<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR49104_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beheersverordening Rustoord 2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Diemen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-10-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Diemen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Diemer Nieuws, d.d. 21 oktober 2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beheersverordening Rustoord 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op de Lijkbezorging</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-09-30</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-10-21</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2010-10-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>10-60</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>begraafplaats</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beheersverordening Rustoord 2010</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Opmerkingen m.b.t. de regeling</vet></al><al/><al/><al><vet>Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is
                            gebaseerd</vet></al><al/><lijst><li nr="1."><al>Wet op de Lijkbezorging</al></li><li nr="2."><al>Gemeentewet, art. 149</al></li></lijst><al><vet>Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde
                            regelgeving)</vet></al><al/><al/><al><vet>Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen</vet></al><al/><al/><al>Datum</al><al>inwerkingtreding</al><al>21-10-2010</al><al/><al>Terugwerkende kracht t/m</al><al>01-10-2010</al><al/><al>Betreft</al><al>nieuwe regeling</al><al/><al>Datum ondertekening</al><al>Bron bekendmaking</al><al>30-09-2010</al><al>Diemer Courant</al><al>d.d. 21-10-2010,</al><al>2010e jaargang, editie ,</al><al>nr. , pagina .</al><al/><al>Kenmerk voorstel</al><al>nr. 10-60</al><al/><al/><al><vet>Beheersverordening Rustoord 2010 </vet></al><al/><al>Nr.10-60; </al><al>De raad van de gemeente Diemen; </al><al>Gelet op de voordracht van het college d.d. 10 augustus 2010,</al><al>Gelet op het bepaalde in de Wet op de lijkbezorging en de artikelen 108, 147
                        en 149 van de Gemeentewet;</al><al><vet>B E S L U I T :</vet></al><al>vast te stellen de volgende Beheersverordening Rustoord 2010, </al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><titel>1. Algemene bepalingen</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><onderstreept>aanvrager</onderstreept>: degene die - al dan niet
                                door tussenkomst van een uitvaartondernemer - opdracht geeft voor
                                een begrafenis en de uitgifte van een graf;</al></li><li nr="b."><al><onderstreept>algemeen graf</onderstreept>: een zandgraf of
                                keldergraf, bij het college in beheer waarin gelegenheid wordt
                                gegeven tot het doen begraven van lijken;</al></li><li nr="c."><al><onderstreept>asbus</onderstreept>: een bus ter berging van as van
                                een overledene</al></li><li nr="d."><al><onderstreept>begraafplaats</onderstreept>: de begraafplaats
                                "Rustoord", het terrein met het adres Weesperstraat 84a 1112 AP te
                                Diemen, dat bestemd is voor de uitgifte van graven;</al></li><li nr="e."><al><onderstreept>beheerder</onderstreept>: degene (of zijn vervanger)
                                die door het college met het (dagelijkse) beheer van de
                                begraafplaats is belast;</al></li><li nr="f."><al><onderstreept>eigen graf:</onderstreept> een particulier graf dat
                                tot 1 januari 2010 is uitgegeven onder de benaming 'eigen
                                graf';</al></li><li nr="g."><al><onderstreept>gebruiker</onderstreept>: de natuurlijke of
                                rechtspersoon aan wie een recht tot gebruik van een ruimte in een
                                algemeen graf, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden
                                in diens plaats te zijn getreden;</al></li><li nr="h."><al><onderstreept>gedenkteken</onderstreept>: een grafsteen, liggende of
                                staande zerk, sierurn, sluitplaat of ander monument ter
                                nagedachtenis aan een overledene;</al></li><li nr="i."><al><onderstreept>grafakte</onderstreept>: de beschikking in de zin van
                                de Algemene wet bestuursrecht waarin overeenkomstig de bepalingen
                                van deze verordening door of namens het college een grafrecht wordt
                                verleend;</al></li><li nr="j."><al><onderstreept>grafbedekking:</onderstreept> gedenktekens of
                                beplanting die op een graf zijn geplaatst;</al></li><li nr="k."><al><onderstreept>grafrecht</onderstreept>:</al><lijst><li nr="-"><al>het recht van gebruik van een ruimte in een algemeen graf,
                                        hetzij</al></li><li nr="-"><al>het uitsluitend recht op een particulier graf;</al></li></lijst></li><li nr="l."><al><onderstreept>kindergraf:</onderstreept> een particulier graf, bij
                                het college in beheer waarin gelegenheid wordt gegeven tot het doen
                                begraven en begraven houden van lijken en het bijzetten van asbussen
                                van kinderen tot en met 11 jaar;</al></li><li nr="m."><al><onderstreept>onderhoudsbijdrage:</onderstreept> een verplichte
                                bijdrage in het algemene onderhoud aan de begraafplaats door
                                rechthebbenden en gebruikers;</al></li><li nr="n."><al><onderstreept>particulier graf</onderstreept>: een graf, grafkelder
                                daaronder begrepen,bij het college in beheer waarin aan een
                                natuurlijke of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot
                                het doen begraven en begraven houden van lijken en het bijzetten van
                                asbussen;</al></li><li nr="o."><al><onderstreept>rechthebbende</onderstreept>: de natuurlijke of
                                rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht is verleend op een</al><al> particulier graf. </al></li><li nr="p."><al><onderstreept>verstrooiingsplaats</onderstreept>: een permanent
                                daartoe bestemd terrein waarop as wordt verstrooid</al></li><li nr="q."><al><onderstreept>wet</onderstreept>: de Wet op de lijkbezorging en de
                                daaruit voortvloeiende regelgeving</al></li></lijst><al/><al/><al><vet>2. De begraafplaats</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college is verantwoordelijk voor het beheer van de
                            begraafplaats.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het beheer omvat het onderhouden en exploiteren van het terrein en de
                            gebouwen, het bieden van faciliteiten voor lijkbezorging, de herdenking
                            van overledenen en het voeren van de bijbehorende administratie.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college wijst één of meerdere beheerders aan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De administratie bevat een register van:</al><lijst><li nr="a."><al>alle op de begraafplaats begraven lijken met een nauwkeurige
                                    aanduiding van de plaats waar zij begraven zijn,</al></li><li nr="b."><al>de bijgezette asbussen met de wet voorgeschreven gegevens.</al><al> De in deze registers opgenomen gegevens zijn openbaar.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De administratie bevat een register van alle rechthebbenden en
                            gebruikers van de graven, met hun namen en adressen en aantekening van
                            hun relatie tot de overledene. Dit register is niet openbaar, doch de
                            gegevens van rechthebbenden en gebruikers kunnen worden verstrekt aan
                            derden, indien deze schade leiden door of als gevolg van de
                            grafbedekking op de graven van die rechthebbenden en gebruikers.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rechthebbenden en gebruikers zijn verplicht de wijziging van hun
                            adres aan de beheerder door te geven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Van de in het eerste lid bedoelde registers kan een ieder, doch van het
                            in het tweede lid bedoelde register alleen rechthebbenden en gebruikers
                            of hun rechtsopvolgers, tegen betaling van de daarvoor verschuldigde
                            kosten een uittreksel verkrijgen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al>Van de begraafplaats berust bij de administratie een plattegrond, waarop de
                        graven genummerd zijn aangeduid.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>De begraafplaats is dagelijks toegankelijk van 9 tot 16 uur en op
                                zon- en feestdagen van 12 tot 16 uur. In voorkomende gevallen kan de
                                beheerder een ruimere openstelling toestaan.</al></li><li nr="2."><al>De beheerder kan bezoekers de toegang tot (een deel van) de
                                begraafplaats en /of de gebouwen tijdelijk ontzeggen in verband met
                                werkzaamheden of ter handhaving van de rust en orde op de
                                begraafplaats.</al></li><li nr="3."><al>Bezoekers van de begraafplaats, waaronder ook personen in de
                                uitoefening van hun beroep of bedrijf worden begrepen, dienen zich
                                ordentelijk te gedragen en de door of namens beheerder gegeven
                                aanwijzingen op te volgen.</al></li><li nr="4."><al>Het is verboden:</al><lijst><li nr="a."><al>met motorrijtuigen op de begraafplaats te rijden anders dan
                                        voor een begrafenis of vervoer van materialen;</al></li><li nr="b."><al>met fietsen, bromfietsen of andere motorrijwielen op de
                                        begraafplaats te rijden of deze met zich mee te voeren;</al></li><li nr="e."><al>honden of andere dieren niet aangelijnd mee te nemen;</al></li><li nr="f."><al>voor kinderen onder de 14 jaar zich zonder begeleiding op de
                                        begraafplaats te bevinden;</al></li><li nr="g."><al>op de graven te lopen of te zitten en gereedschappen of
                                        andere niet tot de graven behorende voorwerpen neer te
                                        leggen;</al></li><li nr="h."><al>de begraafplaats te verontreinigen;</al></li><li nr="i."><al>zonder toestemming of opdracht van de nabestaanden een
                                        uitvaart te fotograferen, te filmen of anderszins te
                                        registreren;</al></li><li nr="j."><al>zonder voorafgaande kennisgeving aan de beheerder
                                        werkzaamheden op de begraafplaats te verrichten.</al></li><li nr="k."><al>bloemen of andere waren te koop aan te bieden of hiervoor
                                        reclame te maken;</al></li><li nr="l."><al>as te verstrooien of andere vormen van lijkbezorging te
                                        bezigen;</al></li><li nr="m."><al>gedurende de tijd dat de begraafplaats niet voor publiek
                                        geopend is zich daarop te bevinden.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Het college kan ontheffing verlenen voor de in het vierde lid
                                genoemde verboden.</al></li><li nr="6."><al>Het college kan aan de ontheffing als genoemd in het vijfde lid
                                voorwaarden en beperkingen verbinden.</al></li><li nr="7."><al>De beheerder kan personen die zich niet aan de verboden, uit in het
                                vierde lid houden van de begraafplaats (laten) verwijderen.</al></li><li nr="8."><al>Bij herhaalde overtredingen als genoemd in het vierde lid kan het
                                college één of meer personen gedurende een nader te bepalen periode
                                de toegang ontzeggen.</al></li><li nr="9."><al>Hij die handelt in strijd met de bepalingen in artikel 4 kan worden
                                gestraft met een geldboete van de eerste categorie.</al></li></lijst><al/><al/><al><vet>3. Indeling van de begraafplaats, onderscheid van de graven en
                            </vet><vet>asbestemming</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college stelt de indeling van de begraafplaats, de bestemming
                                van de grafvakken en het onderscheid in graven vast.</al></li><li nr="2."><al>Graven worden uitgegeven aansluitend op de reeds uitgegeven
                                graven.</al></li><li nr="3."><al>Indien dit naar het oordeel van de beheerder gewenst of niet
                                bezwaarlijk is, kunnen ook op andere plaatsen als bedoeld in lid 2
                                graven worden uitgegeven.</al></li><li nr="4."><al>Sommige typen graven of bepaalde diensten zijn soms niet, niet meer
                                of nog niet, en niet voor alle termijnen, beschikbaar. Een aanvrager
                                heeft geen recht op uitgifte of levering.</al></li></lijst><al/><al/><al><vet>3.1.</vet><vet> Graven</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Algemene zandgraven zijn bestemd voor het begraven van twee
                                lijken<vet>.</vet></al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Algemene graven worden uitgegeven voor een termijn van tien jaar</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De termijn van algemene graven kan niet worden verlengd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Particuliere graven zijn –afhankelijk van de soort- bestemd voor het
                                begraven van maximaal twee lijken en het bijzetten van maximaal twee
                                asbussen.</al></li><li nr="2."><al>Kindergraven zijn –afhankelijk van de soort- bestemd voor het
                                begraven van maximaal twee lijken en het bijzetten van maximaal twee
                                asbussen van kinderen tot en met 11 jaar.</al></li><li nr="3."><al>Het college verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de
                                begraafplaats dat toelaat, op een daartoe schriftelijk in te dienen
                                aanvraag recht op een particulier graf voor een termijn van ten
                                minste twintig en ten hoogste vijftig jaren, met uitzondering van
                                het bepaalde in het volgende lid.</al></li><li nr="4."><al>Het recht op een kindergraf wordt uitgegeven voor een termijn van
                                ten minste tien en ten hoogste vijftig jaren.</al></li><li nr="5."><al>Na afloop van de uitgiftetermijn kunnen de grafrechten op
                                particuliere graven op verzoek van de rechthebbende telkens met
                                maximaal twintig jaar worden verlengd, mits een zodanig verzoek
                                binnen twee jaar vóór het verstrijken van de termijn is gedaan.</al></li><li nr="6."><al>Bestaande particuliere graven die voorheen zijn uitgegeven voor
                                onbepaalde tijd, blijven bestaan tot het moment dat de begraafplaats
                                wordt opgeheven, mits de rechthebbende eens in de tien jaar te
                                kennen geeft dat op een verdere instandhouding van het graf prijs
                                wordt gesteld.</al></li><li nr="7."><al>Het college kan aan een rechthebbende op een particulier graf
                                vergunning verlenen tot het daarin voor eigen rekening doen
                                aanbrengen van een grafkelder, op nader te stellen voorwaarden</al></li></lijst><al/><al/><al><vet>3.2.</vet><vet>Asbestemming</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Een asbus kan worden bijgezet in of op een particulier graf; de
                                bepalingen van deze verordening betreffende particuliere graven zijn
                                van overeenkomstige toepassing</al></li><li nr="2."><al>As kan uitsluitend worden verstrooid in of op een particulier graf
                                of op een verstrooiingsplaats.</al></li><li nr="3."><al>Een asbus wordt niet bijgezet in een algemeen graf.</al></li></lijst><al/><al/><al><vet>4.</vet><vet> Vereisten voor begraving of
                        </vet><vet>asbestemming</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Degene die een lijk wil doen begraven maakt daarvoor gebruik van een
                                door of namens het college vast te stellen formulier, dat uiterlijk
                                om 11.00 uur op de werkdag voorafgaande aan de dag waarop de
                                begraving dient plaats te vinden, bij de beheerder wordt ingeleverd.
                            </al></li><li nr="2."><al>Indien men een lijk wil doen begraven of een asbus wil doen
                                bijzetten, wordt op het in het vorige lid bedoelde formulier
                                aangegeven ten aanzien van welke in artikel 7 of 8 bedoelde typen
                                graven men een grafrecht wil vestigen.</al></li><li nr="3."><al>Indien de burgemeester van Diemen verlof heeft verleend om het lijk
                                binnen 36 uur na het overlijden te begraven moet het verzoek daartoe
                                aan de beheerder zo tijdig mogelijk worden gedaan.</al></li><li nr="4."><al>Bij het in het eerste en derde lid bedoelde verzoek tot begraven
                                dient het verlof tot begraving van de ambtenaar van de burgerlijke
                                stand of een ander wettelijk daarmee gelijkgesteld document te
                                worden overgelegd.</al></li><li nr="5."><al>Indien het lijk binnen 36 uur na het overlijden wordt begraven dient
                                behalve het in het vierde lid bedoelde verlof of document ook het in
                                het derde lid bedoelde verlof van de burgemeester te worden
                                overgelegd.</al></li><li nr="6."><al>Indien de begraving of de bijzetting van een asbus in een
                                particulier graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan
                                de beheerder te worden overgelegd. De machtiging moet zijn
                                ondertekend door de rechthebbende.</al></li><li nr="7."><al>Het is verboden om een lijk te begraven in een zinken of andere
                                metalen of kunststof (binnen)kist.</al></li><li nr="8."><al>Het is verboden om een lijk te begraven met gebruikmaking van een
                                lijkhoes die niet voldoet aan de eisen die daarvoor in de daarvoor
                                landelijk vastgestelde regels zijn gesteld.</al></li><li nr="9."><al>Het is verboden om in een kist of ander omhulsel voorwerpen of
                                objecten bij te sluiten die niet tot de kist of het lijk behoren,
                                anders dan kleine verteerbare grafgiften.</al></li><li nr="10."><al>Bij het ter begraving aanbieden van een kist of ander lijkomhulsel
                                dient uiterlijk om 11.00 uur op de werkdag voorafgaand aan de dag
                                van begraving een schriftelijke verklaring te worden overgelegd -
                                volgens een door de beheerder beschikbaar gesteld model - omtrent de
                                aanwezigheid van de in voorgaande leden bedoelde materialen en
                                voorwerpen. Indien van een lijkhoes gebruik wordt gemaakt, zal de
                                aanbieder tevens moeten overleggen:</al></li></lijst><al>a) een afschrift van een rapport waaruit blijkt dat de gebruikte hoes
                        voldoet aan de normen van de daarvoor vastgestelde wettelijke regels en </al><al>b) een bewijs dat de betreffende hoes is aangekocht.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het tijdstip van begraven of bijzetten wordt telkens en voor elk
                                geval afzonderlijk door de beheerder, in overleg met de betrokken
                                aanvrager, rechthebbende of gebruiker, vastgesteld.</al></li><li nr="2."><al>De aanwijzing van de plaats van het graf geschiedt met inachtneming
                                van het bepaalde in artikel 6, in overleg met de aanvrager, door de
                                beheerder.</al></li><li nr="3."><al>Tot de begraving of bijzetting van een asbus wordt niet overgegaan
                                dan nadat de beheerder heeft geconstateerd dat aan de in de
                                artikelen 10, 14, 15 lid 3 en aan de overige wettelijke vereisten is
                                voldaan</al></li><li nr="4."><al>Herdenkingsbijeenkomsten en andere plechtigheden kunnen geschieden
                                nadat deze ten minste een week tevoren bij de beheerder zijn gemeld.
                                Datum en uur van de plechtigheid en de wijze waarop deze zal
                                geschieden worden in het belang van de rust en de orde op de
                                begraafplaats in overleg met de aanvrager door de beheerder
                                vastgesteld.</al></li></lijst><al/><al/><al><vet>5. Tarieven</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>De kosten van begraven, van het vestigen, overdragen of verlengen
                                van een grafrecht op een algemeen graf of een particulier graf, voor
                                het delven of openen en sluiten van een graf, voor het toelaten van
                                een grafkelder, voor de bijdrage in het algemeen onderhoud van de
                                begraafplaats, van opgraving van een lijk, van ruiming van een
                                particulier graf of een asbus, van asbestemmingen, gebruik van de
                                aula of koffiekamer, alsmede de eventuele andere kosten die verband
                                houden met het gebruik van de begraafplaats of
                                uitvaartplechtigheden, worden vastgesteld door de gemeenteraad in
                                een heffingsverordening.</al></li><li nr="2."><al>Indien geen andere termijn is aangegeven of overeengekomen, dient
                                betaling te geschieden binnen 30 dagen na de factuurdatum.</al></li></lijst><al/><al/><al><vet>6.</vet><vet> Vestigen, verlenging en overgang van
                        grafrechten</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr></kop><al>1.Het in artikel 7 en 8 bedoelde grafrecht wordt schriftelijk gevestigd door
                        middel van een grafakte. Rechthebbenden en gebruikers of hun rechtsopvolgers
                        kunnen, tegen betaling der daarvoor verschuldigde kosten, een duplicaatakte
                        verkrijgen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Begraving in een particulier graf waarvan de uitgiftetermijn binnen 10
                            jaar afloopt, kan alleen plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van
                            de uitgiftetermijn tot 10 jaar na deze begraving.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De verlenging dient te worden aangevraagd door de rechthebbende.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De kosten van deze verlenging bedragen een evenredig deel van de kosten
                            volgens de tarieflijst, waarmee de verlenging de lopende termijn te
                            boven gaat. Een eventuele volgende verlenging geschiedt op de voet van
                            het bepaalde in artikel 8, vijfde lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Een grafrecht kan worden overgedragen door overlegging aan de
                                beheerder van een door de rechthebbende of gebruiker en de betrokken
                                rechtsopvolger getekend bewijs van overdracht.</al></li><li nr="2."><al>Overdracht is slechts mogelijk op naam van één (rechts)persoon.</al></li><li nr="3."><al>Indien de rechthebbende op een graf is overleden en in het
                                betreffende graf begraven of een asbus bijgezet moet worden dient
                                het grafrecht vóórdat de begraving of bijzetting van een asbus
                                plaats vindt te zijn overgeschreven .</al></li><li nr="4."><al>In geval van overlijden van de rechthebbende of gebruiker en er niet
                                in het betreffende graf begraven of bijgezet moet worden kan het
                                grafrecht worden overgeschreven op naam van een (rechts)persoon,
                                indien de aanvraag daartoe wordt gedaan binnen één jaar na het
                                overlijden van de rechthebbende of gebruiker.</al></li><li nr="5."><al>De in het vorige lid bedoelde overschrijving dient binnen een
                                termijn van één jaar te worden gedaan.</al></li><li nr="6."><al>Na het verstrijken van de in de vorige leden bedoelde termijn kan
                                het grafrecht alsnog op naam van een nieuwe rechthebbende of
                                gebruiker worden gesteld, tenzij het grafrecht betrekking heeft op
                                een graf dat inmiddels is geruimd.</al></li><li nr="7."><al>Aan het grafrecht is de verplichting tot het betalen van
                                onderhoudsrechten verbonden.</al></li><li nr="8."><al>Een rechthebbende kan afstand doen van grafrechten, zonder aanspraak
                                te kunnen maken op enige vergoeding en onverminderd zijn
                                verplichting tot het betalen van kosten voor de lopende
                                termijn.</al></li></lijst><al/><al/><al><vet>7. Opgraving en ruiming</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Lijken zullen, behalve op gezag van een gerechtelijke autoriteit, niet
                            worden opgegraven dan met verlof van de burgemeester van Diemen en voor
                            zover het particuliere graven betreft, niet dan met toestemming van de
                            rechthebbende.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de opgraving van lijken zijn geen andere personen aanwezig dan
                            degenen die door de beheerder met deze werkzaamheden zijn belast.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het opgegraven lijk wordt bewaard in een kist, die door de beheerder
                            beschikbaar is gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De kist met het opgegraven lijk dient op de dag van opgraving in
                            opdracht van de opdrachtgever opgehaald te worden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Voor opgraving en de kist zijn kosten verschuldigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Graven worden niet eerder geruimd dan na afloop van tien jaren na
                                het begraven van het laatste lijk.</al></li><li nr="2."><al>Onverminderd het bepaalde in het vorige lid worden particulier
                                graven niet eerder geruimd dan met toestemming van de rechthebbende
                                dan wel wanneer het recht op de voet van het bepaalde in artikel 21
                                is vervallen.</al></li><li nr="3."><al>Bij de ruiming van graven zijn geen andere personen aanwezig dan
                                degenen die door de beheerder met deze werkzaamheden zijn
                                belast.</al></li><li nr="4."><al>Het voornemen van het college om een graf te ruimen wordt gedurende
                                ten minste één jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf
                                zal worden geruimd door middel van het plaatsen van een bordje bij
                                het te ruimen graf ter kennis van de belanghebbende gebracht.</al></li><li nr="5."><al>Gebruikers van een algemeen graf kunnen tot een maand voor het
                                moment van ruimen bij de beheerder een aanvraag indienen om bij
                                ruiming de stoffelijke resten, indien mogelijk, bijeen te brengen
                                voor herbegraving of crematie</al></li></lijst><al/><al/><al><vet>8. Grafbedekking</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college stelt per grafvak of groepen van grafvakken nadere
                                regels voor de grafbedekking op graven vast.</al></li><li nr="2."><al>Het is verboden zonder vergunning van het college gedenktekens op
                                graven te plaatsen. Voor het aanvragen van de vergunning worden op
                                verzoek door de beheerder formulieren verstrekt.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan aan de vergunning als genoemd in het derde lid
                                voorschriften en beperkingen verbinden.</al></li><li nr="4."><al>Een vergunning voor een gedenkteken kan worden gewijzigd,
                                ingetrokken of geweigerd indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de duurzaamheid van de gebruikte materialen onvoldoende of
                                        de fundering en constructie onvoldoende stevig en veilig
                                        wordt geacht;</al></li><li nr="b."><al>ter verkrijging van de vergunning onjuiste dan wel
                                        onvolledige gegevens zijn verstrekt.</al></li><li nr="c."><al>de aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen
                                        niet zijn of worden nagekomen of de op de vergunning van
                                        toepassing zijnde regelgeving niet is of wordt
                                        nagekomen.</al></li><li nr="d."><al>van de vergunning geen gebruik wordt gemaakt binnen een
                                        daarin gestelde termijn dan wel bij gebreken van een
                                        dergelijke termijn binnen een redelijke termijn.</al></li><li nr="e."><al>de houder van de vergunning dit verzoekt;</al></li><li nr="f."><al>het gedenkteken naar het oordeel van de beheerder ernstig
                                        afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats;</al></li><li nr="g."><al>de tekst of afbeelding op het gedenkteken naar het oordeel
                                        van de beheerder aanstootgevend of kwetsend kan zijn;</al></li><li nr="h."><al>niet voldaan wordt aan de in het vorige lid bedoelde nadere
                                        regels.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Voor het afgeven van de in het derde lid bedoelde vergunning worden
                                kosten in rekening gebracht.</al></li><li nr="6."><al>Op een gedenkteken moet het grafnummer duurzaam worden aangebracht,
                                op een door de</al><al> beheerder aan te geven plaats.</al></li></lijst><lijst><li nr="7."><al>Het (doen) plaatsen of aanbrengen van grafbedekking op graven
                                geschiedt door of namens de rechthebbende of gebruiker.</al></li></lijst><lijst><li nr="8."><al>Alle kosten voor het plaatsen of aanbrengen, herstellen of
                                vernieuwen van grafbedekking komen voor rekening van de
                                rechthebbende of gebruiker.</al></li><li nr="9."><al>De rechthebbende of gebruiker is verplicht de grafbedekking naar het
                                oordeel van de beheerder goed te onderhouden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De in artikel 18 bedoelde grafbedekking wordt geacht voor rekening en
                            risico van de rechthebbende of gebruiker te zijn aangebracht. Schade als
                            gevolg van brand, vandalisme, diefstal, verzakking, vorst, storm, hagel,
                            wateroverlast en andere van buiten komende oorzaken, of ontstaan door
                            het weghalen en terugplaatsen van een grafbedekking ten behoeve van een
                            bijzetting van een asbus, en eventuele gevolgschade voor derden, is voor
                            rekening van de rechthebbende of gebruiker.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De rechthebbende of gebruiker is verplicht de - door welke
                            omstandigheden ook - aan grafbedekking toegebrachte schade of verzakking
                            op eerste aanschrijven te herstellen, indien de beschadiging zodanig is
                            dat deze naar het oordeel van het college een gevaarlijke situatie
                            oplevert en/of het uiterlijk aanzien van de begraafplaats schaadt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien binnen drie maanden na de dag van aanschrijving geen herstel of
                            vernieuwing heeft plaatsgevonden, is het college bevoegd tot het doen
                            verwijderen van de grafbedekking, zonder dat de gemeente tot enige
                            schadevergoeding is verplicht. Het college is bevoegd tot herstel of
                            vernieuwing op kosten van de rechthebbende of gebruiker over te
                            gaan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Dit artikel is mede van toepassing op vanwege de beheerder voor rekening
                            van de rechthebbende of gebruiker aangebrachte grafbedekking.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer grafbeplanting te hoog of te breed wordt zal de
                                rechthebbende of gebruiker worden aangeschreven en op de geldende
                                voorschriften worden geattendeerd. Indien de rechthebbende of
                                gebruiker vervolgens niet binnen een maand de grafbeplanting in de
                                gewenste toestand brengt, kan het college de grafbeplanting geheel
                                of deels op kosten van de nalatige rechthebbende of gebruiker doen
                                verwijderen. Door de verwijdering ontstaat geen plicht tot
                                schadeloosstelling door de gemeente.</al></li><li nr="4."><al>Het is niet toegestaan om op een graf losse voorwerpen te plaatsen
                                die van glas zijn vervaardigd, of die weg kunnen waaien.</al></li><li nr="5."><al>Verwelkte bloemen, verwaarloosde planten, losse en glazen voorwerpen
                                kunnen worden verwijderd.</al></li><li nr="6."><al>Het is niet toegestaan om op of naast een graf een eigen
                                zitgelegenheid te plaatsen.</al></li><li nr="7."><al>Op verzoek van rechthebbende of gebruiker kan de beheerder zorg
                                dragen voor het onderhoud aan grafbedekking. Aan deze werkzaamheden
                                zijn kosten verbonden.</al></li></lijst><al/><al/><al><vet>9. Einde van de grafrechten</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>De grafrechten vervallen:</al><lijst><li nr="a."><al>door het verlopen van de termijn;</al></li><li nr="b."><al>indien de rechthebbende of gebruiker afstand doet van het
                                        recht;</al></li><li nr="c."><al>indien de begraafplaats wordt opgeheven.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan de grafrechten vervallen verklaren:</al><lijst><li nr="a."><al>indien de betaling van het gebruiksrecht en de
                                        onderhoudskosten ten behoeve van de vestiging of een
                                        verlenging van het grafrecht niet binnen drie maanden na
                                        aanvang van die termijn is geschied;</al></li><li nr="b."><al>indien de rechthebbende of gebruiker - ondanks een aanmaning
                                        - in verzuim blijft een op grond van deze verordening op hem
                                        rustende verplichting na te komen of daarmee in strijd
                                        handelt;</al></li><li nr="c."><al>indien de rechthebbende of de gebruiker van een graf is
                                        overleden en het recht niet binnen één jaar is
                                        overgeschreven.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>In de gevallen als bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c, en
                                in het tweede lid, vindt geen terugbetaling plaats van een deel van
                                de kosten van het grafrecht, betaalde onderhoudsbijdragen of
                                eventuele andere kosten.</al></li><li nr="4."><al>Het eventueel op het graf aanwezige grafbedekking kan gedurende een
                                maand vóór het vervallen van een grafrecht door de rechthebbende of
                                gebruiker van het graf worden verwijderd. Na het vervallen van het
                                grafrecht kunnen zij geen aanspraken op deze voorwerpen doen
                                gelden.</al></li></lijst><al/><al/><al><vet>10. </vet><vet>Overgangs</vet><vet>- en slotbepalingen</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr></kop><al>Door het geven van een opdracht voor begraven, gebruik van de aula of een
                        andere voorziening, dan wel vestiging van een grafrecht onderwerpen een
                        rechthebbende, gebruiker of andere opdrachtgever en hun rechtsopvolgers zich
                        aan de bepalingen van deze verordening, zoals dit eventueel nader wordt
                        gewijzigd of aangevuld, en verplichten zij zich tot tijdige betaling van de
                        daarop gebaseerde tarieven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr></kop><al>Een exemplaar van deze verordening wordt bij de aanvraag voor een begrafenis
                        en de uitgifte of verlenging van grafrechten kosteloos verstrekt en is voor
                        iedereen kosteloos ter inzage.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in de plaats van alle voorgaande reglementen of
                            verordeningen van de begraafplaats, met dien verstande dat de ten tijde
                            van de inwerkingtreding van deze verordening reeds gevestigde
                            uitsluitende rechten op particuliere graven in volle omvang worden
                            gehandhaafd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de ingevolge deze verordening gevestigde uitsluitende rechten op
                            graven geldt nadrukkelijk dat zij worden gevestigd onder de nadere
                            voorwaarden, bij eventuele aanvulling of wijziging van deze verordening
                            te stellen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Beheersverordening Rustoord
                        2010</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 oktober 2010 </al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten tijdens de gemeenteraadsvergadering van 30 september
                        2010,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>De griffier,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><tussenkop>TOELICHTING op de bepalingen in de Beheersverordening Rustoord
                    2010</tussenkop><tussenkop>Artikel 1</tussenkop><al/><tussenkop>Onderdeel a.</tussenkop><al>De aanvrager is de persoon die (al dan niet via een uitvaartonderneming) een
                    begrafenis regelt en hiervoor ook de belasting- of betalingsplichtige is. </al><al>Bij begraving in een algemeen graf wordt de aanvrager als gebruiker aangemerkt
                    van het graf. </al><al>Bij een particulier graf is tevens tenaamstelling van de grafrechten vereist. De
                    grafrechten kunnen ook gevestigd worden op naam van een andere (rechts)persoon
                    dan de aanvrager. Niet de aanvrager maar de rechthebbende geeft toestemming voor
                    het begraven, bijzetting van een asbus of verstrooiing in of op een bepaald
                    particulier graf.</al><tussenkop>Onderdeel b.</tussenkop><al>Algemene graven worden slechts uitgegeven voor directe teraardebestelling. Een
                    algemeen graf kenmerkt zich daarnaast doordat de gebruiker geen zeggenschap
                    heeft over wie er verder in het graf wordt begraven. In of op een algemeen graf
                    kunnen geen asbussen worden bijgezet of as worden verstrooid. Algemene graven
                    worden voor tien jaar uitgegeven. Deze termijn kan niet worden verlengd. De
                    gebruiker wordt op de hoogte gesteld van de afloop van de uitgiftetermijn. Na
                    het verstrijken van de termijn kan de gebruiker verzoeken de overledene tegen de
                    dan geldende tarieven te laten opgraven, te laten herbegraven in een particulier
                    graf of alsnog te cremeren. </al><tussenkop>Onderdeel f.</tussenkop><al>Sinds 2010 is in de Wet op de lijkbezorging het begrip “particulier graf”
                    opgenomen voor een graf “met uitsluitend recht”. Dit begrip komt overeen met het
                    in de voorafgaande reglementen gehanteerde begrip “eigen graf”. </al><tussenkop>Onderdeel g.</tussenkop><al>De term gebruiker is gerelateerd aan een algemeen graf en is in dit opzicht de
                    tegenhanger van de term rechthebbende. De gebruiker heeft naast rechten ook
                    plichten, bijvoorbeeld het betalen van het grafrecht en het
                    onderhoudsrecht.</al><tussenkop>Onderdeel i </tussenkop><al>De uitgifte van een graf wordt schriftelijk bevestigd. De brief waarmee dit
                    geschiedt wordt in deze verordening de grafakte genoemd. Het vestigen van een
                    grafrecht is een beschikking in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. In de
                    grafakte dient dan ook een bezwaarsclausule te worden opgenomen. Dat wil zeggen
                    dat tegen een dergelijke beslissing bezwaar kan worden gemaakt, indien men het
                    niet eens is met de inhoud van dit besluit</al><tussenkop>Onderdeel k.</tussenkop><al>Het grafrecht is het recht om gebruik te kunnen maken van een algemeen graf of
                    een particulier graf. Bij een algemeen graf is er sprake van een gebruiker. Bij
                    een algemeen graf heeft de gebruiker het recht om één overledene te begraven,
                    maar heeft hij geen zeggenschap over wie verder in dit graf wordt bijgezet. Bij
                    particuliere graven is er sprake van een uitsluitend grafrecht; dan is er sprake
                    van een rechthebbende. Alleen de rechthebbende mag bepalen of er in het graf
                    wordt begraven, wie er wordt begraven en wanneer dat gebeurd. Voor elke
                    begraving of bijzetting van een asbus is daarom altijd toestemming nodig van de
                    rechthebbende. Derhalve dient het grafrecht altijd eerst op naam te zijn gesteld
                    alvorens tot een begraving of bijzetting van een asbus kan worden overgegaan.
                    Men kan het graf ook reserveren voor een later tijdstip. Daarnaast heeft de
                    rechthebbende (in tegenstelling tot de gebruiker) het wettelijk recht de
                    grafrechten telkens opnieuw te verlengen. Grafrechten zijn niet overerfbaar; bij
                    overlijden van de houder ervan dienen ze te worden overgeschreven op naam van
                    een andere (rechts)persoon..</al><tussenkop>Onderdeel l.</tussenkop><al>Voor lijken van kinderen zijn graven van kleinere formaten beschikbaar.. Er is
                    voor ouders uiteraard geen verplichting om van een kindergraf gebruik te maken.
                    Kinderen kunnen ook worden bijgezet in een algemeen graf of in een ander
                    particulier graf.</al><tussenkop>Onderdeel m.</tussenkop><al>Het onderhoudsrecht is een bijdrage in de kosten voor het jaarlijkse onderhoud
                    van de graven en</al><al>grafvakken, alsmede van alle groen en van alle voorzieningen op de
                    begraafplaats. De rechthebbenden respectievelijk de gebruiker zijn
                    verantwoordelijk voor de onderhoud aan de grafbedekking van het individuele
                    particuliere graf.</al><tussenkop>Onderdeel n. </tussenkop><al>Een particulier graf kenmerkt zich doordat de rechthebbende het uitsluitend
                    recht heeft om te bepalen wie er in het graf begraven wordt, op welk moment dat
                    gebeurt en voor hoe lang deze overledene(n) begraven worden gehouden.
                    Particuliere graven kunnen ook bij voorbaat worden uitgegeven, dat wil zeggen
                    zonder dat er direct in het graf begraven wordt. Particuliere graven worden voor
                    minimaal 20 jaar en maximaal 50 uitgegeven. Elke rechthebbende heeft het recht
                    deze uitgiftetermijn te verlengen met telkens maximaal 20 jaar.</al><tussenkop>Onderdeel r.</tussenkop><al>Hoewel met 'de wet' juridisch gezien slechts de wet in formele zin wordt bedoeld
                    (de Wet op de lijkbezorging), wordt in deze verordening onder die noemer ook de
                    op deze wet gebaseerde regelgeving begrepen zoals het Besluit op de
                    lijkbezorging, het Lijkomhulselbesluit 1998 etc.</al><tussenkop>Artikel 2</tussenkop><al/><al>Het hier omschreven beheer omvat het beheer van gemeentewege in ruime zin. Het
                    voeren van de administratie en het aanleggen, openen, sluiten en ruimen van
                    graven, het begraven, opgraven en herbegraven van lijken, het bijzetten en
                    wegnemen van asbussen, het afnemen en plaatsen van gedenktekens, voorwerpen in
                    verband met het openen van graven, het verstrooien van as en het onderhouden van
                    het terrein vallen er allemaal onder. De tarieven voor de onderscheidene
                    diensten worden door de gemeenteraad vastgesteld in de verordening op de heffing
                    en invordering van lijkbezorgingsrechten.</al><tussenkop>Artikel 3</tussenkop><al/><al>Op grond van de artikelen 27 en 65 Wet op de lijkbezorging is de houder van een
                    begraafplaats verplicht registers bij te houden van de begraven en de bijgezette
                    asbussen, met een nauwkeurige aanduiding van de plaats van begraving of
                    bijzetting van een asbus. Artikel 10 van het Besluit op de lijkbezorging bevat
                    nadere voorschriften ten aanzien van de gegevens die moeten worden opgenomen
                    inzake de bijgezette asbussen.</al><al>De registers zijn geen zelfstandige boekwerken of computerbestanden, maar een
                    onderdeel van de begraafplaatsadministratie. Deze administratie is voor derden
                    niet toegankelijk. Er is een uitzondering is gemaakt voor het geval iemand
                    schade leidt als gevolg van de grafbedekking op graven. De gegevens van de
                    rechthebbende, die wettelijke gezien eigenaar van de grafbedekking is, worden
                    dan aan degene, die (vermoedelijk)schade heeft geleden verstrekt. </al><tussenkop>Lid 3</tussenkop><al>De wet legt verantwoordelijk voor de aanwezigheid van het juiste adres van de
                    rechthebbende of gebruiker in de administratie bij de rechthebbende of
                    gebruiker. De verordening verplicht rechthebbenden en gebruikers de wijziging
                    van hun adres door te geven.Het is belangrijk het adresbestand van de
                    begraafplaatsadministratie actueel te houden, in verband met het aanbieden van
                    verlenging van de termijn van particuliere graven en gebruikers van een algemeen
                    graf op te hoogte te stellen van de afloop van de uitgiftetermijn en de
                    mogelijkheid dat er geruimd gaat worden . </al><al/><tussenkop>Artikel 5</tussenkop><al/><al><cursief>Lid 1</cursief>.</al><al>Voor personen die op de begraafplaats werkzaamheden verrichten, kunnen andere
                    tijden worden vastgesteld dan voor bezoekers, om hinder voor bezoekers te
                    beperken. </al><tussenkop>Lid 2.</tussenkop><al>Voor werkzaamheden als opgravingen en ruimingen kan de beheerder tijdelijk (een
                    deel van) de begraafplaats voor bezoekers afsluiten. Het is aan de beheerder om
                    te beoordelen welke personen bij het delven en openen van graven en andere
                    werkzaamheden aanwezig kunnen zijn.</al><al><cursief>Lid 3</cursief>.</al><al>Bezoekers en werklieden dienen zich ordentelijk te gedragen overeenkomstig de op
                    een begraafplaats gepaste wijze. Onder het “ordentelijk gedragen” wordt ook
                    andere bezoekers niet hinderen door het maken van luide muziek, het houden van
                    picknicks, het plaatsen van een tent bedoeld.</al><al><cursief>Lid 5</cursief>.</al><al>In uitzonderlijke situaties kan ontheffing worden verleend om op de
                    begraafplaats te rijden. De bepaling is bedoeld als hardheidsclausule voor
                    situaties waarin geen andere oplossing denkbaar is. In het algemeen geldt dat
                    indien de ontheffing een permanent karakter heeft, deze schriftelijk door de
                    beheerder wordt verstrekt. Indien het om een incidenteel geval gaat wordt
                    volstaan met een mondelinge toestemming.. Er wordt terughoudendheid betracht in
                    het verlenen van ontheffingen.</al><tussenkop>Artikel 6</tussenkop><al/><al>Het artikel voorziet in de mogelijkheid van het college om feitelijk te kunnen
                    sturen in het beheer van de begraafplaats. In sommige vakken kan de uitgifte van
                    graven tijdelijk worden gestaakt, als dit voor herinrichting of groot onderhoud
                    wenselijk is. </al><tussenkop>Artikel 7</tussenkop><al/><al>Algemene graven worden per definitie slechts uitgegeven voor directe
                    teraardebestelling. Het is niet mogelijk een algemeen graf te reserveren. Een
                    lijk kan echter na afloop van de termijn op verzoek van de gebruiker of andere
                    belanghebbenden worden gecremeerd of in een particulier graf worden
                    herbegraven.</al><tussenkop>Artikel 8</tussenkop><al>Particuliere graven, waaronder ook de kindergraven vallen, kunnen worden
                    gereserveerd, dat wil zeggen worden uitgegeven zonder dat er direct begraven
                    wordt. Voor een gereserveerd graf moeten kosten en bijdragen in het onderhoud
                    worden betaald. Men kan een particulier graf ook alleen aanwenden als
                    gedenkplaats bijvoorbeeld om er een gedenkteken op te plaatsen voor een of meer
                    personen die elders begraven zijn, wiens graf inmiddels geruimd is of die
                    gecremeerd zijn. </al><tussenkop>Lid 1</tussenkop><al>Bij de uitgifte van een particulier graf kan de aanvrager een keuze maken of het
                    een graf voor 1 maximaal 2 personen wordt. Hier wordt bij de eerste begrafenis
                    rekening mee gehouden.. In particulier graven kunnen evenveel asbussen worden
                    bijgezet als het aantal overledenen waarvoor het graf is uitgegeven. Er zijn
                    particulier graven van verschillende formaten, waarbij de ruimte tussen de
                    graven groter is en de gedenktekens iets breder en/of langer kunnen zijn.</al><tussenkop>Lid 2</tussenkop><al>Kindergraven zijn bestemd voor een lijkje omdat nabestaanden vaak grote behoefte
                    hebben aan een </al><al>individueel gedenkteken. Het is mogelijk om, indien ouders dit wensen, een
                    doodgeboren tweeling of later één asbus van een ander kind in hetzelfde graf bij
                    te zetten.</al><tussenkop>Lid 3</tussenkop><al>Particuliere graven kunnen worden uitgegeven voor elke door de rechthebbende
                    gewenste termijn tussen 20 en 50 jaren. Na afloop van de eerste termijn van
                    uitgifte is verlenging mogelijk maximaal 20 jaar.</al><tussenkop>Lid 5</tussenkop><al>De wettelijke bepaling, die ook is opgenomen in het vijfde lid, dat de
                    verlenging van een grafrecht binnen twee jaar voor het verstrijken van de
                    lopende termijn moet worden aangevraagd, is niet van toepassing als het
                    grafrecht op wens van de rechthebbende jaarlijks wordt verlengd.</al><al>Indien een rechthebbende of gebruiker niet op korte termijn reageert op het
                    aanbod tot verlenging van een grafrecht op een particulier graf, mag hij tot
                    verlenging besluiten tot de dag voorafgaand aan de dag waarop het grafrecht
                    verloopt. Indien de rechthebbende na het verstrijken van de termijn te kennen
                    geeft alsnog met terugwerkende kracht te willen verlengen, heeft hij het recht
                    op verlenging verloren. Het is het aan college om te besluiten wel of niet met
                    een verlenging met terugwerkende kracht in te stemmen. Indien het graf inmiddels
                    is geruimd, is verlenging niet meer mogelijk. Als het college een verlenging
                    vanuit het oogpunt van beheer (bijvoorbeeld wanneer er schaarste is in een
                    bepaald type graf, of wanneer het betreffende grafvak op korte of middellange
                    termijn wordt heringericht) niet wenselijk acht, zou het verzoek om verlenging
                    kunnen worden afgewezen. </al><al><cursief>Lid 6</cursief>.</al><al>Graven die voor onbepaalde tijd zijn uitgegeven en waarvan ook de
                    onderhoudsbijdragen in het verleden voor onbepaalde tijd zijn afgekocht, worden
                    in stand gehouden zolang de begraafplaats blijft bestaan. Echter, voor deze
                    graven geldt ook de wettelijke regel dat bij ernstige verwaarlozing van het
                    gedenkteken en indien de rechthebbende niet tot reparaties of vervanging van het
                    gedenkteken overgaat, het grafrecht kan vervallen. Ook dient te worden voldaan
                    aan de verplichting dat het grafrecht moet worden overgeschreven op een nieuwe
                    rechthebbende, binnen een jaar na het overlijden van de rechthebbende. Mede ter
                    controle of de rechthebbende nog wel in leven is en of diens bij de
                    administratie bekende adres nog juist is, dient de rechthebbende om de tien jaar
                    te bevestigen dat op het voortbestaan van het graf prijs wordt gesteld. Indien
                    de rechthebbende zich zelf niet meldt of indien hij op een aanschrijving van de
                    beheerder niet reageert, kan het grafrecht vervallen.</al><tussenkop>Artikel 10</tussenkop><al/><tussenkop>Lid 1 en 2.</tussenkop><al>Het is wenselijk dat een begrafenis of bijzetting van een asbus tijdig wordt
                    gemeld. Het ligt in de aard der zaak dat bij een nieuw graf wordt aangegeven
                    welk type men wenst en voor welke termijn. Op het aanvraagformulier kunnen ook
                    bijzondere omstandigheden worden gemeld, zoals een ongebruikelijk formaat
                    lijkkist en het gebruik van een lijkhoes. Bij voorkeur wordt het formulier
                    ingevuld en ondertekend door de aanvrager, degene die de opdracht geeft voor de
                    uitvaart. Indien het formulier wordt ingevuld door een gemachtigde, zoals
                    bijvoorbeeld een uitvaartondernemer, zal deze dienen aan te geven wie zijn
                    opdrachtgever en dus de eigenlijke aanvrager is. </al><al><cursief>Lid 6</cursief>.</al><al>Indien de rechthebbende is overleden en zelf in het betreffende graf begraven
                    moet worden, dient het grafrecht eerst op een nieuwe rechthebbende te zijn
                    overgeschreven alvorens de begrafenis kan plaatsvinden. Zonder toestemming van
                    een rechthebbende mag nimmer een begrafenis in een particulier graf
                    plaatsvinden. Het overleg na een overlijden, tussen de nabestaanden onderling en
                    met de uitvaartverzorger, is in de praktijk vaak ook een goed moment om in
                    familiekring te bezien wie het grafrecht overneemt.</al><tussenkop>Lid 7.</tussenkop><al>Het gebruik van kisten van metaal of kunststof is in Nederland verboden. Er is
                    echter een uitzondering toegestaan door de wetgever voor de lijken die vanuit
                    het buitenland Nederland worden binnengebracht. Het gebruik van een zinken kist
                    is op grond van artikel 16 jo. 4 van het Besluit op de lijkbezorging (Stb. 1997,
                    647) toegestaan voor stoffelijke overschotten die uit het buitenland komen, mits
                    de ondoordringbaarheid isopgeheven. Ook in het laatste geval blijft
                    een zinken of andere metalen kist een belemmering voor een natuurlijke
                    lijkontbinding. Het wordt daarom in deze verordening verboden. Het is gewenst om
                    het zink voor begraving te verwijderen of de overledene in een andere wel geheel
                    vergankelijke kist of ander wettelijk toegestaan omhulsel te bergen. </al><tussenkop>Lid 8.</tussenkop><al>Het is reeds op grond van het Besluit op de lijkbezorging verboden om een lijk
                    te begraven met gebruikmaking van een lijkhoes die niet voldoet aan de
                    voorwaarden van het Lijkomhulselbesluit 1998. In de praktijk bleek dat dit
                    verbod op grote schaal werd overtreden. Om controle zoals bedoeld in het tiende
                    lid mogelijk en logisch te maken, is het nog eens uitdrukkelijk opgenomen in
                    deze verordening.</al><tussenkop>Lid 9.</tussenkop><al>Het bepaalde in dit lid heeft de bedoeling om het mee begraven van voorwerpen
                    die niet in de grond horen, die niet vergankelijk zijn of die een natuurlijke
                    lijkontbinding kunnen belemmeren, te voorkomen. Er is geen enkel bezwaar tegen
                    het meebegraven van voorwerpen als kindertekeningen, een kleine stoffen knuffel
                    of een rozenkrans. Maar wel tegen technische hulpmiddelen zoals een koelmatras,
                    plastic zakken met kledingresten van het slachtoffer van een verkeersongeval,
                    medisch afval e.d. In twijfelgevallen kan een uitvaartverzorger in overleg
                    treden met de beheerder van de begraafplaats.</al><al><cursief>Lid 10</cursief>.</al><al>Uitvaartverzorgers - of nabestaanden die een overledene laten begraven zonder
                    tussenkomst van een uitvaartverzorger – moeten tijdig voor de begrafenis een
                    verklaring overleggen, waaruit blijkt dat voldaan wordt aan de leden 7 t/m 9 van
                    dit artikel. Indien aan de hand van een recent aankoopbewijs kan worden
                    aangetoond dat eventueel gebruik worden gemaakt van een lijkhoes van een merk en
                    type dat voldoet aan de wettelijke normen, hoeft geen testrapport meer te worden
                    overgelegd. Welke hoezen voldoen aan de wettelijke normen, wordt regelmatig
                    gepubliceerd door de Landelijke Organisatie van Begraafplaatsen. Verklaringen
                    van producenten of leveranciers, zonder deugdelijk onderliggend testrapport,
                    kunnen worden geweigerd omdat is gebleken dat dergelijke verklaringen niet
                    altijd waarheidsgetrouw zijn.</al><al>De beheerder van de begraafplaats of andere door het bestuur aangewezen personen
                    kunnen controleren, o.a. door inspectie van de inhoud van de kist of een ander
                    omhulsel, of aan wettelijke bepalingen en de bepalingen van dit artikel voldaan
                    wordt. Men controleert ook de aanwezigheid van een verlof tot begraving en het
                    document als bedoeld in artikel 8 van de Wet op de lijkbezorging dat wisseling
                    van kisten en overledenen moet voorkomen.</al><al>De verklaring moet tijdig en volledig ingevuld worden aangereikt om de beheerder
                    van de begraafplaats in staat te stellen nader onderzoek te doen, inlichtingen
                    in te winnen of overleg te plegen.</al><al>Indien blijkt dat een verklaring niet waarheidsgetrouw is, kan de begraving
                    worden uitgesteld of geweigerd. Onderzoek zal plaats vinden. In ernstige
                    gevallen kan er aanleiding zijn voor een strafrechtelijk onderzoek door justitie
                    en kan een uitvaartverzorger worden verboden om gedurende een nader te bepalen
                    periode zijn werkzaamheden op de begraafplaats(en) uit te oefenen.</al><al>De verklaringen zullen in de begraafplaatsadministratie worden bewaard, omdat
                    informatie over de aanwezigheid van bepaalde materialen en voorwerpen nuttig kan
                    zijn bij opgravingen en ruiming van het graf. Ook kunnen uitvaartverzorgers er
                    achteraf op worden aangesproken als blijkt dat feiten en verklaringen niet
                    overeen kwamen.</al><al/><tussenkop>Artikel 11</tussenkop><al/><al>Begrafenissen vinden in de regel plaats op werkdagen en zaterdagen. Soms wordt
                    door opeenvolgende zon- en feestdagen de periode waarin niet begraven zou kunnen
                    worden te groot. Het beheerder kan dan ook begraving op andere dagen
                    toestaan.</al><al>Begrafenissen, bijzettingen van asbussen of verstrooiingen van as worden in de
                    regel enkele dagen tevoren door uitvaartverzorgers aangemeld bij de beheerder.
                    De beheerder zal zoveel mogelijk met de wens van de aanvrager rekening houden.
                    Wanneer echter meer begrafenissen of andere plechtigheden voor een zelfde
                    tijdstip worden aangemeld, moet de beheerder voor een goede gang van zaken de
                    bevoegdheid hebben een ander tijdstip vast te stellen.</al><al>Het artikel regelt niet de werktijden waarop men in beginsel voor begrafenissen
                    e.d. terecht kan. Het vaststellen van deze tijden geschiedt door de beheerder in
                    het kader van het beheer als bedoeld in artikel 2.</al><tussenkop>Artikel 14</tussenkop><al/><al>In een graf waarvan de termijn binnen tien jaar afloopt, mag in verband met de
                    wettelijke termijn van grafrust slechts een lijk worden begraven indien de
                    termijn tot tien jaar wordt verlengd. De termijn van 10 jaar hoeft niet te
                    worden aangehouden bij de bijzetting van een asbus.</al><tussenkop>Artikel 15</tussenkop><al/><tussenkop>Lid 1.</tussenkop><al>Het grafrecht gaat niet automatisch over op grond van erfrecht, zoals vaak ten
                    onrechte wordt gedacht. </al><tussenkop>Lid 3.</tussenkop><al>Het is gewenst dat direct na het overlijden van een rechthebbende of gebruiker
                    een nieuwe rechthebbende of gebruiker wordt aangewezen die de
                    verantwoordelijkheid voor het graf en de daaraan verbonden kosten op zich
                    neemt.</al><tussenkop>Lid 4</tussenkop><al>De termijn voor overschrijving van een graf wordt gesteld op maximaal een jaar.
                    Het is ongewenst dat graven van personen waarvan geen nabestaanden bekend zijn
                    of waarvoor niemand zich meer verantwoordelijk voelt voor lange termijn in stand
                    blijven, mede omdat de gemeente dan het risico draagt van schade die kan worden
                    veroorzaakt door omvallende grafstenen en inzakkende grafkelders. De bepaling
                    geeft de gemeente, mede gelet op artikel 28 van de wet, de gelegenheid om
                    verwaarloosde graven te verwijderen.</al><al>De termijn waarbinnen een overschrijving gerealiseerd moet worden is evenwel
                    veel korter dan een jaar, namelijk enkele dagen, als de rechthebbende is
                    overleden en zelf in het betreffende graf begraven moet worden. Immers alleen
                    een nieuwe rechthebbende kan de begraving toestaan. Zie </al><al>artikel 20, derde lid, en de toelichting aldaar.</al><tussenkop>Lid 5 t/m 6</tussenkop><al>Het vijfde lid brengt tot uitdrukking dat de termijn met soepelheid kan worden
                    gehanteerd. </al><al>Het zesde lid bepaalt dat een rechthebbende afstand kan doen van grafrechten,
                    zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding. Het afstand doen van
                    rechten kan een keuze zijn, wanneer het gedenkteken beschadigd of verwaarloosd
                    is en de rechthebbende geen kosten voor herstel of een opknapbeurt wil
                    maken.</al><tussenkop>Artikel 18</tussenkop><tussenkop>Lid 7 t/m 9.</tussenkop><al>Nabestaanden zijn verplicht de grafbedekking - gedenktekens en beplanting - goed
                    te onderhouden. Dit onderhoud moet niet worden verward met de taak van de
                    gemeente om de begraafplaats als geheel te onderhouden. De gemeente heeft geen
                    verplichting om individuele gedenktekens of grafbeplantingen aan te brengen,
                    zonodig te herstellen en te onderhouden. Dat neemt niet weg dat de gemeente
                    contractueel beplantingen kan aanbieden en in onderhoud kan nemen.</al><al>Indien nabestaanden de grafbedekking niet goed onderhouden of zich niet aan de
                    vergunning of andere regels houden en ook na een waarschuwing in gebreke
                    blijven, kan op grond van het bepaalde in artikel 26, tweede lid, onderdeel b,
                    het grafrecht vervallen worden verklaard.</al><al>De gemeente kan het - onverlet het bovenstaande - als haar taak zien om het
                    onderhoud van graven en gedenktekens met een bijzondere historische of
                    cultuurhistorische waarde voor haar rekening te nemen. Dit zal in het algemeen
                    pas het geval zijn als de betrokken familie het graf(recht) heeft prijsgegeven
                    en het graf derhalve niet meer onderhoudt. Dit valt dan echter beleidsmatig
                    onder de taak monumentenzorg en niet onder het beheer van de begraafplaats.</al><tussenkop>Artikel 19</tussenkop><al/><al>Grafbedekking wordt aangebracht voor risico van de rechthebbende of gebruiker.
                    Indien een gedenkteken of beplanting tijdelijk wordt weggenomen in verband met
                    een begraving, is spontane breuk van (een deel van) het gedenkteken van
                    bijvoorbeeld ouderdom of verborgen scheuren e.d., of het niet weer aanslaan van
                    de teruggeplaatste beplanting, het risico van de nabestaanden. Indien een
                    gedenkteken beschadigd door onzorgvuldig handelen of opzet van medewerkers van
                    de begraafplaats, is het bestuur uiteraard wel gehouden tot vergoeding van de
                    schade.</al><tussenkop>Artikel 20</tussenkop><al/><tussenkop>Lid 4 en 5.</tussenkop><al>Glazen losse voorwerpen worden geweerd, omdat die om kunnen vallen, waarbij
                    scherven en splinters in de aarde terecht kunnen komen. Deze kunnen verwondingen
                    veroorzaken als in een graf wordt begraven of beplanting of een gedenkteken
                    wordt aangebracht. Voorwerpen die weg kunnen waaien, verontreinigen de
                    begraafplaats.</al><al>De begraafplaats is niet aansprakelijk voor verdwenen of beschadigde losse
                    voorwerpen op een graf. Losse voorwerpen kunnen wegwaaien, of door andere
                    bezoekers of door dieren worden weggehaald.</al><al>Verwelkte bloemen, verwaarloosde planten, losse en glazen voorwerpen kunnen
                    zonder voorafgaande kennisgeving en enig recht op vergoeding worden
                    verwijderd.</al></nota-toelichting><bijlage><kop><titel>Inhoudsopgave</titel></kop><al>1. Algemene bepalingen</al><al>2. De begraafplaats</al><al>3. Indeling van de begraafplaats, onderscheid van graven en asbestemming</al><al>3.1 Graven</al><al>3.2. Asbestemming</al><al>4. Vereisten voor begraving of asbestemming</al><al>5. Tarieven</al><al>6. Vestigen, verlenging en overgang grafrechten</al><al>7. Opgraven en ruimen</al><al>8. Grafbedekking</al><al>9. Einde grafrechten</al><al>10. Overgang- en slotbepalingen</al><al/></bijlage></regeling></body></cvdr>