<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR50540_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Controleverordening (art. 213)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Lansingerland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-10-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Lansingerland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Heraut, 10 januari 2007</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Controleverordening (art.213)</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 213</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-01-02</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-10-27</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>BV07.0005</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Controleverordening (art. 213)</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Lansingerland;gelezen het voorstel van de Stuurgroep
                        Herindeling van 7 december 2006;gelet op artikel 213 Gemeentewet;besluit
                        vast te stellen:Verordening voor de controle op het financieel beheer en op
                        de inrichting van de financiële organisatie van de gemeente
                        Lansingerland</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Definities</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:a. accountant: een door de raad
                        benoemde:o registeraccountant; ofo accountant-administratieconsulent met een
                        aantekening in het inschrijvingsregister als bedoeld in het derde lid van
                        artikel 36, Wet op de Accountant-Administratieconsulenten; ofo organisatie
                        waarin voor de accountantscontrole bevoegde accountants samenwerken;belast
                        met de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening.b.
                        accountantscontrole: de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde
                        jaarrekening uitgevoerd door de door de raad benoemde accountant van:o het
                        getrouwe beeld van de in de jaarrekening gepresenteerde baten en lasten en
                        de grootte en samenstelling van het vermogen;o het rechtmatig tot stand
                        komen van de baten en lasten en balansmutaties;o het in overeenstemming zijn
                        van de door het college opgestelde jaarrekening met de bij of krachtens
                        algemene maatregel van bestuur te stellen regels bedoelt in artikel 186
                        Gemeentewet;o de inrichting van het financieel beheer en de financiële
                        organisatie gericht op de vraag of deze een getrouwe en rechtmatige
                        verantwoording mogelijk maken;waarbij de nadere regels die bij of krachtens
                        algemene maatregel van bestuur worden gesteld op grond van het zesde lid van
                        artikel 213 Gemeentewet, in acht worden genomen.c. rechtmatigheid in het
                        kader van de accountantscontrole:het overeenstemmen van het tot stand komen
                        van de financiële beheershandelingen en de vastlegging daarvan met de
                        relevante wet- en regelgeving, zoals bedoeld in het Besluit
                        accountantscontrole gemeenten.d. deelverantwoording: een in opdracht van de
                        raad ten behoeve van de verslaglegging opgestelde verantwoording van een
                        afzonderlijke organisatie-eenheid binnen de gemeentelijke organisatie, welke
                        verantwoording onderdeel uit maakt van de jaarrekening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Opdrachtverlening accountantscontrole</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De accountantscontrole wordt opgedragen aan een door de raad te benoemen
                            accountant. De benoeming van de accountant geschiedt voor een periode
                            van 4 jaar.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het college bereidt in overleg met de raad de aanbesteding van de
                            accountantscontrole voor.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De raad stelt voor de aanbesteding van de accountantscontrole het
                            programma van eisen vast. In het programma van eisen worden voor de
                            jaarlijkse accountantscontrole opgenomen:a. de toe te passen
                            goedkeuringstoleranties (en afwijkende rapporteringstoleranties) bij de
                            controle van de jaarrekening;b. de apart te controleren
                            deelverantwoordingen en de daarbij toe te passen omvangsbases en
                            goedkeuringstoleranties (en afwijkende rapporteringstoleranties);c. de
                            inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen;d. de eventueel
                            aanvullende uit te voeren tussentijdse controles;e. de frequentie en
                            inrichtingseisen van de aanvullende tussentijdse rapportering; en voor
                            ieder afzonderlijk te controleren begrotingsjaar;f. de posten van de
                            jaarrekening en deelverantwoordingen met bijbehorende afwijkende
                            rapporteringstoleranties, waaraan de accountant bij zijn controle
                            specifiek aandacht dient te besteden;g. de gemeentelijke producten en of
                            organisatieonderdelen met bijbehorende afwijkende
                            rapporteringstoleranties, waaraan de accountant bij zijn controle
                            specifiek aandacht dient te besteden.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>In afwijking van het gestelde in lid 3, letters f en g kan de raad in
                            het programma van eisen opnemen, dat de raad jaarlijks voorafgaand aan
                            de accountantscontrole in overleg met de accountant vaststelt de posten
                            van de jaarrekening, de posten van de deelverantwoordingen, de
                            gemeentelijke producten en de gemeentelijke organisatieonderdelen,
                            waaraan de accountant bij zijn controle specifiek aandacht dient te
                            besteden en welke rapporteringstoleranties hij daarbij dient te
                            hanteren.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>In geval van Europese aanbesteding van de accountantscontrole stelt de
                            raad voor de selectie van de accountant de selectiecriteria vast en per
                            selectiecriterium de bijbehorende weging vast.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Informatieverstrekking door college</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college is verantwoordelijk voor de samenstelling van de
                            jaarrekening conform de geldende interne - en externe wet- en
                            regelgeving en overlegt deze aan de accountant voor controle.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor dat alle aan de jaarrekening ten
                            grondslag liggende verordeningen, nota's, collegebesluiten,
                            deelverantwoordingen, administraties, plannen, overeenkomsten,
                            berekeningen e.d. voor de accountant ter inzage liggen en goed
                            toegankelijk zijn.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Bij de jaarrekening bevestigt het college schriftelijk aan de
                            accountant, dat alle hem bekende informatie van belang voor de
                            oordeelsvorming van de accountant is verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>Het college overlegt de gecontroleerde jaarrekening samen met de
                            accountantsverklaring en het verslag van bevindingen voor uiterlijk 1
                            juli aan de raad.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>Alle informatie die na afgifte van de accountantsverklaring en voor
                            behandeling van de jaarrekening in de raad beschikbaar komt en die van
                            invloed is op het beeld dat de jaarrekening geeft, wordt terstond door
                            het college aan de raad en de accountant gemeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Inrichting accountantscontrole</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de wijze
                            waarop de accountantscontrole wordt ingericht, alsmede de aard en de
                            omvang van de daarbij behorende werkzaamheden.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de
                            frequentie van de uit te voeren controles. De accountant kan de
                            controlewerkzaamheden zonder voorafgaande kennisgeving uitvoeren.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Ter bevordering van een efficiënte en doeltreffende accountantscontrole
                            vindt periodiek (afstemmings-)overleg plaats tussen de accountant en
                            (een vertegenwoordiger uit) de raad, (een vertegenwoordiger van) de
                            rekenkamer(functie), de portefeuillehouder financiën, de
                            gemeentesecretaris, de (concern-)controller en het hoofd financiën.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Toegang tot informatie</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De accountant is bevoegd tot het opnemen van alle kassen, waardepapieren
                            en voorraden en het inzien van alle boeken, notulen, brieven,
                            computerbestanden en overige bescheiden, waarvan hij inzage voor de
                            accountantscontrole nodig oordeelt. Het college draagt er zorg voor dat
                            de accountant voor de uitvoering van zijn controlewerkzaamheden een
                            onbelemmerde toegang heeft tot alle kantoren, magazijnen, werkplaatsen,
                            terreinen en informatiedragers van de gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De accountant is bevoegd om van alle ambtenaren mondelinge en
                            schriftelijke inlichtingen en verklaringen te verlangen die hij voor de
                            uitvoering van zijn opdracht denkt nodig te hebben. Het college draagt
                            er zorg voor, dat de desbetreffende ambtenaren hieraan hun medewerking
                            verlenen.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor, dat alle organisatie-eenheden van de
                            gemeente zijn gehouden de accountant alle informatie te verstrekken,
                            opdat de accountant zich een juist en volledig oordeel kan vormen over
                            de rechtmatige totstandkoming van baten, lasten, balansmutaties en het
                            gevoerde beheer en over de getrouwheid van de daarover verstrekte
                            informatie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Overige controles en opdrachten</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Het college kan de door de raad benoemde accountant opdracht geven tot
                            het uitvoeren van specifieke werkzaamheden met betrekking tot de
                            rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid voor zover de
                            onafhankelijkheid van de accountant daarmee niet in het geding komt. Het
                            college informeert de raad vooraf over deze aan de accountant te
                            verstrekken opdrachten.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Het college draagt de zorg voor de uitvoering van het beleid betreffende
                            de specifieke uitkeringen volgens de eisen van rechtmatigheid van de
                            ministeries. Het college is voor de controle van de rechtmatige
                            besteding van specifieke uitkeringen bevoegd de opdracht te verlenen aan
                            een andere dan de door de raad benoemde accountant, indien dit in het
                            belang van de gemeente is.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Het college draagt de zorg voor de verantwoording aan derden
                            (Belastingdienst, ABP, Sociale verzekeringsbank, CBS, e.d.) en neemt
                            hierbij de gestelde controle-eisen in acht. Indien een deel van deze
                            vereisten moet worden uitgevoerd door een accountant, is het college
                            bevoegd hiervoor de opdracht verlenen aan een andere dan de door de raad
                            benoemde accountant, indien dit in het belang van de gemeente is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Rapportering</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Indien de accountant bij een controle afwijkingen constateert die leiden
                            tot het niet afgeven van een goedkeurende verklaring, meldt hij deze
                            terstond schriftelijk aan de raad en zendt een afschrift hiervan aan het
                            college.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>In aanvulling op het in de wet voorgeschreven verslag van bevindingen
                            brengt de accountant over de door hem uitgevoerde (deel)controles
                            verslag uit over zijn bevindingen van niet van bestuurlijk belang aan de
                            ambtenaar van wie het geldelijk beheer, het vermogensbeheer, de
                            administratie en de beheersdaden zijn gecontroleerd, het hoofd van de
                            dienst waar de ambtenaar werkzaam is, de (concern-)controller en het
                            hoofd financiën dan wel andere daarvoor in aanmerking komende
                            ambtenaren.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De accountantsverklaring en het verslag van bevindingen worden voor
                            verzending aan de raad door de accountant aan het college voorgelegd met
                            de mogelijkheid voor het college om op deze stukken te reageren.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>De accountant bespreekt voorafgaand aan de raadsbehandeling van de
                            jaarstukken het verslag van bevindingen met (een voor dit doel door de
                            raad ingestelde vertegenwoordiging van) de raad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van het begrotingsjaar 2007,
                        met dien verstande dat zij van toepassing is op de accountantscontrole van
                        de jaarrekening (en deelverantwoordingen) van het verslagjaar 2007 en
                        later.Deze verordening treedt in de plaats van de Verordening
                        accountantscontrole gemeente Bergschenhoek van 18 november 2003, de
                        Controleverordening van de gemeente Berkel en Rodenrijs van 30 oktober 2003
                        alsmede de Controleverordening Bleiswijk van 9 oktober 2003.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Controleverordening gemeente
                        Lansingerland".</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van Lansingerland van 2
                        januari 2007.De griffier, C.J. van 't Hart De voorzitter, drs. H.B.
                        Eenhoorn</al></slotformulering></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label/><nr>1</nr><titel>Toelichting</titel></kop><al>Toelichting op de artikelenArtikel 1. DefinitiesArtikel spreekt voor
                    zich.Artikel 2. Opdrachtverlening accountantscontroleNa afloop van ieder
                    begrotingsjaar moet het college verantwoording afleggen aan de raad over het
                    gevoerde bestuur door overlegging van de jaarrekening en het jaarverslag
                    (artikel 197, lid 1 Gemeentewet). Voor het overleggen van deze stukken aan de
                    raad moeten de jaarrekening door een bevoegd accountant zijn gecontroleerd
                    (artikel 197, lid 2 Gemeentewet). De accountant controleert de jaarrekening in
                    opdracht van de raad. Het is dan ook de raad, die de accountant aanwijst
                    (artikel 213, lid 2 Gemeentewet). De raad is echter niet het bestuursorgaan, dat
                    de overeenkomst met de accountant ondertekent. Het is de burgemeester, die de
                    overeenkomst voor de accountantscontrole met de accountant moet sluiten. De
                    burgemeester vertegenwoordigt de gemeente in en buiten rechte, luidt het eerste
                    lid van artikel 171 Gemeentewet.Een bevoegd accountant voor de controle van de
                    gemeentelijke jaarrekening is een registeraccountant, een
                    accountant-administratieconsulent met een aantekening in het
                    inschrijvingsregister als bedoeld in het derde lid van artikel 36 Wet op de
                    Accountant-Administratieconsulenten of een organisatie waarin voor de
                    accountantscontrole bevoegde accountants samenwerken. Het zevende lid van
                    artikel 213 Gemeentewet zegt, dat de bevoegde accountant in gemeentelijke dienst
                    kan worden aangesteld. Wel dient dan de benoeming, schorsing en het ontslag van
                    de accountant door de raad te geschieden.Artikel 2 van de verordening regelt de
                    opdrachtverlening van de accountantscontrole van de gemeentelijke jaarrekening.
                    Het eerste lid legt de periode van de verbintenis met de accountant voor de
                    controle van de jaarrekening vast. Deze periode is in de verordening
                    gelijkgehouden aan de raadsperiode. Het tweede lid regelt dat het college
                    verantwoordelijk is voor de uitvoering van de aanbesteding van de
                    accountantscontrole van de jaarrekening. Voor de accountantscontrole geldt het
                    Besluit accountantscontrole gemeenten dat krachtens het zesde lid van artikel
                    213 Gemeentewet door de minister is vastgesteld. Het Besluit accountantscontrole
                    gemeenten bevat onder andere regels voor de omvangsbases en
                    goedkeuringstoleranties voor de accountantsverklaring en de
                    rapporteringstoleranties voor het verslag van bevindingen.In het derde lid van
                    artikel 2 wordt invulling gegeven aan het gebruik van de mogelijkheden van de
                    raad met betrekking tot de nadere bepaling van de toleranties. Ze moeten al bij
                    de aanbesteding van de accountantscontrole worden bepaald en zodoende worden
                    opgenomen in het programma van eisen. Een aanscherping van de eisen door de raad
                    zal in veel gevallen leiden tot een hogere prijsstelling door de accountant(s).
                    Daarnaast zijn onder dit lid aanvullende zaken opgenomen over eisen die de raad
                    kan stellen aan de werkzaamheden van de accountant, zoals aanvullende
                    inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen en aanvullende extra
                    rapportages en controles.Mogelijk zal de raad de onderdelen van de jaarrekening,
                    de onderdelen van deelverantwoordingen en gemeentelijke organisatieonderdelen
                    jaar op jaar willen vaststellen. Dit daar de raad dan rekening kan houden met
                    gewijzigde politieke omstandigheden. Hierin voorziet het vierde lid van artikel
                    2. Het is raadzaam om ook hierover bepalingen in het programma van eisen bij de
                    aanbesteding en opdrachtverlening op te nemen.Bij gemeenten kan het bedrag dat
                    is gemoeid met de accountantscontrole van de jaarrekening zo hoog zijn, dat de
                    accountantscontrole Europees moet worden aanbesteed. Dit hangt natuurlijk ook af
                    van de contractsduur, die met de accountant wordt aangegaan. Bij een langere
                    contractsduur zal de prijs van het contract eveneens hoger zijn. Bij Europese
                    aanbesteding zijn het de selectiecriteria en de bijbehorende wegingsfactoren,
                    die uiteindelijk de selectie van de accountant voor de controle van jaarrekening
                    bepalen. De raad is het bestuursorgaan, dat de accountant aanwijst en dat dus de
                    selectiecriteria en de bijbehorende wegingsfactoren moet vaststellen. Dit wordt
                    geregeld in het vijfde lid van artikel 2.Artikel 3. Informatieverstrekking door
                    collegeIn de nieuwe gedualiseerde verhoudingen is het college verantwoordelijk
                    voor de samenstelling van de jaarrekening en het jaarverslag. Ten opzichte van
                    de raad is het college ook verantwoordelijk voor de samenstelling van eventuele
                    door de raad geëiste deelverantwoordingen. Artikel 3 van de verordening regelt
                    de verplichtingen van het college voor de verstrekking van de achterliggende
                    informatie aan de accountant.Voor de controle van de jaarrekening doet de
                    accountant onderzoek naar de achterliggende bescheiden. Het tweede lid draagt
                    aan het college op deze achterliggende bescheiden goed toegankelijk ter inzage
                    aan de accountant beschikbaar te stellen.Het derde lid is een optioneel lid. Het
                    verplicht het college een verklaring af te geven aan de accountant, waarin het
                    college verklaart geen informatie die van belang is voor de beoordeling van de
                    jaarrekening, te hebben achtergehouden. De verklaring wordt ook wel een LOR
                    (Letter Of Representation) genoemd. Hoewel het een algemeen gebruik is, is het
                    geen wettelijke verplichting, dat het college een dergelijke verklaring
                    verstrekt.In het vierde lid wordt een uiterlijke datum aan het college gesteld
                    voor de overlegging van de gecontroleerde jaarrekening aan de raad. De
                    jaarrekening moet namelijk binnen twee weken na vaststelling, maar in elk geval
                    voor 15 juli worden toegezonden aan gedeputeerde staten (artikel 200
                    Gemeentewet). Voor deze datum, 1 juli, moet de jaarrekening door de raad zijn
                    behandelt en moet een eventuele erop volgende indemniteitsprocedure (artikel 198
                    Gemeentewet) zijn doorlopen en de jaarrekening wel of niet zijn vastgesteld.De
                    accountant verzendt de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen
                    rechtstreeks aan de raad. Het tweede lid van artikel 197 Gemeentewet bepaalt
                    echter, dat het college bij de overlegging van de jaarrekening en het
                    jaarverslag aan de raad daarbij moet toevoegen de accountantsverklaring en het
                    verslag van bevindingen.Het vijfde lid van het artikel gebiedt het college alle
                    informatie die van invloed is op het beeld van de jaarrekening en pas na de
                    afgifte van de accountantsverklaring, maar voor de vaststelling van de
                    jaarrekening door de raad aan het college bekend is geworden, terstond te melden
                    aan de raad en de accountant. Het sluit verrassingen tijdens de raadsbehandeling
                    uit.Artikel 4. Inrichting accountantscontroleArtikel 4 van de verordening regelt
                    de bevoegdheidsverdeling tussen de accountant en het college ten aanzien van de
                    inrichting van de accountantscontrole. De accountant is leidend ten aanzien van
                    de inrichting van de accountantscontrole. Hij mag zelfs onaangekondigd controles
                    uitvoeren. Het college is hierin volgend. Wel moet er ter bevordering van een
                    soepele accountantscontrole periodiek overleg worden gevoerd tussen de
                    accountant en de verschillende vertegenwoordigers van de gemeente. Ook is
                    uitwisseling van informatie gewenst over specifieke aandachtsgebieden bij de
                    accountantscontrole.Artikel 5. Toegang tot informatieArtikel 5 van de
                    verordening kent de bevoegdheid om onbelemmerd onderzoek te doen toe aan de
                    accountant. Dit natuurlijk met in achtneming van de afspraken met de raad, zoals
                    neergelegd in het programma van eisen bij de aanbesteding. Het artikel legt aan
                    het college de plicht op om er voor te zorgen, dat de accountant een
                    onbelemmerde toegang heeft tot alle burelen van de gemeente en de ambtenaren van
                    de gemeente volledig meewerken aan de accountantscontrole.Artikel 6. Overige
                    controles en opdrachtenNaast de controle van de jaarrekening zijn er meer
                    werkzaamheden binnen de gemeente die de inzet van een accountant (kunnen)
                    vereisen. De aanwijzing van de accountant voor andere soort accountantscontroles
                    is een bevoegdheid van het college. Ook kan het college besluiten om
                    advieswerkzaamheden uit te besteden aan de door de raad benoemde accountant. Het
                    betreft hier vanzelfsprekend advieswerkzaamheden die samenhangen met de
                    natuurlijke adviesfunctie van de accountant die de onafhankelijkheid van de
                    accountant niet in gevaar brengen. Het eerste lid van artikel 6 van de
                    verordening regelt hoe het college moet omgaan met de uitbesteding van
                    "advieswerkzaamheden" zoals de verbetering van de administratieve organisatie,
                    aan de door de raad benoemde accountant. Door deze werkzaamheden te gunnen aan
                    de door de raad benoemde accountant kan de onafhankelijkheid en daarmee de
                    integriteit van de accountant ten aanzien van zijn controlewerkzaamheden voor de
                    raad in het geding komen. Op de loer liggende belangenverstrengeling tussen
                    college en accountant kan mogelijk een weerslag hebben op de kwaliteit van de
                    controle van de jaarrekening. Hetzelfde geldt voor die gevallen waarbij de
                    accountant bij de accountantscontrole zijn eigen werk moet controleren. Het lid
                    bepaalt, dat het college voor advieswerkzaamheden, zoals bijvoorbeeld op het
                    gebied van de bestuurlijke informatieverzorging of de rechtmatigheid, de door de
                    raad benoemde accountant kan inschakelen. Indien het college dit voornemen
                    heeft, dient hij de raad hier vooraf over te informeren. Dit biedt de raad de
                    mogelijkheid om over de desbetreffende uitbesteding van werkzaamheden zijn
                    oordeel te vormen en zijn bedenkingen aan het college kenbaar te maken.Het
                    tweede en het derde lid regelen, dat het college voor de overige
                    controlewerkzaamheden in het algemeen de door de raad benoemde accountant
                    inschakelt. Het college mag hiervan afwijken indien dit in het belang van de
                    gemeente is. De accountant die de jaarrekening controleert, is vaak beter bekend
                    met de gemeentelijke administraties. Daarbij kunnen controles van de
                    jaarrekening en controles van medebewindstaken tegelijkertijd door één
                    accountant worden uitgevoerd (single audit). Dit levert een aanzienlijke
                    besparing op. In bepaalde gevallen is inschakeling van een andere accountant
                    raadzaam en soms zelfs onoverkomelijk. De reden hiervoor kan van prijstechnische
                    aard zijn, maar ook van bijvoorbeeld organisatorische aard (zo kunnen de
                    controlewerkzaamheden gemeenschappelijke activiteiten met een andere gemeente
                    betreffen en de accountantscontrole hiervan door de accountant van de andere
                    gemeente worden uitgevoerd). De verordening regelt dat het college in deze
                    gevallen vrij is in de keuze van de accountant.Artikel 7. RapporteringHet derde
                    en vierde lid van artikel 213 Gemeentewet regelt de rapportering en de inhoud
                    daarvan van de accountant aan de raad en het college. Aanvullend daarop kan de
                    raad in zijn programma van eisen bij de aanbesteding aanvullende inhoudelijke
                    eisen stellen, maar ook aanvullende rapporteringen van de accountant verlangen
                    (artikel 2, lid 3, letters c &amp; e van deze verordening). Artikel 7 regelt
                    aanvullende zaken aangaande de rapportering op grond van de door de accountant
                    uitgevoerde controles. Zaken die dan natuurlijk wel in het programma van eisen
                    bij de aanbesteding moeten worden geregeld.Naast de uiteindelijke eindcontrole
                    van de jaarrekening verricht de accountant meestal meerdere controles. Dit
                    kunnen door de raad in het programma van eisen van de aanbesteding opgenomen
                    tussentijdse controles (interim-controles) zijn. Het eerste lid van artikel 7
                    regelt, dat het college in elk geval bij geconstateerde afwijkingen door de
                    accountant die leiden tot het niet afgeven van een goedkeurende verklaring bij
                    de jaarrekening, een afschrift krijgt van de schriftelijke mededeling hierover
                    aan de raad. Dit opdat het college (in overleg met de raad en de accountant)
                    mogelijk nog tijdig maatregelen tot herstel kan treffen. Het tweede lid van
                    artikel 7 regelt, dat het management een rapportage krijgt van de door de
                    accountant uitgevoerde (deel)controles. In deze rapportage worden kleine
                    afwijkingen en tekortkomingen die niet leiden tot het niet afgeven van een
                    goedkeurende verklaring en niet van bestuurlijk belang zijn, aan het management
                    meegedeeld. Het gaat hierbij om bijvoorbeeld opmerkingen over (kleine)
                    rubriceringfouten en (kleine) onvolkomenheden in de administratieve organisatie,
                    welke eenvoudig in onderling overleg met het management van de gemeente kunnen
                    worden opgelost. Het management kan op grond van de rapportage actie ondernemen
                    voor herstel van de afwijkingen en onvolkomenheden.Voorts is in het artikel een
                    lid opgenomen voor de procedure van hoor en wederhoor. De constateringen in het
                    verslag van bevindingen worden voorafgaand aan verzending van de
                    accountantsverklaring en het verslag van bevindingen aan de raad door de
                    accountant besproken met het college. Het geeft het college de mogelijkheid
                    kanttekeningen te plaatsen bij de constateringen in het (concept-)verslag van
                    bevindingen.Tot slot in het vierde lid van dit artikel opgenomen, dat de
                    accountant zijn verslag van bevindingen aan de raad mondeling toelicht.Artikel
                    8. InwerkingtredingIn dit artikel wordt de datum gegeven vanaf waarneer deze
                    verordening in werking treedt.Artikel 9. CiteertitelIn dit artikel wordt de naam
                    gegeven waarmee in gemeentelijke stukken naar deze verordening kan worden
                    verwezen.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>