<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR53044_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Wet kinderopvang gemeente Cromstrijen 2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Cromstrijen</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-12-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hoeksche Waard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Het Kompas 24 december 2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Wet kinderopvang gemeente Cromstrijen 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-12-14</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-12-25</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>1030496</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Wet kinderopvang gemeente Cromstrijen 2010</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>- algemene bepalingen</titel></kop><structuurtekst><al>ARTIKEL 1 Begripsbepalingen</al><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al>a het college: het college van burgemeester en wethouders;</al><al>b de wet: de Wet kinderopvang;</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>- vaststelling noodzaak van kinderopvang op grond van
                            sociaal-medische indicatie</titel></kop><structuurtekst><al>ARTIKEL 2 Te verstrekken gegevens</al><al>Een aanvraag tot vaststelling van de noodzaak van kinderopvang op grond
                            van een sociaal-medische indicatie als bedoeld in artikel 23 van de wet
                            bevat in ieder geval de volgende gegevens:</al><al>naam en adres van de ouder;</al><al>indien van toepassing: naam van de partner en, indien dit een ander
                            adres is dan het adres van de ouder: het adres van de partner;</al><al>naam en geboortedatum van het kind of de kinderen waarop de aanvraag
                            betrekking heeft;</al><al>overige gegevens die het college nodig acht om te kunnen besluiten over
                            de aanvraag van de tegemoetkoming.</al><al>Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van een
                            door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld aanvraagformulier.
                            Indien de ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede ondertekend
                            door de partner.</al><al>ARTIKEL 3 Beslistermijn</al><al>Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na ontvangst van
                            alle benodigde gegevens. Het college kan dit besluit met ten hoogste
                            vier weken verdagen. Het college stelt de ouder hiervan schriftelijk in
                            kennis.</al><al>ARTIKEL 4 Inhoud van de beschikking</al><al>Het besluit tot vaststelling van de noodzaak van kinderopvang op grond
                            van een sociaal-medische indicatie bevat in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>de geldigheidsduur van de indicatie;</al></li><li nr="b."><al>de omvang van de kinderopvang die noodzakelijk wordt
                                    geacht.</al></li><li nr="c."><al>paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve
                                    fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van
                                    toepassing.</al><lijst><li nr=""><al>Toelichting:</al></li><li nr=""><al>Gezien de belangen van jonge kinderen en hun ouders die
                                            in het geding zijn, is er reden om af te zien van een
                                            lex silencio positivo. Er zijn dwingende redenen van
                                            algemeen belang aan de orde, met name de volksgezondheid
                                            en de bescherming van afnemers en diensten. Dat betekent
                                            in praktische zin dat het verlopen van de periode van
                                            acht weken nadat de melding is gedaan, er niets in de
                                            weg staat dat alsnog een verbod kan volgen als bedoeld
                                            in artikel 5 van de verordening.</al></li></lijst></li></lijst><al>ARTIKEL 5 Weigeringgronden</al><al>Het college weigert de noodzaak van kinderopvang op grond van een
                            sociaal-medische indicatie vast te stellen indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de ouder en de partner reeds een tegemoetkoming in de kosten van
                                    kinderopvang ontvangt of kan ontvangen; of</al></li><li nr="b."><al>de ouder of de partner niet behoort tot de personen als bedoeld
                                    in artikel 6, eerste lid, onderdeel k of I van de
                                        wet.<vet> Hoofdstuk 3 - aanvraag van de
                                        tegemoetkoming</vet></al></li></lijst><al>ARTIKEL 6 Te verstrekken gegevens bij de aanvraag</al><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag voor een tegemoetkoming in de kosten van
                                    kinderopvang bevat:</al><lijst><li nr="a."><al>naam, adres en sofinummer van de ouder;</al></li><li nr="b."><al>indien van toepassing: naam en sofinummer van de partner
                                            en, indien dit een ander adres is dan het adres van de
                                            ouder: het adres van de partner;</al></li><li nr="c."><al>naam, geboortedatum en sofinummer van het kind of de
                                            kinderen waarop de aangevraagde tegemoetkoming
                                            betrekking heeft;</al></li><li nr="d."><al>een offerte of contract van het kindercentrum of
                                            gastouderbureau dat de kinderopvang gaat verzorgen
                                            waarin in ieder geval wordt aangegeven: het aantal uren
                                            kinderopvang per kind, de kostprijs per uur en de
                                            aanvangsdatum van de opvang;</al></li><li nr="e."><al>gegevens of een verwijzing naar gegevens waaruit blijkt
                                            dat de ouder behoort tot de groep personen als bedoeld
                                            in artikel 22 van de wet;</al></li><li nr="f."><al>overige gegevens die het college nodig acht om te kunnen
                                            besluiten over de aanvraag van de tegemoetkoming.</al></li></lijst></li></lijst><al>Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van een
                            door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld aanvraagformulier.
                            Indien de ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede ondertekend
                            door de partner.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>- verlening van de tegemoetkoming</titel></kop><structuurtekst><al>ARTIKEL 7 Het besluit tot verlenen van de tegemoetkoming</al><al>Het college besluit over de aanvraag binnen vier weken na ontvangst van
                            alle benodigde gegevens.</al><al>Het college kan dit besluit met ten hoogste vier weken verdagen. Het
                            stelt de ouder hiervan schriftelijk in kennis.</al><al>ARTIKEL 8 Weigeringgrond</al><al>Het college weigert de tegemoetkoming indien de ouder niet behoort tot
                            de personen als bedoeld in artikel 22 van de wet.</al><al>ARTIKEL 9 Ingangsdatum van de tegemoetkoming</al><al>De tegemoetkoming wordt verleend met ingang van de datum waarop de
                            aanvraag voor de tegemoetkoming door het college in ontvangst is
                            genomen.</al><al>Als op deze datum nog geen kinderopvang plaatsvindt, wordt de
                            tegemoetkoming verleend met ingang van de datum waarop de kinderopvang
                            zal plaatsvinden.</al><al>ARTIKEL 10 </al><al>De periode waarvoor de tegemoetkoming wordt verleend</al><al>De tegemoetkoming wordt verleend voor de periode van een
                            tegemoetkomingjaar. </al><al>In afwijking van het eerste lid kan het college de tegemoetkoming voor
                            een andere periode verlenen.</al><al> ARTIKEL 11 Omvang van de kinderopvang</al><al>Het college verleent de tegemoetkoming voor het aantal uren kinderopvang
                            dat door de ouder is aangevraagd. In afwijking van het eerste lid
                            verleent het college bij een ouder als bedoeld in artikel 24, eerste
                            lid, onderdeel a, of tweede lid, onderdeel a, van de wet de
                            tegemoetkoming voor het aantal uren kinderopvang dat naar zijn oordeel
                            redelijkerwijs noodzakelijk is voor de combinatie van arbeid en
                            zorg.</al><al>ARTIKEL 12 Inhoud van de beschikking</al><al>Het besluit tot verlening van een tegemoetkoming in de kosten van
                            kinderopvang bevat in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>de vaststelling tot welke van de gemeentelijke doelgroepen de
                                    ouder behoort;</al></li><li nr="b."><al>de naam en geboortedatum van het kind of de kinderen waarop de
                                    tegemoetkoming betrekking heeft;</al></li><li nr="c."><al>de naam en adres van het kindercentrum of gastouderbureau waar
                                    de kinderopvang plaatsvindt;</al></li><li nr="d."><al>de periode en de omvang van de kinderopvang per tijdvak waarvoor
                                    de tegemoetkoming wordt verleend;</al></li><li nr="e."><al>de wijze waarop het bedrag van de tegemoetkoming wordt bepaald
                                    en het bedrag dat op basis hiervan wordt verleend;</al></li><li nr="f."><al>de wijze waarop de tegemoetkoming wordt uitbetaald;</al></li><li nr="g."><al>de verplichtingen van de ouder.</al></li></lijst><al>ARTIKEL 13 De bevoorschotting van de tegemoetkoming</al><al>De tegemoetkoming wordt in de vorm van een voorschot in maandelijkse
                            termijnen uitbetaald. Het college kan nadere voorschriften stellen over
                            de wijze van bevoorschotting. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>- vaststelling van de tegemoetkoming</titel></kop><structuurtekst><al>ARTIKEL 14 Het besluit tot vaststelling van de tegemoetkoming</al><al>De ouder verstrekt binnen vier weken na afloop van de periode waarvoor
                            de tegemoetkoming is verleend aan het college een overzicht van de
                            feitelijke kosten van kinderopvang over deze periode. Het college stelt
                            de tegemoetkoming binnen acht weken na ontvangst van het overzicht van
                            de kosten vast.</al><al>ARTIKEL 15 Verrekening met de voorschotten</al><al>De tegemoetkoming wordt overeenkomstig de vaststelling binnen vier weken
                            betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten.<vet> Hoofdstuk
                                6 - verplichtingen van de ouder</vet></al><al>ARTIKEL 16 Inlichtingenplicht</al><al>De ouder of de partner doet het college onmiddellijk na het bekend
                            worden daarvan uit eigen beweging schriftelijk mededeling van
                            inlichtingen en gegevens die kunnen leiden tot de vaststelling van een
                            lagere tegemoetkoming. De ouder of partner verstrekt desgevraagd aan het
                            college, binnen een door het college te stellen redelijke termijn, alle
                            gegevens en inlichtingen van hem en zijn partner die voor de aanspraak
                            op en de hoogte van de tegemoetkoming van de gemeente van belang
                            zijn.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>- slotbepalingen</titel></kop><structuurtekst><al>ARTIKEL 17 Inwerkingtreding</al><al>Deze verordening treedt in werking met ingang de dag na
                            bekendmaking.</al><al>De verordening Wet kinderopvang gemeente Cromstrijen (2004) wordt
                            ingetrokken. </al><al>De op basis van deze verordening afgegeven vergunningen en genomen
                            besluiten behouden hun rechtskracht.</al><al>ARTIKEL 17A</al><al>Delegatiebevoegdheid college</al><al>Het college is bevoegd de aan haar in deze verordening toegekende
                            bevoegdheden te delegeren.</al><al>ARTIKEL 18 Citeertitel</al><al>De verordening wordt aangehaald als: Verordening Wet kinderopvang
                            gemeente Cromstrijen 2010.</al></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld door de raad van de gemeente Cromstrijen
                        in zijn openbare vergadering </ondertekening><ondertekening>gehouden op 14 december 2010,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>