenementen, terwijl het evenementenadres ligt
                                in een</al>
              <al>gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door</al>
              <al>vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig
                                zijn</al>
              <al>en aantoont dat het in het belang van het evenement noodzakelijk is
                                in dat</al>
              <al>gebied een voertuig te parkeren, te noemen
                                    <vet>evenementenvergunning;</vet></al>
              <al>i.gezelschappen die bij een huwelijk of begrafenis aanwezig willen
                                zijn, te</al>
              <al>noemen <vet>incidentele vergunning.</vet></al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzondere
                                gevallen een vergunning ook verlenen aan een eigenaar of houder van
                                een motorvoertuig die niet voldoet aan één van de in het derde lid
                                genoemde vereisten.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>5.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan aan een
                                vergunning</al>
              <al>voorschriften en beperkingen verbinden die strekken tot bescherming
                                van het belang van een goede verdeling van de beschikbare
                                parkeerruimte. Aan een vergunning kan het college van burgemeester
                                en wethouders voorschriften en beperkingen verbinden die strekken
                                tot bescherming van het belang van het voorkomen of beperken van
                                door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de
                                gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer, waaronder
                                mede wordt begrepen het stimuleren van selectief autogebruik.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan, met inachtneming van
                                het bepaalde in de volgende leden van dit artikel, regels geven voor
                                het aanvragen en verlenen van een vergunning.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders beslist binnen 2 maanden
                                na</al>
              <al>ontvangst van een aanvraag voor een vergunning.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan de in het tweede
                                lid</al>
              <al>genoemde termijn met ten hoogste een maand verlengen. Van een
                                verlenging van deze termijn wordt de aanvrager schriftelijk in
                                kennis gesteld.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Een besluit tot afwijzing van een aanvraag is met redenen omkleed.
                                De aanvrager wordt van deze afwijzing schriftelijk in kennis
                                gesteld.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Een vergunning wordt voor ten hoogste 1 kalenderjaar verleend.</al>
              <al/>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De vergunning bevat in ieder geval de volgende gegevens:</al>
              <lijst>
                <li nr=""><lijst>
                    <li nr="a."><al>de periode waarvoor de vergunning geldt;</al></li>
                    <li nr="b."><al>het gebied waarvoor de vergunning geldt;</al></li>
                    <li nr="c."><al>de naam van de vergunninghouder of het kenteken van
                                                het motorvoertuig waarvoor de vergunning is
                                                verleend.</al></li>
                  </lijst></li>
              </lijst>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6</nr>
            </kop>
            <al>Het college van burgemeester en wethouders kan een vergunning intrekken
                            of wijzigen:</al>
            <al>a. op verzoek van de vergunninghouder;</al>
            <al>b. meer uitoefent in het gebied, waarvoor de vergunning is verleend </al>
            <al>c. wanneer er zich een wijziging voordoet in een van de omstandigheden
                            die relevant waren voor het verlenen van de vergunning;</al>
            <al>d.wanneer voor het betreffende gebied het stelsel van vergunningen komt
                            te vervallen;</al>
            <al>e.wanneer de vergunninghouder niet of niet tijdig aan zijn
                            betalingsverplichting voor zijn vergunning heeft voldaan;</al>
            <al>f.wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de aan de
                            vergunning</al>
            <al>verbonden voorschriften;</al>
            <al>g.wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de vergunning onjuiste gegevens
                            zijn verstrekt;</al>
            <al>h.wanneer de vergunninghouder zijn vergunning vervalst of ter vervalsing
                            heeft aangeboden;</al>
            <al>i.om redenen van openbaar belang.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>III.</nr>
            <titel>Verbodsbepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>7</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een</al>
              <al>belanghebbendenplaats slechts aan vergunninghouders is toegestaan
                                aldaar een motorvoertuig te parkeren of geparkeerd te houden:</al>
              <al>a. zonder vergunning;</al>
              <al>b. zonder dat het motorvoertuig duidelijk zichtbaar is voorzien van
                                de voor dat motorvoertuig afgegeven vergunning; </al>
              <al>c. in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing verlenen
                                van het bepaalde in het eerste lid van dit artikel.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>8</nr>
            </kop>
            <al>Het is verboden parkeerapparatuur op andere wijze of met andere
                            middelen, dan wel met andere munten dan die welke in de kennisgeving op
                            de parkeerapparatuur staan aangegeven in werking te stellen.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>9</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het is verboden om enig voorwerp, niet zijnde een motorvoertuig, te
                                plaatsen of te laten staan:</al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>op een parkeerapparatuurplaats;</al></li>
                <li nr="b."><al>op een belanghebbendenplaats.</al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het is verboden een fiets, een bromfiets of enig ander voorwerp op
                                zodanige wijze tegen of bij parkeerapparatuur te plaatsen of te
                                laten staan, dat daardoor een normaal gebruik daarvan wordt
                                belemmerd of verhinderd.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing verlenen
                                van het</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>bepaalde in het eerste lid van dit artikel.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>IV.</nr>
            <titel>Strafbepaling</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>10</nr>
            </kop>
            <al>Overtreding van het bepaalde in afdeling III van deze verordening wordt
                            gestraft met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de
                            eerste categorie.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>V.</nr>
            <titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>11</nr>
            </kop>
            <al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze
                            verordening zijn belast de door het college van burgemeester en
                            wethouders aangewezen personen.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>12</nr>
            </kop>
            <al>Deze verordening wordt aangehaald als: Parkeerverordening 2011.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>13</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2011.</al>
              <al/>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Bij inwerkingtreding van deze verordening vervalt de
                                parkeerverordening 2009.</al>
              <al/>
              <al/>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Vergunningen die zijn verleend krachtens de parkeerverordening 2009
                                worden geacht te zijn verleend krachtens deze verordening.</al>
              <al/>
              <al/>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>