<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR52990_6</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening geldelijke voorzieningen raadsleden, wethouders, commissieleden en fracties</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Haarlem</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-07-26</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Haarlem</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 09-04-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening geldelijke voorzieningen raadsleden, wethouders, commissieleden en fracties</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 44, leden 2 en 3, art. 95 tot en met 99, art. 147</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-03-13</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-04-11</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2014-03-19</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-07-27</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 9a</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2014/74712</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>vergoedingen, reiskosten, onkostenvergoeding, verblijfkosten, voorzieningen, wethouders, raadsleden, commissieleden</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening geldelijke voorzieningen raadsleden, wethouders, commissieleden en
            fracties</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>I</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>De verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Haarlem;</al></li><li nr="b."><al>commissie: een commissie genoemd in de bij deze verordening
                                    genoemde lijst;</al></li><li nr="c."><al>raadspresidium: het raadspresidium als bedoeld in artikel 4 van
                                    het Reglement van Orde;</al></li><li nr="d."><al>fractie: een raadslid dat of een aantal raadsleden die volgens
                                    artikel 6 van het Reglement van Orde voor de vergaderingen van
                                    de gemeenteraad van Haarlem als een fractie is respectievelijk
                                    zijn te beschouwen;</al></li><li nr="e."><al>Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden: het Koninklijk
                                    Besluit van 22 maart 1994, Stb. 244;</al></li><li nr="f."><al>Rechtspositiebesluit wethouders: het Koninklijk Besluit van 22
                                    maart 1994, Stb. 243;</al></li><li nr="g."><al>Regeling Rechtspositie Wethouders: de ministeriële regeling van
                                    20 februari 2001, Stcrt. 41 als bedoeld in artikel 23 van het
                                    Rechtspositiebesluit Wethouders.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>II</nr><titel>Vergoedingen raadsleden</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Vergoeding voor werkzaamheden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van de raad ontvangen een vergoeding voor de door hen
                                    verrichte werkzaamheden en een tegemoetkoming in de kosten ter
                                    hoogte van 100% van de voor Haarlem van toepassing zijnde
                                    bedragen, vermeld in tabel I, behorend bij het
                                    Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het raadslid dat gedurende een gedeelte van het kalenderjaar lid
                                    van de raad is geweest, ontvangt de vergoeding en de
                                    tegemoetkoming in de kosten, als bedoeld in het eerste lid naar
                                    evenredigheid van het aantal dagen dat deze het lidmaatschap van
                                    de raad heeft bekleed. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De in dit artikel bedoelde bedragen worden maandelijks aan de
                                    rechthebbende uitbetaald.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2a</nr><titel>Vergoeding fractievoorzitters</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Naast de vergoeding voor de werkzaamheden ontvangen
                                    fractievoorzitters voor de duur van hun voorzitterschap per jaar
                                    een toelage gelijk aan 1,2% van de vergoeding op jaarbasis en
                                    een toelage gelijk aan 0,4% van de vergoeding op jaarbasis voor
                                    elk lid dat de fractie buiten de fractievoorzitter telt. De
                                    toelagen tezamen bedragen ten hoogste 6,4% van de vergoeding op
                                    jaarbasis. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van het eerste lid stelt de burgemeester
                                    vast:</al><lijst><li nr="a."><al>hoeveel leden een fractie telt;</al></li><li nr="b."><al>de duur van het fractievoorzitterschap.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2b</nr><titel>Samenloop met WAO-uitkering</titel></kop><al>Indien een raadslid een uitkering in verband met geheel of
                                gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid ontvangt, kan het desbetreffende
                                raadslid een verzoek indienen tot verlaging van de vergoeding als
                                bedoeld in artikel 2. Dit verzoek moet worden ingediend binnen 4
                                weken na aanvang van het raadslidmaatschap, danwel de datum van
                                toekenning c.q. wijziging van de bedoelde uitkering.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Uitkeringen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Recht op uitkering bij aftreden</titel></kop><lid><lidnr>(vervallen)</lidnr><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>De duur van de uitkering</titel></kop><lid><lidnr>(vervallen)</lidnr><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>De hoogte en betaling van de uitkering</titel></kop><lid><lidnr>(vervallen)</lidnr><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Anti-cumulatiebepaling</titel></kop><al>(vervallen)</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Einde van de uitkering</titel></kop><al>(vervallen)</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Uitkering bij overlijden</titel></kop><lid><lidnr>(vervallen)</lidnr><al/></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Overige secundaire voorzieningen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Aanvulling op vergoeding voor werkzaamheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een raadslid een uitkering op grond van de
                                    Werkloosheidswet ontvangt die, na toepassing van artikel 20 van
                                    die wet, ten gevolge van het uitoefenen van het
                                    raadslidmaatschap, meer bedraagt dan de vergoeding voor
                                    werkzaamheden, wordt deze vergoeding ten laste van de gemeente
                                    verhoogd tot het bedrag van de korting, als bedoeld in genoemd
                                    artikel. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het vorige lid is van overeenkomstige toepassing indien een
                                    raadslid een uitkering ontvangt op grond van het Besluit
                                    Werkloosheid onderwijs- en onderzoekspersoneel en de korting
                                    plaatsvindt krachtens artikel 6, vierde lid van dat besluit.
                                </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9a</nr><titel>Co0mputer</titel></kop><al>Het raadslid kan gedurende de raadsperiode eenmalig een vergoeding
                                aanvragen van ten hoogste € 1.200.—netto / € 1.800,-- bruto voor de
                                aanschaf van een computer, bijbehorende apparatuur, software en het
                                onderhoud daarvan voor het uitoefenen van het raadslidmaatschap. De
                                in dit lid genoemde bedragen wordt met ingang van een nieuwe
                                raadsperiode verhoogd met een percentage overeenkomstig de
                                aanpassing van de vergoeding als bedoeld in artikel 2.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Tegemoetkoming kosten kinderopvang</titel></kop><al>(Vervallen)</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><al>De voorzitter van de raad kan, na overleg in het raadspresidium, in
                                gevallen, waarin toepassing van dit hoofdstuk leidt tot een
                                onbillijkheid van overwegende aard, een bijzondere voorziening
                                treffen binnen de kaders van het Rechtspositiebesluit raads- en
                                commissieleden. </al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>III</nr><titel>Vergoedingen kosten wethouders</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Vergoeding onkosten, reis- en verblijfkosten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Onkosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een wethouder ontvangt een vergoeding voor overige aan de
                                    uitoefening van het ambt verbonden kosten overeenkomstig artikel
                                    25, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit wethouders. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergoedingen bedragen 100 % van het maximumbedrag vermeld in
                                    de circulaire die ieder jaar door de Minister van Binnenlandse
                                    Zaken wordt vastgesteld. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de wethouder op grond van artikel 21 van dit hoofdstuk
                                    een mobiele telefoon in bruikleen ter beschikking is gesteld,
                                    bedraagt de onkostenvergoeding voor overige aan de uitoefening
                                    van het ambt verbonden kosten, in afwijking van het tweede lid,
                                    95,5% van het voor hem ingevolge het eerste lid geldende bedrag.
                                </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De vergoedingen worden beschikbaar gesteld in maandelijkse
                                    termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Reiskosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een wethouder ontvangt een vergoeding voor reiskosten, niet
                                    zijnde kosten van het reizen tussen de woning en de werkplaats
                                    van de wethouder, gemaakt ten behoeve van de gemeente.</al><al>Bij gebruik van een eigen motorvoertuig of bromfiets worden de
                                    in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten vergoed
                                    overeenkomstig de bedragen in artikel 4, onderdeel b, van de
                                    Regeling Rechtspositie Wethouders.</al><al>Bij gebruik van openbaar vervoer en (trein)taxi worden de in
                                    redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten volledig
                                    vergoed.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De tegemoetkoming voor het reizen tussen zijn woning en de
                                    plaats van tewerkstelling van de wethouder is gelijk aan de
                                    vergoeding en regeling bedoeld in artikel 3 van de Regeling
                                    Rechtspositie Wethouders.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Dienstauto</titel></kop><al>Een wethouder kan gebruik maken van een dienstauto met of zonder
                                chauffeur voor reizen ten behoeve van de gemeente.</al><al>Het college kan bepalen dat in bijzondere gevallen van de dienstauto
                                gebruik kan worden gemaakt voor woon- werkverkeer en voor reizen ten
                                behoeve van nevenfuncties die hij vervult uit hoofde van zijn
                                ambt.</al><al>Onder dienstauto wordt voor de toepassing van dit artikel mede
                                verstaan een door de gemeente ingehuurde auto.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verblijfkosten</titel></kop><al>Een wethouder ontvangt een vergoeding voor verblijfkosten (de kosten
                                van zakelijk gebruikte maaltijden en de kosten van overnachting) in
                                verband met reizen gemaakt ten behoeve van de gemeente.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Buitenlandse dienstreis</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een wethouder in het gemeentelijk belang een reis buiten
                                    Nederland maakt, worden de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte
                                    reis- en verblijfkosten vergoed. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor een reis in het gemeentelijk belang buiten Nederland is
                                    vooraf toestemming van het college vereist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Declaratie van kosten</titel></kop><al>De vergoeding van kosten, bedoeld in de artikelen 13, 15 en 16 wordt
                                verleend op basis van individuele declaratie.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Vergoeding overige kosten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Cursussen en congressen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De kosten van deelname van een wethouder aan cursussen,
                                    congressen, seminars en symposia die in het gemeentelijk belang
                                    door of namens de gemeente worden aangeboden of verzorgd komen
                                    voor rekening van de gemeente. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een wethouder wil deelnemen aan een cursus of congres dat
                                    niet door of namens de gemeente wordt aangeboden of verzorgd,
                                    dient hij een gemotiveerde aanvraag in bij het college. De
                                    aanvraag gaat vergezeld van inhoudelijke informatie en een
                                    kostenspecificatie. De kosten komen tot een bij begroting
                                    vastgesteld bedrag voor rekening van de gemeente als deelname
                                    van belang is in verband met de uitoefening van het ambt van
                                    wethouder.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Computer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op aanvraag wordt de wethouder ten laste van de gemeente voor de
                                    uitoefening van het ambt een computer c.q. laptop, bijbehorende
                                    apparatuur en software in bruikleen ter beschikking
                                    gesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor zover er sprake is van een belastingheffing in verband met
                                    een ten laste van de gemeente in bruikleen ter beschikking
                                    gestelde computer, bijbehorende apparatuur en software als
                                    bedoeld in het eerste lid ontvangt de wethouder ten laste van de
                                    gemeente op aanvraag per jaar een tegemoetkoming van 30% van de
                                    aanschafwaarde daarvan voor een periode van maximaal drie jaar.
                                    Daarbij wordt ten hoogste uitgegaan van de aanschafwaarde van de
                                    computer, bijbehorende apparatuur en software welke aan de
                                    wethouders in bruikleen ter beschikking worden gesteld. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De wethouder ondertekent daartoe een bruikleenovereenkomst met
                                    de gemeente. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst
                                    vast.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien een Wethouder voor het uitoefenen van het Wethouderschap
                                    geen gebruik maakt van een door de gemeente Haarlem beschikbaar
                                    gestelde computer, bijbehorende apparatuur en software, kan deze
                                    gedurende de Collegeperiode éénmalig een vergoeding aanvragen
                                    van ten hoogste € 1000,-- netto voor de aanschaf van een
                                    computer voor flexibel werken, de bijbehorende apparatuur en
                                    software. Slechts voor één apparaat kan aanspraak op de
                                    vergoedingsregeling worden gedaan, ook als hiermee onder het
                                    maximale vergoedingsbedrag wordt gebleven. Voor de uitvoering
                                    van voornoemde vergoedingsregeling kunnen nadere regels worden
                                    gesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Internetaansluiting</titel></kop><al>(vervallen)</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Mobiele telefoon</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan de wethouders wordt voor de uitoefening van hun ambt een
                                    mobiele telefoon in bruikleen ter beschikking gesteld. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De wethouder ondertekent daartoe een bruikleenovereenkomst met
                                    de gemeente. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst
                                    vast.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Kosten kinderopvang</titel></kop><al>(Vervallen) </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Spaarloon/levensloopregeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De wethouder kan op aanvraag deelnemen aan de voor het
                                    gemeentelijk personeel geldende spaarloonregeling.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De wethouder kan deelnemen aan de levensloopregeling als bedoeld
                                    in artikel 19g van de Wet op loonbelasting 1964.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Deelname aan de spaarloonregeling is niet mogelijk indien de
                                    wethouder gebruik maakt van de wettelijke
                                    levensloopregeling.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Gelet op het bepaalde in artikel 44 van de Gemeentewet bestaat
                                    geen aanspraak op enige vergoeding van de gemeente.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Fietsenplan</titel></kop><al>De wethouder kan op aanvraag gebruikmaken van het fietsenplan dat
                                ook geldt voor het ambtelijk personeel.</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>IV</nr><titel>Vergoedingen commissieleden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van een commissie die op de bij deze verordening behorende
                                lijst vermeld zijn, ontvangen voor het bijwonen van de vergaderingen
                                van de commissie per keer een vergoeding ter hoogte van 90% van het
                                maximumbedrag vermeld in tabel IV behorend bij het
                                Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het eerste lid is niet van toepassing op degene die als lid van een
                                commissie een vaste vergoeding voor de werkzaamheden als bedoeld in
                                artikel 96, tweede lid, van de Gemeentewet ontvangt. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Geen vergoeding ontvangt degene die zitting heeft in een
                                commissie:</al><lijst><li nr="a."><al>als raadslid of wethouder;</al></li><li nr="b."><al>als plaatsvervanger van een raadslid, benoemd met toepassing
                                        van artikel 5 van de Algemene Commissieverordening;</al></li><li nr="c."><al>uit hoofde van dan wel als rechtsreeks uitvloeisel van een
                                        ambtelijke of bestuurlijke hoedanigheid dan wel van een
                                        functie bij een instelling die grotendeels van overheidswege
                                        wordt gesubsidieerd;</al></li><li nr="d."><al>als vertegenwoordiger van een belanghebbende instelling,
                                        organisatie of groepering, tenzij zijn lidmaatschap van de
                                        commissie tevens in belangrijke mate het gemeentelijk belang
                                        dient. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan na overleg met de commissie Bestuur voor een lid van
                                een commissie een hogere vergoeding vaststellen, indien:</al><lijst><li nr="a."><al>het lid van de commissie op grond van zijn bijzondere
                                        beroepsmatige deskundigheid op het taakgebied van de
                                        commissie voor deelname aan haar werkzaamheden is
                                        aangetrokken, en </al></li><li nr="b."><al>de vergoeding van het lid van de commissie geacht kan worden
                                        niet in een redelijke verhouding te staan tot de zwaarte van
                                        zijn taak en de omvang van de door hem te verrichten arbeid.
                                    </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een commissievergadering die deels openbaar en deels besloten is,
                                die voor een gedeelte gezamenlijk met een andere commissie wordt
                                gehouden of die na schorsing gedurende datzelfde etmaal wordt
                                voortgezet, wordt voor toepassing van het eerste lid als één
                                vergadering aangemerkt. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Een lid van twee of meer commissies geniet ten aanzien van een
                                gecombineerde vergadering van die commissies een vergoeding voor één
                                vergadering. </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De in dit artikel bedoelde bedragen worden na afloop van elk
                                kalenderkwartaal aan de rechthebbende uitbetaald.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Lijst van commissies</titel></kop><al>Het college kan na overleg met de commissie Bestuur besluiten commissies
                            toe te voegen aan dan wel te schrappen van de lijst van commissies
                            behorende bij deze verordening.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>V</nr><titel>Vergoedingen aan de fracties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Fractieassistentie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan elke fractie in de gemeenteraad wordt een tegemoetkoming gegeven
                                in kosten verbonden aan de fractieassistentie, opleidingen en
                                overige fractiekosten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Deze tegemoetkoming bedraagt per kalenderjaar:</al><lijst><li nr="a."><al>per fractie een vast bedrag van € 5.817,94</al></li><li nr="b."><al>daarenboven een bedrag van € 1.147,14 voor ieder lid dat
                                        deel uitmaakt van die fractie</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De in het tweede lid genoemde bedragen worden elk jaar per 1 januari
                                met een percentage overeenkomstig de aanpassing van de vergoeding
                                als bedoeld in artikel 2 aangepast.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De fracties dragen er zorg voor dat vergoedingen voor
                                fractieassistentie worden betaald onder naleving van de fiscale wet-
                                en regelgeving.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien de fractie het werkgeverschap en de vergoedingen voor
                                fractieassistentie regelt via een door de fractie opgerichte
                                stichting zoals bedoeld in artikel 27 b en de fractie tevens
                                aangeeft dat de stichting met fractiemedewerkers een arbeidscontract
                                aangaat, zal de in het eerste lid bedoelde tegemoetkoming worden
                                verhoogd vanwege de werkgeverslasten in het kader van loonheffing en
                                sociale verzekeringspremies. Deze verhoging is bepaald op 20% van de
                                in lid 2 vermelde vergoeding. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27a</nr><titel>(niet) toegestane bestedingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De tegemoetkoming als bedoeld in art. 27 mag niet gebruikt worden
                                voor:</al><lijst><li nr="a."><al>bestedingen die in strijd zijn met wettelijke
                                        voorschriften;</al></li><li nr="b."><al>bestedingen aan politieke partijen, met politieke partijen
                                        verbonden instellingen of natuurlijke personen anders dan
                                        ter vergoeding van prestaties (diensten of goederen)
                                        geleverd ten behoeve van de fractieondersteuning op basis
                                        van een gespecificeerde, reële declaratie;</al></li><li nr="c."><al>giften, leningen en voorschotten;</al></li><li nr="d."><al>bestedingen waar de vergoedingen voor bedoeld zijn die de
                                        raadsleden toekomen ingevolge het Rechtspositiebesluit
                                        raads- en commissieleden en de hierop gebaseerde Verordening
                                        Geldelijke voorzieningen raadsleden, wethouders,
                                        commissieleden en fracties;</al></li><li nr="e."><al>uitgaven ten behoeve van raadsleden of bedrijven waarover
                                        raadsleden middellijk of onmiddellijk zeggenschap
                                        hebben;</al></li><li nr="f."><al>uitgaven ten behoeve van (her)verkiezing van
                                        raadsleden;</al></li><li nr="g."><al>kosten voor kantoorruimte voor de fractie buiten het
                                        stadhuis.</al></li><li nr="h."><al>de honorering voor werkzaamheden, incidenteel of in
                                        structureel dienstverband, ten behoeve van de fractie door
                                        een raadslid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Uit de tegemoetkoming als bedoeld in art. 27 kunnen worden vergoed
                                de kosten van reis- en verblijfkosten in het kader van door het
                                gemeentebestuur aangegane stedenbanden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27b</nr><titel>Fractiestichting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Fracties kunnen op kosten van de gemeente een stichting oprichten
                                die de fractiegelden beheert en de werkgever is van eventuele
                                fractieassistenten. In de statuten van de stichting staat vermeld
                                dat de doelstelling is gericht op fractieondersteuning.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Fracties kunnen aangeven dat de fractiegelden worden uitgekeerd aan
                                de in lid 1 bedoelde stichting. In dat geval zijn de bepalingen uit
                                de artikelen 27 t/m 30a van toepassing op de stichtingen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De stichtingen van de fracties voeren een doelmatige en
                                inzichtelijke administratie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Voorschotten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De tegemoetkoming als bedoeld in artikel 27 wordt als voorschot
                                uitgekeerd in twee termijnen, te weten op 1 januari en 1 juli van
                                een kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien één jaar na afloop van een kalenderjaar nog geen aanvraag tot
                                vaststelling van de tegemoetkoming is ingediend wordt de
                                eerstvolgende uitkering van voorschotten opgeschort.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In een jaar waarin verkiezingen plaatsvinden, wordt, in afwijking
                                van het eerste lid, op 1 januari het voorschot naar
                                tijdsevenredigheid verstrekt voor de maanden tot en met de maand
                                waarin de verkiezingen plaatsvinden. In de eerste maand na de maand
                                waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt
                                wordt het voorschot verstrekt voor de overige maanden van dat
                                jaar.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De fractie maakt voor de ontvangst van de tegemoetkomingen op grond
                                van dit hoofdstuk en voor de uitgaven in het kader van de kosten
                                fractieassistentie en de kosten cursussen en congressen gebruik van
                                één giro- of bankrekening. Deze rekening wordt niet gebruikt voor
                                andere inkomsten of uitgaven. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Reservering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De fractie kan een deel van de tegemoetkomingen als bedoeld in
                                artikel 27 over een jaar reserveren voor besteding gedurende de rest
                                van de raadsperiode. Hiervan wordt in het formulier als bedoeld in
                                artikel 30 melding gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Tegemoetkomingen die op de datum van de raadsverkiezingen nog niet
                                zijn besteed worden binnen drie maanden na deze datum door de
                                fractie aan de gemeente terugbetaald.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij afsplitsing van één of meerdere leden van een fractie blijven de
                                nog niet bestede gelden bij de oorspronkelijke fractie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Vaststelling tegemoetkoming; verantwoording; controle</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De fractie dient voor 1 april na afloop van het kalenderjaar een
                                aanvraag te doen tot vaststelling van de tegemoetkoming als bedoeld
                                in artikel 27 bij de raad met behulp van het formulier zoals
                                opgenomen in bijlage A behorende bij deze verordening inclusief
                                bijbehorende bewijsstukken. </al><al>Om in aanmerking te komen voor de in artikel 27, vijfde lid,
                                genoemde verhoogde vergoeding worden de oprichtingsakte van de
                                stichting en het arbeidscontract met de fractiemedewerker(s)
                                overgelegd. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een fractie niet tijdig een aanvraag tot vaststelling van de
                                tegemoetkoming indient, kan de raad de tegemoetkoming zonder
                                aanvraag vaststellen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30a</nr><titel>Terugvordering en verrekening</titel></kop><al>De raad vordert onverschuldigd betaalde voorschotten terug, of verrekent
                            deze met toekomstige voorschotten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Afsplitsing fracties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien één of meerdere leden van een fractie een nieuwe fractie
                                vormen, heeft deze nieuwe fractie, slechts aanspraak op de
                                tegemoetkoming als bedoeld in art. 27 tweede lid onder b., eventueel
                                inclusief een verhoging overeenkomstig die genoemd in artikel 27,
                                vijfde lid. Deze verhoging wordt dan echter uitsluitend gebaseerd op
                                de in artikel 27, tweede lid, onder b, genoemde tegemoetkoming.
                            </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze aanspraak ontstaat met ingang van de eerste dag van de maand
                                volgend op die waarin de nieuwe fractie dit aan de voorzitter van de
                                raad heeft medegedeeld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een afgesplitste fractie komt in aanmerking voor de vergoeding van
                                de kosten van de oprichting van een fractiestichting.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>VI</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Intrekken oude regeling</titel></kop><al>De Verordening geldelijke voorzieningen raadsleden, wethouders,
                            commissieleden en fractieassistentie van 1 mei 1997, laatstelijk
                            vastgesteld bij raadsbesluit van 8 oktober 2003 wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Overgangsbepaling oude regeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bestaande aanspraken op vergoedingen en uitkeringen op grond van de
                                verordening als bedoeld in artikel 32 worden geacht vanaf de datum
                                van inwerkingtreding van deze verordening te zijn gebaseerd op de
                                bepalingen van de nieuwe verordening. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De lijst van commissies behorend bij de verordening als bedoeld in
                                artikel 32 wordt geacht vanaf de datum van inwerkingtreding te
                                behoren bij de nieuwe verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Overgangsbepaling afsplitsing</titel></kop><al>Artikel 31 treedt in werking op de dag na de eerstvolgende
                            raadsverkiezingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34a</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Artikel 2a treedt met terugwerkende kracht in werking per 1 januari
                                2009</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Artikel 2b en artikel 9a treden met terugwerkende kracht in werking
                                per 12 maart 2010.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening geldelijke
                            voorzieningen raadsleden, wethouders, commissieleden en fracties".</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking zes weken na de datum van
                            publicatie</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><nota-toelichting><kop><label/><nr/><titel>TOELICHTING</titel></kop><tussenkop>ALGEMEEN</tussenkop><tussenkop>Wettelijke regelingen</tussenkop><al>De regeling van de rechtspositie van wethouders vindt op drie niveaus plaats, te
                    weten bij wet, AMvB en gemeentelijke verordening. Wettelijk is voor wethouders
                    in de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa) de uitkering na
                    aftreden en het pensioen geregeld. In de Gemeentewet is aangegeven dat de nadere
                    invulling van de rechtspositie van wethouders moet worden geregeld bij AmvB.
                    Daartoe is totstandgekomen het Rechtspositiebesluit wethouders. Daarin zijn alle
                    voor de rechtspositie van belang zijnde onderwerpen geregeld. </al><tussenkop>Hoofdlijnen gemeentelijke verordening</tussenkop><al>In de verordening zijn bepalingen opgenomen inzake de rechtspositie van
                    wethouders, raadsleden en leden van gemeentelijke commissies en de vergoedingen
                    voor ondersteuning van de fracties in de raad. De grondslag hiervoor is te
                    vinden in de Gemeentewet en genoemde rechtspositiebesluiten. Buiten hetgeen hun
                    bij of krachtens de wet is toegekend genieten de wethouders als zodanig geen
                    inkomsten, in welke vorm dan ook, ten laste van de gemeente (artikel 44 van de
                    Gemeentewet). Een soortgelijke bepaling is in artikel 99 opgenomen voor raads-
                    en commissieleden. </al><al>De verordening bevat bepalingen inzake:</al><lijst><li nr="-"><al>de beloning voor de werkzaamheden van raadsleden en de uitkeringen bij
                            aftreden en overlijden en vergoeding voor kinderopvang (hoofdstuk II);
                        </al></li><li nr="-"><al>onkostenvergoeding voor wethouders, waaronder reis- en verblijfkosten,
                            beschikbaarstelling van computer- en communicatieapparatuur en
                            faciliteiten in de vorm van deelname aan cursussen, congressen e.d.
                            (hoofdstuk III); over de bezoldiging voor de werkzaamheden van
                            wethouders is niets opgenomen omdat deze uitputtend is geregeld in het
                            Rechtspositiebesluit wethouders;</al></li><li nr="-"><al>vergoedingen voor commissieleden (hoofdstuk IV) </al></li><li nr="-"><al>vergoedingen voor fractieondersteuning (hoofdstuk V), waaronder
                            fractieassistentie en cursussen en congressen</al></li></lijst><tussenkop>De arbeidsverhouding van de wethouder</tussenkop><al>Wethouders zijn sinds de dualisering van het gemeentebestuur ingevolge de
                    Ambtenarenwet als benoemde bestuurders in openbare dienst aangesteld en vallen
                    onder de werking van die wet. Echter de bepalingen over het materiële
                    ambtenarenrecht uit de Ambtenarenwet zijn niet van toepassing op wethouders. Hun
                    rechtspositie wordt beheerst door specifieke wet- en regelgeving. De aanstelling
                    in openbare dienst houdt voor de toepassing van de fiscale wetgeving in dat
                    sprake is van een arbeidsverhouding die als dienstbetrekking wordt aangemerkt.
                    Dit betekent dat wethouders direct onder de werking van de Wet op de
                    loonbelasting vallen. Er is sinds de dualisering van het gemeentebestuur
                    derhalve geen mogelijkheid meer om wel of niet voor de loonbelasting te opteren.
                    Wethouders vallen niet onder de werking van de Ziektewet, Werkloosheidswet en
                    WIA. Evenmin geldt voor hen de pensioenvoorziening bij het ABP. Wachtgeld na
                    aftreden en ouderdoms- en nabestaandenpensioen zijn voor wethouders geregeld in
                    de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa). Wethouders zijn
                    werknemers in de zin van de Zorgverzekeringswet en hebben derhalve op grond van
                    die wet recht op vergoeding door de gemeente van de over hun bezoldiging
                    verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage in de kosten van de
                    basisverzekering.</al><tussenkop>De loon- en inkomstenbelasting</tussenkop><al>‘Opting-in-regeling’</al><al>Raadsleden kunnen opteren voor de loonbelasting. Het raadslid kan </al><al>met de gemeente overeenkomen dat deze loonheffing inhoudt. Dat wordt de
                    ‘opting-in-regeling’ genoemd. De administratie van de gemeente is zodanig
                    ingericht dat wordt voldaan aan de daaraan gestelde wettelijke eisen. In een
                    gezamenlijke verklaring melden de gemeente en het raadslid aan de </al><al>Belastingdienst dat wordt geopteerd voor de loonbelasting. Als gezamenlijk wordt
                    gekozen voor het loonbelastingsysteem draagt de gemeente de ingehouden
                    loonheffing af aan de Belastingdienst. De inkomsten worden als loon belast in
                    box 1. Kosten die worden gemaakt kunnen niet worden afgetrokken. Wel kan de
                    gemeente onder voorwaarden bepaalde vergoedingen onbelast verstrekken en
                    bepaalde faciliteiten onbelast in bruikleen beschikbaar stellen. Er zijn ook
                    vergoedingen die niet belastingvrij kunnen worden verstrekt. Deze vergoedingen
                    worden gebruteerd toegekend, waardoor na inhouding van de loonheffing de netto
                    bedoelde vergoeding resteert. </al><al><cursief>Fiscale standaardpositie</cursief></al><al>De beslissing voor raadsleden om voor de loonbelasting te opteren kan eenmaal
                    per zittingsperiode worden gemaakt en geldt in beginsel voor de (resterende)
                    zittingsperiode. Wel kan betrokkene als spijtoptant terugkomen op deze
                    beslissing voor de resterende periode.</al><al><cursief>De vergoedingssystematiek</cursief></al><al>Voor de uitoefening van het politiek ambt moeten bestuurders niet het eigen
                    inkomen hoeven aanspreken. Een adequate vergoedingssystematiek is daarom van
                    belang. Waar er functionele uitgaven zijn, verdient het aanbeveling terughoudend
                    te zijn met een financieringswijze waarin de bestuurder deze uit eigen middelen
                    vooruitbetaalt en de gemeente ze terugbetaalt. Eigen middelen en publieke
                    middelen moeten zoveel mogelijk gescheiden worden gehouden. Vanuit die
                    overweging heeft het de voorkeur de kosten direct in rekening te brengen bij de
                    gemeente. Aan de mogelijkheid om zonodig declaraties in te dienen, zal echter
                    behoefte blijven bestaan. Als vergoedingssystematiek is gekozen voor de volgende
                    wijze van redeneren:</al><lijst><li nr="-"><al>welke voorzieningen worden aangeboden door de organisatie
                            (bedrijfsvoering en bestuurskosten);</al></li><li nr="-"><al>welke voorzieningen zijn noodzakelijk voor de uitoefening van het ambt,
                            maar zijn niet rechtstreeks aan te bieden door de organisatie;</al></li><li nr="-"><al>kan voor deze voorzieningen nog een onbelaste vergoeding worden
                            aangeboden (indien is geopteerd voor de loonbelasting);</al></li><li nr="-"><al>voor voorzieningen die niet onbelast aangeboden kunnen worden, kan een
                            (bruto)vergoeding worden verstrekt.</al></li></lijst><al>Concreet betekent deze vergoedingssystematiek het volgende.</al><tussenkop>Voorzieningen die zijn ondergebracht in de bedrijfsvoering</tussenkop><lijst><li nr="-"><al>bruikleen van computer- en communicatieapparatuur;</al></li><li nr="-"><al>gebruik van dienstauto’s;</al></li><li nr="-"><al>deelname aan cursussen en congressen e.d.</al></li></lijst><al>De zakelijke uitgaven hoeven niet te worden voorgeschoten door de wethouder,
                    maar worden direct door de gemeente voldaan en de voorzieningen worden om niet
                    in bruikleen gegeven. Zij vallen derhalve buiten de vergoedingssfeer.</al><tussenkop>Voorzieningen die niet in de bedrijfsvoering zitten, maar onbelast kunnen
                    worden vergoed</tussenkop><al>Voor een aantal zakelijke uitgaven, zoals reis- en verblijfkosten, blijft het
                    systeem overeind dat de gedane zakelijke uitgaven de wethouder op basis van
                    declaratie worden vergoed. Deze kunnen, als is voldaan aan de gestelde
                    voorwaarden, onbelast worden vergoed.</al><tussenkop>Voorzieningen die niet in de bedrijfsvoering zitten en niet onbelast
                    kunnen worden vergoed</tussenkop><al>Voor een aantal andere beroepskosten wordt een vaste (bruto)kostenvergoeding
                    verstrekt. In de toelichting op hoofdstuk III (artikel 12), is aangegeven om
                    welke beroepskosten het gaat.</al><al>Voor hen die niet voor de loonbelasting hebben geopteerd, geldt dezelfde
                    systematiek, maar zijn de fiscale gevolgen anders. Zij dienen alle vergoedingen
                    en verstrekkingen naar de waarde in het economisch verkeer als opbrengst te
                    verantwoorden. Omdat zij hun werkelijk gemaakte kosten fiscaal kunnen
                    verrekenen, worden hun vergoedingen niet gebruteerd toegekend.</al><tussenkop>ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING</tussenkop><tussenkop>Hoofdstuk II Vergoedingen raadsleden</tussenkop><tussenkop>Artikel 2 Vergoeding voor werkzaamheden </tussenkop><al>In het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden is geregeld dat raadsleden
                    voor hun werkzaamheden een vergoeding ontvangen. De hoogte van de vergoeding
                    wordt bij gemeentelijke verordening bepaald. Wel is in het Rechtspositiebesluit
                    het maximale bedrag van de vergoeding voor de werkzaamheden aangegeven. In
                    artikel 2 is de hoogte van de vergoeding bepaald op het maximale bedrag. Het
                    bedrag van de vergoeding voor de werkzaamheden is geïndexeerd. Het wordt
                    jaarlijks per 1 januari herzien aan de hand van het indexcijfer CAO lonen
                    overheid voor volwassenen, inclusief bijzondere beloningen. Hiervoor is in de
                    gemeente geen nadere besluitvorming nodig omdat het bedrag van de vergoeding is
                    gekoppeld aan het maximumbedrag dat de minister van BZK jaarlijks bijstelt.</al><tussenkop>Artikel 11 Hardheidsclausule</tussenkop><al>Er is behoefte aan een clausule om gevallen waarbij toepassing van de
                    verordening strikt genomen onbillijk zou zijn een bijzondere voorziening te
                    treffen. Voorheen was het treffen van een voorziening voorbehouden aan het
                    college. Nu is deze bevoegdheid toebedeeld aan de voorzitter van de raad, als
                    orgaan. Hij pleegt over de toepassing van dit artikel altijd eerst overleg met
                    het presidium.</al><tussenkop>Hoofdstuk III Vergoedingen kosten wethouders</tussenkop><tussenkop>Artikel 12 Onkostenvergoeding</tussenkop><al>In dit artikel is de vaste vergoeding geregeld voor aan het ambt van wethouder
                    verbonden kosten. De vergoeding is opgebouwd op basis van de volgende
                    kostencomponenten:</al><lijst><li nr="-"><al>representatie</al></li><li nr="-"><al>vakliteratuur</al></li><li nr="-"><al>contributies, lidmaatschappen</al></li><li nr="-"><al>telefoonkosten</al></li><li nr="-"><al>bureaukosten, porti</al></li><li nr="-"><al>zakelijke giften</al></li><li nr="-"><al>ontvangsten thuis</al></li><li nr="-"><al>excursies</al></li></lijst><al>Sedert 1 januari 2001 zitten daarin niet langer de kostensoorten fax/pc en
                    cursussen en congressen. Daarvoor zijn vanaf dat tijdstip specifieke
                    voorzieningen getroffen (zie de artikelen 18, 19 en 20). De onkostenvergoeding
                    is in verband met deze overheveling naar de gemeentelijke bedrijfsvoering vanaf
                    die datum neerwaarts bijgesteld. De vaste kostenvergoeding kan sinds 1 januari
                    2001 niet meer onbelast worden verstrekt. Om netto het bedrag van de vaste
                    onkostenvergoeding gelijk te houden is het (neerwaarts bijgestelde) bedrag
                    gebruteerd tegen het belastingtarief van 52%. Deze brutering heeft echter geen
                    betrekking op wethouders die niet hebben geopteerd voor het
                    loonbelastingregime.</al><al>De hoogte van de onkostenvergoeding wordt bij gemeentelijke verordening bepaald.
                    Wel is in het Rechtspositiebesluit wethouders het maximale bedrag van de
                    kostenvergoeding aangegeven. In artikel 12 is de hoogte van de kostenvergoeding
                    bepaald op het maximale bedrag. Het bedrag van de onkostenvergoeding is
                    geïndexeerd. Het wordt jaarlijks per 1 januari herzien aan de hand van de
                    consumentenprijsindex. Hiervoor is in de gemeente geen nader besluit nodig,
                    omdat het bedrag van de onkostenvergoeding is gekoppeld aan het maximumbedrag
                    dat de minister van BZK jaarlijks vaststelt.</al><al>Tot de hiervoor genoemde brutering en vaststellen van de kostenvergoeding op
                    100% van het maximum heeft uw raad besloten op 11 april 2001.</al><al>In de vaste kostenvergoeding zit ook een component telefoonkosten. Indien de
                    gemeente voor zakelijk gebruik een mobiele telefoon aan een wethouder
                    beschikbaar stelt, moet er een korting worden toegepast op de vaste
                    onkostenvergoeding om te voorkomen dat er voor dezelfde zakelijke telefoonkosten
                    zowel in natura (mobiele telefoon in bruikleen) als in geld (via de vaste
                    onkostenvergoeding) worden vergoed. Dit is geregeld in artikel 12, derde lid.
                    Voor alle wethouders aan wie de gemeente een mobiele telefoon beschikbaar heeft
                    gesteld geldt dezelfde korting. Zie voor een specifieke toelichting op de
                    terbeschikkingstelling van een mobiele telefoon en de inhouding op de
                    onkostenvergoeding de toelichting bij artikel 21.</al><tussenkop>Artikel 13 Reiskosten</tussenkop><al>Ingevolge artikel 13 worden zakelijke reiskosten, indien gemaakt met het
                    openbaar vervoer of met een (trein)taxi, volledig vergoed (mits in redelijkheid
                    gemaakt) en indien gemaakt met eigen middelen van vervoer volgens de regeling in
                    artikel 4, onderdeel b, van de Regeling Rechtspositie Wethouders. De
                    vergoedingen in deze regelingen in principe het zelfde zijn als de in de
                    Reisregeling binnenland opgenomen vergoedingen. </al><al>Voor wethouders is in artikel 13, tweede lid, een belastingvrije vergoeding
                    opgenomen voor woon-werkverkeer geregeld overeenkomstig de bepalingen bij en
                    krachtens het Rechtspositiebesluit wethouders en de Regeling Rechtspositie
                    Wethouders. Het recht op deze vergoeding bestaat gedurende de periode waarin de
                    wethouder de tijd heeft zich te vestigen in de gemeente. Het gebruik van
                    openbaar vervoer wordt volledig vergoed en voor het gebruik van de eigen auto
                    wordt een vergoeding toegekend zoals bepaald in het Rechtspositiebesluit
                    wethouders en de Regeling Rechtspositie Wethouders. </al><tussenkop>Artikel 14 Dienstauto</tussenkop><al>Als onderdeel van de bedrijfsvoering kan de gemeente een dienstauto met of
                    zonder chauffeur voor zakelijk gebruik beschikbaar stellen aan wethouders. De
                    dienstauto kan ook worden gebruikt voor de vervulling van een qualitate
                    qua-nevenfunctie. De eventueel uit hoofde van die nevenfunctie ontvangen
                    vergoeding van reiskosten ter zake wordt in dat geval in de gemeentelijke kas
                    gestort. De dienstauto is niet beschikbaar voor privégebruik.</al><tussenkop>Artikel 16 Buitenlandse dienstreis</tussenkop><al>Bij buitenlandse reizen in het gemeentelijk belang kunnen de wethouders de in
                    redelijkheid gemaakte werkelijke reis- en verblijfkosten worden vergoed. De
                    tarieven in het voor het rijkspersoneel geldende Reisbesluit buitenland zijn
                    daarbij richtsnoer. In de Gedragscode bestuurders zijn nadere gedragsregels
                    vastgesteld. Daarbij gaat het om expliciete besluitvorming in het college en
                    over uitnodigingen daartoe op kosten van derden. Maar ook om bijvoorbeeld het
                    meereizen van de partner en de klasse waarin wordt gereisd.</al><al>Voor degenen die niet hebben geopteerd voor de loonbelasting geldt dat de
                    vergoedingen en verstrekkingen naar de waarde in het economisch verkeer bij de
                    aangifte inkomstenbelasting als opbrengst moeten worden verantwoord en dat de
                    gemaakte kosten binnen de geldende randvoorwaarden als aftrekbare beroepskosten
                    kunnen worden opgevoerd.</al><tussenkop>Artikel 18 Cursussen en congressen</tussenkop><al>Zoals hierboven al aangegeven is deze voorziening in de bedrijfsvoering gebracht
                    en komen de kosten rechtstreeks voor rekening van de gemeente. Zij zijn in
                    verband hiermee uit de vaste kostenvergoeding gehaald. Een onderscheid is
                    gemaakt tussen cursussen, congressen e.d. die door of vanwege de gemeente in het
                    gemeentelijk belang zijn georganiseerd en cursussen, congressen e.d. waaraan de
                    individuele wethouder in verband met de uitoefening van zijn ambt deelneemt. In
                    dat laatste geval zijn er aanvullende voorwaarden gesteld (inhoudelijke
                    informatie over de cursus of het congres en een kostenspecificatie). </al><al>De bedoelde cursussen en congressen hebben een zakelijk karakter en zijn aan te
                    merken als beroepskosten waarvan de vergoeding c.q. verstrekking van
                    loonbelasting is vrijgesteld. Voor wethouders de niet hebben geopteerd voor de
                    loonbelasting geldt dat de vergoedingen verstrekkingen naar de waarde in het
                    economisch verkeer bij de aangifte inkomstenbelasting als opbrengst moeten
                    worden verantwoord en dat de gemaakte kosten binnen de geldende randvoorwaarden
                    als aftrekbare beroepskosten kunnen worden opgevoerd. </al><tussenkop>Artikelen 19 en 20 Computer en internetaansluiting</tussenkop><al>Voor de uitoefening van het ambt van wethouder wordt op aanvraag om niet een
                    computer dan wel laptop met bijbehorende apparatuur en software in bruikleen
                    beschikbaar gesteld. Bijbehorende apparatuur is apparatuur die is bestemd om aan
                    de computer te worden gekoppeld om informatie uit te wisselen. Voorbeelden
                    hiervan zijn een een dockstation, een printer, toetsenbord en muis. De nadere
                    voorwaarden zijn geregeld in de bruikleenovereenkomst die de wethouder met de
                    gemeente sluit. Het model van die overeenkomst is door het college vastgesteld. </al><al>De grondslag voor deze faciliteit is te vinden in de rechtspositiebesluiten voor
                    wethouders. Sinds 2005 kan een computer met bijbehorende apparatuur en software
                    alleen onbelast worden vergoed, verstrekt of ter beschikking gesteld indien deze
                    geheel of nagenoeg geheel zakelijk wordt gebruikt. Er wordt van uitgegaan dat
                    wethouders de computer niet geheel of nagenoeg geheel zakelijk zullen gebruiken.
                    Dat betekent dat zowel de vergoeding, de verstrekking als de
                    terbeschikkingstelling van computerapparatuur en de daaraan gekoppelde
                    tegemoetkoming kan worden belast. In verband hiermee kan er er gedurende de
                    afschrijvingsperiode van drie jaar voor de door de gemeente beschikbaar gestelde
                    computer een fiscale bijtelling plaats vinden van 30% van de waarde in het
                    economisch verkeer op het moment van eerste ingebruikneming. Na het derde jaar
                    wordt de waarde op nihil gesteld. Geregeld is dat de gemeente in zo’n geval op
                    aanvraag 30% van de aanschafprijs vergoedt gedurende de drie jaar dat i.v.m. het
                    beschikbaar stellen van de computer belasting is verschuldigd. Deze vergoeding
                    is overigens belast. Indien een computer tijdens het kalenderjaar wordt
                    verstrekt geldt in het eerste en vierde kalenderjaar een vergoeding naar
                    evenredigheid van het aantal kalendermaanden waarin de computer beschikbaar is
                    gesteld. </al><al>In artikel 20 is geregeld dat de internetaansluiting binnen de belastingvrije
                    mogelijkheden voor rekening van de gemeente komt. Daarbij is uitgegaan van een
                    meer dan bijkomstig zakelijk gebruik, maar minder dan geheel of nagenoeg geheel
                    zakelijk gebruik van de computer. Bij vergoeding of verstrekking van een
                    internetaansluiting via ISDN, ADSL of kabel komt op basis van fiscale regels een
                    bedrag van € 19,59 (2003) voor rekening van de wethouder. Alleen het bedrag
                    daarboven kan onbelast worden vergoed. Voor wethouders die niet hebben geopteerd
                    voor de loonbelasting geldt dat de vergoedingen en opbrengst moeten worden
                    verantwoord en dat de gemaakte kosten binnen de geldende randvoorwaarden als
                    aftrekbare beroepskosten kunnen worden opgevoerd.</al><tussenkop>Artikel 22 Mobiele telefoon</tussenkop><al>Als onderdeel van de bedrijfsvoering kan de wethouder voor overwegend zakelijk
                    gebruik (90 % of meer) belastingvrij een mobiele telefoon als 2e telefoon om
                    niet ter beschikking worden gesteld. De abonnementskosten en de (zakelijke)
                    gesprekskosten komen dan voor rekening van de gemeente. De nadere voorwaarden
                    zijn geregeld in de bruikleenovereenkomst die de wethouder met de gemeente
                    sluit. Het model van die overeenkomst is door het college vastgesteld.</al><al>In de toelichting op artikel 12 is al ingegaan op de korting op de vaste
                    kostenvergoeding bij beschikbaarstelling van een mobiele telefoon.</al><al><cursief>Artikel 23 Spaarloonregeling/levensloopregeling</cursief></al><al>Een wethouder is een werknemer en kan dientengevolge gebruik maken van de
                    spaarloonregeling dan wel de levensloopregeling. wanneer de wethouder gebruik
                    maakt van de gemeentelijke levensloopregeling is het niet toegestaan een
                    levensloopbijdrage ten laste van de gemeente te verstrekken. De opbouw van de
                    levensloopvoorziening mag uitsluitend ten laste van de wethouderswedde
                    plaatsvinden. Aangezien wethouders geen verlof kennen, is het slechts mogelijk
                    dat de opgebouwde voorziening bij de beëindiging van het wethouderschap wordt
                    meegenomen naar een volgende werkgever of dat uitbetaling ineens
                    plaatsvindt.</al><tussenkop>Hoofstuk IV Vergoedingen commissieleden</tussenkop><tussenkop>Artikel 25 Vergoeding voor het bijwonen van
                    commissievergaderingen</tussenkop><al>In dit artikel is het presentiegeld voor leden van gemeentelijke commissies
                    geregeld. Deze bepaling geldt niet voor raadsleden en wethouders die in de
                    commissie zitten. Hun vergoeding is immers al geregeld in de
                    rechtspositiebesluiten en elders in deze verordening. Uitgezonderd zijn verder
                    onder meer ambtenaren en bestuurders die in die hoedanigheid in de commissie
                    zitting hebben. Uitgezonderd zijn ten slotte vertegenwoordigers van
                    belangengroepen e.d. tenzij hun lidmaatschap tevens in belangrijke mate het
                    gemeentelijk belang dient. De hoogte van het presentiegeld wordt bij
                    gemeentelijke verordening bepaald. Wel is in het Rechtspositiebesluit raads- en
                    commissieleden het maximale bedrag aangegeven. Het bedrag van het presentiegeld
                    is geïndexeerd. Het wordt jaarlijks per 1 januari herzien aan de hand van het
                    indexcijfer CAO lonen overheid voor volwassenen, inclusief bijzondere
                    beloningen. Hiervoor is in de gemeente geen nadere besluitvorming nodig, omdat
                    het bedrag van het presentiegeld is gekoppeld aan het maximumbedrag dat de
                    minister van BZK jaarlijks bijstelt. Het Rechtspositiebesluit raads- en
                    commissieleden biedt de mogelijkheid om in de gemeentelijke verordening te
                    regelen dat in bepaalde gevallen een hoger bedrag aan presentiegeld wordt
                    toegekend dan het eerder genoemde maximumbedrag. Hiervoor is een regeling
                    getroffen in het vierde lid.</al><tussenkop>Artikel 26 Lijst van commissies</tussenkop><al>Omdat het college zelf ook commissies in kan stellen en het voor de hand ligt de
                    leden daarvan volgens dezelfde regels voor hun werkzaamheden hun onkosten te
                    vergoeden, stellen wij voor dat u ons de bevoegdheid mandateert om gehoord de
                    commissie Bestuur de lijst met commissies aan te passen indien een nieuwe
                    commissie wordt ingesteld of een bestaande commissie juist wordt opgeheven. Dat
                    laat uiteraard onverlet dat u als raad ook zelf de lijst kunt wijzigen als u een
                    commissie instelt dan wel opheft.</al><tussenkop>Hoofdstuk V Vergoedingen aan de fracties</tussenkop><tussenkop>Artikel 27 Vergoeding fractieassistentie</tussenkop><al>De vergoedingen voor de ondersteuning van de fracties in de raad zijn
                    onderverdeeld in een vaste vergoeding per fractie en een variabele vergoeding
                    per fractielid. De trendmatige aanpassing vindt plaats overeenkomstig de
                    aanpassing van de vergoeding voor werkzaamheden als bedoeld artikel 2.</al><al>Deze vergoeding is bedoeld als een bijdrage voor de onkosten die door
                    fractieleden in verband met het raadslidmaatschap worden gemaakt en ter
                    bevordering van het functioneren van hun fractie. De griffie past trendmatige
                    aanpassing aan omdat het een vast percentage is waar geen beoordelingsvrijheid
                    aan ten grondslag ligt.</al><al>De bijdrage wordt als voorschot in twee termijnen verstrekt, te weten op 1
                    januari en 1 juli. In een verkiezingsjaar wordt de tweede termijn verstrekt op 1
                    april. Indien aan de hand van de financiële verantwoording blijkt dat het geld
                    onrechtmatig of onvoldoende onderbouwd is besteed kan hiermee bij de
                    vaststelling van de financiële bijdrage rekening worden gehouden. Teveel
                    betaalde voorschotten kunnen vervolgens worden teruggevorderd of verrekend. De
                    betaling van voorschotten wordt opgeschort als een jaar na afloop van een
                    kalenderjaar nog geen aanvraag tot vaststelling van de financiële bijdrage is
                    ingediend voor het desbetreffende kalenderjaar. </al><al>De in lid 2 genoemde bedragen zijn de bedragen zoals deze zouden gaan gelden per
                    1 januari 2014 exclusief de nog te verwachten (rijks)indexering per 1 januari
                    2014 (2013 -/- 4%).</al><al><vet><cursief>Artikel 27a (niet) toegestane bestedingen</cursief></vet></al><al> In artikel 27a is een aantal bestedingen genoemd waarvoor de bijdrage niet
                    gebruikt mag worden. Daarmee wordt onder andere voorkomen dat met de bijdrage
                    verkiezingscampagnes worden gefinancierd. Onder d. is bepaald dat de bijdrage
                    niet mag worden gebruikt voor een aanvulling op de vergoeding voor de
                    werkzaamheden of voor andere vergoedingen waarvoor al een regeling is getroffen
                    op grond van het Rechtspositiebesluit raadsleden en de hierop gebaseerde
                    Verordening geldelijke voorzieningen raadsleden, wethouders, commissieleden en
                    fracties. Het gaat hierbij om de volgende vergoedingen of tegemoetkomingen:</al><al> i. vergoeding voor de werkzaamheden;</al><al>ii onkosten;</al><al>iii. reiskosten voor reizen ten behoeve van de gemeente buiten het grondgebied
                    van de gemeente;</al><al>iv. kinderopvang; v. ziektekosten; </al><al>vi. computer- en communicatieapparatuur voor de raadsleden;</al><al> vii.compensatie uitkeringen op grond van de Werkloosheidswet en het Besluit
                    Werkloosheid onderwijs- en onderzoekspersoneel; </al><al>viii. collectieve verzekeringen voor ouderdomspensioen en overlijdens- en
                    invaliditeitsverzekering;</al><al> ix. uitkering na aftreden.</al><al>Om te voorkomen dat fracties bestedingen doen aan bedrijven waarover raadsleden
                    zeggenschap hebben zijn raadsleden verplicht overeenkomstig art.12 van de
                    Gemeentewet nevenfuncties op te geven aan de griffier.
                    </al><al>
          
            
          Artikel 28 Voorschotten.</al><al>De bijdrage wordt als voorschot in twee termijnen verstrekt, te weten op 1
                    januari en 1 juli. In een verkiezingsjaar wordt de tweede termijn verstrekt op 1
                    april. Indien aan de hand van de financiële verantwoording blijkt dat het geld
                    onrechtmatig of onvoldoende onderbouwd is besteed kan hiermee bij de
                    vaststelling van de financiële bijdrage rekening worden gehouden. Teveel
                    betaalde voorschotten kunnen vervolgens worden teruggevorderd of verrekend. De
                    betalingen van voorschotten wordt opgeschort als een jaar na afloop van een
                    kalenderjaar nog geen aanvraag tot vaststelling van de financiële bijdrage is
                    ingediend voor het desbetreffende kalenderjaar.</al><tussenkop>Artikel 29 Reservering</tussenkop><al>Het is niet altijd mogelijk voor fracties om de beschikbare vergoedingen in het
                    betreffende boekjaar ook daadwerkelijk uit te geven. Daarom is het mogelijk om
                    vergoedingen te reserveren over de gehele raadsperiode. De reserves die op de
                    datum van de verkiezingen nog bestaan moeten terugbetaald worden aan de
                    gemeente. Na de verkiezingen beginnen alle partijen met een schone lei. </al><tussenkop>Artikel 30 Vaststelling tegemoetkoming, verantwoording en
                    controle</tussenkop><al>In artikel 30 is de jaarlijkse vaststelling door de Gemeenteraad van de
                    financiële bijdrage geregeld. De fracties dienen voor 1 april een aanvraag in
                    voor de vaststelling bij de Gemeenteraad, ter attentie van de griffier. Bij die
                    aanvragen worden de bestedingen verantwoord met gebruikmaking van het formulier
                    in bijlage A behorende bij de verordening. </al><tussenkop>Artikel 30a Terugvordering en verrekening</tussenkop><al>In artikel 30a zijn, ten overvloede, de sanctiemogelijkheden opgenomen die de
                    gemeenteraad kan hanteren voor het geval een fractie m.b.t. fractieondersteuning
                    niet handelt conform de verordening. Bijvoorbeeld wanneer uitgaven worden gedaan
                    waar de financiële bijdrage niet voor bedoeld is of die niet kunnen worden
                    onderbouwd, wanneer de verantwoording niet tijdig of volledig wordt ingediend,
                    of wanneer teveel ontvangen voorschotten niet tijdig worden terugbetaald. Om te
                    voorkomen dat een discussie ontstaat over kleine bedragen wordt bij controle van
                    de verantwoording een tolerantiegrens van 1% van de jaarlijks te ontvangen
                    fractievergoedingen gehanteerd. De vermelding in de verordening van de
                    mogelijkheid van terugvordering en verrekening is strikt genomen overbodig omdat
                    die mogelijkheid ook al bestaat op grond van artikel 4:57 van de Algemene wet
                    bestuursrecht. Bestedingen in strijd met deze verordening kunnen worden
                    teruggevorderd voor zover na de dag waarop de subsidie is vastgesteld nog geen
                    vijf jaren zijn verstreken. </al><tussenkop>Artikel 31 Afsplitsing fracties</tussenkop><al>Dit artikel is toegevoegd, om de vergoedingen te reguleren bij afsplitsing van
                    leden van fracties.</al><al>Er is voor gekozen om de fracties zoals die ontstaan na de verkiezingen als
                    uitgangspunt te nemen voor de verdeling van de fractievergoedingen. Als
                    raadsleden uit een fractie stappen en een nieuwe fractie vormen heeft dat geen
                    gevolgen voor de basisvergoeding van de bestaande fracties zoals genoemd in art.
                    27 tweede lid onder a en 28 tweede lid onder a. De bestaande fracties houden hun
                    basisvergoeding; alleen de vergoeding per fractielid wijzigt ten gevolge van het
                    verminderen van het aantal leden van de fractie.</al><al>Het lid dat, of de leden die een nieuwe fractie vorm(t)(en) krijgt alleen een
                    vergoeding op basis van artikel 27 tweede lid onder b en 28 tweede lid onder b
                    (de vergoeding per lid). De nieuw gevormde fractie heeft geen recht op de vaste
                    vergoeding. </al><al>Vanwege de rechten die de huidige fracties in de raad hebben zal dit artikel pas
                    in werking treden na 8 maart 2006. (zie de overgangsbepaling in artikel
                    34).</al><tussenkop>Hoofdstuk VI Slotbepalingen</tussenkop><tussenkop>Artikel 32 en 33 Intrekken oude verordening en overgangsrecht</tussenkop><al>De oude Verordening geldelijke voorzieningen enz. wordt ingetrokken. De
                    aanspraken die betrokkenen hebben op grond van de oude verordening worden geacht
                    vanaf de inwerkingtreding van de nieuwe verordening te bestaan op grond van deze
                    verordening. Deze bepaling (artikel 33) is opgenomen om te voorkomen dat alle
                    uitkeringsbesluiten opnieuw genomen zouden moeten worden en om te voorkomen dat
                    de oude verordening tot in lengte van dagen toepassing zou kunnen blijven
                    houden. Ook de lijst met commissies op grond van de oude verordening blijft nu
                    met de nieuwe verordening in stand.</al><tussenkop>Artikel 34 Overgangsbepaling afsplitsing</tussenkop><al>Zie toelichting bij artikel 31.</al><al/><al/><tussenkop>LIJST VAN COMMISSIES BEHORENDE BIJ DE VERORDENING GELDELIJKE
                    VOORZIENINGEN RAADSLEDEN, WETHOUDERS, COMMISSIELEDEN EN FRACTIES</tussenkop><tussenkop>I. Beheerscommissies</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Programmaraad.</al></li></lijst><tussenkop>II. Adviescommissies</tussenkop><lijst><li nr=""><al>1. Adviescommissie voor Ruimtelijke Kwaliteit</al></li><li nr=""><al>2. Commissie duurzame sportvoorzieningen.</al><al>3. Klachtencommissie inspraak</al><lijst><li nr="4."><al>Stedelijke Adviesraad Multiculturele Stad</al></li><li nr="5."><al>Beleidsadviescommissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid</al></li><li nr="6."><al>Commissie Cultuurstimuleringfonds</al></li></lijst><lijst><li nr="7."><al>WMO raad</al></li></lijst></li></lijst><lijst><li nr=""><al>8. Klachtencommissie Ongewenste Omgangsvormen</al></li><li nr=""><al>9. Commissie behandeling bezwaarschriften sociale zaken</al></li><li nr=""><al>10 . Evaluatiecommissie op basis van artikel 17 van het Sociaal Statuut
                            2011 Gemeente Haarlem</al></li></lijst><al/><al/><al>Datum:……….} Verantwoording Fractiegelden jaar Fractie:………………….</al><table><tgroup cols="7"><colspec colname="col1" colwidth="31*"/><colspec colname="col2" colwidth="8*"/><colspec colname="col3" colwidth="4*"/><colspec colname="col4" colwidth="4*"/><colspec colname="col5" colwidth="21*"/><colspec colname="col6" colwidth="16*"/><colspec colname="col7" colwidth="16*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Verantwoording Fractiegelden </vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>jaar</vet></al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>Saldi</vet></al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Saldo afgelopen jaar</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al>€</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>Inkomsten</vet></al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Vaste vergoeding</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al>€</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Aantal fractieleden</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Vergoeding per fractielid</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al>€</al></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Variabele vergoeding</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al>€</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>Totaal</vet></al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al><vet>€</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>Uitgaven</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Post</vet></al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al><vet>Fractieondersteuning</vet></al></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al><vet>Overige kosten</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>1</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>2</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>3</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>4</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>5</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>6</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>7</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>8</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>9</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>10</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>11</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>12</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>13</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>14</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>15</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>16</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>17</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>18</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>19</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>20</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>21</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>22</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>23</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>24</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>25</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>Totale uitgaven</vet></al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al><vet>€</vet></al></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al><vet>€</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>Eindstand fractiegeld</vet></al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al><vet>€</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Controle art. 27a</al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>