<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR50573_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen voor de gemeente Lansingerland 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Lansingerland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-10-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Lansingerland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Intranet / De Heraut, 24-12-2008</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beheerverordening gemeentelijke begraafplaatsen Lansingerland 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op de lijkbezorging, art. 25</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2008-11-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-10-27</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Geharmoniseerde verordening, de drie verordeningen van de vml. gemeenten zijn hierbij vervallen</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>BR0800163 Voorstelnr. 2008/118a</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen voor de gemeente Lansingerland 2009</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Inleidende bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:begraafplaats(en): de algemene
                            begraafplaatsen aan de Bergweg-Noord te Bergschenhoek, aan het Plein
                            1945 - 1995 te Berkel en Rodenrijs en aan de Hoekeindseweg te Bleiswijk;
                            eigen graf: een graf waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het
                            uitsluitend recht is verleend tot: - het doen begraven en begraven
                            houden van lijken; - het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen
                            met of zonder urnen; - het doen verstrooien van as;algemeen graf: een
                            graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt
                            geboden tot het doen begraven van lijken;eigen kindergraf: een eigen
                            graf waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht
                            is verleend tot het doen begraven en begraven houden van lijken van
                            kinderen tot 12 jaar. De eigen kindergraven liggen op een apart gedeelte
                            van de begraafplaats;eigen urnengraf: een graf, grafkelder daaronder
                            begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend
                            recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen
                            met of zonder urnen;eigen urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk
                            of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen
                            bijzetten en bijgezet worden van asbussen met of zonder urnenurn: een
                            voorwerp ter berging van een of meer asbussen;asbus: een bus ter berging
                            van as van een overledene;verstrooiingsplaats: een plaats waarop as
                            wordt verstrooid;grafbedekking: gedenkteken, afdekplaat en
                            grafbeplanting op een graf;gedenkplaats: een plaats ingericht om
                            overledenen te gedenken; grafkelder: bouwwerk in de grond, waarin
                            stoffelijke overschotten kunnen worden bijgezet;beheerder: de ambtenaar
                            die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats(en) of
                            degene die hem vervangt;rechthebbende: de rechthebbende op een eigen
                            graf.uitgiftetermijn: de periode waarvoor een graf wordt uitgegeven
                            (eigen graf) of toegewezen (algemeen graf); grafrusttermijn: de periode
                            voor het onberoerd laten van een stoffelijk overschot; vergunninghouder:
                            de houder van een vergunning tot het hebben of aanbrengen van een
                            grafbedekking.het college: burgemeester en wethouders van
                            Lansingerland</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Uitbreiding begrippen eigen en algemeen graf</titel></kop><al>Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde
                            wordt, voorzover van belang onder 'eigen graf' mede verstaan: eigen
                            urnengraf of eigen urnennis.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Openstelling, orde en rust op de begraafplaats</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Openstelling begraafplaats(en)</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De begraafplaatsen zijn voor een ieder dagelijks toegankelijk
                                gedurende door het college bij nadere regels vast te stellen tijden.
                                Het college maakt deze tijden openbaar bekend.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Ter handhaving van de orde en rust op de begraafplaatsen kunnen de
                                toegangen tijdelijk worden gesloten.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Het is verboden gedurende de tijd dat de begraafplaatsen niet voor
                                het publiek geopend zijn, zich daarop te bevinden, anders dan voor
                                het bijwonen van een begrafenis of de bezorging van as.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Ordemaatregelen</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het is aan steenhouwers, hoveniers en daarmede gelijk te stellen
                                personen verboden, anders dan met toestemming van het college,
                                werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de
                                begraafplaats(en) te verrichten. Werkzaamheden door derden dienen
                                vooraf te worden gemeld bij de beheerder.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaatsen te rijden
                                met uitzondering van motorrijtuigen ten behoeve van begrafenissen of
                                onderhoudswerkzaamheden.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die
                                werkzaamheden op de begraafplaatsen hebben te verrichten, zijn
                                verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden
                                aan de aanwijzingen van de beheerder.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Degenen die zich niet aan de in het derde lid bedoelde aanwijzing
                                houden, moeten zich op eerste aanzegging van de beheerder van de
                                begraafplaats verwijderen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Herdenkingen en plechtigheden</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens en dergelijke
                                plechtigheden op de begraafplaats moeten vijf dagen tevoren worden
                                gemeld aan de beheerder onder opgave van datum en uur van de
                                plechtigheid en de wijze waarop de plechtigheid zal plaatsvinden.
                            </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De deelnemers aan de plechtigheid, bedoeld in het eerste lid moeten
                                zich in het belang van de orde, rust en netheid houden aan de
                                aanwijzingen van de beheerder. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Opgravingen en ruimen</titel></kop><al>Het opgraven van lijken en het ruimen van graven is slechts toegestaan
                            indien daarbij geen andere personen aanwezig zijn dan degenen die met
                            deze werkzaamheden zijn belast. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Voorschriften voor lijkbezorging</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Kennisgeving begraven en asbezorging, openen en sluiten van het
                                graf</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Degene die wil doen begraven, as wil doen bijzetten of as wil doen
                                verstrooien geeft daarvan uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag
                                voorafgaande aan die waarop de begraving, bijzetting of verstrooiing
                                zal plaatsvinden, schriftelijk kennis aan de beheerder. De zaterdag
                                geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag. Indien
                                de burgemeester toestemming heeft gegeven om het lijk binnen 36 uur
                                na het overlijden te begraven moet de kennisgeving aan de beheerder
                                zo tijdig mogelijk worden gedaan.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van as,
                                en het daarna sluiten van een graf, alsmede het bedienen van de
                                hulpmiddelen mag uitsluitend geschieden op aanwijzing en onder
                                toezicht van de beheerder. Nabestaanden kunnen deze werkzaamheden
                                onder toezicht van de beheerder geheel of gedeeltelijk zelf
                                verrichten indien zij hun wens daartoe uiterlijk om 12.00 uur van de
                                voorafgaande werkdag mondeling of schriftelijk aan de beheerder
                                hebben kenbaar gemaakt. Zij dienen bij deze werkzaamheden de
                                aanwijzingen van de beheerder op te volgen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Gebouwen en muziekinstallatie</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het gebruik van de ontvangstruimten, de koelruimte, de aula alsmede
                                van de muziekinstallatie moet uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag
                                voorafgaande aan de dag waarop van de ruimte of de aula gebruik zal
                                worden gemaakt, worden aangevraagd. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De ruimten en de muziekinstallatie staan voor iedere plechtigheid
                                gedurende een per keer vooraf te bepalen tijdsduur ter beschikking
                                van de aanvrager.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Over te leggen stukken</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Begraving mag slechts geschieden indien van tevoren het verlof tot
                                begraven of de bezorging van as is overgelegd aan de beheerder.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Indien de begraving of de bezorging van as in een eigen graf zal
                                plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te
                                worden overgelegd ondertekend door de rechthebbende of, indien deze
                                is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Begraving of bijzetting in een eigen graf waarvan de uitgiftetermijn
                                binnen de wettelijke minimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen
                                plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van de uitgiftetermijn
                                met 10 jaar. De verlenging dient te worden aangevraagd door de
                                rechthebbende of, indien deze is overleden, door een van de andere
                                personen, genoemd in artikel 13, tweede lid.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>De in het vorige lid bedoelde periode van verlenging wordt naar
                                boven toe afgerond op gehele jaren. </al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>De beheerder onderzoekt de genoegzaamheid van de overgelegde
                                stukken. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Tijden van begraven en asbezorging</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De tijd van begraven en het bezorgen van as is: - op werkdagen van
                                9.00 tot 17.00 uur;- op zaterdag van 9.00 tot 12.00 uur.Bovenstaande
                                tijden gelden uitgezonderd de algemeen erkende feestdagen. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het college kan in bijzondere gevallen van de in lid 1 genoemde
                                tijden afwijken. In dat geval wordt de tijd van begraven aangemerkt
                                als buitengewoon uur.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Indeling en uitgifte der graven</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Indeling graven en asbezorging</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Op de begraafplaats(en) kunnen worden uitgegeven: a. eigen gravenb.
                                eigen kindergraven c. eigen urnengraven;d. eigen urnennissen;e.
                                algemene gravenf. algemene kindergraven</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De algemene graven worden onderverdeeld in:a. (kelder)graven waarin
                                gelegenheid wordt gegeven om lijken te begraven voor de tijd van
                                tien jaren;b. kindergraven waarin gelegenheid wordt gegeven om
                                lijken van kinderen beneden de 12 jaar te begraven voor de tijd van
                                tien jaren.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De eigen graven worden onderverdeeld in:a. graven uitgegeven voor de
                                tijd van 20 jaar;b. kindergraven uitgegeven voor de tijd van 20
                                jaar.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Het in het derde lid van dit artikel bedoelde recht wordt op
                                aanvraag van de rechthebbende verlengd telkens met een termijn van
                                10 jaren.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Een recht als in derde lid van dit artikel bedoeld, kan slechts aan
                                een rechthebbende worden verleend ten behoeve van zichzelf en voor
                                de personen genoemd in artikel 13, eerste lid. Verlening van het
                                recht ten behoeve van een ander is slechts mogelijk indien daarvoor
                                gewichtige redenen bestaan. </al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>Het in het derde lid van dit artikel bedoelde recht kan niet langer
                                gelden dan tot het tijdstip waarop het terrein feitelijk aan zijn
                                bestemming als begraafplaats zal zijn onttrokken. </al></lid><lid><lidnr>7</lidnr><al>In eigen en algemene graven wordt in 2 lagen boven elkaar begraven,
                                uitgezonderd de algemene begraafplaats te Berkel en Rodenrijs waar
                                in 3 lagen boven elkaar wordt begraven. Op de algemene begraafplaats
                                te Bleiswijk wordt in de keldergraven eveneens in 3 lagen boven
                                elkaar begraven. </al></lid><lid><lidnr>8</lidnr><al>Levenloos geboren kinderen of kinderen overleden beneden de leeftijd
                                van tien dagen, welke gelijktijdig en tezamen in één kist met het
                                lijk van hun moeder worden begraven, worden voor de toepassing van
                                deze verordening en de verordening op de heffing en invordering van
                                begraaf- en andere rechten voor de algemene begraafplaatsen als één
                                lijk beschouwd. </al></lid><lid><lidnr>9</lidnr><al>Levenloos geboren meerlingen of meerlingen die overleden zijn
                                voordat zij de leeftijd van tien dagen hebben bereikt en
                                gelijktijdig samen in één kist worden begraven, worden voor de
                                toepassing van deze verordening en de verordening op de heffing en
                                invordering van begraaf- en andere rechten voor de algemene
                                begraafplaatsen als één lijk beschouwd. </al></lid><lid><lidnr>10</lidnr><al>De eigen urnengraven worden uitgegeven voor de tijd van 20 jaren,
                                bestemd voor het daarin bijzetten van ten hoogste twee asbus(sen),
                                met of zonder urn(en).</al></lid><lid><lidnr>11</lidnr><al>De eigen urnennissen worden uitgegeven voor de tijd van 20 jaren,
                                bestemd voor de bijzetting van ten hoogste twee asbussen (afmetingen
                                nis 30 x 30 cm). Op de begraafplaats van Berkel en Rodenrijs worden
                                tevens urnennissen uitgegeven voor ten hoogste vier asbussen
                                (afmetingen nis 30 x 50 cm).</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Volgorde van uitgifte</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De eigen graven worden slechts voor directe begraving en in volgorde
                                van beschikbaarheid uitgegeven. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het college kan een eigen graf toewijzen anders dan voor directe
                                begraving en buiten de volgorde van uitgifte, indien dit wegens de
                                situatie op de begraafplaats(en) niet bezwaarlijk is. </al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Algemene graven worden alleen in volgorde van ligging toegewezen.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Overschrijving van verleende rechten</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het recht op een eigen graf kan op aanvraag van de rechthebbende
                                worden overgeschreven ten name van de echtgenoot of levenspartner
                                dan wel een bloedverwant of aanverwant tot en met de derde graad.
                                Overschrijving op verzoek van de rechthebbende ten name van een
                                ander dan de vorengenoemde personen is slechts mogelijk, indien
                                daarvoor gewichtige redenen bestaan.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Na het overlijden van de rechthebbende kan het eigen graf worden
                                overgeschreven op naam van de echtgenoot of levenspartner dan wel
                                een bloed- of aanverwant tot en met de derde graad, mits de aanvraag
                                hiertoe wordt gedaan binnen een jaar na het overlijden van de
                                rechthebbende. Overschrijving ten name van een ander dan de in de
                                vorige zin bedoelde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor
                                gewichtige redenen bestaan. </al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot
                                overschrijving aan het college niet wordt gedaan binnen de in het
                                tweede lid van dit artikel gestelde termijn, is het college bevoegd
                                het recht op het eigen graf te doen vervallen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Afstand doen van graven</titel></kop><al>Zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding kan de
                            rechthebbende schriftelijk afstand doen ten behoeve van de gemeente van
                            het recht op het eigen graf. Van de ontvangst van zodanige verklaring
                            doen burgemeester en wethouders schriftelijk mededeling aan de
                            rechthebbende.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Grafbedekkingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Vergunning grafbedekking</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Voor het hebben van een grafbedekking is een schriftelijke
                                vergunning nodig van het college. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Omtrent de wijze van aanvragen van de vergunning, de aard en de
                                afmetingen van de grafbedekking en de wijze van aanbrengen kan het
                                college nadere regels vaststellen.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Het college kan ontheffing verlenen van de door hen vastgestelde
                                nadere regels.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Het college kan de vergunning weigeren indien:a. niet voldaan wordt
                                aan de door hen vastgestelde nadere regels;b. de grafbedekking
                                afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats;c. de duurzaamheid
                                van de materialen onvoldoende is;d. de constructie van de
                                grafbedekking ondeugdelijk is.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Het bepaalde in artikel 17, lid 4 is van overeenkomstige toepassing.
                            </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Niet-blijvende grafbeplanting</titel></kop><al>Niet-blijvende beplanting op een graf die in een verwaarloosde staat
                            verkeert kan door de beheerder worden verwijderd zonder dat aanspraak
                            kan worden gemaakt op schadevergoeding. Losse bloemen, planten, kransen
                            en dergelijke kunnen, wanneer zij verwelkt zijn, door de beheerder
                            worden verwijderd. Linten, siervazen en dergelijke voorwerpen worden
                            gedurende twaalf weken ter beschikking gehouden van de rechthebbende
                            indien deze daartoe tevoren een aanvraag heeft ingediend bij de
                            beheerder.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Verwijdering grafbedekking</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De grafbedekking kan na het verstrijken van de graftermijn in
                                opdracht van het college worden verwijderd.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking wordt gedurende
                                ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop de
                                grafbedekking zal worden verwijderd door middel van een op het te
                                ruimen graf te plaatsen bordje door het college bekendgemaakt,
                                tenzij het adres van de rechthebbende bij het college bekend is. In
                                dat geval maakt het college aan hem uiterlijk een jaar voor het
                                genoemde tijdstip per brief hun voornemen bekend. </al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Op grond van een daartoe door de rechthebbende bij het college
                                ingediende aanvraag, blijft de grafbedekking na verwijdering nog
                                gedurende twaalf weken ter beschikking van degene aan wie een
                                vergunning als bedoeld in artikel 15 was verleend. De aanvraag kan
                                worden ingediend gedurende de in het tweede lid van dit artikel
                                genoemde termijn. </al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>De grafbedekking vervalt aan de gemeente indien:a. geen verzoek op
                                grond van het derde lid is ingediend en de termijn waarbinnen dit
                                verzoek had kunnen worden ingediend, is verstreken;b. de
                                grafbedekking niet binnen twaalf weken nadat deze van het graf is
                                verwijderd, is afgehaald. </al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Een ieder moet gedogen dat grafbedekking of andere op het graf
                                geplaatste voorwerpen tijdelijk worden weggenomen of worden
                                verplaatst, indien dit ter begraving van lijken in de nabijheid van
                                het betreffende graf of om andere redenen noodzakelijk is. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Onderhoud door de rechthebbende</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De rechthebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te
                                onderhouden of te herstellen.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Indien hij nalaat de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te
                                herstellen, kan het college de hiervoor in aanmerking komende
                                voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking doen verwijderen. Het
                                verwijderde blijft gedurende twaalf weken ter beschikking van de
                                rechthebbende en vervalt daarna aan de gemeente, zonder dat deze tot
                                enige vergoeding verplicht is. </al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De verwijdering vindt niet plaats dan nadat de rechthebbende
                                behoorlijk per brief is opgeroepen om te worden ingelicht over de
                                toestand van de grafbedekking. De oproeping geschiedt door
                                mededeling op het mededelingenbord op de begraafplaats als het adres
                                van de rechthebbende niet bekend is. Bij het graf wordt een
                                verwijzing naar de mededeling aangebracht. </al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Het college kan de rechthebbende per aanschrijving verplichten een
                                beschadiging aan de grafbedekking te herstellen indien de
                                beschadiging zodanig is dat deze naar het oordeel van het college
                                het uiterlijk aanzien van de begraafplaats schaadt of indien de
                                beschadiging van de grafbedekking gevaar op levert voor derden.
                            </al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Bij de vergunningverlening wordt het economische eigendom van de
                                geplaatste of te plaatsen grafbedekking als bedoeld in dit artikel
                                door de gemeente erkend en daarmee de onderhoudsplicht van de
                                vergunninghouder voor bedoelde grafbedekking bevestigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Onderhoud door de gemeente</titel></kop><al>Het college voorziet in de zorg voor het onderhoud van de paden, het
                            groenonderhoud, het schoonhouden van de begraafplaats en het na
                            verzakking opnieuw stellen van gedenktekens.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Aansprakelijkheid</titel></kop><al>De gemeente is niet verantwoordelijk voor de voorwerpen, welke zich op
                            of bij de graven bevinden. Evenmin kan zij aansprakelijk worden gesteld
                            voor schade aan deze voorwerpen of het zoekraken daarvan, tenzij aan de
                            zijde van de gemeente opzet of grove schuld aanwezig is.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Ruiming van graven, urnengraven en urnennissen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Ruiming, bezorging van overblijfselen en as</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het voornemen van het college om een graf te ruimen wordt gedurende
                                ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf
                                geruimd zal worden door middel van een bij het te ruimen graf te
                                plaatsen bordje ter kennis van de belanghebbenden gebracht. Indien
                                het adres van de rechthebbende op het graf aan hen bekend is deelt
                                het college schriftelijk mee wanneer de termijn van uitgifte gaat
                                verstrijken. Als de rechthebbende geen verzoek indient om de termijn
                                te verlengen maakt het college uiterlijk een jaar voor het genoemde
                                tijdstip per brief het voornemen tot ruiming bekend. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De bij de ruiming van het graf nog aanwezige overblijfselen van
                                lijken en de as worden begraven op een van de daartoe bestemde
                                gedeelten van de begraafplaatsen. </al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Nabestaanden van een overledene die begraven is in een algemeen graf
                                en rechthebbenden op een eigen graf kunnen gedurende de in het
                                eerste lid bedoelde termijn bij de beheerder een aanvraag indienen
                                om bij ruiming de overblijfselen, indien mogelijk, bijeen te doen
                                brengen voor herbegraving elders.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>De rechthebbende op een eigen urnengraf of urnennis kan bij de
                                beheerder een aanvraag indienen de asbus ter beschikking te houden
                                om elders bij te zetten of om de as te doen verstrooien. </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>8</nr><titel>Instandhouden historische graven en opvallende grafbedekking</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Lijst</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college houdt een lijst bij van graven die van historische
                                betekenis zijn of waarvan de grafbedekking een opvallende kwaliteit
                                heeft.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De gemeenteraad beslist over het ruimen van graven en het
                                verwijderen van grafbedekkingen die op de in het eerste lid bedoelde
                                lijst staan.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>9</nr><titel>Inrichting register</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Voorschriften</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college stelt voorschriften vast voor het register van de
                                begraven lijken en de bezorgde as. </al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het register wordt bijgehouden door de beheerder.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>10</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na de
                            dag van bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Intrekking oude regelingen</titel></kop><al>Met ingang van die dag vervallen de Beheersverordening begraafplaats
                            gemeente Berkel en Rodenrijs, vastgesteld op 27 mei 1999, de
                            Beheersverordening begraafplaats gemeente Bergschenhoek, vastgesteld op
                            29 juni 2004 en de Beheersverordening algemene begraafplaats Bleiswijk
                            2004.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Besluiten van het college die genomen zijn krachtens de ingevolge
                                artikel 25 ingetrokken verordeningen gelden als besluiten genomen
                                krachtens deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening
                                een aanvraag om vergunning op grond van de ingevolge artikel 25
                                ingetrokken verordeningen is ingediend en voor het tijdstip van
                                inwerkingtreding van deze verordening niet op de aanvraag is
                                beslist, wordt daarop deze verordening toegepast.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Hij die handelt in strijd met de artikel 3 lid 3 en artikel 4, lid 2
                                en 4 wordt gestraft met een geldboete van de eerste categorie.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Overtreding van artikel 4, lid 2 en 4 van de verordening kan worden
                                gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Beheersverordening gemeentelijke
                            begraafplaatsen 2009.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Lansingerland in de openbare
                        raadsvergadering van 27 november 2008De griffier, Kees van 't Hart De
                        voorzitter, Ewald van Vliet</al></slotformulering></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label/><nr>1</nr><titel>Toelichting Beheerverordening begraafplaatsen gemeente Lansingerland
                        2009</titel></kop><al>A. Algemene toelichting1. De verordenende bevoegdheidIn artikel 147, eerste lid,
                    van de Gemeentwet is bepaald dat gemeentelijke verordeningen door de raad worden
                    vastgesteld voorzover de bevoegdheid daartoe niet bij de wet of door de raad
                    krachtens de wet aan het college of burgemeester is toegekend. Ingevolge artikel
                    149 van de Gemeentewet maakt de raad de verordening die hij in het belang van de
                    gemeente nodig acht. Sinds de inwerkingtreding van de Wet dualisering
                    gemeentebestuur op 7 maart 2002 zijn in de gemeente de bevoegdheden van de raad
                    en het college ontvlecht. In het kader van de ontvlechting van raad en college
                    zijn de bestuursbevoegdheden van de Gemeentewet geconcentreerd bij het college
                    en zijn de kaderstellende en controlerende bevoegdheden van de raad versterkt.De
                    grondslag voor de verordenende bevoegdheid voor begraafplaatsen berust op
                    artikel 149 van de Gemeentewet. Daarnaast moet worden genoemd artikel 35 van de
                    Wet op de lijkbezorging dat een verordening eist voor de dagen en uren dat de
                    gemeente gelegenheid moet geven tot begraven.2. Gemeentelijk
                    begraafplaatsenbeleid2.1 InleidingDe model-beheersverordening begraafplaatsen
                    bevat verschillende regels die de gemeenten hanteren voor de instandhouding en
                    de dienstverlening op de gemeentelijke begraafplaatsen. In dit hoofdstuk
                    schenken wij aandacht aan enkele van deze regels.2.2 Gemeentelijke
                    verantwoordelijkheid en regelgevingDe burgers hebben vaak een emotionele
                    betrokkenheid met de begraafplaatsen en alles wat zich daarop afspeelt. Daarbij
                    stelt de dienstverlening hen voor financiële lasten. Dit maakt het nodig om de
                    rechten en verplichtingen duidelijk vast te leggen. Er is naar gestreefd om
                    overbodige regelgeving te voorkomen en procedures kort te houden. De beheerder
                    van de begraafplaats kan worden aangewezen voor contacten met de burgers voor
                    bijvoorbeeld het in ontvangst nemen van diverse aanvragen. De
                    verantwoordelijkheid van de gemeente voor de begraafplaats kan worden vergeleken
                    met de verantwoordelijkheid die zij heeft bij de zorg voor andere collectieve
                    voorzieningen zoals wandelgebieden en fietspaden. De verschillende aspecten van
                    de begraafplaatsen vragen in bestuurlijk opzicht om een speciale aanpak.Daarom
                    kunnen bij de gemeentelijke begraafplaatsen deskundigen betrokken worden door
                    een adviescommissie (artikel 84 van de Gemeentewet) in te stellen die het
                    college over de algemene aspecten van de begraafplaats en over de
                    uitvoeringsbesluiten kan adviseren. Hierbij kan worden gedacht aan deskundigen
                    op het gebied van de rouwverwerking, de plaatselijke geschiedenis en monumenten.
                    Maar ook personen uit de kring van rechthebbenden op de graven en omwonenden van
                    de begraafplaats kunnen deel uitmaken van zo'n adviescommissie
                    begraafplaatsen.De waarde die aan de begraafplaatsen wordt toegekend maakt het
                    voorts nodig dat er een inventarisatie wordt samengesteld van de historische en
                    culturele waarden die op de begraafplaats aanwezig zijn. De verordening voorziet
                    in het opstellen van een lijst van gedenkwaardige graven en bijzondere
                    gedenktekens die het waard zijn om zo lang mogelijk in stand te worden gehouden.
                    Deze lijst geeft derhalve uitdrukking aan de waarden van de begraafplaats als
                    zodanig. Zij dient een ander doel dan de monumentenlijst.Voor de dienstverlening
                    op begraafplaatsen noemt de verordening een uitgebreid voorzieningen-pakket. De
                    regeling noemt algemene en eigen graven, bestemmingen voor as en gedenkplaatsen
                    voor vermisten of voor overledenen in den vreemde als het lichaam niet naar
                    Nederland is vervoerd. Hiermee wordt voldaan aan de behoeften die de samenleving
                    in verband met het bezorgen van de doden vraagt. In deze regeling is vastgelegd
                    dat de gemeente in beginsel bereid is om de voorzieningen te treffen. Het wil
                    dus niet per se zeggen dat alle voorzieningen daadwerkelijk op iedere
                    gemeentelijke begraafplaats aanstonds aanwezig moeten zijn. Het verdient
                    misschien aanbeveling om met het treffen van sommige feitelijke voorzieningen te
                    wachten tot de vraag zich aandient. Van belang is wel om vast te leggen en
                    bekend te maken dat de gemeente in principe bereid is om deze voorzieningen te
                    bieden zodra blijkt dat daaraan behoefte is. De als mogelijkheid aanwezige
                    dienstverlening is dan in de volle breedte voor iedereen duidelijk.De
                    beheersverordening geeft het college de bevoegdheid om de graven en urnennissen
                    in te delen in categorieen. Het verdient aanbeveling om daarbij niet in de
                    eerste plaats de verschillende soorten graven als uitgangspunt te nemen, maar zo
                    veel mogelijk aan te sluiten bij de natuurlijke situatie van het park en de
                    daarop aangebrachte beplanting en kunstvoorwerpen. Op deze wijze kan een te
                    strakke en starre inrichting worden voorkomen en behoudt het park zijn
                    aantrekkelijkheid voor veel ingezetenen.Het is voor nabestaanden, voor
                    uitvaartondernemers, hoveniers en steenhouwers begrijpelijkerwijs gewenst als de
                    overboeking van een grafruimte of de goedkeuring van een grafbedekking snel kan
                    verlopen. Daarom worden de aanvragen om grafuitgiften en vergunningen voor
                    grafbedekking volgens dit voorstel ingediend bij de beheerder van de
                    begraafplaats. Door mandaat van de beslissingsbevoegdheid aan de beheerder
                    kunnen de verzoeken door hem worden behandeld en afgewikkeld onder
                    verantwoordelijkheid van het college.2.3 OrdemaatregelenOp de begraafplaatsen
                    moet orde, rust en netheid bestaan. Daarom bevat de verordening
                    gedragsvoorschriften voor hen die van de begraafplaats gebruikmaken. Dit kunnen
                    bezoekers, uitvaartondernemers, hoveniers of steenhouwers zijn. Personen die
                    zich niet gedragen volgens de aanwijzingen van de beheerder, kunnen door hem van
                    de begraafplaats worden verwijderd. Tegen overtreding van de ordevoorschriften
                    is straf bedreigd. De politie kan als gevolg van de strafbedreiging tegen
                    ordeverstoringen optreden en zo nodig proces verbaal opmaken. Uitdrukkelijk is
                    vastgesteld dat bij opgraving van een lichaam of bij ruiming van een of meer
                    graven alleen de personen aanwezig mogen zijn die met de werkzaamheden zijn
                    belast.2.4 Overboekschrijving van een eigen grafHet recht op een eigen graf
                    wordt verleend door een beschikking van het college.Hierin wordt aan de
                    aanvrager het uitsluitend recht gegeven om lijken in een bepaald graf te doen
                    begraven. In juridisch opzicht is een vergelijking mogelijk met de vergunning om
                    standplaats in te nemen op de openbare weg. De koopman mag op een bepaalde
                    plaats staan. Net als bij de standplaatsvergunning steunt het recht om lijken in
                    een bepaald graf te begraven, in de praktijk aangeduid als 'eigen graf', op een
                    persoonlijke beschikking. De eigenaar kan zijn recht dus niet verkopen. Het
                    recht kan op verzoek van de rechthebbende wel worden overgeschreven op een
                    ander. De kring van de nieuwe rechthebbende wordt in beginsel beperkt tot de
                    echtgenoot of levenspartner dan wel een bloedverwant tot en met de derde graad.
                    De achtergrond van deze beperking is gelegen in het feit dat de schaarste aan
                    eigen graven op de begraafplaats kan leiden tot het 'opkopen' van graven door
                    willekeurige derden. Ervaringen in gemeenten hebben geleerd dat een dergelijke
                    ontwikkeling verre van denkbeeldig is. Het is ongewenst daaraan medewerking te
                    verlenen. Het spreekt daarbij vanzelf dat de mogelijkheid open blijft dat ook
                    een ander dan een familielid of levenspartner als nieuwe rechthebbende wordt
                    aangewezen.2.5 Voorschriften grafbedekkingHet aanzien van begraafplaatsen kan
                    chaotisch worden als elke regelgeving ontbreekt. Het andere uiterste, een strak
                    keurslijf van bepalingen die elke persoonlijke of kunstzinnige uiting aan banden
                    legt of onmogelijk maakt, moet worden voorkomen. Deze verordening geeft de
                    burgers de nodige vrijheid. Het beperkt zich tot het aangeven van de
                    materiaalkeuze, te weten duurzame materialen, en de maximale afmetingen voor
                    grafbedekkingen. Binnen die afmetingen zijn de betrokkenen in beginsel vrij in
                    de vormgeving van de grafbedekking. Deze verordening en de door het college te
                    stellen nadere regels beperkt zich tot enige algemene eisen waaraan
                    grafbedekkingen moeten voldoen:1. de grafbedekking mag geen afbreuk doen aan het
                    aanzien van de begraafplaats; 2. de duurzaamheid van de materialen moet
                    voldoende zijn; 3. de constructie moet deugdelijk zijn; 4. de grafbedekking moet
                    voldoen aan de door burgemeester en wethouders gegeven nadere regels. Als er
                    door de rechthebbende geen grafbedekking wordt aangebracht zal wel moeten worden
                    aangeduid dat er een overledene begraven ligt om te voorkomen dat bezoekers
                    ongewild over het graf lopen. Uit een aanduiding bij het graf en de
                    administratie zal voorts moeten blijken welke overledene daar begraven is.2.6
                    Verplicht onderhoud Naast het minimum aan onderhoud van gemeentewege zijn de
                    rechthebbenden op graven, gezien de aard en de omvang en de lange tijdsduur dat
                    deze graven bestaan, verplicht hun grafbedekkingen behoorlijk te onderhouden en
                    zo nodig te herstellen. Indien er sprake is van verwaarlozing van de
                    grafbedekking kan de beheerder van de begraafplaats de nabestaande aanspreken en
                    sommeren tot het overgaan van herstelwerkzaamheden aan de grafbedekking.B
                    Artikelsgewijze toelichting1. Toelichting op enkele bepalingen van de
                    Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Lansingerland 2008Artikel 1Dit
                    artikel spreekt voor zich.Artikel 2Voor een eigen graf, eigen urnengraf, eigen
                    urnentuin, eigen gedenkplaats en eigen urnennis gelden vrijwel dezelfde rechten
                    en plichten. De woorden 'voorzover van belang' zijn ingevoegd omdat de
                    bepalingen betreffende het ruimen en het wegnemen van een asbus alleen werken
                    bij een eigen graf, respectievelijk eigen urnengraf, urnennis. Voor de algemene
                    graven geldt overeenkomstig hetgeen is opgemerkt bij het eerste lid ten aanzien
                    van de algemene urnengraven en urnennissen.Artikel 3Lid 3 van dit artikel is
                    geïntroduceerd met het oog op de strafbaarstelling van personen die zich op de
                    begraafplaats bevinden buiten de uren van openstelling voor bezoekers.Artikel
                    4Steenhouwers en hoveniers moeten zich er steeds van bewust zijn dat hun
                    werkzaamheden storend kunnen zijn voor rouwende nabestaanden en tijdens
                    uitvaartplechtigheden. De toestemming om werkzaamheden op de begraafplaats te
                    verrichten moet vlot aan de steenhouwers of anderen kunnen worden gegeven.
                    Daarom verdient het aanbeveling dat het college het verlenen van die toestemming
                    onder behoud van hun verantwoordelijkheid opdragen aan de beheerder (mandaat).
                    De bevoegdheid van de beheerder om personen weg te sturen als zij zich niet aan
                    zijn aanwijzingen houden en de verbodsbepalingen, bieden voldoende mogelijkheden
                    om tegen ongewenste activiteiten op te kunnen treden. Aan een uitzondering op de
                    regel als bedoeld in het tweede lid onder a bestaat behoefte omdat men soms
                    dichtbij het graf moet kunnen komen met een motorrijtuig. Deze situatie kan
                    uiteraard verschillen per begraafplaats.Artikel 5Met dit artikel wordt beoogd om
                    plechtigheden ordelijk te doen verlopen. Door te eisen dat de mededeling vijf
                    dagen vooraf moet plaatshebben, kan worden voorkomen dat de plechtigheid
                    samenvalt met een begrafenis. Een begrafenis moet volgens de wet uiterlijk op de
                    vijfde dag na overlijden geschieden. Bijeenkomsten die het karakter van een
                    plechtigheid te buiten gaan, kunnen het karakter hebben van een openbare
                    manifestatie. Hiervan moet vooraf kennisgeving worden gedaan aan de burgemeester
                    volgens de Wet Openbare Manifestaties (Stb. 1968, 157) en mogelijk van
                    toepassing zijnde APV-bepalingen.Artikel 6De aard van de werkzaamheden bij het
                    opgraven en ruimen van graven brengt met zich mee dat het bezwaarlijk is om toe
                    te staan dat anderen hierbij aanwezig zijn. De praktijk heeft aangetoond dat er
                    behoefte is aan een wettelijk voorschrift om de toegang hierbij van derden te
                    weren.Artikel 7Een schriftelijke kennisgeving is nodig omdat duidelijk vast moet
                    liggen wat voor graf er wordt gevraagd.De as kan volgens de wet worden bijgezet
                    in of op een graf dan wel in een bewaarplaats, meestal een urnennis. Bij het
                    begraven van een lijk binnen 36 uur is omwille van urgentie uitsluitend
                    toestemming van de burgemeester noodzakelijk.Indien de nabestaanden alle of
                    bepaalde werkzaamheden zelf willen verrichten zijn niettemin de aanwijzingen en
                    de hulp van het personeel van de begraafplaats nodig, ook om redenen van
                    veiligheid, in het bijzonder bij het openen en sluiten van het graf. De
                    werkzaamheden kunnen door de nabestaanden en het personeel van de begraafplaats
                    samen worden verricht. De nabestaanden kunnen bijvoorbeeld een begin maken.
                    Vervolgens kan het personeel de handelingen verrichten waar ervaring voor nodig
                    is of die van de nabestaanden te zware lichamelijke inspanning vragen. Het
                    aanbrengen van de grafranden ter stutting van de grond om het geopende graf en
                    het verwijderen van die randen voor het sluiten van het graf zal door het
                    personeel moeten geschieden.Artikel 8Dit artikel spreekt voor zich.Artikel 9De
                    wet eist dat er een verlof tot begraven aanwezig is, afgegeven door de ambtenaar
                    van de burgerlijke stand. Hierbij aansluitend is het gewenst de beheerder van de
                    begraafplaatsen een eigen bevoegdheid te geven om medewerking aan de
                    lijkbezorging te weigeren, indien niet aan de wettelijke vereisten is voldaan.
                    De bezorging van as omvat zowel het bijzetten als de verstrooiing. Er mag van
                    worden uitgegaan dat het stoffelijk overschot van de rechthebbende zelf in het
                    eigen graf mag worden bijgezet (lid 2). De wettelijke minimum grafrusttermijn
                    (lid 3) is de termijn dat een lijk volgens de wet ten minste begraven moet
                    blijven voordat het mag worden geruimd.Artikel 10De wet verplicht tot de
                    mogelijkheid van begraven op iedere dag gedurende een bij gemeentelijke
                    verordening te bepalen tijd met uitzondering van zon- en feestdagen. Gemeenten
                    zijn vrij te bepalen dat ook op zondag of een algemeen erkende feestdag wordt
                    begraven. Joodse begrafenissen vinden niet plaats op de sabbat. Het Nederlands
                    Israelitisch Kerkgenootschap heeft er daarom belang bij dat de begraafplaatsen
                    op zon- en feestdagen voor een begrafenis kunnen worden opengesteld. Daarnaast
                    zijn er ook andere gevallen denkbaar waarin de nabestaanden er een belang bij
                    hebben om op een zon- of feestdag een begrafenis of asbezorging te kunnen doen
                    plaatshebben. In de praktijk is het mogelijk om de begraafplaats alleen in
                    bijzondere gevallen hiervoor open te stellen. Een bijzonder geval kan zich
                    voordoen als de burgemeester toestemming heeft gegeven om een lijk binnen 36 uur
                    te begraven. Sommige nabestaanden vragen om deze toestemming om godsdienstige
                    redenen. Daarnaast kan spoed geboden zijn in geval van lijkvinding.Artikel 11Dit
                    artikel spreekt voor zich.Artikel 12Een graf zal alleen buiten de volgorde van
                    ligging worden toegewezen als dit niet bezwaarlijk is voor de situatie op de
                    begraafplaats. Hierbij kan worden gedacht aan het aanzien van de begraafplaats
                    en de gesteldheid van de bodem.Artikel 13Het is gewenst dat er na overlijden van
                    een rechthebbende een nieuwe rechthebbende wordt aangewezen die de
                    verantwoordelijkheid voor de grafruimte en de daaraan verbonden kosten op zich
                    neemt. Tot aanwijzing van een nieuwe rechthebbende kunnen alleen de personen
                    bevoegd worden geacht die belang hebben bij het graf. Dit zijn in de eerste
                    plaats de bloed- en aanverwanten, genoemd in het eerste lid van dit artikel. De
                    ervaring heeft geleerd dat het gewenst is om slechts een persoon als
                    rechthebbende te doen aanwijzen. Deze bepaling stelt de termijn op een jaar. Het
                    vierde lid brengt tot uitdrukking dat de termijn met de nodige soepelheid zal
                    worden gehanteerd. Het verdient aanbeveling dat de overschrijving van het eigen
                    graf schriftelijk aan de nieuwe rechthebbende kenbaar wordt gemaakt.Artikel
                    14Dit artikel is opgenomen om buiten twijfel te stellen dat de rechthebbende
                    afstand van het graf kan doen.Artikel 15De vergunningseis geldt voor de
                    grafbedekkingen op algemene en eigen graven. De grafbedekking zal op punten als
                    vormgeving, constructie en materiaalkeuze aan bepaalde minimumeisen moeten
                    voldoen. Deze eisen zijn nader uitgewerkt in de nadere regels van het college.
                    Zij zijn ruim geformuleerd zodat zelden een verzoek om ontheffing zal worden
                    ingediend. De vergunningseis omvat het gedenkteken en de winterharde
                    beplantingen.Artikel 16In de dagelijkse praktijk rijzen er nog wel eens wat
                    moeilijkheden over verwijderde bloemen en eenjarige planten zoals afrikanen en
                    geraniums. Omdat de bloemen en planten eigendom zijn van de rechthebbenden op de
                    graven is een waarschuwing vooraf op zijn plaats. Het zou veel te omslachtig
                    zijn de rechthebbenden telken male per brief te waarschuwen dat de verwaarloosde
                    planten of verwelkte bloemen zullen worden verwijderd. Het verdient aanbeveling
                    om op het mededelingenbord op de begraafplaats doorlopend algemeen bekend te
                    maken hoe daarmee wordt gehandeld. Het is gewenst om verwelkte bloemen niet te
                    snel te verwijderen omdat gezegd mag worden dat zij passend zijn bij de sfeer
                    van de begraafplaats.Artikel 17De mededeling dat het college voornemens is om de
                    grafbedekking te verwijderen wordt tenminste een jaar van tevoren gedaan, zowel
                    aan de rechthebbende op een eigen graf als aan degene die koos voor een plaats
                    in een algemeen graf en daarop een grafbedekking aanbracht. De mededeling aan de
                    rechthebbende op een eigen graf dat de grafbedekking zal worden verwijderd, kan
                    in veel gevallen gelijktijdig worden gedaan met de mededelingen dat de
                    graftermijn verstrijkt en dat het graf zal worden geruimd ( zie ook artikel 21,
                    eerste lid).De grafbedekking kan ook worden verwijderd nadat het college het
                    grafrecht vervallen heeft verklaard omdat er na het overlijden van de
                    rechthebbende niet tijdig een nieuwe rechthebbende is aangewezen (artikel 17,
                    derde lid). In dat geval geldt eveneens het vereiste van de voorafgaande
                    mededeling per brief of door het plaatsen van een bordje bij het graf gedurende
                    minstens een jaar.Artikel 18 De aard en de afmetingen van de grafbedekkingen op
                    eigen graven en de termijn van uitgifte van deze graven met het recht om deze
                    termijn telkenmale te verlengen, maken dat bij deze grafbedekkingen niet kan
                    worden volstaan met het minimum aan onderhoud door de gemeente. Daarom zijn de
                    rechthebbenden op eigen graven verplicht de grafbedekking behoorlijk te
                    onderhouden en zo nodig te herstellen. Op 25 oktober 2002 heeft de Hoge Raad de
                    uitspraak gedaan dat graftekens (graven met uitsluitend recht als bedoeld in
                    artikel 28 Wet op de lijkbezorging) middels natrekking in eigendom toebehoren
                    aan de eigenaar van de grond. Hiermee werd het arrest van het Gerechtshof
                    Amsterdam van 4 mei 2002 bevestigd. De consequentie van deze uitspraak is dat de
                    begraafplaats als eigenaar van grafmonumenten aansprakelijk is voor de schade
                    die het grafmonument aan een ander grafmonument of aan een ander object, mens of
                    dier aanbrengt (risicoaansprakelijkheid).Artikel 19Het onderhoud door de
                    gemeente is een minimale zorg met de bedoeling dat de begraafplaats als geheel
                    een verzorgd aanzien heeft. In de meeste gevallen is het voldoende als de
                    gedenktekens tweemaal per jaar worden gereinigd. Op de graven kunnen winterharde
                    beplantingen worden aangebracht, zoals rozen, coniferen en buxushagen. De zorg
                    voor deze blijvende beplantingen kan omvatten, het snoeien, het onkruidvrij
                    houden, het verwijderen van onkruid en het aanbrengen van nieuwe planten. Het
                    verdient aanbeveling om het beleid dat burgemeester en wethouders ter uitvoering
                    van dit artikel voeren mede te delen bij de afgifte van de vergunning voor het
                    hebben van een grafbedekking en/of bekend te maken op het mededelingenbord op de
                    begraafplaats.Artikel 20Dit artikel spreekt voor zichArtikel 21De mededeling dat
                    het college voornemens is om de graven te ruimen wordt gedaan zowel aan de
                    rechthebbenden op eigen graven als aan degenen die kozen voor een plaats in een
                    algemeen graf. Zie verder hetgeen is vermeld in de toelichting op artikel 22,
                    verwijdering grafbedekking. Iedere belanghebbende kan van zijn zienswijze doen
                    blijken, bijvoorbeeld omdat het graf van historische betekenis is (zie artikel
                    29, Lijst). Aan de rechthebbende op het graf moet ook worden medegedeeld dat hij
                    verlenging van de graftermijn kan vragen volgens artikel 27, eerste lid, van de
                    wet. Hij kan ook vragen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze weer in
                    dezelfde grafruimte te doen plaatsen, dan wel elders bij te zetten, volgens
                    artikel 28, vierde lid, van de verordening. Degene die in een algemeen graf
                    heeft doen begraven kan volgens het derde lid, een aanvraag indienen om de
                    overblijfselen indien mogelijk bijeen te doen brengen voor herbegraving elders.
                    De mededelingen volgens deze bepaling zijn geen voldoende basis om eigen graven
                    te ruimen. Het derde lid opent de mogelijkheid ook bij ruiming van algemene
                    graven de stoffelijke overblijfselen dan wel de as een andere bestemming te
                    geven dan die welke genoemd is in het tweede lid. Dat wil zeggen dat de
                    overblijfselen niet worden begraven in het verzamelgraf (de beenderenkuil) en
                    dat de as niet op een algemeen terrein wordt verstrooid. Die andere bestemming
                    voor zowel algemene als eigen grafruimten is zo ruim mogelijk omschreven. Zo kan
                    bijvoorbeeld het eigen graf extra diep worden uitgegraven. De overblijfselen
                    kunnen dan in kleine ruimingskistjes in die extra diepte worden geplaatst. De
                    rechthebbende kan dan vervolgens het graf bestemmen voor andere overledenen. Op
                    deze wijze kan het graf gedurende een volgende generatie in dezelfde familie
                    blijven. Ook is het mogelijk om de overblijfselen opnieuw bij te zetten in een
                    ander graf op dezelfde begraafplaats of deze over te brengen naar een andere
                    begraafplaats.Artikel 22Het is vaak voorgekomen dat graven die van bijzondere
                    waarde zijn, door de werkers op de begraafplaats ondoordacht worden geruimd. De
                    graven kunnen van betekenis zijn vanwege de overledene die er begraven ligt dan
                    wel alleen vanwege het gedenkteken. De overledene kan voor de plaatselijke
                    gemeenschap van betekenis zijn geweest zodat wellicht de naam nog bij de
                    volgende generatie bekend is. Het gedenkteken kan opvallen door zijn vormgeving
                    en door het materiaal. Een voorbeeld is het gietijzer gesmeed door een
                    ijzergieterij, vaak subtiel voorzien van symbolen van de dood. Het ijzer
                    herinnert aan een reeds lang verdwenen nijverheid en is alleen al daardoor van
                    waarde. Andere voorbeelden zijn porseleinen beeldjes. Er dient te worden gezorgd
                    dat graven van bekende overledenen niet ondoordacht worden geruimd en dat vrij
                    zeldzame voorwerpen op een terrein dat zozeer aan het verleden herinnert,
                    behouden blijven. Bij twijfel over de betekenis van het gedenkteken, is het
                    gewenst om een deskundige te raadplegen. De lijst is een inventarisatie van
                    gedenkwaardige graven. Daarnaast kan de inhoud van de lijst een hulpmiddel zijn
                    voor het samenstellen van de monumentenlijst.Artikel 23Dit artikel spreekt voor
                    zich.Artikel 24De verordening begraafplaatsen is een besluit van het
                    gemeentebestuur op overtreding waarvan straf is gesteld. Een dergelijk besluit
                    wordt op dezelfde wijze bekendgemaakt als alle overige besluiten van het
                    gemeentebestuur die algemeen verbindende voorschriften inhouden (artikel 139
                    Gemeentewet). Wel is van belang dat de gemeente gehouden is dit besluit mee te
                    delen aan het parket van het arrondissement waarin de gemeente is gelegen
                    (artikel 143 Gemeentewet).Artikel 25 In dit wordt geen tijdstip vermeld waarop
                    de oude verordening wordt ingetrokken. Dat is ook niet nodig. De datum waarop de
                    oude regeling vervalt, is de datum waarop de nieuwe verordening in werking
                    treedt.Artikel 26Dit artikel spreekt voor zich.Artikel 27Dit artikel spreekt
                    voor zich.Artikel 28In de citeertitel wordt een jaartal opgenomen om de
                    betrokken regeling te onderscheiden van de voorgaande regeling. </al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>