<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR52479_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Monumentenverordening 1988</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heumen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-10</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heumen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Verbinding, 21-12-2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Monumentenverordening 1988</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Monumentenwet, art. 15, lid 1</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>1989-09-21</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-12-24</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-07-06</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>08.08</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Monumentenverordening 1988</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Onderwerp: Monumentenverordening 1988</al><al>21 september 1989 08.08</al><al>De raad van de gemeente Heumen in openbare vergadering bijeen;</al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 21 september
                        1989</al><al>b e s l u i t:</al><al>Vast te stellen de “MONUMENTENVERORDENING 1988”</al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="1."><al>Monument:</al><lijst><li nr="a."><al>Alle zaken die van algemeen belang zijn wegens hun
                                            schoonheid, hun betekenis voor de wetenschap of hun
                                            cultuurhistorische waarde;</al></li><li nr="b."><al>Terreinen die van algemeen belang zijn wegens daar
                                            aanwezige zaken als bedoeld onder a.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Gemeentelijk monumentenlijst:</al><al>de lijst waarop zijn vermeld de overeenkomstig deze verordening
                            beschermde monumenten.</al></li><li nr="3."><al>Beschermde gemeentelijke monumenten:</al><al>onroerende monumenten, die overeenkomstig de bepalingen van 
                            deze verordening op de gemeentelijke monumentenlijst zijn geplaatst.</al></li><li nr="4."><al>Beschermde rijksmonumenten:</al><al>onroerende monumenten, die zijn ingeschreven in de ingevolge 
                            de Monumentenwet vastgestelde registers.</al></li><li nr="5."><al>Kerkelijke monumenten:</al><al>onroerende monumenten, die eigendom zijn van een kerkgenootschap,
                            kerkelijke gemeente of parochie of van een kerkelijke instelling en die
                            uitsluitend of voor een overwegend deel worden gebuikt voor de
                            uitoefening van de eredienst.</al></li><li nr="6."><al>Monumentencommissie:</al><al>de door de raad ingestelde commissie of aangewezen instantie, met als
                            taak burgemeester en wethouders op verzoek of uit eigen beweging te
                            adviseren over de van de Monumentenwet en deze verordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>Bij de toepassing van deze verordening wordt rekening gehouden met het gebruik van het monument.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2</nr><titel>BESCHERMDE GEMEENTELIJKE MONUMENTEN</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1:</nr><titel>De plaatsing op de gemeentelijke monumentenlijst</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders kunnen, al dan niet op verzoek van belanghebbenden, besluiten onroerende monumenten als beschermd
                                gemeentelijk monument op de gemeentelijke monumentenlijst te
                                plaatsen.</al></li><li nr="2."><al>Burgemeester en wethouders besluiten over plaatsing van
                                        onroerende monumenten op de gemeentelijke monumentenlijst
                                        nadat de monumentencommissie en de eigenaar zijn gehoord. In
                                        spoedeisende gevallen kunnen zij hiervan afwijken.</al></li><li nr="3."><al>Burgemeester en wethouders nemen met betrekking tot
                                        kerkelijke monumenten geen beslissing tot plaatsing op de gemeentelijke
                                monumentenlijst dan na overleg met de eigenaar.</al></li><li nr="4."><al>Burgemeester en wethouders doen binnen twee maanden nadat de 
                                monumentencommissie is gehoord, schriftelijk mededeling van het 
                                besluit in lid 2 aan degenen die als eigenaren en anderszins
                                zakelijk gerechtigden in de kadastrale legger bekend staan, aan de
                                ingeschreven hypothecaire schuldeisers en, indien om aanwijzing is
                                verzocht, aan de verzoeker. Bij overschrijding van de termijn worden
                                burgemeester en wethouders geacht niet tot plaatsing op de
                                gemeentelijke monumentenlijst te hebben besloten.</al></li><li nr="5."><al>Burgemeester en wethouders maken de plaatsing op de
                                        gemeentelijke monumentenlijst op de in de gemeente
                                        gebruikelijke wijze bekend.</al></li><li nr="6."><al>De gemeentelijke monumentenlijst geeft de plaatselijke
                                        aanduiding aan, de kadastrale aanduiding, de tenaamstelling
                                        en een beschrijving van het monument.</al></li><li nr="7."><al>Burgemeester en wethouders kunnen ambtshalve of op verzoek
                                        van belanghebbenden in de gemeentelijke monumentenlijst
                                        wijzigingen aanbrengen. Indien de wijziging naar het oordeel
                                        van burgemeester en wethouders van ondergeschikte betekenis
                                        is of indien de wijziging betreft het doorhalen van de
                                        inschrijving van een monument dat is teniet gegaan, blijft
                                        overeenkomstige toepassing van artikel 3, leden 2 en 3,
                                        achterwege.</al></li><li nr="8."><al>Monumenten die zijn ingeschreven in het register als bedoeld
                                        in artikel 6 van de Monumentenwet of die zijn geplaatst op
                                        een lijst van monumenten, op grond van een
                                        monumentenverordening van de provincie Gelderland, worden
                                        door burgemeester en wethouders niet op de gemeentelijke
                                        monumentenlijst geplaatst.</al></li><li nr="9."><al>Monumenten, die na plaatsing op de gemeentelijke
                                        monumentenlijst worden ingeschreven in het
                                        monumentenregister als bedoeld in artikel 6 van de
                                        Monumentenwet, worden geacht niet meer op de gemeentelijke
                                        monumentenlijst te zijn geplaatst.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al>De gemeentelijke monumentenlijst ligt ter secretarie voor een
                                ieder ter inzage.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2:</nr><titel>Vergunningen tot wijziging of afbraak van beschermde
                                gemeentelijke momenumenten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden een beschermd gemeentelijk monument te
                                    beschadigen, te vernielen of af te breken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het is verboden zonder vergunning van burgemeester en wethouders
                                    of in strijd met bij zodanige vergunning gestelde
                                    voorschriften:</al><lijst><li nr="a."><al>een beschermd gemeentelijk monument af te breken, te
                                            verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen;</al></li><li nr="b."><al>een beschermd gemeentelijk monument te herstellen of te
                                            gebruiken op een wijze, waadoor het wordt ontsierd of in
                                            gevaar gebracht.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 5 moet 
                                schriftelijk worden ingediend bij burgemeester en wethouders. 
                                Daarbij worden de door hen verlangde gegevens overgelegd.</al></li><li nr="2."><al>Indien blijkt dat de aanvrager niet de verlangde gegevens 
                                heeft overgelegd, stellen burgemeester en wethouders de aanvrager
                                binnen een maand na ontvangst van de aanvraag in de gelegenheid
                                alsnog binnen veertien dagen de door hen aan te geven ontbrekende
                                gegevens over te leggen.</al></li><li nr="3."><al>Ingeval toepassing is gegeven aan het tweede lid en de
                                        aanvrager niet binnen de in dat lid bedoelde termijn van
                                        veertien dagen de in dat lid bedoelde ontbrekende gegevens
                                        heeft overgelegd, is de aanvrager niet-ontvankelijk in zijn
                                        aanvraag met ingang van de dag, volgend op de laatste dag
                                        van de in dat lid bedoelde termijn van veertien dagen.</al></li><li nr="4."><al>Ingeval toepassing is gegeven aan het tweede lid en de
                                        aanvrager naar het oordeel van burgemeester en wethouders de
                                        in het tweede lid bedoelde ontbrekende gegevens in
                                        onvoldoende mate heeft overlegd, verklaren zij de aanvrager
                                        binnen veertien dagen na de dag waarop hij de gegevens heeft
                                        overgelegd niet-ontvankelijk.</al></li><li nr="5."><al>Indien de aanvrager ontvankelijk is in zijn aanvraag,
                                        leggen burgemeester en wethouders de aanvraag voor een ieder ter inzage. De
                                ter inzage legging wordt op de gebruikelijke wijze bekend gemaakt,
                                waarbij mededeling wordt gedaan van de mogelijkheid om binnen een
                                termijn van veertien dagen bezwaren in te dienen bij burgemeester en
                                wethouders.</al></li><li nr="6."><al>Burgemeester en wethouders brengen de aanvraag en de
                                        daartegen ingebrachte bezwaren terstond ter kennis van de
                                        monumentencommissie.</al></li><li nr="7."><al>Binnen twee maanden na afloop van de bezwarentermijn brengt
                                        de momentencommissie haar advies uit aan burgemeester en
                                        wethouders.</al></li><li nr="8."><al>Burgemeester en wethouders beslissen op een aanvraag om
                                        vergunning binnen vier maanden na de indiening dan wel
                                        ontvankelijk-verklaring van de aanvraag. Zij kunnen
                                        hunbeslissing voor ten hoogste twee maanden verdagen;
                                        hiervan doen zijn de aanvrager onmiddellijk schriftelijk
                                        mededeling.</al></li><li nr="9."><al>Indien burgemeester en wethouders niet voldoen aan het
                                        achtste lid wordt de vergunning geacht te zijn
                                        verleend.</al></li><li nr="10."><al>Burgemeester en wethouders zenden onmiddellijk een
                                        afschrift van hun besluit aan de monumentencommissie en aan degenen die hun
                                bezwaren kenbaar hebben gemaakt.</al></li><li nr="11."><al>Een vergunning blijft buiten werking gedurende dertig dagen na de
                                datum waarop zijn is verleend danwel van rechtswege is verleend.
                                Indien gedurende die termijn beroep is ingesteld op grond van de Wet
                                administratieve rechtspraak overheidsbeschikkingen, blijft de
                                vergunning buiten werking totdat op dat beroep is beslist, tenzij
                                met toepassing van artikel 107 van de Wet op de Raad van State (Stb.
                                1986, 670) op een desbetreffend verzoek beslist wordt de schorsing
                                op te heffen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders nemen met betrekking tot een
                                kerkelijk monument geen beslissing ingevolge de bepalingen van artikel 6 dan
                                in overeenstemming met de eigenaar, indien en voor zover het betreft
                                een beslissing, waarbij wezenlijke belangen van de
                                godsdienstoefening in dat monument in het geding zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen aan een vergunning
                                    voorschriften verbinden in het belang van de
                                    monumentenzorg.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergunning kan voor een bepaalde tijd worden verleend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>de vergunning kan door burgemeester en wethouders worden
                                        ingetrokken indien:</al><lijst><li nr="a."><al>blijkt dat de vergunning ten gevolge van een
                                                onjuiste of onvolledige opgave is verleend;</al></li><li nr="b."><al>blijkt dat de vergunninghouder de voorschriften,
                                                bedoeld in artikel 8 niet naleeft;</al></li><li nr="c."><al>de omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zich
                                        zodanig hebben gewijzigd, dat het belang van het monument
                                        zwaarder dient te wegen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De vergunninghouder wordt van het voornemen tot
                                                intrekking in kennis gesteld en in de gelegenheid gesteld te worden gehoord.
                                Het besluit tot intrekking wordt met redenen omkleed en in
                                afschrift gezonden aan de monumentencommissie.</al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3</nr><titel>BESCHERMDE RIJKSMONUMENTEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders zenden onmiddellijk een afschrift van 
                            de aanvraag om vergunning voor een beschermd rijksmonument met de 
                            ingediende bezwaren aan de monumentencommissie na afloop van de 
                            termijn van veertien dagen, genoemd in artikel 12, lid 8, van de Monumentenwet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De monumentencommissie adviseert schriftelijk over de aanvraag binnen twee maanden na de datum van verzending van het afschrift.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij overschrijding van de in lid 2 genoemde termijn wordt de monumentencommissie geacht geadviseerd te hebben.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>4</nr><titel>SCHADEVERGOEDING</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien en voor zover blijkt dat een belanghebbende ten gevolge van:</al><lijst><li nr="a."><al>de weigering van burgemeester en wethouders wijziging aan te 
                            brengen in de gemeentelijke monumentenlijst;</al></li><li nr="b."><al>de weigering van burgemeester en wethouders een vergunning tot 
                            wijziging, afbraak of verwijdering van een gemeentelijk monument 
                            te verlenen;</al></li><li nr="c."><al>voorschriften door burgemeester en wethouders verbonden aan een</al><al>vergunning tot wijziging, afbraak of verwijdering van een gemeentelijk
                            monument; schade lijdt of zal lijden, die redelijkerwijze niet of niet
                            geheel te zijnen laste behoort te</al><al>blijven, kent de gemeenteraad hem op zijn verzoek te zijnen laste</al><al>behoort te blijven, ken de gemeenteraad hem op zijn verzoek een</al><al>naar billijkheid te bepalen schadevergoeding toe.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de behandeling van de verzoeken zijn de bepalingen van de</al><al>verordening ter regeling van de procedure bij toepassing van</al><al>artikel 49 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening van</al><al>overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>ARTIKEL</label><nr>5</nr><titel>STRAFBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Hij die handelt in strijd met artikel 5 van deze verordening
                                    wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie.</al></li><li nr="2."><al>Overtreding van artikel 5 van deze verordening kan
                                    bovendien worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke 
                                    uitspraak.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>6</nr><titel>SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De opsporing van de in artikel 12 strafbaar gestelde feiten is,</al><al>naast de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering</al><al>genoemde opsporingsambtenaren, opgedragen aan hen die door</al><al>burgemeester en wethouders met de zorg voor de naleving van deze</al><al>verordening belast zijn, ieder voor zover het de feiten betreft</al><al>die in de aanwijzing zijn vermeld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Zo dikwijls de zorg voor de naleving van deze verordening dit</al><al>vereist, wordt hierbij de last vertrekt al dan niet besloten</al><al>ruimten en plaatsen, met uitzondering van woningen, desnoods tegen</al><al>de wil van de rechthebbende, bewoner of gebruiker te betreden, aan</al><al>hen die en voor zover zij door het bevoegd gezag zijn met het</al><al>toezicht op de naleving van deze verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor zover deze verordening betrekking heeft op gemeentelijke</al><al>monumenten, treedt zij in werking op de derde dag na afkondiging.</al></li><li nr="2."><al>Voor zover deze verordening betrekking heeft op beschermde</al><al>rijksmonumenten, treedt zij in werking overeenkomstig het</al><al>bepaalde in artikel 15, tweede lid, van de Monumentenwet.</al></li><li nr="3."><al>De monumentenverordening, vastgesteld bij besluit van de</al><al>gemeenteraad van 30 juni 1983, vervalt.</al></li><li nr="4."><al>De monumentenlijst, vastgesteld op grond van de ingevolge het</al><al>vorige lid vervallen verordening, wordt geacht ingevolge deze</al><al>verordening te zijn vastgesteld.</al></li><li nr="5."><al>Verzoeken om vergunning als bedoeld in artikel 10 van de in</al><al>lid 3 genoemde verordening, die zijn ingediend voor de inwerkingtreding
                            van deze verordening, worden afgehandeld met</al><al>inachtneming van de artikelen 11, 12 en 13.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Monumentenverordening 1988.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 21 september</ondertekening><ondertekening>1989.</ondertekening><ondertekening>BAch/JK Malden, 21 september 1989</ondertekening><ondertekening>DE RAAD VOORNOEMD;</ondertekening><ondertekening>De secretaris, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>W.E. Keurntjes F.C.W. Grienberger.</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>