<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR50968_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Exploitatieverordening 2002</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Lingewaard</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-03-19</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Lingewaard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Nieuwe Koerier, 06-11-2002</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Exploitatieverordening 2002</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0020449&amp;artikel=42">Wet op de Ruimtelijke Ordening, art. 42</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=122">Gemeentewet, art. 122</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005537">Algemene Wet Bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2002-10-31</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2002-12-20</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2008-07-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Besluitnummer 123/2002</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de Exploitatieverordening Bemmel 1993”, zoals vastgesteld bij raadsbesluit van de voormalige gemeente Bemmel, bij raadsbesluit d.d. 27 mei 1993 en gewijzigd bij raadsbesluit d.d. 28 november 1996, de “Exploitatieverordening gemeente Huissen 1996”, zoals vastgesteld door de raad van de voormalige gemeente Huissen, thans gemeente Bemmel bij raadsbesluit van 21 november 1996 en de “Exploitatieverordening 1994” zoals vastgesteld door de raad van de voormalige gemeente Gendt, thans gemeente Gendt, bij raadsbesluit d.d. 13 september 1994.</al><al>Artikel 12 bevat overgangsbepalingen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Exploitatieverordening 2002</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>BESLUIT NR. 123/2002</vet></al><al><vet>Onderwerp:</vet></al><al/><al><onderstreept>Exploitatieverordening 2002</onderstreept></al><al>DE RAAD VAN DE GEMEENTE BEMMEL;</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 22 oktober
                        2002;</al><al>gehoord de commissie RO/AZ d.d. 15 oktober 2002;</al><al>gelet op het bepaalde in artikel 42 van de Wet op de Ruimtelijke
                        Ordening, artikel 222 Gemeentewet en de Algemene Wet Bestuursrecht;</al><al>B E S L U I T:</al><al>besluit vast te stellen de volgende verordening houdende de voorwaarden
                        waaronder de gemeente medewerking zal verlenen aan het in exploitatie
                        brengen van gronden vast te stellen de: </al><al><vet>EXPLOITATIEVERORDENING 2002</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Algemene begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder</al><lijst><li nr="a"><al><cursief>medewerking aan het in exploitatie brengen van
                                        gronden:</cursief> het door of met medewerking van de
                                    gemeente treffen van voorzieningen van openbaar nut, waardoor de
                                    in het exploitatiegebied gelegen onroerende zaken gebaat
                                    worden;</al></li><li nr="b"><al><cursief>exploitatiegebied:</cursief> een als zodanig door de
                                    gemeenteraad aangewezen gebied, dat gebaat is door de aanleg van
                                    voorzieningen van openbaar nut;</al></li><li nr="c"><al><cursief>exploitant:</cursief> de genothebbende krachtens
                                    eigendom, bezit of beperkt recht of anderszins rechthebbende van
                                    een in het exploitatiegebied gelegen onroerende zaak welke door
                                    het treffen van voorzieningen van openbaar nut gebaat is;</al></li><li nr="d"><al><cursief>exploitatie-overeenkomst:</cursief> de overeenkomst,
                                    onder welke naam dan ook gesloten, waarin de gemeente met een
                                    exploitant de voorwaarden overeenkomt waaronder de gemeente
                                    voorzieningen van openbaar nut zal treffen of daaraan
                                    medewerking zal verlenen;</al></li><li nr="e"><al><cursief>aangevuld bekostigingsbesluit:</cursief> een besluit
                                    van de gemeenteraad waarin niet alleen overeenkomstig artikel
                                    222 Gemeentewet, wordt besloten in welke mate de aan de
                                    voorzieningen verbonden lasten zullen kunnen worden verhaald op
                                    een daarbij aangeduid gebied, maar waarin ook een omschrijving
                                    van de voorzieningen van openbaar nut en een begroting van
                                    kosten en opbrengsten is opgenomen;</al></li><li nr="f"><al><cursief>voorzieningen van openbaar nut, waardoor de in het
                                        exploitatiegebied gelegen onroerende zaken gebaat
                                        worden:</cursief> onder meer:</al><lijst><li nr="1"><al>riolering, met inbegrip van bijbehorende werken;</al></li><li nr="2"><al>wegen, parkeergelegenheden, pleinen, trottoirs, voet- en
                                            rijwielpaden, straatmeubilair, waterpartijen,
                                            watergangen, bruggen, tunnels en andere rechtstreeks met
                                            de aanleg en inrichting van deze voorzieningen en
                                            kunstwerken verband houdende werken;</al></li><li nr="3"><al>plantsoenen en andere groenvoorzieningen, waaronder
                                            begrepen de aanleg en inrichting van openbare
                                            speelplaatsen en speelweiden alsmede de sierende
                                            elementen welke rechtstreeks voortvloeien uit een juiste
                                            uitvoering van een verzorgd bestemmingsplan;</al></li><li nr="4"><al>openbare verlichting en brandkranen met de nodige
                                            aansluitingen;</al></li><li nr="5"><al>waterhuishoudkundige voorzieningen, met inbegrip van
                                            drainagevoorzieningen;</al></li></lijst></li><li nr="g"><al><cursief>afstand van gronden aan de gemeente:</cursief>
                                    eigendomsoverdracht van gronden aan de gemeente.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Kosten van exploitatie</titel></kop><al>Voor de berekening ten behoeve van de begroting van kosten en ten
                            behoeve van de vaststelling van exploitatiebijdragen, wordt onder de
                            kosten, verband houdende met het verlenen van medewerking aan het in
                            exploitatie brengen van grond begrepen:</al><lijst><li nr="1"><al>De inbrengwaarde van alle binnen het exploitatiegebied gelegen
                                    gronden, zijnde:</al><lijst><li nr="a"><al>de waarde van de grond;</al></li><li nr="b"><al>de waarde van de opstallen, die voor de verwezenlijking
                                            van de bestemming niet gehandhaafd kunnen worden;</al></li><li nr="c"><al>de kosten van het vrijmaken van de gronden van
                                            opstallen;</al></li><li nr="d"><al>de kosten van vrijmaken van de grond van zich in de
                                            grond bevindende resten, zoals funderingen, leidingen en
                                            kabels, en van persoonlijke rechten en lasten, eigendom,
                                            bezit of beperkt recht, zakelijke lasten, alsmede de
                                            kosten van schadevergoedingen.</al></li></lijst></li><li nr="2"><al>De kosten van aanleg binnen een exploitatiegebied door de
                                    gemeente van de onder artikel 1, onder f omschreven
                                    voorzieningen van openbaar nut.</al></li><li nr="3"><al>De kosten van aanleg van voorzieningen van openbaar nut buiten
                                    het exploitatiegebied voor zover de binnen het exploitatiegebied
                                    liggende onroerende zaken door deze voorzieningen direct dan wel
                                    indirect gebaat zijn.</al></li><li nr="4"><al>De kosten van:</al><lijst><li nr="a"><al>het dempen van sloten en het verrichten van grondwerken
                                            ten behoeve van voorzieningen van openbaar nut met
                                            inbegrip van het egaliseren, ophogen en afgraven;</al></li><li nr="b"><al>het verrichten van bodemonderzoek en -sanering,
                                            voorzover het de ondergrond van voorzieningen van
                                            openbaar nut betreft en voorzover verhaal bij derden van
                                            de daarmee verband houdende kosten niet in de rede ligt;
                                        </al></li><li nr="c"><al>in verband met de milieuwetgeving of milieutechnisch
                                            noodzakelijke maatregelen en voorzieningen ter
                                            uitvoering van een bestemmingsplan;</al></li><li nr="d"><al>de verwerving van de ondergrond van voorzieningen van
                                            openbaar nut buiten het exploitatiegebied; </al></li><li nr="e"><al>het slopen van opstallen op de ondergrond van
                                            voorzieningen van openbaar nut buiten het
                                            exploitatiegebied;</al></li><li nr="f"><al>alle overige werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor
                                            het verlenen van medewerking aan het in exploitatie
                                            brengen van gronden, in ieder geval:</al><lijst><li nr="1"><al>de kosten van planontwikkeling,
                                                  planvoorbereiding en planbeheer en plantoezicht.
                                                  Onder deze kosten wordt ten minste verstaan: de
                                                  kosten verband houdende met het opstellen van
                                                  structuurplannen en bestemmingsplannen, het
                                                  opstellen van planmatige uitwerkingen of
                                                  wijzigingen, het vervaardigen van besluiten tot
                                                  het verlenen van vrijstelling van een
                                                  bestemmingsplan alsmede van overige planologische
                                                  maatregelen voorzover deze nodig zijn voor het in
                                                  exploitatie brengen van gronden binnen het
                                                  exploitatiegebied;</al></li><li nr="2"><al>de kosten verband houdende met onderzoeken,
                                                  voorbereiding en toezicht ten behoeve van de
                                                  voorzieningen van openbaar nut voorzover deze
                                                  verband houden met het in exploitatie brengen van
                                                  gronden binnen het exploitatiegebied;</al></li><li nr="3"><al>de kosten van het gemeentelijk apparaat,
                                                  voorzover die rechtstreeks aan het in exploitatie
                                                  brengen van gronden kunnen worden
                                                  toegerekend;</al></li><li nr="4"><al>de rente van geïnvesteerde kapitalen en overige
                                                  lasten, verminderd met rente-opbrengsten;</al></li><li nr="5"><al>de kosten van tijdelijk beheer van de ondergrond
                                                  van voorzieningen van openbaar nut, zijnde de
                                                  kosten die tengevolge van een noodzakelijk actief
                                                  verwervingsbeleid worden gemaakt en niet dan wel
                                                  niet geheel door middel van tijdelijke verhuur
                                                  worden gedekt;</al></li><li nr="6"><al>overige kosten, die in beginsel ten laste van de
                                                  grondexploitatie behoren te worden gebracht.</al></li></lijst></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2</nr><titel>In exploitatie brengen op initiatief van de gemeente</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vaststelling aangevuld bekostigingsbesluit </titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Voordat op initiatief van de gemeente met het treffen van
                                    voorzieningen van openbaar nut in een exploitatiegebied wordt
                                    aangevangen, wordt door de gemeenteraad een aangevuld
                                    bekostigingsbesluit voor dat exploitatiegebied vastgesteld en
                                    bekendgemaakt op de wijze zoals bedoeld in artikel 139
                                    Gemeentewet.</al></li><li nr="2"><al>Het aangevuld bekostigingsbesluit bevat in ieder geval de
                                    volgende onderdelen:</al><lijst><li nr="a"><al>aanduiding van het exploitatiegebied en aanwijzing van
                                            de daarin gelegen onroerende zaken die gebaat zijn door
                                            de aanleg van voorzieningen van openbaar nut;</al></li><li nr="b"><al>aanduiding van de mate waarin de kosten, verband
                                            houdende met het verlenen van medewerking aan het in
                                            exploitatie brengen van gronden, op de genothebbenden
                                            van de in het vorige lid bedoelde onroerende zaken
                                            kunnen worden verhaald; </al></li><li nr="c"><al>omschrijving van de van gemeentewege uit te voeren
                                            voorzieningen van openbaar nut en daarmee verband
                                            houdende werkzaamheden;</al></li><li nr="d"><al>de bepaling dat, in geval met een exploitant niet tot
                                            overeenstemming kan worden gekomen over een
                                            exploitatie-overeenkomst, kostenverhaal zal kunnen
                                            plaatsvinden door middel van heffing van
                                            baatbelasting;</al></li><li nr="e"><al>een begroting van de ten laste van de onroerende zaken
                                            in het exploitatiegebied komende kosten, verband
                                            houdende met het verlenen van medewerking aan het in
                                            exploitatie brengen van grond, en van de ten gunste van
                                            het in exploitatie nemen van gronden komende
                                            opbrengsten. De opbrengsten bestaan uit:</al><lijst><li nr="1"><al>subsidies;</al></li><li nr="2"><al>verkoop van gronden;</al></li><li nr="3"><al>bijdragen in de kosten van aanleg van
                                                  voorzieningen van openbaar nut, hetzij via
                                                  overeenkomst hetzij via baatbelasting;</al></li><li nr="4"><al>overige bijdragen. Van deze begroting maakt
                                                  eveneens deel uit de wijze van toerekening van de
                                                  totale kosten en opbrengsten aan de onroerende
                                                  zaken in het exploitatiegebied, zoveel mogelijk
                                                  naar de mate van het profijt dat de onroerende
                                                  zaken hebben van het samenhangend geheel van
                                                  voorzieningen van openbaar nut.</al></li></lijst></li></lijst></li><li nr="3"><al>In het aangevuld bekostigingsbesluit kan worden bepaald dat de
                                    begroting als bedoeld in het tweede lid onder e later door de
                                    gemeenteraad wordt vastgesteld. De begroting kan door de
                                    gemeenteraad periodiek worden herzien. De begroting wordt
                                    bekendgemaakt op de wijze als bedoeld in artikel 139
                                    Gemeentewet. </al></li><li nr="4"><al>Voor de berekening van de in het tweede lid onder e bedoelde
                                    kosten wordt ervan uitgegaan dat het exploitatiegebied in zijn
                                    geheel door de gemeente in exploitatie zal worden gebracht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Wijze van toerekening naar mate van profijt</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Voor de toerekening van het profijt wordt als rekeneenheid
                                    gebruikt het gemiddelde bedrag van de ten nutte van het
                                    exploitatiegebied gemaakte of te maken kosten per m2
                                    grondoppervlakte.</al></li><li nr="2"><al>Onder de grondoppervlakte wordt verstaan de kadastrale
                                    oppervlakte van de onroerende zaken, waar mogelijk ingedeeld
                                    naar de in een bestemmingsplan opgenomen geprojecteerde kavels
                                    (bouw)grond, vermenigvuldigd met factoren voor ligging en
                                    bestemming en objectieve gebruiksmogelijkheid, waarin het
                                    profijt van de van gemeentewege getroffen voorzieningen van
                                    openbaar nut tot uitdrukking komt.</al></li><li nr="3"><al>Ingeval de toerekening op basis van m2 grondoppervlakte geen
                                    geschikte grondslag blijkt te zijn, geschiedt de toerekening op
                                    basis van een nader door de gemeenteraad te bepalen grondslag,
                                    welke voorziet in de aanwezige verschillen in profijt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Vaststelling exploitatiebijdrage</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>De exploitant betaalt als bijdrage in de kosten verband houdende
                                    met het verlenen van medewerking aan het in exploitatie brengen
                                    van gronden het bedrag dat volgens de in de begroting als
                                    bedoeld in artikel 3, tweede lid onder e uitgewerkte wijze aan
                                    zijn onroerende zaak wordt toegerekend, vermeerderd met de
                                    kosten op de afstand van de gronden bestemd voor de aanleg en/of
                                    aanpassing van voorzieningen van openbaar nut vallende en de
                                    kosten van kadastrale uitmeting, en verminderd met de
                                    inbrengwaarde van de bij de exploitant in eigendom zijnde en
                                    voor exploitatie bedoelde gronden en van de gronden welke zijn
                                    bestemd voor het treffen van voorzieningen van openbaar nut en
                                    door exploitant aan de gemeente worden afgestaan.</al></li><li nr="2"><al>De waarde van de in het eerste lid bedoelde grond die door de
                                    exploitant is ingebracht wordt door de gemeente en de exploitant
                                    gezamenlijk door middel van taxatie vastgesteld. Indien hierover
                                    geen overeenstemming kan worden bereikt, wordt deze waarde
                                    vastgesteld door een commissie van drie deskundigen, van wie een
                                    aan te wijzen door de gemeente, een door de exploitant en een
                                    derde door de beide reeds aangewezen deskundigen of, indien zij
                                    het daarover niet eens kunnen worden, door de terzake bevoegde
                                    kantonrechter.</al></li><li nr="3"><al>Indien de exploitant zelf conform artikel 6, derde lid, onder e
                                    voorzieningen van openbaar nut aanlegt bestaat de
                                    exploitatiebijdrage uit de bijdrage, zoals deze op grond van het
                                    eerste lid van dit artikel wordt bepaald, verminderd met de
                                    kosten van de door exploitant uit te voeren werkzaamheden,
                                    voorzover deze kosten corresponderen met de begroting van kosten
                                    zoals bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder e.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Inhoud exploitatie-overeenkomst</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Het verhaal van kosten verband houdende met het verlenen van
                                    medewerking aan het in exploitatie brengen van gronden vindt
                                    plaats met inachtneming van de voorgaande artikelen. Van de
                                    exploitatie-overeenkomst wordt een akte opgemaakt. Indien de
                                    exploitatie-overeenkomst mede een grondtransactie betreft, is
                                    dit een notariële akte.</al></li><li nr="2"><al>Burgemeester en wethouders besluiten tot het aangaan van een
                                    exploitatie-overeenkomst op initiatief van de gemeente slechts
                                    nadat een aangevuld bekostigingsbesluit is vastgesteld.</al></li><li nr="3"><al>De exploitatie-overeenkomst bevat in ieder geval bepalingen
                                    over:</al><lijst><li nr="a"><al>de aard, omvang en kwaliteit van de door de gemeente of
                                            exploitant aan te leggen voorzieningen van openbaar
                                            nut;</al></li><li nr="b"><al>het tijdvak waarbinnen deze voorzieningen worden
                                            uitgevoerd;</al></li><li nr="c"><al>de ten laste van de exploitant komende bijdrage als
                                            bedoeld in artikel artikel 5, eerste lid;</al></li><li nr="d"><al>in voorkomende gevallen de afstand van gronden aan de
                                            gemeente, voorzover die gronden zijn bestemd voor de
                                            aanleg of aanpassing van voorzieningen van openbaar nut,
                                            en in deze gevallen het verrichten van onderzoek naar
                                            bodemverontreiniging op kosten van exploitant;</al></li><li nr="e"><al>in gevallen waarbij burgemeester en wethouders besluiten
                                            de gehele of gedeeltelijke uitvoering van de door de
                                            gemeente aan te leggen voorzieningen van openbaar nut
                                            aan de exploitant op te dragen: deze opdracht en de
                                            waarborging van een tijdige en kwalitatief goede
                                            uitvoering;</al></li><li nr="f"><al>een betalingsregeling;</al></li><li nr="g"><al>in voorkomende gevallen een taakverdeling;</al></li><li nr="h"><al>in voorkomende gevallen een regeling voor gewijzigde
                                            omstandigheden, wanprestatie, aansprakelijkheid en
                                            faillissement.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3</nr><titel>In exploitatie brengen op verzoek van exploitant</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Indiening aanvraag voor medewerking</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Een belanghebbende kan bij burgemeester en wethouders een
                                    aanvraag indienen voor medewerking aan het in exploitatie
                                    brengen van gronden.</al></li><li nr="2"><al>Burgemeester en wethouders verlenen slechts medewerking aan het
                                    op aanvraag van exploitant in exploitatie brengen van gronden
                                    krachtens een exploitatie-overeenkomst als bedoeld in artikel 6,
                                    met dien verstande dat artikel 6, tweede lid in dat geval niet
                                    van toepassing is.</al></li><li nr="3"><al>Bij de aanvraag dient in ieder geval te worden gevoegd:</al><lijst><li nr="a"><al>een nauwkeurige omschrijving van de in exploitatie te
                                            brengen onroerende zaken;</al></li><li nr="b"><al>gegevens, waaruit blijkt dat de belanghebbende
                                            genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht
                                            van de in exploitatie te brengen onroerende zaken is of
                                            kan worden;</al></li><li nr="c"><al>gegevens omtrent de door belanghebbende te treffen
                                            (bouw)werkzaamheden.</al></li></lijst></li><li nr="4"><al>Ingeval door burgemeester en wethouders een aanvraag voor een
                                    bouwvergunning, eventueel in combinatie met een aanvraag voor
                                    vrijstelling, wordt ontvangen, waarbij in geval van verlening
                                    van de vrijstelling en/of bouwvergunning van gemeentewege
                                    voorzieningen van openbaar nut moeten worden getroffen, wordt
                                    hiervan zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval voor de
                                    beslissing op de aanvraag mededeling gedaan aan de aanvrager.
                                    Daarbij zal een zo nauwkeurig mogelijke raming van de voor
                                    rekening van de exploitant komende kosten, verband houdende met
                                    het in exploitatie brengen van gronden, worden verstrekt. Tevens
                                    zal daarbij aan de aanvrager de gelegenheid worden gegeven tot
                                    het indienen van een aanvraag voor medewerking.</al></li><li nr="5"><al>Burgemeester en wethouders reageren op de aanvraag voor
                                    medewerking, hetzij met een weigering hetzij met de aanbieding
                                    van een concept-overeenkomst, binnen zes maanden na de dag
                                    waarop het verzoek is ontvangen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Aanhouding verzoek</titel></kop><al>De reactie op een aanvraag kan worden aangehouden:</al><lijst><li nr="a"><al>ingeval de procedure tot goedkeuring van een van toepassing
                                    zijnd bestemmingsplan of een herziening daarvan nog niet is
                                    afgerond, tot vier weken na het onherroepelijk worden van (het
                                    betreffende deel van) het bestemmingsplan of de herziening
                                    daarvan;</al></li><li nr="b"><al>ingeval voorzienbaar is dat de in artikel 9 genoemde
                                    belemmeringen binnen afzienbare tijd zullen kunnen worden
                                    weggenomen, tot vier weken nadat deze belemmeringen zijn
                                    weggenomen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>4</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Weigeringsgronden voor een exploitatie-overeenkomst</titel></kop><al>De medewerking aan het in exploitatie brengen van gronden behoeft in
                            ieder geval niet te worden verleend, indien:</al><lijst><li nr="a"><al>de in exploitatie te brengen grond niet is gelegen in een gebied
                                    waarvoor een bestemmingsplan geldt;</al></li><li nr="b"><al>de door de exploitant aangegeven (bouw)werkzaamheden of de
                                    daartoe benodigde voorzieningen van openbaar nut zouden leiden
                                    tot strijd met het bestemmingsplan of de Woningwet;</al></li><li nr="c"><al>het treffen van de voorzieningen, hoewel overeenkomstig een
                                    bestemmingsplan, anderszins zou leiden tot strijd met belangen
                                    van een doeltreffende uitbreiding van bebouwing of
                                    herinrichting;</al></li><li nr="d"><al>het in exploitatie brengen van grond anderszins zou leiden tot
                                    ten laste van de gemeente blijvende kosten van voorzieningen van
                                    openbaar nut of tot bezwaren ten aanzien van het doeltreffend
                                    voorzien in watervoorziening, openbare verlichting, riolering en
                                    andere voorzieningen van openbaar nut;</al></li><li nr="e"><al>exploitant geen afstand wil doen van gronden ten behoeve van
                                    aanleg van voorzieningen van openbaar nut;</al></li><li nr="f"><al>exploitant de ondergrond van voorzieningen van openbaar nut niet
                                    wil onderzoeken op de aanwezigheid van bodemverontreiniging, dan
                                    wel de bodem niet wil saneren wanneer dat noodzakelijk is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Relatie baatbelasting</titel></kop><al>In een gebied waarvoor een aangevuld bekostigingsbesluit is genomen,
                            zal, indien de exploitant een exploitatie-overeenkomst aangaat, in de
                            overeenkomst worden bepaald dat, met betrekking tot de uitvoering van de
                            in deze overeenkomst genoemde voorzieningen van openbaar nut, geen
                            aanvullend kostenverhaal op basis van baatbelasting ten laste van de
                            betreffende onroerende zaak zal plaatsvinden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Uitzonderingsbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>De artikelen 2, eerste lid, 3, 5, en 6 van deze verordening zijn
                                    niet van toepassing voor voorzieningen van openbaar nut van
                                    ondergeschikt belang, zoals een uitweg op de openbare weg of een
                                    aansluiting op het openbare riool. In dergelijke gevallen
                                    besluiten burgemeester en wethouders onder welke voorwaarden
                                    deze voorzieningen van openbaar nut door of met medewerking van
                                    de gemeente zullen worden aangelegd.</al></li><li nr="2"><al>Het bepaalde in artikel 2, onder 1, voor zover geen betrekking
                                    hebbend op de ondergrond van voorzieningen van openbaar nut, en
                                    artikel 5, eerste en tweede lid van deze verordening kan buiten
                                    toepassing blijven ten aanzien van </al><lijst><li nr="a"><al>een exploitatiegebied dat in de naaste toekomst niet of
                                            niet geheel voor bebouwing in aanmerking komt;</al></li><li nr="b"><al>de in een exploitatiegebied gelegen gronden die in de
                                            naaste toekomst niet voor bebouwing in aanmerking
                                            komen.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>5</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overgangsbepalingen</titel></kop><al><vet>Overgangsbepaling ten aanzien van de “Exploitatieverordening Bemmel
                            1993”</vet></al><al>Ingeval voor het moment van inwerkingtreding van deze verordening een
                            aangevuld bekostigingsbesluit is genomen danwel een aanvraag als bedoeld
                            in artikel 7 is ingediend en de gronden waarop het aangevuld
                            bekostigingsbesluit is genomen danwel de aanvraag als bedoeld in artikel
                            7 is ingediend liggen binnen het grondgebied van de voormalige gemeente
                            Bemmel, dan kan de exploitatie-overeenkomst worden gebaseerd op de
                            Exploitatieverordening Bemmel 1993, zoals vastgesteld in de raad van de
                            voormalige gemeente Bemmel, bij raadsbesluit van 27 mei 1993 en
                            gewijzigd bij raadsbesluit van 28 november 1996.</al><al/><al><vet>Overgangsbepaling ten aanzien van de “Exploitatieverordening gemeente
                            Huissen 1996”</vet></al><al>Ingeval voor het moment van inwerkingtreding van deze verordening een
                            aangevuld bekostigingsbesluit is genomen danwel een aanvraag als bedoeld
                            in artikel 7 is ingediend en de gronden waarop het aangevuld
                            bekostigingsbesluit is genomen danwel de aanvraag als bedoeld in artikel
                            7 is ingediend liggen binnen het grondgebied van de voormalige gemeente
                            Huissen, dan kan de exploitatie-overeenkomst worden gebaseerd op de
                            Exploitatieverordening gemeente Huissen 1996, zoals vastgesteld door de
                            raad van de voormalige gemeente Huissen, thans gemeente Bemmel bij
                            raadsbesluit van 21 november 1996.</al><al/><al><vet>Overgangsbepaling ten aanzien van de “Exploitatieverordening
                            1994”</vet></al><al>Ingeval voor het moment van inwerkingtreding van deze verordening een
                            aangevuld bekostigingsbesluit is genomen danwel een aanvraag als bedoeld
                            in artikel 7 is ingediend en de gronden waarop het aangevuld
                            bekostigingsbesluit is genomen danwel de aanvraag als bedoeld in artikel
                            7 is ingediend liggen binnen het grondgebied van de voormalige gemeente
                            Gendt, dan kan de exploitatie-overeenkomst worden gebaseerd op de
                            Exploitatieverordening 1994, zoals vastgesteld in de raad van de
                            voormalige gemeente Gendt, thans gemeente Bemmel bij raadsbesluit van 13
                            september 1994.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1"><al>Deze verordening treedt in werking op 20 december 2002 op de
                                    wijze als bedoeld in artikel 139 Gemeentewet. </al></li><li nr="2"><al>Op hetzelfde tijdstip vervallen de de “Exploitatieverordening
                                    Bemmel 1993”, zoals vastgesteld bij raadsbesluit van de
                                    voormalige gemeente Bemmel, bij raadsbesluit d.d. 27 mei 1993 en
                                    gewijzigd bij raadsbesluit d.d. 28 november 1996, de
                                    “Exploitatieverordening gemeente Huissen 1996”, zoals
                                    vastgesteld door de raad van de voormalige gemeente Huissen,
                                    thans gemeente Bemmel bij raadsbesluit van 21 november 1996 en
                                    de “Exploitatieverordening 1994” zoals vastgesteld door de raad
                                    van de voormalige gemeente Gendt, thans gemeente Gendt, bij
                                    raadsbesluit d.d. 13 september 1994 en </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 14 Citeertitel </label></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Exploitatieverordening
                            2002”</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in zijn openbare vergadering van 31 oktober 2002.</ondertekening><ondertekening>DE RAAD VOORNOEMD,</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>mr. G.S. Stam drs. R.J. Persoon</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>