<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR49574_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Cliëntenparticipatieverordening Wet werk en bijstand (WWB), Wet investeren in jongeren (WIJ) en Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Grootegast</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-11-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Westerkwartier</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Streekkrant, 02-11-2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Cliëntenparticipatieverordening WWB, WIJ en Wmo</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet werk en bijstand, art. 47</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, art. 42</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, art. 42</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet investeren in Jongeren, art. 12, lid 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet maatschappelijke ondersteuning, art. 11</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 150</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-10-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-11-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Cliëntenparticipatieverordening WWB, WIJ, en Wmo</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-18815</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Cliëntenparticipatieverordening Wet werk en bijstand (WWB), Wet investeren in jongeren (WIJ) en Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Grootegast, </al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 5 oktober 2010;</al><al/><al>gelet op artikel 47 van de Wet werk en bijstand, artikel 42 van de Wet
                        inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze
                        werknemers (Ioaw), artikel 42 van de Wet inkomensvoorziening oudere en
                        gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz), artikel 12,
                        eerste lid Wet investeren in jongeren, artikel 11 van de Wet
                        maatschappelijke ondersteuning en artikel 150 van de Gemeentewet;</al><al/><al>besluit vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al><vet>Cliëntenparticipatieverordening Wet werk en bijstand (WWB), Wet
                            investeren in jongeren (WIJ) en Wet maatschappelijke ondersteuning
                            (Wmo)</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al/><lijst><li nr="1."><al>Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die
                                    niet nader worden omschreven hebben de betekenis die de Wet werk
                                    en bijstand, de Wet investeren in jongeren en de Wet
                                    maatschappelijke ondersteuning daaraan toekent. </al></li><li nr="2."><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a"><al>wet: de Wet werk en bijstand, de Wet investeren in
                                            jongeren en de Wet maatschappelijke ondersteuning. In
                                            deze verordening wordt onder de wet tevens begrepen de
                                            Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                            arbeidsongeschikte werkloze werknemers (loaw), de Wet
                                            inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
                                            arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz), het
                                            Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz);</al></li><li nr="b"><al>cliënt: de persoon die een uitkering ontvangt van de
                                            gemeente Grootegast op grond van de wet, alsmede de
                                            persoon die behoort tot de doelgroep van artikel 4 van
                                            de Reïntegratieverordening WWB dan wel de doelgroep die
                                            wordt benoemd in de nog op stellen nieuwe
                                            Participatieverordening;</al></li><li nr="c"><al>Cliëntenplatform: het Platform Cliëntenparticipatie
                                            gemeente Grootegast;</al></li><li nr="d"><al>raad: de gemeenteraad van de gemeente Grootegast;</al></li><li nr="e"><al>maatschappelijke organisatie: de instelling die zich
                                            blijkens haar doelstelling en feitelijke werkzaamheden
                                            direct of indirect richt op de behartiging van de
                                            belangen van de cliënt;</al></li><li nr="f"><al>cliëntenparticipatie: de gestructureerde wijze waarop de
                                            gemeente Grootegast haar cliënten en maatschappelijke
                                            organisaties betrekt in de beleidsvorming, uitvoering en
                                            evaluatie van de door de gemeente uit te voeren
                                            regelingen op het terrein van de sociale zekerheid en
                                            Wet maatschappelijke ondersteuning, de wijze van
                                            dienstverlening en de wijze van communicatie met de
                                            cliënten.</al><al/></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Doel cliëntenparticipatie</titel></kop><al>Het doel van de cliëntenparticipatie is: </al><lijst><li nr="1."><al>cliënten en maatschappelijke organisaties, vanuit een
                                    onafhankelijke positie, door middel van advisering aan het
                                    college optimaal te betrekken bij het uitkerings- en
                                    arbeidsreïntegratiebeleid en het beleid op het terrein van
                                    maatschappelijke ontwikkeling van de gemeente, alsmede bij de
                                    daarop gerichte dienstverlening en communicatie. </al></li><li nr="2."><al>het bijdragen aan de totstandkoming of verbetering van het
                                    gemeentelijk uitkerings- en arbeidsreïntegratiebeleid alsmede
                                    het beleid op het gebied van de Wet maatschappelijke
                                    ondersteuning, de dienstverlening en de communicatie met de
                                    cliënten.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Het Platform Cliëntenparticipatie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling en omvang</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het Cliëntenplatform bestaat uit cliënten en vertegenwoordigers
                                    van maatschappelijke organisaties.</al></li><li nr="2."><al>Het Cliëntenplatform telt maximaal tien leden. Eén lid is
                                    onafhankelijk voorzitter. De meerderheid van de leden kan bij
                                    voorkeur tot de doelgroepen worden gerekend.</al></li><li nr="3."><al>Indien het ledental van het Cliëntenplatform daalt tot drie of
                                    minder worden de werkzaamheden van het Cliëntenplatform
                                    opgeschort tot het tijdstip dat het Cliëntenplatform minimaal
                                    vier leden telt.</al></li><li nr="4."><al>Door of namens het college wordt zorg gedragen voor de werving
                                    van nieuwe leden.</al></li><li nr="5."><al>Het platform ontvangt ambtelijke ondersteuning vanuit de
                                    gemeente.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Voordracht en benoeming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De leden van het Cliëntenplatform worden door het college
                                    benoemd.</al></li><li nr="2."><al>De benoeming van de voorzitter geschiedt uit kandidaten die zich
                                    na een openbare oproep daartoe hebben aangemeld of die met hun
                                    instemming door derden als zodanig zijn voorgedragen.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergaderingen van het Cliëntenplatform worden voorgezeten
                                    door de voorzitter.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter wordt door het college in functie benoemd.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter vertegenwoordigt het Cliëntenplatform.</al></li><li nr="4."><al>De stukken die van het Cliëntenplatform uitgaan worden door de
                                    voorzitter ondertekend. </al></li><li nr="5."><al>De voorzitter is niet tevens: </al><lijst><li nr="a"><al>door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of
                                            daaraan ondergeschikt;</al></li><li nr="b"><al>door of vanwege een door de gemeente gesubsidieerde
                                            instelling aangesteld of daaraan ondergeschikt;</al></li><li nr="c"><al>lid van de gemeenteraad of van het college van de
                                            gemeente Grootegast;</al></li><li nr="d"><al>cliënt van de afdeling Samenlevingszaken of
                                            vertegenwoordiger van een maatschappelijke
                                            organisatie.</al><al/></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Zittingsduur en beëindiging lidmaatschap</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De zittingsduur van een lid van het Cliëntenplatform bedraagt
                                    vier jaar, gerekend vanaf de datum van ingang van zijn
                                    benoeming.</al></li><li nr="2."><al>Het lidmaatschap eindigt door:</al><lijst><li nr="a"><al>het verstrijken van de zittingsduur;</al></li><li nr="b"><al>het vervallen van de hoedanigheid van cliënt of van
                                            vertegenwoordiger van een maatschappelijke
                                            organisatie;</al></li><li nr="c"><al>aftreden op eigen schriftelijk verzoek;</al></li><li nr="d"><al>onder curatelestelling;</al></li><li nr="e"><al>overlijden;</al></li><li nr="f"><al>opzeggen van het vertrouwen door alle overige zitting
                                            hebbende leden bij ernstig en langdurig disfunctioneren
                                            van een lid;</al></li><li nr="g"><al>ontslag door het college op grond van met het
                                            lidmaatschap van het Cliëntenplatform onverenigbaar
                                            handelen.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De leden zijn na het verstrijken van hun zittingsduur
                                    onmiddellijk herbenoembaar.</al><al/></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Taken en rechten van het Cliëntenplatform</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Taak van het platform Cliëntenparticipatie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het Cliëntenplatform heeft tot taak het college gevraagd of
                                    ongevraagd te adviseren over:</al><lijst><li nr="a"><al>de vorming, uitvoering en evaluatie van het
                                            gemeentelijke sociale zekerheidsbeleid;</al></li><li nr="b"><al>de wijze van dienstverlening aan de cliënten;</al></li><li nr="c"><al>de wijze van communicatie met de cliënten.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het advies wordt op een zodanig tijdstip gevraagd, dat het van
                                    wezenlijke invloed kan zijn op het te nemen besluit.</al></li><li nr="3."><al>Indien het college het advies van het Cliëntenplatform niet of
                                    niet geheel overneemt, stelt het het Cliëntenplatform van zijn
                                    motieven om van het advies af te wijken schriftelijk in kennis.
                                    Betreft het advies een voorstel aan de gemeenteraad dan wordt de
                                    motivering bovendien in het raadsvoorstel opgenomen.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Informatierecht</titel></kop><al>Het college is verplicht aan het Cliëntenplatform tijdig alle informatie
                            te verstrekken die deze voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijze
                            nodig heeft. </al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Geheimhoudingsplicht</titel></kop><al>Het Cliëntenplatform neemt kennis van het bepaalde in artikel 2:5 van de
                            Algemene wet bestuursrecht. Behalve na voorafgaande schriftelijke
                            toestemming van de gemeente zal het Cliëntenplatform informatie met een
                            vertrouwelijk karakter niet aan derden kenbaar maken.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>Vergaderingen, vergaderorde en beslissingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Periodiek overleg met de gemeente</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Minimaal twee keer per jaar vindt overleg van het
                                    Cliëntenplatform met de gemeente plaats.</al></li><li nr="2."><al>Onverminderd het bepaalde in het eerste lid wordt een
                                    vergadering met de gemeente belegd wanneer tenminste eenderde
                                    deel van het aantal zitting hebbende leden van het
                                    Cliëntenplatform daarom verzoekt.</al></li><li nr="3."><al>Onverminderd het bepaalde in het eerste lid wordt een
                                    vergadering met de gemeente belegd, wanneer door of namens het
                                    college daarom wordt verzocht.</al></li><li nr="4."><al>Een vergadering als bedoeld in het eerste lid wordt tenminste
                                    vier weken voor het plaatsvinden van de vergadering
                                    bekendgemaakt.</al></li><li nr="5."><al>Een vergadering als bedoeld in het tweede of derde lid wordt
                                    tenminste twee weken voor het plaatsvinden van de vergadering
                                    bekendgemaakt.</al></li><li nr="6."><al>Aan de vergaderingen van het Cliëntenplatform neemt ten minste
                                    tweemaal per jaar een afgevaardigde van de gemeente Grootegast
                                    als vertegenwoordiger van het college deel. Op verzoek van het
                                    platform kan dit vaker gebeuren.</al></li><li nr="7."><al>Het Cliëntenplatform kan de verantwoordelijk wethouder of een of
                                    meerdere leden van de gemeenteraad en/of derden uitnodigen de
                                    vergadering van het Cliëntenplatform bij te wonen voor het geven
                                    van toelichting en/of advies.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Leiding van de vergadering</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergaderingen als bedoeld in artikel 10 worden geleid door de
                                    voorzitter van het Cliëntenplatform.</al></li><li nr="2."><al>Bij verhindering of afwezigheid van de voorzitter wijst het
                                    Cliëntenplatform een van zijn leden aan als tijdelijk voorzitter
                                    van de vergadering.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Schriftelijke oproeping</titel></kop><al>De voorzitter van het Cliëntenplatform roept de leden, een afgevaardigde
                            van de gemeente Grootegast en eventuele genodigden, tot de vergadering
                            op. De oproeping geschiedt door middel van een tijdige, schriftelijke
                            uitnodiging waarin de datum, het tijdstip van aanvang, de plaats van de
                            vergadering en de agenda zijn vermeld. Eventuele bijlagen worden bij de
                            agenda gevoegd.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Agenda</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De agenda voor de vergadering wordt door de voorzitter in
                                    overleg met de ambtelijk ondersteuner opgesteld.</al></li><li nr="2."><al>Elk lid, alsmede een lid van het college, heeft het recht
                                    schriftelijk agendavoorstellen bij de voorzitter in te
                                    dienen.</al></li><li nr="3."><al>De agenda wordt tenminste één week voor de vergadering aan de
                                    leden, een afgevaardigde van de gemeente Grootegast en eventuele
                                    genodigden toegezonden.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Beslissing en advies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergadering van het Cliëntenplatform wordt niet geopend
                                    voordat meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden
                                    tegenwoordig is. </al></li><li nr="2."><al>Indien ingevolge het eerste lid de vergadering niet kan worden
                                    geopend, belegt de voorzitter, onder verwijzing naar dit
                                    artikel, opnieuw een vergadering tegen een tijdstip dat ten
                                    minste vierentwintig uur na het bezorgen van de oproeping is
                                    gelegen.</al></li><li nr="3."><al>Op de vergadering, bedoeld in het tweede lid, is het eerste lid
                                    niet van toepassing.</al></li><li nr="4."><al>Alleen de leden van het Cliëntenplatform hebben stemrecht, met
                                    uitzondering van de voorzitter.</al></li><li nr="5."><al>De leden van het Cliëntenplatform stemmen zonder last.</al></li><li nr="6."><al>Indien over een voorstel geen stemming wordt gevraagd is het
                                    aangenomen.</al></li><li nr="7."><al>Stemmingen geschieden door middel van handopsteken.</al></li><li nr="8."><al>Voor het tot stand komen van een beslissing bij stemming wordt
                                    de volstrekte meerderheid vereist van hen die een stem hebben
                                    uitgebracht.</al></li><li nr="9."><al>Tenzij de vergadering voltallig is, wordt bij staking van
                                    stemmen het nemen van een beslissing uitgesteld tot een volgende
                                    vergadering, waarin de beraadslagingen kunnen worden
                                    heropend.</al></li><li nr="10."><al>Indien de stemmen staken in een voltallige vergadering of in een
                                    ingevolge het vorige lid opnieuw belegde vergadering, is het
                                    voorstel niet aangenomen.</al></li><li nr="11."><al>De adviezen van het Cliëntenplatform aan het college worden
                                    gegeven overeenkomstig de mening van de meerderheid van het
                                    Cliëntenplatform. Minderheidsstandpunten worden op verzoek in
                                    het voorstel of advies opgenomen.</al></li><li nr="12."><al>Indien door of namens het college is verzocht advies uit te
                                    brengen, geeft het Cliëntenplatform hieraan zo spoedig mogelijk,
                                    doch in elk geval binnen drie weken gevolg. </al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verslag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het cliëntenplatform stelt van elke vergadering van het
                                    Cliëntenplatform een verslag op. Dit verslag wordt in de
                                    eerstvolgende vergadering van het Cliëntenplatform ter
                                    vaststelling voorgelegd.</al></li><li nr="2."><al>Na de vaststelling van het verslag, bedoeld in het eerste lid,
                                    zendt het Cliëntenplatform het verslag aan de leden van het
                                    Cliëntenplatform, aan het college en voor zover nodig aan een
                                    afgevaardigde van de gemeente Grootegast. </al><al/></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5.</nr><titel>Faciliteiten en vergoedingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Faciliteiten</titel></kop><al>Ten behoeve van de werkzaamheden van het Cliëntenplatform stelt het
                            college die faciliteiten om niet beschikbaar die voor een goede
                            taakvervulling noodzakelijk zijn. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Vergoedingen en ondersteuning</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De kosten die het Cliëntenplatform redelijkerwijs moet maken
                                    voor de uitoefening van zijn taak komen ten laste van de
                                    gemeente.</al></li><li nr="2."><al>Tot deze kosten kunnen mede worden gerekend de kosten van:</al><lijst><li nr="a"><al>bevordering van de deskundigheid van de leden;</al></li><li nr="b"><al>kinderopvang;</al></li><li nr="c"><al>reizen;</al></li><li nr="d"><al>raadplegen van deskundigen.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De onkostenvergoeding per vergadering bedraagt € 10,- per
                                    lid</al></li><li nr="4."><al>Naast de onkostenvergoeding ontvangt het Cliëntenplatform
                                    gemiddeld maximaal 5 uur ambtelijke ondersteuning per
                                    maand.</al><al/></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Onvoorziene omstandigheden</titel></kop><al>In gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist het
                            college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als
                            "Cliëntenparticipatieverordening WWB, WIJ en Wmo".</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 november 2010.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Vervallen</titel></kop><al>De Verordening platform cliëntenparticipatie gemeente Grootegast van 31
                            augustus 2004 komt te vervallen en wordt hierbij ingetrokken. </al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 19 oktober 2010.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter De griffier</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label/><nr/><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Hierbij wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de begripsbepalingen uit de
                        Wet werk en bijstand, de Wet investeren in jongeren en de Wet
                        maatschappelijke ondersteuning. Alleen die begrippen zijn gedefinieerd die
                        niet voorkomen in of afwijken van deze wet.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Doel cliëntenparticipatie</titel></kop><al>Cliëntenparticipatie kent velerlei verschijningsvormen. In deze verordening
                        is voor realisatie van cliëntenparticipatie het middel van advisering
                        gekozen. Door middel van het advies van cliënten en maatschappelijke
                        organisaties wordt invloed uitgeoefend op zowel het uitkeringsbeleid als het
                        arbeidsreïntegratiebeleid van de gemeente, alsook op de daarop gerichte
                        dienstverlening en communicatie. De ervaringsdeskundigheid van de leden van
                        het Cliëntenplatform is de belangrijkste basis voor dit advies. </al><al>De verordening is dus niet van toepassing op andere vormen van
                        belangenbehartiging van cliënten. </al><al>Het advies kan een veelheid aan onderwerpen betreffen zoals: </al><al>– beleid met betrekking tot het verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid
                        voor personen als bedoeld in artikel 7,eerste lid, van de Wet werk en
                        bijstand. Het betreft hier o.a. personen die algemene bijstand ontvangen,
                        personen met een uitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (Anw) en
                        niet-uitkeringsgerechtigden.</al><al>– Uitkeringsbeleid met betrekking tot het tijdig en rechtmatig verstrekken
                        van de uitkering, met inbegrip van handhaving.</al><al>– Miminimabeleid: Hieronder verstaan wij het samenhangende beleid gericht op
                        preventie en bestrijding van armoede en sociale uitsluiting. </al><al>– Beleid bedoeld in artikel 11 van de Wet investeren in jongeren.</al><al>Let wel: bovengenoemde opsomming is niet uitputtend. </al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Het Cliëntenplatform WWB, WIJ en Wmo</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling en omvang</titel></kop><al>Eerste en tweede lid.</al><al>De samenstelling en de omvang van het Cliëntenplatform heeft geen wijziging
                        ondergaan. Omdat het gaat om cliëntenparticipatie ligt het in de rede dat
                        het Cliëntenplatform voor een groot deel (acht cliënten) bestaat uit leden
                        van de doelgroep zelf. Daarbij is het raadzaam te streven naar een
                        representatieve afspiegeling van de doelgroep. Gekozen is voor de vorm dat
                        deze vertegenwoordigers ook de jongeren gaan vertegenwoordigen. Een ander
                        deel van het Cliëntenplatform bestaat uit vertegenwoordigers van
                        maatschappelijke organisaties. Hiervoor is reeds ten tijde van het
                        cliëntenplatform voor gekozen, omdat zij vanuit hun professionaliteit een
                        waardevolle inbreng kunnen leveren en mede de continuïteit van het
                        Cliëntenplatform kunnen waarborgen. </al><al/><al>Derde lid.</al><al>Als het Cliëntenplatform te klein wordt, kan het uitbrengen van een
                        voldragen advies in gevaar komen. Vandaar dat de werkzaamheden van het
                        Cliëntenplatform worden opgeschort tot het tijdstip dat hij minimaal vier
                        leden telt. </al><al/><al>Vierde lid.</al><al>De verantwoordelijkheid van het college voor de instandhouding van een goed
                        functionerende cliëntenparticipatie in de gemeente brengt met zich mee dat
                        het gehouden is tijdig zorg te dragen voor een nieuwe aanwas van leden van
                        het Cliëntenplatform. Het college kan deze taak door een ander laten
                        vervullen. Het kan ook het Cliëntenplatform uitnodigen om kandidaten voor te
                        dragen. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Voordracht en benoeming van de leden van het Cliëntenplatform</titel></kop><al>Eerste en tweede lid.</al><al>De leden van het Cliëntenplatform worden door het college benoemd. Ook de
                        voorzitter. Omdat de voorzitter op grond van artikel 5 een onafhankelijke
                        positie in het Cliëntenplatform inneemt, is in het tweede lid diens
                        voordracht apart geregeld. </al><al>De vertegenwoordigers van de maatschappelijke organisaties worden vanuit hun
                        organisaties voorgedragen om plaats te nemen in het Cliëntenplatform.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><al>Eerste en tweede lid.</al><al>De onafhankelijke positie van de voorzitter van het Cliëntenplatform
                        rechtvaardigt dat deze door het college als voorzitter van het
                        Cliëntenplatform wordt benoemd.</al><al/><al>Derde lid.</al><al>De voorzitter vertegenwoordigt het Cliëntenplatform. Hij behoeft daarvoor
                        niet door het Cliëntenplatform in afzonderlijke gevallen te worden
                        gemachtigd. </al><al/><al>Vierde lid.</al><al>Dit lid behoeft geen toelichting.</al><al/><al>Vijfde lid.</al><al>In dit lid is een aantal voorwaarden vermeld. De onverenigbaarheid van
                        functies dient met name om ongewenste functievermenging tegen te gaan,
                        waardoor de onafhankelijkheid van de voorzitter onder druk zou kunnen komen
                        te staan. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Zittingsduur en beëindiging lidmaatschap</titel></kop><al>Eerste lid.</al><al>Vanwege de continuïteit is niet gekozen voor een collectief aftreden van het
                        Cliëntenplatform, maar voor een zittingsduur voor het individuele lid van
                        vier jaar gerekend vanaf de datum van zijn benoeming. </al><al/><al>Tweede lid.</al><al>In het tweede lid is een aantal redenen voor beëindiging van het
                        lidmaatschap aangegeven. </al><al/><al>In onderdeel f wordt de mogelijkheid geschapen het lidmaatschap van een lid
                        dat door zijn gedrag het functioneren van het Cliëntenplatform ernstig en
                        langdurig schaadt, te beëindigen. Omdat dit niet te lichtvaardig en niet te
                        gemakkelijk mag geschieden, is door de keuze van alle overige zitting
                        hebbende leden, die genoemd lidmaatschap zouden willen beëindigen, een hoge
                        drempel aangebracht. Na de opzegging van het vertrouwen, zal het college
                        besluiten al dan niet tot beëindiging van het lidmaatschap van het
                        betreffende lid over te gaan.</al><al/><al>In onderdeel g wordt het college de mogelijkheid geboden het lidmaatschap te
                        beëindigen, als een lid van het Cliëntenplatform door zijn handelen te
                        kennen heeft gegeven zijn lidmaatschap niet waardig te zijn. Hierbij moet
                        gedacht worden aan handelingen die het Cliëntenplatform in diskrediet
                        brengen, waartoe in ieder geval het plegen van misdrijven moet worden
                        gerekend. </al><al/><al>Derde lid.</al><al>Slechts in de situatie dat de zittingsduur van een lid is verstreken, kan
                        onmiddellijke herbenoeming door het college plaatsvinden. Het lid slaat dus
                        enkel op onderdeel a van het tweede lid.</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Taken en rechten van het Cliëntenplatform</titel></kop><al>Hoodstuk 3 regelt behalve de taakstelling van het Cliëntenplatform tevens
                        het adviesrecht, het recht op informatie. De toekenning van deze rechten
                        beoogt de cliëntenparticipatie te versterken. De mate van facilitering door
                        de gemeente bepaalt immers in niet onbelangrijke mate het succes van
                        cliëntenparticipatie. Bij de facilitering gaat het met name om ondersteuning
                        op inhoudelijke en op organisatorische aspecten. Behalve in dit hoofdstuk
                        hebben zij tevens een plaats gekregen in </al><al>hoofdstuk 5. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Taak Cliëntenplatform</titel></kop><al>Het Cliëntenplatform is een adviesorgaan voor het college. In het eerste lid
                        van dit artikel wordt zijn taak afgebakend tot de onder a, b en c genoemde
                        onderdelen. De behandeling van klachten, bezwaren en andere aangelegenheden
                        die de individuele klant of de individuele medewerker van de afdeling
                        Contact 7 Dienstverlening betreffen, behoort derhalve niet tot het
                        werkterrein van het Cliëntenplatform. </al><al/><al>In de in artikel 8 geformuleerde taakstelling van het Cliëntenplatform ligt
                        het adviesrecht van het Cliëntenplatform besloten. Dit recht op advies wordt
                        in het tweede lid verder uitgewerkt. Wanneer het college advies vraagt, moet
                        dit advies van invloed kunnen zijn op de besluitvorming. </al><al>Hiermede wordt het belang, dat de gemeente aan cliëntenparticipatie hecht,
                        onderstreept. Dit geldt eveneens voor het derde lid, waarin nogmaals tot
                        uitdrukking komt dat het advies van het Cliëntenplatform niet vrijblijvend
                        is. Het college zal te allen tijde aan het Cliëntenplatform schriftelijk
                        moeten berichten waarom het een bepaald advies niet of niet geheel
                        overneemt. Betreft het advies een voorstel aan de gemeenteraad dan wordt
                        bovendien de motivering van het college in het raadsvoorstel opgenomen.
                        Hiermee wordt het mogelijk gemaakt dat de gemeenteraad, zowel het advies van
                        het Cliëntenplatform als de motivering van het college in onderlinge
                        samenhang kan bezien en daaraan de waarde kan toekennen die hij nodig
                        oordeelt.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Informatierecht</titel></kop><al>Deze bepaling regelt het passieve informatierecht van het Cliëntenplatform.
                        Het is vorm gegeven in een actieve informatieplicht van het college. Het
                        college dient uit eigen beweging te zorgen dat het Cliëntenplatform tijdig
                        de nodige informatie ontvangt die voor zijn functioneren noodzakelijk of
                        dienstbaar is. Naast dit passieve informatierecht bezit het Cliëntenplatform
                        ook een actief informatierecht: Hij kan zelf om bepaalde inlichtingen en/of
                        gegevens vragen. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Geheimhoudingsplicht</titel></kop><al>Artikel 2:5 van de Algemene wet bestuursrecht luidt:</al><lijst><li nr="1"><al>Een ieder die is betrokken bij de uitvoering van de taak van een
                                bestuursorgaan en daarbij de beschikking krijgt over gegevens
                                waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet
                                vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of
                                wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een
                                geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding van die
                                gegevens, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot
                                mededeling verplicht of uit zijn taak de noodzaak tot mededeling
                                voortvloeit. </al></li><li nr="2"><al>Het eerste lid is mede van toepassing op instellingen en daartoe
                                behorende of daarvoor werkzame personen die door een bestuursorgaan
                                worden betrokken bij de uitvoering van zijn taak, en op instellingen
                                en daartoe behorende of daarvoor werkzame personen die een bij of
                                krachtens de wet toegekende taak uitoefenen. </al></li></lijst><al>De vergaderingen van het Cliëntenplatform zijn openbaar, tenzij dit botst
                        met de geheimhoudingsplicht. Omdat de mogelijkheid bestaat dat het
                        Cliëntenplatform kennis neemt van vertrouwelijke informatie is het goed zich
                        ervan rekenschap te geven dat hierop de geheimhoudingplicht van artikel 2: 5
                        van de Algemene wet bestuursrecht rust. Na vooraf verkregen schriftelijke
                        toestemming van het college mag het Cliëntenplatform genoemde informatie aan
                        derden verstrekken of publiek maken. </al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>Vergaderingen, vergaderorde en beslissingen</titel></kop><al>Hoofdstuk 4 reguleert het periodieke overleg met de gemeente. De
                        vergaderingen van het Cliëntenplatform louter met zijn eigen leden vallen
                        niet onder de werking van dit hoofdstuk. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Periodiek overleg met de gemeente</titel></kop><al>Eerste lid.</al><al>Dit lid behoeft geen toelichting.</al><al/><al>Tweede en derde lid.</al><al>Het kan voorkomen dat het Cliëntenplatform het noodzakelijk acht met de
                        gemeente te overleggen buiten de tijdstippen van het reguliere overleg,
                        bedoeld in het eerste lid. Daarom is in het tweede lid geregeld dat een
                        extra vergadering wordt belegd wanneer tenminste een derde deel van het
                        aantal zitting hebbende leden van het Cliëntenplatform daarom verzoekt. </al><al>Vierde en vijfde lid.</al><al>Deze leden behoeven geen toelichting.</al><al/><al>Zesde lid.</al><al>Vanwege het formele karakter van het overleg zal een afgevaardigde van de
                        gemeente Grootegast namens het college altijd bij de vergaderingen van het
                        Cliëntenplatform met de gemeente aanwezig moeten zijn. Slechts in het geval
                        deze onmogelijk aanwezig kan zijn, treedt diens plaatsvervanger op. </al><al/><al>Zevende lid.</al><al>Dit lid behoeft geen toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Leiding van de vergadering</titel></kop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Schriftelijke oproeping</titel></kop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Agenda</titel></kop><al>Eerste en derde lid.</al><al>Deze leden behoeven geen toelichting.</al><al/><al>Tweede lid.</al><al>In het tweede lid van dit artikel wordt voldaan aan de eis dat de
                        verordening de wijze moet aangeven waarop de cliënten of hun
                        vertegenwoordigers onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden. Deze eis is
                        vervat in artikel 47, onderdeel b, van de Wet werk en bijstand. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Beslissing en advies</titel></kop><al>Eerste lid.</al><al>In het eerste lid wordt bepaald dat de vergadering niet wordt geopend
                        voordat meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden tegenwoordig
                        is. Het aantal zitting hebbende leden is het aantal leden genoemd in artikel
                        4, tweede lid, minus de vacatures. </al><al>Tweede en derde lid.</al><al>Als het in het eerste lid bedoelde vergaderquorum niet wordt gehaald, kan de
                        vergadering niet worden geopend. De voorzitter belegt in dat geval een
                        nieuwe vergadering tegen een tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na
                        het bezorgen van de oproeping ligt. Blijkens het derde lid kan deze
                        vergadering wel worden geopend als niet meer dan de helft van het aantal
                        zitting hebbende leden aanwezig is.</al><al/><al>Vierde lid.</al><al>Alleen de leden van het Cliëntenplatform hebben stemrecht, met uitzondering
                        van de voorzitter. Dit om zijn onafhankelijke positie te benadrukken. Het
                        recht komt ook niet toe aan de afgevaardigde van de gemeente Grootegast of
                        degene die hem vervangt. Evenmin komt dit recht toe aan degene die door het
                        Cliëntenplatform of door de gemeente Grootegast is uitgenodigd om aan de
                        beraadslaging deel te nemen. </al><al/><al>Vijfde lid.</al><al>Met het verbod van last wordt vastgelegd dat een lid van het
                        Cliëntenplatform niet gebonden is standpunten van zijn organisatie of van
                        anderen in het Cliëntenplatform in te brengen en overeenkomstig hun wens te
                        stemmen. Elk bindend mandaat is derhalve nietig. Op een dergelijk mandaat
                        kan nimmer een beroep worden gedaan, noch door het lid, noch door anderen.
                        Overigens blijft een onder mandaat uitgebrachte stem zijn geldigheid
                        behouden.</al><al/><al>Zesde lid.</al><al>Het zesde lid bepaalt kort en bondig dat een voorstel het aangenomen wanneer
                        daarover geen stemming wordt gevraagd. Veelal zullen de beslissingen op deze
                        wijze tot stand komen.</al><al/><al>Zevende lid.</al><al>Dit lid behoeft geen toelichting.</al><al/><al>Achtste lid.</al><al>Het betreft hier het beslissingsquorum. Een beslissing tot stand is gekomen
                        als de volstrekte meerderheid van stemmen wordt behaald, mits deze stemmen
                        afkomstig zijn van hen die een stem mochten uitbrengen.</al><al/><al>Negende en tiende lid.</al><al>Bij staking van stemmen in een voltallige vergadering is het voorstel
                        verworpen. Als de vergadering niet voltallig is, vindt uitstel plaats tot
                        een volgende vergadering. Staken de stemmen in deze nieuwe vergadering
                        opnieuw, dan wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.</al><al/><al>Elfde lid en twaalfde lid</al><al>Deze leden behoeven geen toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verslag</titel></kop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5.</nr><titel>Faciliteiten en vergoedingen</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Faciliteiten</titel></kop><al>Het college stelt kosteloos alle faciliteiten ter beschikking om het overleg
                        met het Cliëntenplatform adequaat te doen verlopen. In ieder geval behoren
                        hiertoe:</al><al>vergaderruimte;</al><al>faciliteiten voor het verzorgen van public relations en voorlichting;</al><al>het gebruik maken van kopieerapparatuur; postverwerking e.d.;</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Vergoedingen en ondersteuning</titel></kop><al>Eerste lid.</al><al>Hoewel het college kosteloos faciliteiten ter beschikking stelt van het
                        Cliëntenplatform, kan het voorkomen dat het Cliëntenplatform ook andere voor
                        de uitoefening van zijn taak noodzakelijke kosten moet maken. Het betreft
                        kosten die direct samenhangen met de onafhankelijkheid en het zelfstandig
                        functioneren van het Cliëntenplatform. Het Cliëntenplatform zal de kosten
                        moeten aantonen door het overleggen van betaalbewijzen.</al><al/><al>Tweede lid.</al><al>In het tweede lid worden enkele kostensoorten genoemd, die tot de kosten
                        onder lid 1 kunnen worden gerekend. Een aantal van de genoemde kostensoorten
                        ondersteunt het informatierecht van artikel 9. De informatie die verstrekt
                        wordt moet immers voor de informatieontvangende toegankelijk zijn. Dit kan
                        inhouden dat ondersteuning moet worden gegeven bij het toegankelijk maken
                        van de informatie. Het kan tevens inhouden dat de deskundigheid van
                        Cliëntenplatformleden dient te worden bevorderd. Denk hierbij aan het
                        bevorderen van kennis en inzicht, het leren vergaderen en communiceren met
                        de uitvoerders, het leren lezen van beleidsnota's, het formuleren en
                        onderbouwen van de adviezen, het planmatig werken, enz. </al><al/><al>Derde en vierde lid.</al><al>Deze behoeven geen nadere toelichting.</al><al/><al>Paragraaf 6. Slotbepalingen</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Onvoorziene omstandigheden</titel></kop><al>Niet alle zich mogelijk in de praktijk voordoende situaties kunnen in een
                        verordening worden vastgelegd. Vandaar dat het college de bevoegdheid krijgt
                        hierin te voorzien.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Vervallen</titel></kop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting. </al></divisie></nota-toelichting><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Grootegast/i11378.pdf">02-11-10scan raadsbesluit.PDF</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>