<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR52305_1</dcterms:identifier><dcterms:title>VERORDENING WET INBURGERING HOEKSCHE WAARD</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Strijen</dcterms:creator><dcterms:modified>2007-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hoeksche Waard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening wet inburgering Hoeksche Waard</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:0020611&amp;artikel=8">Wet inburgering, art. 8</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:0020611&amp;artikel=19">Wet inburgering, art. 19, lid 5</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:0020611&amp;artikel=23">Wet inburgering, art. 23, lid 3</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:0020611&amp;artikel=35">Wet inburgering, art. 35</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2006-12-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING WET INBURGERING HOEKSCHE WAARD </intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De raad van de gemeente Strijen; </al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 8 december 2006; </al><al>gelet op de artikelen 8, 19, vijfde lid, 23, derde lid, en 35 van de Wet
                        inburgering; </al><al>overwegende dat de raad bij verordening regels dient te stellen over de
                        informatieverstrekking door de gemeente aan inburgeringsplichtige, het
                        aanbieden van een inburgeringsvoorziening aan bijzondere groepen
                        inburgeringsplichtige en de rechten en plichten van de inburgeringsplichtige
                        voor wie een inburgeringsvoorziening is vastgesteld, alsmede dat de raad bij
                        verordening het bedrag dient vast te stellen van de bestuurlijke boete die
                        voor de verschillende overtredingen kan worden opgelegd; </al><al>besluit vast te stellen de volgende verordening:</al><al><vet>VERORDENING WET INBURGERING HOEKSCHE WAARD </vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen en informatieverstrekking</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al> het college: het college van burgemeester en wethouders van
                                        de gemeente Strijen; </al></li><li nr="b."><al> de wet: de Wet inburgering; </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De begripsomschrijvingen in de wet en de daarop berustende
                                regelingen zijn van toepassing op de begrippen die in deze
                                verordening worden gebruikt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>De informatieverstrekking aan inburgeringsplichtige</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor dat de inburgeringsplichtige op een
                                doeltreffende en doelmatige wijze worden geïnformeerd over hun
                                rechten en plichten uit hoofde van de wet en over het aanbod van en
                                de toegang tot inburgeringsvoorzieningen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college maakt bij de informatieverstrekking aan de
                                inburgeringsplichtige in ieder geval gebruik van de volgende
                                middelen:</al><lijst><li nr="a."><al> het toezenden van schriftelijk voorlichtingsmateriaal aan
                                        personen ten aanzien van wie al dan niet op grond van
                                        gegevens uit het Bestand Potentiële Inburgeringsplichtige
                                        redelijkerwijs kan worden aangenomen dat zij
                                        inburgeringsplichtige zijn; </al></li><li nr="b."><al> het inrichten van een informatiepunt in de Hoeksche Waard;
                                    </al></li><li nr="c."><al> het inrichten van een digitaal informatiepunt op de website
                                        van de gemeente en het uitvoeringsorgaan. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college beoordeelt tenminste eens in de twee jaren de
                                doeltreffendheid en doelmatigheid van de informatieverstrekking aan
                                de inburgeringsplichtige en rapporteert daarover aan de raad.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Doelgroepen en samenstelling van de inburgeringsvoorziening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Aanwijzen van de doelgroepen</titel></kop><al>Het college wijst de groepen inburgeringsplichtige aan waaraan hij bij
                            voorrang een inburgeringsvoorziening kan aanbieden op basis van de
                            volgende criteria: </al><lijst><li nr="a."><al> uitkeringsgerechtigden die beschikbaar moeten zijn voor de
                                    arbeidsmarkt; </al></li><li nr="b."><al> niet-uitkeringsgerechtigden zonder betaalde baan (veelal
                                    vrouwen in een achterstandspositie, met kinderen tot 18 jaar);
                                </al></li><li nr="c."><al> geestelijke dienaren. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>De samenstelling van de inburgeringsvoorziening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stemt de inburgeringsvoorziening, met uitzondering van
                                de inburgeringsvoorziening aan geestelijke bedienaren, af op het
                                startniveau en de vaardigheden, de persoonlijke omstandigheden en de
                                maatschappelijke positie van de inburgeringsplichtige.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de inburgeringsplichtige een voorziening gericht op
                                arbeidsinschakeling wordt aangeboden, draagt het college er zorg
                                voor dat de inburgeringsvoorziening op de voorziening gericht op
                                arbeidsinschakeling wordt afgestemd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een inburgeringsvoorziening kan, naast datgene dat in de wet is
                                geregeld, een of meer van de volgende onderdelen bevatten:</al><lijst><li nr="a."><al> Nederlandse taal en samenleving; </al></li><li nr="b."><al> opvoedingsondersteuning. </al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>De inning van de eigen bijdrage</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De eigen bijdrage, bedoeld in artikel 23, tweede lid, van de wet
                                wordt in ten hoogste 12 termijnen betaald.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college legt in de beschikking tot toekenning van een
                                inburgeringsvoorziening de termijnen van betaling vast. Indien het
                                college de eigen bijdrage verrekent met de algemene bijstand, wordt
                                dat in de beschikking vastgelegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Opleggen van verplichtingen</titel></kop><al>Het college kan een inburgeringsplichtige bij beschikking een of meer
                            van de volgende verplichtingen opleggen: </al><lijst><li nr="a."><al> het deelnemen aan de aangeboden inburgeringscursus; </al></li><li nr="b."><al> het deelnemen aan gesprekken met de trajectbegeleider; </al></li><li nr="c."><al> het deelnemen aan voortgangsgesprekken; </al></li><li nr="d."><al> het deelnemen aan het inburgeringsexamen op een tijdstip dat
                                    door het college wordt bepaald; </al></li><li nr="e."><al> het melden indien door ziekte dan wel door andere relevante
                                    omstandigheden niet aan de verplichtingen in de beschikking kan
                                    worden voldaan; </al></li><li nr="f."><al> direct alles melden wat van invloed kan zijn op het
                                    inburgeringsvoorziening. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Het aanbod van een inburgeringsvoorziening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>De procedure van het doen van een aanbod</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college doet het aanbod, bedoeld in artikel 19, eerste of tweede
                                lid, van de wet schriftelijk. Het aanbod wordt gezonden naar het
                                adres waar de inburgeringsplichtige in de gemeentelijke
                                basisadministratie is ingeschreven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In het aanbod wordt een omschrijving gegeven van de
                                inburgeringsvoorziening die wordt aangeboden en worden de rechten en
                                verplichtingen vermeld die aan de inburgeringsvoorziening worden
                                verbonden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De inburgeringsplichtige aan wie een aanbod wordt gedaan, deelt
                                binnen twee weken het college schriftelijk mee of hij het aanbod al
                                dan niet aanvaardt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Wanneer de inburgeringsplichtige het aanbod aanvaardt, neemt het
                                college binnen twee weken na ontvangst van deze mededeling het
                                besluit tot toekenning van de inburgeringsvoorziening,
                                overeenkomstig het gedane aanbod.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>De inhoud van de beschikking</titel></kop><al>Het besluit tot toekenning van een inburgeringsvoorziening bevat in
                            ieder geval: </al><lijst><li nr="a."><al> een beschrijving van de inburgeringsvoorziening; </al></li><li nr="b."><al> een opgave van de rechten en verplichtingen van de
                                    inburgeringsplichtige; </al></li><li nr="c."><al> de datum waarop het inburgeringsexamen moet zijn behaald; </al></li><li nr="d."><al> de termijnen en wijze van betaling; en </al></li><li nr="e."><al> ingeval van een oudkomer: de datum waarop de termijn van
                                    handhaving van de inburgeringsplicht, bedoeld in artikel 26 van
                                    de wet, aanvangt. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>De bestuurlijke boete</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>De hoogte van de bestuurlijke boetes voor de verschillende
                                overtredingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 100,00 indien de
                                inburgeringsplichtige of de persoon ten aanzien van wie het college
                                op redelijke gronden kan vermoeden dat deze inburgeringsplichtige is
                                geen of onvoldoende medewerking verleent aan het onderzoek, bedoeld
                                in artikel 25, vierde lid, van de wet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 150,00 indien de
                                inburgeringsplichtige geen of onvoldoende medewerking verleent aan
                                de uitvoering van de voor hem vastgestelde inburgeringsvoorziening,
                                bedoeld in artikel 23, eerste lid, van de wet of aan de
                                verplichtingen, bedoelt in artikel 6 van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 150,00 indien de
                                inburgeringsplichtige niet binnen de in artikel 7, eerste lid, van
                                de wet bedoelde termijn of binnen de door het college op grond van
                                artikel 31, tweede lid, onderdeel a, van de wet verlengde termijn
                                het inburgeringsexamen heeft behaald.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Verhoging van de bestuurlijke boete bij herhaling van de
                                overtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 9,
                                eerste lid, bedraagt ten hoogste € 200,00 indien de
                                inburgeringsplichtige zich binnen twaalf maanden na de vorige als
                                verwijtbaar aangemerkte overtreding opnieuw schuldig maakt aan
                                dezelfde overtreding.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 9,
                                tweede lid, bedraagt ten hoogste € 300,00 indien de
                                inburgeringsplichtige zich binnen twaalf maanden na de vorige als
                                verwijtbaar aangemerkte overtreding opnieuw schuldig maakt aan
                                dezelfde overtreding.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 250,00 indien de
                                inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van
                                artikel 32 van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen
                                heeft behaald.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 350,00 indien de
                                inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van
                                artikel 33 van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen
                                heeft behaald.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2007 </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>De verordening wordt aangehaald als: Verordening Wet inburgering Hoesche
                            Waard. </al><al/><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Strijen, gehouden op 19 december 2006. </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, de voorzitter, </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>M.A. Bourdrez J.P.M. Klijs </ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>