<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR50565_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Organisatiebesluit 2007</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Lansingerland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-10-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Lansingerland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Heraut, 27-03-2008</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Organisatiebesluit 2007 Lansingerland</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 103</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 106</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 160</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-01-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-01-04</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2012-01-06</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>BW0700008</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Organisatiebesluit 2007</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Organisatiebesluit 2007 gemeente Lansingerland.Het College van de gemeente
                        Lansingerland,Gelet op de artikelen 103, 106 en 160 van de Gemeentewet;Gelet
                        op de bestuursdoelstellingen voor de met ingang van 1 januari 2007 gevormde
                        gemeente Lansingerland;BESLUIT:Vast te stellen de regeling betreffende de
                        ambtelijke organisatie van de Gemeente Lansingerland:Inleiding:In het
                        rapport "Besturing en Structuur" van de Projectorganisatie B driehoek is een
                        analyse gemaakt van de te vormen gemeente Lansingerland. Daarin zijn
                        conclusies getrokken ten aanzien van bestuursdoelstellingen en
                        organisatiestructuur.De Gemeenteraad geeft kaders en controleert. De
                        doelstellingen die de Raad voor ogen heeft worden per programma (politiek
                        thema) op een zodanige wijze aangegeven dat zij Specifiek, Meetbaar,
                        Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden (SMART) zijn.Om slagvaardigheid te
                        waarborgen, integraliteit te bevorderen, optimale afstemming van de
                        taakverdeling binnen de directie te bevorderen en verkokering te beperken
                        kiest de gemeente Lansingerland voor het directiemodel met één hiërarchisch
                        niveau onder de directie. Om het groeitraject van de gemeente Lansingerland
                        zorgvuldig te laten plaatsvinden is gekozen voor een beheerste ontwikkeling
                        en veranderkundige begeleiding gericht op de gewenste cultuurkenmerken zoals
                        een klantgerichte organisatieopbouw met een steeds bredere frontoffice en
                        een gekanteld directiemodel.De hierbij horende stijl van leidinggeven is
                        Integraal Management, waarbij de directie de strategische visie en de
                        politieke doelstellingen vertaalt in (meerjaren) operationeel beleid en
                        sturing. Afdelingshoofden zijn integraal verantwoordelijk voor middelen,
                        processen, resultaten en effecten en voor de afstemming en coördinatie met
                        directieleden, projectleiders en andere afdelingen.De bijbehorende stijl van
                        medewerkers is kwaliteitsgericht, samenwerkingsgericht, flexibel, bereid en
                        in staat verantwoordelijkheden op te pakken en te dragen,
                        dienstverleningsgericht en met een maatschappelijke antenne. Zij kunnen de
                        consequenties van hun handelen overzien.Begripsomschrijvingen:In deze
                        organisatieregeling wordt verstaan onder:Afdeling: iedere
                        organisatie-eenheid binnen de gemeentelijke organisatie die op grond van
                        deze regeling een eigen verantwoordingsplicht aan de directie
                        heeft;Afdelingshoofd: de hiërarchisch leidinggevende direct onder de
                        directie;Afdelingsplan: een door het afdelingshoofd opgesteld
                        sturingsinstrument voor de afdelingen op basis van de productenraming en het
                        concernplan, waarin de activiteiten en middelen op afdelingsniveau en de
                        relatie met andere afdelingen wordt weergegeven;Bestuursopdracht: een door
                        het college gegeven opdracht om activiteiten met een bijzonder
                        politiek-bestuurlijk belang, binnen door hen geformuleerde kaders, gericht
                        en gecoördineerd ten uitvoer te brengen.Budgethouder: de medewerker aan wie
                        het beheer van middelen is toegekend in de vorm van budgetten of
                        investeringskredieten en aan wie (onder)man­daat is verleend bestedingen te
                        verrichten ten laste van die budgetten en investeringskredieten;College: het
                        college van burgemeester en wethoudersConcernkader: een door de directie
                        vastgestelde aanwijzing, richtlijn of instructie voor de dienstverlening en
                        de bedrijfsvoering.Concernplan: een door de directie opgesteld
                        sturingsinstrument, mede op basis van de programmabegroting, dat de
                        bestuursdoelstellingen vertaalt in plannen die de beoogde inzet voor het
                        realiseren van de productenraming en de concernkaders voor dienstverlening
                        en bedrijfsvoering in termen van geld en capaciteit uitwerkt;Directie: de
                        algemeen directeur en de adjunct-directeuren vormen samen de
                        directie;Directieberaad: het periodiek overleg van algemeen directeur en
                        adjunct-directeuren onder voorzitterschap van de algemeen
                        directeur;Directiestatuut: een samenhangend geheel van afspraken,
                        verantwoordelijkheden en opdrachtgeverschap op grond waarvan de directie
                        haar verantwoordelijkheid voor het functioneren en de bedrijfsvoering van de
                        organisatie vormgeeft.Financiële rechtmatigheid: het voldoen van
                        beheershandelingen en de vastlegging daarvan aan gemeentelijke, landelijke
                        en Europese wet- en regelgeving op het gebied van de uitgangspunten voor het
                        financieel beleid, de regels voor het financieel beheer en de inrichting van
                        de financiële organisatie;Juridische rechtmatigheid: het voldoen van
                        beheershandelingen en de vastlegging daarvan aan gemeentelijke, landelijke
                        en Europese wet- en regelgeving;Managementteam: het periodiek overleg van
                        directie en afdelingshoofden onder voorzitterschap van de algemeen directeur
                        of diens plaatsvervanger zoals is bepaald in het
                        Directiestatuut;Portefeuillehouder: het lid van het college aan wie een
                        nader omschreven beleidsveld is toegewezen;Programma: een onder
                        verantwoordelijkheid van het directieberaad opgesteld samenhangend geheel
                        van activiteiten, waarin wordt beschreven de doelstelling, in het bijzonder
                        de beoogde maatschappelijke effecten, de wijze waarop ernaar zal worden
                        gestreefd die effecten te bereiken en de raming van baten en
                        lasten;Programmabegroting: de financiële vertaling van de (meerjarige)
                        programma's op beleidsniveau.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Structuur van de ambtelijke organisatie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Doel en uitgangspunt van de ambtelijke organisatie</titel></kop><al>De ambtelijke organisatie van de gemeente is gebaseerd op een
                            directiemodel. Het doel is vanuit een klantgerichte organisatieopbouw
                            het gemeentebestuur en zijn organen bij de uitoefening van hun taken te
                            ondersteunen. Integraal management en een adequate dienstverlening aan
                            de burger zijn hierbij de uitgangspunten, waarbij de hoofdprocessen
                            dienstverlening, beleidsontwikkeling, beheer en onderhoud als leidraad
                            gelden voor de verdere ontwikkeling van de organisatie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Inrichting en hoofdstructuur van de ambtelijke
                                organisatie</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De ambtelijke organisatie wordt aangestuurd door een directie en
                                bestaat uit de volgende werkgebieden met bijbehorende afdelingen:·
                                Regelen en handhaven:o Publiekszaken &amp; Belastingen;o Economische
                                Zaken &amp; Welzijn;o Werk, Inkomen &amp; Zorg;o Vergunningverlening
                                &amp; Handhaving· Beheren en Onderhouden:o Beheer &amp; Onderhoud·
                                Ontwikkelen en Ordenen:o Strategische Ontwikkelingo Projecten·
                                Ondersteunen:o Bestuurszakeno Financiën;o Informatievoorziening
                                &amp; Faciliteiten;</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De taakvelden per afdeling zijn uitgewerkt in bijlage 1 bij deze
                                regeling (volgt nog).</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Inrichting van de directie</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De directie is samengesteld uit één algemeen directeur en twee
                                adjunct-directeuren.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De algemeen directeur treedt op als voorzitter van het
                                Directieberaad (DB) en als voorzitter van het Managementteam
                                (MT).</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De directie verdeelt onderling haar taken en werkt een en ander uit
                                in het Directiestatuut.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Hoofdtaken van de directie</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De directie is verantwoordelijk voor de resultaten en programma's
                                uit de Programmabegroting, het Concernplan en het
                                Directiestatuut.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De directie rapporteert als houder van de programma's aan het
                                college, legt verantwoording af en is eindverantwoordelijk voor de
                                opstelling van de programmabegroting en de productenraming.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De directie stelt jaarlijks een Concernplan vast en geeft in het
                                Concernkader richtlijnen en aanwijzingen om het functioneren, de
                                kwaliteit en de samenhang van de organisatie te borgen.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>De directie coördineert en bewaakt de gemeentebrede (strategische)
                                beleidsontwikkeling en beleidsuitvoering.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>De eindverantwoordelijkheid voor het functioneren van de ambtelijke
                                organisatie als geheel, de integrale bedrijfsvoering, het naleven
                                van het Concernkader en de bestuurlijk-ambtelijke samenwerking
                                berust bij de algemeen directeur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Inrichting van de afdelingen</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De afdelingen zijn over het algemeen samengesteld uit clusters met
                                een aantal zelfstandige taakvelden.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De directie kan met inachtneming van de bestaande hoofdstructuur,
                                zoals omschreven in artikel 2 van deze regeling, wijzigingen
                                aanbrengen in de samenstelling van de afdelingen en taakvelden.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De directie kan de taakvelden en de toedeling daarvan aan de
                                afdelingen nader preciseren en daartoe aanwijzingen geven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Hoofdtaken van de afdelingen</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De afdelingen zijn belast met de gehele uitvoering- en beleidscyclus
                                van de aan hen toebedeelde taakvelden en producten.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De afdelingshoofden stellen jaarlijks voor de aan hen toebedeelde
                                taakvelden en producten een afdelingsplan op. Het afdelingsplan
                                wordt voor de aanvang van het desbetreffende begrotingsjaar
                                vastgesteld door de directie voor dat deel dat voortvloeit uit het
                                concernplan</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Inrichting concernstaf</titel></kop><al>De concernstaf is samengesteld uit de concernadviseurs.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Hoofdtaken concernstaf</titel></kop><al>De concernstaf adviseert en ondersteunt bij het opstellen van het
                            concernkader en periodieke voortgangsrapportages en verricht onderzoek
                            naar en bewaakt de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van
                            het door het college gevoerde bestuur.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Algemeen directeur</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Hoofdtaken</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De gemeentesecretaris is de algemeen directeur van de gemeente en
                                als hoofd van de ambtelijke organisatie direct verantwoording
                                schuldig aan het college.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De algemeen directeur geeft leiding aan de adjunct-directeuren en
                                afdelingshoofden en kan aanwijzingen en richtlijnen geven voor het
                                goed functioneren van de afdelingen en/of organisatorische
                                eenheden.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De algemeen directeur is eindverantwoordelijk voor het functioneren
                                van directie en management en is het eerste aanspreekpunt voor het
                                college inzake het algemeen functioneren van de organisatie.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>De algemeen directeur ondersteunt, in afstemming en samenwerking met
                                de raadsgriffier, het samenspel tussen het college en de raad.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Als eerste adviseur van het college is de algemeen directeur
                                verantwoordelijk voor:a. doelmatige ondersteuning,
                                informatievoorziening en advisering van het college en de
                                individuele leden van het college.b. volledige, tijdige en
                                geïntegreerde advisering aan het college en aan de burgemeester als
                                zelfstandig gemeentelijk bestuursorgaan.c. het gevraagd en
                                ongevraagd verstrekken van informatie die voor de burgemeester
                                noodzakelijk is om zijn functie als zelfstandig bestuursorgaan en
                                als voorzitter van het college goed te kunnen vervullen.d. de
                                voorbereiding van de vergaderingen van het college, onverminderd de
                                verantwoordelijkheid van de burgemeester;e. het zorg dragen voor
                                tijdige en gedegen advisering aan het college;f. het zorg dragen
                                voor het vastleggen van de besluitvorming in de vergadering van het
                                college en terugkoppeling daarvan naar de ambtelijke organisatie.g.
                                een snel en adequaat verloop van de voorbereiding van de
                                besluitvorming;h. het toezien op de tijdige en correcte uitvoering
                                van genomen besluiten en het zo nodig initiëren van nader overleg
                                over uitvoeringsaspecten.i. het bijhouden van een presentielijst,
                                het vastleggen van de beslissingen van het college in een
                                besluitenlijst en het openbaar maken van de besluitenlijst van het
                                college.</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>Bij afwezigheid van de algemeen directeur worden de specifieke taken
                                van de gemeentesecretaris waargenomen door de loco-secretaris. Deze
                                wordt daartoe benoemd door het college.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Bevoegdheden</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De algemeen directeur heeft als gemeentesecretaris de aan hem bij
                                wet- en regelgeving toebedeelde bevoegdheden.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De algemeen directeur draagt de adjunct-directeuren, de
                                afdelingshoofden en de concernadviseurs voor bij het college voor
                                benoeming, schorsing of ontslag.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De algemeen directeur draagt er zorg voor dat afdelingshoofden bij
                                de voorbereiding van voorstellen voor het college toezien op:a. de
                                tijdigheid, de juistheid, de volledigheid en de kwaliteit van de
                                gegeven informatie;b. de rechtmatigheid, de doelmatigheid en
                                doeltreffendheid;c. de organisatorische consequenties.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Overige functionarissen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Adjunct-directeur</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De adjunct-directeur geeft als opdrachtgever leiding aan de
                                toebedeelde (strategische) projecten en/of programma's.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De adjunct-directeur zorgt voor de voorbereiding en het management
                                van de uitvoering van de opgedragen onderdelen van het
                                concernplan.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De adjunct-directeur is lid van de directie en het directieberaad en
                                legt als zodanig verantwoording af aan de algemeen directeur.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>De adjunct-directeur informeert de overige leden van de directie
                                over relevante aangelegenheden.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>De adjunct-directeur adviseert mede en ondersteunt het college en de
                                individuele leden van het college over strategische en bestuurlijke
                                kwesties en rapporteert tussentijds.</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>De adjunct-directeur initieert, ontwikkelt, evalueert en stelt mede
                                bij de visie, doelen en strategie van de ambtelijke organisatie
                                conform op te stellen concernplan en bewaakt mede de kaders van het
                                concernplan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Afdelingshoofd</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het afdelingshoofd is als integraal manager de enige managementlaag
                                onder de algemeen directeur.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het afdelingshoofd is lid van het managementteam en legt als zodanig
                                verant­woording af aan de algemeen directeur.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Het afdelingshoofd geeft leiding aan zijn afdeling en de daarbinnen
                                opererende clusters.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Het afdelingshoofd is integraal verantwoordelijk voor het
                                productmanagement, i.c. het realiseren van de overeengekomen omvang
                                en kwaliteit van producten en diensten en de dienstverlening en
                                bedrijfsvoering binnen de daarvoor vastgestelde concernkaders.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Het afdelingshoofd heeft op grond van deze regeling een eigen
                                verantwoording- en rapportageplicht aan de algemeen directeur over
                                de aan afdeling toebedeelde taakvelden en producten.</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>Het afdelingshoofd fungeert als eerste aanspreekpunt voor de voor
                                zijn beleidsterrein verantwoordelijke portefeuillehouder.</al></lid><lid><lidnr>7</lidnr><al>Het afdelingshoofd is verantwoordelijk voor de afstemming en
                                coördinatie met de directieleden, projectleiders en andere
                                afdelingen voor de toebedeelde taakvelden en producten.</al></lid><lid><lidnr>8</lidnr><al>Het afdelingshoofd is verantwoordelijk voor de integrale
                                voorbereiding, ontwikkeling, uitvoering en evaluatie van het beleid
                                van de toegewezen taakvelden ten behoeve van het
                                gemeentebestuur.</al></lid><lid><lidnr>9</lidnr><al>Het afdelingshoofd draagt de medewerkers van zijn afdeling voor bij
                                het college voor benoeming, schorsing of ontslag.</al></lid><lid><lidnr>10</lidnr><al>Bij afwezigheid wordt het afdelingshoofd vervangen door een collega
                                afdelingshoofd die daartoe door de algemeen directeur is
                                aangewezen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Concernadviseur</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Onder de bestuurlijke verantwoordelijkheid van het college draagt de
                                concernadviseur zorg voor:a. het opzetten en in stand houden van de
                                administratieve organisatie en het planning en control systeem van
                                de gemeente en de vastlegging daarvan in beschrijvingen van taken,
                                bevoegdheden en verantwoordelijkheden, alsmede in procedures,
                                werkafspraken en tijdsplanningen.b. de implementatie en bewaking van
                                juridische en financiële kaders en randvoorwaarden waaronder
                                begrepen de financiële planning van de gemeentelijke
                                begrotingscyclus en de aansluiting daarvan op de beleidsplanning, de
                                afdelingsplannen en het door de raad vastgestelde beleid;c. het
                                onderhouden van netwerken met als doel onder meer het bundelen van
                                de verspreid over de organisatie aanwezige juridische en financiële
                                expertise;d. de voorbereiding en de uitvoering van de periodieke
                                onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door
                                het college gevoerde bestuur, het ontwikkelen van kengetallen en
                                meetgegevens;e. de bewaking van de juridische en financiële
                                rechtmatigheid, in het kader waarvan hij o.a. voorstellen doet over
                                het (doen) uitvoeren van audits;f. concernbrede kwaliteitszorg,
                                onder meer door het bewaken van de bedrijfseconomische en juridische
                                kwaliteit van besluitvoering, beleidsvoornemens en voorstellen;g.
                                concernbrede risicobeheersing, waarin begrepen advisering over de
                                beperking en beheersing van juridische en financiële risico's;</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De concernadviseur treedt bij de uitoefening van zijn taken in nauw
                                overleg op met de algemeen directeur.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Overleg, werkwijze en procedures</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>De directie</titel></kop><al>De wijze van overleg, de aard van de te bespreken onderwerpen en de
                            taakverdeling binnen de directie worden nader uitgewerkt in een
                            directiestatuut.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Het managementteam</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het managementteam is samengesteld uit de directie, de
                                afdelingshoofden en de concernadviseurs.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De algemeen directeur is voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Het managementteam dient ter ondersteuning van de directie bij het
                                toezicht op de uitoefening van de bedrijfsvoering en het
                                geïntegreerd en gecoördineerd functioneren van de ambtelijke
                                organisatie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Overleg directieberaad en college</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Tenminste zes maal per jaar worden werkbesprekingen georganiseerd
                                tussen het directieberaad en het college van burgemeester en
                                wethouders.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Tenminste twee maal per jaar worden werkbesprekingen georganiseerd
                                tussen het managementteam en het college van burgemeester en
                                wethouders.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>In het in het eerste lid bedoelde overleg wordt in ieder geval aan
                                de orde gesteld:a. de dienstverlening van de ambtelijke organisatie
                                aan de bestuursorganen;b. de afstemming van de ambtelijke
                                organisatie op de gevolgen van de taakuitoefening en de werkwijze
                                van de bestuursorganen;c. de voortgang en de ontwikkelingen, gelet
                                op gemaakte afspraken, die gevolgen kunnen hebben voor de gemeente
                                op korte en lange termijn.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Het in het eerste lid bedoelde overleg wordt voorgezeten door de
                                burgemeester.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Mandaat</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Tenzij de regeling waarop hun bevoegdheid is gebaseerd zich
                                daartegen verzet, kan het college voor nader door hen aan te geven
                                categorieën van zaken de uitoefening van een of meer van hun
                                bevoegdheden mandateren aan individuele leden van hun college, aan
                                budgethouders en aan ambtenaren. Het college stelt hiervoor nadere
                                regels vast.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het bepaalde in dit artikel is van overeenkomstige toepassing ten
                                aanzien van de burgemeester als bestuursorgaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Werkwijze</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Advisering vanuit de ambtelijke organisatie vindt op een deskundige
                                en integrale plaats op zowel beleidsmatig als op het
                                PIO­FACH-terrein, waarbij elk advies (zo mogelijk met alternatieven)
                                volledig wordt voorgelegd aan het gemeentebestuur en
                                management.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Inhoudelijke advisering aan het gemeentebestuur en management is de
                                bevoegdheid van de voor het taakveld of product verantwoordelijke
                                medewerker. Wanneer het afdelingshoofd en de medewerker van mening
                                verschillen over het over een bepaald onderwerp te geven advies,
                                komen beide visies in het advies tot uiting.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Als een onderwerp tevens het taakveld van één of meer andere
                                afdelingen raakt of er coördinatiebehoeften of -mogelijkheden
                                bestaan, draagt het afdelingshoofd zorg voor overleg met die andere
                                afdeling. Dit overleg moet bij voorkeur resulteren in een
                                eensluidend advies. Wanneer de afdelingen van mening verschillen
                                over een bepaald onderwerp, komen de beide visies, na overleg met de
                                algemeen directeur, in het advies tot uiting.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Het afdelingshoofd draagt zorg voor regelmatig overleg met de
                                betrokken portefeuillehouders over de aan de afdeling toebedeelde
                                taakvelden en producten.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Ten aanzien van aangelegenheden waarvan zij dat wenselijk acht geeft
                                het college een bestuursopdracht, waarbij in ieder geval wordt
                                ingegaan op:a. de probleemstelling;b. het beoogde resultaat van de
                                opdracht;c. de verhouding tot het collegeprogramma c.q. bestuurlijke
                                uitgangspunten;d. het primaathouderschap en de inschakeling van
                                andere afdelingen;e. de inschakeling van externe instanties;f. een
                                raming van de beschikbaar te stellen financiële middelen en
                                ambtelijke capaciteit;g. het fasegewijs tot stand brengen van de
                                beleidsvorming;h. de procedure van besluitvorming;i. de termijnen;j.
                                de overige bevoegdheden.</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>Wanneer naar het oordeel van de directie een aangelegenheid naar
                                aard of omvang daartoe aanleiding geeft, legt zij dat aan het
                                college voor ter beoordeling van de vraag of een bestuursopdracht
                                dient te worden voorbereid. De afdelingshoofden kunnen hierover
                                voorstellen bij de directie indienen.</al></lid><lid><lidnr>7</lidnr><al>Een concept bestuursopdracht wordt in het managementteam aan de orde
                                gesteld.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Slot- en overgangsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Evaluatie</titel></kop><al>Eens in de twee jaren brengt de directie rapport uit aan het college
                            over de toepassing van dit organisatiebesluit. In het rapport zal het
                            functioneren van de ambtelijke organisatie in het licht van de
                            maatschappelijke ontwikkelingen en het door gemeenteraad en college
                            gewenste beleid geëvalueerd worden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Dit organisatiebesluit treedt in werking op de dag na vaststelling. Het
                            besluit treedt in de plaats van de organisatieverordeningen in de
                            voormalige gemeenten Bergschenhoek, Berkel en Rodenrijs en
                            Bleiswijk.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Dit besluit wordt aangehaald als "Organisatiebesluit 2007
                            Lansingerland".</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de vergadering van burgemeester en wethouders op 3
                        januari 2007.De secretaris, drs. ing. A. A. Eijkenaar De wnd. burgemeester,
                        drs. H.B. Eenhoorn</al></slotformulering></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label/><nr>1</nr><titel>Toelichting op de Organisatieregeling 2007 gemeente Lansingerland</titel></kop><al>Inleiding:De belangrijkste bestuurlijke kaders en uitgangspunten voor de
                    organisatiestructuur worden kort beschreven.Begripsomschrijvingen:De gehanteerde
                    begrippen worden omschreven. Daarbij is een onderscheid gemaakt tussen
                    juridische rechtmatigheid en financiële rechtmatigheid. Dit is gedaan, omdat de
                    controle op de naleving van het rechtmatig handelen bij verschillende
                    functionarissen berust. De financiële rechtmatigheid behoort tot het taakveld
                    van financiën. Van functionarissen uit deze discipline kan men niet verwachten,
                    dat zij ook de juridische aspecten in brede zin van uiteenlopende wet- en
                    regelgeving overzien. Voor deze juridische aspecten is in de organisatieregeling
                    de toetsing van de juridische rechtmatigheid ingebracht.HOOFDSTUK 1 STRUCTUUR
                    VAN DE AMBTELIJKE ORGANISATIEArtikel 1: Doel en uitgangspunt van de ambtelijke
                    organisatieHet doel en de belangrijkste organisatorische kaders en
                    uitgangspunten worden kort beschreven.Artikel 2: Inrichting en hoofdstructuur
                    van de ambtelijke organisatieIn artikel 2 wordt de ambtelijke organisatie
                    ingedeeld in afdelingen. Uitgezonderd is de inrichting van de griffie. Het
                    stellen van regels voor de organisatie van de griffie behoort tot de bevoegdheid
                    van de raad. In de organisatieregeling is afgezien van het indelen van de
                    bestuurlijke organisatie. Dit hoort op zich thuis in het reglement van orde voor
                    vergaderingen van het college en andere werkzaamheden, dat moet worden opgesteld
                    op basis van artikel 52 Gemeentewet. Dat reglement moet worden toegezonden aan
                    de raad. Door het reglement niet op te nemen in de organisatieregeling hoeft men
                    de organisatieregeling niet aan de raad toe te zenden.Artikel 3: Inrichting van
                    de directieIn artikel 3 wordt de inrichting en samenstelling met betrekking tot
                    het aansturen van de ambtelijke organisatie toegewezen aan de directie.Artikel
                    4: Hoofdtaken van de directieIn artikel 4 worden de verantwoordelijkheden
                    uitgewerkt die met betrekking tot het aansturen van de ambtelijke organisatie
                    zijn toegewezen aan de directie.Artikel 5: Inrichting van de afdelingenIn
                    artikel 5 worden de werkgebieden bepaald en toegewezen aan afdelingen, hoe de
                    afdelingen zijn ingericht. De werkgebieden worden in de bijlage uitgewerkt in
                    taakvelden. Door deze taakvelden op te nemen in een bijlage wordt voorkomen dat
                    een wijziging in de taakvelden een wijziging van de organisatieregeling tot
                    gevolg heeft.Artikel 6: Hoofdtaken van de afdelingenIn artikel 6 wordt bepaald
                    dat de toegewezen werkgebieden en taakvelden de gehele uitvoering- en
                    beleidscyclus omvatten en dat hiervoor jaarlijks een afdelingsplan wordt
                    opgesteld.Artikel 7: Inrichting concernstafIn artikel 7 wordt de inrichting van
                    de concernstaf vastgelegd.Artikel 8: Hoofdtaken concernstafIn artikel 8 worden
                    de taken van de concernstaf vastgelegd.HOOFDSTUK 2 ALGEMEEN DIRECTEURArtikel 9:
                    HoofdtakenIn een organisatieregeling op basis van een directiemodel vervult de
                    gemeentesecretaris de functie van algemeen directeur. In artikel 8 zijn de
                    hoofdlijnen van de verantwoordelijkheidsgebieden van deze functie weergegeven.
                    In lid 5 van dit artikel zijn de specifieke taken van de gemeentesecretaris
                    opgenomen. Daarmee is voldaan aan artikel 103, lid 2 van de Gemeentewet dat
                    bepaalt dat het college een instructie opstelt met nadere regels over de taken
                    en bevoegdheden van de secretaris.Artikel 10: BevoegdhedenDit artikel regelt de
                    bevoegdheden inzake benoeming, schorsing of ontslag van medewerkers.HOOFDSTUK 3
                    OVERIGE FUNCTIONARISSENArtikel 11: Adjunct-directeurArtikel 10 geeft in
                    hoofdlijnen de verantwoordelijkheidsgebieden van de functie adjunct-directeur.
                    Aan de adjunct-directeur middelen zijn voornamelijk de project- of
                    programmataken toebedeeld. Hij voert zijn taken uit in nauw overleg met de
                    algemeen directeur. De adjunct-directeur heeft een zelfstandige positie en staat
                    hiërarchisch onder de algemeen directeur.Artikel 12: AfdelingshoofdArtikel 11
                    geeft in hoofdlijnen de verantwoordelijkheidsgebieden van de functie
                    afdelingshoofd. Daarbij wordt aangegeven dat het afdelingshoofd hiërarchisch
                    onder de algemeen directeur valt en verantwoordelijk is voor afstemming en
                    coördinatie met de overige directieleden en andere afdelingen.Artikel 13:
                    ConcernadviseurArtikel 12 geeft in hoofdlijnen de verantwoordelijkheidsgebieden
                    van de functie concernadviseur, waar aan de controltaken zijn toebedeeld. Hij
                    treedt op als gemeentecontroller. Hij legt hierover rechtstreeks verantwoording
                    af aan het college en voert zijn taken uit in nauw overleg met de algemeen
                    directeur. De concernadviseur heeft een zelfstandige positie en staat
                    hiërarchisch onder de algemeen directeur.HOOFDSTUK 4 OVERLEG, WERKWIJZE EN
                    PROCEDURESArtikel 14: De directieDit artikel geeft de samenstelling van de
                    directie weer en geeft tevens aan dat de taakverdeling en de wijze van overleg
                    worden uitgewerkt in een directiestatuut.Artikel 15: Het managementteamArtikel
                    14 geeft de samenstelling en het doel van het managementteam.Artikel 16: Overleg
                    managementteam en collegeDit artikel geeft de kaders voor een regelmatig overleg
                    tussen college en managementteam.Artikel 17: MandaatDit artikel regelt dat het
                    college bevoegdheden kan mandateren.Artikel 18: WerkwijzeIn artikel 17 wordt op
                    hoofdlijnen aangegeven op welke wijze advisering aan gemeentebestuur en
                    management plaatsvindt.HOOFDSTUK 5 SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGENArtikel 19:
                    EvaluatieDit artikel geeft aan dat de organisatieregeling eens in de twee jaar
                    wordt geëvalueerd.Artikel 20: InwerkingtredingIn dit artikel is de datum van
                    inwerkingtreding opgenomen.Artikel 21: CiteertitelIn dit artikel is de
                    citeertitel opgenomen.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>