<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--
      meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR50207_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Financiële verordening gemeente Staphorst 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Staphorst</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-07-26</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Staphorst</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Staphorster, 08-06-2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Financiële verordening gemeente Staphorst 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelIV/HoofdstukXIV/Artikel212">Gemeentewet, art. 212.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-11-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-11-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-08-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>09-4774</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Regeling vervangt de Financiële verordening gemeente Staphorst 2006.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Financiële verordening gemeente Staphorst 2009
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef>
      <regeling-tekst>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>Paragraaf</label>
            <nr>1</nr>
            <titel>Begripsbepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1</nr>
              <titel>Definities</titel>
            </kop>
            <al>In deze verordening wordt verstaan onder: a. BBV: het Besluit begroting
                            en verantwoording provincies en gemeenten. b. sector: iedere
                            organisatorische eenheid binnen de gemeentelijke organisatie die als
                            zodanig een eigen rechtstreekse verantwoordelijkheid aan het college
                            heeft. c. administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen,
                            verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen,
                            het functioneren en het beheersen van (onderdelen van) de organisatie
                            van de gemeente Staphorst en ten behoeve van de verantwoording die
                            daarover moet worden afgelegd. d. financiële administratie: het
                            onderdeel van de administratie dat omvat het systematisch maken en
                            verwerken van aantekeningen betreffende de financiële gegevens van
                            (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Staphorst te komen tot
                            een goed inzicht in:- a. de financieel-economische positie; - b. het
                            financiële beheer ; - c. de uitvoering van de begroting; - d. het
                            afwikkelen van vorderingen en schulden; - e. alsmede tot het afleggen
                            van rekening en verantwoording daarover. e. administratieve organisatie:
                            het stelsel van organisatorische maatregelen gericht op het tot stand
                            brengen en het in stand houden van de goede werking van de bestuurlijke
                            en ambtelijke informatieverzorging ten behoeve van de verantwoordelijke
                            leiding. f. financieel beheer: het uitoefenen van bestuur over en
                            toezicht op het beheer van middelen en het uitoefenen van rechten van de
                            gemeente Staphorst g. rechtmatigheid: het in overeenstemming zijn met
                            geldende wet- en regelgeving, waaronder gemeentelijke verordeningen,
                            raadsbesluiten en collegebesluiten. h. doelmatigheid: het realiseren van
                            vooraf vastgestelde prestaties met een zo beperkt mogelijke inzet van
                            middelen. i. doeltreffendheid: de mate waarin de gemeente erin slaagt
                            met de geleverde prestaties de gestelde doelen of de beoogde
                            maatschappelijke effecten te bereiken. j. integrale kostprijs: De
                            integrale kostprijs is de som van de vaste en variabele kosten die aan
                            het product zijn toegeschreven. k. bestuurskader: De door de raad
                            vastgestelde beleids- en uitvoeringsbepalingen die door het college van
                            b &amp; w dienen te worden nageleefd danwel uitgevoerd binnen de
                            betreffende raadsperiode.</al>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>Paragraaf</label>
            <nr>2</nr>
            <titel>Begroting en verantwoording</titel>
          </kop>
          <sub-paragraaf>
            <kop>
              <label>Sub-paragraaf</label>
              <nr>1</nr>
              <titel>Kaderstellen</titel>
            </kop>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>2</nr>
                <titel>Programmabegroting</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1</lidnr>
                <al>De raad stelt in ieder geval bij de aanvang van de nieuwe
                                    raadsperiode de programma’s voor een programmabegroting vast.
                                    Bij de opstelling van het Bestuurskader worden de onderwerpen
                                    zodanig gerubriceerd dat er aansluiting is met de indeling van
                                    de programmabegroting.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2</lidnr>
                <al>De raad stelt per programma vast, hetgeen in artikel 8 BBV is
                                    aangegeven, zijnde:- de beoogde maatschappelijke effecten
                                    (outcome): wat willen we bereiken?- de te leveren inspanningen
                                    en resultaten (output): wat gaan we daarvoor doen?- de baten en
                                    lasten (input): wat mag het kosten?</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>3</lidnr>
                <al>Het college stelt per programma indicatoren met streefwaarden
                                    voor met betrekking tot de beoogde maatschappelijke effecten en
                                    met betrekking tot de te leveren inspanningen en
                                    resultaten.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>4</lidnr>
                <al>De raad stelt de indicatoren en streefwaarden, bedoeld in het
                                    derde lid, vast.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>5</lidnr>
                <al>Het college draagt zorg voor het verzamelen en vastleggen van
                                    gegevens over de geleverde goederen en diensten en de
                                    maatschappelijke effecten, opdat de doelmatigheid en
                                    doeltreffendheid van het beleid zoals vastgesteld door de raad,
                                    kunnen worden getoetst.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>6</lidnr>
                <al>De raad stelt de programmabegroting voor het volgende
                                    begrotingsjaar en de drie opvolgende jaren op een zodanige datum
                                    vast dat deze voor 15 november bij het college van Gedeputeerde
                                    Staten van Overijssel zijn aangeboden.</al>
              </lid>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>3</nr>
                <titel>Producten</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1</lidnr>
                <al>Bij iedere begroting en jaarstukken wordt ter informatie een
                                    overzicht gegeven van de toedeling van de producten uit de
                                    productraming aan de programma’s.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2</lidnr>
                <al>De onderverdeling van de programma’s in de producten staat voor
                                    de raadsperiode vast, tenzij er dringende redenen zijn tot
                                    wijzigen. Wijzigingen worden bij de begroting expliciet
                                    vermeld.</al>
              </lid>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>4</nr>
                <titel>Kaders begroting</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1</lidnr>
                <al>Het college biedt binnen 15 dagen na ontvangst van de
                                    mei-circulaire aan de raad een kadernota aan met een voorstel
                                    voor het beleid en de financiële kaders van de ontwerp-begroting
                                    voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. De raad
                                    stelt deze kadernota vast in de laatste vergadering voor het
                                    zomerreces.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2</lidnr>
                <al>De bevindingen uit de rapportage van de begrotingsuitvoering
                                    bedoeld in artikel 6 en de jaarstukken bedoeld in artikel 7
                                    worden hierbij betrokken.</al>
              </lid>
            </artikel>
          </sub-paragraaf>
          <sub-paragraaf>
            <kop>
              <label>Sub-paragraaf</label>
              <nr>2</nr>
              <titel>Uitvoering</titel>
            </kop>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>5</nr>
                <titel>Uitvoering begroting</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1</lidnr>
                <al>Het college legt in de “algemene regeling budgethouderschap
                                    gemeente Staphorst” regels vast, die waarborgen dat de
                                    uitvoering van de begroting rechtmatig, doelmatig en
                                    doeltreffend verloopt. Deze regeling dient een maal per
                                    bestuursperiode (vier jaar) te worden herzien.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2</lidnr>
                <al>Het college draagt ten aanzien van de productenbegroting er zorg
                                    voor dat de financiële administratie zodanig wordt ingericht
                                    dat: a. de lasten en baten, door middel van kostentoerekening,
                                    eenduidig zijn toe te rekenen aan de functies van de
                                    productenbegroting; b. de budgetten in de productenbegroting en
                                    kredieten voor investeringen passen binnen de kaders zoals
                                    geautoriseerd bij de vaststelling van de programmabegroting. c.
                                    het saldo van baten en lasten en van de producten niet dusdanig
                                    worden overschreden dat de realisatie van andere producten
                                    binnen hetzelfde programma onder druk komt.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>3</lidnr>
                <al>Het college draagt er zorg voor dat per programma het saldo van
                                    lasten zoals geautoriseerd in de (gewijzigde) begroting niet
                                    wordt overschreden. Zodra blijkt dat het niet mogelijk is de
                                    vooraf vastgestelde inspanningen en resultaten van een programma
                                    binnen dit saldo te realiseren, zal het college de raad hiervan
                                    uiterlijk in de eerstvolgende Bestuursrapportage op de hoogte
                                    stellen.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>4</lidnr>
                <al>Bij de vaststelling van de begroting autoriseert de raad het
                                    college tot het doen van: - vervangingsinvesteringen; - een
                                    volgende fase/jaarschijf van een door de raad vastgesteld plan;
                                    - renovaties woonomgeving/speelplaatsen tot een bedrag van €
                                    100.000,- <vet>voorwaarden: </vet></al>
                <al>1. draagvlak bij betrokkenen;2. plan wordt ter informatie/inzage
                                    in de leeskamer gelegd; 3. eerst na mededeling
                                    portefeuillehouder in commissie wordt overgegaan tot
                                    gunning/uitvoering</al>
                <al>- kleine bouwkundige aanpassingen tot een bedrag van € 30.000
                                        <vet>voorwaarden: </vet></al>
                <al>1. plan wordt ter informatie/inzage in de leeskamer gelegd;2.
                                    eerst na mededeling portefeuillehouder in commissie wordt
                                    overgegaan tot gunning/uitvoering.</al>
                <al>- opstellen plannen en of onderzoeken; - sterk
                                    uitvoeringsgerichte onderwerpen tot € 30.000,-.</al>
              </lid>
            </artikel>
          </sub-paragraaf>
          <sub-paragraaf>
            <kop>
              <label>Sub-paragraaf</label>
              <nr>3</nr>
              <titel>Rapportage en Verantwoording</titel>
            </kop>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>6</nr>
                <titel>Tussentijdse rapportage en informatie</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1</lidnr>
                <al>Het college informeert de raad door middel van
                                    bestuursrapportages, ten minste over de realisatie van de
                                    begroting van de gemeente over de eerste vier maanden en de
                                    eerste negen maanden van het lopende boekjaar.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2</lidnr>
                <al>De bestuursrapportages worden aan de raad aangeboden op de
                                    volgende tijdstippen: a. de viermaands rapportage (1e berap)
                                    vóór 31 juli van het lopende begrotingsjaar; b. de negenmaands
                                    rapportage (2e berap) vóór 31 december van het lopende
                                    begrotingsjaar.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>3</lidnr>
                <al>De inrichting van de bestuursrapportages sluit aan bij de
                                    programma-indeling van de begroting. De rapportages gaan in op:
                                    a. Programmabegroting - afwijkingen, zowel wat betreft de
                                    financiële middelen, de inspanningen en resultaten en de
                                    maatschappelijke effecten. b. Bestuurskader - de stand van zaken
                                    in de voortgang van het Bestuurskader. c. Investeringen - de
                                    voortgang in de uitvoering van de investeringswerken.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>4</lidnr>
                <al>Het college informeert de raad actief over uitkomsten van
                                    aanbestedingen zoals bepaald in de “algemene regeling
                                    budgethouderschap gemeente Staphorst”.</al>
              </lid>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>7</nr>
                <titel>Jaarstukken</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1</lidnr>
                <al> Het college biedt voor 31 mei van het daarop volgende
                                    rekeningjaar de gecontroleerde jaarstukken samen met de
                                    accountantsverklaring en het verslag van bevindingen van het
                                    vorige begrotingsjaar als bedoeld in Hoofdstuk IV c.q. artikel
                                    24 BBV c.q. aan.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2</lidnr>
                <al>De raad stelt de jaarstukken op een zodanig tijdstip vast dat
                                    deze stukken uiterlijk 15 juli van het jaar volgend op het
                                    begrotingsjaar zijn aangeboden bij het college van Gedeputeerde
                                    Staten.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>3</lidnr>
                <al>Het college legt verantwoording af over de uitvoering van de
                                    programma’s. In de verantwoording geeft het college aan: a. wat
                                    is bereikt; b. welke goederen en diensten zijn geleverd; c. wat
                                    de kosten zijn d. hoe de resultaten zich verhouden tot de in de
                                    begroting gestelde doelen.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>4</lidnr>
                <al>De raad bepaalt aan de hand van de jaarstukken of de
                                    beleidsdoelen van de programma’s bijstelling behoeven en of de
                                    inhoud van de paragrafen moet worden aangepast.</al>
              </lid>
            </artikel>
          </sub-paragraaf>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>Paragraaf</label>
            <nr>3</nr>
            <titel>Financiële positie</titel>
          </kop>
          <sub-paragraaf>
            <kop>
              <label/>
              <nr/>
              <titel> Kaderstellen </titel>
            </kop>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>8</nr>
                <titel>Financiële positie</titel>
              </kop>
              <al>Het college draagt er overeenkomstig artikel 3, lid 1 en 20 BBV zorg
                                voor, dat al het beleid waartoe de raad heeft besloten, in de
                                uiteenzetting van de financiële positie en in de meerjarenramingen
                                is opgenomen.</al>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>9</nr>
                <titel>Waardering </titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1</lidnr>
                <al>Het college legt in een “nota waardering en afschrijving vaste
                                    activa” de regels vast, die zij hanteert voor de waardering en
                                    afschrijving van vaste activa. Deze nota wordt opgesteld met
                                    inachtneming van de artikelen 59 t/m 65 BBV.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2</lidnr>
                <al>Het college legt de in lid 1 genoemde nota en het wijzigen er
                                    van ter vaststelling voor aan de raad in het eerste jaar van een
                                    nieuwe raadsperiode.</al>
              </lid>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>10</nr>
                <titel>Reserves en voorzieningen</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1</lidnr>
                <al>Het college biedt in het eerste jaar van een nieuwe raadsperiode
                                    de (bijgestelde) nota reserves en voorzieningen aan;</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2</lidnr>
                <al>De nota behandelt: a. de vorming en besteding van reserves; b.
                                    de vorming en besteding van voorzieningen;</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>3</lidnr>
                <al>De raad stelt deze nota vast.</al>
              </lid>
            </artikel>
            <artikel>
              <kop>
                <label>Artikel</label>
                <nr>11</nr>
                <titel>Kostprijsberekening</titel>
              </kop>
              <lid>
                <lidnr>1</lidnr>
                <al>Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van producten en
                                    diensten van de gemeente Staphorst wordt het systeem van
                                    integrale kostprijs gehanteerd.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>2</lidnr>
                <al>Bij de bepaling van de integrale kostprijs als bedoeld in het
                                    eerste lid, worden meegenomen de bijdragen aan en van reserves
                                    of voorzieningen en bij leges en retributies (rioolrechten en
                                    afvalstoffenheffing) wordt tevens betrokken de compensabele BTW
                                    als bedoeld in artikel 229b Gemeentewet.</al>
              </lid>
              <lid>
                <lidnr>3</lidnr>
                <al>De omslagrente voor de rentetoerekening van de kapitaallasten
                                    wordt jaarlijks bepaald. De omslagrente maakt onderdeel uit van
                                    de uitgangspunten behorende bij de samenstelling van de
                                    begroting als bedoeld in artikel 4.</al>
              </lid>
            </artikel>
          </sub-paragraaf>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>Paragraaf</label>
            <nr>4</nr>
            <titel>Paragrafen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>12</nr>
              <titel>Lokale heffingen</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1</lidnr>
              <al>Het college biedt tenminste in het derde jaar van een raadsperiode
                                een (bijgestelde) nota lokale heffingen aan ter vaststelling door de
                                raad. Deze nota behandelt in ieder geval: a. de samenstelling van
                                het pakket aan gemeentelijke belastingen en heffingen; b. de
                                kostendekkendheid van de heffingen; c. de druk van de lokale
                                belastingen en heffingen; d. het kwijtscheldingsbeleid en het
                                tarievenbeleid; e. de verordeningen met de bijbehorende
                                vaststellingsdata waarin de heffing en tarieven, zijn
                                vastgelegd.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2</lidnr>
              <al>Bij de begroting en jaarstukken doet het college in de paragraaf
                                lokale heffingen verslag van de opbrengsten per lokale heffing; het
                                volume en bedrag aan kwijtscheldingen; de kostendekkendheid van de
                                rioolrechten en de afvalstoffenheffing; de (ontwikkeling van de)
                                lokale lastendruk voor meerpersoonshuishoudingen.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>13</nr>
              <titel>Weerstandsvermogen</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1</lidnr>
              <al>Het college biedt ten minste in het derde jaar van een raadsperiode
                                een (bijgestelde) nota weerstandsvermogen aan ter vaststelling door
                                de raad. In deze nota wordt in ieder geval ingegaan op: a. het
                                risicomanagement; b. het opvangen van risico's door verzekeringen;
                                c. het treffen van voorzieningen; d. het weerstandsvermogen.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2</lidnr>
              <al>Het college geeft aan in de paragraaf weerstandsvermogen van de
                                begroting en van de jaarstukken de risico’s van materieel belang en
                                een inschatting van de kans dat deze risico’s zich voordoen. Het
                                college brengt hierbij in elk geval de risico’s in beeld en
                                actualiseert de risico’s genoemd in de nota bedoeld in het eerste
                                lid.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>14</nr>
              <titel>Onderhoud kapitaalgoederen</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1</lidnr>
              <al>Het college biedt tenminste eens in de vijf jaar een nota onderhoud
                                openbaar groen aan ter vaststelling door de raad. De nota geeft het
                                kader weer voor de inrichting van het onderhoud en het beoogde
                                onderhoudsniveau voor het openbaar groen en eveneens de
                                normkostensystematiek en het meerjarig budgettair beslag.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2</lidnr>
              <al>Het college biedt ten minste eens in de vijf jaar een nota
                                rioleringsplan aan ter vaststelling door de raad. De nota geeft het
                                kader weer voor de inrichting van het onderhoud, het beoogde
                                onderhoudsniveau en de uitbreiding van de riolering alsmede de
                                kwaliteit van het milieu en eveneens de normkostensystematiek en het
                                meerjarig budgettair beslag.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3</lidnr>
              <al>Het college biedt ten minste eens in de vijf jaar een wegennota ter
                                vaststelling door de raad aan. De nota geeft het kader weer voor de
                                inrichting van het onderhoud, het beoogde onderhoudsniveau van het
                                bestaande verharde wegennet: asfalt, elementen, betonwegen alsmede
                                voetpaden en pleinen. Hierbij wordt eveneens het meerjarig budget
                                bepaald.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4</lidnr>
              <al>Het college biedt ten minste eens in de vijf jaar een nota onderhoud
                                gebouwen ter vaststelling door de raad aan. De nota geeft het kader
                                weer voor de inrichting van het onderhoud, het beoogde
                                onderhoudsniveau van de bestaande gebouwen, de normkostensystematiek
                                en het meerjarig budgettair beslag.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>5</lidnr>
              <al>Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de paragraaf
                                onderhoud kapitaalgoederen verslag over de voortgang van het
                                geplande onderhoud en het eventuele achterstallig onderhoud van de
                                in lid 1 tot en met lid 4 genoemde kapitaalgoederen.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>15</nr>
              <titel>Financiering</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1</lidnr>
              <al>Het college neemt bij de uitoefening van de financieringsfunctie de
                                regels in acht, welke in de Wet Fido, het door uw raad vastgestelde
                                treasurystatuut en in het BBV zijn opgenomen.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2</lidnr>
              <al>Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de paragraaf
                                financiering in ieder geval verslag van: a. de kasgeldlimiet; b. de
                                renterisico norm; c. de liquiditeitsplanning en de
                                financieringsbehoefte voor de komende drie jaar; d. de rentevisie en
                                e. de rentekosten en rente-opbrengsten verbonden aan de
                                financieringsfunctie.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>16</nr>
              <titel>Bedrijfsvoering</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1</lidnr>
              <al>De raad stelt tenminste in het tweede jaar van een raadsperiode een
                                nota bedrijfsvoering vast. In de nota wordt speciale aandacht
                                geschonken aan de relatie tussen het gemeentelijk apparaat en de
                                inwoners van de gemeente.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2</lidnr>
              <al>In de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag wordt
                                gerapporteerd over de bij de begroting bepaalde onderwerpen
                                aangaande de bedrijfsvoering alsmede over nieuwe ontwikkelingen te
                                weten: a. aantal personeelsleden in dienst onderverdeeld naar
                                leeftijd en beloningsschaal; b. de instroom, uitstroom en het
                                percentage ziekteverzuim van personeel; c. de directe loonkosten; d.
                                de personeelskosten e. de kosten inleenkrachten; f. de kosten van
                                ingehuurde externen; g. de huisvestingskosten; h. de
                                automatiseringskosten; i. vernieuwing, uitbreiding,
                                herstructurering, reorganisatie en inkrimping van de ambtelijke
                                organisatie; j. het gemeentelijk materieel.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>17</nr>
              <titel>Verbonden partijen</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1</lidnr>
              <al>Het college biedt ten minste in het tweede jaar van een raadsperiode
                                een (bijgestelde) nota verbonden partijen aan ter vaststelling door
                                de raad.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2</lidnr>
              <al>Van elk van de verbonden partijen wordt weergegeven het openbaar
                                belang, het eigen vermogen, het financieel resultaat (voor zover
                                bekend) en het financieel belang en de zeggenschap van de
                                gemeente.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3</lidnr>
              <al>De nota bevat voorts de kaders voor het beleid aangaande (het
                                aangaan van nieuwe) participaties met name de condities waaronder
                                het publiek belang is gediend met behartiging door verbonden
                                partijen, de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de
                                verbonden partijen en de financiële voorwaarden.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4</lidnr>
              <al>In de begroting en de jaarstukken wordt in de paragraaf verbonden
                                partijen in elk geval ingegaan op nieuwe verbonden partijen, het
                                beëindigen van bestaande verbonden partijen, het wijzigen van
                                bestaande verbonden partijen en eventuele problemen bij bestaande
                                verbonden partijen.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>18</nr>
              <titel>Grondbeleid</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1</lidnr>
              <al>Het college biedt tenminste in het vierde jaar van een raadsperiode
                                een (bijgestelde) nota grondbeleid aan ter behandeling en
                                vaststelling door de raad. In deze nota wordt aandacht besteed aan:
                                a. de relatie met de programma’s van de begroting; b. de
                                strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de gemeente;
                                c. aan te ontwikkelen en in ontwikkeling genomen projecten; d. de
                                voorraadverwerving en uitgifte van gronden; e. de
                                beleidsuitgangspunten omtrent de reserves grondzaken in relatie tot
                                de risico´s van de grondzaken; f. de deelname in PPS-constructies;
                                g. de geraamde kosten en opbrengsten per in ontwikkeling genomen
                                project.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2</lidnr>
              <al>Bij de begroting en het jaarverslag wordt in de paragraaf
                                grondbeleid rekening gehouden met hetgeen in artikel 16 van het BBV
                                is aangegeven zoals de uitvoering van de nota grondbeleid, met name
                                de belangrijkste financiële ontwikkelingen waaronder
                                verlies/winstverwachtingen, de verwerving van gronden e.d. en de
                                relaties van het grondbeleid met de programma’s.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>19</nr>
              <titel>Verstrekking subsidies</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1</lidnr>
              <al>Het college biedt tenminste in het vierde jaar van een raadsperiode
                                een (bijgestelde) nota verstrekking gemeentelijke subsidies ter
                                vaststelling aan.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2</lidnr>
              <al>De nota bevat het kader voor de verstrekking van gemeentelijke
                                subsidies en een overzicht van de toegekende gemeentelijke
                                subsidies.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>Paragraaf</label>
            <nr>5</nr>
            <titel>Financiële organisatie en administratie</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>20</nr>
              <titel>Financiële Organisatie</titel>
            </kop>
            <al>Het college draagt de zorg voor en legt (in een besluit) vast:</al>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden,
                                    verantwoordelijkheden, zodat aan de eisen van interne controle
                                    wordt voldaan en de betrouwbaarheid van de verstrekte informatie
                                    aan beleids- en beheersorganen is gewaarborgd;</al></li>
              <li nr="2."><al>de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van
                                    verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en
                                    investeringskredieten;</al></li>
              <li nr="3."><al>de te maken afspraken met de sectoren over de te leveren
                                    prestaties, de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en
                                    frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten
                                    en uitputting van middelen;</al></li>
              <li nr="4."><al>de regels voor de verlening van décharge over het gevoerde
                                    beheer van de sectoren.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>21</nr>
              <titel>(Financiële) Administratie</titel>
            </kop>
            <al>De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval
                            dienstbaar is voor: a. het sturen en het beheersen van activiteiten en
                            processen in de gemeente als geheel en in de sectoren; b. het
                            verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van activa
                            met economisch nut, activa met maatschappelijk nut, voorraden,
                            vorderingen en schulden, enzovoorts; c. het verschaffen van informatie
                            aan de budgethouders en voor het maken van kostencalculaties; d. het
                            bevorderen van de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de
                            doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde
                            beleidsdoelen, de begroting en ter zake geldende wet- en regelgeving; e.
                            het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de doelmatigheid
                            en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de
                            gestelde beleidsdoelen, de begroting en ter zake geldende wet- en
                            regelgeving; f. de controle van de registratie van gegevens als zodanig
                            en van de daaraan ontleende informatie alsmede voor de controle op de
                            rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde
                            bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen; g. het voldoen aan het
                            BBV en andere relevante wet- en regelgeving; h. het verstrekken van de
                            vereiste informatie aan het rijk, de provincie en de Europese Unie,
                            alsmede aan andere instellingen die specifieke
                            verantwoordingsverplichtingen opleggen aan gemeenten.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>22</nr>
              <titel>Aanbesteding</titel>
            </kop>
            <al>Het college draagt er zorg voor dat wordt opgenomen in de “algemene
                            regeling budgethouderschap gemeente Staphorst” de voorwaarden voor de
                            inkoop van goederen en diensten en het aanbesteden van werken. De regels
                            waarborgen dat wordt gehandeld in overeenstemming met de regels terzake
                            van de Europese Unie.</al>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label>Paragraaf</label>
            <nr>6</nr>
            <titel>Slotbepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>23</nr>
              <titel>Inwerkingtreding</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1</lidnr>
              <al>Deze verordening treedt in werking op 1 november 2009.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2</lidnr>
              <al>Bij de inwerkingtreding van de verordening vervalt: de “Financiële
                                verordening gemeente Staphorst 2006” zoals vastgesteld bij
                                raadsbesluit d.d. 20 december 2005.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>24</nr>
              <titel>Citeertitel</titel>
            </kop>
            <al>Deze verordening kan worden aangehaald onder de naam “Financiële
                            verordening gemeente Staphorst 2009”.</al>
          </artikel>
        </paragraaf>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>